Uitgelicht

Hoeveel ruimte komt je toe?

Kennen jullie het begrip Manspreading? Ik tot nu toe niet. Als je wat breed gaat zitten met de knieën van elkaar verwijderd, dan doe je eraan. Aan de taal te zien is het uit de Verenigde Staten overgewaaid. Een tijdje geleden schreef de site Joop erover naar aanleiding van een filmpje van een vrouw die bleekwater over de broek van een jongen gooide omdat die met z’n benen wijd zat. 

32875085176_855df2e0d1_b

Foto: Flickr

Nu blijkt dat het hele filmpje in scene is gezet voor een heel ander doel, namelijk om de Russische man los te laten gaan tegen het asociale gedrag van de betreffende vrouw. Om zijn ‘misser’ goed te praten legt Van Jole uit hoe de redactie van Joop normaal te werk gaat. Als laatste geeft hij zijn ‘misser’ een positieve draai: “Zo bezien: wie weet hoeveel mannen zich door de video bewust zijn geworden van hun asociale gedrag en er voortaan op letten niet aan manspreading te doen. Het ov wordt daar beter van. Moskou, bedankt.” Dat Van Jole in de kuil van een Rus is gevallen en het vervolgens zo draait dat het lijkt alsof hij een berg heeft beklommen, sla ik voor het gemak even over.

Even terug naar dat ‘asociale gedrag’ om als man wat wijdbeens te zitten. Of zoals Van Jole schrijft: “de gewoonte van sommige mannen om wijdbeens te zitten en zo veel meer ruimte in te nemen dan hen toekomt.” Deze passage roept de vraag op wie bepaalt hoeveel ruimte iemand toekomt? In het originele in scene gezette filmpje is te zien dat er in de betreffende tram nog veel lege plekken waren. Er was daarmee plek genoeg voor iedereen. Is het dan aan die vrouw om te bepalen dat de betreffende man veel meer ruimte innam dan hem toekwam? Als dat zo is, kan dan iemand mij vertellen hoeveel ruimte iemand toekomt?

Hoeveel ruimte mag iemand innemen, wanneer neem je ‘meer ruimte in dan je toekomst’ en vooral wie bepaalt die ‘hoeveelheid ruimte’? Dat je teveel ruimte inneemt in een volle bus of trein als je twee plaatsen bezet, daar kan iedereen inkomen. Alleen hoe zit het met een dik persoon die er twee nodig heeft? Mag die dan wel twee plekken innemen of neemt die altijd al meer ruimte in dan hem of haar toekomt? 

Neem je ook teveel ruimte in als je bellend over straat loopt? Hoe zit het dan met zingend over straat gaan? Wordt er dan onderscheid gemaakt tussen goede en slechte zangers? Neemt iemand met een flinke laag parfum of aftershave op ook te veel plek in of hangt dat van de geur af? 

Nog een stap verder. Hoeveel ruimte komt iemands ego toe? En een paar stappen terug: moet je overal een punt van maken?

Uitgelicht

Beste dokter

Bij Opiniez is Jan Gajentaan in een fictief gesprek met zijn dokter. Op de vraag wat het probleem is, antwoordt Gajentaan: “Er vormen zich parallelle samenlevingen … Je hebt niet meer het gevoel dat we één geheel zijn. In de jaren zestig en zeventig gaven we af op de burgerlijke jaren vijftig, die ik overigens zelf niet heb meegemaakt. Maar als ik nu foto’s van de jaren vijftig zie, lijkt het of het een tijdperk was van harmonie en levensvreugde. De mensen hadden het niet breed, maar ze waren niet zo verdeeld en wantrouwend als nu.” Ach die heerlijke stabiele jaren vijftig waarin de mensen in harmonie en plezier leefden. Wie zou daar niet naar terug willen?

40993123261_f2b78fef1b_b

Foto: Flickr

Die jaren vol levensvreugde onder de donkere schaduw van ‘ de bom’. De bom die bijna viel door de Koreaanse oorlog, de onrust in Oost-Duitsland in 1953, De Suez-crisis in 1956 al viel die ‘gelukkig’ samen met de Hongaarse opstand zodat de ‘Russen’ daar hun handen vol aan hadden. De jaren van dekolonisatie-oorlogen in onder andere Vietnam en Algerije.

Die gezellige jaren vijftig waarin de mensen zo harmonieus met elkaar sportten, muziek maakten en boodschappen deden. Maar dan wel in ‘eigen kring’ om een term uit de leer van de gereformeerde politicus Abraham Kuyper te gebruiken. En die eigen kring was de eigen ‘godsdienst’. Zo gezellig dat zelfs de duiven apart moesten vliegen en er bijna de ‘sociale doodstraf’ stond op het kopen van een brood bij een bakker uit een ‘andere kring’. 

Die harmonieuze jaren waarin de Nederlandse bisschoppen een mandement (een herderlijk schrijven) uitbrachten waarin zij hun ‘schaapjes’ verboden om lid te zijn van alles wat ook maar naar socialisme riekte. Wie niet gehoorzaamde kwam niet meer in aanmerking voor de sacramenten en kon zijn plek in de hemel wel vergeten. 

Of zoals zoals Lijphart in zijn klassieke werk Verzuiling, pacificatie en kentering in de Nederlandse politiek, concludeerde: “Om de stabiliteit van de Nederlandse democratie in de periode 1917-1967 te verklaren kunnen we geen beroep doen op een sterk nationaal saamhorigheidsgevoel,” 

De dokter van Gajentaan adviseert: “Meneer Gajentaan, graag drie maal daags deze kalmeringsmiddelen innemen. Ik voeg er een middel aan toe, dat er voor zorgt dat u de werkelijkheid wat vrolijker bekijkt dan zoals deze eigenlijk is. De publieke omroep kunt u beter een tijdje vermijden, net als Twitter. Dan komt u de komende maanden wel door. Komt u daarna gerust weer eens langs!”. 

‘Uit uw blik begrijp ik dat u ook iets wilt zeggen meneer de Ballonnendoorprikker, is dat zo,’ vraagt de dokter. ‘Wel dokter, als ik meneer Gajentaan zo aanhoor, dan zou ik hem willen adviseren zich eens meer te verdiepen in het verleden. Wat verder te kijken dan de foto’s. Misschien dat hij het heden dan wat beter in perspectief kan plaatsen.’

Uitgelicht

Stijd der culturen

Sid Lukkassen betoogt bij ThePostOnline dat: “De existentiële uitdaging voor het Westen (…) niet (komt)  vanuit jihadisten. Die komt vanuit de subtiele culturele en demografische invloeden die worden toegepast vanuit de moslimgemeenschap om islamieten steeds rechter in de leer te duwen, wat gepaard gaat met een desecularisering en islamisering.”  Want er is in Europa en ook in Nederland een strijd aan de gang tussen culturen en: “een strijd tussen culturen is een strijd om welke cultuur zal voortbestaan.” Om die strijd te kunnen aangaan moet er: “een Leidcultuur op expliciet Europese leest worden gedefinieerd die ook beleidsmatig consequent moet worden uitgerold, opgelegd en afgedwongen.” Een bijzonder betoog.

Unknown

Foto: Flickr

De meeste ‘strijders’ tegen de islam hebben ook weinig op met Europa, dus zal het nog een flinke strijd worden om die Europese Leidcultuur te bepalen. Dit roept meteen ook de vraag op aan wie de ‘eer’ toekomt om mee te mogen bouwen aan die ‘Leidcultuur. Hoe groot is de kans dat het komen tot die Leidcultuur een lijdensweg wordt? Dat even terzijde.

Wat bijzonder is in zijn betoog is dat die andere cultuur in de strijd van Lukkassen maar één kant op lijkt te kunnen gaan, namelijk die van ‘desecularisering en islamisering’ veroorzaakt door: subtiele culturele en demografische invloeden die worden toegepast vanuit de moslimgemeenschap om islamieten steeds rechter in de leer te duwen.” Bijzonder omdat dit inhoudt dat de islam na Mohammed seculierder is geworden. Als dat niet was gebeurd, dan zou de islamitische cultuur nu niet in de richting van de echte leer van Mohammed geduwd hoeven te worden.

Dat er een seculiere of seculierdere versie van de islamistische cultuur mogelijk was, erkent Lukkassen als hij onderzoek aanhaalt: “dat de latere generaties militanter met hun geloof omgaan dan de gastarbeiders. Gek is dat niet want het Turkije van toen was meer seculier dan het hedendaagse Turkije.” Als de islamitische cultuur al eens eerder seculierder is geworden, zou dat nu of in de toekomst dan niet weer kunnen gebeuren? 

Zouden er dan niet ook nog andere mogelijkheden zijn om die ‘strijd der culturen’, als die er al is, aan te gaan? 

 

Uitgelicht

Party poopers

“Bijna driekwart van de professionals bij gemeenten geeft aan niet voldoende kennis in huis te hebben over smart city-toepassingen.”  Dit blijkt uit een onderzoek waarover de site binnenlandsbestuur.nl bericht. Omdat ik werkzaam ben bij gemeenten betrok ik die conclusie op mezelf: heb ik er voldoende kennis van?

big-brother-2783030_960_720

Illustratie: Pixabay

“Doel van een slimme stad is de levenskwaliteit te verhogen door de stad efficiënter te organiseren en de afstand tussen de inwoners en het bestuur te verkleinen,” zo is te lezen op wikipedia. Een prachtig doel of eigenlijk twee. Hoe moet dat doel worden bereikt? “Alle onderdelen van de stad zijn verbonden via een netwerk van sensoren, internet en hoogstaande technologische apparaten met als motor het internet der dingen.” Dus door nog meer te meten, gegevens te verzamelen. Via sensoren en camera’s worden gegevens verkregen. Mijn vuilnisbak geeft door als hij geleegd moet worden en rijdt automatisch naar de straat. Dan moet hij wel de tussenliggende poorten kunnen openen. Dat is technisch best te realiseren. Handig. De tech-bedrijven zullen de slimme stad met dergelijke mooie voorbeelden verkopen. “Een stad waarbij informatietechnologie en het internet der dingen gebruikt worden on de stad te beheren en besturen.” 

Is het ook zo handig dat wordt bijgehouden hoevaak mijn bak vol is? En ik er allemaal ingooi? Dat via de lantaarnpaal voor ons huis wordt bijgehouden wie er hoevaak op bezoek komt? Wikipedia stelt een cruciale vraag: “is het wel ethisch verantwoord om de macht te leggen bij een aantal technologische bedrijven?” Zeker omdat: “Het concept is ontstaan door de techindustrie. Doordat steden aan de grond liggen van economische ontwikkeling en dit in combinatie met de technologische revolutie, is de slimme stad een goudmijn met een miljardenomzet.” Staat dat ‘beheren en besturen’ echt centraal of draait het om geld?

Nu zijn er steden die een democratische ‘slimme stad’ willen zijn, Barcelona bijvoorbeeld, zo las ik op bij mo.be. Die willen: “‘technologische soevereiniteit’: dat er democratische controle moet komen over stedelijke technologie, met participatie van onder uit en data commons.” Een andere insteek die wellicht meer aanspreekt. Alleen is ‘democratie’ een rekbaar begrip. Poetin en Erdogan noemen zich ook democraat en zelfs in ons eigen land wordt de dividendbelasting afgeschaft terwijl een overgrote meerderheid van de mensen en politieke partijen tegen is. Dus welke garantie geeft ‘democratische controle’?

Welke insteek je ook kiest, een slimme stad zal het ‘beheren’ verbeteren, of het besturen verbetert is maar zeer de vraag. Dat de bestuurder veel meer gegevens van de inwoner heeft, zal wel, maar wordt daardoor de ‘afstand’ tussen beiden kleiner? Die zou ook zomaar groter kunnen worden als de inwoner het gevoel krijgt ‘bespied’ te worden. Dan verliest de inwoner het vertrouwen in die ‘systemen’ en in de overheid of de bedrijven die ze beheren en exploiteren. Dan zal die inwoner zoeken naar manieren om het systeem te ‘foppen’

Besturen is besluiten nemen, gegevens kunnen daarbij helpen maar ook hinderen. Je hebt niets aan gegevens alleen, het gaat om kennis: de verbanden tussen die gegevens. Meer informatie betekent niet automatisch betere besluiten. Zo zou je kunnen besluiten om de verkoop van ijs te verbieden omdat hoge ijsverkoop correleert met veel verdrinkingsdoden. Alleen zal dat geen effect hebben want mensen gaan het water in omdat ze verkoeling zoeken, niet omdat ze een ijsje aten. Daar komt bij dat gegevens iets zeggen over het verleden, ze zeggen niets over de toekomst. Als we vervolgens kijken naar de belangrijkste ontwikkelingen in de geschiedenis van de mensheid, dan zijn dat bijna allemaal breuken met het verleden. Als de uitvinder van het wiel, wie dat ook geweest is, alleen maar naar het verleden had gekeken, dan hadden we nu nog steeds geen wiel gehad. Dan waren we, om sneller te kunnen reizen, snellere paarden aan het fokken in plaats van de auto uit te vinden.

Weet ik nu voldoende over ‘smart city-toepassingen’? Geen idee, immers wat is voldoende en wie bepaalt dat? Weet je er voldoende van als je vrolijk meedoet aan het enthousiasme van de tech-bedrijven en bestuurders die op dit gebied willen scoren? Wat ik in ieder geval weet is dat we dit niet aan die techneuten en enthousiaste bestuurders alleen moeten overlaten. Zou het geen goed idee zijn om  naast die techneuten ‘filosofen’ in dienst te nemen? ‘Party poopers’ die vragen blijven stellen, die zaken ter discussie stellen, die niet meegaan in het ‘enthousiasme’ van het moment, die niet met de lemmingen meelopen? Zou dat niet tot betere besluitvorming leiden, niet alleen over de ’smart city’ trouwens. Zou het niet ‘smart’ zijn van de ‘city’ als zij dat deed?

Maar ja, welke organisatie neemt mensen in dienst die het feestje lijken te bederven? 

Uitgelicht

Psd2, weg ermee!

Bij Joop schrijft SP-kamerlid Mahir Alkaya over een Europese richtlijn die de markt op -rekening- en betaaldiensten vrij moet maken. Die richtlijn heet ‘payment service directive 2’, ofwel psd2. Als je van die diensten gebruik wilt maken, moet je ze toestemming geven om je rekeninggegevens in te zien. Alkaya wil aan die richtlijn wat waarborgen toevoegen om de consument te beschermen want: “de uitkomst mag niet zijn dat bedrijven als Google en Facebook nog meer gegevens van ons krijgen en daardoor nog machtiger worden.” Moet ik dan blij zijn met de aanvullingen die Alkaya wil?

SAMSUNG DIGITAL CAMERA

Illustratie: Wikipedia

Volgens Alkaya: “was (de richtlijn) aanvankelijk goed bedoeld en poogde de macht van banken te breken, die nu als enige naast jijzelf inzicht hebben in je bankrekening.” Het breken van de macht van banken, kan ook op mijn instemming rekenen, dus blij zijn met psd2?

Bij De Nederlandsche Bank meer informatie over psd2. “Met PSD2 kunt u nieuwe online betaal- en rekeningdiensten gaan gebruiken.” Dat is leuk, ik kan iets nieuws gaan gebruiken. Maar om er gebruik van te maken: “is het nodig dat u toegang geeft tot uw betaalrekening bij uw bank aan een derde partij (een andere financiële instelling).” Ben ik er blij mee als de Appie mijn rekeninggegevens kan inzien?

Nu is het niet zeker dat ik die nieuwe ‘betaaldienst’ overal kan gebruiken: “Als winkelier heeft u meer keuze tussen (aanbieders van) betaalmethoden. U bepaalt zelf welke betaalmethoden u aanbiedt.” Daar sta ik dan met mij Appie-app en kan niet betalen bij de Jumbo, die staat alleen de Jumbo-app toe en mijn bestelling via bol.com kan ik niet betalen met de Amazon-app. Ik word er steeds minder blij van. Ik kan kiezen, daarvoor moet ik delen en wordt ik uiteindelijk niet gedwongen?

De DNB gaat verder. Die nieuwe aanbieders: “komen online tussen u en uw bank, als een derde partij.” Die derde zal dat niet gratis doen. De kosten ervan zullen door iemand worden betaald. Wellicht betaal ik die ‘derde partij’ alleen met mijn betaalgegevens, de bank zal er ook iets voor moeten doen en dat iets wordt bij mij in rekening gebracht. Van allebei word ik helemaal niet blij. Zelfs niet met extra waarborgen.

Voor wie is zo’n ‘decentralisatie’ van het betaal verkeer nu werkelijk een oplossing? Niet voor mij als consument. Zou ik als consument niet veeleer gebaat zijn met centralisatie van het betaalverkeer? Met één door de overheid, maar los van de overheid georganiseerd betaalsysteem? Zo wordt de macht van de banken gebroken en voorkomen we dat: “Google en Facebook nog meer gegevens van ons krijgen en daardoor nog machtiger worden.”

Psd2: weg ermee!

Uitgelicht

Schandelijk en walgelijk

Toen ik vandaag naar huis reed hoorde ik op de radio een bericht dat afgewezen asielzoekers in Hongarije geen eten kregen. ‘Dat heb ik vast verkeerd gehoord,’ was mijn eerste gedachte. Dat Hongarije onder Orbán niet erg vriendelijk is, of beter gezegd erg onvriendelijk is voor vluchtelingen was mij al bekend, maar mensen laten verhongeren, dat zouden zelfs de Hongaren niet doen. Volgens de site van de NOS is het toch echt waar: “In de Hongaarse transitzones op de grens met Servië hebben acht afgewezen asielzoekers dagenlang geen eten gekregen en ze hadden geen mogelijkheden om zelf aan eten te komen.” WAT???

barbwire-1765900_1920

Foto: pixabay

De Hongaarse regering geeft ze niet te eten: “zodat zij niet in beroep gaan tegen de afwijzing van hun asielverzoek en terugkeren naar Servië.” Daar blijft het niet bij: “Een pastoor die te hulp wilde schieten, werd niet toegelaten.” Zelf geld verdienen en eten kopen is er in die transitzones niet bij. Na tussenkomst van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens krijgen de acht weer te eten, maar dat gaat niet van harte. Bovendien: “zitten (er) nog 130 à 140 mensen, en er is alweer een andere Afghaan die nu geen eten krijgt.” 

Dit gebeurt in het hart van Europa. In een land dat lid is van de Europese Unie. Een Unie waarvan ook Nederland lid is. Tot op het moment dat ik dit schrijf, heb ik nog geen Europese of Nederlandse politici hun walging horen uitspreken. Zouden ze heimelijk blij zijn met de Hongaarse aanpak? Het doel van die aanpak komt immers overeen met het doel van het Europese beleid: door vluchtelingen en migranten schandalig te behandelen, voorkomen dat anderen ook naar hier komen. Het Europese beleid is schandelijk, de Hongaarse aanpak walgelijk.

Dit mag niet ongemerkt passeren. Daarom stel ik de volgende tegenmaatregelen voor. 1) Per direct sluiten de landen van de Europese Unie hun grenzen en luchtruim voor Hongaarse producten en staatsburgers, ook voor (Euro)parlementariërs en bestuurders uit het land. 2) Het lidmaatschap van, en alle betalingen aan Hongarije door de Europese Unie worden per direct beëindigd. Als het land dit schandalige beleid beëindigd, kan het opnieuw het lidmaatschap van de Unie aanvragen. Die aanvraag wordt dan opnieuw beoordeeld. 3) Hongaren in de andere landen van Unie kunnen kiezen: blijven of teruggaan. Blijven ze hier dan behouden ze alle rechten die ze nu hebben, gaan ze terug dan verliezen ze die rechten en komen ze de Unie niet meer in totdat de Hongaarse regering zich betert. Inderdaad wordt zo het hele Hongaarse volk, ook de onschuldigen, getroffen. Dat is jammer, maar helaas. 

Zou er een Nederlandse of andere Europese leider of politicus zijn die dit aandurft? 

Uitgelicht

#geenvrouwopstraat, ookgeenman

“Wie de geschiedenis niet kent is gedoemd ze te herhalen,” een bekende uitspraak die we te danken hebben aan de Spaans-Amerikaanse schrijver, dichter en filosoof George Santayana. Het kennen van de geschiedenis is echter geen garantie dat ze niet wordt herhaald. Sterker nog, er zijn mensen die de geschiedenis willen herhalen om haar recht te zetten. Bregje Hofstede Correspondent Nieuw Feminisme bij De Correspondent lijkt zo iemand.

In een artikel doet zij verslag van een actie van haar actiegroep #meervrouwopstraat: “Om die scheve verhouding aan te kaarten, plakten we als symbolische eerste zet een E achter het bordje van De Dam om er een Dame van te maken, en waaierden vervolgens uit om Serafina en Jansie, Raden Adjeng Kartini, Suze Groeneweg, Beyoncé en acht andere vrouwen een plek te geven. Bij bewustwording begint het.” Want wat blijkt: “88 procent van de naar een mens genoemde straten in Amsterdam heeft een mannennaam.” Er niets mis met bewustwording alleen zullen er weinig  mensen zijn die zich er niet van bewust zijn dat de koek nog steeds niet eerlijk is verdeeld tussen man en vrouw. Sterker nog, ook binnen die groepen is de koek niet eerlijk verdeeld. 

Dan moeten er heel veel straten worden aangelegd om die scheefheid recht te trekken zo schreef ik haar. Alle straten die de komende jaren worden aangelegd moeten dan een ‘vrouwennaam’ krijgen. Als dat de bedoeling is ben je dan niet net zo eenzijdig bezig als onze voorouders? Hoe eerlijk ben je in het heden als je nu alle straten naar vrouwen gaat noemen? Er worden dan geen straten meer vernoemd naar recente ‘mannen’ die ook iets bijzonders hebben betekend. Zouden toekomstige ‘gelijkheidstrijders’ dan niet kunnen concluderen dat mannen in deze tijd ernstig werden gediscrimineerd? 

Gelukkig ziet Hofstede een alternatief: “Een mogelijkheid die weinig genoemd is tot nu toe: het meerendeel van de straten is helemaal niet naar een mens genoemd. Er zijn nogal wat eiken-, linden- en acacialanen, bijvoorbeeld. Wil je dus de bestaande mensennamen houden maar meer aandacht hebben voor tot nu toe vergeten mensen (met name vrouwen), dan zijn er veel opties.” Als die gelijkheid dan toch moet worden bereikt, is er nog een andere optie. Laten we dan alle straten die naar personen zijn vernoemd een andere naam geven. Hoeft er niet over gediscussieerd te worden of een persoon wel ‘voldoende’ heeft gedaan om een straatnaam te verdienen. Lopen we niet het risico dat onze nakomelingen ons over honderd jaar beschuldigen van het vereren van de verkeerde. En mannen, vrouwen, LHBTQIA en van welke kleur ook, worden gelijk behandeld en kunnen aanspraak maken op procentueel gezien evenveel straten, namelijk NUL.