Uitgelicht

Twee procent

De Navo-landen moeten twee procent van hun bruto binnenlands product uitgeven aan hun defensie. Dat hebben ze jaren geleden afgesproken. Afspraken moet je nakomen en daaraan herinnert de Amerikaans president Trump de landen. Dat doet hij met brieven, tweets en via uitspraken bij openbare gelegenheden. In de Volkskant een opsomming van recente uitspraken. Als niemand zijn afspraken nakomt, dan wordt het een puinhoop. Dan ontbreekt vertrouwen en ontbrekend vertrouwen is zeer schadelijk voor een samenleving en ook voor een samenwerkingsverband. Wat als de afspraak die is gemaakt een slechte is?

navo

Foto: Flickr

Dat onze krijgsmacht is uitgehold door bezuinigingen wil ik graag geloven. Wat ik nog eens onderzocht wil zien is wat al die missies om ergens, zoals onder andere in Afghanistan, Irak en Mali, vrede te brengen, hebben bijgedragen aan die uitholling. Als we dan toch aan het onderzoeken zijn, kan er meteen ook gekeken worden naar nut, noodzaak en belang van die missies. Dat laten we bij deze maar even voor wat het is. Het gaat mij om die twee procent norm. 

Is het wel verstandig om een bepaald percentage te noemen dat aan een doel moet worden besteed? Zou dat niet tot verspilling van kostbare middelen kunnen leiden? Het geld moet immers op, dat hebben we afgesproken. Als we het niet opmaken, dan komt Trump immers met het vermanende vingertje en boze brieven. 

Zouden we niet eerst moeten kijken welk doel we willen bereiken? In het geval van de gezamenlijke Navo-verdediging, hoe moet de gezamenlijke verdediging eruit zien? Moeten we vervolgens niet kijken hoe we dat doel het beste kunnen bereiken en wat daarvoor nodig is, zowel in mensen, materieel als geld? Zouden we daarna niet moeten bekijken welk land daarvan welk deel voor zijn rekening neemt? 

Zouden we, om dat te doen, niet eerst die twee procent afspraak ter discussie moeten stellen?

Uitgelicht

Buitenlandse stemmen

“Ik ben het met Segers eens dat buitenlandse politiek in de zin van verkiezingen of kwesties die ons niks aangaan, niet moeten worden beslecht op Nederlandse bodem.” Aldus Wout Willemsen bij De Dagelijkse Standaard naar aanleiding van een interview van de Telegraaf met ChristenUnie voorman Gert-Jan Segers. Segers sprak over de Turkse verkiezingen omdat Nederland dan zegt: “dat het legitiem is wat daar gebeurt. En dat moeten we niet meer doen,” zo is in de Telegraaf te lezen. Willemsen verbreedt het tot alle verkiezingen of politieke activiteiten. 

polling-station-2643466_960_720

Foto: Pixabay

Dus geen Franse-, Britse-, Duitse- of Belgische-Nederlander die nog een stem mag uitbrengen op Macron, May, Merkel, Michel of hun tegenstrever. De Amerikaanse-Nederlander mag niet meer voor of tegen Trump stemmen. Wat vreemd is, is dat een Amerikaanse-, Duitse-, Engelse-, Franse- of Belgische-Nederlander daarbij nooit wordt beschuldigd van het bezitten van een dubbele loyaliteit. Iets wat Marokkaanse- en Turkse-Nederlanders wel steeds wordt verweten. Dat even terzijde.

Natuurlijk is dat wat lastig te regelen. Als Duitsland de Duitse-Nederlanders mee wil laten doen, dan staat dat haar vrij. Dan kan zij een manier zoeken om de Duits-Nederlandse inwoners hierin te faciliteren. Dat kan op verschillende manieren, per post, via stemmen op de ambassade of een consulaat of door op drie plekken in Nederland een lokaaltje af te huren alwaar gestemd kan worden. Net zoals de Turkse, Franse, Amerikaanse of welke regering dan ook, dat kan doen. Het is vervolgens aan de betreffende stemgerechtigde of er van die gelegenheid gebruik wordt gemaakt en de stem wordt uitgebracht. Daar kan Nederland weinig aan doen.

Waar Nederland wel iets aan kan doen is aan het stemmen door Nederlandse-Amerikanen, -Duitsers, -Fransen, -Belgen enzovoorts voor de Nederlandse Kamerverkiezingen. Bij de laatste Kamerverkiezingen waren dat er zo’n 77.500. Ruim een hele Nederlandse Kamerzetel. Zou het daarom niet logischer zijn als Willemsen ervoor zou pleiten om hieraan een einde te maken? Immers, als je niet wilt dat buitenlandse kwesties op jouw grondgebied worden beslecht, moet je het ook niet willen dat jouw kwesties op buitenlands grondgebied worden beslecht.

Uitgelicht

Olie-racist?

“Burgemeester Krikke heeft handen vol aan ‘Racistische’ aanvallen,” de kop boven een artikel bij Elsevier. Die aanvallen vinden plaats in de wijk Duindorp. Die aanvallen betroffen : “ruzies rond een Marokkaanse bruiloftsstoet en deze week is een hindoetempel in de Schilderswijk voor de zoveelste keer vernield.” Schandelijk natuurlijk maar daar gaat het mij niet om. Het gaat mij om het staatje met de wijksamenstelling van Duindorp bij het artikel. ‘Bevolking Den Haag naar etniciteit per wijk’ luidt de kop erboven.

olie industrie

Foto: PxHere

In het staatje zien we dat ‘Nederlands’ de grootste groep is. Nu kun je je afvragen of Nederlands een ‘etniciteit’ is of een ‘nationaliteit’. Ik hou het op het laatste. Je kunt het ook anders zien. Etnisch, “Wat een volk betreft,” aldus VanDale. “ Het concept etniciteit wortelt in het gegeven dat de leden van bepaalde bevolkingsgroepen zich identificeren met gezamenlijke kenmerken, zoals nationaliteit, stamverwantschap, religie, taal, cultuur of geschiedenis en de daaraan ontleende normen en waarden.,” zo vult Wikipedia aan. Volgens die definities is ‘Nederlands’ een etniciteit, net als ‘Turks’, ‘Marokkaans’ en ‘Surinaams’. Een Koerd uit Turkije die zo ‘Turks’ en een Berber uit Marokko die ‘Marokkaans’ worden genoemd, zullen daar zeker anders over denken. 

Ook worden ‘Antilliaans en Arubaans’ onderscheiden. Nu heb ik vroeger altijd geleerd dat Aruba ook bij de Antillen hoorden. Dus waarom dit onderscheid? En, als je dan toch onderscheid maakt, zou je dan niet alle zes eilanden apart moeten benoemen? Dan wordt de vergaarbak nog groter: Zuid-Europees. Is dat een ‘etniciteit’? Als we het dan over taal, cultuur, geschiedenis en stamverwantschap hebben, verschillen de diverse landen uit Zuid-Europa enorm.

De laatste twee ‘etniciteiten’ zijn werkelijk bizar. de eerste “Overige geïndustrialiseerd’ en de tweede ‘Overige niet-geïndustrialiseerd’. Wie herkent zich in de etniciteit ‘geïndustrialiseerd”? Wat is het etnische kenmerk van industrie? Is er dan wellicht ook een verschil tussen ‘staalindustrie’ en ‘auto-industrie’? Kan ik dan ook van Olie-racisme worden beschuldigd als ik tegen de olie-industrie ben? 

Uitgelicht

Lucratieve voortplantingsstrategie

Bij De Correspondent een artikel van Tamar Stelling over het op steeds latere leeftijd krijgen van (eerste) kinderen. Omdat dit soms op natuurlijke wijze niet lukt, is er een hele industrie ontstaan gericht op voortplanting compleet met: “boze donorkinderen, troosteloze Indiase baarmoederverhuur en de eicelverkoop der werkloze Oostblokvrouwen.”  Met succes want: Die combinatie van kinderwens en embryotech levert absoluut baby’s op.” Nadelen zijn er ook, Stelling geeft er vier: grotere risico’s op complicaties en babysterfte, embryotech kinderen die worstelen met hun onbekende afkomst, een arbeidsmarkt die zich nog minder hoeft aan te passen op de biologische klok van de vrouw en: “Een voortplantingsindustrie waarbij de rijken der aarde zich in toenemende mate voortplanten ten koste van de armen. (Neem vrouwen die hun eitjes verkopen.)” Bijzonder, dat laatste nadeel, Stelling noemt het trouwens als eerste.

bevruchting

Foto: Pixabay

Bijzonder want laten we aannemen dat een arme vrouw eitjes verkoopt aan een rijk stel. Die eitjes worden bevrucht met het sperma van de rijke man. Wie planten zich dan voort? De rijke man en de arme vrouw, want het kind krijgt van ieder van hen de helft van de genen. De rijke vrouw niet. Haar lichaam wordt (alhoewel zeer gewenst) gebruikt als, om het oneerbiedig te zeggen, ‘productieloods’ voor een kind van een eicel van een andere vrouw. Haar zorgen, aandacht en geduld voeden het kind mee op. Behalve natuurlijk als daarvoor een nanny uit een arm land wordt ingeschakeld. 

Als we puur naar de voortplanting kijken, zijn dan niet vooral de rijke vrouwen de dupe van deze markt? Zij kunnen zich zo immers niet voorplanten. De arme man kan dat wel als zijn arme vrouw niet al haar eicellen verkoopt, blijven er nog genoeg kansen voor de arme man om zich. De rijke man, komt ook aan zijn trekken, zijn zaad wordt immers gebruikt. En als de rijke vrouwen de grote verliezers zijn in dit ‘voorplantingsspel’, is dan de arme vrouw die eicellen verkoopt niet de grote winnaar? Haar genen worden door haar zelf én door de rijke vrouw voortgebracht.

Als we met deze bril naar Stellings bewering kijken dat de ‘rijken der aarde zich voortplanten ten koste van de armen’, zouden we dan niet met veel meer recht het omgekeerde kunnen beweren? Dat de eicel-markt ervoor zorgt dat in ieder geval de arme vrouwen die hun eicellen verkopen, zich voorplanten niet ten koste van, maar op kosten van de rijken? Genetisch, en wellicht ook financieel, een ‘lucratieve’ strategie van de arme vrouw.

Uitgelicht

Wie is er slim?

“Hoe proportioneel zijn rubberkogels en traangasgranaten als antwoord op stenen en brandende autobanden die je nooit bereiken? Hoe proportioneel is een tankgranaat als antwoord op, laten we even van de Israëlische visie uitgaan, twee personen die zich ‘verdacht gedragen’?” Deze vragen stelde ik enige weken geleden. Nadat ik het artikel van collega historicus Willem Melching in de Volkskrant las, vraag ik me af of ik me hierdoor schuldig heb gemaakt aan antisemitisme. 

Louis_van_Gaal_(4136181545)

Foto: Wikimedia Commons

Melching constateert in een bijzonder artikel, dat de joden steeds meer het slachtoffer zijn van antisemitisme en hierbij door zowel links als rechts in de steek worden gelaten. Links omdat het: “uit principe meebuigt met de minderheden,” zo betoogt hij en rechts omdat het: “zich voornamelijk door opportunisme (laat) leiden.” 

Ik vraag me dus af of ik me schuldig maak aan antisemitisme omdat volgens Melching: “overdreven kritiek op Israël wel degelijk antisemitisch is.” Ben ik overdreven kritisch als ik me afvraag of een tankgranaat een proportioneel antwoord is op twee personen die zich verdacht gedragen? Ben ik overdreven kritisch als ik me afvraag of rubberkogels en traangasgranaten een antwoord zijn op brandende autobanden die je nooit bereiken? Ben ik overdreven kritisch als ik me afvraag hoe menselijk het is om een gebied zoals de Gaza-strook ongeveer hermetisch af te sluiten van de buitenwereld zodat de mensen in dat gebied in een soort ‘openluchtgevangenis’ zitten? Ben ik overdreven kritisch als ik aandacht vraag voor de mensen in deze ‘gevangenis’? Ben ik overdreven kritisch als ik me afvraag hoe ‘democratisch’ het is om een muur te plaatsen langs de grens en dat niet te doen op je eigen grond, maar op dat van de ander? Welke reacties op acties van Israel getuigen van ‘antisemitisme’?

Tot mijn verdediging pleit dat ik ook kritiek lever op de Amerikaanse acties in het Midden-Oosten. Ook heb ik het Turkije van Erdogan niet gespaard. Dat is relevant omdat:  “Wie voor Israël andere maatstaven aanlegt dan voor pakweg Turkije of de Verenigde Staten maakt zich schuldig aan antisemitisme.” Aangezien ik voor deze drie landen dezelfde maatstaven aanleg,  maak ik me, als ik Melching goed begrijp niet schuldig aan ‘antisemitisme’.

Helemaal zeker ben ik er echter niet van omdat Melching schrijft dat: “wie nalaat de Armeense genocide te benoemen, geeft daarmee vrij spel aan het moderne antisemitisme en legitimeert haat.” Niet dat ik de moord op vele Armeniërs en ook andere volkeren tijdens de Eerste Wereldoorlog ontken, die heeft plaatsgevonden en heeft heel veel leed veroorzaakt. Nee, ik heb moeite met de redenering van Melching dat dit geen genocide noemen, vrij spel geeft aan antisemitisme en dat het haat legitimeert.  

Eigenlijk heb ik moeite met het gehele betoog van Melching en vraag ik me, vrij naar Louis van Gaal af of hij nu zo slim is en ik zo dom of omgekeerd?

Talent en/of oneerlijk voordeel

Wil je als vrouw weten of je werkelijk vrouw bent? Doe dan een bloedonderzoek“De IAAF heeft gekozen voor een limiet van 5 nanomol testosteron per liter bloed.” Scoor je hoger dan mag je van internationale atletiekfederatie niet deelnemen bij de vrouwen, zo valt te lezen in de Volkskrant. Testosteron bevordert de spiergroei. Dat hoge testosterongehalte is volgens andere atletes niet eerlijk: “minder gespierde atletes uitten openlijk hun frustratie over de naar hun idee oneerlijke concurrentie.” Zij krijgen nu de steun van de IAAF want die stelt na onderzoek: “dat vrouwen met hyperandrogenisme, de hormonale afwijking waardoor veel testosteron wordt aangemaakt, wel degelijk voordeel hebben.” Wil je wel bij de vrouwen meedoen, dan moet je maar medicijnen nemen om onder die limiet te komen. Wil je dat niet of lukt dat niet dan kun je nog altijd bij de mannen meedoen. 

atletiek

Illustratie: Wikimedia Commons

Wacht eens, is dat wel eerlijk? “De meeste vrouwen hebben een waarde tussen 0,12 en 1,79, bij mannen varieert het van 7,7 tot 29,4 nanomol.”  Met je 5 of 6 nanomol scoor je ‘te laag’ om een man te zijn. Maar wacht eens even, draait sport niet juist om het uitbuiten van aangeboren voordelen? Als jeugdige voetballer profiteerde ik van mijn aangeboren sprint-kwaliteiten. In vergelijking met Usain Bolt stelden die niets voor, maar een voetballer met goede wendbaarheid, een redelijke techniek en balgevoel, en vooral veel inzet had ik flink voordeel van snelheid. Om het tot prof te schoppen was dat echter niet voldoende daarvoor waren de ‘aangeboren voordelen’ van anderen veel groter. Basketbal vond ik ook een leuke sport en inzet, de wil om te winnen en balgevoel waren aanwezig, wat ontbrak was lengte. Een ‘ontbreken’ dat mij ook in het volleybal zou hebben opgebroken. 

Waarom mogen Bolt en Messi hun aangeboren voordeel wel benutten? Want is dat niet wat talent is, een aangeboren voordeel? Natuurlijk, met alleen talent waren Bolt en Messi niet zover gekomen, maar geldt dat niet ook voor Caster Semenya, Francine Niyonsaba en Margeret Wambui? Wat maakt dat het ene talent is en het andere een oneerlijk voordeel?

In de sterren geschreven

Een artikel in de Volkskrant over de lancering van Tess (Transit Exoplanet Survey Satellite) zorgde voor een leuke serie van lezersbrieven. Tess is opvolger van Kepler en: “Tess volgt een andere strategie bij zijn speurtocht. (…) Kepler had een relatief grote telescoop waarmee hij diep het heelal in kon turen. De sterren die Kepler bestudeerde, stonden ver weg – honderden lichtjaren. Vanwege zijn grote telescoop kon Kepler maar een klein deel van de hemel bekijken. (…) Tess is kleiner en gaat de complete hemel bestuderen, zowel het noordelijk als zuidelijk halfrond. Maar liefst 200 duizend sterren zal Tess de komende jaren in zijn vizier krijgen, op enkele tot honderd lichtjaren.” Rond die sterren wordt gezocht naar planeten en vooral naar planeten waar leven zou kunnen zijn.

andromeda-galaxy-755442_960_720

Foto: pixabay

De brievencorrespondentie begon met een brief van Uri Lavy. Lavy vindt de miljarden die aan Tess en andere dergelijke zaken worden uitgegeven, verspild geld. Dat er planeten zullen zijn met leven, is voor Lavy een statistisch gegeven. “Maar even duidelijk is dat de mensheid absoluut niets aan het identificeren van zo’n planeet kan hebben – zeker niet zolang we niet met ten minste de snelheid van het licht kunnen reizen. En dan nog, bij aankomst kan blijken dat de moederster intussen allang uitgedoofd is.” Dus verspilling van geld, aldus Lavy.

Een duidelijke redenering waar lastig een speld tussen is te krijgen. Alleen zijn conclusie dat dergelijke investeringen zinloos zijn, wordt betwist door sterrenkundige Lucas Ellerbroek in de Volkskrant. Die investeringen zijn niet zinloos: “Die kennis kunnen we verkrijgen door in eerste instantie de aarde te observeren (onder andere door observatie met  dure! satellieten) en onze plek in het heelal te vergelijken met zijn soortgenoten. (…)  Kennis heeft de mensheid gebracht waar zij nu is. Alleen door meer kennis te verkrijgen en daar wijs mee om te gaan, waarborgen we een gezonde toekomst voor ons nageslacht.” Ook een duidelijke redenering waarbij je wel de vraag kunt stellen of kennis wijs wordt gebruikt? Immers techniek kan ook ten kwade worden aangewend.

Met die opmerking kom ik bij de reactie van Frank Rijckaert. Hij is het volledig eens met Lavy” “maar niet met zijn bewering dat het statistisch duidelijk is dat het aantal planeten waar intelligent leven bestaat naar oneindigheid zal neigen. Er is slechts één waarneming van een planeet waarop intelligent leven voorkomt. Daarmee valt geen statistiek te bedrijven.” En daar heeft Rijckaert een punt, met één waarneming kun je geen statistiek bedrijven. Sterker nog, en dat punt mist Rijckaert, je kunt er zelfs niet de conclusie aan verbinden dat op die ene planeet, de aarde, intelligent leven voorkomt. Wat is immers de schaal waaraan je intelligentie op planeten afmeet? 

Dat er andere sterren met planeten zijn, lijkt zeker. Dat er planeten met leven zullen zijn ook. Of er intelligent leven is en of het leven op aarde intelligent is, dat staat … in de sterren geschreven.