Uitgelicht

Wolven en lemmingen

Nog even over voormalig PvdA-leider Wouter Bos, waarover ik gisteren schreef. Bos in de Volkskrant over zijn campagne ervaringen: “Of het niet wat luxer kon in de verpleeghuizen, of die arme zusters niet wat beter betaald konden worden, waarom er nog maar een beperkt aantal behandelingen in het pakket zaten, of die wachtlijsten niet omlaag konden. En o ja, waarom die premie nu al weer moest stijgen, dat was toch schandalig, vond ik ook niet? Het waren van die momenten die alle politici zullen herkennen, omdat je weet dat het dan het makkelijkste is om maar even met de onvrede mee te echoën terwijl je ook weet dat je eigenlijk de burger op zo’n moment streng moet toespreken en een beetje moet opvoeden.” Legt Bos hier niet de vinger op de zere plek en ook op zijn eigen gebrek aan leiderschap?

wolf-963081_960_720

Illustratie: Pixabay

De politicus die leider van het land wil zijn en maar wat gaat ‘mee-echoën’ in plaats van die ‘jengelende’ burger te wijzen op zijn tegenstrijdige wensen. ‘Mee-echoën’ om te voorkomen dat je een keizer verliest of om het in moderne termen te formuleren” luisteren naar de burger, dichtbij de burger zijn. Zorgt ‘mee-echoën’ ervoor dat je dichtbij bent en luistert? neem je de burger zo serieus? Hoe zou die burger je vervolgens beoordelen als zijn premie na de verkiezingen verder stijgt en/of het aantal behandelingen nog verder wordt beperkt? Zorgt dergelijk gedrag niet juist voor verbreding van die ‘kloof’ tussen burger en politiek? 

Ja meneer Bos, op zo’n moment moet u de tijd nemen voor die burger en met hem in gesprek gaan. Luisteren naar wat hij zegt en vervolgens uitleggen dat meer behandelingen en beter betaalde zusters geld kosten dat ergens vandaan moet komen. En dat ergens is de zorgpremie. Of, en dat is een keus die we in Nederland niet maken, van de belastinginkomsten. In dat laatste geval zouden de zorgkosten eerlijker verdeeld worden en zouden ook de Shells meebetalen. In dat gesprek kunt u vervolgens aangeven welke keuze u maakt en waarom u die keuze maakt en niet een andere. In zo’n gesprek luistert u echt naar die burger, neemt u hem serieus. 

Op dat soort gesprekken zit in ieder geval één burger te wachten. Die burger is wegduikende leiders of beter lijders, zoals ik al eens schreef, moe. Die walgt van die meehuilers met de wolven van het ‘volkssentiment’ en als lemmingen achter de ‘stem van het volk’ aanrennen op zoek naar een ‘kiezer’.   

Uitgelicht

Onbetaalbare zorgkosten

Volgens oud PvdA leider Wouter Bos ontkomen we niet aan pijnlijke keuzes in de zorg, zo betoogt hij in de Volkskrant. Bos: “Laat ik een voorbeeld geven. In Nederland stijgen de uitgaven aan de zorg elk jaar harder dan andere uitgaven, harder dan het nationaal inkomen en veel van die stijging wordt bij voorbaat ingeboekt omdat artsen zelf bepalen welke zorg de stand der wetenschap en techniek vraagt.”  Waarop hij concludeert: “de huidige stijging van de uitgaven is al onhoudbaar en politici doen er nog een schepje bovenop door elke verkiezing weer ervoor te pleiten dat er nog meer geld naar de zorg gaat.” Logisch als de kosten van de zorg harder stijgen dan je inkomen, dan wordt het een keer onbetaalbaar. Als?

COLLECTIE_TROPENMUSEUM_De_mannen_ziekenzaal_van_het_zendings_hospitaal_Immanuel_in_Bandoeng,_West-Java,_circa_1920._TMnr_60014720

Foto: Wikimedia Commons

Als, want het begint met die eerste constatering. Nu heeft een naamgenoot van Bos, Frits, in 2006 onderzoek gedaan naar de collectieve uitgaven in Nederland in historisch perspectief.  Op pagina 39 een mooie grafiek met de totale zorg- en welzijnsuitgaven als percentage van het nationaal inkomen vanaf 1950. Een interessante grafiek waarin te zien is (de stippellijn) dat de zorgkosten van 3% in  1952 naar ruim 10% in 2002 zijn gestegen. Een vergelijkbare CBS-reeks vanaf 1998 laat zien dat de stijging zich doorzet tot  bijna 14% in 2016. Bos heeft een punt?

Bij een nadere bestudering van de reeks van naamgenoot Frits blijkt het toch wat genuanceerder te liggen. De grote stijging vond plaats tussen 1952 en 1982. “Belangrijkste verklarende factoren zijn hierbij de vooruitgang in de medische technologie en het luxe goed karakter van zorg,”  aldus Frist Bos. Vanaf dat jaar bleef het percentage hangen op bijna 10% om pas vanaf 2000 fors te stijgen. Wat is er aan het begin van dit millennium gebeurd dat de stijging van het percentage kan verklaren? 

Kijken we naar de CBS-reeks dan zien we sinds 2000 twee sprongen tussen 2000 en 2003, van ruim 10 naar ruim 12%. In die jaren waren er wachtlijsten in de zorg en dat werd als maatschappelijk onaanvaardbaar gezien. Wachtlijsten wegwerken kost geld. 

Tussen 2006 en 2009 van die ruim twaalf naar 13,6% van het nationaal inkomen. In 2006 werd besloten het ziekenfonds op te heffen en werd marktwerking geïntroduceerd. De introductie van de marktwerking was een ideologische keuze die de zorg betaalbaar moest houden, maar kostenverhogend lijkt te werken. 

Daarna steeg het percentage verder naar 14,4% in 2012. Een stijging die niet zozeer het gevolg is van excessief stijgende zorguitgaven maar eerder van een krimpend of slechts matig groeiend nationaal inkomen. Dat blijkt omdat sinds 2012 het percentage weer daalt naar 13,3% in 2017. 

Wouter Bos pleit voor keuzes in de zorg, zou hij niet beter kunnen pleiten voor keuzes over organisatie en financiering van de zorg?

Uitgelicht

Hoeveel ruimte komt je toe?

Kennen jullie het begrip Manspreading? Ik tot nu toe niet. Als je wat breed gaat zitten met de knieën van elkaar verwijderd, dan doe je eraan. Aan de taal te zien is het uit de Verenigde Staten overgewaaid. Een tijdje geleden schreef de site Joop erover naar aanleiding van een filmpje van een vrouw die bleekwater over de broek van een jongen gooide omdat die met z’n benen wijd zat. 

32875085176_855df2e0d1_b

Foto: Flickr

Nu blijkt dat het hele filmpje in scene is gezet voor een heel ander doel, namelijk om de Russische man los te laten gaan tegen het asociale gedrag van de betreffende vrouw. Om zijn ‘misser’ goed te praten legt Van Jole uit hoe de redactie van Joop normaal te werk gaat. Als laatste geeft hij zijn ‘misser’ een positieve draai: “Zo bezien: wie weet hoeveel mannen zich door de video bewust zijn geworden van hun asociale gedrag en er voortaan op letten niet aan manspreading te doen. Het ov wordt daar beter van. Moskou, bedankt.” Dat Van Jole in de kuil van een Rus is gevallen en het vervolgens zo draait dat het lijkt alsof hij een berg heeft beklommen, sla ik voor het gemak even over.

Even terug naar dat ‘asociale gedrag’ om als man wat wijdbeens te zitten. Of zoals Van Jole schrijft: “de gewoonte van sommige mannen om wijdbeens te zitten en zo veel meer ruimte in te nemen dan hen toekomt.” Deze passage roept de vraag op wie bepaalt hoeveel ruimte iemand toekomt? In het originele in scene gezette filmpje is te zien dat er in de betreffende tram nog veel lege plekken waren. Er was daarmee plek genoeg voor iedereen. Is het dan aan die vrouw om te bepalen dat de betreffende man veel meer ruimte innam dan hem toekwam? Als dat zo is, kan dan iemand mij vertellen hoeveel ruimte iemand toekomt?

Hoeveel ruimte mag iemand innemen, wanneer neem je ‘meer ruimte in dan je toekomst’ en vooral wie bepaalt die ‘hoeveelheid ruimte’? Dat je teveel ruimte inneemt in een volle bus of trein als je twee plaatsen bezet, daar kan iedereen inkomen. Alleen hoe zit het met een dik persoon die er twee nodig heeft? Mag die dan wel twee plekken innemen of neemt die altijd al meer ruimte in dan hem of haar toekomt? 

Neem je ook teveel ruimte in als je bellend over straat loopt? Hoe zit het dan met zingend over straat gaan? Wordt er dan onderscheid gemaakt tussen goede en slechte zangers? Neemt iemand met een flinke laag parfum of aftershave op ook te veel plek in of hangt dat van de geur af? 

Nog een stap verder. Hoeveel ruimte komt iemands ego toe? En een paar stappen terug: moet je overal een punt van maken?

Uitgelicht

Cyberspionnen

“De verijdelde hackoperatie laat zien dat een cyberoorlog allang een feit is en alleen maar in intensiteit toeneemt. Dat brengt ook lastige vragen met zich mee over nieuwe cyberstrategieën. Moet de Navo zich beperken tot strikt defensieve acties, of zijn meer offensieve operaties nodig?” De opening van een artikel van Arie Elshout in de Volkskrant. Een artikel met de betrapte Russische spionnen als aanleiding. Alle kranten, media, politici en deskundigen spreken schande van de Russen die inbreken bij organisaties. Terecht!

 

james bond

Lees verder: Flickr

Iets verder is het volgende te lezen: “Het hacken van internationale instanties als het OPCW, het stelen van intellectueel eigendom, het verspreiden van nepnieuws om verkiezingen te beïnvloeden, het uitvoeren van cyberaanvallen op kerncentrales, waterleidingsbedrijven en elektriciteitsnetwerken – Russen, Chinezen en Noord-Koreanen zijn meermalen van dit soort activiteiten beschuldigd de afgelopen jaren.” Wellicht allemaal waar. Maar …

Zijn inbrekende spionnen niet iets van alle tijden? Mata Hari werd ervoor ter dood gebracht. In Engeland weten ze nog van de affaire Profumo en de bekende Ierse popgroep U2 is vernoemd naar een spionagevliegtuig. Een vliegtuig waarvan de Amerikanen dachten dat het zo hoog vloog dat het niet kon worden neergeschoten door de Sovjets. Dat bleek tegen te vallen en zo ervoer piloot Gary Powers. Je kunt er schande van spreken, maar doen niet alle landen eraan mee?

Dat blijkt ook als je het artikel van Elshout verder leest en er wordt gesproken over: “het ontwikkelen van eigen aanvalscapaciteiten.” Is dat niet hetzelfde als die Russen doen? Hoe zit het met de wonderbaarlijke uitval van een Iraanse nucleaire faciliteit in het Iraanse Natanz? Was dat niet ook een gevolg van een cyberaanval dit keer vanuit het Westen? Elshout refereert eraan: “In 2010 besloot president Obama om samen met de Israëliërs Iraanse kerninstallaties te infecteren met het schadelijke Stuxnet-computervirus.” En Nederland spreekt ook een woordje mee: “De Nederlandse diensten beschikken over een groep hackers die met offensieve operaties vijandige netwerken mogen aanvallen en binnendringen.”

Geruststellend wordt erbij gemeld dat: “In Brussel wordt benadrukt dat het ontwikkelen van offensieve capaciteiten niet betekent dat westerse landen zich schuldig maken aan dezelfde praktijken als de Russen, Chinezen of Noord-Koreanen.” Niet schuldig maken aan? Is het ‘binnendringen van ‘vijandelijke netwerken’ niet precies wat de Russen ook deden? Waren die Iraanse kerninstallaties waarin werd binnengedrongen dan soms een bevriend netwerk? 

Is het enige verwijt dat je de Russen kunt maken niet dat ze zich knullig hebben laten betrappen? Of zou dat een vooropgezet plan zijn van de CIA? Nee, dat is complotdenken, daar doe ik niet aan mee.

Uitgelicht

Radicaliseren en/of ridiculiseren

Twee thema’s die overheidsland bezig houden zijn het voorkomen van radicalisering en iets wat ondermijning wordt genoemd. Hiermee wordt bedoeld het infiltreren van de ‘bovenwereld’ door de ‘onderwereld’. Omdat ik werkzaam ben in gemeenteland, zie ik geregeld informatie hierover voorbijkomen. Alleen vraag ik me soms af of overheden zelf wel weten wat ze aan het doen zijn.

Opruimen_van_landmijnen_bij_Hoek_van_Holland._Duitse_krijgsgevangen_worden_daarb,_Bestanddeelnr_120-1022

Foto: Wikimedia Commons

Zo werd ik een tijdje geleden door een samenwerkingsverband van gemeenten uitgenodigd om deel te nemen aan een cursus ondermijning. Een cursus wat? Zouden de deelnemers werkelijk heel letterlijk leren hoe ze mijnen moeten leggen? Nee, zo letterlijk zal de overheid het niet bedoelen. Iets minder letterlijk dan en toegespitst op het onderwerp, is dit dan niet een cursus voor de onderwereld? Voor de Holleders, Van Houten en hoe ze ook mogen heten? Een cursus waar je geleerd krijgt hoe je de bovenwereld kunt ondermijnen? Navraag leerde dat de cursus juist was bedoeld voor de ‘bovenwereld’ met als doel het herkennen van signalen die erop duiden dat de ‘onderwereld’ naar boven kruipt. Een cursus over het voorkomen van ondermijning dus. 

Nog een voorbeeld. Gisteren las ik een brief van een van onze ministeries. In de brief riep het betreffende ministerie gemeenten op om ‘preventief radicaliseringsbeleid’ op te stellen. Zou het ministerie werkelijk vinden dat mensen moeten radicaliseren? En, aangezien in de brief vooral werd gesproken over islamitisch radicalisme en jihadisme, hoe gemeenten iedereen vroegtijdig ‘aan de jihad’ kunnen krijgen? Nee, dat werd niet bedoeld. Het betreffende ministerie wil juist dat gemeenten gaan kijken wat zij kunnen doen om te verhinderen dat mensen radicaliseren.

Zonder, om even te allitereren, radicaliseren te ridiculiseren, kan de overheid niet een cursusje duidelijk communiceren gebruiken? 

Uitgelicht

Eieren en de omelet

Wat zou u doen als u voorzitter was van een sportvereniging en een lid wil geen contributie meer betalen, niet meer trainen, maar wel als het uitkomt wedstrijden meespelen en meedelen in de feestvreugde bij een kampioenschap? Ik zou hem de deur wijzen. Immers om de club te laten draaien, moet iedereen commitment aangaan en dat betekent contributie betalen, trainen en wedstrijden spelen, ook als dat eens niet zo goed uitkomt. Ik moest hieraan denken toen ik Martin Sommers bespreking van de ‘Brexit-chaos’ in de Volkskrant las.

kitchen-775746_960_720

Foto: Pixabay

Sommer lijkt zich vooral te storen aan de ‘onbuigzame houding’ aan Europese kant. Een onbuigzame houding die, als ik Sommer goed begrijp, vooral is ingegeven door angst: “Ook andere landen, lees Denemarken, mogen niet in de verleiding ­komen om op te stappen. Vandaar het gehamer op de EU als één combinatiemenu waar geen gerecht apart mag worden besteld.” Zou angst werkelijk een van de motieven zijn om streng te zijn? Als ‘strengheid’ moet voorkomen dat anderen ook uitstappen, waarom verzetten die anderen zich dan niet tegen die strengheid? Waarom horen we dan niet luid geschreeuw uit bijvoorbeeld het Deense regeringskamp? 

Sommer vindt die angst vreemd: “Je mag toch veronderstellen dat landen lid zijn van de EU omdat ze dat willen, er voordeel in zien en erin geloven. Kennelijk is men daar in de omgeving van onderhandelaar Barnier en EU-president Tusk zo weinig van overtuigd, dat twijfelaars met dreigementen binnenboord gehouden moeten worden.” Laten we eens meegaan in de redenering. Alle andere EU-landen weten dat ze ‘contributie’ moeten betalen en soms een ‘wedstrijd moeten spelen’ die hen niet uitkomt. Ze doen dat omdat het hen groot voordeel brengt. Zij zijn bereid om soms wat lasten te nemen wetende dat die lasten in het niet vallen bij de lusten. 

Mag je dan niet ook concluderen dat de Britten de voordelen van het lidmaatschap kennelijk niet meer zien? Dat ze er niet meer in geloven? Een legitieme houding, maar die heeft wel gevolgen. Is de logische consequentie daarvan dan niet dat je de nadelen van het eruit stappen neemt omdat je die kleiner vindt dan de voordelen van het lidmaatschap?  Of is het eigenlijke probleem dat de Britten wel de omelet willen maar niet bereid zijn om de eieren te breken?  Is een deurwijzing daarop niet de enige en logische reactie van de ‘club’? 

“Nog afgezien van onze handelsbelangen: willen we over vijf jaar een verarmd, rancuneus, door en door anti-Europees Verenigd Koninkrijk, op een paar uur varen van Rotterdam? Ik dacht toch van niet.” zo sluit Sommer zijn artikel af. Rancuneus lijkt een groot deel van de Britten nu al en veel Britten zijn al verarmd. Of dat over vijf jaar nog erger is, daar gaan vooral de Britten zelf over. Niemand verplicht hen de EU te verlaten, dat willen ze zelf. En ‘Actions have consequences.’ zoals de Britten zeggen.  

Uitgelicht

‘Politiek correct’

Politiek correct. Een begrip dat mij al een hele tijd bezighoudt, maar waar ik geen touw aan vast kan knopen. Het enige wat mij opvalt, is dat het wordt gebruikt om niet inhoudelijk op de argumenten van iemand in te hoeven gaan. Je noemt iemand ‘politiek correct’ en daarmee is die persoon meteen gediskwalificeerd en staat hij of zij buitenspel. Gelukkig is er nu een boek Over Politieke correctheid van Gert Jan Geling en Gerben Bakker. Ik heb het nog niet gelezen, maar ik las wel het interview van Ewout Klei van Jalta met de beide auteurs.

Lukassen.jpg

Bakker definieert het begrip als volgt: “Als je kijkt naar waarom iemand politiek correct genoemd wordt, onderscheiden we wel twee uitgangspunten. Dogmatische politieke correctheid betekent dat je de samenleving moreel wil corrigeren vanuit eigen heilige overtuiging. Het dogmatische wil zeggen dat je daarin compromisloos bent: bijvoorbeeld, kolonialistische taaluitingen moeten weg omdat ze fout zijn. De term verwijst er in dit soort kwesties naar dat men nieuwe taboes schept, of zelfs moet scheppen om de samenleving moreel beter te maken. Conformistische politieke correctheid, zoals we de tweede betekenis noemen, heeft daar ook weer mee te maken. Dan gaat het om angst en kuddegedrag. Mensen passen zich aan omdat ze geen gevoelige snaar willen raken. Dit komt heel veel voor maar is moeilijk te meten.” Veel woorden om een begrip te omschrijven, maar wat staat er nu eigenlijk?

Als we naar de omschrijving van dat dogmatische deel kijken, gaat dat dan niet voor iedereen op? Wil niet iedereen de wereld corrigeren naar de eigen heilige overtuiging? Neem premier Rutte, die is er heilig van overtuigd dat afschaffing van de dividendbelasting goed is en hij heeft er alles aan gedaan om de wereld op dit gebied te ‘corrigeren’. Of Wilders, die is er heilig van overtuigd dat moslims een probleem zijn en wil Nederland ‘ontislamiseren’. Ook hij doet er alles aan om de wereld, of in ieder geval Nederland, op dit gebied te corrigeren. Of neem de adepten van Johan Cruijff, die het voetbal willen corrigeren. Allemaal zijn ze daarin compromisloos. Geldt dat niet voor bijna iedereen met idealen? 

Dan het conformistische deel, de angst en het kuddegedrag en daarom geen gevoelige snaar willen raken? Hoe zou de wereld eruit zien als iedereen overal altijd een punt van maakte? Als we iedere gevoelige snaar bespeelden? Dan zouden we constant met elkaar overhoop liggen. Om Jesus te parafraseren: ‘hij die nog nooit een gevoelige snaar onbespeeld heeft gelaten, werpe de eerste steen’. Trouwens, zoals de gebroeders Lucassen in hun boek Vijf eeuwen migratie laten zien, werden alle ‘gevoelige snaren’ die in die ‘links politiek correcte’ periode niet geraakt zouden zijn, al bespeeld. Meestentijds door ‘links’.

“Politieke correctheid is niet neutraal en daarom haast niet objectief te definiëren,” aldus Bakker. Staat hier niet gewoon dat het een kwalificatie is waartegen het moeilijk vechten is. Een kwalificatie die, zoals ik begon, iemand poogt buitenspel te zetten? 

Uitgelicht

Europa, democratie en ‘das Volk’

“Achteraf is het natuurlijk makkelijk oordelen, maar dat Hongarije meer tijd had moeten krijgen en nemen om aan de democratie te wennen en daarmee het draagvlak voor deelname aan de EU te vergroten is duidelijk.”  Tot die conclusie komt Henk Witte bij Joop. “Te veel is uit het oog verloren dat de landen in Oost-Europa nog volop in een proces naar democratie verkeerden en de bevolking meer tijd moest worden gegund aan de nieuwe omstandigheden te wennen, na de val van de Muur in 1989. Het heeft nou eenmaal tijd nodig om je zowel in collectieve zin als ook op individueel niveau in de nieuwe omstandigheden te positioneren.” Iets wat, volgens Witte, ook voor de andere Oost-Europese landen geldt. Klinkt logisch, maar .…

Stamps_of_Germany_(DDR)_1990,_MiNr_3315

Illustratie: Wikimedia Commons

Was eind 1989 duidelijk wat die nieuwe omstandigheden waren waarnaar de Hongaren, Polen enzovoorts zich als individu en collectief moesten positioneren? Was een liberale democratie’ de enige weg die deze landen op konden? Hadden de Hongaren, Polen en andere Oost-Europeanen daar allemaal eenzelfde beeld bij? Wilden ze allemaal dezelfde kant op? Voor de val van de communistische machthebbers wisten ze wat ze wilden: die machthebbers weg. Dat lukte omdat ze krachtig op hun eigen manier de Oost-Duitse leus: “Wir sind das Volk!” riepen. Na de val van die regimes was het met de eenheid binnen ‘das Volk’ snel gedaan. Neem Polen. De twee partijen die elkaar nu het leven zuur maken, de huidige machthebbers Recht en Rechtvaardigheid en Burgerplatform de vorige machthebbers, komen beide voort uit Solidarnosc van Lech Welesa. Ze willen nu een heel andere kant op en zeggen allebei ‘das Volk’ te representeren. 

Zou het niet precies omgekeerd zijn? Zou het perspectief om op relatief korte termijn lid van de Europese Unie te mogen worden, niet juist hebben bijgedragen aan hun ontwikkeling naar democratieën? Democratieën met gebreken, maar die hebben alle democratieën, ook de onze. Laten we ze eens vergelijken met landen waarvoor dat perspectief ontbrak of waarvoor het steeds maar weer op de lange baan werd geschoven. Behalve voor de drie Baltische Staten, ontbrak dat perspectief voor de landen die uit de Sovjet Unie zijn voortgekomen. Al deze landen hebben min of meer autoritaire regimes. Neem Turkije, dat land is steeds aan het lijntje gehouden? Hoe is het daar met de democratie gesteld? 

Uitgelicht

Behapbaar

Bijna iedereen die wel eens een cursus ‘timemanagement’ heeft gevolgd, kent het verhaal van de emmer. Na de vraag: past dit nog in de emmer, worden er steeds kleinere stenen in gegooid en uiteindelijk fijne zandkorrels en alles past. Aan de hand daarvan gaat de docent dan uitleggen hoe je het werk het beste over je tijd kunt verdelen. Ik moest hieraan denken toen ik las dat het Centraal Bureau voor Statistiek en het Sociaal en Cultureel Planbureau een onderzoek gaan doen: “naar de maximale bevolkingsomvang die voor Nederland behapbaar is,” zoals de Volkskrant het formuleert. 

overlay

Illustratie: Vimeo

Behapbaar is een rekbaar begrip. Voor Usain Bolt is honderd meter rennend afleggen binnen tien seconden behapbaar. Voor bijna ieder ander mens is dat een onmogelijkheid. Voor Bolt is het rennend afleggen van een marathon in twee uur en tien minuten waarschijnlijk niet behapbaar. Zo is voor de een dertig miljoen mensen op het Nederlands grondgebied behapbaar, terwijl voor de ander één miljoen al te veel is. Direct na de Tweede Wereldoorlog werd emigratie gepromoot om de arbeidsmarkt te verlichten en Nederland weer welvarend te maken. Nederland had toen zo’n tien miljoen inwoners en dat werden er alleen maar meer en toch werd de Nederlander welvarender. 

Natuurlijk kun je ‘cijfers’ raadplegen, bijvoorbeeld het aantal mensen per vierkante kilometer. In Nederland zijn dat er ongeveer 410. Veel? Nederland staat daarmee op plek 18, net boven India alwaar 408 mensen een vierkante kilometer delen. Echter veel minder dan lijstaanvoerder Macau met 20.130. Maar veel meer dan hekkensluiter Mongolië met net geen twee. Kijken we binnen Nederland dan is Vlieland erg leeg, met 28 mensen per vierkante kilometer. Om op het Nederlands gemiddelde te komen moet de bevolking bijna met een factor vijftien groeien. Den Haag is het dichts bevolkt met 5.762, ongeveer 14 keer meer dan het gemiddelde, maar nog steeds maar iets meer dan een kwart van Macau. 

Zo zijn er vast nog wel meer ‘objectieve cijfers’ te verzinnen. Alleen is ‘behapbaar’ subjectief. Om terug te komen op het ‘timemanagement-voorbeeld’. De grote steen in de vol gekieperde emmer zal vinden dat de emmer veel te vol is en ervoor pleiten de kiezels en het zand eruit te halen. De zandkorrels daarentegen, gewend als ze zijn aan veel ‘collega’s’ om hen heen, voelen zich wellicht heel prettig.  

Ik wens de beide bureaus veel succes met dit onzinnige onderzoek.

Uitgelicht

Probleemwijk en integratie

De plannetjes van VVD-fractievoorzitter Dijkhoff om misdrijven in probleemwijken harder te bestraffen, zijn door iedereen inclusief het kabinet, naar de prullenbak gewezen. Doel van Dijkhoff was, zo lees ik in de Volkskrant: “mensen in probleemwijken ‘zo vrij maken als we allemaal horen te zijn’. Niet alleen moet criminaliteit daar strenger gestraft worden, ook wil Dijkhoff afdwingen dat jonge kinderen die onvoldoende Nederlands leren al op vroege leeftijd naar de kinderopvang gaan en taalles krijgen. Ouders die niet meewerken moeten gekort worden op uitkeringen en bijstand.” Behoorlijk dwingend voor liberalen die normaal gesproken individuele vrijheid hoog in het vaandel hebben staan. 

Dijkhoff

Foto: Wikimedia Commons

Het siert Dijkhoff dat hij zich druk maakt om mensen in probleemwijken, mensen die het moeilijk hebben. Bijzonder is dat hij alleen denkt in termen van straf. Dubbele straf voor de crimineel, korten op de bijstand. Hoe draagt dit bij aan het bestrijden van de problemen van de mensen in die wijken? Als hij ‘onvoldoende Nederlands’ wil bestrijden, zou verhogen van de bijstand bij het volgen van taalles dan niet kunnen helpen? Of het verdubbelen van de bijstand in probleemwijken? Zou daardoor de noodzaak om te vervallen tot criminaliteit niet af kunnen nemen?

Premier Mark Rutte wil wel gaan bekijken of Nederland iets kan leren van de aanpak in andere landen om integratie te bevorderen, ‘zolang dat rechtsstatelijk kan’.” Wordt hier gezegd dat problemen in wijken hun oorzaak vinden in de integratie van mensen in die wijk?

Bijzonder aan de ‘probleemwijken’ is dat bijna iedereen die voldoende middelen heeft om elders een plek te vinden, de wijk verlaat. Zouden economische omstandigheden niet ook een rol spelen? Zou dan een gebrek aan voldoende inkomen niet ook een belangrijke rol spelen? Als we zien dat Mohammed met dezelfde papieren als Max minder kans maakt op eenzelfde baan, zou er dan niet iets anders moeten gebeuren? Sterker, zou er dan niet iemand anders ‘gestraft’ moeten worden dan de bijstandstrekker die zijn kind niet naar de peuterspeelzaal doet? Of nog beter ‘verleid’ moeten worden?

Gooit Rutte hier niet het plannetje van Dijkhoff in de ‘prullenbak’ en neemt hij gelijktijdig de redenering erachter over? Heeft Dijkhoff zo niet de slag om het plannetje verloren, maar de oorlog om de ideeën erachter gewonnen?

Uitgelicht

Tafelzilver

“Het is goed om toe te voegen dat er een offensieve en defensieve kant aan is. Het defensieve verhaal is dat we bedrijven in Nederland hier willen houden. Als er toch een onderneming vertrekt, staat de politiek op zijn achterste benen. Terecht. Dat tafelzilver moet je willen behouden. De offensieve kant is dat je buitenlandse bedrijven hier naartoe wil halen. Die kijken zeker ook naar de belasting.” Zo verdedigt minister van Financiën Hoekstra, het besluit om de dividendbelasting af te schaffen. De minister op jacht naar nieuw ‘tafelzilver’ dat klinkt mooi. Alleen wie moet er bij die bedrijven gaan werken? 

Silver_cutlery_items_in_Bikaner_fort_museum.jpg

Foto: commons.wikimedia.org

Bijna een jaar geleden schreef ik: wie de kranten en hun multimediale varianten wat dieper uitspit leest ook het volgende: “Er dreigt een groot personeelstekort in de Nederlandse technologische industrie. De komende jaren heeft de sector vooral hoogopgeleide technici nodig om de economische groei te kunnen bijbenen.”  Want die technologie industrie draait op volle toeren en: “telt op dit moment in totaal 286 duizend voltijdbanen. Tussen nu en 2030 gaan er 70 duizend medewerkers met pensioen. Bovendien zullen er tot 2030 circa 50 duizend banen bij komen in de bedrijfstak .”

“Er staan vrachtwagens stil, omdat er geen chauffeurs zijn,” zo valt te lezen. De economie groeit zo sterk dat de transporteurs het niet vervoert krijgen. De “Banen liggen voor het oprapen” in deze sector, zo bericht het AD. Er zijn alleen niet genoeg mensen om ze op te rapen.

Ook kun je het volgende lezen of zien: “Er staan duizenden vacatures open en in de komende jaren hangt Nederland een personeelstekort van 125.000 mensen boven het hoofd.” Die vacatures en dat tekort aan personeel bedreigt onze zorgsector. Een Zeeuws ziekenhuis richt zich hierin op Vlaamse zorgmedewerkers, dit tot groot ongenoegen van de Vlamingen omdat er ook daar een tekort aan personeel is.

Of: “Er dreigt een nijpend tekort aan juffen en meesters. Daarvoor waarschuwt de PO-raad, de koepelorganisatie van het basisonderwijs en speciaal basisonderwijs. Over tien jaar is er een tekort van zo’n zevenduizend basisschoolleraren.”  En niet alleen in het primair onderwijs dreigt een tekort aan leraren: “Ook het voortgezet onderwijs kampt met een oplopend lerarentekort, maar daartegen blijkt het nieuwe kabinet niets extra’s te doen.”

Sectoren waar het personeel niet ‘aangesleept kan worden’. Hierbij kunnen we nog de horeca noemen alwaar een tekort aan koks en ander personeel dreigt, defensie dat soldaten zoekt en de overheid zelf die politieagenten en andere functionarissen zoekt.

Tot zover mijn oude tekst. Nu voeg ik er nog even aan toe dat de werkloosheid historisch laag is en dat het kabinet de grenzen het liefst hermetisch willen afsluiten voor vluchtelingen en ‘economische migranten’. Dan zou je de vraag kunnen stellen of we wel behoefte hebben en dergelijk nieuw ‘tafelzilver’?

Uitgelicht

Jihadisten en/in de samenleving

‘Logisch,’ zal de Syrische president Assad zeggen, iedereen die zich met geweld tegen de rechtmatige regering verzet is een terrorist. Dat zal hij zeggen over het nieuws van afgelopen week dat Nederlandse hulp bij jihadisten en terroristen terecht kwam. En daar heeft Assad een punt. Probleem in Syrië is alleen dat er geen andere mogelijkheid is de regering van Assad af te zetten. Daar gaat het mij nu niet om. Velen, ook Ton F. van Dijk bij HP DE TIJD , voorzien problemen bij de vervolging van teruggekeerde jihadisten. Van Dijk: “Het niet vervolgen van teruggekeerde jihadisten, die zich mogelijk schuldig maakten aan oorlogsmisdaden, leidt ertoe dat de teruggekeerde strijders weer deel uitmaken van onze samenleving. Geradicaliseerd of niet. Dat laatste is onverteerbaar en betekent bovendien een aanzienlijk veiligheidsrisico voor de burgers in Nederland, die juist door hun eigen overheid beschermd moeten worden.” Een bijzonder uitspraak.

Rote_Karte-RB_Salzburg-18-09-2005

Foto: Wikipedia

Van Dijk heeft gelijk dat het onverteerbaar is als mensen die zich schuldig hebben gemaakt aan (oorlogs)misdaden niet worden vervolgd. Wat hij suggereert, is dat er mensen zijn die geen deel uit kunnen maken van de samenleving. Maakt een jihadist die terugkeert en wordt vervolgd geen deel uit van de samenleving? Bijzonder. Logisch gevolg hiervan is dat iedereen die wordt vervolgd en het gevang in gaat geen deel uit maakt van de samenleving.

Maken teruggekeerde jihadisten, al dan niet vervolgd, niet altijd deel uit van de samenleving? Inderdaad moet de veiligheid van een ieder in dit land zo goed mogelijk worden gegarandeerd. Dat kan door mensen, waarvan is aangetoond dat zij een mogelijk gevaar voor anderen zijn, goed in de gaten houden. 

Is de gevangenis niet gewoon een onderdeel van de samenleving? Een bijzonder onderdeel waar mensen naartoe gaan die zich niet aan de spelregels hebben gehouden?  Zoals een voetballer die een rode kaart krijgt, wel onderdeel is van het voetbal, maar even geen wedstrijd mag spelen totdat hij zijn straf heeft uitgezeten? 

Uitgelicht

Normale proporties

Als voetballer op bescheiden niveau kan ik me een voorval herinneren waarbij ik zeer boos werd om een in mijn ogen onrechtvaardige beslissing. Wat gebeurde er? Als rechtsbuiten ging ik een bal halen die de achterlijn ver had overschreden. Ik gooide die in de richting van de keeper van de tegenstander. Die moest immers de doeltrap nemen. De keeper liet de bal doorrollen en op mijn weg terug naar mijn plek als rechtsbuiten, trapte ik de bal weer in de richting van de keeper. Die liet de bal weer passeren zodat die weer over de achterlijn rolde. Daarop stuurde de scheidsrechter me eruit met de woorden: ‘Ga de bal maar achterna.’ Ik begreep er niets van en daarop kwamen allerlei verwensingen uit mijn mond. Daarvoor heb ik na de wedstrijd overigens mijn excuses aan de scheidsrechter aangeboden.

Wimbledonchair_frontview

Foto: Wikimedia Commons

Ik kan me dan ook heel goed inleven in de boosheid van tennisster Serena Williams en haar gevoel dat ze werd bestolen. Haar coach gaf haar aanwijzingen maar of zij die heeft gezien, weet alleen Williams. Als dat niet het geval was, dan is haar boosheid zeer begrijpelijk. De straf die de scheidsrechter haar gaf, is ook te begrijpen. Williams ging immers flink tekeer en slingerde diverse verwijten naar het hoofd van de scheidsrechter. Een gemiddelde voetbalscheidsrechter had er een rode kaart voor getrokken.

Wat mij verbaast is de commotie er omheen. In de Volkskrant lees ik: “De scène raakte echter een gevoelige snaar bij sommige zwarte vrouwen in de VS. Zij nemen het op voor de zwarte tennisster en zien de handelwijze van de scheidsrechter en sommige publieke reacties op Williams’ tirade als bevestiging van een stereotype dat teruggaat tot de tijd van de slavernij: de ‘angry black woman’ als redeloze, hysterische heks.” Bij het artikel een stukje van een Amerikaanse tv-show waarin er van alles bij wordt gehaald door Williams en diverse duiders van het voorval. Seksisme omdat dit ‘nooit’ bij de mannen gebeurt. Racisme: angry black woman, een beeld of stereotype dat ik niet ken. Dat de scheidsrechter begrip moet hebben voor de situatie van Williams als moeder en voorvechtster voor de rechten van vrouwen.

Zien we niet een tennisspeelster die zich onheus bejegend voelt, boos wordt en verbaal zwaar over de schreef gaat? In de emotie van het spel kan dat gebeuren, maar dat kan ook gevolgen hebben. Die gevolgen liggen vast in de regels. Het is aan de scheidsrechter om de regels toe te passen. De scheidsrechter is er immers om ervoor te zorgen dat de wedstrijd eerlijk verloopt. Niet om zijn ‘fluiten’ af te laten handen van de psyche van de spelers. Dat scheidsrechters daar niet allemaal even consequent in zijn, is een gegeven. 

Zou het niet verstandig zijn om dit voorval terug te brengen tot deze, normale proporties?

Uitgelicht

Divide et impera

“Nu zal links vermorzeld worden tussen de islam en het nationaalconservatisme.” Historicus en filosoof Sid Lukkassen voorziet in aan artikel bij ThePostOnline het failliet van ‘links’. Links is voor Lukkassen wel heel breed van Corbyn via D66, Trudeau, Macron, de Democraten in de VS tot en met Merkel. Vreemd omdat hij in het begin van zijn betoog constateert dat: “De analyse is dat de netwerkjesmaatschappij qua linkse beroepen meer is vervlochten dan qua rechtse beroepen: hierdoor hebben linkse beroepen naar hun aard een sterkere groepssolidariteit en kunnen zij de heersende belangen en de moraal van de samenleving beter domineren dan hun rechtse tegenhangers. Links trekt op in gesloten rangen: rechts is als het Mexicaanse leger.” Links kan beter domineren maar gaat toch verliezen?

images

Illustratie: Pato Etico e Pato Logico

Die linkse beroepen dat zijn mensen in publieke functies zoals de mensen in de zorg, het onderwijs, de ambtenaren, maar ook journalisten. Kunnen deze beroepen: “de heersende belangen en de moraal van de samenleving (werkelijk) beter domineren dan hun rechtse tegenhangers?” De afgelopen week protesteerden politie-agenten en medewerkers in de jeugdzorg omdat het water hen aan de lippen staat door jarenlange ‘verwaarlozing’. De veiligheid op straat en van jeugdigen die zorg nodig hebben staat ernstig onder druk. Een vertegenwoordiger van de onderwijzers riep agenten, militairen, mensen in de zorg en zijn eigen beroepsgroep op om samen te protesteren tegen de afbraak van het ‘publieke domein’. Samen omdat ze alleen geen deuk in een pakje boter slaan.

De afgelopen weken stond ook de afschaffing van de dividendbelasting weer centraal. Die afschaffing gaat gewoon door ondanks de zeer grote tegenstand in het land. Nu is geld niet altijd een oplossing, ook niet in de publieke sector, maar met de 2,1 miljard die deze afschaffing kost, zou er aardig wat verbeterd kunnen worden in die publieke sector. Een tijdje terug werd ‘Griekenland gered’ of was het niet zo zeer Griekenland, maar waren het onze eigen banken en hun aandeelhouders. Banken en aandeelhouders die een paar jaar daarvoor ook al eens ‘gered’ moesten worden op kosten van de belastingbetaler. 

“Het schiet immers niet op dat links inmiddels zelf tot het establishment behoort,” aldus Lukkassen. Zou ‘links’ dan tot het het verkeerde establishment behoren? Zou het kunnen zijn dat terwijl Lukkassen en zijn nationaal-conservatisme aan het strijden zijn met de ‘islam’, het echte establishment zich lachend ‘de zakken vult’? Dit geheel volgens de, aan Philippus van Macedonie toegeschreven spreuk: divide et impera.

Uitgelicht

Beste dokter

Bij Opiniez is Jan Gajentaan in een fictief gesprek met zijn dokter. Op de vraag wat het probleem is, antwoordt Gajentaan: “Er vormen zich parallelle samenlevingen … Je hebt niet meer het gevoel dat we één geheel zijn. In de jaren zestig en zeventig gaven we af op de burgerlijke jaren vijftig, die ik overigens zelf niet heb meegemaakt. Maar als ik nu foto’s van de jaren vijftig zie, lijkt het of het een tijdperk was van harmonie en levensvreugde. De mensen hadden het niet breed, maar ze waren niet zo verdeeld en wantrouwend als nu.” Ach die heerlijke stabiele jaren vijftig waarin de mensen in harmonie en plezier leefden. Wie zou daar niet naar terug willen?

40993123261_f2b78fef1b_b

Foto: Flickr

Die jaren vol levensvreugde onder de donkere schaduw van ‘ de bom’. De bom die bijna viel door de Koreaanse oorlog, de onrust in Oost-Duitsland in 1953, De Suez-crisis in 1956 al viel die ‘gelukkig’ samen met de Hongaarse opstand zodat de ‘Russen’ daar hun handen vol aan hadden. De jaren van dekolonisatie-oorlogen in onder andere Vietnam en Algerije.

Die gezellige jaren vijftig waarin de mensen zo harmonieus met elkaar sportten, muziek maakten en boodschappen deden. Maar dan wel in ‘eigen kring’ om een term uit de leer van de gereformeerde politicus Abraham Kuyper te gebruiken. En die eigen kring was de eigen ‘godsdienst’. Zo gezellig dat zelfs de duiven apart moesten vliegen en er bijna de ‘sociale doodstraf’ stond op het kopen van een brood bij een bakker uit een ‘andere kring’. 

Die harmonieuze jaren waarin de Nederlandse bisschoppen een mandement (een herderlijk schrijven) uitbrachten waarin zij hun ‘schaapjes’ verboden om lid te zijn van alles wat ook maar naar socialisme riekte. Wie niet gehoorzaamde kwam niet meer in aanmerking voor de sacramenten en kon zijn plek in de hemel wel vergeten. 

Of zoals zoals Lijphart in zijn klassieke werk Verzuiling, pacificatie en kentering in de Nederlandse politiek, concludeerde: “Om de stabiliteit van de Nederlandse democratie in de periode 1917-1967 te verklaren kunnen we geen beroep doen op een sterk nationaal saamhorigheidsgevoel,” 

De dokter van Gajentaan adviseert: “Meneer Gajentaan, graag drie maal daags deze kalmeringsmiddelen innemen. Ik voeg er een middel aan toe, dat er voor zorgt dat u de werkelijkheid wat vrolijker bekijkt dan zoals deze eigenlijk is. De publieke omroep kunt u beter een tijdje vermijden, net als Twitter. Dan komt u de komende maanden wel door. Komt u daarna gerust weer eens langs!”. 

‘Uit uw blik begrijp ik dat u ook iets wilt zeggen meneer de Ballonnendoorprikker, is dat zo,’ vraagt de dokter. ‘Wel dokter, als ik meneer Gajentaan zo aanhoor, dan zou ik hem willen adviseren zich eens meer te verdiepen in het verleden. Wat verder te kijken dan de foto’s. Misschien dat hij het heden dan wat beter in perspectief kan plaatsen.’

Uitgelicht

Letters van een geest of geest van de letters

In de Verenigde Staten moet een nieuwe opperrechter worden benoemd voor het Hoog Gerechtshof. Die worden voor het leven benoemd en dat betekent dat het land mogelijk nog jaren lang met de nu te benoemen persoon en de manier waarop die in het leven staat, te maken heeft. De opperrechter wordt door de president voorgedragen en vervolgens na goedkeuring door de senaat benoemd. Trumps kandidaat, Kavanaugh is van conservatieve snit en: “een aanhanger van “originalism” en “textualism”, die een letterlijke interpretatie van de Amerikaanse grondwet voorstaan,” zo meldt NOS.nl. Hij wil leven naar de letter.

caution-sign-to-auto-drivers-to-be-on-the-lookout-for-amish-horses-and-buggies-1024

Foto: Picryl

De Amerikaanse grondwet is zo tegen het einde van de Achttiende eeuw geschreven. Een tijd waarin slavernij nog welig tierde. Sterker nog Thomas Jefferson, een van de ‘founding fathers’, de opstellers van de grondwet, was zelf slavenhouder. Die opstellers leefden in een heel andere tijd met heel andere normen en waarden. Letterlijk interpreteren, betekent leven naar de letter van de tijdgeest van vroeger. Willen de aanhangers van die ‘letterlijke’ interpretatie dan ook alle amendementen wegnemen, die zijn immers later toegevoegd?

Zo werd bijna een eeuw later, in 1865, een amendement (nummer dertien) aangenomen dat slavernij verbood. Een halve eeuw later, 1919, het achttiende amendement, dat alcoholische drank verbied, aangenomen en begon de drooglegging. Een amendement dat in 1933 weer werd ingetrokken door het eenentwintigste amendement. Tussendoor, in 1920, werd het vrouwenkiesrecht bezegeld met het negentiende amendement. Laat de reeks amendementen niet zien dat tijden soms om aanpassing van de grondwet vragen? Dat de letter geïnterpreteerd moet worden naar de geest van nu?

Letterlijk interpreteren betekent al deze amendementen opzij schuiven en vrouwen het kiesrecht afnemen en slavernij weer invoeren. Alleen voor de drinkers onder de Amerikanen verandert er niets. Waarin verschilt deze letterlijke interpretatie van religieus fundamentalisme van bijvoorbeeld groepen moslims? Ook die willen nu de letter naleven naar de geest van toen.

Zou het prettiger zijn te leven naar de letters van een geest of naar de geest van de letters? 

Uitgelicht

Stijd der culturen

Sid Lukkassen betoogt bij ThePostOnline dat: “De existentiële uitdaging voor het Westen (…) niet (komt)  vanuit jihadisten. Die komt vanuit de subtiele culturele en demografische invloeden die worden toegepast vanuit de moslimgemeenschap om islamieten steeds rechter in de leer te duwen, wat gepaard gaat met een desecularisering en islamisering.”  Want er is in Europa en ook in Nederland een strijd aan de gang tussen culturen en: “een strijd tussen culturen is een strijd om welke cultuur zal voortbestaan.” Om die strijd te kunnen aangaan moet er: “een Leidcultuur op expliciet Europese leest worden gedefinieerd die ook beleidsmatig consequent moet worden uitgerold, opgelegd en afgedwongen.” Een bijzonder betoog.

Unknown

Foto: Flickr

De meeste ‘strijders’ tegen de islam hebben ook weinig op met Europa, dus zal het nog een flinke strijd worden om die Europese Leidcultuur te bepalen. Dit roept meteen ook de vraag op aan wie de ‘eer’ toekomt om mee te mogen bouwen aan die ‘Leidcultuur. Hoe groot is de kans dat het komen tot die Leidcultuur een lijdensweg wordt? Dat even terzijde.

Wat bijzonder is in zijn betoog is dat die andere cultuur in de strijd van Lukkassen maar één kant op lijkt te kunnen gaan, namelijk die van ‘desecularisering en islamisering’ veroorzaakt door: subtiele culturele en demografische invloeden die worden toegepast vanuit de moslimgemeenschap om islamieten steeds rechter in de leer te duwen.” Bijzonder omdat dit inhoudt dat de islam na Mohammed seculierder is geworden. Als dat niet was gebeurd, dan zou de islamitische cultuur nu niet in de richting van de echte leer van Mohammed geduwd hoeven te worden.

Dat er een seculiere of seculierdere versie van de islamistische cultuur mogelijk was, erkent Lukkassen als hij onderzoek aanhaalt: “dat de latere generaties militanter met hun geloof omgaan dan de gastarbeiders. Gek is dat niet want het Turkije van toen was meer seculier dan het hedendaagse Turkije.” Als de islamitische cultuur al eens eerder seculierder is geworden, zou dat nu of in de toekomst dan niet weer kunnen gebeuren? 

Zouden er dan niet ook nog andere mogelijkheden zijn om die ‘strijd der culturen’, als die er al is, aan te gaan? 

 

Uitgelicht

Party poopers

“Bijna driekwart van de professionals bij gemeenten geeft aan niet voldoende kennis in huis te hebben over smart city-toepassingen.”  Dit blijkt uit een onderzoek waarover de site binnenlandsbestuur.nl bericht. Omdat ik werkzaam ben bij gemeenten betrok ik die conclusie op mezelf: heb ik er voldoende kennis van?

big-brother-2783030_960_720

Illustratie: Pixabay

“Doel van een slimme stad is de levenskwaliteit te verhogen door de stad efficiënter te organiseren en de afstand tussen de inwoners en het bestuur te verkleinen,” zo is te lezen op wikipedia. Een prachtig doel of eigenlijk twee. Hoe moet dat doel worden bereikt? “Alle onderdelen van de stad zijn verbonden via een netwerk van sensoren, internet en hoogstaande technologische apparaten met als motor het internet der dingen.” Dus door nog meer te meten, gegevens te verzamelen. Via sensoren en camera’s worden gegevens verkregen. Mijn vuilnisbak geeft door als hij geleegd moet worden en rijdt automatisch naar de straat. Dan moet hij wel de tussenliggende poorten kunnen openen. Dat is technisch best te realiseren. Handig. De tech-bedrijven zullen de slimme stad met dergelijke mooie voorbeelden verkopen. “Een stad waarbij informatietechnologie en het internet der dingen gebruikt worden on de stad te beheren en besturen.” 

Is het ook zo handig dat wordt bijgehouden hoevaak mijn bak vol is? En ik er allemaal ingooi? Dat via de lantaarnpaal voor ons huis wordt bijgehouden wie er hoevaak op bezoek komt? Wikipedia stelt een cruciale vraag: “is het wel ethisch verantwoord om de macht te leggen bij een aantal technologische bedrijven?” Zeker omdat: “Het concept is ontstaan door de techindustrie. Doordat steden aan de grond liggen van economische ontwikkeling en dit in combinatie met de technologische revolutie, is de slimme stad een goudmijn met een miljardenomzet.” Staat dat ‘beheren en besturen’ echt centraal of draait het om geld?

Nu zijn er steden die een democratische ‘slimme stad’ willen zijn, Barcelona bijvoorbeeld, zo las ik op bij mo.be. Die willen: “‘technologische soevereiniteit’: dat er democratische controle moet komen over stedelijke technologie, met participatie van onder uit en data commons.” Een andere insteek die wellicht meer aanspreekt. Alleen is ‘democratie’ een rekbaar begrip. Poetin en Erdogan noemen zich ook democraat en zelfs in ons eigen land wordt de dividendbelasting afgeschaft terwijl een overgrote meerderheid van de mensen en politieke partijen tegen is. Dus welke garantie geeft ‘democratische controle’?

Welke insteek je ook kiest, een slimme stad zal het ‘beheren’ verbeteren, of het besturen verbetert is maar zeer de vraag. Dat de bestuurder veel meer gegevens van de inwoner heeft, zal wel, maar wordt daardoor de ‘afstand’ tussen beiden kleiner? Die zou ook zomaar groter kunnen worden als de inwoner het gevoel krijgt ‘bespied’ te worden. Dan verliest de inwoner het vertrouwen in die ‘systemen’ en in de overheid of de bedrijven die ze beheren en exploiteren. Dan zal die inwoner zoeken naar manieren om het systeem te ‘foppen’

Besturen is besluiten nemen, gegevens kunnen daarbij helpen maar ook hinderen. Je hebt niets aan gegevens alleen, het gaat om kennis: de verbanden tussen die gegevens. Meer informatie betekent niet automatisch betere besluiten. Zo zou je kunnen besluiten om de verkoop van ijs te verbieden omdat hoge ijsverkoop correleert met veel verdrinkingsdoden. Alleen zal dat geen effect hebben want mensen gaan het water in omdat ze verkoeling zoeken, niet omdat ze een ijsje aten. Daar komt bij dat gegevens iets zeggen over het verleden, ze zeggen niets over de toekomst. Als we vervolgens kijken naar de belangrijkste ontwikkelingen in de geschiedenis van de mensheid, dan zijn dat bijna allemaal breuken met het verleden. Als de uitvinder van het wiel, wie dat ook geweest is, alleen maar naar het verleden had gekeken, dan hadden we nu nog steeds geen wiel gehad. Dan waren we, om sneller te kunnen reizen, snellere paarden aan het fokken in plaats van de auto uit te vinden.

Weet ik nu voldoende over ‘smart city-toepassingen’? Geen idee, immers wat is voldoende en wie bepaalt dat? Weet je er voldoende van als je vrolijk meedoet aan het enthousiasme van de tech-bedrijven en bestuurders die op dit gebied willen scoren? Wat ik in ieder geval weet is dat we dit niet aan die techneuten en enthousiaste bestuurders alleen moeten overlaten. Zou het geen goed idee zijn om  naast die techneuten ‘filosofen’ in dienst te nemen? ‘Party poopers’ die vragen blijven stellen, die zaken ter discussie stellen, die niet meegaan in het ‘enthousiasme’ van het moment, die niet met de lemmingen meelopen? Zou dat niet tot betere besluitvorming leiden, niet alleen over de ’smart city’ trouwens. Zou het niet ‘smart’ zijn van de ‘city’ als zij dat deed?

Maar ja, welke organisatie neemt mensen in dienst die het feestje lijken te bederven? 

Uitgelicht

Habers, harten en herauten

“Wij hebben een vrije democratie, dit filmpje is weerzinwekkend.” De reactie van minister Grapperhaus op het filmpje waarin Wilders wordt bedreigd. Dat filmpje is op internet gezet door een Pakistaan die inmiddels is gearresteerd. Ik heb het filmpje niet gezien, ga het ook niet bekijken en geloof meteen dat het weerzinwekkend is. Iemand bedreigen is altijd weerzinwekkend. Bij een bericht er direct voor of erna, moest ik ook aan het woord weerzinwekkend denken.

lion_king_PNG51

Illustratie: pngimg.com

Een bericht over de Armeense kinderen Lilli en Howick die groot risico lopen om te worden uitgezet naar hun geboorteland Armenië. Een  geboorteland dat ze zich niet meer kunnen herinneren omdat ze nog geen vier waren toen ze met hun moeder naar Nederland vluchtten. Inmiddels zijn ze twaalf en dertien en hebben hun gehele bewuste jeugd doorgebracht in Nederland. Hun moeder is verleden jaar naar Armenie uitgezet en de kinderen willen hier niet weg en zouden het liefste hun moeder terug willen.

Ik moest aan het woord weerzinwekkend denken toen ik hoorde wat verantwoordelijk staatssecretaris Harbers te zeggen had. Habers laat weten dat er ‘in het dossier veel meer speelt dan mensen via de media vernemen’. Wat zouden die twee kinderen van twaalf en dertien doen of wat hebben ze gedaan dat zo erg is dat ze weg moeten? Voor welke zelf begane daden moeten ze verantwoording afleggen? Volgens de staatssecretaris zou dat oneerlijk zijn voor anderen die na een negatief besluit wel vertrekken. Bij niet eerlijk moet ik altijd aan een monoloog van Scar in de Lion King 1 denken als hij met een muisje speelt: “ Life’s not fair you see. For I will never be King and you will never see the light of another day.” Een zeer ware uitspraak omdat het leven niet eerlijk is. Want is het eerlijk dat ik in Nederland ter wereld ben gekomen en van alle voordelen die dit land biedt, kan genieten en Lilli en Howick in Armenië?

Volgens Habers is er: “geen reële oplossing zodat ik met de hand over mijn hart kan strijken.” Bovendien dringt de tijd: “Tot aan het moment van de uitzetting kan ik die zaak nog wegen, maar het ligt niet voor de hand dat we tot een ander oordeel gaan komen.”  Bijzonder dat hij zichzelf eerst ik noemt en daarna de majesteitelijke vorm ‘wij’ gebruikt, dat even terzijde. Waarom is over het hart strijken niet reëel? Iets reëels behoort tot de mogelijkheden en over het hart strijken behoort tot die mogelijkheden.

Gelukkig voor de muis in Scars klauwen, komt net Zazou, de heraut van de koning, binnen die Scar afleidt met de woorden: “Didn’t your mother tell you not to play with your food?” Waardoor de muis ontsnapt. Waar blijft de ‘heraut’ die Habers herinnert aan zijn moeder?

Uitgelicht

Van ‘rechtsmensen’ die ‘links’ voorbij gaan

Ja ik lees het goed, Jan Gajentaan schrijft het echt in zijn artikel bij Opiniez. In zijn artikel geeft hij een definitie van wat een ‘rechtsmens’ volgens hem is. De ‘linksmens’ is, volgens hem, het tegenovergestelde daarvan. Waaraan herken je die ‘linksmens’? Een ‘linksmens’: 1. wil een grote overheidsbemoeienis en een grote overheid; 2. betaalt liever teveel belasting dan te weinig; 3. is gesteld op onrecht en chaos; 4. wil de grenzen wagenwijd openzetten voor migranten; 5. heeft een gesloten houding tegenover andere culturen en vindt zijn normen en waarden ondergeschikt aan die van anderen. Dat is precies het tegenovergestelde van de omschrijving die Gajentaan geeft van de ‘rechtsmens’. Wie herkent zich hierin?

go-left-or-right-160713_1280

Illustratie: pixabay

Gajentaan noemt de vergelijking: “simpel en karikaturaal.” Al kun je je afvragen of hij dat meent want hij vervolg met: “maar zolang we in Nederland geen realo-linkse beweging zien van enige importantie zoals in Denemarken, denk ik dat we het grosso modo zo kunnen stellen.” Zo daar wordt even een deel van de Nederlandse samenleving afgeserveerd als niet realistische ‘Gekke Henkie’. 

Nu is Gajentaan ook niet zuinig voor zijn collega ‘rechtsmensen’. Want er zijn er die: “al dan niet met financiële stimulans van George Soros – zwaar overhellen naar links.” Bovendien weten die ‘rechtsmensenbroeders’ van Gajentaan elkaar maar niet te vinden: “door de polarisatie en het mechanisme van uitsluiting, is “rechts” onderling zo verdeeld geraakt.” Dit tot zijn grote spijt. Gajentaan pleit ervoor dat: “er aan de rechterkant van het politieke spectrum gewerkt moet worden aan bundeling door gematigde krachten.” Bij die bundeling van ‘realo rechtse’ kracht, bijzonder dat gebruik van het woord realistisch om de eigen positie te beschrijven, zullen partijen: “zich moet(en) inzetten om de verschillen tussen VVD, CDA en SGP enerzijds en PVV en FvD anderzijds te verkleinen of in ieder geval behapbaar te maken.” Is de hele rechterkant ineens gematigd?

Als dat niet gebeurt dan hebben: “D66 en in de nabije toekomst ook GroenLinks, de wippositie (…) overgenomen die vroeger in handen was van het CDA.” En is: “Linksradicalisme (…) bon ton geworden.” Net a;s in Duitsland waar: “Die Linke en de Groenen worden geprezen als coalitiepartners om aan samenwerking met de AfD te ontkomen.”

Kun je na zo’n verhaal constateren dat ‘rechtsmensen’ die van recht en orde houden, openstaan voor andere culturen, de eigen waarden hooghouden en die zo realistisch zijn, dat ze elkaar de tent uit vechten?

Uitgelicht

Psd2, weg ermee!

Bij Joop schrijft SP-kamerlid Mahir Alkaya over een Europese richtlijn die de markt op -rekening- en betaaldiensten vrij moet maken. Die richtlijn heet ‘payment service directive 2’, ofwel psd2. Als je van die diensten gebruik wilt maken, moet je ze toestemming geven om je rekeninggegevens in te zien. Alkaya wil aan die richtlijn wat waarborgen toevoegen om de consument te beschermen want: “de uitkomst mag niet zijn dat bedrijven als Google en Facebook nog meer gegevens van ons krijgen en daardoor nog machtiger worden.” Moet ik dan blij zijn met de aanvullingen die Alkaya wil?

SAMSUNG DIGITAL CAMERA

Illustratie: Wikipedia

Volgens Alkaya: “was (de richtlijn) aanvankelijk goed bedoeld en poogde de macht van banken te breken, die nu als enige naast jijzelf inzicht hebben in je bankrekening.” Het breken van de macht van banken, kan ook op mijn instemming rekenen, dus blij zijn met psd2?

Bij De Nederlandsche Bank meer informatie over psd2. “Met PSD2 kunt u nieuwe online betaal- en rekeningdiensten gaan gebruiken.” Dat is leuk, ik kan iets nieuws gaan gebruiken. Maar om er gebruik van te maken: “is het nodig dat u toegang geeft tot uw betaalrekening bij uw bank aan een derde partij (een andere financiële instelling).” Ben ik er blij mee als de Appie mijn rekeninggegevens kan inzien?

Nu is het niet zeker dat ik die nieuwe ‘betaaldienst’ overal kan gebruiken: “Als winkelier heeft u meer keuze tussen (aanbieders van) betaalmethoden. U bepaalt zelf welke betaalmethoden u aanbiedt.” Daar sta ik dan met mij Appie-app en kan niet betalen bij de Jumbo, die staat alleen de Jumbo-app toe en mijn bestelling via bol.com kan ik niet betalen met de Amazon-app. Ik word er steeds minder blij van. Ik kan kiezen, daarvoor moet ik delen en wordt ik uiteindelijk niet gedwongen?

De DNB gaat verder. Die nieuwe aanbieders: “komen online tussen u en uw bank, als een derde partij.” Die derde zal dat niet gratis doen. De kosten ervan zullen door iemand worden betaald. Wellicht betaal ik die ‘derde partij’ alleen met mijn betaalgegevens, de bank zal er ook iets voor moeten doen en dat iets wordt bij mij in rekening gebracht. Van allebei word ik helemaal niet blij. Zelfs niet met extra waarborgen.

Voor wie is zo’n ‘decentralisatie’ van het betaal verkeer nu werkelijk een oplossing? Niet voor mij als consument. Zou ik als consument niet veeleer gebaat zijn met centralisatie van het betaalverkeer? Met één door de overheid, maar los van de overheid georganiseerd betaalsysteem? Zo wordt de macht van de banken gebroken en voorkomen we dat: “Google en Facebook nog meer gegevens van ons krijgen en daardoor nog machtiger worden.”

Psd2: weg ermee!

Uitgelicht

Beste heer De Graaf,

“Klimaatracisme vraagt om een intersectionele klimaatpolitiek.” De titel van een artikel van BIJ1 duo-raadslid Jelle de Graaf bij Joop. Ik kan me zo voorstellen dat menigeen bij zo’n titel denkt: ‘laat dat maar aan mij voorbij gaan’. Mij vergaat dan de zin om verder te lezen. Maar, je bent Ballonnendoorprikker en dus lees ik door. Al verder lezend vraag ik me oprecht af wat voor u het belangrijkste is, uw eigen gelijk of aandacht voor maatregelen tegen de klimaatverandering. 

Feminism_without_intersectionality_is_just_white_supremacy

Foto: Wikipedia

U analyseert terecht dat de mensen die de grootste kans hebben om te worden geconfronteerd met de gevolgen van de klimaatverandering, anderen zijn dan degenen die het meeste bijdragen aan die verandering. Ook constateert u terecht dat het de taak is van de ‘profiteurs’ om de ‘slachtoffers’ te helpen. Wereldwijd maar ook in Nederland omdat het de slachtoffers aan middelen ontbreekt om zich te ‘wapenen’. Ook constateert u terecht dat het aanpakken van de economische oorzaken van de klimaatverandering prioriteit heeft. Of zoals u schrijft: “We moeten werken aan een economisch systeem dat wel in balans is met onze planeet, onze uitstoot dusdanig terugbrengen dat we niet alleen onze eigen toekomst veilig stellen, maar ook die van andere landen.”

Waarom ik toch twijfel aan wat voor u het belangrijkste is, is dat u met waardeoordelen gooit die mensen afschrikken. U spreekt over ‘klimaatracisme’, daarmee zegt u tegen “de witte directeuren in het hoofdkantoor van Shell in Den Haag” dat hij een racist is. Het voelt alsof u dat ook tegen mij zegt omdat het lot heeft bepaald dat ik in Nederland ter wereld kwam. Dat gevoel wordt opgeroepen door een zin als:: “Intersectionaliteit of kruispuntdenken gaat er vanuit dat onderdrukking en discriminatie ontstaan door een samenspel van factoren als economische status, etniciteit, gender, lichamelijke gezondheid, seksualiteit, geboorteplaats en leeftijd en dat je die bij het onderzoeken van ongelijkheden dus ook altijd in samenhang moet bekijken.” Als gezonde, blanke, in Nederland geboren man begrijp ik hieruit dat ik schuldig ben, want in het intersectioneel denken heeft de witte man het altijd gedaan. Hij wordt aangesproken op iets waaraan hij niets kan doen, namelijk zijn geslacht, kleur en geboorteplaats.

Beste meneer De Graaf, onderdrukking is een gevolg van machtsverschil en machtsverschil en discriminatie is een gevolg van onwetendheid. Tegen beiden wil ik strijden en ik denk dat er meer mensen zijn die dat willen. Alleen wordt dat lastig als ik het gevoel krijg dat ik er de ‘oorzaak’  van ben. 

Beste meneer De Graaf, als blijkt dat dat goede, eerlijke, internationale klimaatbeleid haalbaar is als er niet wordt gegooid met ronkende termen als klimaatracisme en verdeeldheid zaaiende theorieën als ‘intersectionaliteit’, klimaatbeleid waaraan zelfs ‘rechts’ mee wil doen, bent u dan tevreden? 

Uitgelicht

Schandelijk en walgelijk

Toen ik vandaag naar huis reed hoorde ik op de radio een bericht dat afgewezen asielzoekers in Hongarije geen eten kregen. ‘Dat heb ik vast verkeerd gehoord,’ was mijn eerste gedachte. Dat Hongarije onder Orbán niet erg vriendelijk is, of beter gezegd erg onvriendelijk is voor vluchtelingen was mij al bekend, maar mensen laten verhongeren, dat zouden zelfs de Hongaren niet doen. Volgens de site van de NOS is het toch echt waar: “In de Hongaarse transitzones op de grens met Servië hebben acht afgewezen asielzoekers dagenlang geen eten gekregen en ze hadden geen mogelijkheden om zelf aan eten te komen.” WAT???

barbwire-1765900_1920

Foto: pixabay

De Hongaarse regering geeft ze niet te eten: “zodat zij niet in beroep gaan tegen de afwijzing van hun asielverzoek en terugkeren naar Servië.” Daar blijft het niet bij: “Een pastoor die te hulp wilde schieten, werd niet toegelaten.” Zelf geld verdienen en eten kopen is er in die transitzones niet bij. Na tussenkomst van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens krijgen de acht weer te eten, maar dat gaat niet van harte. Bovendien: “zitten (er) nog 130 à 140 mensen, en er is alweer een andere Afghaan die nu geen eten krijgt.” 

Dit gebeurt in het hart van Europa. In een land dat lid is van de Europese Unie. Een Unie waarvan ook Nederland lid is. Tot op het moment dat ik dit schrijf, heb ik nog geen Europese of Nederlandse politici hun walging horen uitspreken. Zouden ze heimelijk blij zijn met de Hongaarse aanpak? Het doel van die aanpak komt immers overeen met het doel van het Europese beleid: door vluchtelingen en migranten schandalig te behandelen, voorkomen dat anderen ook naar hier komen. Het Europese beleid is schandelijk, de Hongaarse aanpak walgelijk.

Dit mag niet ongemerkt passeren. Daarom stel ik de volgende tegenmaatregelen voor. 1) Per direct sluiten de landen van de Europese Unie hun grenzen en luchtruim voor Hongaarse producten en staatsburgers, ook voor (Euro)parlementariërs en bestuurders uit het land. 2) Het lidmaatschap van, en alle betalingen aan Hongarije door de Europese Unie worden per direct beëindigd. Als het land dit schandalige beleid beëindigd, kan het opnieuw het lidmaatschap van de Unie aanvragen. Die aanvraag wordt dan opnieuw beoordeeld. 3) Hongaren in de andere landen van Unie kunnen kiezen: blijven of teruggaan. Blijven ze hier dan behouden ze alle rechten die ze nu hebben, gaan ze terug dan verliezen ze die rechten en komen ze de Unie niet meer in totdat de Hongaarse regering zich betert. Inderdaad wordt zo het hele Hongaarse volk, ook de onschuldigen, getroffen. Dat is jammer, maar helaas. 

Zou er een Nederlandse of andere Europese leider of politicus zijn die dit aandurft? 

Uitgelicht

Beleid of geen beleid, that’s the question

“De overheid is er voor haar inwoners, niet andersom,” zo luidt de kop boven een column in de Volkskrant van Amma Asante over de ‘participatiesamenleving. Zij constateert terecht dat: “Die vraagt namelijk om een overheid die loslaat, niet altijd het hoogste woord heeft, luistert en faciliteert.” Dat het woord participatiesamenleving geen gelukkige is, laat ik even buiten beschouwing, daarover schreef ik al eerder. Assante ziet goede voorbeelden: “Neem nu de gemeente Schagen. Die heeft een wethouder van Financiën en Geluk. Een wethouder die stuurt op het geluk van zijn inwoners: dat is toch fantastisch?! De gemeente ging de straat op en vroeg inwoners naar wat hen gelukkig maakt en gebruikte de uitkomsten voor het maken van beleid.” Is dit wel een goed voorbeeld?

Beleidscyclus_-_policy_cycle

Illustratie: Wikipedia

Als eerste die nadruk op geluk. Geluk meten is een lastige zaak, immers wat mij gelukkig maakt, maakt anderen wellicht ongelukkig. Zo zullen de Ajax-supporters overlopen van geluk na de ‘gelukkige’ zege op VVV. Bij mij ligt dat toch wat anders. 

Assante constateert terecht dat de overheid niet altijd het hoogste woord moet hebben, maar hoe verhoudt zich het niet hebben van het hoogste woord tot ‘sturen’? Als: “durven loslaten en vertrouwen in hun inwoners,” is wat gemeente moeten doen, zouden gemeenten dan geen beleid moeten maken? Door beleid te maken, trek je als overheid immers weer zaken naar je toe. Bepaal je, door beleid te maken, doelen te formuleren en de weg ernaar toe te beschrijven niet het ‘geluk’ voor een ander? Stuur je dan niet op zijn geluk, ook als dat hem ongelukkig maakt? 

Overheidsbeleid is er altijd op gericht om gelijke monniken een gelijke kap op te zetten, discriminatie is immers verboden. Beleid richt zich op de uitkomst, het resultaat. Vraagt ‘er zijn voor haar inwoners’ niet om een  overheid die niet is gericht op het resultaat maar op het proces om te komen tot dat resultaat? Het resultaat is immers van de inwoner of een groep inwoners. 

Uitgelicht

Van je geloof vallen …

“Hij was bepaald geen misdienaar, maar toch kreeg hij meer steun van de evangelische kiezers dan enige andere presidentskandidaat.” Hij waarover wordt gesproken is de Amerikaanse president Donald Trump en deze woorden worden in een artikel in de Volkskrant geciteerd uit een boek van de conservatief christelijke schrijver Stephen Strang. Een artikel met een ‘fantastische’ redenering van conservatieve christenen. Laten we die redenering eens bekijken.

Donald_J._Trump_at_Marriott_Marquis_NYC_September_7th_2016_04

Foto: Wikimedia Commons

Trump doet alles wat de conservatieve christenen verafschuwen. Hij is al aan zijn derde vrouw en ‘snabbelde’ tijdens die huwelijken nog wat bij zoals bijvoorbeeld de affaire met pornoactrice Stormy Daniels. Of zoals Strang het schreef: “Hij kreeg kinderen bij drie vrouwen, verdiende een deel van zijn fortuin met gokpaleizen en stond erom bekend dat hij de meest vulgaire en vernederende taal bezigde.” Dat alles laat onverlet dat: “Trump (…) het bovennatuurlijke antwoord (is) op onze gebeden, maar het kwam niet in de verpakking die wij verwachtten,” aldus een televisiedominee. Maar, en dan is Strang weer aan het woord: “Uit de Bijbel weten we dat God altijd niet-volmaakte mensen heeft gebruikt, zoals koning David en de apostel Paulus.” En het werk van god mag volgens een andere dominee niet ter discussie worden gesteld: “Het is God die een koning aan de macht brengt, het is God die hem afzet, dus wanneer je tegen Gods plan bent, vecht je tegen de hand van God.” 

Nu werden ook Obama en Clinton, om er twee te noemen, ‘koning’ en die konden op zeer veel verzet van conservatieve christenen rekenen. Bij Clinton gingen ze zelfs zo ver dat ze hem wilden afzetten. Waarom is het wel geoorloofd om je tegen die door god aan de macht gebrachte koningen te verzetten? Of was god tijdens hun verkiezing even tijdelijk met vakantie of even arbeidsongeschikt door bijvoorbeeld een burn-out en hadden zij hun ‘koningschap’ niet aan god te danken? Hoe weten de conservatieve christenen dan zo zeker dat Trump wel op gods zegen kan rekenen? 

Pragmatisme heeft de overhand: “Wij hechten nog steeds aan het gebod ‘Gij zult geen seks hebben met een pornoster’, maar of de president dit gebod heeft overtreden, is volstrekt irrelevant voor onze steun voor hem.” Was het dan wel in orde als Daniels een verpleegster was? Dat weten ze omdat hij gods werk verricht: “Ze zetten hun morele oordeel opzij en stemmen op de persoon van wie ze denken dat hij hun doelen zal dienen, en dan gaat het ze in de eerste plaats om het verbod op abortus.” God is dus alleen aan het werk als er iets gebeurt wat in hun straatje te pas komt. Zij weten wat god wil. God is dan wel vaak afwezig vanwege vakantie of ziekte.

Van zoveel cognitieve dissonantie val je toch van je geloof .

Uitgelicht

‘Scheefeten’

Als mensen zich dan toch druk maken over misbruik van voorzieningen: “dan zijn de scheefwoners toch een veel omvangrijker groep om je zorgen over te maken,” zo schrijft Matthias Pauw bij RTLZ. Scheefwoners zijn mensen met een sociale huurwoning die meer verdienen dan € 37.000, de grens waaronder je in aanmerking komt voor een sociale huurwoning. Alleen scheefwoners: “krijgen geen hoon naar hun hoofd. Geen maatschappelijke verontwaardiging. Geen mensen op Facebook die ze voor rotte vis en alles wat niet deugt uitmaken.” Dit in tegenstelling tot de asielzoekers: “Wie het waagt om reacties op internet te lezen, komt in een bedroevende wereld terecht van mensen die een angst voor het delen van wat publieke voorzieningen probleemloos weten te combineren met hartvochtigheid van peilloze diepten.” Laat ik voorop stellen, en dat zal mijn vaste lezers niet verbazen, dat ik asielzoekers niets verwijt. Dat laat onverlet, dat er bij Pauws ‘strijd’ tegen scheefwonen het nodige af is te dingen.

Aldi_Food_Market_Grocery_Store_(16251686541)

Foto: Wikimedia Commons

Het is goed dat Pauw aandacht vraagt voor de knellende woningmarkt. Maar zijn scheefwoners werkelijk de: “rasprofiteurs die de solidariteit in Nederland echt op het spel zetten en het systeem tot de laatste druppel uitwringen voor eigen gewin en misplaatste zuinigheid.” Pauw haalt een voorbeeld aan van iemand die € 5.000 verdient en maar € 250 huur betaalt, zou dat voorbeeld representatief zijn? Zou het grootste deel van de ‘scheefwoners’ niet bestaan uit mensen die net boven de inkomensgrens van een sociale huurwoning zitten en die met hun inkomen niet kunnen kopen noch huren op de particuliere markt zonder terug te gaan van hun kleine gezinswoning naar een veredelde kamer?

Is er trouwens een wet die bepaalt welk deel van je inkomen je aan woonlasten moet uitgeven? Als die er niet is, dan staat het mensen vrij om zelf te bepalen of zij hun ‘meerdere inkomen’ willen uitgeven aan wonen, een auto of vakantie. 

Diezelfde persoon met zijn inkomen van € 5.000 gaat zijn eten wellicht ook kopen bij de Aldi. Zo geeft hij maar een heel klein deel van zijn inkomen uit aan voedsel terwijl hij veel beter en luxer voedsel kan betalen. Draagt de ‘scheefeter’ bovendien niet bij aan veel dierenleed en het uitknijpen van de agrarische sector? Zullen we dit ‘scheefeten’ dan ook maar meteen aanpakken? Nu we toch bezig zijn, laten we het dan maar meteen op alle terreinen toepassen en een wet maken die bepaalt welk percentage van je inkomen je waaraan moet uitgeven.

Is de ‘scheefwoner’ niet gewoon de ‘zondebok’ voor het probleem dat er te weinig sociale huurwoningen en goedkope koopwoningen zijn? Dat niet de vraag de markt bepaalt maar het aanbod?

Uitgelicht

‘Krachtige democraten’

“Het beschermen van democratie in digitale tijden is niet eenvoudig.” Dit constateert D66-Europarlementariër Marietje Schaap in de VolkskrantZij ziet hierbij niets in “Snelle maatregelen die de vrije meningsuiting inperken, of technologiebedrijven de sleutels van vrije meningsuiting geven.” Wel moet er iets ondernomen worden tegen geautomatiseerde internet-accounts die zich als mensen voordoen en het denken proberen te beïnvloeden en tegen: “politieke advertenties op basis van micro-targeting.” Want, zo beweert Schaap: “Alleen op basis van transparantie en verantwoording kunnen we onze democratie ook online bewaken.” Een logisch verhaal?

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Foto: Wikipedia

Schaap heeft gelijk dat maatregelen die de vrijheid van meningsuiting aantasten ons verder van huis brengen. Ook het geven van de ‘sleutels aan technologiebedrijven’ door: “bedrijven zoals Facebook en Twitter verantwoordelijk te maken voor het stoppen van de verspreiding van nepnieuws.” is geen goed idee. Laten we eens naar haar oplossing kijken. Transparantie en verantwoording als oplossing, dat klinkt mooi. Maar ….

Was de democratie in tijden voor de komst van het Internet zo transparant? Waren we toen gevrijwaard van ‘nepnieuws’? Was er toen niemand die de mening van mensen wilde beïnvloeden? Was toen precies duidelijk wie ons op welke manier probeerde te beïnvloeden? Was in die tijd alles transparant en legde iedereen eerlijk verantwoording af over het handelen? Laten we eens een recent analoog voorbeeld nemen: de afschaffing van de dividendbelasting. Nu, achteraf wordt er gereconstrueerd en worden de lijntjes duidelijk, alleen legt niemand verantwoording af. Als we Schaaps oplossing volgen, dan zouden die lijntjes ook al vooraf duidelijk moeten zijn, want dat is wat transparantie inhoudt. 

Zou de democratie niet beter af zijn met ‘krachtige democraten’? Met weerbare en nieuwsgierige burgers? Burgers die niets meteen voor ‘waar’ aannemen? Burgers die hun eigen denken ter discussie stellen? Burgers die met elkaar in gesprek gaan, die de dialoog met elkaar aangaan? Zouden we de democratie maar vooral onszelf als mensen niet een geweldige dienst bewijzen door onderwijs dat veel meer is gericht op het ontwikkelen van kritisch denkvermogen en veel minder op ‘arbeidsmarktvaardigheden’? Zou die arbeidsmarkt daar trouwens niet ook baat bij hebben?  

Uitgelicht

Boris Voltaire?

Kent u ze ook? Die broeken waarvan het kruis ongeveer op de enkels hangt en de zakken op de knieën. Een geheel dat wordt afgemaakt met het zicht op ongeveer de volledige onderbroek. Een onderbroek met daarop prominent de merknaam van het ‘goede’ merk. Als ze zich bukken dan wordt het nog geperfectioneerd met een blik op het behaarde ‘decolleté’. Welk weldenkend mens hijst zich in zo’n veredelde vuilniszak? Hoeveel mensen zouden zich nu ten diepste beledigd voelen? Dat deze zinssnede ‘haatmisdrijven legitimeert’? Zou premier Rutte nu vinden dat ik, bij het beschrijven van andermans uiterlijk, aanstootgevende taal heb gebruikt? Dan zouden Cecile Narninx en Arno Kantelberg op moeten gaan passen.

sagging pants

Foto: Flickr

Nu vervangen we die broek door een boerka en de vuilniszak door een brievenbus, de Ballonnendoorprikker door Boris Johnson en dan zijn de Britse rapen gaar. Dan zijn er vele mensen die zich ten diepste beledigd voelen. Dan zijn er mensen die vinden dat haatmisdrijven worden gelegitimeerd en dan zegt de Engelse premier May: “Ik vind dat Boris Johnson bij het beschrijven van andermans uiterlijk aanstootgevende taal heeft gebruikt.”

Er zijn mensen waarvoor de boerka meer is dan een kledingstuk. Het is een stuk van hun overtuiging, hun identiteit en het dan afdoen als een brievenbus is lomp. Al kan ik me voorstellen dat er ook mensen zijn die de laaghangende ‘vuilniszak’ ook tot hun identiteit rekenen. Dat lompe past dan weer bij de manier waarop Johnson op mij overkomt, als een lompe boer die alleen maar kijkt naar zijn eigen belang. Alleen dan een boer met een ‘kak’ afkomst. Deze woorden over Johnson zeggen niets over zijn persoon, ze zeggen iets over de schrijver ervan.

Net zo zeggen Johnsons woorden niets over de drager van een boerka. Johnson geeft geen beschrijving van het uiterlijk van iemand, hij heeft niemand beledigd, nog iemand opgeroepen om een ‘haatmisdrijf’ te plegen. Hij heeft alleen verteld waaraan een boerka hem doet denken. Zijn woorden zeggen iets over Johnson. En, en dat was het belangrijkste van zijn verhaal, dat het iedereen vrij staat om ervoor te kiezen een boerka te dragen. Dat het niet aan de staat is om ‘kledingvoorschriften’ te geven. 

Eigenlijk doet hij zich voor als een ‘eigentijdse’ Volaire en zegt hij: ‘Ik verafschuw hoe u zich kleedt, maar ik zal uw recht om het te dragen met mijn leven verdedigen.’ Al betwijfel ik of Johnson er het leven voor wil laten. Is het niet vreemd dat velen over Johnson heen vallen vanwege zijn ‘modekritiek’, terwijl ze hem eigenlijk zouden moeten steunen? Is het niet vreemd dat daar vooral veel ‘bewust boerka-dragers’ over Johnson heen vallen terwijl ze Johnson dankbaar moeten zijn dat hij zich aan hun zijde schaart? Zouden zij niet moeten zeggen: ‘beste Boris, om Voltaire aan te halen, ik verafschuw wat u zegt, maar ik zal uw recht om het te zeggen met mijn leven verdedigen”.’ 

Uitgelicht

#geenvrouwopstraat, ookgeenman

“Wie de geschiedenis niet kent is gedoemd ze te herhalen,” een bekende uitspraak die we te danken hebben aan de Spaans-Amerikaanse schrijver, dichter en filosoof George Santayana. Het kennen van de geschiedenis is echter geen garantie dat ze niet wordt herhaald. Sterker nog, er zijn mensen die de geschiedenis willen herhalen om haar recht te zetten. Bregje Hofstede Correspondent Nieuw Feminisme bij De Correspondent lijkt zo iemand.

In een artikel doet zij verslag van een actie van haar actiegroep #meervrouwopstraat: “Om die scheve verhouding aan te kaarten, plakten we als symbolische eerste zet een E achter het bordje van De Dam om er een Dame van te maken, en waaierden vervolgens uit om Serafina en Jansie, Raden Adjeng Kartini, Suze Groeneweg, Beyoncé en acht andere vrouwen een plek te geven. Bij bewustwording begint het.” Want wat blijkt: “88 procent van de naar een mens genoemde straten in Amsterdam heeft een mannennaam.” Er niets mis met bewustwording alleen zullen er weinig  mensen zijn die zich er niet van bewust zijn dat de koek nog steeds niet eerlijk is verdeeld tussen man en vrouw. Sterker nog, ook binnen die groepen is de koek niet eerlijk verdeeld. 

Dan moeten er heel veel straten worden aangelegd om die scheefheid recht te trekken zo schreef ik haar. Alle straten die de komende jaren worden aangelegd moeten dan een ‘vrouwennaam’ krijgen. Als dat de bedoeling is ben je dan niet net zo eenzijdig bezig als onze voorouders? Hoe eerlijk ben je in het heden als je nu alle straten naar vrouwen gaat noemen? Er worden dan geen straten meer vernoemd naar recente ‘mannen’ die ook iets bijzonders hebben betekend. Zouden toekomstige ‘gelijkheidstrijders’ dan niet kunnen concluderen dat mannen in deze tijd ernstig werden gediscrimineerd? 

Gelukkig ziet Hofstede een alternatief: “Een mogelijkheid die weinig genoemd is tot nu toe: het meerendeel van de straten is helemaal niet naar een mens genoemd. Er zijn nogal wat eiken-, linden- en acacialanen, bijvoorbeeld. Wil je dus de bestaande mensennamen houden maar meer aandacht hebben voor tot nu toe vergeten mensen (met name vrouwen), dan zijn er veel opties.” Als die gelijkheid dan toch moet worden bereikt, is er nog een andere optie. Laten we dan alle straten die naar personen zijn vernoemd een andere naam geven. Hoeft er niet over gediscussieerd te worden of een persoon wel ‘voldoende’ heeft gedaan om een straatnaam te verdienen. Lopen we niet het risico dat onze nakomelingen ons over honderd jaar beschuldigen van het vereren van de verkeerde. En mannen, vrouwen, LHBTQIA en van welke kleur ook, worden gelijk behandeld en kunnen aanspraak maken op procentueel gezien evenveel straten, namelijk NUL.

Uitgelicht

Realisme

Volgens Geerten Waling worden we doodgegooid met ‘ismen’. Tenminste als we de titel boven zijn bijdrage bij Elsevier mogen geloven. ’Ismen’ die je niet zelf voert, maar die je door anderen worden opgeplakt.

exchange-of-ideas-222788_960_720

Illustratie: Pixabay

In zijn artikel haalt hij drie ‘ismen’ aan. Als eerste neoliberalisme: “een term die moet verwijzen naar een ongebreideld marktdenken door grootkapitalisten die zich niet bekommeren om de arme burger die het slachtoffer wordt van hun privatiseringen, handelsverdragen en marktliberalisatie.” Kritiek op die marktwerking snijdt best hout, maar het woord is: “een etiket dat we graag plakken op beleid dat ons niet bevalt (of dat anders uitpakt dan we hadden gehoopt).” Ook een ander ‘isme’, het populisme vertroebelt het debat. Het is: “een scheldwoord, dat bedenkelijke motieven suggereert bij je tegenstander, zoals volksmennerij, simplisme en opportunisme,” aldus Waling. Als laatste het ‘islamisme’. Waling: “Hoewel zo’n ‘islamist’ zichzelf eerder zal kwalificeren als ‘goede moslim’, niet als aparte categorie binnen de islam, helpt het onderscheid om een militant deel van de gelovigen te onderscheiden, zonder de andere moslims van de samenleving te vervreemden.” Om die reden heeft dat woord nog enig nut, volgens Waling.

Inderdaad worden er veel ‘isme’-etiketten geplakt. Zo wordt racisme te pas en te onpas gebruikt om iemand te diskwalificeren. Of neem Sid Lukkassen, die heeft het vaak over cultuurmarxisme. Een plakkertje dat hij, en met hem Paul Cliteur en Thierry Baudet, graag op andersdenkenden plakt. Een vasthoudend iemand met een uitgesproken mening is al snel een ‘fundamentalist’. Een woord waar je weer allerlei woorden voor kunt zetten zoals milieu of islam. Allemaal ‘ismen’ die je door anderen opgeplakt krijgt om je in een hoek te zetten. In een hoek te zetten zodat de ‘plakker’ niet op je argumenten hoeft in te gaan. 

Eén ‘isme’ past niet in deze rij, het ‘realisme’. Het past niet omdat je het niet opgeplakt krijgt, maar het jezelf opplakt. Het woord wordt door velen gebruikt om hun eigen standpunten kracht bij te zetten. Kracht bij te zetten omdat het suggereert dat iemand die het niet met je eens is, irreëel is. Irreëel of nog erger, een idealist. Een zwever of dromer en op diens argumenten hoef je ook niet te reageren. Moeten we niet juist oppassen voor mensen die zichzelf de stikker ‘realisme’ opplakken? 

Uitgelicht

Holland, Michigan

Toen ik Willem Melchings pleidooi in de Volkskrant voor een ‘Leitkultur’ las, moest ik denken aan Holland in Amerikaanse staat Michigan. In die plaats ‘spelen’ ze het Nederland uit vroeger jaren na compleet met bouwstijl, klederdracht en tulpenfestival. Een stadje gesticht door naar de Verenigde Staten geëmigreerde Hollanders.

Dutch_Dancers,_Holland,_Michigan_(81444)

Illustratie; Wikimedia Commons

Volgens Melching is die ‘Leitkultur’ nodig omdat een multiculturele samenleving: “op termijn hun samenhang verliezen door het ontbreken van gemeenschappelijke waarden en normen.”  Volgens Melching zou die ‘Leitkultur’ moeten bestaan uit: “kernwaarden die sinds 1945 typerend zijn voor de Europese politieke cultuur. Om de belangrijkste te noemen: democratie en tolerantie, scheiding van kerk en staat, gelijkwaardigheid van vrouwen en seksuele minderheden.” Volgens Melching zijn Canada en de Verenigde Staten voorbeelden van landen die hier heel goed in slagen. Een op het eerste gezicht logisch betoog. Maar hoe zit het met met het tweede gezicht? 

Als we naar de kernwaarden van Melchings ‘Leitkultur’ kijken dan valt op dat die allemaal zijn verwerkt in onze wet- en regelgeving. Alleen op het gebied van de scheiding tussen kerk en staat is er nog wat werk aan de winkel. Als die kernwaarden een voorwaarde voor een succesvolle multiculturele samenleving en voor een succesvolle inburgering van nieuwkomers, waarom spreken zovelen dan van een mislukking? Zou het dan misschien aan het overbrengen van die kernwaarden op nieuwkomers liggen? Dan zou de inburgeringscursus anders moeten. 

Zou het gevoel van ‘mislukken’ een andere oorzaak hebben? Zou dat gevoel van mislukken niet een gevolg kunnen zijn van het nooit kunnen voltooien van de ‘inburgering’? Wat zou het met iemand doen die de inburgeringscursus heeft gevolgd, het inburgeringsexamen heeft gehaald, de participatieverklaring in het bijzijn van de burgemeester heeft ondertekend en betaald werk heeft en maar één koekje bij de thee of koffie serveert en dan nog steeds te horen krijgt dat hij een buitenlander is en er niet bijhoort? 

Zonder die ‘leitkultur’: “zullen de nieuwkomers zich opsluiten in zelf gecreëerde getto’s.” aldus Melching, die zich baseert op een theorie van de Duits-Syrische politicoloog Bassam Tibi. Nu zijn ook de Verenigde Staten ook niet vrij van gebieden waar mensen met eenzelfde land van herkomst samenklonteren, daarom mijn gedachte aan Holland in Michigan. Het is daarom maar de vraag of een ‘Leitkultur’ dat hier gaat voorkomen.

Die ‘Hollanders’ in Michigan horen er nu bij met behoud van hun eigen ‘oud Hollandse cultuur’ en hun stadje is toeristische attractie. Zo zie je maar dat een ghetto ook tot iets moois kan uitgroeien.

Uitgelicht

Verbied Frans Bauer!?

Roken is verslavend en slecht voor de gezondheid en dat zijn goede redenen om meeroken in gesloten ruimtes te voorkomen. Vroeger zat ik vaker in zo’n gesloten ruimte en moest meeroken. Eerst thuis als er een feest werd gevierd. Dan stonden de sigaretten op tafel. Omdat mijn vader negen broers en zussen had en mijn moeder drie, allen met aanhang en velen van hen rokend, daalde gedurende het feest een donkere wolk op ons neer. Later tijdens het stappen in de kroegen was het van hetzelfde laken ’n pak. Dus het verbod op roken in openbare gelegenheden en de horeca kon op mijn steun rekenen. Nu zijn er steden die roken in (delen van) de openbare ruimte willen verbieden. Ligt dat niet net wat anders?

Bron: Youtube

Nu zullen de plannen om roken in het openbaar te verbieden mij niet raken. Mijn vader rookte vroeger shag, tenminste, totdat hij stopte. Als jongetje van een jaar of twaalf wilde ik dat ook wel eens proberen en dus pakte ik stiekem een paar vloeitjes. Die zou hij vast niet missen. De tabak, ik wist toen nog niet dat dit spul zo heette, liet ik ongemoeid, dat zou hij vast merken. Bovendien lag de hooizolder op onze boerderij vol met een alternatief. Na enig knutselwerk lukte het mij om een vloeitje zo met hooi te vullen dat het op een sigaret leek en die stak ik aan. Door die ene teug ben ik voor goed genezen en dus zullen die maatregelen mij niet raken. 

Waarom ligt zou het bij roken in de openbare ruimte anders? Roken waardoor ik soms ‘gedwongen’ moet meeroken en de roker mij dus schade berokkent. Door dit te verbieden word ik immers gevrijwaard van die schade? Vinden er in die openbare ruimte niet meer activiteiten plaats die mijn gezondheid schade berokkenen? Neem bijvoorbeeld autorijden. Ook dat berokkent anderen schade. Zichtbaar als ze het slachtoffer zijn van een aanrijding, maar ook onzichtbaar door de uitlaatgassen en de fijnstof.

Een voorbeeld, maar zo zijn meer activiteiten in de openbare ruimte te benoemen die de gezondheid van anderen kunnen schaden. Zo is muziek van Frans Bauer een aanslag om mijn goede humeur en als ik er veel aan wordt blootgesteld dan word ik chagrijnig. Landurig chagrijn kan het leven bekorten, dus Frans Bauer verbieden om mijn gezondheid te sparen en mij langer te laten leven? Alleen loop ik dan het risico dat de Dead Kennedys ook aan mij voorbij gaan, daar zal vast ook wel iemand chagrijnig van worden.

Betekent samenleven niet accepteren dat de ander jou soms lichte schade berokkent? Dit accepteren omdat jij ook de ruimte hebt om voor anderen licht schadelijke activiteiten te ondernemen?

Uitgelicht

Beste PVV-kamerleden

Ik heb uw vragen in goede orde ontvangen. Bij deze mijn antwoorden op uw vragen. 

Mandela

Illustratie: Flickr

Ja, ik ben ermee bekend dat Syrische ouders hun kinderen naar weekendscholen sturen. Hoeveel van deze scholen er zijn en wie ze betaalt, weet ik niet. En ik moet u eerlijk bekennen, dat interesseert mij ook niet. Net zoals het mij ook niet interesseert dat christelijke ouders hun kinderen in het weekend naar een bijbelschool sturen of, ik weet niet of die er nog zijn, katholieke ouders hun kinderen naar de catechese sturen. Het interesseert mij ook niet dat u in weekenden mensen in klasjes ‘PVV-onderwijs’ aanbiedt. Het staat mensen vrij een dergelijke keuze te maken. 

Dat wij geen Syrische islamscholen nodig hebben, is niet aan mij of u om te beoordelen. Het staat mensen vrij om dergelijk onderwijs voor hun kinderen te zoeken en het te organiseren. Daar is geen toestemming van mij of van u voor nodig. Dat behoort tot de vrijheid van eenieder en aan die vrijheid wil ik niet tornen. Sterker nog, dat is het nemen van eigen verantwoordelijkheid, iets wat te prijzen is.

Ik ben het met u eens dat wij in Nederland gebaat zijn bij uitstekend onderwijs op legale scholen. Onderwijs dat is gericht op deelname in de Nederlandse maatschappij. Onderwijs dat erop gericht is onze kinderen voor te bereiden op het maken van eigen keuzes en een zelfstandig leven. Onderwijs dat hen laat zien wat er ‘te koop’ is de wereld ook op religieus gebied. Dus geen onderwijs dat is toegesneden op het promoten van joods-christelijke waarden, normen en cultuur. Iemand die dat wil, bezoekt daarvoor maar een weekendschool. Bent u er trouwens van op de hoogte dat christenen de joden eeuwenlang niet konden zien of luchten? En dat die joods-christelijke culturele eenheid die u suggereert een waanbeeld is?

Er is geen wet die mensen verbiedt om koranonderwijs of Arabisch te volgen. Van illegaliteit is daarom geen sprake. Dat maakt dat ik geen mogelijkheden heb om deze scholen te verbieden en deze mogelijkheden ook niet wil hebben. Ook de achterliggende organisatie kan en wil ik niet aanpakken puur en alleen omdat er onderwijs in Arabisch en kennis van de koran wordt bijgebracht.

Ja, ik heb ook een bericht gelezen dat Syrische vluchtelingen vanuit Libanon terug zouden gaan naar Syrië. En NEE, ik ben niet bereid om mensen te dwingen terug te gaan naar veilige gebieden in Syrië. Het is aan iedere Syriër zelf om te bepalen of hij terug wil naar het geboorteland. Voor mij staat ook op dit punt de keuzevrijheid centraal. Daarmee heb ik al uw vragen beantwoord en wens ik u een fijne voorzetting van uw zomerreces.

O, wat zou ik ervoor geven dat de ministers van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen of van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een dergelijk antwoord zouden geven op de door de PVV gestelde vragen.

Uitgelicht

Afhankelijkheidsdag

Het Plakkaat van Verlatinghe, een oud documenten uit 1581, staat de laatste tijd weer in de belangstelling. In de Volkskrant roept de historicus Geerten Waling de Staten-Generaal, wiens naamgenoot en voorganger het document opstelde, op om hiertoe het initiatief te nemen. Volgens Waling zou het een prominente plek moeten krijgen in de aanstaande verbouwing van het Binnenhof: “Opdat iedereen kan zien wat gezien mag worden: dat in 1581 in Den Haag een mijlpaal werd geslagen op de lange en kronkelige weg die ons voerde tot die mooie democratische rechtsstaat van vandaag.” Anderen, zoals de historicus Anton Van Hooff willen de dag van ondertekening, 26 juli, het liefst uitroepen tot een nationale feestdag, een soort ‘onafhankelijkheidsdag’ analoog aan Independence Day in de Verenigde Staten. 

Nicolas_Sarkozy_Bastille_Day_2008_n1

Foto: Wikipedia

Het bijzondere aan het plakkaat is dat het formuleerde dat een volk dat door een heerser slecht wordt behandeld, het recht heeft de heerser af te zetten. Dit terwijl de heersende opvatting in die tijd was dat de macht van de koning van God kwam. Nu moeten we bij het volk denken aan de wat lagere edellieden verenigd in de Staten Generaal. Wat verder bijzonder is, is dat de opstellers zich een leven zonder ‘koning’ niet konden voorstellen. Zij wilden Phillips II liefst inwisselen voor Frans van Valois, de hertog van Anjou en broer van de Franse koning.

Wat bijzonder is aan de redenering van Waling is dat hij het document ziet als een mijlpaal. Dit woordgebruik suggereert een plan met een begin, tussenstappen zoals het Plakkaat en met die ‘mooie democratische rechtstaat van vandaag’ als einddoel. Wat de Staten Generaal ook sloegen in 1581, het was geen mijlpaal op weg naar die ‘mooie democratische rechtsstaat van vandaag’. Het was een stap in een strijd tussen opstandelingen en de vorst. Een stap waarbij de Staten Generaal gebruik maakte van de nieuwe ‘contractredenering’ om zo hun strijdt van rechtmatigheid te voorzien. Rechtmatigheid tegenover toen gebruikelijke redenering dat de koning zijn rechten van god kreeg. Wellicht een belangrijke stap, maar niet meer dan dat.

Is het meest opmerkelijke niet dat het Plakkaat vierhonderd jaar later ineens een centrale plek moet krijgen? Een plek om het ‘bijzondere’ van Nederland te benadrukken. Nadruk op die ‘eigen plek’  en ‘eigenheid’ in een wereld waarin mensen steeds meer met elkaar zijn en worden verbonden. 

De beroemde econoom John Maynard Keynes zei dat ontwikkelen van nieuwe ideeën niet zozeer de moeilijkheid is, maar het ontsnappen aan de oude. Zouden we het oude idee van het ‘nationaal eigene, niet eens achter ons moeten laten? Zou het niet beter zijn om te pleiten voor een afhankelijkheidsdag? Een dag waarop we erbij stilstaan dat we allemaal met elkaar zijn verbonden op deze wereld? Dat wat wij hier doen, gevolgen heeft voor mensen elders op de wereld?

Uitgelicht

Middelmaat

Het advies van TPO-baas Bert Brussen aan de schrijvers van de brief in de Volkskrant naar aanleiding van de uitspraken van minister Blok: “Beste BN’ers, wij verzoeken u dringend om uw verantwoordelijkheid te nemen. Stop met het inspelen op het alsmaar groeiende moralisme en de door subsidie in leven gehouden hang naar middelmaat in onze samenleving. Stop met het uithollen van meningen op social media. Stop met het voeden van een tweedeling tussen een fictief ‘wij’ (de goeden die in de grachtengordel wonen) en ‘zij’ (extreem rechtse racisten die fout zijn want Baudet of Wilders stemmen).”  Volgens Brussen moeten de BN’ers stoppen omdat: “De effecten hiervan op onze samenleving zijn ontwrichtend, polariserend, en hebben reële effecten op echte mensen. Op Nederlanders, die net zo normaal en gewoon zijn als alle anderen. Nederlanders die het verdienen met respect vertegenwoordigd te worden door hun BN’ers.” Beste meneer Brussen, waarom houdt u en uw platform TPO zich niet aan uw eigen advies?

Bert Brussen

Foto: Flickr

Zouden er geen: “middelmatige maar uiterst hinderlijke moralisten in onze maatschappij zich gesterkt,” voelen door uw en andere berichten op uw platform? Berichten die: “onze vreedzame samenleving onder druk,” zetten? Berichten die: “vele andere ‘geëngageerde’ talentlozen op social media hun hetze tegen iedereen die anders is en wel geld verdient door er hard voor te werken,” legitimeren. Leest u de reacties op berichten op uw site wel eens? Het lijkt wel alsof u en iedereen die bericht op uw platform: “niet doorheeft dat die mening daardoor steeds waardelozer wordt en steeds verder raakt uitgehold. Steeds waardelozer naar de kant van grijsheid, middelmaat en humorloosheid.”  

Beste meneer Brussen op uw platform mag u schrijven wat u wilt. U mag iedereen, bekendere, zoals Jan Dijkgraaf en kamerlid Ronald van Raak, en onbekende Nederlanders een podium bieden om hetzelfde te doen. U mag afgeven op die andere ‘BN-ers’. U en de uwen mogen geloven dat: “Om te beginnen (…) minister Blok niets anders dan de waarheid (heeft) gesproken,” zoals u ‘conculega-BN-er’ Jan Roos bij De Dagelijkse Standaard beweert. Dat mag u allemaal. U mag ook vinden dat u en de uwen boven de middelmaat uitsteken. Dat u en de uwen de enigen zijn die ‘Nederlanders met respect vertegenwoordigen’ en zo depolariserend werken. Die ‘andere BN-ers’ mogen echter op andere kanalen hun mening verkondigen waarvan zij vinden dat die hoogwaardig is en hun versie van de waarheid geven. 

Maar, beste meneer Brussen, zou het niet beter zijn als u en uw ‘BN-ers’ in gesprek zouden gaan met die andere ‘BN-ers’? In gesprek om weg te komen van die door u verafschuwde ‘middelmaat’? Zou dat niet een goed voorbeeld zijn voor die: ‘middelmatige maar uiterst hinderlijke moralisten in onze maatschappij’ en die ‘geëngageerde’ talentlozen op social media’? Zou dat niet een reëel, verbindend en depolariseren effect hebben om echte mensen? Worden de Nederlanders dan niet met respect vertegenwoordigd door ‘hun BN-ers’? Misschien leidt dat gesprek wel tot hoogwaardige middelmaat tussen de uitersten.

 

Uitgelicht

Zonder wrijving geen glans

De commotie rond een toespraak van minister Blok ging bijna aan mij voorbij omdat ik een weekje in de vallei van de Loire verbleef. “Noem mij één voorbeeld van een geslaagde multi-etnische of multi-culturele samenleving?” Dat was volgens Henk Strating de centrale vraag die minister Blok stelde. Volgens Strating kwam de: “zaal met tachtig (!) ‘specialisten’ – werkzaam bij internationale organisaties,” niet verder dan Suriname en Singapore. Dat eerste land is volgens Blok ‘mislukt’ en dat tweede, tja wat daarmee is? Conclusie van Blok en in zijn kielzog Strating: de multi-etnische of multi-culturele samenleving is een utopie.” Ik ben dan wel geen ‘specialist bij een internationale organisatie, maar wil toch wel een antwoord geven en dat ook onderbouwen: NEDERLAND.

SA_4911-Anno_1581._De_afzwering_van_Filips_II

Illustratie: SA_4911-Anno_1581._De_afzwering_van_Filips_II.jpg

Nederland kent een lange geschiedenis van samenleven van mensen met verschillende achtergronden. Vanwege de relatieve vrijheid van denken. Een vrijheid die zich al manifesteerde in het ‘Plakkaat van Verlatinghe’, zoals historicus Anton van Hooff toelicht in De Volkskrant: “De opstellers van het Plakkaat beroepen zich op een vrijheid van geweten. Slechts God heeft wat te zeggen over hoe zij denken.” Dat document moet Blok toch bekend voorkomen. Het moet immers de Nederlandse ‘onafhankelijkheidsverklaring’ worden.

Die relatieve vrijheid maakte dat Portugezen, Hugenoten, Joden, Antwerpenaren en vele anderen naar de Nederlanden trokken en zo bijdroegen aan de welvaart. Immers, net zoals vroeger waren het ook toen de meer welvarenden die het makkelijkste konden vluchten. Die welvaart trok weer anderen aan, zoals ‘economische vluchtelingen’ uit de Duitse landen op zoek naar werk. Dat werk vonden zij onder andere op de vele schepen. Allen te samen vormden zij een multiculturele samenleving waarin het soms knelde en knalde, maar waar toch steeds een weg werd gevonden. 

Die weg werd in de negentiende en twintigste eeuw zelfs gevonden met de verafschuwde ‘katholieken’ in het Zuiden. In Brabant en Limburg, de voormalige ‘generaliteitslanden’, een andere naam voor wingewest of kolonie, die na de Belgische afscheiding bij Nederland bleven horen. Verafschuwde katholieken met een ‘orthodox’ geloof die trouw waren aan een soort ‘imam’, de paus van Rome. 

Die weg werd ook gevonden met de Italianen en Spanjaarden die eind jaren vijftig en begin jaren zestig  naar hier werden gehaald om te werken in de industrie en de mijnen. Die weg vinden we ook met de huidige nieuwkomers, welke kleur of religie ze ook hebben. Net zoals vroeger knelt en knalt het nu en dat zal het ook blijven doen en dat is maar goed ook want, zoals het Nederlandse spreekwoord zegt: ‘zonder wrijving geen glans.’ 

A propos glans, laat het Franse voetbalelftal niet al wat van die glans zien? Net als trouwens ook de vorige wereldkampioen Duitsland? Zouden dat dan ook antwoorden op de vraag van Blok kunnen zijn? 

Uitgelicht

Stickertjes plakken

“Het afgelopen WK in Rusland heeft nog iets anders laten zien: het vermogen van sommige voetballers om moeiteloos tussen identiteitshokjes te navigeren.” Een zin uit een artikel van Kiza Magendane bij NRC. In zijn artikel geeft hij een klein overzicht van voetballers die voor het land van hun voorouders kiezen of die kiezen voor hun vaderland. Magendane sluit af met: “Wij zijn meer dan ons paspoort. Met hun hybride identiteiten hebben deze voetballers dat alvast bewezen.” Een bijzonder en verwarrend betoog van Magendane dat draait om het begrip identiteit. Of toch niet?

kleerkast

Foto: Flickr

Laten we eens beginnen met ‘identiteitshokjes’ waartussen sommige voetballers navigeren. Zo lijkt identiteit een kledingstuk en kun je iedere dag in je klerenkast kijken welke ‘identiteit’ je vandaag weer aantrekt. Verandert de identiteit van Ziyech, El Amadi,  Mbappé of Umtiti werkelijk met hun keuze voor welk land zij gaan voetballen? Een beeld dat wordt versterkt door het woord ‘hybride identiteiten’. Hybride, “bastaard. kruising”  volgens de Van Dale. Identiteit als een keuze, als de zon schijnt en je bent vrolijk, trek je een andere ‘identiteit’ aan dan op een regenachtige dag als je je somber voelt. Ben je, vrolijk of somber, niet gewoon dezelfde persoon? Behoren die vrolijke en sombere kanten niet allebei tot jouw persoonlijke identiteit? Een persoon met verschillende eigenschappen die ook andere personen kunnen hebben, maar waarvan de combinatie uniek is. Is iemand zijn ‘identiteit’ of persoonlijkheid niet juist die unieke combinatie van eigenschappen?

Hun nationaliteiten maken geen deel uit van die unieke combinatie van eigenschappen. Die zijn het gevolg van wetgeving in landen. Dezelfde wetgeving die hen de mogelijkheid biedt om te kiezen voor welk land je gaat voetballen. Zij hebben één identiteit en meerdere nationaliteiten. 

Zijn de ‘hokjes’ waartussen wordt genavigeerd of die hybride identiteiten niet categorieën waarin een ander iemand plaats om ‘orde’ te scheppen in zijn wereld? Wie navigeert er dan tussen identiteitshokjes? Zijn dat deze voetballers of is het, in dit geval Magendane, die stickertjes plakt op mensen? Stickertjes om zijn wereld weer enige orde te verschaffen.

Uitgelicht

Collateral (damage)

“What’s you’re reaction to the overnight news that Asif wasn’t in fact an asylum seeker? Oké so he turned out to be an economic migrant. But that doesn’t mean he deserves the full protection of the law. But it is different, isn’t it? Can’t we just say he was an human being. who was shot down on a British street. It doesn’t matter where he came from.” Een scene uit het derde deel van de serie Collateral. Een Britse Labour politicus wordt er ondervraagt door een journalist over de moord op Asif. Deze scene schoot mij te binnen na het lezen van het interview met staatssecretaris van Justitie Mark Habers in de Volkskrant.

collateral

Foto: Telly Binge

Habers: “De trendbreuk is de concrete uitwerking van plannen die een paar jaar geleden onbespreekbaar waren: de opvang van migranten in Afrika, het serieus bewaken van de Europese buitengrenzen.” Het gemak waarmee vluchtelingen, migranten worden en vervolgens ‘gelukzoekers’. Het volledig negeren van het feit dat de meeste vluchtelingen al altijd in de regio worden opgevangen. 

Habers: “Forse hulp van de EU daarbij is onontbeerlijk, anders steekt geen enkel Afrikaans (land) zijn hand op als gastland. Landen die categorisch weigeren hun onderdanen terug te nemen, moeten door de EU worden aangepakt: ‘meer voor meer en minder voor minder’, de wortel en de stok.” Je verantwoordelijkheid afkopen of is omkopen niet toepasselijker? Rijkdommen en grondstoffen uit bijvoorbeeld Afrika moeten onbelemmerd deze kant op kunnen komen en onze nieuwe en tweedehandse producten moeten we daar onbelemmerd kunnen dumpen. Behalve het enige ‘product’ dat er werkelijk toedoet, de mens.  

Habers: “Voor mensen die wel asiel krijgen, wil dat niet automatisch zeggen dat ze ook naar Europa mogen. Opvang in de regio krijgt voorrang, alleen de echt kwetsbaren kunnen direct naar een EU-land.” Europees asiel krijgen maar dan wel in een ‘ontschepingsplatform’ in Afrika. Habers met een lichte vorm van trots: “Eigenlijk heeft Nederland al zo’n centrum: Ter Apel. In feite is dat een aanlandingsplek, een groot deel van de mensen daar was niet eerder in de EU geregistreerd.” En dan als antwoord op de vraag of Nederland Ter Apel aanbiedt voor dit nieuwe beleid: “Nee”. De journalist schrijft er tussen haakjes nog ‘lachend’ voor. Zucht…

Of om de Labourpoliticus uit de genoemde scene verder te citeren: “We really are turning in to a nasty little country. And isn’t it time we had an immigration policy that isn’t crass xenophobia? I’ve been arguing for some time that we need to fulfil our obligations and I’m not just talking about moral obligations, I’m talking about legal obligations. Promises that were made that we seem conveniently to have forgotten. Now I believe that when the history of this time comes to be written we will feel ashamed of how few refugees we let into this country and how badly we treated them when they where here.”

Uitgelicht

Agenten, geweld en klassenjustitie

“Agenten die juridische bijstand nodig hebben, bijvoorbeeld omdat ze geweld hebben gebruikt, mogen van hun werkgever kiezen voor een gespecialiseerde advocaat. De politie selecteerde veertien kantoren die kunnen worden ingeschakeld.” Zo is te lezen bij NOS.nl. Die kantoren verdienen er goed aan. Dat stoot andere advocaten tegen het zere been: “Ook advocaat Michiel Kuyp vindt het vreemd dat de overheid voor bijstand aan zichzelf kennelijk meer geld overheeft dan de 105 euro per uur die wordt vergoed voor bijstand aan ‘gewone’ verdachten. ‘Blijkbaar zijn de eigen ambtenaren voor de staat meer waard dan de burger die geen advocaat kan betalen.’” Zeker met de bezuinigingen op de rechtsbijstand in het achterhoofd: “Dat voelt als klassenjustitie.” Klassenjustitie is een mooi beeld, maar is het ook terecht?

Vondelstraat

Foto: Wikipedia

Er is sprake van klassenjustitie als mensen in eenzelfde situatie verschillend worden behandeld vanwege hun positie in de samenleving. Is er sprake van een gelijke positie? Het geweldsmonopolie berust bij de overheid, bij de politie in het bijzonder. De kans dat een agent bij het uitoefenen van zijn werk met geweld te maken krijgt is reëel. 

Geweld mogen toepassen vraagt om streng toezicht. Dat is vooraf geregeld in instructies. De agent moet snel een situatie beoordelen, langs die instructies leggen, en vervolgens handelen. Beoordelen of juist is gehandeld op die instructie kan alleen achteraf en dan is er tijd genoeg. De werkelijkheid past echter niet altijd bij een instructie en dan moet er toch worden gehandeld. Bovendien zal de partij die het geweld ondergaat, het in de regel anders zien en ervaren dan de agent. Dat maakt dat de agent het bedrijfsrisico loopt om aangeklaagd te worden voor misbruik van zijn geweldsbevoegdheid.

Het is daarom begrijpelijk dat de politie als organisatie de agenten de best mogelijke ondersteuning biedt. Dat is ook wat de korpschef zei bij het instellen van de pool: “Ik wil de garantie dat alleen de allerbeste advocaten mijn mensen verdedigen.” Deze advocaten zijn, volgens de politie, de beste omdat ze: “Op de schietbaan (hebben) gestaan en (hebben) meegedaan aan arrestatietrainingen. Ook moeten ze binnen een uur een agent bij kunnen staan voor verhoor.” 

Of die ‘beste advocaten’ uit die pool van veertien kantoren moeten komen en of het vijfmiljoen in drie jaar moeten kosten, is een andere zaak. Voor ruim anderhalfmiljoen per jaar kan een aardige afdeling advocaten in loondienst worden opgezet. Voor een salaris van een ton kun je er met werkgeverslasten al snel een stuk of tien in dienst nemen en zich laten specialiseren. Waarschijnlijk is tien te veel en vind je er ook die het voor minder dan een ton willen doen. 

Uitgelicht

Russen, raketten en de keukenhof

“Terwijl de inzetbaarheid van de wapensystemen van de Duitse Bundeswehr als ‘dramatisch laag’ werd ingeschat, vertelde minister van Defensie Ursula von der Leyen doodleuk dat ontwikkelingshulp minstens even belangrijk was als defensie.” Aldus  Hans Wansink in het Commentaar in de Volkskrant. Na het bezoek van Trump aan de Navo moet dat wel duidelijk zijn dat het speelkwartier voorbij is: “Die 4 procent is te veel gevraagd. Maar dat de Europese Navo-partners niet langer hun kop in het zand kunnen steken, is deze week wel duidelijk geworden.” Dus serieuze zaken als defensie is veel belangrijker dan de ‘spelende’ ontwikkelingshulp?

Army2016demo-075

Foto: Wikipedia

Flink investeren in defensieve wapensystemen zowel materieel als virtueel. Wapensystemen om de Russen tegen te houden die van Duitsland een vazal hebben gemaakt met hun gas. En als het de Russen niet zijn, dan toch zeker de Chinezen, want die hebben net als de Russen zwaar geïnvesteerd: “modernisering van hun militaire slagkracht, inclusief cyber warfare.” Bijzonder dat de militaire investering van een ander altijd offensief worden uitgelegd, die investeren in ‘warfare’ en de eigen puur defensief zijn bedoeld. Dit terwijl Navo-strijdkrachten sinds een jaar of twintig vooral offensief bezig zijn, namelijk in landen die niet tot het bondgenootschap behoren en die het ook niet hebben aangevallen. Dat even terzijde.

Zou de Duitse minister van defensie niet gelijk kunnen hebben als zij zegt dat investeren in ontwikkelingshulp minstens even belangrijk is? Is de grootste uitdaging waarvoor de wereld in het algemeen staat en Europa in het bijzonder, niet de bevolkingsgroei in met name het Afrikaanse continent? Een continent dat nu, enkele uitzonderingen daargelaten, wordt gekenmerkt door economische uitbuiting door de rest van de wereld, lage economische ontwikkeling, vele conflicten en armoede. Een continent van waaruit nu al mensen vertrekken op zoek naar een beter leven. Mensen die hier ‘gelukzoekers’ worden genoemd en die als een ‘tsunami over ons spoelen’ en die velen het liefst bij de grens tegenhouden. Aan dat ‘tegenhouden’ wordt zeer veel tijd en geld geïnvesteerd, aan het wegnemen van de noodzaak om te vertrekken, veel minder. Zou daar niet veel meer tijd, geld en energie naar toe moeten gaan?

Om een oude spreuk met kernraketten wat te verhaspelen. We kunnen nu flink investeren in wapens in onze tuin om de Russen of Chinezen uit onze keuken te houden. Dat geld kunnen we niet besteden aan een mooie tuin en keuken voor de Afrikaan in Afrika. Dat vergroot de kans dat de Afrikaan in onze tuin en keuken staat. En de kans om een Afrikaan in tuin en keuken aan te treffen is nu al veel groter dan dat er een Chinees of Rus komt. Enige uitzondering is wellicht de Keukenhof.

Uitgelicht

Twee procent

De Navo-landen moeten twee procent van hun bruto binnenlands product uitgeven aan hun defensie. Dat hebben ze jaren geleden afgesproken. Afspraken moet je nakomen en daaraan herinnert de Amerikaans president Trump de landen. Dat doet hij met brieven, tweets en via uitspraken bij openbare gelegenheden. In de Volkskant een opsomming van recente uitspraken. Als niemand zijn afspraken nakomt, dan wordt het een puinhoop. Dan ontbreekt vertrouwen en ontbrekend vertrouwen is zeer schadelijk voor een samenleving en ook voor een samenwerkingsverband. Wat als de afspraak die is gemaakt een slechte is?

navo

Foto: Flickr

Dat onze krijgsmacht is uitgehold door bezuinigingen wil ik graag geloven. Wat ik nog eens onderzocht wil zien is wat al die missies om ergens, zoals onder andere in Afghanistan, Irak en Mali, vrede te brengen, hebben bijgedragen aan die uitholling. Als we dan toch aan het onderzoeken zijn, kan er meteen ook gekeken worden naar nut, noodzaak en belang van die missies. Dat laten we bij deze maar even voor wat het is. Het gaat mij om die twee procent norm. 

Is het wel verstandig om een bepaald percentage te noemen dat aan een doel moet worden besteed? Zou dat niet tot verspilling van kostbare middelen kunnen leiden? Het geld moet immers op, dat hebben we afgesproken. Als we het niet opmaken, dan komt Trump immers met het vermanende vingertje en boze brieven. 

Zouden we niet eerst moeten kijken welk doel we willen bereiken? In het geval van de gezamenlijke Navo-verdediging, hoe moet de gezamenlijke verdediging eruit zien? Moeten we vervolgens niet kijken hoe we dat doel het beste kunnen bereiken en wat daarvoor nodig is, zowel in mensen, materieel als geld? Zouden we daarna niet moeten bekijken welk land daarvan welk deel voor zijn rekening neemt? 

Zouden we, om dat te doen, niet eerst die twee procent afspraak ter discussie moeten stellen?

Uitgelicht

Buitenlandse stemmen

“Ik ben het met Segers eens dat buitenlandse politiek in de zin van verkiezingen of kwesties die ons niks aangaan, niet moeten worden beslecht op Nederlandse bodem.” Aldus Wout Willemsen bij De Dagelijkse Standaard naar aanleiding van een interview van de Telegraaf met ChristenUnie voorman Gert-Jan Segers. Segers sprak over de Turkse verkiezingen omdat Nederland dan zegt: “dat het legitiem is wat daar gebeurt. En dat moeten we niet meer doen,” zo is in de Telegraaf te lezen. Willemsen verbreedt het tot alle verkiezingen of politieke activiteiten. 

polling-station-2643466_960_720

Foto: Pixabay

Dus geen Franse-, Britse-, Duitse- of Belgische-Nederlander die nog een stem mag uitbrengen op Macron, May, Merkel, Michel of hun tegenstrever. De Amerikaanse-Nederlander mag niet meer voor of tegen Trump stemmen. Wat vreemd is, is dat een Amerikaanse-, Duitse-, Engelse-, Franse- of Belgische-Nederlander daarbij nooit wordt beschuldigd van het bezitten van een dubbele loyaliteit. Iets wat Marokkaanse- en Turkse-Nederlanders wel steeds wordt verweten. Dat even terzijde.

Natuurlijk is dat wat lastig te regelen. Als Duitsland de Duitse-Nederlanders mee wil laten doen, dan staat dat haar vrij. Dan kan zij een manier zoeken om de Duits-Nederlandse inwoners hierin te faciliteren. Dat kan op verschillende manieren, per post, via stemmen op de ambassade of een consulaat of door op drie plekken in Nederland een lokaaltje af te huren alwaar gestemd kan worden. Net zoals de Turkse, Franse, Amerikaanse of welke regering dan ook, dat kan doen. Het is vervolgens aan de betreffende stemgerechtigde of er van die gelegenheid gebruik wordt gemaakt en de stem wordt uitgebracht. Daar kan Nederland weinig aan doen.

Waar Nederland wel iets aan kan doen is aan het stemmen door Nederlandse-Amerikanen, -Duitsers, -Fransen, -Belgen enzovoorts voor de Nederlandse Kamerverkiezingen. Bij de laatste Kamerverkiezingen waren dat er zo’n 77.500. Ruim een hele Nederlandse Kamerzetel. Zou het daarom niet logischer zijn als Willemsen ervoor zou pleiten om hieraan een einde te maken? Immers, als je niet wilt dat buitenlandse kwesties op jouw grondgebied worden beslecht, moet je het ook niet willen dat jouw kwesties op buitenlands grondgebied worden beslecht.

Uitgelicht

Statenloos

“De Zwitserse voetbalbond overweegt spelers met een dubbele nationaliteit niet meer op te nemen in de nationale selecties. Secretaris-generaal Alex Miescher van de bond heeft dat gezegd in de Zwitserse krant Tagesanzeiger.” Een berichtje bij NOS.nl naar aanleiding van een gebaar dat Zwitserse spelers met een Kosovaarse achtergrond maakten nadat ze een doelpunt maakten. Bij De Dagelijkse Standaard vindt Lars Benthin dit een goed idee: “Voor Nederland lijkt het mij ook goed om daar eens naar te kijken. Het is net als met de politieke organen, het zou heel logisch zijn als we gerepresenteerd worden door Nederlanders en niet door burgers met een dubbele nationaliteit. In dit geval zou je kunnen zeggen dat ik te veel politiek betrek bij het voetbal, maar zoals ik al zei: soms is voetbal een uiting van politiek, maar ook van identiteit.”  Geen vertegenwoordigers met een dubbele nationaliteit?

king-willem-alexander-109490_960_720

Foto: Pixabay

Dat betekent dat Gullit, Rijkaard, Davids en Seedorf niet hadden mogen meedoen. Om er een paar uit de oude doos te noemen. Trouwens ook Zwolle-trainer Van ’t Schip had niet gekund. Als we naar andere sporten kijken, dan nemen we ook afscheid van Shifan Hassan, Abdi Nageeye. Een vraagje aan Benthin, voor welk land zouden zij dan wel mogen deelnemen? Immers als ieder land zo denkt, horen mensen met een dubbel paspoort nergens bij.

Laten we voetbal en sport even en het bij de politiek houden. Dan betekent dit het afscheid van burgemeesters als Aboutaleb en Marcouch. Van kamerleden als Kuzu, Arzakan en ook Kamervoorzitster Arib. Natuurlijk zijn er mensen zoals Wilders, die dit zouden toejuichen. Ook Maxima zou dan niet meer voor Nederland op pad mogen, ze is immers Argentijnse.   

Nu we het daar toch over hebben, dan kunnen we meteen het hele koningshuis opdoeken. De kinderen van het huidige koningspaar zijn immers ook half Argentijns en half Nederlands. Alhoewel half Nederlands? Is Willem-Alexander niet half Duits en half Nederlands? Alhoewel half Nederlands? Is hij niet iets meer Duits omdat Beatrix ook half Duits en half Nederlands is? Alhoewel half Nederlands? Haar moeder, Juliana, was ook half Duits en half Nederlands en zo kunnen we nog wel even doorgaan tot en met de in huidig Duits gebied geboren vader des vaderlands Willem van Oranje. Zou Benthin zo ver willen gaan? Er zijn voldoende goede redenen om het koningshuis af te schaffen, daarvan is dit evenwel een van de minste.

Als dit werkelijkheid wordt, dan lever in mijn Nederlandse nationaliteit in en word statenloos burger.

Uitgelicht

Zwaarden en messen

“In de radiostudio bleven de ‘concentratiekampen’ van Maarten van Rossem onweersproken. Geen van de andere gasten stelde zelfs een vraag. Het wezen en de omvang van de Holocaust verdwijnt uit ons geheugen. Wat overblijft is een perverse manier om je punt te maken.” De laatste zinnen uit de column van Roderick Veelo bij RTLZ. In zijn column een hele reeks uitspraken van mensen die iemand vergelijken met Hitler of iets met de holocaust. Terecht merkt Veelo op dat vergelijkingen met Hitler of de Holocaust om je punt te maken een zwaktebod is. Alleen valt hij niet in de kuil die hij voor anderen graaft? 

the-suicide-of-ajax-the-great-etrurian-red-figured-calyx-krater-ca-400e28093350-bc-said-to-be-from-vulci

Illustratie: erevoktonos.blogspot.com

Waarom? Daarvoor moeten we terug naar het begin van zijn betoog. “‘Concentratiekampen’ noemde Maarten van Rossem ze op Radio 1. De opvangcentra voor Afrikaanse migranten, zoals ze staan in de plannen van de Europese Unie. De ingelaste vergadering in Brussel afgelopen zondag als de Wannseeconferentie van 1942. Juncker als Heydrich, Merkel als Eichmann, Macron als Hofmann, de nieuwe Italiaanse premier Conte als Klopfer, Rutte als Meyer, de opvangcentra als eindoplossing voor het migratievraagstuk.”

Van Rossum begint zijn verhaal met de ‘ontschepingsplatforms’ of allerlei andere namen die er worden gebruikt concentratiekampen te noemen en geeft vervolgens zijn heldere analyse van wat er fout is gegaan en gaat met het Europese migratiebeleid. Zoals ik al eerder schreef, is het fenomeen ‘concentratiekamp’ niet nieuw en zeker geen uitvinding van Hitler-Duitsland. Die ‘platforms’, of hoe ze ook worden genoemd, zijn bedoeld om migranten en vluchtelingen bijeen te brengen. Een ander woord voor bijeenbrengen is concentreren. Daar is de benaming concentratiekamp een juiste voor. Van Rossum legt in zijn betoog geen enkel verband met Hitler of de Holocaust.

Dat doet Veelo wel: Brussel is Wannsee, Juncker is Heydrich, Merkel is Eichmann enzovoorts. Legt Veelo zo Van Rossum een vergelijking in de mond die hij niet maakt? Valt Veelo niet in zijn eigen zwaard door ‘Hitler en de Holocaust’ te gebruiken om zijn punt te maken en Van Rossum een mes in de rug te steken? 

Uitgelicht

‘Ben ik in beeld?’

Als politicus van tegenwoordig moet je je best doen om gezien en gehoord te worden. Blijf je ongezien dan loop je het risico dat je partij je niet meer op een verkiesbare plaats zet.Gezien worden dat kan door het   stellen van vragen. Er zijn kamerleden die daar kampioen in zijn. Die kijken ’s avonds naar bijvoorbeeld een documentaire, een achtergrondreportage of naar de Pauwen en Jinekken. Horen ze daar iemand met verontwaardiging over spreken, dan kan de minister van het betreffende onderwerp de volgende dag een serie kamervragen tegemoet zien. Die gaan dan weer vergezeld van een persbericht in de hoop dat de media er kond van doen dat het betreffende kamerlid vragen heeft gesteld.

hekking

Illustratie: YouTube

Een andere manier is door ‘harde’ of strenge maatregelen voor te stellen om ongewenst gedrag te voorkomen. Tegenwoordig schijnen harde maatregelen tegen vluchtelingen of migranten het ook goed te doen. Mooi voorbeeld hiervan is VVD-Kamerlid Bente Becker. Bij TPO is een filmpje van een interview met haar te zien waarin ze de onwillige migrant streng toespreekt. Ze ‘scoort’ hiermee zowel op het punt van ongewenst gedrag als op maatregelen tegen migranten.

“Ik wil dat meedoen nog maar de enige optie is voor mensen. Dus dat ze de taal moeten leren, dat ze moeten werken. Dat dit ook normaal is vanaf dag één en dat er ook consequenties zijn als ze dat niet doen.” In het gesprek meldt Becker dat haar partij en het CDA gaan voorstellen nog een ‘extra consequentie toe te voegen’. Welke? “Dat mensen pas mogen stemmen in hun gemeente als ze daadwerkelijk hebben laten zien dat ze willen inburgeren.”  Je mag aan gemeenteraadsverkiezingen meedoen als je 18 jaar of ouder bent, in een gemeente woont en je: “de Nederlandse nationaliteit of de nationaliteit van een ander land  van de EU (hebt). Of (…) een geldige verblijfsvergunning (hebt) en (je) verblijft  minimaal 5 jaar legaal in Nederland.” Je inburgeringsexamen moet je binnen drie jaar halen.

Belangrijker. Hoe laat je voldoende zien dat je ‘wilt inburgeren’? Wie bepaalt wat voldoende is en wat niet? Zoals de Kamerleden ook weten, is iedereen die zich in Nederland bevindt voor de wet gelijk. Wat stelt Becker voor te doen met Nederlandse staatsburgers die op eenzelfde punt ‘onvoldoende’ meedoen?  Wordt hen ook het stemrecht voor de gemeenteraad ontnomen? Of moeten die maar ‘op pleuren’ om premier Rutte aan te halen.

Uitgelicht

Rutte, migranten en dwaasheid

“Zo’n dwaas is Rutte niet,” schreef ik in mijn laatste prikker, een dwaas die zich baseert op een theorie die de toekomst voorspelt op basis van het verleden. Dit naar aanleiding van de migratietop van de afgelopen week. Het woord ‘dwaas’ liet mij niet los en deed mij weer denken aan de de historica Barbara Tuchman. Tuchman schreef diverse interessante boeken, een ervan met als titel De Mars der Dwaasheid. Inderdaad is Rutte geen ‘historicistische’ dwaas, maar hoe zit het met ‘Tuchmaniaanse’ dwaasheid?

Map_of_the_European_Migrant_Crisis_2015_-_Asylum_applicants'_countries_of_origin

Illustratie: Wikimedia Commons

Dwaasheid is een van de vier vormen van wanbestuur naast tirannie, buitensporige ambitie en onbekwaamheid. Beleid wordt door Tuchman als dwaas bestempeld als het vijf kenmerken vertoond. Als eerste het ontbreken van een plan voor de lange termijn. In mijn vorige prikker vroeg ik mij af waar Rutte naar toe wil met het migratiebeleid en hoe dat beleid past in zijn beeld van een prettige en open samenleving. 

Het tweede kenmerk is de hardnekkigheid en koppigheid waarmee beleid wordt voortgezet. Eigenlijk al sinds het laatste decennium van de vorige eeuw is migratie en vooral het beheersen en voor menig politicus zelfs stoppen ervan, doel van het beleid. De praktijk laat zien dat dit mensen niet weerhoud om naar hier te komen. 

Het derde kenmerk dat Tuchman geeft, is het je niet kunnen of willen inleven in de ander. Als we de beeldvorming over migranten beschouwen in de media en bij diverse politieke partijen, dan lijkt hiervan sprake. De migrant is een gelukzoeker, een profiteur van onze welvaart. weinig rekening houdend met de ander en weinig inlevend in zijn situatie.

Het vierde kenmerk dat Tuchman onderscheidt is een gevoel en uitstraling van superioriteit. Verraadt de toon en omschrijvingen die aan migranten worden gegeven niet een gevoel van superioriteit? En hoe zit het met ‘opvang in de regio’? Het ‘afkopen’ via ‘deals’ met landen? En de nieuwste variant de ‘ontschepingsplatforms’?   

Tuchmans laatste kenmerk is incompetentie. Wellicht wat lastiger aan te tonen. Alhoewel? Zien we niet een herhaling van steeds dezelfde oplossingen die niets oplossen. Zou dat niet kunnen duiden op incompetentie? Net zoals het niet onderzoeken en proberen van alternatieve oplossingen.

En met die alternatieve oplossingen komen we bij de twee criteria waaraan het beleid moet voldoen. Het eerste alternatief is dat er alternatieven moeten worden geboden. Alternatieven zijn er en worden geboden, maar niet gehoord. Het tweede criterium is dat mensen het beleid ook in de tijd dat het speelde ook al als dwaas bestempelden. Dwaasheid?

Uitgelicht

Hulde voor Rutte!?

Toen ik de insteek van premier Rutte hoorde voor de ‘migranten-top’ moest ik denken aan Karl Popper en dan vooral aan het begrip ‘piecemal engenering’, dat hij muntte in zijn boek The Open Society and it’s enemies. In de Nederlandse versie van het boek is dat begrip vertaald met ‘stapsgewijze sociale technologie’. Denken dat zoekt naar oplossingen voor problemen en uitdagingen door deze op zichzelf te bezien. Popper zet piecemal engenering tegenover historicisme. Historicisme is een manier van denken waarbij de toekomst onvermijdelijk is en af is te leiden uit het verleden. Alles wat er gebeurt is een logische stap op weg naar die onvermijdelijke toekomst, naar die ‘perfecte samenleving’. Popper bespreekt twee voorbeelden van dit denken: het marxisme en het platoïsme. Historicisme leidt, zo betoogt Popper tot een onvrije, totalitaire samenleving .

fort

Foto: PxHere

Rutte sprak woorden als ‘praktisch’ en ‘realistisch’ en we moesten geen ‘totaaloplossingen’ verwachten. Stapje voor stapje problemen aanpakken en oplossen. Geen grote verklarende theorie met een blauwdruk voor de toekomst. Rutte als ‘piecemal engeneer’ die, zoals Popper het schrijft: “de methode (kiest) waarmee hij de grootste en dringende kwalen van de samenleving kan opsporen en bestrijden.” 

Poppers betoog is sterk en overtuigend. We kunnen de toekomst niet kennen en afleiden uit het verleden. Er zijn vele toekomsten mogelijk en welke het wordt, weet niemand. Dat hangt af van toevalligheden. Voor mensen die dat wel beweren, moeten we uitkijken. Even terzijde dat maakt ook dat adviezen gebaseerd op algoritmes en big data gevaarlijk zijn. Dat is een technische variant van toekomstvoorspelling op basis van het verleden. Dus hulde voor Rutte!

Of toch niet? Je laten leiden door een alles verklarende theorie mag dan dwaas zijn. Zo’n dwaas is Rutte niet. Maakt dat het andere uiterste, geen duidelijk eindbeeld hebben, wijs? Waar wil Rutte naar toe? Hoe ziet een prettige en open samenleving er voor hem uit? Hoe verhoudt die samenleving zich tot andere samenlevingen op deze aardbol? Het hele ‘migratieplan’, alle maatregelen zijn erop gericht om mensen niet naar ‘hier’ te laten komen en ‘fort Europa’ te bouwen. Hoe zit het met ‘daar’? Wat is het plan voor ‘daar’? Wat gaan we hier doen, of laten, voor ‘daar’?

Met het ‘bouwen’ van het ondoordringbare ‘fort Europa’ gaat ‘daar’ niet weg. Wat ‘daar’ gebeurt, blijft ‘hier’ beïnvloeden en omgekeerd. In het fort mag je dan misschien veilig lijken tegen de dreiging van buiten, je kunt er ook in opgesloten zitten. 

Uitgelicht

Gebakken lucht

“De sociaal-liberale ideologie was een halve eeuw lang gebaseerd op de vanzelfsprekendheid dat aan migranten asiel verleend wordt en dat zij met de autochtone bevolking een multiculturele samenleving vormen.” Dit schrijft Henk Strating in een bijdrage op de site Opiniez. In die bijdrage beweert hij dat de populistische partijen: “de democratie in Nederland en in Europa voor de ondergang behoeden.” Nu kun je een heel debat voeren over populisme en welke partij ‘populistisch’ is, daar gaat het mij niet om. Het gaat mij om de bewering waarmee ik opende.

gastarbeiders

Foto: Wikimedia Commons

Nu krijgt ‘links’ al sinds Fortuyn de schuld van het ‘multiculturele drama’. De schuld omdat ‘links’ ‘iedereen’ verwelkomde en streefde naar een multiculturele samenleving. de aanklagers van ‘links’ concluderen vervolgens dat die multiculturele samenleving is ‘mislukt’. Nu is ‘links’ nooit aan de macht is geweest wat het lastig maakt om alle ‘ellende’ aan links te wijten. Misschien trekt Strating het daarom breder en introduceert hij de ‘sociaal-liberale ideologie’ die het heeft gedaan. Die ‘ideologie’ vond het vanzelfsprekend dat migranten asiel kregen. Nu is asiel bedoeld voor vluchtelingen en niet voor migranten en er rammelt meer. 

Is die ‘sociaal-liberale ideologie’ van Strating niet een verzinsel dat hem in zijn betoog van pas komt? Van pas komt omdat het een soort ‘contrapunt’ is waartegen hij zich kan afzetten? Een verzinsel omdat ‘ideologie’ een soort vooropgezet plan veronderstelt? Een ideologie die vervolgens ook nog eens de ‘macht’ greep in Nederland? Was het komen tot een ‘multiculturele samenleving’ ooit het doel van een stroming? Was er ooit een stroming die bepleitte dat daarvoor migranten moesten worden binnengehaald? Dat is wat Strating suggereert. 

Aan het begin van die ‘vijftig jaar’ waarover Strating spreekt, werden migranten naar hier gehaald omdat er arbeidskrachten nodig waren voor bijvoorbeeld de Twentse textielindustrie of de hoogovens in IJmuiden. Ze werden gehaald op voorspraak van de betreffende bedrijven, niet omdat een ‘sociaal-liberale ideologie’ erom vroeg. Het was de bedoeling dat ze na een paar jaar weer terug zouden gaan, vandaar de term ‘gastarbeiders’. Van dat teruggaan kwam niets omdat ze hier een leven opbouwden. Een leven waarbij ze in veel gevallen familieleden uit hun land van herkomst naar Nederland haalden. Net zoals er nu veel Oost-Europeanen naar Nederland worden gehaald om te werken. Ook bedoeld als ‘tijdelijk’ maar een flink deel zal niet teruggaan omdat ze hier een leven opbouwen. Al deze ‘migranten’ hebben geen asiel gekregen, wel een verblijfsstatus en velen zelfs het Nederlanderschap.

Hoe sterk is een betoog dat zich afzet tegen gebakken lucht?

 

Uitgelicht

Open debat

Volgens Geerten Waling ben je politiek correct als: “je eigen gevoel, of dat van anderen, (…) zwaarder (weegt) dan redelijke argumenten.” In een artikel bij Elsevier verdiept hij zich in het begrip. Waling verwijt mensen die andere beschuldigen van ‘politieke correctheid’ luiheid. Hij ziet, en daar kan de Ballonnendoorprikker zich bij aansluiten, liever dat er op de inhoud wordt ingegaan in plaats van het beschuldigen van de persoon: “Een open debat valt of staat met de gedachte dat de tegenstander ook een mens is. Een mens, bovendien, met hoogstwaarschijnlijk een moreel besef en de overtuiging dat zijn ideeën de wereld echt beter maken.” Een mooi betoog, maar hij ondersteunt zijn betoog met een karikaturaal voorbeeld.

Debat_in_Tweede_Kamer_Maarten_Vrolijk_aan_het_woord,_Bestanddeelnr_911-4021

Foto: Wikipedia

Waling: “Is het daarom politiek correct om, zoals ‘links’ bijvoorbeeld doet, voor meer immigratie te pleiten? Nee, niet per definitie. Er zijn best rationele argumenten te geven voor die stelling. Maar als die argumenten achterwege blijven, of als tegenargumenten niet serieus worden genomen, dan domineert al snel het gevoel dat pro-immigratie het betere standpunt is. En zulke morele superioriteit kan nooit vriendjes zijn met een open debat.” Een bijzonder voorbeeld.

Bijzonder omdat links in dit voorbeeld wordt verweten te pleiten voor meer immigratie. Inderdaad zijn er argumenten waarmee je immigratie van mensen in Nederland kunt onderbouwen en die zijn ook geregeld te horen. Maar, wie is of zijn dat links dat voor meer migratie pleit? Welke ‘linkse’ politieke partij heeft in haar programma staan dat Nederland meer migranten moet toelaten? 

Zijn er niet juist alleen maar politici die voor goede regulering van migratie pleiten en verschillen ze over het doel van en de manier waarop er gereguleerd moet worden?  Aan de ene kant mensen die de migratie tot nul willen reguleren. Partijen die ‘ontschepingsplatforms‘ in landen buiten Europa willen, anderen willen. Aan de andere kant mensen die gereguleerd migratiemogelijkheden willen bieden, bijvoorbeeld door een soort ‘green-card-systeem’. Maar pleiten voor meer migratie? 

“Het is misschien niet de makkelijkste weg, maar het serieus nemen van andermans overtuiging, en de moeite nemen om zinnige argumenten daartegen te formuleren, is het absolute minimum dat een democratie van ons vraagt,’ aldus Waling. begint dat serieus nemen niet met het goed verwoorden van het standpunt van de ander?