Goed voorbeeld

“Volgens een woordvoerder van de Nationale Politie moet er echter niet al te zwaar aan de huisbezoeken worden getild. Door even op visite te komen wil de politie de burger slechts laten weten welk effect een post of tweet op internet kan hebben.’’ Een inwoner van Sliedrecht kreeg politiebezoek, nadat hij enkele tweets had geplaatst waarvan dit er een is: “Het college van #Sliedrecht komt met een voorstel om de komende 2 jaar 250 vluchtelingen op te vangen. Wat een slecht plan! #KominVerzet”. Zo valt op Joop te lezen. VU hoofddocent Jaap Timmer constateert dat de politie ook de eenentwintigste eeuw heeft bereikt: “Als iemand vroeger in een café zei dat hij ging demonstreren en dat de ruiten eruit zouden gaan, zou diegene ook een huisbezoekje krijgen.”

VoorbeeldIllustratie: rawforbeauty.com

In het artikel wordt vermeld dat de persoon veel twittert, het artikel bevat alleen dat ene voorbeeld. En als dat de inhoud van de tweets is, waar zit dan de overeenkomst met de ‘kroeguitspraak’? Als de Sliedrechtenaar had opgeroepen de ramen van het gemeentehuis in te gooien, dan was het een ander verhaal. Dan was het te vergelijken. Maar oproepen om in verzet te komen?  Moet de Ballonnendoorprikker zich dan ook zorgen maken omdat hij mensen aan het denken zet en dat denken wel eens tot andere handelingen kan leiden? Handelingen die bijvoorbeeld de economie kunnen schaden? Of tot verzet tegen slecht nadenkende politici?

Nu kom je uitspraken als die van de Sliedrechtenaar vaker tegen in ‘gewone’ en op de ‘sociale’ media, maar ook op spandoeken. Krijgen al die mensen politiebezoek en een goed gesprek over de gevolgen van hun uitspraken? Als iemand bedreigingen uit, dan is een politiebezoek te rechtvaardigen. Dan moet worden aangegeven dat we elkaar in dit land niet bedreigen.

Maken niet bijna alle politici zich schuldig aan het doen van dergelijke en vaak nog veel ernstigere uitlatingen? Denk aan uitlatingen als ‘minder-minder’, de ‘testosteronenbommen’ en hetzelfde ‘#KominVerzet’ door Wilders.  Maar ook de ‘borstvergroting’ van Zijlstra en vele andere vormen van halve en hele leugens en verdraaiingen. Zouden die geen ‘effect’ kunnen hebben waar die politici zich niet bewust van zijn? Heeft de politie hierover al een gesprek gevoerd met Wilders, Zijlstra en de andere?

Of is dat onderdeel van het vrije politieke debat? Als dat zo is, waarom mogen burgers daar dan niet op eenzelfde manier aan deelnemen? Als dat zo is, zouden politici dan niet het voorbeeld moeten geven hoe het wel moet, net zoals ze nu het voorbeeld geven hoe het niet moet?

Allemaal politiek correct

Politiek correct. Eerst een artikel van Rutger Bregman bij de Correspondent en een dag later besteedt de ombudsvrouw van de Volkskrant, Annieke Kranenberg, er haar bijdrage in de zaterdagkrant aan. In reacties van lezers op het net, wordt het woord veelvuldig gebruikt. Met name ‘links’ wordt ervan beschuldigd politiek correct te zijn.

Politiek correctFoto: www.pinterest.com

Maar wat betekent het? Wikipedia, voor zover die betrouwbaar is, geeft de volgende omschrijving: “voorzichtig taalgebruik over, of het vermijden van, onderwerpen die politiek gevoelig liggen, om belediging (van met name minderheden) te voorkomen.” Het cultureel woordenboek geeft een wat bredere omschrijving: “Het taboeïseren van benamingen en opvattingen en het gebruiken van eufemismen bij wijze van oplossing van maatschappelijke problemen en gevoeligheden.” Dus in plaats van gehandicapt heeft iemand een functiebeperking.

Zou het kunnen dat iemand ‘politiek correct’ noemen een manier is om het gesprek, de discussie of het debat te vermijden? Vermijden door de ander te diskwalificeren? Net zoals je een andere kunt diskwalificeren door hem of haar irreëel of onpraktisch te noemen. Of juist door jezelf als praktisch en realistisch neer te zetten. Met onpraktische en niet realistische mensen hoef je immers niet te praten. Die kun je negeren. Is de ander irreëel, onpraktisch en ook politiek correct noemen daarmee niet een zwaktebod in een gesprek, discussie of debat?

Zou je niet juist het gesprek aan moeten met mensen wiens opvattingen anders zijn dan de jouwe? In gesprek door de ander te bevragen en andersom? Zou een dergelijk gesprek niet veel meer opleveren dan het zwaktebod van de gespreksvermijding?

Interessant is de vraag wie nu bepaalt wat politiek correct is? Als ik tegen de opvang van vluchtelingen ben en ik haal alle negatieve voorbeelden aan ben ik dan politiek correct omdat ik de positieve verzwijg? En als ik voor de opvang van vluchtelingen ben en ik haal juiste de positieve voorbeelden en roem de diversiteit, ben ik dan politiek correct omdat ik de negatieve gevolgen verzwijg? Zou het niet kunnen dat iedereen in een debat of discussie zijn zienswijze in een positief daglicht zet en de negatieve kanten ‘vergeet’ of ‘niet ziet’.

Dus: we zijn allemaal irreëel, onpraktisch en vooral POLITIEK CORRECT!

Wie zijn heden verprutst

“Het is erg wrang dat er nu zo veel werknemers in de zorg op straat komen te staan, terwijl deze cijfers uitwijzen dat we ze in de toekomst weer keihard nodig hebben.” Een uitspraak van de Limburgse gedeputeerde Daan Prevoo in Dagblad de Limburger als reactie op de laatste bevolkingsprognose. Die laat zien dat de Limburgse bevolking tussen nu en 2050 flink krimpt en veroudert. Dan staat tegenover één werkende één niet-werkende, nu is dat 3 op 2. Hierdoor zal de sociale zekerheid onder druk komen te staan, aldus onderzoeker Hans Kasper: “Minder mensen dragen actief bij aan bijvoorbeeld de bekostiging van uitkeringen. Hoe gaan we dat dan in de toekomst financieren?”

seneca  Illustratie: historiek.net

Nu is het bijzondere aan toekomstvoorspellingen dat het voorspellingen zijn en geen werkelijkheid. Tussen nu en 2050 liggen nog ruim dertig jaar. Dat biedt ruimte om er wat aan of mee te doen. Zou het nu niét ontslaan van de werknemers in de zorg, wat Prevoo lijkt te suggereren, in 2050 een oplossing bieden? Zouden veel van die werknemers dan niet zelf voor zorg in aanmerking komen?  Moeten de oplossingen in een andere richting worden gezocht?

Zou het verhogen van de kinderbijslag of het op een andere manier aantrekkelijk maken van het krijgen van kinderen een oplossing bieden? Als dat beleid nu wordt ingezet, dan levert dat veel extra jongeren en dus meer werkenden. Komen die vele leegstaande schoollokalen ook weer van pas.

Zou de technologische ontwikkeling niet een deel of misschien wel het gehele tekort aan arbeid kunnen oplossen? Zorgrobots die taken van mensen overnemen, administratieve processen die steeds verder worden geautomatiseerd en zaken die we ons nu nog niet voor kunnen stellen. Met andere woorden zou de behoefte aan arbeid niet ook af kunnen nemen? Zou nu daarin investeren over 30 jaar niet tot rendement kunnen leiden?

Met een gelijkblijvend nationaal (of provinciaal) inkomen (alleen voor inflatie gecorrigeerd) en dalende bevolking, stijgt het inkomen per hoofd van de bevolking. In meer dan dertig jaar kan nog veel gebeuren en is nog niets zeker. Of naar een goed Venloos gezegde: “det zit in wiej zek.” Is betaalbaarheid van sociale voorzieningen niet een kwestie van kiezen? Net zoals het nu een keuze was om te bezuinigen op zorg en dus de werknemers in de zorg op straat te zetten?

“Wie zijn heden verprutst, is de slaaf van zijn toekomst,” zei de Romeinse filosoof en staatsman Seneca. Zullen we het heden dan maar niet verprutsen?

Hoe krom is recht

“Niet de media, maar politici moeten steun vinden voor het migratiebeleid. Dat wordt weleens vergeten. Nogmaals, niet Bild, de Volkskrant of de tv-programma’s moeten draagvlak creëren voor het beleid inzake migratie.” woorden van rechtsgeleerde Afshin Ellian in Elsevier. In zijn column waarin hij de media verwijt dat zij: “zich willen gedragen als de poortwachter van Nederland en alsof zij het migratiebeleid mogen bedenken en organiseren.”  Maar dat zal niet lukken omdat: “Wie in de media op grond van bijvoorbeeld humaniteit via bekende Nederlanders noodzakelijk draagvlak wil scheppen voor opname van meer migranten, zal uiteindelijk zijn gezag verliezen.”

JungIllustratie: www.reddit.com

Ellian heeft gelijk dat het uiteindelijk de democratisch gekozen politici zijn, die verantwoordelijkheid dragen voor het beleid. Maar is het zo dat, zoals Elian beweert, beleid door een meerderheid van de bevolking moet worden gedragen? Of is een kamermeerderheid voldoende? En mogen de media en ‘entertainers’ dat proces niet beïnvloeden door hun mening te laten horen en te pleiten voor wat zij de goede zaak vinden? Ook als die mening in de ogen van Ellian ‘politiek correct’ is. Want dat betoogt Ellian. Media zijn er immers alleen, “om kritisch verslag te doen van beleid en uitvoering daarvan.” Waar ligt de grens tussen ‘kritisch verslag doen’ aan de ene kant en beïnvloeden aan de andere kant? Beïnvloed je door kritisch verslag te doen van huidig (falend) beleid niet ook het beleid?

Wie bepaalt trouwens wat politiek correct is? Is het politiek correct om voor of tegen meer vluchtelingen te zijn? Of hangt het antwoord op die vraag af van je positie of mening? Is politiek correct een term om iemand met een andere mening te declasseren en niet serieus te nemen? Dus een vorm van gespreksvermijding? Moeten we niet juist het gesprek aan met andersdenkenden omdat, zoals de Zwitserse psychiater Carl Gustav Jung zei: “Everything that irritates us about others can lead us to an understanding of ourselves.”

Vreemd trouwens dat Ellian, zelf onderdeel van het meningencircus, zijn ‘concullega’s’ die er anders over denken dan hij, verwijt wat hij zelf ook doet. En dat is draagvlak creëren voor zijn ‘beleid’ in zake migratie. Een voorbeeld van de pot die de ketel verwijdt dat hij zwart ziet?

Maar is het niet nog vreemder dat een rechtsgeleerde als Ellian ervoor lijkt te pleiten dat de vrijheid van meningsuiting voor ‘entertainers’ en ‘politiek correcten’ beperkt moet worden. Hoe krom is het recht van Ellian?

Maar is het niet nog vreemder dat een rechtsgeleerde als Ellian ervoor lijkt te pleiten dat de vrijheid van meningsuiting voor ‘entertainers’ en ‘politiek correcten’ beperkt moet worden. Hoe krom is het recht van Ellian?

Animal Farm

In een interview met Dagblad de Limburger maakt hoogleraar Openbare Financiën en Sociale Zekerheid aan de Universiteit van Tilburg, Harrie Verbon zich grote zorgen over de massale migratie. Vooral de economische aspecten van de instroom worden onderschat. Instroom van grote groepen mensen uit lage welvaartslanden naar landen met hoge welvaart gaat ten kosten van de welvaart in die laatste landen. Hiervan worden vooral de mensen aan de onderkant van de samenleving de dupe. En aan die onderkant bevinden zich vooral veel migranten.

 

Aldus Verbon die zich vooral over de economie druk maakt en daar gaat het mij nu niet om. Het interview wordt afgesloten met Verbons blik’ over de oceaan: “Ik heb een jaar in Amerika gewoond. Daar worden de Amerikaanse waarden vanaf het begin opgelegd aan iedereen, die daar binnenkomt. Religie is daarbij totaal onbelangrijk. Je zweert trouw aan de vlag. Dat is alles. De vlag en de waarden die dat vertegenwoordigt. Of je nou moslim bent, christen of ongelovig. Zo moet het.’’

Als we ervan afzien dat Nederland eenzelfde iets kent in de vorm van de ‘Naturalisatieceremonie‘ en het gegeven dat ook de Verenigde Staten niet gevrijwaard zijn van discriminatie en fundamentalisme van divers pluimage, gelden er in Nederland dan verschillende waarden voor migranten? Zijn er dan groepen die wel mogen discrimineren? Zijn er groepen die het recht in eigen handen mogen nemen? Geldt de vrijheid van meningsuiting alleen maar voor christenen? Kortom hebben wij voor migranten, moslims, christenen en ongelovigen andere wetten of geldt de Nederlandse wet voor iedereen die zich in dit land bevindt? En zijn onze waarden niet vastgelegd in onze wetten? Legt Nederland zo niet haar waarden op?  Zijn dat niet ook meteen de enige waarden die kunnen worden opgelegd

Pleit Verbon met andere woorden niet voor iets wat al werkelijkheid is? Volgens onze grondwet is immers iedereen gelijk  Of om het belangrijkste van de zeven ‘Commandments of Animalism’ uit George Orwells Animal Farm aan te halen:’All animals are equal’. Of zijn sommige dieren, in Orwells boek de varkens, toch iets gelijker omdat we de migrant uitsluiten door hem allochtoon te noemen en hem zo apart te zetten?

 

Oorlog der parlementen

Het  D66-Kamerlid Stientje van Veldhoven maakt zich in het AD druk over de verouderde Belgische kerncentrales. Deze staan in het spotlicht omdat er de laatste tijd steeds meer storingen zijn. Het kamerlid staat niet alleen in haar zorgen. Die leven niet alleen bij Nederlandse politici en bestuurders, ook Belgische en Duitse politici maken zich zorgen. Van Veldhoven doet een vergaand voorstel: Als de belangen zo groot zijn, is het niet meer dan logisch dat Nederland ook mee beslist over de vraag of die centrales open of dicht moeten.” 

Terechte zorgen. Natuurlijk heeft Nederland net als de Belgen zelf belang bij veilige Belgische kerncentrales. Vrijkomende straling trekt zich bij een ongeluk immers niets aan van een landsgrens. Maar waarom dan alleen kerncentrales dicht bij de grens? Liet de ramp bij Tsjernobyl niet zien dat gevolgen ook duizenden kilometers verder nog te voelen waren? Waarom geen beslissingsrecht bij alle Europese kerncentrales? En dan ook gespiegeld, beslissingsrecht van die andere landen op onze kerncentrales?

Hoe groot moeten de belangen zijn alvorens een buurland mee mag beslissen? En bij welke onderwerpen? Zou de in het artikel genoemde milieuminister van de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen zich met de Chemelot-campus in Limburg mogen bemoeien? Zou België bijvoorbeeld de uitbreiding van Schiphol kunnen tegenhouden vanwege de wellicht grote economische gevolgen voor de luchthaven van Zaventem? Mag bijvoorbeeld Polen zich bemoeien met eventuele Nederlandse bezuinigingen op defensie? We zitten immers samen in een bondgenootschap. Mogen andere landen zich ook met het Nederlandse belastingbeleid bemoeien? Beleid waardoor Duitse, Franse en Belgische bedrijven via de Amsterdamse Zuidas belasting in eigen land ontwijken?

Of en dat zou wel heel erg zijn, heeft Van Veldhoven geen vertrouwen in haar Belgische collega’s? En moeten daarvoor de bevoegdheden van de nationale parlementen worden vergroot? Hoe bestuurbaar worden landen dan? Zou er dan ‘oorlog’ tussen de parlementen kunnen uitbreken? Zou Van Veldhoven er, ter voorkoming van de ‘oorlog’ tussen parlementen, niet beter voor kunnen pleiten om het- Europees Parlement verantwoordelijk te maken voor het toezicht op de veiligheid van kerncentrales?

De splinter en de balk

Samira Bouchibti pleit er in de Volkskrant  voor dat islamitische ouders niet alleen bij de religieuze voorschriften stilstaan, maar ook nadruk leggen op het humanistische aspect van de islam en dat alle ouders in de opvoeding de nadruk leggen op wat ons bindt.

Petit NicolasFoto: www.theguardian.com

Maar: “Veel islamitische kinderen groeien op in gezinnen waarin het niet vanzelfsprekend is om zelf na te denken en je mening te vormen. Thuis wordt niet echt vrij gepraat over onderwerpen als (homo)seksualiteit, vrijheid van meningsuiting of gelijkwaardigheid. Kinderen worden niet geacht vragen te stellen – laat staan dat ze antwoorden krijgen,” aldus Bouchibti. Dus er is bij de islamitische gezinnen nog een wereld te winnen. Alleen bij de islamitische gezinnen?

Wat algemener. Hoort, bij zelf je mening vormen, niet dat je vanuit allerlei verschillende invalshoeken naar iets kijkt? En betekent dat niet dat voor een kind in een gezin dat het op een vraag een zeer genuanceerd antwoord krijgt. En eventueel een handreiking hoe de zoektocht naar een eigen mening verder voort te zetten? Hoe vanzelfsprekend is het dat kinderen opgroeien in gezinnen waarin ze worden aangezet om zelf na te denken en zelf een mening te vormen?

En (homo)seksualiteit, vrijheid van meningsuiting en gelijkwaardigheid, zijn dat onderwerpen waarover in overige gezinnen echt vrij wordt gepraat? Of zouden er ook gezinnen zijn waar een taboe rust op deze onderwerpen? En waar de vooroordelen over homoseksualiteit welig tieren? De vrije mening beperkt is tot de eigen mening van de ouders?

Hoe vanzelfsprekend is het in gezinnen dat kinderen vragen stellen en antwoorden krijgen? Antwoord zullen ze wellicht wel krijgen, maar zijn dat antwoorden waarmee de kinderen vooruit kunnen? Die hun helpen bij het vormen van een eigen mening?

In het pleidooi van mevrouw Bouchibti gericht op de islamitische gemeenschap zal bijna iedereen zich kunnen vinden. De splinter in de ogen van de ander is immers makkelijk te zien, maar hoe zit het met de balk in het eigen oog?

Think different

In zijn boek Over Vrijheid behandelt de Engelse filosoof John Stuart Mill de relatie tussen het individu en de publieke opinie. Mill: “Het begin van alle wijsheid of verheffing komt en moet van individuen komen; meestal eerst van één individu.” En als we de geschiedenis bezien, dan staan dwarsdenkers inderdaad steeds aan de basis van vernieuwing en ontwikkeling. Daarom hebben democratische machthebbers, volgen Mill, de plicht om in tijden dat de druk van de publieke opinie groot is naar dit individu te luisteren: “Juist in deze omstandigheden moeten uitzonderlijke personen niet afgeschrikt, maar aangemoedigd worden om anders te handelen dan de massa.*”

Think DifferentIllustratie: gazoz5.deviantart.com

Hieraan moest ik denken bij het lezen van een artikel in Elsevier. Een artikel waarin de krant bericht over een interview van de NRC met Frits Bolkestein. In dat interview pleit Bolkestein voor het afsluiten van de buitengrens van de Europese Unie. Volgens Bolkestein kan de EU het aantal vluchtelingen niet aan en zal het tot integratieproblemen leiden.

Het gaat mij niet om de grenzen sluiten of de eventuele (on)mogelijkheid van integratie. Ook daar is een en ander over te zeggen. Het gaat om de volgende zin: “Er is allerwegen op Orbán gescholden vanwege onmenselijk gedrag maar hij doet tenminste waar wij allemaal om vragen.”

Bolkestein spreekt blijkbaar namens een groep die allemaal hetzelfde wil. Wie zijn die ‘wij’ waar Bolkestein het over heeft? Zijn dat alle Nederlanders of slechts een deel ervan? Behoor ik ook bij die ‘wij’? Mij is niets gevraagd en hoe kan Bolkestein dan weten wat ik wil? Vraag ik om hekken om Europa? Daar was ik me niet van bewust. Hoe groot is die ‘wij’? Dat lijkt me wel belangrijk om te weten.

En vooral waarom vragen ‘wij’ dat? Welke redenering en welke argumenten gebruiken ‘wij’? En welke alternatieven zijn mogelijk? Zouden dat niet de vragen zijn die een politicus en landsbestuurder zou moeten stellen, alvorens tot actie over te gaan? En kan dat er niet toe leiden dat bestuurders wel eens anders moeten handelen dan ‘wij’ vragen? Is het dan niet de taak van de leider om dat besluit uit te leggen ook als dat tot veel onbegrip leidt? Is dat niet wat wij van leiders vragen?

Computerfabrikant Apple had het in 1997 goed gezien: Think different

* Zie John Stuart Mill, Over Vrijheid Uitgeverij Boom 2009, pagina 115

Veel vragen

Op deze eerste dag van het jaar wil ik jullie, mijn lezers het allerbeste toewensen. Dus veel geluk, liefde, voorspoed, maar vooral veel nieuwsgierigheid: het verlangen om te weten. Want ligt dit verlangen niet aan de basis van de wetenschap: het weten of kennis met een ander woord. En is kennis niet meer dan alleen het weten? Is kennis niet weten, doordenken en begrijpen? Is dat in eerste instantie niet alles betwijfelen wat je ziet, leest of hoort? Is dit niet het bevragen en het van alle mogelijke perspectieven bekijken van waar je mee wordt geconfronteerd?

NieuwsgierigheidFoto: www.menselijk-lichaam.com

Is dat niet wat we nodig hebben om de problemen van onze tijd het hoofd te kunnen bieden? Problemen zoals het omgaan met verschillen, door anderen ook wel integratie of inburgering genoemd? Zou nieuwsgierigheid naar de ander ons niet kunnen helpen om hem of haar te begrijpen? Om de wereld eens vanuit zijn of haar oogpunt te bekijken? En zou dat die andere niet helpen om de wereld achter jou te leren kennen? Zou dat niet tot herkenning van overeenkomsten en begrip voor verschillen kunnen leiden? Zou die herkenning en begrip voor de ander er niet toe kunnen leiden dat er heel andere oplossingen voor die problemen mogelijk zijn?

Zou dat niet ook kunnen helpen bij de ervaren ‘democratische’ crisis in Nederland? U weet wel de ‘kloof’, de gevoelde onbetrouwbaarheid van politici en bestuurders, het betrekken van mensen bij het zoeken naar oplossingen enzovoort.

En niet alleen bij het omgaan met verschillen binnen een land? Zou dat ons niet verder helpen bij de zoektocht naar rechtvaardige en eerlijke oplossingen? Bijvoorbeeld de vluchtelingenproblematiek? Of de nog altijd sluimerende Griekse, maar eigenlijk financiële en bankencrisis? Zou dat niet kunnen helpen bij de  crisis in de Europese Unie? Zou dat ook niet kunnen helpen bij het zoeken naar oplossingen voor de problemen in het Midden-Oosten en in Afrika?

Maar ach, daar hebben wij geen invloed op. Of toch wel? Wat als wij die nieuwsgierigheid gaan betrachten in ons eigen leven? Als wij geen mening meer geven over iets, maar er vragen bij stellen? Wat zou dat voor een effect hebben op de mensen om ons heen? Hoe zouden die mensen hierop reageren? Wat als zij dit over zouden nemen? Zou dat niet onze invloed op de ‘wereldproblemen’ kunnen zijn?

De Ballonnendoorprikker blijft vragen en bevragen. Doen jullie mee? Ik wens jullie veel vragen toe.

Denken en gevolgen

In een klein boekje Leidraad voor het Verstand geeft de filosoof John Lock handvatten voor helder en logisch denken. In dit boekje komen ook hinderpalen bij het helder en logisch denken aan bod. Aan dit boekje moest ik denken toen ik in de Volkskrant het interview met VVD-kamerlid Malik Azmani las.

Azmani is de man achter het VVD vluchtelingenbeleid waarin opvang in de regio centraal staat. Een beleid waarvan het belangrijkste begrip, de regio, niet is gedefinieerd. Is het beleid daarmee niet op drijfzand gebaseerd? Is dit niet een voorbeeld van een redenering die is gebaseerd op een ondeugdelijk principe?

Helder redenerenIllustratie: carful.wordpress.com

Azmani constateert dat succesvol integreren of inburgeren soms lastig is: “Het heeft te maken met: onbekend maakt onbemind. Het is een menselijk automatisme om elkaar leuk te vinden op basis van wat overeenkomt. Zoals wij hier samen thee zitten te drinken, vinden we elkaar leuk. Integratie is ook: hoe communiceer je met elkaar?”  Contact en tweerichtingsverkeer lijken voor Azmani daarmee vereist. Maar op de vraag of ook Nederlanders verantwoordelijk zijn voor de integratie, antwoordt hij vervolgens: “Ik vind niet dat een ontvangende samenleving iets van haar identiteit moet afstaan.”  Geen antwoord op de vraag, maar wel iets waar een NEE in doorschemert terwijl je een duidelijk JA zou verwachten op basis van de eerdere uitspraak. Hoe logisch en helder denkt Azmani? Of zegt Azmani de logica vaarwel omdat het niet in het wereldbeeld van zijn partij past of niet aansluit bij de algemene opinie?

Azmani’s antwoord roept nog aanvullende vragen op. Vragen die ook met helder en logisch nadenken te maken hebben. Is integratie of met een ander woord inburgeren eigenlijk wel mogelijk zonder verantwoordelijkheid van de ontvangende samenleving? Kun je integreren als de groep waarin je moet integreren niet meewerkt? Hoe kan een samenleving waarin geïntegreerd wordt precies dezelfde identiteit of cultuur behouden? Kan dat niet alleen als de nieuwkomers exacte kopieën worden van de reeds aanwezige mensen? Als ze niets van hun vorige leven behouden? Laat de werkelijkheid niet zien dat mensen altijd iets van hun land van herkomst behouden, al is het maar de eetcultuur?

Jammer dat deze vragen, die de stevigheid van Azmani’s denkwerk onderzoeken, niet werden gesteld. Want denken leidt tot keuzes en keuzes hebben gevolgen. En wat zouden de antwoorden betekenen voor de keuzes?

“Koppigheid komt niet voort uit aanhankelijkheid aan de waarheid, doch uit onderwerping aan vooroordelen,” aldus Lock. Zou Azmani hieraan lijden?