Animal Farm

In een interview met Dagblad de Limburger maakt hoogleraar Openbare Financiën en Sociale Zekerheid aan de Universiteit van Tilburg, Harrie Verbon zich grote zorgen over de massale migratie. Vooral de economische aspecten van de instroom worden onderschat. Instroom van grote groepen mensen uit lage welvaartslanden naar landen met hoge welvaart gaat ten kosten van de welvaart in die laatste landen. Hiervan worden vooral de mensen aan de onderkant van de samenleving de dupe. En aan die onderkant bevinden zich vooral veel migranten.

 

Aldus Verbon die zich vooral over de economie druk maakt en daar gaat het mij nu niet om. Het interview wordt afgesloten met Verbons blik’ over de oceaan: “Ik heb een jaar in Amerika gewoond. Daar worden de Amerikaanse waarden vanaf het begin opgelegd aan iedereen, die daar binnenkomt. Religie is daarbij totaal onbelangrijk. Je zweert trouw aan de vlag. Dat is alles. De vlag en de waarden die dat vertegenwoordigt. Of je nou moslim bent, christen of ongelovig. Zo moet het.’’

Als we ervan afzien dat Nederland eenzelfde iets kent in de vorm van de ‘Naturalisatieceremonie‘ en het gegeven dat ook de Verenigde Staten niet gevrijwaard zijn van discriminatie en fundamentalisme van divers pluimage, gelden er in Nederland dan verschillende waarden voor migranten? Zijn er dan groepen die wel mogen discrimineren? Zijn er groepen die het recht in eigen handen mogen nemen? Geldt de vrijheid van meningsuiting alleen maar voor christenen? Kortom hebben wij voor migranten, moslims, christenen en ongelovigen andere wetten of geldt de Nederlandse wet voor iedereen die zich in dit land bevindt? En zijn onze waarden niet vastgelegd in onze wetten? Legt Nederland zo niet haar waarden op?  Zijn dat niet ook meteen de enige waarden die kunnen worden opgelegd

Pleit Verbon met andere woorden niet voor iets wat al werkelijkheid is? Volgens onze grondwet is immers iedereen gelijk  Of om het belangrijkste van de zeven ‘Commandments of Animalism’ uit George Orwells Animal Farm aan te halen:’All animals are equal’. Of zijn sommige dieren, in Orwells boek de varkens, toch iets gelijker omdat we de migrant uitsluiten door hem allochtoon te noemen en hem zo apart te zetten?

 

‘Als je bitch wil chillen…’

De eerste pagina’s van de Volkskrant van zaterdag 9 januari 2016 worden ingenomen door de gebeurtenissen in Keulen in de oudejaarsnacht. In die nacht vielen groepen mannen vrouwen lastig, beroofden ze, randden ze aan en er schijnt zelfs sprake te zijn geweest van verkrachting. Mensonwaardig gedrag dat moet worden bestreden en de schuldigen zullen streng gestraft moeten worden.

ChillenIllustratie: musique.jeuxactu.com

In de krant werd ook de vraag gesteld of het met de cultuur te maken had. De daders werden immers omschreven als Arabisch en Noord-Afrikaans van uiterlijk en al snel werd een verband gelegd naar de vele Syrische vluchtelingen. Een deskundige antwoordde dat dit niet specifiek iets Arabisch is. Ook in Zuid-Amerika kunnen ze er immers wat van.

Ook premier Rutte sprak zich uit: “Hij noemde de gelijkheid van mannen en vrouwen en homo’s en hetero’s met name. Wie die normen niet deelt en ze ernstig overtreedt, ‘heeft hier dus niets te zoeken’.” Gelukkig zijn wij Nederlanders anders, lijkt de premier aan te geven en nieuwkomers die dat niet accepteren moeten maar gaan. Zijn wij Nederlanders wel zoveel anders? Kennen wij niet ook groepen en zelf een politieke partij waarbij mannen een toch wat belangrijkere positie hebben? Kennen wij onder ons niet grote aantallen die niets van homo’s moeten hebben? Als die er niet zouden zijn, waarom geven Rijk en gemeenten dan geld uit aan ‘emancipatie en acceptatie’ projecten? Waarom zijn er anders regenboogsteden die hier een bijzondere rol in vervullen? Waarom is er anders een nationale ‘kom uit de kast dag’?

En wordt dergelijk gedrag niet ook ‘verheerlijkt’ in Nederland? Bij het zien van deze krant en die vragen moest ik aan Ronnie Flex en Lil Kleine denken en hun hitje Drank en Drugs. Een liedje waarin het drinken en het gebruik van drugs wordt aangemoedigd en daarover vielen afgelopen jaar veel mensen. Als je de tekst van dit lied bestudeert, dan lijken zij het gebeuren in Keulen te beschrijven: “Eeh bitch schuif op, we komen binnen met zn allen, je moet zakken tot de grond alsof je moeder is gevallen, ik ken bitches zoals jij en ik vang ze elke keer, morgen weet je zehma niks meer. Dat maakt niet uit want ik vind het wel goed zo, ik bel kleine en ik zeg kom langs bro, misschien dat mn libi vroeg afloopt.”

Wat zou de invloed van dergelijke teksten en bijbehorende clip zijn op de manier waarop jongens naar meisjes kijken? Hoe verhouden dergelijke teksten zich tot de normen van Rutte?

Maar in de kleur van je hart

In een artikel bij de Correspondent schrijft Gloria Wekker over de ‘witte onschuld’. Het fenomeen dat het zelfbeeld van ‘Nederland’ en de ‘Nederlanders’ anders wordt gezien dan de werkelijkheid. Dat ‘witte Nederlanders’ dit niet weten en van de andere kant ook niet willen weten dat de voorvaderen imperialistisch en racistisch waren en dat dit nog steeds in de huidige ‘witte’ Nederlanders sluimert. Zij wil de ogen van die ‘witte Nederlanders’ hiervoor openen. Dit artikel roept bij mij wat vragen op.

In dit artikel valt de volgende passage te lezen: “Nederland heeft bijna vierhonderd jaar een imposant koloniaal rijk gehad. … Dat rijk strekte zich ooit uit van Nieuw-Amsterdam, Indië, Formosa, Ceylon, Zuid-Afrika en allerlei forten aan de westkust van Afrika tot delen van Noord-Brazilië, Suriname en de Antillen. Het zette Nederland op de kaart als een belangrijke wereldspeler en bezorgde diens inwoners gevoelens van superioriteit.”

Nederland bestaat toch pas sinds 1815? Daarvoor bestond er geen Nederland. Werd dat koloniale rijk niet gesticht door kooplui uit Holland en Zeeland? Is mijn eigen woonplaats en omgeving, Venlo, in die vierhonderd jaar niet wingewest geweest van Holland, Spanje, Oostenrijk en Frankrijk? Werd het niet pas in 1815 een onderdeel van het koninkrijk der Nederlanden? Deed het vervolgens in de opstand tegen koning Willem I niet mee aan de Belgische kant? Werd het niet pas in 1839 weer een onderdeel van het verkleinde koninkrijk der Nederlanden? En was het als hertogdom Limburg niet ook nog lid van de Duitse bond waarvan het pas in 1866 afscheid nam? Werd het niet pas toen eenduidig en definitief een onderdeel van het koninkrijk der Nederland?

Vertoont Venlo zo niet meer overeenkomsten met Formosa, Ceylon en Indië dan met Holland? Holland was immers een van ‘kolonisatoren’ die het gebied als een wingewest behandelden. Heeft dat niet ook het denken over Limburgers flink beïnvloed en werkt dat niet nog steeds door? Zullen er in de Gouden Eeuw niet ook Hollanders zijn geweest die helemaal niets vandoen hadden met het bouwen van dat wereldrijk? Die alleen maar bezig waren met het dagelijkse overleven? En dat zouden er wel eens heel veel kunnen zijn.  Zijn er zo niet meerdere geschiedenissen, of is eenzelfde gebeurtenis niet vanuit meerdere invalshoeken te bekijken?

Iets verder schrijft Wekker over:”… een algemeen Europees ethos waarbinnen ze de plicht hadden om zich buiten hun eigen gebied te begeven en andere volkeren aan zich te onderwerpen.” Met een andere woord imperialisme, een proces waarbij landen hun macht, invloed en cultuur in andere delen van de wereld willen laten gelden. Is imperialisme een typisch West-Europees iets? Deden de Maya’s, Inca’s, het Chinese rijk en  Djengis Khan niet ook aan imperialisme? En het Ottomaanse Rijk? En wat deed het oude Egypte? Wat je wel kunt constateren is dat de West-Europese landen vanaf 1500 het meest succesvol waren door hun superieure (wapen)techniek. Vertonen landen, en niet alleen westerse, nu niet nog steeds imperialistische neigingen? Vertoont het conflict in Syrië niet sterk imperialistische trekken en dus lastig om op te lossen? Hoe moet het gekrakeel tussen Iran en Saoedi Arabië van de afgelopen dagen anders worden beoordeeld? En is het handelen van Kagama van Ruanda niet ook imperialistisch geïnspireerd? En wat te denken van China, Japan, Vietnam en de Filippijnen in de Zuid-Chinese zee? En het robbertje met de Oekraïne als inzet?

Is dit een ‘ethos van landen’ of van heersers en machtigen, de mensen die de koers van landen bepalen dus? Zeker als die machtigen (koningen, stadhouders etcetera) niet door het totale volk worden gekozen. Want kent Nederland niet pas sinds de Grondwetswijziging van 1917 algemeen kiesrecht? En kun je zelfs in een democratie niet macht kopen en zo je zin doordrukken? Zijn er zo niet weer vele geschiedenissen mogelijk?

Is het superioriteitsdenken dat ten grondslag ligt aan racisme, niet ook iets waar niet-westerse landen zich schuldig aan maken? En niet alleen landen. Maakt bijvoorbeeld een beweging als IS, die uitgaat van de superioriteit van haar ideologie en eenieder die deze niet onderschrijft als minderwaardig ziet, zich niet ook hieraan schuldig? Net zoals iedere godsdienst of deel ervan dat zich als de ware ziet? Is dit niet een manier  van denken waaraan iedereen zich schuldig kan maken? En begint het aanpakken ervan niet juist ermee dat we dit ons realiseren?

Kunnen wij niet alleen iets in het hier en nu doen? Het verleden kunnen we immers niet meer veranderen. Kunnen we dat niet alleen maar vanuit de positie waarin we per toeval terecht zijn gekomen?  Heb jezelf invloed gehad op de plaats en de situatie waarin je bent geboren? Kan ik er iets aan doen dat ik uit blanke ouders in Velden ben geboren of is dat voor mij een feit waarmee ik het moet doen? Spelen toeval en geluk daarbij geen belangrijke rol?

Kunnen we niet pas dan wat aan racisme doen, als we ons realiseren en erkennen dat wij niet voor onze eigen ‘kleur’ hebben gekozen? En dat het een menselijke neiging is om zich af te zetten tegen anderen, om welke redenen die dan ook anders mag zijn? Maar vooral als we ieder mens als individu en doel op zich zien? Of om Frank Boeijen aan te halen: “Denk niet wit, denk niet zwart. Denk niet zwart-wit. Maar in de kleur van je hart.”

De splinter en de balk

Samira Bouchibti pleit er in de Volkskrant  voor dat islamitische ouders niet alleen bij de religieuze voorschriften stilstaan, maar ook nadruk leggen op het humanistische aspect van de islam en dat alle ouders in de opvoeding de nadruk leggen op wat ons bindt.

Petit NicolasFoto: www.theguardian.com

Maar: “Veel islamitische kinderen groeien op in gezinnen waarin het niet vanzelfsprekend is om zelf na te denken en je mening te vormen. Thuis wordt niet echt vrij gepraat over onderwerpen als (homo)seksualiteit, vrijheid van meningsuiting of gelijkwaardigheid. Kinderen worden niet geacht vragen te stellen – laat staan dat ze antwoorden krijgen,” aldus Bouchibti. Dus er is bij de islamitische gezinnen nog een wereld te winnen. Alleen bij de islamitische gezinnen?

Wat algemener. Hoort, bij zelf je mening vormen, niet dat je vanuit allerlei verschillende invalshoeken naar iets kijkt? En betekent dat niet dat voor een kind in een gezin dat het op een vraag een zeer genuanceerd antwoord krijgt. En eventueel een handreiking hoe de zoektocht naar een eigen mening verder voort te zetten? Hoe vanzelfsprekend is het dat kinderen opgroeien in gezinnen waarin ze worden aangezet om zelf na te denken en zelf een mening te vormen?

En (homo)seksualiteit, vrijheid van meningsuiting en gelijkwaardigheid, zijn dat onderwerpen waarover in overige gezinnen echt vrij wordt gepraat? Of zouden er ook gezinnen zijn waar een taboe rust op deze onderwerpen? En waar de vooroordelen over homoseksualiteit welig tieren? De vrije mening beperkt is tot de eigen mening van de ouders?

Hoe vanzelfsprekend is het in gezinnen dat kinderen vragen stellen en antwoorden krijgen? Antwoord zullen ze wellicht wel krijgen, maar zijn dat antwoorden waarmee de kinderen vooruit kunnen? Die hun helpen bij het vormen van een eigen mening?

In het pleidooi van mevrouw Bouchibti gericht op de islamitische gemeenschap zal bijna iedereen zich kunnen vinden. De splinter in de ogen van de ander is immers makkelijk te zien, maar hoe zit het met de balk in het eigen oog?

Think different

In zijn boek Over Vrijheid behandelt de Engelse filosoof John Stuart Mill de relatie tussen het individu en de publieke opinie. Mill: “Het begin van alle wijsheid of verheffing komt en moet van individuen komen; meestal eerst van één individu.” En als we de geschiedenis bezien, dan staan dwarsdenkers inderdaad steeds aan de basis van vernieuwing en ontwikkeling. Daarom hebben democratische machthebbers, volgen Mill, de plicht om in tijden dat de druk van de publieke opinie groot is naar dit individu te luisteren: “Juist in deze omstandigheden moeten uitzonderlijke personen niet afgeschrikt, maar aangemoedigd worden om anders te handelen dan de massa.*”

Think DifferentIllustratie: gazoz5.deviantart.com

Hieraan moest ik denken bij het lezen van een artikel in Elsevier. Een artikel waarin de krant bericht over een interview van de NRC met Frits Bolkestein. In dat interview pleit Bolkestein voor het afsluiten van de buitengrens van de Europese Unie. Volgens Bolkestein kan de EU het aantal vluchtelingen niet aan en zal het tot integratieproblemen leiden.

Het gaat mij niet om de grenzen sluiten of de eventuele (on)mogelijkheid van integratie. Ook daar is een en ander over te zeggen. Het gaat om de volgende zin: “Er is allerwegen op Orbán gescholden vanwege onmenselijk gedrag maar hij doet tenminste waar wij allemaal om vragen.”

Bolkestein spreekt blijkbaar namens een groep die allemaal hetzelfde wil. Wie zijn die ‘wij’ waar Bolkestein het over heeft? Zijn dat alle Nederlanders of slechts een deel ervan? Behoor ik ook bij die ‘wij’? Mij is niets gevraagd en hoe kan Bolkestein dan weten wat ik wil? Vraag ik om hekken om Europa? Daar was ik me niet van bewust. Hoe groot is die ‘wij’? Dat lijkt me wel belangrijk om te weten.

En vooral waarom vragen ‘wij’ dat? Welke redenering en welke argumenten gebruiken ‘wij’? En welke alternatieven zijn mogelijk? Zouden dat niet de vragen zijn die een politicus en landsbestuurder zou moeten stellen, alvorens tot actie over te gaan? En kan dat er niet toe leiden dat bestuurders wel eens anders moeten handelen dan ‘wij’ vragen? Is het dan niet de taak van de leider om dat besluit uit te leggen ook als dat tot veel onbegrip leidt? Is dat niet wat wij van leiders vragen?

Computerfabrikant Apple had het in 1997 goed gezien: Think different

* Zie John Stuart Mill, Over Vrijheid Uitgeverij Boom 2009, pagina 115

Veel vragen

Op deze eerste dag van het jaar wil ik jullie, mijn lezers het allerbeste toewensen. Dus veel geluk, liefde, voorspoed, maar vooral veel nieuwsgierigheid: het verlangen om te weten. Want ligt dit verlangen niet aan de basis van de wetenschap: het weten of kennis met een ander woord. En is kennis niet meer dan alleen het weten? Is kennis niet weten, doordenken en begrijpen? Is dat in eerste instantie niet alles betwijfelen wat je ziet, leest of hoort? Is dit niet het bevragen en het van alle mogelijke perspectieven bekijken van waar je mee wordt geconfronteerd?

NieuwsgierigheidFoto: www.menselijk-lichaam.com

Is dat niet wat we nodig hebben om de problemen van onze tijd het hoofd te kunnen bieden? Problemen zoals het omgaan met verschillen, door anderen ook wel integratie of inburgering genoemd? Zou nieuwsgierigheid naar de ander ons niet kunnen helpen om hem of haar te begrijpen? Om de wereld eens vanuit zijn of haar oogpunt te bekijken? En zou dat die andere niet helpen om de wereld achter jou te leren kennen? Zou dat niet tot herkenning van overeenkomsten en begrip voor verschillen kunnen leiden? Zou die herkenning en begrip voor de ander er niet toe kunnen leiden dat er heel andere oplossingen voor die problemen mogelijk zijn?

Zou dat niet ook kunnen helpen bij de ervaren ‘democratische’ crisis in Nederland? U weet wel de ‘kloof’, de gevoelde onbetrouwbaarheid van politici en bestuurders, het betrekken van mensen bij het zoeken naar oplossingen enzovoort.

En niet alleen bij het omgaan met verschillen binnen een land? Zou dat ons niet verder helpen bij de zoektocht naar rechtvaardige en eerlijke oplossingen? Bijvoorbeeld de vluchtelingenproblematiek? Of de nog altijd sluimerende Griekse, maar eigenlijk financiële en bankencrisis? Zou dat niet kunnen helpen bij de  crisis in de Europese Unie? Zou dat ook niet kunnen helpen bij het zoeken naar oplossingen voor de problemen in het Midden-Oosten en in Afrika?

Maar ach, daar hebben wij geen invloed op. Of toch wel? Wat als wij die nieuwsgierigheid gaan betrachten in ons eigen leven? Als wij geen mening meer geven over iets, maar er vragen bij stellen? Wat zou dat voor een effect hebben op de mensen om ons heen? Hoe zouden die mensen hierop reageren? Wat als zij dit over zouden nemen? Zou dat niet onze invloed op de ‘wereldproblemen’ kunnen zijn?

De Ballonnendoorprikker blijft vragen en bevragen. Doen jullie mee? Ik wens jullie veel vragen toe.

Denken en gevolgen

In een klein boekje Leidraad voor het Verstand geeft de filosoof John Lock handvatten voor helder en logisch denken. In dit boekje komen ook hinderpalen bij het helder en logisch denken aan bod. Aan dit boekje moest ik denken toen ik in de Volkskrant het interview met VVD-kamerlid Malik Azmani las.

Azmani is de man achter het VVD vluchtelingenbeleid waarin opvang in de regio centraal staat. Een beleid waarvan het belangrijkste begrip, de regio, niet is gedefinieerd. Is het beleid daarmee niet op drijfzand gebaseerd? Is dit niet een voorbeeld van een redenering die is gebaseerd op een ondeugdelijk principe?

Helder redenerenIllustratie: carful.wordpress.com

Azmani constateert dat succesvol integreren of inburgeren soms lastig is: “Het heeft te maken met: onbekend maakt onbemind. Het is een menselijk automatisme om elkaar leuk te vinden op basis van wat overeenkomt. Zoals wij hier samen thee zitten te drinken, vinden we elkaar leuk. Integratie is ook: hoe communiceer je met elkaar?”  Contact en tweerichtingsverkeer lijken voor Azmani daarmee vereist. Maar op de vraag of ook Nederlanders verantwoordelijk zijn voor de integratie, antwoordt hij vervolgens: “Ik vind niet dat een ontvangende samenleving iets van haar identiteit moet afstaan.”  Geen antwoord op de vraag, maar wel iets waar een NEE in doorschemert terwijl je een duidelijk JA zou verwachten op basis van de eerdere uitspraak. Hoe logisch en helder denkt Azmani? Of zegt Azmani de logica vaarwel omdat het niet in het wereldbeeld van zijn partij past of niet aansluit bij de algemene opinie?

Azmani’s antwoord roept nog aanvullende vragen op. Vragen die ook met helder en logisch nadenken te maken hebben. Is integratie of met een ander woord inburgeren eigenlijk wel mogelijk zonder verantwoordelijkheid van de ontvangende samenleving? Kun je integreren als de groep waarin je moet integreren niet meewerkt? Hoe kan een samenleving waarin geïntegreerd wordt precies dezelfde identiteit of cultuur behouden? Kan dat niet alleen als de nieuwkomers exacte kopieën worden van de reeds aanwezige mensen? Als ze niets van hun vorige leven behouden? Laat de werkelijkheid niet zien dat mensen altijd iets van hun land van herkomst behouden, al is het maar de eetcultuur?

Jammer dat deze vragen, die de stevigheid van Azmani’s denkwerk onderzoeken, niet werden gesteld. Want denken leidt tot keuzes en keuzes hebben gevolgen. En wat zouden de antwoorden betekenen voor de keuzes?

“Koppigheid komt niet voort uit aanhankelijkheid aan de waarheid, doch uit onderwerping aan vooroordelen,” aldus Lock. Zou Azmani hieraan lijden?

Clash of Civilizations

“De verzorgingsstaat moet er vooral óók toe inspireren dat mensen participeren, de participatiesamenleving moet er vooral óók toe leiden dat we de verworvenheden van de verzorgingsstaat wijs en behoedzaam inzetten.” Woorden van Anne Buskens (directeur/bestuurder van de welzijnsorganisatie Traject) in Dagblad de Limburger van dinsdag 29 november 2015. Die samenlevingen moeten elkaar vinden in de ‘zoektochtsamenleving’ zoals ze die Maastricht noemen. Een samenleving die de uitdaging heeft: “de goede wil samen goed te kanaliseren.” Omdat, volgens Buskens de meeste mensen van goede wil zijn.

clash of civilizationsIllustratie: www.reddit.com

Het duizelt mij. Hebben wij niet maar één samenleving op het grondgebied van Nederland en maakt niet iedereen daar deel van uit? En participeert daar niet iedereen in die in Nederland woont?

Hoe ziet dat eruit, die verschillende ‘samenlevingen’ die met elkaar strijden en samenwerken? Een nieuwe versie van HuntingtonsClash of Civilizations’? Een botsing tussen verschillende overheidsinstanties en door de overheid gesubsidieerde en betaalde instellingen die ieder vanuit hun eigen belang met elkaar in strijd en samenwerking gaan om het goede voor en met de burger te doen?

Alleen wat is dat goede? En wie bepaalt dat? Zijn dat die op verschillende wetten gebaseerde ‘samenlevingen’?  Zijn dat die ‘samenlevingen’ en hun instanties waar de welzijnsorganisaties voorbeelden van zijn? Wordt dat opgelegd aan de mensen? Zijn die wetten, zoals de Participatiewet, waarop die samenlevingen zijn gebaseerd niet voorbeelden van gestold wantrouwen? Gaat het dominante denkmodel over mensen niet uit van wantrouwen? Hoe zit het dan met de vrijheid van mensen om zelf hun geluk te kiezen?

Geeft Buskens niet de sleutel voor een veel simpelere oplossing. Als de meeste mensen van goed wil zijn, waarom dan niet uitgaan van die goede wil? Wat zou er gebeuren als je de mensen van goede wil de vrijheid en ruimte geeft? Dat vraagt het afzweren van het denkmodel dat uitgaat van wantrouwen en dat is lastig. Experimenten met basisinkomen tonen echter aan dat uitgaan van het goede, goede resultaten oplevert voor zowel mens als samenleving.

Zou dit geen betere oplossing zijn dan de ‘Clash of Civilizations’?

Lange neus

“We beginnen met de grootste gebeurtenis van 2015: de ongekende vluchtelingenstroom naar welvarend Europa,” aldus hoofdredacteur Philippe Remarque in het commentaar van de Volkskrant. Iets wat aan het einde van ieder jaar, decennium en eeuw gebeurt: terugkijken op die afgelopen periode. Dan wordt gevraagd naar de belangrijkste gebeurtenis, de belangrijkste of grootste persoon, de beste muziek, de beste voetballer, de sportman en sportvrouw van die periode. Interessante vragen waarop steevast een antwoord komt, maar wat zeggen die antwoorden?

lange neusIllustratie: VK/DeJaap eindejaarscolumns: 2011 lange neus naar babyboomers …

Domineert bij het bepalen van dergelijke zaken niet vooral de plaats of het land waar je woont? Een inwoner van Parijs zal er anders over denken, die zal twee aanslagen noemen. Net als een Chinees of Japanner aan wie die hele vluchtelingenstroom voorbij is gegaan.

Domineert bij het bepalen hiervan niet het heden? Dat wat nu actueel is, de vluchtelingenstroom, komt eerder bij ons op dan iets van wat verder terug in het jaar, de Griekse crisis. Wie werd begin deze eeuw ook al weer tot de grootste Nederlander uit de geschiedenis verkozen? Wie liet Erasmus, Spinoza, Willem van Oranje en Thorbecke achter zich? Pech voor de Nederlandse handbalvrouwen, hun prestatie de afgelopen weken, is volgend jaar bij het uitkiezen van de sportploeg van het jaar al weer vergeten. Behalve natuurlijk als ze Olympisch kampioen worden.

Domineert het heden niet ook als Remarque spreekt over ‘een ongekende vluchtelingenstroom naar welvarend Europa’? Is die vluchtelingenstroom wel zo ongekend? Was de stroom vanuit Joegoslavië in de jaren negentig van de vorige eeuw niet vergelijkbaar? En hoe zit het met de stroom vanuit Oost-Europa aan het einde van de Tweede Wereldoorlog? Al was welvaart toen ver te zoeken? En hoeveel vluchtende Belgen kwamen er in het begin van de Eerste Wereldoorlog niet naar Nederland? Waren dat er niet niet ruim één miljoen? Hoeveel Antwerpenaren en andere Vlamingen trokken er na de val van Antwerpen in 1585 niet naar Holland in het algemeen en Amsterdam in het bijzonder? Al waren dat rijke vluchtelingen die naar armere gebieden vluchtten met medeneming van hun kennis en kapitaal. En bouwde Holland daarop niet haar wereldrijk?

Als we onze eigen tijd altijd het meest bijzonder vinden, moeten we dan niet heel voorzichtig zijn met het benoemen van ‘belangrijkste’ gebeurtenissen? Moeten we dan niet altijd verder terugkijken dan ons huidige neus lang is.

 

Oostindisch doof

“Doofheid is een wereldwijd voorkomend verschijnsel en doven kunnen zonder implantaat een aanvaardbaar bestaan leiden.” Dit is de reden dat een driejarig meisje geen gehoorimplantaat krijgt, zo is te lezen op opiniesite JOOP. Een implantaat dat haar leven aanmerkelijk makkelijker zou maken. Als dit een kind zou zijn van twee ouders wiens familie hier al generaties lang woont, zou dan het land te klein zijn? Ik denk het wel.

Het meisje heeft echter de pech dat haar ouders uit Afghanistan komen en hun asielaanvraag hier afgewezen is. Ze moeten terug. En daarom komt het kind niet in aanmerking voor een implantaat. Zo heeft staatssecretaris Dijkhof besloten. Is dit besluit rechtvaardig?

malalaIllustratie: one.org

In Het geluk van een kopje koffie, Lone Survivor en Hoofdprijs heb ik de utilitaristische kijk op rechtvaardigheid beschreven. Als iets tot maximaal geluk leidt, dan is het voor een utilitarist rechtvaardig. Bekijken we dit geval vanuit de optiek van landen, dan moet Nederland investeren en neemt het geluk in Afghanistan toe, want daar moeten ouders en kind naar terug. Niet doen dus. Maar wat als het kind een tweede Malala wordt, het Pakistaanse kind dat door de Taliban ernstig werd verminkt, in Engeland is geopereerd en nu met de Nobelprijs gelauwerd voor vrede strijdt?

Wat als je geluk op wereldniveau beschouwt? Hoeveel ongelukkiger wordt Nederland ervan om dit kind te helpen? En hoeveel gelukkiger het gezin en Afghanistan? Zouden de kosten dan niet ruimschoots tegen de baten kunnen opwegen?

Maar rechtvaardig kan ook zijn dat wat goed is. En over wat goed is valt te twisten en dat doen gelovigen, ongelovigen, socialisten, communisten enzovoorts dan ook, zoals ik in Het Goede Doel al aankaartte. Maar zouden ze ook twisten over de vraag of het implantaat goed is?

Er is nog een derde stroming in het denken over rechtvaardigheid. Een stroming die individuele vrijheid centraal stelt. Deze stroming vindt haar oorsprong bij de Duitse filosoof Immanuel Kant. Volgens Kant is een mens altijd een doel op zich. Ziet de staatssecretaris hier het meisje als doel? Of als middel om een harde boodschap uit te stralen? Hoe zou Kant oordelen?

De Amerikaanse filosoof John Rawls heeft dit verder uitgewerkt en kwam tot twee beginselen van rechtvaardigheid. Als eerste dat iedereen recht heeft op een zo maximaal mogelijk stelsel van vrijheid dat verenigbaar is met een vergelijkbaar stelsel voor iedereen. Het tweede dat iets rechtvaardig is als de minstbedeelden er meer van profiteren dan de beter bedeelden. Zou het meisje, als een van die minst bedeelden, niet veel meer van een implantaat profiteren dan Nederland van die paar euro? Hoe zou Rawls oordelen?

De Amerikaanse filosofe Martha Nussbaum en de Indiase econoom Amartya Sen zijn verder gaan bouwen op het werk van Rawls. Zij kwamen met de capability approach, de vermogens benadering. Vermogens, zo schrijft Nussbaum in haar boek Mogelijkheden scheppen op pagina 40: “zijn antwoorden op de vraag: ‘Wat kan deze persoon doen en zijn?” Het zijn: … “substantiële vrijheden’ … een reeks van (over het algemeen onderling gerelateerde) kansen om te kiezen en te handelen.” 

Lichamelijke gezondheid is een van deze vermogens. Net als het gebruik van je zintuigen om te denken, fantaseren en te redeneren. Een rechtvaardige samenleving zorgt voor een goed basisniveau en vervolgens wordt het tweede beginsel van Rawls toegepast. Hoe zouden Sen en Nussbaum Oordelen?

Zou de staatssecretaris naar hun argumenten willen luisteren of zou hij zich oostindisch doof houden?