What you get is not allways what you see

De ‘hoofddoekjesaffaire’ bij de Amsterdamse politie laat Afshin Ellian niet los. na zijn bezorgdheid over de rechtsstaat waar ik al eerder over schreef, maakt hij zich nu bij Elsevier druk over de rol die Fatima Elatik bij de Amsterdamse politie speelt. Elatik doet als ingehuurd persoon iets met diversiteit voor de politie. Ellian: “En zelfs nu verdient u 12.000 euro per maand voor een onverklaarbare en onbegrijpelijke functie. Wanneer u dit fantastische leven als een lijdensweg beschouwt, kan ik me voorstellen dat velen in Nederland zonder bezwaar in uw schoenen willen staan.” Ik ben ook benieuwd wat Elatik voor dat geld moet doen.

Big Mac

Illustratie: RandomWeirdness.com

Elatik is, volgens haar LinkedIn profiel managing director van Elatik Consultancy. Net zoals ik managing director en hoofdredacteur ben van de Ballonnendoorprikker. Dat klinkt geweldig maar ik typ gewoon mijn eigen stukjes en verdien er niets mee (tenzij jullie mijn activiteiten middels een gift willen steunen). Elatik is waarschijnlijk niet veel meer dan een ZZp-er actief in de advieswereld. Voorheen werkte ze als stadsdeelraadsvoorzitter in Amsterdam. Laten we voor het gemak aannemen dat zij daar bruto € 100.000 verdiende. Als zzp’ er moet zij zich zelf verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid, sparen voor haar pensioen en rekening houden met geheel of gedeeltelijk werkloze periodes. Laten we er voor het gemak mee rekenen dat ze gemiddeld tweederde van een werkweek opdrachten heeft, dat zijn 24 uur. Om haar oude brutosalaris te halen, zal zij met een uurtarief van ongeveer €115 moeten rekenen. Dit komt bij 24 uur neer op ongeveer €12.000 per maand (€115 x 24 x 4,33).

Laten we naar Ellian kijken, hij is hoogleraar en krijgt het bijbehorende CAO-loon betaald en dat is (bij een fulltime aanstelling in trede 15 schaal H1) €8.971 bruto per maand. Met vakantiegeld en eindejaartoeslagen komt dat neer op ongeveer €126.000. Dit is exclusief zijn vergoeding als Elsevier-columnist en directeurschap van Metajuridica en eventuele andere inkomsten als spreken.

Volgens de kop boven het artikel is het een ‘gangsterbedrag’. Natuurlijk, het is veel geld en als er maar een uurtje of dagje werk tegenover staat, dan is het heel veel. Maar ja, wat is veel als een voetballer als Messi een contract voor €35 miljoen per jaar afwijst? Dat is net geen €675.000 per week en daar staat iedereen voor te juichen. En €12.000 is €12.000 maar ‘what you see is not allways what you get’ om de titel van mijn column van gisteren te parafraseren.

 

What you (want to) see is what you get

In mijn vorige column vergeleek ik aan de hand van een song van de Dead Kennedys de huidige wereld met die van vijfendertig jaar geleden. In precies die periode schreef historicus Maarten van Rossum de artikelen die zijn gebundeld in het boek De draagbare van Rossum. Een bloemlezing die tezamen een goed inzicht geven in de geschiedenis van de vorige eeuw. Het derde hoofdstuk behandelt het wedervaren van het stadje Muncie in Indiana. In de studies wordt het plaatsje Middletown genoemd omdat het model moet staan voor een gemiddelde plaats in de VS. Dit stadje stond centraal in drie sociologische onderzoeken in de vorige eeuw. De eerste in 1925 en de tweede in 1935 werden verricht door Robert Lynd, de laatste eind jaren zeventig door Theodor Caplow, Howard M. Bahr en Bruce A. Chadwick.

Van Rossum

Lynd maakte zich zorgen om het verval van ‘gemeenschapszin’ in de Verenigde Staten en dacht dat de sleutel voor het stoppen van dit verval in kleine gemeenschappen lag. Als je verval wilt aantonen, dan moet er wel een referentiepunt zijn. Voor Lynd was dat het Muncie van zo rond 1890, de jeugdjaren van Lynd en die bracht hij door in een naburig stadje. Enige probleem, het Muncie van 1890 was niet op dezelfde manier bestudeerd. Dat beeld schetste Lynd op basis van wat globale informatie en zijn eigen jeugdervaringen. Een zeer mooi en positief beeld waarbij de jaren twintig, ondanks de toegenomen welvaart, schril afstak. Van Rossum waarschuwt: “We moeten niet vergeten dat Lynd ons oordeel gemanipuleerd heeft door op het doek achter het concrete beperkte Middletown in 1925 steeds het idyllische Middletown van 1890 te projecteren. Hij heeft zichzelf en zijn lezers met een romantisch plaatje in de luren gelegd.” Teloorgang van de gemeenschapszin, het zwarter maken van de huidige werkelijkheid door deze af te zetten tegen een extra gefotoshopte achtergrond.

De drie onderzoekers uit de jaren zeventig constateerden dat het stadje zo ongeveer het Walhalla was, het paradijs op aarde waar de verandering tot stilstand was gekomen omdat het hoogste punt van ontwikkeling bereikt was. En dat paste volgens Van Rossum precies bij hun ‘neoconservatieve zonnebril. Volgens Van Rossum, maakten zij zich aan hetzelfde feit als Lynd schuldig, maar dan omgekeerd. Zij zetten hun witter gefotoshopte werkelijkheid van de jaren zeventig af tegen Lynds zwart gefotoshopte en constateerden dat er niets aan de hand was in het stadje.

Is deze manier van ‘overdrijven’ niet nog steeds actueel? ’What you see is what you get’ een bekende uitdrukking in de automatiserings- en computerwereld. Zou voor de maatschappijwetenschappen en de politiek niet gelden ‘what you want to see is what you get? Het noopt in ieder geval tot kritisch bevragen van onderzoeksresultaten.

We’ve got a Bigger Problem Now

Wie kent ze nog? Nee, verkeerde opening want niet veel mensen kenden ze op hun hoogtepunt in de jaren tachtig van de vorige eeuw? De Dead Kennedys, de beste Amerikaanse punkband, al is dat een persoonlijke mening, afkomstig uit Californië. De band was zeer maatschappijkritisch en nam het ‘systeem’ flink op de korrel. Behalve door hun muziek, werd de band van frontman Jello Biafra bekend door een proces dat tegen hen werd aangespannen naar aanleiding van hun derde album Frankenchrist. Bij dit album zat een poster van Penis Landscape van de Zwitserse kunstenaar Giger. Dit kunstwerk kon volgens de staat Californië niet door de beugel. Daar wil ik het hier niet over hebben.

in god we trust inc

Illustratie: Wikipedia

Ik wil terug naar 1981 toen de band haar 12” In God We Trust Inc. uitbracht. Op de B-kant van deze 12” een bewerking van een van hun bekendste nummers California Uber Alles. Was Califormia Uber Alles al een stevige aanklacht tegen de politiek in de persoon van toenmalige Gouverneur Jerry Brown van Californië, in de bewerking van het nummer met als titel We’ve Got a Bigger Problem Now is Brown vervangen door toenmalig president Reagan.

De eerste zinnen, na de inleidende woorden van Biafra, zetten meteen de toon: “I am Emperor Ronald Reagan. Born again with facist cravings. Still, you made me president.” Het nummer is een aanklacht tegen politici die hun macht gebruiken of eigenlijk misbruiken om hun zakenvriendjes te bevoordelen: “You’ll go quietly to boot camp. They’ll shoot you dead, make you a man. Don’t you worry it’s for a cause. Feeding global corporations’ claws. Die on a brand new poison gas. El Salvador or Afghanistan. Making money for President Reagan And all the friends of president Reagan.” 

Hoe ziet de wereld er nu ruim vijfendertig jaar verder uit? Jerry Brown is weer gouverneur van Californië en is de ‘hoop’ van velen gevestigd op die ‘liberale’ staat om weerstand te bieden aan de harde kanten van het beleid van president Trump.  Is Trump niet een president die de ‘claws’ van de ‘global corporations’ en zijn vrienden voedt? Wordt er in Afghanistan niet nog steeds gevochten en is El Salvador vervangen door Irak en Syrië?

Helaas zijn de Dead Kennedys er niet meer en ben ik vijfendertig jaar ouder.

Neutraliseer onze rechtsstaat

Toen ik gisterochtend naar mijn werk reed, besteedde Radio1 aandacht aan het ‘hoofddoekjesidee’ van de Amsterdamse politiechef Aalbersberg. En zoals was te voorspellen, leidde dit idee tot een lawine aan afkeurende reacties. Zo maakt ook Afshin Ellian bij Elsevier zich druk om het idee van Aaldersberg. “De politie is de gewapende hoeder van de rechtsstaat, een neutrale staat,” zo betoogt Ellian. Dat neutraliteit uitstralen wat anders is dan neutraal zijn, realiseert hij zich ook: “Neutraliteit gaat niet over wat deze ambtenaren denken, maar over hoe ze verschijnen en wat ze doen.” Als politie-agenten een hoofddoekje gaan dragen dan is die neutraliteit ver te zoeken, zo betoogt Ellian: “Een hoofddoek bij de politie is geen teken van diversiteit, maar van islamisering van de politiemacht.” Is die rechtsstaat wel zo neutraal?

spaghettemonster

Illustratie: https://www.kerkvanhetvliegendspaghettimonster.nl/ons-geloof/

“Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.,” de eerste zin van iedere Nederlandse wet. ‘Bij de gratie Gods’, hoe neutraal is die rechtsstaat als god in iedere wet aanwezig is? Wat heb ik aan ‘neutraal verschijnende politie-agenten’ als de wetten die ze moeten handhaven, partijdig zijn omdat er wordt gerefereerd aan een god?

Hoe neutraal is onze overheid als verplichte feestdagen allemaal zijn gelieerd aan het christendom? Niet allemaal, zult u tegenwerpen, koningsdag niet! Die inderdaad niet direct, maar zorgt ‘de gratie Gods’ die de koning op zijn troon heeft gezet, niet voor een sterke band tussen deze feestdag en het christendom? Zou een neutrale dag niet iedere gelovige de gelegenheid bieden om de voor zijn of haar geloof belangrijke feestdagen op gelijke voet te vieren?

Zo waarlijk helpe mij God almachtig,” een van de twee manieren om je als politicus in te zweren. Geeft dit de christenen een flinke voorsprong op de islamieten, hindoes of  of aanhangers van de kerk van het vliegende Spaghettimonster? Die laatsten mogen zelfs niet met het voor hun ‘heilige’ vergiet op hun hoofd op de pasfoto, terwijl dat met een hoofddoek  of de ‘staphorster hoedjes’ wel mag.

Valt er zo niet nog heel wat te ‘neutraliseren’ voordat we kunnen spreken van een neutrale rechtsstaat? Daar zal nog veel werk voor moeten worden verzet en weerstand voor moeten worden overwonnen. En bij dat werk en het overwinnen van die weerstand “mogen wij ons gesteund weten door het besef dat velen ons wijsheid toewensen” om het bijna standaard einde van een troonrede te citeren. Dat neutraliseren zou al kunnen beginnen als de koning de op deze zin volgende woorden niet meer uitspreekt, “en met mij om kracht en Gods zegen voor u te bidden.”

Fruitmand

Voor een overleg dat ik vandaag moet bijwonen, zat ik gisteren wat stukken door te lezen. Het overleg gaat over de inkoop van jeugdzorg en in één van de stukken werd geschreven over het streven om tot ‘objectieve tarieven’ te komen. Die tarieven moeten in het overleg tussen de gemeenten en de zorgverleners worden vastgesteld. Dit riep bij mij de vraag op wanneer een prijs objectief is en wie dat bepaalt?

rot fruit

Foto: Micropia

Tarief is volgens Van Dale: (bij doorlopende of herhaalde levering van dezelfde zaak) het bedrag dat voor iedere eenheid betaald moet worden.” Aan tafel zitten zorgverleners met zeer verschillende specialismen en werkmethoden. Banken vinden hun zaak ‘betaalrekening’ anders dan dezelfde zaak van een andere bank en dat anders vertaalt zich in een ander tarief. Zou dat bij hulpverleners anders zijn? Neem twee psychologen, een algemene en een trauma-specialist, ze leveren allebei psychologisch advies, is dat daarmee ‘dezelfde zaak’? Is de dienst van twee trauma-specialisten die verschillende methoden hanteren, met elkaar te vergelijken?

Objectief wordt in dezelfde Van Dale omschreven als: “zonder zich door eigen voorkeur te laten beïnvloeden; onbevooroordeeld, onbevangen.” Welke van de zorgverleners is onbevooroordeeld en laat zich niet door de eigen voorkeuren beïnvloeden? De zorgverlener zit daar juist aan tafel vanwege de expertise die hij of zij op een specifiek gebied bezit. De expertise waarmee die hulpverlener de belegde boterham moet verdienen. Hoe objectief zouden deze hulpverleners zijn? Je vraagt toch niet aan de appel of die peren lekkerder vindt dan appels?

Dezelfde vragen kun je ook stellen bij de gemeenten die bij dat proces betrokken zijn. Ze missen de specifieke kennis van de hulpverlener, maar maakt dat hen objectief, zonder eigen voorkeur, onbevooroordeeld? Zij zitten aan tafel als ‘inkopende partij’ en wil die niet net als iedereen die boodschappen doet zo min mogelijk betalen voor een kwalitatief zo goed mogelijk product? Zouden ze niet een kwalitatief goede en gevarieerde fruitmand willen voor de laagst mogelijke prijs en dus de appels tegen de peren uitspelen?

Naar het inkoopvraagstuk van de jeugdzorg kijkend met de bril van de definities uit de Van Dale, is dan twijfelen aan het succes en het streven om ‘ objectieve tarieven’ vast te stellen dan niet gerechtvaardigd? Zou zo’n proces leiden tot een mand goedkoop en beurs fruit?

Fijne feestdagen

Bij De Dagelijkse Standaard krijgt Denk-kamerlid Farid Azarkan de wind van voren van Tim Engelbart. Toen aan Azarkan werd gevraagd om te kiezen tussen Koningsdag en het Suikerfeest, koos Azarkan voor het Suikerfeest. Dit was dus tegen het zere been van Engelbart: “Farid Azarkan spreekt graag over Nederlanders met een migratie-achtergrond”- een hele mond vol, maar oké. Het blijft echter vreemd om over Nederlanders te spreken als je niet eens de meest Nederlandse feestdag van allemaal – vermoedelijk zelfs de enige – niet eens kan verkiezen boven één van de vele belangrijke dagen in een uitheemse traditie als de islam.” Engelbart ziet zich nu: “gedwongen een even ongemakkelijke vraag te stellen: waar ligt eigenlijk de loyaliteit van dit Kamerlid? Ligt die hier, in Nederland. Of toch elders?”

suikerfeest

Illustratie: Plazilla

Beste meneer Engelbart, mag je als staatsburger van dit land alleen maar inheemse tradities aanhangen? Hebben we in dit land niet de vrijheid om te geloven in wat je wilt? U mag best in de christelijke god geloven en u houden aan de tradities van die religie. Azarkan mag geloven in allah en zich houden aan die tradities en ik mag geloven in niets en me houden aan de tradities van niets. Stelt u die vraag ook aan katholieken, gereformeerden en hervormden die kerstmis verkiezen boven koningsdag?

Beste meneer Engelbart, als u mij vraagt om te kiezen tussen koningsdag en drie dagen vastelaovend in Venlo, dan kies ik voor de vastelaovend. Ik heb niets, maar dan ook helemaal niets met de, zoals u het noemt, ‘meest Nederlandse feestdag van allemaal’ omdat ik niets heb met het koningshuis. Ook heb ik niets met andere ‘inheemse tradities’ zoals de klederdracht in Volendam, Zeeland en Staphorst. Ik kan nog geen seconde luisteren naar de vele Volendamse zangers, de Toppers en vele andere Nederlandstalige zangers.

Gaat u mij nu ook vragen waar mijn loyaliteit ligt? Als je al een maatstaf hebt waaraan je loyaliteit aan het land waarvan je staatsburger bent kunt afmeten, maar daar schreef ik al eerder over.

Populistisch anti-populisme

Burgerschapsonderwijs, in mijn ogen bijzonder dat dit een ‘vak’ op school is. Is immers het doel van het onderwijs niet om onze kinderen de bagage te geven om samen met anderen hun weg te kunnen vinden in onze democratische samenleving? Om volwaardig, autonome denkende burger te zijn van die samenleving en is het totale curriculum daar niet opgericht? Wellicht zie ik het verkeerd en is het doel een middel geworden? Over de invulling van dat middel wordt gediscussieerd.

populistisch anti-populisme

Illustratie: Tja burgerschap wat is dat nou?

Bij Joop houdt bestuurskundige Dave Ensberg-Kleijkers een pleidooi om populisme te integreren in het burgerschapsonderwijs, door te: “investeren in een positief schoolklimaat, waar geen ruimte is voor angst als zuurstof voor gestold onbehagen of schools populisme, is de basis voor het leerlingen laten leren over populisme en hen te vormen als waardengedreven burgers. … ik pleit niet voor de bestrijding van politiek populisme an sich, maar ik pleit voor het bestrijden van onwetendheid en angst als drager voor waardeloos populisme en juist voor het investeren in waardevol burgerschap.” Wat zie als je wat dieper over dit pleidooi nadenkt?

Als ik de eerste zin lees, dan zijn er scholen die investeren in een negatief schoolklimaat, waar ruimte is voor angst en schools populisme. Wat ik me bij dat laatste moet voorstellen, wordt niet duidelijk uit het pleidooi Ensberg-Kleijkers. Zouden er werkelijk scholen zijn die investeren in een ‘negatief schoolklimaat’ een klimaat waar angst heerst. Angst voor gestold onbehagen?

Die scholen moeten leerlingen vormen als ‘waardengedreven burgers’. Zegt Ensberg-Kleijkers daarmee dat populisten niet door waarden worden gedreven? Zouden er werkelijk mensen zijn die niet door waarden worden gedreven? Als er iets centraal staat in het debat van tegenwoordig, dan zijn het ‘normen en waarden’. Alleen zijn die van ‘ons’ anders dan die van ‘hen’. Investeren niet zowel die ‘ons’ als die ‘hen’ in waardevol burgerschap en verschilt alleen de inhoud van dat burgerschap?

Ensberg-Kleijkers beschrijft populisme als een: “partiële ideologie die zich in al haar verschijningsvormen afzet tegen de politieke en/of economische elite, de wil van ‘het ware volk’ normerend wil laten dicteren en gedijt bij zowel sociaaleconomische als sociaal-culturele spanningen en vooral: angst.”  Wil hij niet ook ‘normerend dicteren’ door te bepalen wat ‘positief’ en wat ‘negatief’ is? Wat ‘waardevol’ en wat dus ‘waardeloos’ burgerschap is?  Pleit hij niet voor populistisch anti-populisme en heeft hij zo zijn doel, het integreren van populisme in burgerschapsonderwijs integreren, niet al bereikt?