Uitgelicht

Alleen samen zijn we vrij

“Of denk aan mensen die zich onveilig en geïntimideerd voelen door pro-Palestijnse demonstraties. Demonstreren hoort bij een vrije samenleving. Dat staat voor mij buiten kijf. Maar het gaat wringen wanneer mensen alleen hun eigen vrijheid opeisen en daarbij iedere verantwoordelijkheid voor de vrijheid van anderen achter zich laten, precies dat zagen we onlangs in Amsterdam.” Die woorden sprak Christen-Unie voorvrouw Mirjam Bikker in haar Ronny Naftaniel-lezing. Dat is nogal een bewering. De joodse gemeenschap is de groep waarvan de vrijheid in gevaar is, aldus Bikker. Die voelt zich onveilig. En dat gevaar komt van ‘pro-Palestijnse demonstranten en mensen die met Hamas-vlaggen zwaaien.

gele lijn in Gaza. Bron:mondoweiss.net

Bikker liet die woorden volgen door: “Als vrijheid alleen nog maar betekent dat ik mijn gang kan gaan, zolang de ander daar niet direct en zichtbaar schade aan ondervindt, dan is dat uiteindelijk een armzalig vrijheidsideaal. Waar de grootste schreeuwer wint en de samenleving aan het einde gepolariseerd en verkruimelt tegenover elkaar staat. Met als eerste slachtoffer de Joodse gemeenschap, maar vervolgens iedere andere minderheid. Dat is niet het Nederland waar ik in geloof.” Om vervolgens uit te komen bij de filosoof Isaiah Berlin en diens twee opvattingen over vrijheid. En haalt ze er nog wat theologen en bijbelpassages bij. Volgens Bikker is ons aller vrijheid in gevaar als de vrijheid van een persoon of groep in gevaar is. Ze sluit af met de woorden:“ Alleen samen ben je vrij.” En daar kan ik me helemaal in vinden. Ons aller vrijheid is in gevaar als aan de vrijheid van een groep of individu wordt getornd.

U verwijt pro-Palestijnse demonstranten en zwaaiers met de Hamas vlag dat ze ‘alleen hun eigen vrijheid opeisen en iedere verantwoordelijkheid voor de vrijheid van anderen achter zich laten’. Dat is nogal een verwijt. Maar helaas wordt dat verwijt als een feit geponeerd en niet onderbouwd. Geldt dat verwijt dan niet ook voor pro-Israël demonstranten en gezwaai met de Israëlische vlaggen? Dat zou voor de Palestijnse Nederlander ook zomaar eens tot onveilig en geïntimideerd voelen kunnen leiden. Om voor mezelf te spreken, ik voel onveiligheid en intimidatie bij veelal in het zwart geklede demonstranten met dubieuze symbolen en Prinsenvlaggen die ‘wij zijn het volk’ roepen. Dan maar niet meer demonstreren of met vlaggen zwaaien? Dat is niet de oplossing zoals Bikker aangeeft immers: “Demonstreren hoort bij een vrije samenleving.” Net zoals ongemakkelijke gevoelens van anderen bij dat demonstreren en gezwaai met vlaggen hoort. Een samenleving zonder ongemak bestaat niet. Vrijheid is per definitie ongemakkelijk omdat mijn vrijheid met die van jou schuurt. Sterker, een samenleving waar vrijheden niet schuren is een onvrije samenleving.

Maar beste mevrouw Bikker, als u zich echt zorgen maakt om de vrijheid en de veiligheid van joodse Nederlanders, dan moet u verder kijken dan de pro-Palestijnse demonstranten en het zwaaien met Hamas vlaggen. Dan moet u zich eens verdiepen in de manier waarop het begrip antisemitisme door Israël en de Israëlische regering wordt ingevuld en in Nederland wordt versterkt door het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI). De club waarvan de naamgever van uw lezing jarenlang de voorzitter was. U schrijft terecht dat: “Joodse Nederlanders ook niet verantwoordelijk voor de keuzes van de Israëlische regering,” te houden zijn. Door, zoals de Israëlische regering doet, op alle kritiek op haar handelen het label antisemitisch te plakken, maakt zij geen onderscheid tussen joods en de Israëlische regering. Door dit, zoals het CIDI doet na te volgen, iets waar u zich in deze lezing ook schuldig aan maakt, draagt u juist bij aan datgene wat u niet wilt en dat is dat joden om verantwoording wordt gevraagd voor de daden van Israël.

Die honderdduizenden mensen die in 2025 tot drie keer toe een rode lijn trokken en dat binnenkort weer doen, deden en doen dat (de overgrote meerderheid tenminste) niet omdat ze joden haten en antisemitisch zijn zoals u impliciet lijkt te zeggen. Nee, die deden en doen dat omdat Israël zich barbaars gedraagt. Gedrag dat is te vergelijken met de manier waarop de Duitse Nationaalsocialisten zich in de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw gedroegen. Die deden en doen dat vooral omdat de Nederlandse regering haar plicht verzaakt en Israël niet straft voor haar barbaarse optreden. Ze deden en doen dat om u als Kamerlid in beweging te krijgen en zich in te gaan zetten voor mensen van wie veel meer dan alleen de vrijheid wordt bedreigd. Van wie de eigen cultuur en het voortbestaan wordt bedreigd. Voor mensen die door Israël als, om een beladen term te gebruiken, Untermenschen worden behandeld. Die mensen dat zijn de Palestijnen die in de Gaza-strook en op de Westoever wonen. Dat zijn de mensen die direct worden bedreigd. Dat zijn de mensen waar onze sympathie, aandacht en steun naar toe zou moeten gaan. Want, zoals u terecht schrijft: “Wie zich niet bekommert om de vrijheid van de ander, (…) houdt niet werkelijk van vrijheid. Wie wegkijkt wanneer een ander wordt bedreigd, werkt uiteindelijk mee aan onvrijheid.” immers om u aan te halen: “Alleen samen zijn we vrij.” En bij dat samen mevrouw Bikker, horen ook de Palestijnen. Bij het mijne tenminste wel.

Uitgelicht

J’accuse…!

Brief aan de heer R. Jetten, minister-president van Nederland. J’ accuse…! Zo begon een open brief van de Franse schrijver Emile Zola in de krant L’Aurore van 13 januari 1898. Zola richtte zijn brief aan Félix Faure, de toenmalige president van de derde Franse republiek. Met deze woorden begint deze open brief aan u. Zola sprak in zijn brief zijn verontwaardiging uit over de manier waarop kapitein Alfred Dreyfus onterecht werd beschuldig van en veroordeeld voor spionage voor Duitsland. De beschuldiging en veroordeling van de jood Dreyfus waren een gevolg van antisemitisme. “Er is niets meer aan te doen, Frankrijk draagt nu voor altijd deze vuiligheid, de geschiedenis zal schrijven dat het onder uw presidentschap was dat een dergelijk maatschappelijk misdrijf bedreven kon worden,” aldus Zola in zijn brief. Aan hetgeen ik onder uw aandacht wil brengen daarentegen, is nog wel wat te doen. U kunt nog wel iets doen aan de schandvlek die uw blazoen aan het bevuilen is. Snel handelen kan ervoor zorgen dat die schandvlek niet aan uw blazoen hecht. Welke schandvlek? De schandvlek van het handelen of beter gezegd het gebrek aan handelen van de Nederlandse staat met betrekking tot het beschermen van de Palestijnse bevolking tegen de Israëlische regering.

Zola’s open brief aan Faure. Bron: Wikipedia

Ik gebruik de woorden van Zola, j’accuse …! , ‘ik beschuldig’ om mijn brief aan u, de eerste vertegenwoordiger van de Nederlandse, regering te openen. Ik beschuldig de Nederlandse regering van:

Als eerste het niet veroordelen van en optreden tegen oorlogsmisdaden begaan door Israël. Want:

– zoals u weet, of behoort te weten, is het collectief straffen van mensen voor de daden van enkelen in een oorlog, een oorlogsmisdaad. Artikel 33 van het Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd, stelt dat een beschermd persoon niet mag worden bestraft voor een vergrijp dat de persoon niet heeft begaan. Meer dan 2.200 mensen uit hun huizen zetten en hun huizen vernietigen als vergelding voor de dood van twee Israëlische soldaten alleen maar omdat de schutter uit hun wijk afkomstig is, is mensen straffen voor een daad die ze niet hebben gepleegd. Palestijnen in de door Israël bezette gebieden zijn, op grond van het vierde artikel van hetzelfde verdrag, beschermde personen. Dat is een vorm van collectief straffen die het al genoemde artikel 33 verbiedt. De Israëlische regering begaat hiermee een oorlogsmisdaad en dit is niet de eerste keer. Begin 2025 deed de Israëlische regering precies hetzelfde in Jenin. En ook de acties van Israël in Gaza vertonen veel kenmerken van collectief straffen;

– zoals u weet, of behoort te weten, stelt Artikel 3 van hetzelfde verdrag dat: “Personen die niet rechtstreeks aan de vijandelijkheden deelnemen, met inbegrip van personeel van strijdkrachten dat de wapens heeft nedergelegd, en zij die buiten gevecht zijn gesteld door ziekte, verwonding, gevangenschap of enige andere oorzaak, onder alle omstandigheden menslievend (moeten) worden behandeld.” Het massaal samendrijven van dergelijke personen in kampen en hen daar maar mondjesmaat van voedsel, water en medische verzorging voorzien kan ik niet ‘menswaardig behandelen’ noemen;

– zoals u weet, of behoort te weten, moeten: “De gewonden en zieken, evenals de gebrekkigen en de zwangere vrouwen, in het bijzonder worden beschermd en ontzien,” zo stelt artikel 16 van hetzelfde verdrag. Het bombarderen van ziekenhuizen lijkt mij niet bij te dragen aan het beschermen van gewonden, zieken en gebrekkigen. Sterker, artikel 18 stelt dat: “Burgerziekeninrichtingen, ingericht voor de verzorging van de gewonden, zieken, gebrekkigen en kraamvrouwen, onder geen omstandigheid het doelwit van aanvallen (mogen) zijn, doch moeten te allen tijde worden ontzien en beschermd door de Partijen bij het conflict.” Ook moeten (artikel 21): “Transporten van gewonde en zieke burgers, van gebrekkigen en kraamvrouwen, uitgevoerd te land door konvooien van voertuigen,” net zoals de genoemde ziekenhuizen worden ontzien en beschermd. Het beschieten en bombarderen van ambulances is een flagrante schending hiervan.

Wat buiten kijf staat is het recht van een bezet volk of leden ervan om zich tegen de bezetting te verzetten. En ja, bij dat verzetten mag geweld worden gebruikt maar wel binnen de regels van het oorlogsrecht en die overtrad Hamas op 7 oktober 2023. Het overtrad die regels niet door de actie op Israëlisch grond gebied te laten plaatsvinden. Het overtrad die regels door willekeurig mensen (waaronder kinderen) te mishandelen en doden en door vrouwen te verkrachten. Die daden moeten scherp worden veroordeeld. Het recht op zelfverdediging waar Israël en haar sympathisanten zich op beroepen geeft het land geen vrijbrief om het oorlogsrecht en de mensenrechten te schenden, zich van terreur te bedienen en genocidaal op te treden. Net zoals het recht op verzet van de Palestijnen hen niet het recht geeft om het oorlogsrecht te schenden. Dergelijke overtredingen van het oorlogsrecht kunnen en mogen niet onbestraft blijven.

Als tweede het niet veroordelen van en optreden tegen Israël vanwege genocidaal handelen. Van genocide is sprake zo is vastgelegd in artikel II van het Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide als er sprake is van: “een van de volgende handelingen, gepleegd met de bedoeling om een nationale, ethnische, godsdienstige groep, dan wel een groep, behorende tot een bepaald ras, geheel of gedeeltelijk als zodanig te vernietigen: a. het doden van leden van de groep; b. het toebrengen van ernstig lichamelijk of geestelijk letsel aan leden van de groep; c. het opzettelijk aan de groep opleggen van levensvoorwaarden die gericht zijn op haar gehele of gedeeltelijke lichamelijke vernietiging; d. het nemen van maatregelen, bedoeld om geboorten binnen de groep te voorkomen; e. het gewelddadig overbrengen van kinderen van de groep naar een andere groep.” Niet te ontkennen valt dat Israël Palestijnen doodt, ze ernstig lichamelijk en geestelijk letsel toebrengt en hen levensvoorwaarden oplegt die tot gehele of gedeeltelijke lichamelijke vernietiging leiden. Tegenwerpen dat het aan ‘de rechter is’ om hierover te oordelen ontslaat iemand niet van de plicht om zich uit te spreken over het genocidale karakter van het handelen van Israël af te keuren en passende maatregelen te nemen tegen de dader. Want zelfs als de rechter mocht bepalen dat er geen sprake is van genocide dan nog is het optreden van Israël een schending van het oorlogsrecht en de mensenrechten.

En daarmee als derde het niet veroordelen van en optreden tegen de schending van de mensenrechten door Israël. Zo schendt Israël het recht op leven, vrijheid en de onschendbaarheid (artikel 1 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens). Maakt Israël zich schuldig aan foltering en wrede, onmenselijke en interende behandeling en bestraffing. Denk hierbij onder andere aan de collectieve bestraffing. Onthoudt Israël de bewoners van de bezette gebieden erkenning als persoon voor de wet (artikel 6). Zijn zij niet gelijk voor de wet en hebben zij geen aanspraak op gelijke bescherming (artikel 7). Worden Palestijnen onderworpen aan willekeurige arrestatie, detentie en verbanning (artikel 9). Wordt hen een eerlijke en openbare behandeling voor een onafhankelijke en onpartijdige rechterlijke instantie ontzegt (artikel 10). Worden zij voor schuldig gehouden zonder dat hun schuld wordt bewezen (artikel 11). Worden zij onderworpen aan willekeurige inmenging in hun persoonlijke aangelegenheden (artikel 12). Wordt aan hen het recht onthouden om zich vrijelijk te verplaatsen en om hun land te verlaten of er terug te keren (artikel 13). Wordt hen het recht op een nationaliteit onthouden (artikel 15). Worden zij in strijd met artikel 17 willekeurig van hun eigendommen beroofd. Om enkele van de mensenrechten te noemen die de Israëlische regering schendt in haar optreden in de bezette gebieden

Ik beschuldig de Nederlandse regering van het niet veroordelen van dit handelen en er niet tegen optreden. Optreden door economische, diplomatieke en militaire maatregelen te nemen tegen Israël. Maatregelen in overeenstemming met de ernst van de overtredingen en die zijn ernstig.

Ik beschuldig de Nederlandse regering van nalatigheid en plichtsverzuim. Nalatigheid en plichtsverzuim omdat de Nederlandse Grondwet in artikel 90 stelt dat de regering de ontwikkeling van de internationale rechtsorde bevordert. Bevorderen, ‘de werking of ontwikkeling van iets begunstigen, in de hand werken’ aldus de Van Dale. Het minste wat een regering kan doen is zich uitspreken tegen schending van de internationale rechtsorde. Het handelen van Israël een flagrante schending van die internationale rechtsorde. Iets meer dan uitspreken is het nemen van maatregelen tegen de schender. Door niets te doen tegen het optreden van Israël laat de Nederlandse regering die internationale rechtsorde aan haar lot over. Een rechtsorde is alleen een orde als ze wordt gehandhaafd en als overtreders worden aangesproken en gestraft voor hun overtreding. Als ze voor iedereen geldt en iedereen op overtreding ervan wordt aangesproken, niet alleen voor onwelgevallige landen.

“En ik roep tot u, mijnheer de President, deze waarheid, met al mijn opstandige kracht van een eerlijk man,” schreef Zola aan Faure en dat doe ik met deze brief aan u, minister-president. De zin die hij erop liet volgen (“ Voor uw eer ben ik ervan overtuigd dat gij er niet van weet” ) kan ik er niet aan toevoegen omdat u in uw eerdere hoedanigheid meeliep en een rode lijn trok tegen de passieve en daardoor medeplichtige houding van de regering van uw voorganger Schoof. U bent ervan op de hoogte . Maar u kunt uw blazoen nog beschermen tegen ernstige aantasting door nu te doen waar u in 2025 voor demonstreerde, namelijk door u namens de Nederlandse regering uitspreken tegen de voortdurende schending van de rechten van Palestijnen. Door de medeplichtigheid te beëindigen en de overtreder, Israël te straffen voor haar overtreding. Straffen door alle handelscontacten te beëindigen en de diplomatieke betrekkingen met het land op het laagste pitje te zetten en de ambassadeur uit te zetten.

Afsluitend en Zola parafraserend: het is mijn plicht me op deze manier uit te spreken. Ik wil niet medeplichtig zijn. Mijn nachten zouden verstoord worden door de geest van de onschuldigen die daarginds moeten boeten, onder de vreselijkste aller martelingen.

Uitgelicht

Et rüsch noh Kristallnaach

“Enn der Ruhe vüürm Sturm, wat ess dat? Janz klammheimlich verlööß wer die Stadt, Honratioren inkognito. Hasten vorbei, Offiziell sinn die nit jähn dobei, Wenn die Volksseele, allzeit bereit, Richtung Siedepunkt wütet un schreit: “Heil Halali“, un jrenzenlos geil. Noh Vergeltung brüllt, zitternd vüür Neid, Enn der Kristallnaach.”1 Een stukje uit de bekendste song Kristallnaach van de Keulse Rockband BAP. De song kwam uit in 1982. Ik moest hieraan denken naar aanleiding van de gebeurtenissen op de bezette Westoever.2

De joodse synagoge in de Fasanenstrasse in Berlijn na de Kristalnacht. Bron: Wikipedia

Kristallnacht verwijst naar de pogrom op joden op 9 op 10 november 1938 in Nazi-Duitsland. Al vanaf het aan de macht komen van Hitler werden joden in het verdomhoekje gezet. Ze mochten geen officiële functie meer bekleden en met de Wetten van Nürnberg verloren ze hun burgerrechten. Vele joden ontvluchtten Duitsland. Onder hen de familie Grynszpan die naar Parijs was gevlucht. Toen zoon Herschel daar hoorde over de erbarmelijke omstandigheden waarin het achtergebleven deel van zijn familie verkeerde, ondernam hij actie. Hij glipte de Duitse ambassade in Parijs binnen en opende het vuur. Vijf kogels schoot hij af op de Duitse diplomaat Ernst vom Rath. Vom Rath overleed twee dagen later aan zijn verwondingen. Goebbels greep dit aan om het gehele jodendom tot dader te bestempelen en die daad, zo betoogde Goebbels mocht niet onbestraft blijven. De Sturmabteiling (SA), de volkse knokploeg van de NSDAP kreeg instructies van Goebbels om deze actie in gang te zetten. Synagogen, winkels, bedrijven en huizen van joden werden bestormd en veel ervan gingen in vlammen op en honderden joden werden gedood. De politie en de partijpolitie van de NSDAP, de Schutzstaffel (SS) stond erbij een keek erna en mocht alleen ingrijpen als bezit van Duitsers in gevaar kwam. Ook moesten zij zich voorbereiden op de arrestatie van duizenden joden. Na de orgie van geweld werd de joodse gemeenschap als schuldige aangewezen. Die moest een miljard Reichsmark als schade vergoeding betalen omdat ze vijandig zouden staan ten opzicht van het Duitse volk, voor de moord op Vom Rath en het uitlokken van geweld.

BAP tekstschrijver Wolfgang Niedecken gebruikt de Kristallnacht om de aandacht te vestigen op gebeurtenissen in het begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw. Hij ziet in die periode dezelfde maatschappelijke omstandigheden en psychologische processen als in de jaren dertig van de vorige eeuw. Welke processen? “Doch die alles, wat anders ess, stührt, Die mem Strom schwemme, wie’t sich jehührt, Für die Schwule Verbrecher sinn, Ausländer Aussatz sinn.”3 Om de woorden van Niedecken te gebruiken. Je zou er het huidige Nederland in kunnen herkennen.

Terug naar de bezette gebieden. Politici zoals die van de in 1974 door Meir Kahane opgerichte Kach partij willen Arabieren verdrijven uit Israël en Israël is voor hen groot Israël dat omvat de bezette gebieden en daarnaast nog grote delen van Libanon, Syrië, Jordanië en Egypte. Ze willen ‘Lebensraum’ voor hun zionistische natte droom. Politici die de het stelen van Palestijns land en het verdrijven van de er wonende mensen door kolonisten vergoelijken en toejuichen, die de daders de hand boven het hoofd houden. Politici die nu, in de persoon van onder andere Ben-Gvir en Smotirch in de Israëlische regering zitten. ‘Kolonisten’ die de rol vervullen die de SA in 1938 vervulde. Politici die de rol vervullen die Goebbels in nazi-Duitsland vervulde. Het Israëlische leger, de heersende macht, vervult de rol van de Schutzstaffel en de politie: Palestijnen arresteren en alleen ingrijpen en daders oppakken als een Amerikaanse journalist, Franse burgemeester of een westerse diplomaat het slachtoffer wordt van het redeloze geweld.

Op de Westoever is een Kristallnacht in slow motion gaande. In slow motion maar in steeds verhevigde mate. De Gazastrook ligt een paar slagen voor. Daar wordt ‘Lebensraum’ gecreëerd door de Gazanen samen te drijven op een steeds kleiner gebied in kampen te concentreren en deels te ‘vernietigen’. Een stap die de genoemde politici ook op de Westoever graag zouden zetten. Om de analogie af te maken. De Amerikaans president Trump vervult met verve de rol van de Britse Premier Chamberlain en ‘sanctioneert’ het door een prachtig vastgoedplan te maken voor de nieuw gecreëerde ‘Lebensraum’.

En wat doet de Nederlandse regering? Die slaapwandelt verder en komt niet verder dan het verbieden van de import van producten uit de door Israël bezette gebieden en presenteert dat als een hele stap. Zelf het naar hier halen van zwaar gewonde of zieke Palestijnse kinderen gaat al te ver. Net als haar voorgangers in de jaren dertig steeds strikter werden met het toelaten van joodse vluchtelingen uit Duitsland. Een striktheid die in 1938 leidde tot het sluiten van de grenzen. Na die Kristallnacht streek verantwoordelijk minister Goseling over zijn hart: er mochten 7.000 joodse vluchtelingen naar Nederland komen, maar …. Die moesten wel in een kamp worden opgevangen en omdat het de Nederlandse regering geen cent mocht kosten, moest de joodse gemeenschap in Nederland de kosten van die opvang betalen. Dat kamp kwam, nadat een eerdere mogelijke locatie het Elspeterveld op de Veluwe afviel omdat koningin Wilhelmina er bezwaar tegen maakte. Het lag ‘te dicht bij de achtertuin van haar buitenverblijf’, uiteindelijk in Westerbork. Het kamp dat een paar jaar later, oh ironie, werd gebruikt als doorgangskamp voor joden op weg naar de gaskamers. Een kamp dat na de oorlog werd gebruikt om NSB-ers gevangen te zetten en dat later werd ‘omgedoopt’ tot ‘woonoord Schattenberg’ voor gedemobiliseerde Molukse KNIL militairen. De laatsten van hen verlieten het ‘woonoord’ in 1971.

Volgens Marx herhaalt de geschiedenis zich, eerst als tragedie daarna als klucht. Hij zat ernaast. De geschiedenis herhaalt zich alleen valt er niets te lachen. De tragedie wordt steeds tragischer.

1Vertaald: In de rust voor de storm, wat is dat? Helemaal heimelijk verlaat iemand de stad, Notabelen incognito haasten voorbij Officieel zijn ze daar niet bij. Als de volksziel, altijd bereid, richting kookpunt woedt en schreeuwt: Heil, Halali en grenzeloos geil naar wraak brult Trillend van jaloezie In de Kristallnacht.

2Luister hier naar Kristallnaach: https://www.youtube.com/watch?v=Bz9eZnGlWFU of hier voor een recente liver versie https://www.youtube.com/watch?v=b6jVRUDys_s

3 Vertaald: Die alles wat anders is stoort, die met de stroom meezwemt zoals het hoort. Voor wie homoseksuelen criminelen zijn, buitenlanders uitwerpselen zijn

Uitgelicht

Van Weel gaat te ver!

In de aanloop naar de Kamerverkiezingen van 2025 schreef ik de Election Files serie. Een serie waarin ik naast verkiezingsprogramma’s ook relevante ontwikkelingen beschreef. In de zesde prikker in die serie Het vlak helt over, behandelde ik de aanvallen op onze democratische rechtsstaat. En nee, geen aanvallen door ‘statelijke actoren’ of ‘trollen’. Nee, aanvallen van binnenuit. Vanuit de politieke partijen, de volksvertegenwoordigers, de Tweede Kamer als instituut en de regering. Ik moest aan deze serie denken toen ik op de NOS site las dat minister van Justitie Van Weel in gesprek wil met de Amsterdamse burgemeester Halsema over een demonstratie van 11 oktober 2026. “Dit ging ver over mijn grens,” aldus Van Weel.

Bron: Flickr

Wat is er gebeurd? Op die elfde oktober werd er gedemonstreerd tegen het brute Israëlische geweld in Gaza. In die demonstratie liepen ook mensen mee met spandoeken waarop zij verkondigden Hamas te steunen en dat ging dus ver over de grens van Van Weel en dan ben je, zo zei hij: “ “Dan ben je ofwel naïef, kwaadwillend of gestoord.” Dan toch even voor minister Van Weel. Dat iets ‘ver over zijn grens’ gaat, wil nog niet zeggen dat iets verboden is of niet mag. De ‘grens’ van Van Weel is niet relevant, niet als privépersoon en ook niet als minister. De enige grens die relevant is, is de wet. De wet kent ons vrijheid van meningsuiting toe en achter Hamas staan is een mening die je mag verkondigen. Net zoals een ander mag verkondigen ‘achter Israël te staan’ iets wat door anderen weer ‘ naïef, kwaadwillend en gestoord’ genoemd mag worden. Net zoals Van Weel zijn mening mag verkondigen dat dit hem ‘te ver gaat’. Maar daarbij wel een onderscheid. Als privépersoon mag hij dat zeggen. Als minister, en zeker als minister van justitie, hoort hij pal te staan voor de vrijheid van meningsuiting. Dan behoort hij de bekende aan Voltaire toebedeelde uitspraak aan te halen: ‘Ik ben het voor geen woord eens met wat u zegt, maar ik zal me tot mijn dood inzetten voor uw recht om het te zeggen.’ helaas lijkt Van Weel zijn klassiekers niet te kennen en wat belangrijker is, ook zijn rol niet.

Bovendien, zo is te lezen, denkt hij dat het zeer intimiderend was voor joodse inwoners van Amsterdam. Zo kan ik me goed voorstellen dat het gezwaai met Israëlische vlaggen voor Palestijnse inwoners van Amsterdam ook intimiderend kan zijn. Net zoals tractoren voor je huis intimiderend kunnen zijn. Dat iets voor mensen intimiderend kan zijn, wil niet zeggen dat het niet mag. Ook dat mag. En ook dat behoort Van Weel te weten.

“Van Weel wil daarom met burgemeester Halsema in gesprek. Hij wil van haar weten waarom ze de betoging bij het Nationaal Monument op de Dam zo liet doorgaan. Er werd gezichtsbedekkende kleding gedragen en dat kan al een reden zijn om een demonstratie te ontbinden. Ook had ze de echte opruiers onder de demonstranten er tussenuit kunnen halen.” Zo lees ik. Ja, dat had gekund, maar, beste minister Van Weel, de burgemeester van Amsterdam hoeft aan u geen verantwoording af te leggen over de gemaakte keuze. De wet is daar duidelijk over. Die bepaalt dat het aan de burgemeester is om die keuze te maken en niet aan de minister van Justitie. Ook dat behoort u als minister van Justitie en dus hoeder van de rechtsstaat te weten en dus had u, er in de Tweede Kamer naar gevraagd, moeten antwoorden: ‘Daar ga ik niet over. Dat is de bevoegdheid van de burgemeester en daar bemoei ik me niet mee want als ik dat zou doen dan ondermijn ik onze rechtsstatelijke orde en dat mag en kunt u van een minister van Justitie niet verwachten.’

Helaas deed Van Weel dat allemaal niet. In een poging om daadkracht uit te stralen ging hij verder met de bijl te zetten aan de wortels van onze democratische rechtsstaat. Een bijl die wettelijke vormen aanneemt met het Wetsvoorstel Strafbaarstelling verheerlijken van terrorisme en openbare steunbetuiging aan terroristische organisaties dat door Van Weel aan de Kamer is voorgelegd. Een bizar voorstel waarover ik eerder al een Prikker schreef en concludeerde dat het: “bestraffen van slechte ideeën (…) de verkeerde manier (is). Slechte ideeën bestrijd je door goede ideeën in de praktijk te brengen en door te laten zien dat de slechte ideeën tot slechte resultaten leiden. Dit wetsvoorstel is een slecht idee.” En: “Gevaarlijk omdat invulling van wat terrorisme dan afhankelijk is van de waan van de dag.” Dat dit een reëel gevaar is bleek vorig jaar toen een Kamermeerderheid van PVV, VVD, BBB, SGP en JA21 die een motie van het Forum voor Democratie ondersteunden om Antifa te benoemen tot een terroristische organisatie.

Het optreden van Van Weel, onze minister van Justitie en daarmee hoeder van onze democratische rechtsstaat, gaat, om Van Weels eigen woorden te parafraseren, ver over de grens van onze democratische rechtsstaat en laat zien dat die democratische rechtsstaat in gevaar is en en dat we het voor haar verdediging niet moeten hebben van de minister die er pal voor hoort te staan.

Uitgelicht

Verantwoordelijkheid nemen

“Dit onderzoek gaat dus niet alleen over de Oranjes, maar ook over Nederland. Dat betekent dat burgers zich, net als de Oranjes, niet alleen bewust moeten zijn van de eigen geschiedenis, maar daar óók verantwoordelijkheid voor moeten nemen.” De laatste woorden van het Commentaar in de NRC naar aanleiding van de presentatie van het onderzoek dat koning Willem Alexander liet doen naar het verleden van zijn familie en dan vooral de rol die deze familie speelde in de handel in slaven. Jerry Afriyie geeft er alvast invulling aan zo lees ik in de Groene Amsterdammer: “Het gaat om concrete stappen zetten, zodat we als maatschappij ook echt verder kunnen. Want het verleden houdt ons nog altijd in gijzeling. Het is tijd voor actie.” Die actie moet bestaan uit een nationaal deltaplan voor herstel en structurele verandering. De burger moet verantwoordelijkheid nemen.

De omgang met de geschiedenis en dan vooral de koloniale – en slavernijgeschiedenis houdt ons al enkele decennia bezig. Er zijn door de regering en de koning al verontschuldigingen aangeboden maar het blijft ons achtervolgen en het zal ons blijven achtervolgen zolang er voor ‘herstel’ wordt gevraagd. ‘Herstel’ betekent terug naar een eerdere toestand maar dan wel met de ‘kennis van nu’. Dit is onmogelijk.

Het zal ons blijven achtervolgen als we er, zoals de NRC bepleit, verantwoordelijkheid voor moeten nemen. Verantwoordelijkheid, het verantwoordelijk zijn, de verplichting tot rekenschap. Dat verantwoordelijk zijn en dus de verplichting om rekenschap af te leggen kan een persoon maar ook een volk betreffen. Verantwoorden, rekenschap geven van je optreden, je gedrag aldus de Van Dale. Verantwoordelijkheid nemen voor de daden van verre voorouders onmogelijk. Als een rechter een kind veroordeeld voor de daden van de overgrootvader dan is het huis te klein. Maatschappelijk gezien is het een dood spoor. Daar waarschuwde Max Weber al voor want zo’n: “ ethiek (houdt) zich bezig met de politiek steriele, want onoplosbare kwestie van schuld in het verleden.” Waarbij voorbij wordt gegaan aan : “de onvermijdelijke vervalsing van het hele probleem door zeer materiële belangen: de belangen van de overwinnaar bij zo groot mogelijk gewin, zowel in materieel als moreel opzicht, de hoop van de verliezer door schuldbetuigingen voordelen binnen te halen.” Weber noemt dit ‘ethiek als middel om gelijk te krijgen’.

Nee, dit is geen pleidooi om niets te doen. Dat mensen door hun achtergrond op achterstand staan, is reden genoeg om actie te ondernemen. Actie niet om het verleden te ‘herstellen’ maar het heden en de toekomst te verbeteren. Politiek moet, om weer Weber aan te halen, zich bekommeren om: “de toekomst en de verantwoordelijkheid voor de toekomst.”1 En niet alleen , iedere burger moet verantwoordelijkheid nemen voor de toekomst. Verantwoordelijkheid nemen, je rekenschap geven van je daden en de te voorziene effecten van die daden in de toekomst. Dat is wat Weber ‘Verantwortungsethik’ noemt: ‘verantwoordelijkheidsethiek.’

1Max Weber,Wetenschap als beroep. Politiek als beroep, pagina 93

Uitgelicht

Onze normen en waarden

“Waar ik wel een beetje huiverig voor ben is dat er aan de wandel wordt gegaan met deze motie door de opmerking dat alle religieuze uitingen dan eigenlijk in de ban worden gedaan. Dan hoor ik de minister wel een nuance maken en ik hoop dat ook dat opgenomen wordt in het handelingskader van de politie en dat dat ook wijdt verspreid wordt. Dat er nog gewoon ruimte is voor een kerstborrel bijvoorbeeld en een kerstfeest. Want laten we wel wezen, in mijn motie, mijn voorstel stond: ik wil dat we stoppen met het organiseren en faciliteren van iftars, maar laten we even heel duidelijk maken dat ik niet heb gezegd, dat daar geen ruimte moet zijn voor geen enkele religieuze uiting. En dat heeft alles te maken met het feit dat ik vind dat de islam niet te vergelijken is met iets wat heel erg verankerd is in onze Nederlandse normen, waarden, cultuur maar ook in onze tradities hè.” Woorden die JA21 Kamerlid Ingrid Coenradie uitsprak.

Bron: Wikipedia

Nu we het toch over ‘Nederlandse normen en waarden hebben toch even een duit in het zakje. En dan bedoel ik ook echt normen en waarden en niet folklore of traditie, want kerstfeest, sinterklaas en Koningsdag behoren, net als voor anderen iftars, tot folklore en traditie en hebben niets met normen en waarden te maken. Normen en waarden dus. Normen en waarden handelen over hoe je anderen behandelt. De Nederlandse normen en waarden zijn verankerd in de Grondwet. Dat begint met artikel 1, het gelijkheidsbeginsel dat tevens bepaald dat discriminatie niet is toegestaan. Die zitten ook in artikel 6 dat gewetensvrijheid en daarom ook de godsdienstvrijheid regelt. En in artikel 7 dat handelt over de vrijheid van meningsuiting, artikel 8 dat de vrijheid van vereniging regelt en artikel 9 dat handelt over de vrijheid van vergadering en betoging. Artikel 11 dat de lichamelijke onaantastbaarheid regelt.

Wat zien we als we met deze normen en waarden naar de boodschap van Coenradie kijken? Dan zien we dat die vloeken met het gelijkheidsbeginsel. Coenradie wil mensen anders behandelen omdat ze een ander geloof aanhangen. De politie doet daar gelukkig (nog) niet aan mee. Die handelt conform het gelijkheidsbeginsel en behandelt iedere religie op eenzelfde manier. Als er geen bijeenkomst voor een feestdag van de ene religie georganiseerd mag worden, dan ook voor alle andere godsdiensten. Coenradie discrimineert en zou willen dat de politie (de overheid) dat ook doet. In tegenstelling tot wat Coenradie beweert, is het christendom niet verankert in de Nederlandse normen en waarden. Wat is verankerd is de vrijheid van godsdienst, niet de dominantie van een bepaalde godsdienst.

Waar ik huiverig voor ben, om woorden van Coenradie te gebruiken, is voor politici die hoog opgeven over onze normen en waarden, onze vrijheden en die deze vervolgens met voeten treden. Met voeten treden maar wel op een verhullende manier. Een manier waarbij ze een façade optrekken en ze zich naar buiten toe minder extreem voor doen dan ze zijn, om de woorden die de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) en de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) in hun rapport Achter de façade. Strategische normalisering vanuit de rechts-extremistische beweging gebruiken, aan te halen.1 En van die politici zijn er steeds meer.

Neem de motie die BBB-Kamerlid van der Plas indiende waarin de regering wordt verzocht om:“het structurele patroon van acties van Extinction Rebellion te laten beoordelen aan de hand van de criteria voor extremisme.” Dit omdat, zo is in de motie te lezen: “Extinction Rebellion herhaaldelijk strafbare feiten pleegt en vitale infrastructuur ontregelt om politieke besluitvorming te beïnvloeden.” Een bijzondere door een Kamermeerderheid aangenomen motie. Bijzonder om meerdere redenen.

Als eerste zijn er meer groepen die herhaaldelijk strafbare feiten plegen en vitale infrastructuur ontregelen om de politieke besluitvorming te beïnvloeden. Een van die groepen moet Van der Plas zeer bekend voorkomen want zij verdiende haar momenten van glorie aan de acties van deze groep protesterende boeren. Ook een ander groep, de tegenstanders van asielopvang, maakt zich herhaaldelijk schuldig aan strafbare feiten en ontregelt vitale infrastructuur. Dat deze groepen niet worden genoemd in de motie is bijzonder. Als het herhaaldelijk plegen van strafbare feiten en het ontregelen van vitale infrastructuur om politieke besluitvorming te beïnvloeden een reden is om een groep te laten beoordelen aan de hand van de criteria voor extremisme, dan zouden ook deze twee groepen onderzocht moeten worden. Dat dit niet is gebeurt, is het eigen extremisme verbergen achter een façade waarbij gelijktijdig mensen met andere opvattingen in een kwaad daglicht worden gesteld.

Er is meer. Een kenmerk van extremisme vijandige gedrag in de richting van anders denkende mensen. Als iets de acties van XR niet kenmerkt, dan is het vijandig gedrag in de richting van mensen die er anders over denken. De acties van XR zijn geweldloos en richten zich niet tegen mensen. Iets wat je van de acties van de Farmers Defence Force en tegenstanders van asielopvang niet kunt zeggen.

Je kunt de acties van XR hinderlijk vinden maar je kunt hen niet het recht ontzeggen om de politieke besluitvorming te beïnvloeden. Dat recht heeft iedereen. Je kunt hen ook niet het recht ontzeggen om, via de infrastructuur, de openbare orde te ‘ontregelen’. Dat mag want eenieder heeft het recht om te demonstreren. Als daarbij strafbare feiten worden gepleegd dan dient daartegen te worden opgetreden en de plegers moeten dan worden vervolgd. Met deze motie wordt gepoogd om XR monddood te maken en in het verlengde hiervan wordt de vrijheid van ons allen beperkt. Want wat nu ‘realisme’ is, kan morgen als ‘extremisme’ worden gezien.

Dat een een flinke meerderheid, waaronder partijen als de VVD, het CDA en de ChristenUnie een dergelijke motie steunen, maakt duidelijk dat de normen en waarden zoals ze zijn opgenomen in de Grondwet, onder druk staan. En nee, die druk komt niet van XR en ook niet van moslims. Die druk komt van politici die om welke electorale reden dan ook, marchanderen met die normen en waarden en daarmee marchanderen met onze democratische rechtsstaat.

Deze twee voorbeelden laten zien dat de ‘normaliseringsstrategie’ waar de AIVD en NCTV in hun rapport over schrijven al zo ver gevorderd is dat Kamermeerderheden het acceptabel vinden dat er moties worden aangenomen die zaken betogen, om het rapport van de beide organisaties te citeren: “ haaks (staan)op de waarden van onze democratische rechtsorde. Deze waarden vormen de basis van de vrije samenleving waarin mensen met verschillende meningen, geloofsovertuigingen en culturele achtergronden in vrijheid en gelijkheid samenleven.” Moties die rechts-extremistisch gedachtegoed normaliseren. Kamerleden dus die: “onze democratische rechtsorde en haar grondrechten als de vrijheid van meningsuiting en het demonstratierecht voor hun anti democratische doeleinden.,” gebruiken. Die: deze democratische middelen in (zetten)om maatschappelijke tegenstellingen op de spits te drijven en verschillende democratische processen te ondermijnen.”2 De rot zit al diep.

1 Achter de façade. Strategische normalisering vanuit de rechts-extremistische beweging, pagina 7

2 Achter de façade. Strategische normalisering vanuit de rechts-extremistische beweging, pagina 3

Uitgelicht

Zit de VVD in de weg?

We kunnen een probleem niet oplossen met de denkwijze die het heeft veroorzaakt, een van de beroemde uitspraken van Albert Einstein. Aan die uitspraak moest ik denken na het lezen van de Binnenhoflezing van VVD-fractievoorzitter Ruben Brekelmans.

Foto: Marina Noordegraaf. Bron Flickr

Brekelmans wil een krachtig Nederland: “Een land dat mensen veilig houdt, economisch meedoet in de wereld, mensen ruimte en vrijheid geeft, en een democratie heeft die levert.” Daarin speelt het bedrijfsleven een belangrijke rol: “Bij grote issues wordt vaak direct naar de overheid gekeken.” Wel dat ligt toch iets genuanceerder dan dat. Inderdaad wordt er bij grote vraagstukken naar de overheid gekeken. En dat is in onze democratische rechtsstaat niet meer dan terecht. Die overheid is ons grootste samenwerkingsverband en daarmee het belangrijkste en machtigste instrument dat we hebben. Alleen hebben ruim veertig jaar neoliberaal beleid dat instrument verzwakt. Verzwakt door die overheid een steeds kleinere rol te geven in de samenleving en private bedrijven een steeds grotere. De telefonie, de post, het openbaar vervoer, de energievoorziening, de woningbouw, de zorg overal trok de overheid zich terug omdat een uitspraak van de Amerikaanse president Reagan tot algemene neoliberale wet werd verklaard. In zijn eerste inaugurale toespraak sprak Reagan de woorden: “government is not the solution to our problem; government is the problem.” De paar woorden die Reagan ervoor sprak: “In this present crisis,” werden vergeten.

Brekelmans vervolgt met:“Maar wie ontwikkelt de nieuwste drones, medische technologie, huizen voor onze kinderen? Dat zijn ondernemers. Zij nemen de risico’s, investeren en creëren banen.” De bekende (neo)liberale lofzang op het bedrijfsleven als motor van innovatie waarbij tegenwoordig vooral Silicon Valley als voorbeeld wordt gegeven. Helaas is dat, uitzonderingen daargelaten, een vertekend beeld van de werkelijkheid. Of beter gezegd een geromantiseerde met ‘geniale mannen’ (vooral mannen) in de hoofdrol. De basis van het ‘technische’ deel van Silicon Valley is het resultaat van vooral overheidsinvesteringen. Overheidsinvesteringen in vooral defensie en ruimtevaart. Voor wie er meer over wil weten, lees De ondernemende staat van Mariana Mazzucato. Daarin laat ze zien dat de smartphone vol zit met door overheidsinvesteringen ontwikkelde technologie. De innovatie van Apple van Steve Jobs bestond uit twee, of eigenlijk vier zaken. Als eerste die verschillende vindingen bundelen in een klein apparaatje, als tweede de marketingcampagne, als derde het monopoliseren van de toegang tot het apparaat en als laatste het toe-eigenen van de gegevens van de gebruiker. Van die vier waren de laatste geen innovaties. Monopoliseren, marketing en uitbuiting zijn typische kenmerken van het kapitalisme.

Het kapitalisme heeft, zo betoogt Sven Beckert, vier kenmerken. Als eerste: “The reproduction of conditions that allow (…) accumulation to continue,” en dat is niets anders dan monopoliseren en marketing. Als tweede commodificatie, alles tot een product maken en: “one of the first commodities is Labor.” Dat kon in de vorm van slavernij en onze achttiende en begin negentiende eeuwse voorouders zagen ook loonarbeid, de tegenwoordige norm, als een vorm van slavernij. De moderne ‘slavernij’ bestaat uit de toe-eigening van data. Het derde kenmerk is, en dat zal Brekelmans verbazen dat: “Capitalism (…) conceptually unimaginable (is) without the state,” Kapitalisme heeft de staat nodig. Voor een goed voorbeeld daarvan hoeft Brekelmans alleen maar naar China te kijken. De plek waar volgens Brekelmans alle banen naartoe gaan: “Als we luisteren naar de FNV.”

Het vierde kenmerk is dat: “ Capitalism is demarcated by a constant redrawing of the boundaries between the spheres of life seen as subject to capitalist logic and those as outside it. Production and reproduction, economy and polity, human activity and nature.”1 Waarbij het neoliberalisme en het onder de techbro’s populaire libertarisme zo ongeveer het hele leven zien als productie, economie en menselijke activiteit. Brekelmans toont zich een goed leerling met zijn oproep om vijf dagen werken weer de norm te maken want, hij zegt het niet maar zijn hele betoog is er wel van doordrenkt, je leeft immers om te werken.

Brekelmans ziet de overheid als probleem: “Bij al mijn werkbezoeken zeggen ondernemers hetzelfde: we willen groeien, maar de overheid zit in de weg. Met regels, vergunningen, administratie en eindeloze procedures. De overheid als procesfabriek, met het proces belangrijker dan het resultaat. De formulieren zijn ingevuld, maar de banen verdwenen.” Weg met de regels dan maar? Natuurlijk moeten nut en noodzaak van regels goed worden afgewogen. Dat afwegen gebeurt in onze democratische rechtsstaat door de volksvertegenwoordigers. Brekelmans is er daar eentje van net als zijn collega’s in de Tweede- en Eerste Kamer en de leden van provinciale staten en de gemeenteraad. Zij zijn de democratie die moeten leveren. Laat nu Brekelmans partij van de laatste 41 jaar er 34 deel uitmaken van de regering en de VVD is de enige partij die sinds eind 2010 continu deel uitmaakt van de regering en dus de dienst mee uitmaakt bij de overheid.

Brekelmans begint over asiel: “de grootste bron van polarisatie,” volgens Brekelmans en vervolgt met: “Een grote meerderheid wil een lagere asielinstroom, vluchtelingen in de regio opvangen en alleen op uitnodiging naar Europa halen.” Hij vergeet hier voor het gemak dat de overgrote meerderheid van mensen op de vlucht altijd al in de regio worden opgevangen. Hij vervolgt: “Verdragen staan dit in de weg. … Vluchtelingenverdrag en het EVRM stammen uit de jaren vijftig. Door rechterlijke interpretaties is de werking veranderd, zonder dat een parlement daar expliciet voor heeft gekozen. Ik maak geen verwijt aan rechters: zij doen gewoon hun werk. Maar de politiek moet met verdragswijzigingen en wetgeving daarop bijsturen.” Beste meneer Brekelmans, de politiek dat bent u. Dus waar wacht u op als u dit zo graag wilt. Of beter gezegd waarom hebt u dat niet al geregeld? Uw partij heeft van de afgelopen veertig jaar driekwart van de tijd in de regering heeft gezeten.

In zijn hele betoog ontbreekt ook maar enige vorm van zelfreflectie. Zelfreflectie die ook bij zijn partij ontbreekt, zo constateerde ik bij de bespreking van Sterker uit de storm het verkiezingsprogramma waarmee de VVD de laatste parlementsverkiezingen inging. Als de overheid in de weg zit, zou het dan niet zo kunnen zijn dat de VVD in de weg zit? In de weg zit omdat het neoliberale denken waarmee de partij is doordrenkt, aan de basis ligt van de huidige problemen? In de weg zit omdat het de partij ontbreekt aan ook maar enige vorm van zelfreflectie. Om te eindigen met Einstein waarmee ik begon, kun je een probleem niet oplossen met de denkwijze die het heeft veroorzaakt. En daarbij aanvullend, ook niet met mensen zonder zelfreflectie die het hebben veroorzaakt.

1Sven Beckert, Capitalism. A Global History, pagina 19-21

Uitgelicht

Rechtsstaat voor dummies

“Vijf boeren dreigen hun vergunning én daarmee hun bedrijf kwijt te raken. Dit kabinet heeft de mond vol van de rechtsstaat. Maar het eigendomsrecht van ondernemers hoort daar óók bij.” Aldus Mona Keijzer in een bericht op LinkedIn. Keijzer is niet de eerste die zich in dergelijke bewoordingen uitspreekt. Op het medium waar ik dit las, heb ik al veel soortgelijke uitspraken gezien. Keijzer is vast ook niet de laatste. Keijzer is Kamerlid en heeft Nederlands recht gestudeerd. Zij zou beter moeten weten.

Bron: loomahat.com

Ze zou beter moeten weten, omdat ze met deze drie zinnen een verkeerd beeld van de werkelijkheid schetst. Ze zou moeten weten dat een vergunning een door de overheid gegeven toestemming is om een bepaalde activiteit te mogen uitvoeren. Het geeft de vergunninghouder het recht tot iets. In het geval van de vijf boeren waar Keijzer over spreekt, het houden van kippen. Een vergunning is geen eigendom van de vergunninghouder, zoals Keijzer lijkt te suggereren. Ze is eigendom van de overheid die ze heeft afgegeven. Die heeft de vergunninghouders toestemming gegeven om een bepaalde activiteit uit te voeren.

Ze zou moeten weten dat vergunningen ingetrokken kunnen worden. Dat kan als de houder van de vergunning er structureel een potje van maakt en zich niet aan de voorwaarden houdt. De overheid zal dan eerst waarschuwen, vervolgens handhavend optreden, boetes opleggen en als de overtredingen aan blijven houden dan kan de vergunning worden ingetrokken. Dat kan ook als het maatschappelijk belang verandert. Als voortschrijdend inzicht duidelijk maakt dat een bepaalde vergunde activiteit schadelijk is voor mens en natuur, bijvoorbeeld het gebruik van een bepaalde stof of de lozing van een stof in het oppervlaktewater, dan is dat een reden en aanleiding om vergunningen in te trekken. Dus ja, ook de vergunningen van de vijf boeren kunnen worden ingetrokken als nieuwe opvattingen over de wenselijkheid van zaken daartoe aanleiding geven. Dit geheel binnen de kaders van de rechtsstaat. Dat zou Keijzer moeten weten.

Dat weet de in het Nederlands recht opgeleide Keijzer waarschijnlijk ook en dat is nog wel het meest schadelijke van die paar zinnen. Natuurlijk mag je het om inhoudelijke redenen belachelijk vinden dat de vergunningen van die vijf boeren wellicht worden ingetrokken. Dat kan en mag, maar kom dan wel met inhoudelijke argumenten waarom je het belachelijk vindt. Met haar woorden schetst Keijzer bewust een beeld van een min of meer corrupte overheid die eigendommen van mensen steelt. Ze wakkert wantrouwen in de overheid aan en dat als Kamerlid van het hoogste orgaan van die overheid. Als er iets de bijl aan de wortel van onze democratische rechtsstaat zet, dan is het dergelijk handelen van Kamerleden.

Uitgelicht

Don Quixote en asiel

Aan het begin van de zeventiende eeuw schreef Miguel de Cervantes zijn bekende boek over de dolende edelman Don Quixote de la Mancha.1 Don Quixote ziet herbergen aan voor kastelen, geestelijken voor schurken (op dit punt doolde hij wellicht niet) en windmolens voor reuzen. Ik moest aan dit verhaal denken toen ik in de NRC las dat de Nederlandse regering samen met de regeringen van Duitsland en Denemarken gesprekken voert met Rwanda om daar een terugkeerhub voor uitgeprocedeerde asielzoekers te realiseren.

Asielmigratie is de door de rechterkant van het politieke spectrum tot mythische en reusachtige proporties opgeblazen windmolen. In 2025 deden zo’n 600.000 mensen een eerste asielaanvraag in Europa. Op het hoogtepunt van de burgeroorlog in Syrië in 2015 waren dat er bijna 1,3 miljoen. Die 600.000 in 2025 betekent dat er op iedere 1.000 inwoners van Europa 1,3 asielzoeker binnenkomt. Een jaar eerder, in 2024 vroegen zo’n miljoen mensen asiel aan. Dat is iets meer dan een zesde deel van het totaal aantal immigranten naar de Europese Unie in dat jaar. Als immigranten het probleem zijn waarom dan alle aandacht op die tot mythische proporties opgeblazen asielwindmolen en wordt die net geen vijf zesde ongemoeid gelaten? Als immigratie al een probleem is want iedereen die met een beetje verstand van demografie naar de bevolkingspiramide van de Europese Unie kijkt, ziet dat bevolkingskrimp in de nabije toekomst in het verschiet ligt. Er zijn al landen waar die krimp een feit is. Sterker nog de bevolking van de Europese Unie groeide vorig jaar met 1,7 miljoen mensen. Zonder de asielzoekers en immigranten was er sprake van krimp.

De trend om de asielzoekers terug te duwen is al een oude. Een van mijn eerste prikker heeft als titel Opvang in de regio en handelde over het plan van toenmalige VVD-Kamerlid Malik Azmani om ‘vluchtelingen in de regio op te vangen.’ Dat ‘de regio’ als het overgrote deel van de vluchtelingen opving, liet hij even buiten beschouwing. Al snel werd dit gevolgd door het sluiten van ‘deals’ met ‘veilige landen’. Landen die door de EU werden betaald om vluchtelingen tegen te houden. Dat de EU hiermee chantabel werd, werd op de koop toegenomen en dat die ‘veilige landen’ het niet zo nauw namen met mensenrechten en niet zo veilig blijken te zijn, hoeft geen bezwaar te zijn. Om de Don Quixote analogie door te trekken, de herbergen werden verkocht als kastelen. En met dat verkopen wordt nu nog een stapje verder gegaan. Rwanda, een totalitaire dictatuur die onrust stookt in buurland Congo moet aan de rij met ‘kastelen’ worden toegevoegd.

Bij het opblazen van die windmolen en het verkopen van die herbergen als kastelen wordt vaak het argument gebruikt dat ‘het verdienmodel van gewetenloze mensenhandelaren die mensen uitbuiten en in de Middellandse zee laten verzuipen moet worden aangepakt.’ Toch bijzonder dat de Europese Unie zich voor het succes en falen afhankelijk maakt van gewetenloze dictators en autocraten. Die krijgen een prachtig ‘verdienmodel’ in de schoot geworpen. Met fraaie redeneringen verkopen de voorstanders van terugkeerhubs zaken die vloeken met de geest en langs de randen schuren van de Nederlandse wet- en regelgeving. Zo stelt artikel 273f van het Wetboek van strafrecht dat je schuldig bent aan mensenhandel als je: “een ander door dwang, geweld of een andere feitelijkheid of door dreiging met geweld of een andere feitelijkheid, door afpersing, fraude, misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, door misbruik van een kwetsbare positie of door het geven of ontvangen van betalingen of voordelen om de instemming van een persoon te verkrijgen die zeggenschap over die ander heeft, werft, vervoert, overbrengt, huisvest of opneemt, met inbegrip van de wisseling of overdracht van de controle over die ander, met het oogmerk van uitbuiting van die ander of de verwijdering van diens organen.” Het oogmerk van de hubs is niet ‘uitbuiting of verwijdering van organen’, maar er is geen garantie dat de naar Rwanda gedeporteerde mensen daar niet het slachtoffer van worden. Wel wordt er misbruik gemaakt van de kwetsbare positie van mensen en geeft de Nederlandse overheid de controle die zij over de een asielzoeker heeft, over aan een ander, in dit geval de Rwandese overheid.

Don Quixote zag geestelijken voor schurken aan, goed voor kwaad zo suggereert het verhaal. Nu laat de vroeg zestiende-eeuwse werkelijkheid zien dat die goede geestelijken in aflaten handelden en het van hoog (paus Leo X) tot laag met de regels die ze zelf verkondigden, niet zo nauw namen. Hier zag Don Quixote het dus eigenlijk goed. Nu wordt dit ‘terugkeerhub beleid’ geïnitieerd en uitgevoerd door partijen die met mooie woorden hun ‘liberale’ en ‘christelijke’ principes verkondigen. Die zich ‘geestelijk’ voordoen maar zich schurkachtig gedragen.

1 De originele titel van het boek luidt: El ingenioso hidalgo Don Quixote de la Mancha

Uitgelicht

Terreur in Engelen

“Wat een lelijk vandalisme in Engelen. Samenleven is een van de kernwaarden van Nederland. Verschillende meningen mogen daarbinnen bestaan, daarover gaan we met elkaar in gesprek. Voor het intimideren van mensen die zich inzetten voor mensen die zijn gevlucht voor oorlog is geen enkele rechtvaardiging.” De reactie van minister-president Jetten op de bekladding van huizen van mensen in het Brabantse dorp Engelen. Inwoners die geen bezwaar hebben tegen de komst van 50 minderjarige asielzoekers. Mijn broek viel af van deze reactie.

Even voor premier Jetten. Vandalisme heeft twee betekenissen. De eerste is ‘barbaarse vernielzucht, oorspronkelijk vooral met betrekking tot cultuurgoederen’. De tweede is “zinloze, grove vernielzucht, baldadig vernielen van publiek eigendom, auto’s, winkelvensters enzovoorts’. De bekladding en vernielingen waren zinloos en barbaars. Dus er was sprake van vandalisme. Waarom viel dan toch mijn broek af?

Mijn broek viel af omdat er geen sprake was van ‘zinloze vernielzucht’. De daders hebben een doel met hun daden, ze hebben iets in de zin en dus is hun daad niet zinloos. De ‘zin’ van hun daad was om mensen angst aan te jagen. Mensen die het niet men hen eens zijn. Hier is sprake van ‘georganiseerde geweldpleging met een politiek doel om een deel van de bevolking angst aan te jagen’, het is een ‘bedreiging van personen in fysiek, psychisch en materieel opzicht’. Laat dat nu precies de betekenissen zijn van TERREUR. De plegers maken zich schuldig aan terreur, ze bedienen zich van terrorisme.

Terrorisme dus en de enige reactie van het Nederlandse kabinet is dit Twitterbericht van onze premier. Nog stiller is het vanuit de drie regeringspartijen. Echt bijzonder maakten de PVV- en FvD-fracties van Den Bosch, waar Engelen toe behoort. Beide partijen weigerden een verklaring te ondertekenen die, om de woorden van de verklaring die alle andere Bossche partijen wel hebben ondertekend te gebruiken: “het vandalisme dat afgelopen nacht in Engelen heeft plaatsgevonden,” veroordeelt en vervolgt met de woorden: “Het intimideren van inwoners heeft geen plaats in onze democratische samenleving.” De beide partijen wilden geen verklaring geven voor hun weigering. De enige conclusie die hieruit is te trekken is dat deze beide partijen terreur een legitiem politiek wapen vinden.

Dit staat in zeer, zeer, zeer schril contrast met de reacties vanuit politiek rechts en de regeringspartijen op de gebeurtenissen in de Spaanse exclave Ceuta alwaar naar schatting 50.000 mensen zwemmend vanuit Marokko een kaartje naar Europa probeerden te krijgen. Een situatie die door de Spaanse regering snel werd opgelost. Vanuit de regeringspartijen werd Spanje opgeroepen om de grenzen te bewaken. JA21 wilde weten hoe het kabinet gaat voorkomen dat deze mensen naar Nederland komen. PVV-leider Wilders wilde onmiddellijk de Nederlandse grenzen sluiten en moest er een spoeddebat komen. Paniek alom.

Binnenlandse terreur wordt stilgezwegen: geen spoeddebat, geen zware woorden vanuit politiek rechts en de regeringspartijen. Een miserabel Twitterberichtje van de minister-president en geen verzoek om een spoeddebat terwijl daar toch alle aanleiding voor is want hier wordt de bijl aan onze democratische rechtsstaat gezet. Een gebeurtenis in Spanje en dezelfde personen staan op de achterste poten en een verzoek om een spoeddebat kreeg net niet voldoende steun.

De enige vergelijking die bij mij te binnen schiet is het kabinet als het orkest op de Titanic.