Het regent in Engeland

“Langer werken, stelt hij bovendien, was vroeger heel gewoon, en in China nog steeds.” De reactie van de Britse minister van Volksgezondheid Jeremy Hunt op de staking van ziekenhuisartsen in opleiding, de junior doctors. Die staken omdat de minister een zevendaagse gezondheidszorg wil zonder extra personeel en geld. De werkweek van de artsen is nu begrensd op 72 uur, die gaat vervallen. Dit roept de vraag op of er in Engeland dan dagen zijn waarop er geen zorg is. Daar gaat het nu niet om. Het gaat om de uitspraak van Hunt.

regenFoto: www.urban75.org

Vroeger was het onthoofden van criminelen heel gewoon en in Saoedi-Arabië en bij IS is dat nog steeds heel gewoon. Dus maar weer invoeren? Vroeger was er een absolute vorst en hadden we als ‘gepeupel’ niets in te brengen en in Noord-Korea is dat nog steeds het geval. Dus maar weer invoeren? Vroeger hadden we een kerkelijke inquisitie die heidenen en zondaars strafte en in Pakistan en bij IS is dat nog steeds zo. Dus maar weer invoeren? Eenzelfde redenering als Hunt: ‘in China werken ze langer en vroeger was dat ook hier heel gewoon.’ Zet Hunt hier anderhalve eeuw aan beschaving bij het vuilnis?

Niet alleen beschaving. De geschiedenis van de verkorting van de arbeidstijd leert dat door die verkorting de arbeidsproductiviteit toenam. Zweden denkt er mede daarom over om de werkdag te verkorten van 8 naar 6 uur. De medewerkers hebben dan meer energie en kunnen zich beter concentreren. Wat zou het terugdraaien ervan betekenen voor de arbeidsproductiviteit?

Dezelfde geschiedenis leerde ons ook dat het aandeel bedrijfsongevallen flink verminderde door het verkorten van de arbeidstijd. Logisch als je de Zweden mag geloven, meer energie en betere concentratie voorkomt fouten en ongelukken. Zou minister Hunt geopereerd willen worden door een arts die aan zijn 8-ste uur begint die week? Wat zou dit betekenen voor de gezondheid van mensen en de kosten van de zorg? In ieder geval moeten de artsen dan nog langer werken.

Van de Franse Beeldhouwer Auguste Rodin is de uitspraak: “Beschaving is niet meer dan een verflaagje dat bij de minste regen verdwijnt.”  Zou die Engelse regen aan ons voorbij gaan?

De vorige oorlog

Op de site JOOP pleit journalist Clarice Gargard ervoor om blanke mensen wit te noemen. Door het woord ‘blank’ worden witte mensen: “… neutraal, de standaard, het beginpunt, de oerknal, het baken van waaruit het licht der objectiviteit stroomt. En zo worden ‘blanke’ mensen in de taal als superieur gesteld tegenover ‘anderen.”  Door ‘wit’ te gebruiken wordt deze bevoorrechte positie verlaten. Zij wil via het taalgebruik een historische scheefheid recht zetten. Dat kan maar is er niet iets anders om je druk over te maken? In haar betoog schrijft zij iets opmerkelijks als het gaat over kolonialisme. Zij schrijft: “ in principe is het wereldwijd vrij not done om een gebied binnen te vallen en te stellen dat het nu van jou is (tenzij je Rusland bent). Maar zouden we daarom de nasleep van die eeuwenlange onderdrukking niet meer voelen?”

neokolonialisme

Illustratie: www.siliconafrica.com

Bij kolonialisme wordt al snel aan de Europese ‘verovering’ van de wereld gedacht. Was niet juist een belangrijk kenmerk van kolonialisme dat je een gebied binnenwandelde en vervolgens verklaarde dat het vanaf dat moment van jou was? Was dat in vroeger eeuwen niet gewoon ‘business as usual’? En niet alleen moderne westerse landen zoals Engeland, Frankrijk en Nederland. Hoeveel oorlogen zijn er in de geschiedenis niet gevoerd tussen koninkrijken en vorstendommen? Oorlogen met als doel het grondgebied van de ander te bezitten, er een kolonie van te maken. Hoeveel grote beschavingen en wereldrijken zijn niet ten onder gegaan, omdat ze werden bezet, gekoloniseerd, door anderen die na de strijd verklaarden: dit is van ons? Wat te denken van het Sumierische rijk, het Perzische rijk? De Griekse stadstaten die ‘kolonie’ werden van het Romeinse rijk. Een rijk dat ook weer ten onder ging omdat Germaanse volkeren Rome bezetten? Wat te denken van de kolonisatie van China door de Mongolen? En niet alleen China, half Eurazië werd door de Mongolen ‘gekoloniseerd’.

Tegenwoordig lijkt het inderdaad ‘not done’ om gebieden binnen te trekken en te zeggen: dit is van ons. Behalve dan voor Poetin. Gargard gaat uit van de stabiliteit en integriteit van landsgrenzen. Het internationaal recht gaat daar ook van uit.  Zou het kunnen dat de tegenwoordige tijd een tijdelijke uitzondering is op de normale situatie?

Of een neokoloniale modernisering van de oude situatie? Neem de invallen in Irak en Afghanistan. Inderdaad, er werd niet gezegd: ‘en dit is nu van ons!’ Eerder een indirecte manier van overheersing, waarbij er op papier sprake is van zelfstandigheid en onafhankelijkheid. Is dit niet gewoon neokolonialisme?

Wacht nog eens. Hoe zit het met economisch kolonialisme? Het opkopen van onder andere grond en mijnrechten door grote bedrijven en niet alleen westerse? Opkopen voor een veel te lage prijs, verkocht door corrupte bestuurders ten koste van de bevolking? Is dat niet een nieuwe manier om te stellen ‘dit is van mij’? Is dit niet gewoon kolonialisme met andere middelen? Kolonialisme waarbij de slachtoffers alle kleuren hebben en in ieder land wonen.

Zou Gargard haar energie niet beter kunnen richten op deze huidige neokoloniale oorlog?

Resistance is futile

Patriottisme, vaderlandsliefde, daarvoor pleit het CDA. In Trouw reageert Hans Janssens, hoofdcommunicatie van het CDA, in een warrig betoog op een column van Hans Goslinga in dezelfde krant. Als het erbij blijf de: “rechtsstaat, democratie, vrijheid en menselijke waardigheid te koesteren en uit te dragen,” dan zal Janssens op veel bijval kunnen rekenen.

BorgIllustratie: quotesgram.com

Blijft het daarbij? Goslinga bekritiseerde CDA leider Buma, die pleitte voor gezonde vaderlandsliefde met de dominantie van de joods-christelijke cultuur als fundament van onze samenleving. Volgens Goslinga moet de overheid zich verre houden van het uitdragen van een publieke moraal. Het publiek is immers pluriform. Volgens Janssens bieden: “Waarden en tradities (…) houvast in een wereld die razendsnel verandert en globaliseert.” En kan: “Alleen een samenleving die trots is op de eigen waarden en tradities, (…) van nieuwkomers verwachten dat zij deze ook willen delen.” Als die dominante joods-christelijke cultuur iets is wat bij het patriotisme hoort, gaan Janssens en Buma dan niet veel te ver? Hoe gezond is dergelijke vaderlandsliefde?

Is het niet veeleer ondanks, dan dankzij de christelijke cultuur dat  we trots kunnen zijn op de democratie, de rechtstaat, de vrijheid en de menselijke waardigheid? Zijn onze democratie, de rechtstaat, de vrijheid en menselijke waardigheid niet juist het resultaat van de strijd tegen de religie en tegen god? Een strijd om mensen zelf na te laten denken over hun leven en hun toekomst.

Verwachten zij dan ook dat ik die ‘waarden en tradities’ uitdraag? Dat ik daar trots op moet zijn? Welke christelijke en joodse waarden zijn dat dan? Hebben die twee stromingen niet een jarenlange niet zo fraaie geschiedenis? Zie bijvoorbeeld het denken van Luther over joden dat vorige week weer in het nieuws was. Maar ook welke tradities? Zijn dat die van de katholieke kerk, de joods orthodoxe, de remonstranten, de pinkstergemeente of nog andere?

Verwachten zij van nieuwkomers dan dat zij assimileren? Dat zij hun eigen waarden en tradities verloochenen? Of om de Borg, een van de vijanden van de Federation in de latere Start Trek reeksen, aan te halen: “We are the Borg. You will be assimilated. Resistance is futile.” Met als enig verschil dat de Borg: “biological and technological distinctiveness”  toevoegen aan hun eigen, het CDA lijkt die te willen uitbannen. Gelukkig weten captain Picard en zijn vrouwelijke collega Janeway, de Borg te verslaan. Waaruit blijkt dat ‘resistance’ niet ‘futile’ is. Als dit het streven van het CDA is, hoort u dan ook bij de resistance?

Het eeuwige heden

Eeuwenlang stond het verleden centraal. De toekomst lag immers vast: de terugkomst van de Verlosser, dus volstond herhalen van wat de voorvaderen deden. Vanaf de verlichting kwam de toekomst steeds meer in beeld. Door God af te wijzen, was de mens immers verantwoordelijk voor zijn eigen toekomst en de mensheid moest vooruit naar die toekomst. Het heden, maar ook het verleden werden gezien als fase in de ontwikkeling naar die toekomst. Over wat dat einddoel was, kon je van mening verschillen. Voor de een was dat een communistische heilstaat en voor de ander een vrije markt. Maar ja, met de val van de muur, was er geen strijd meer, was de toekomst bereikt, en werd de geschiedenis, door Francis Fukuyama beëindigd, verklaard en brak het eeuwige heden uit.

 

safranski

De filosoof Rüdiger Safranski komt op een andere manier tot eenzelfde conclusie. In het interessante boek Tijd. Hoe tijd en mens elkaar beïnvloeden onderzoekt hij de tijd. In hoofdstuk vier constateert hij iets bijzonders. Prikkels zorgen bij een mens voor opwinding. Door de ‘toegenomen gelijktijdigheid’ het ‘real time’ niet becommentarieerd meekrijgen van vanalles in de wereld, krijgt de moderne mens steeds meer prikkels. Door die hoeveelheid treedt er gewenning op en is er steeds een hogere dosis nodig om opgewonden te raken. Volgens Safranski zorgt dat voor een opwaardering van het heden. Dus door de vele prikkels lijkt de mens in het eeuwige heden te leven.

Hoe verhoudt zich dat tot de vele aandacht voor het verleden? Bijvoorbeeld voor het anti-semitisme van de grondvester van het protestantisme, Maarten Luther. Of de slavernij en het kolonialisme die nog steeds in de belangstelling staan. Maar ook de radicale islamitische aandacht voor het glorieuze verleden van de islam en de westerse misdaden van de afgelopen eeuwen.

Is dit werkelijke aandacht voor het verleden of zijn er hedendaagse bedoelingen? Is de aandacht voor Luthers antisemitisme niet voor hedendaags gebruik? Net als de aandacht voor slavernij, het  kolonialisme en de westerse misdaden tegen de islamieten? Bedoelingen om het huidige eigen gelijk en het eigen goede te benadrukken?

De toekomst lijkt er in ieder geval bekaaid af te komen. Het vluchtelingenprobleem, de voort etterende financiële crisis, de milieucrisis, de toekomst van de Europese samenwerking? Waar zijn de inspirerende verhalen om mensen voort te stuwen? Zitten we werkelijk in het eeuwige heden? Dan moeten we ons volgens John F. Kennedy toch echt zorgen maken: “Verandering is de wet van het leven. En degenen die alleen kijken naar het verleden of het heden zullen zeker de toekomst missen.”

Debat, partijen en parlement

In de Volkskrant stelt Willem van Ewijk een bijzondere vraag naar aanleiding van het Oekraïnereferendum. Een referendum waardoor er eindelijk een debat over de inhoud en niet over ‘poppetjes’ werd gevoerd. Eindelijk een debat tussen mensen die het niet met elkaar eens zijn. Eindelijk een debat over concreet beleid, zo constateert Van Ewijk, alleen jammer dat het was over een verdrag dat al getekend was.

debat

Foto: dspace.library.uu.nl

Zo’n debat smaakt naar meer, want dat is: “waar een gezonde democratie op draait: het voortdurende debat”, zoals Van Ewijk terecht constateert.  Alleen: “Het is een ideaal natuurlijk, maar iets waar de Tweede Kamer al lang niet meer in uitblinkt”  Het debat wordt, aldus Van Ewijk, nu beheerst door het kleine groepje Nederlanders dat lid is van een politieke partij. En dan stelt hij de vraag: “Als burgers niet meer debatteren via politieke partijen, waarom houden we dan zo krampachtig vast aan die parlementaire democratie?” Op de vraag wat er dan voor in de plaats moet komen, geeft hij geen antwoord, maar daar gaat het nu niet om.

Een bijzondere vraag, omdat er een relatie wordt gelegd tussen het publieke debat, politieke partijen en het parlement. Eerst de relatie tussen het publieke debat en politieke partijen. Van Ewijk lijkt het publieke debat te beperken tot de het debat in de Tweede Kamer. Is dat niet heel erg beperkt? Die partijen zouden het debat moeten voeren en dat doen ze niet. Is het publieke debat niet het gesprek tussen burgers op straat, in kranten, via Facebook en Twitter, via sites als www.ballonnendoorprikker.nl? Zijn politieke partijen hierbij onmisbaar?

Dan de relatie tussen politieke partijen en de parlementaire democratie. Van Ewijk lijkt te suggereren dat partijen cruciaal zijn in een parlementaire democratie. De Grondwet kent geen politieke partijen. Die kent parlementsleden die: “stemmen zonder last (artikel 67 lid 3). Zij zijn vrij om naar eigen oordeel en goeddunken te stemmen. Zou een parlementaire democratie kunnen functioneren zonder politieke partijen? Gewoon 150 landgenoten die we kiezen en die ons representeren, of ze representatief kunnen uitloten naar de ideeën van David van Reybrouck?

En daarmee zijn we aanbeland bij de relatie tussen parlement en publiek debat.  Parlementsleden moeten het publieke debat volgen, vragen stellen en op basis van de argumenten voor en tegen en hun eigen opvattingen, een keuze maken. Een keuze die niet overeen hoeft te komen met de ideeën en wensen van de meerderheid. Want het publieke debat kan eeuwig doorgaan, op enig moment moet er echter worden besloten en daarvoor worden die 150 mensen gekozen. Zou onze parlementaire democratie zo kunnen werken?

Werk aan de winkel

Kees Kraaijeveld concludeert in Vrij Nederland dat de staat van de Nederlandse economie sinds 2010 flink is verbeterd.“Economisch gezien ziet het basispad er best aantrekkelijk uit. Niets doen is politiek-economisch niet zo’n slechte optie.”  En voegt eraan toe dat: “Dat betekent dat Rutte puik werk heeft geleverd.” Alleen de zorg vraagt de komende jaren extra aandacht. De zorgkosten dreigen weer flink te stijgen, omdat de maatregelen van minister Schippers eindigen. Die zouden een vervolg moeten krijgen. De regeringspartijen zullen dit economische succes in de komende verkiezingscampagne claimen en uitventen. Of het economische ‘succes’ werkelijk het gevolg is van kabinetsbeleid is de vraag. Een belangrijkere vraag is of het beleid maatschappelijk een succes is?

Werk aan de winkelFoto: www.ad.nl

Waar hebben bijvoorbeeld de door Kraaijeveld bejubelde maatregelen van Schippers toe geleid, behalve een lagere groei van de zorgkosten? Wat merkt de patiënt ervan, behalve dat hij bijvoorbeeld meer zelf betaalt, omdat zijn eigen risico is gestegen en dat een afspraak bij de huisarts vaak langer op zich laat wachten? Als mensen hierdoor benodigde zorg mijden? Als ouderen geen ondersteuning meer krijgen vanwege de maatregelen die Schippers’ staatssecretaris Van Rijn heeft doorgevoerd?

De werkloosheid daalt, dat lijkt positief. Maar loont werken nog wel voor iedereen? Neemt het aantal werkende armen niet flink toe? Wat betekent het voor mensen als ze op een denigrerende (soms zelfs kleinerende en vernederende) manier worden behandeld als ze een uitkering aanvragen?

Wat betekent het voor mensen als ze van alle kanten onder druk worden gezet? Onder druk, omdat ze het liefst fulltime moeten werken en daarnaast voor hun kinderen, ouders en/of grootouders moeten zorgen, zich als vrijwilliger in moeten zetten op school of de sportclub en ook nog de openbare ruimte schoon, heel en veilig moeten houden?

Wat betekent het als een steeds kleiner deel van de mensen profiteert van die economische groei? Staat de economie of de mens centraal? Wat betekent het voor een student als zijn werkende leven begint met een flinke studieschuld?

Het huidige en voorgaande kabinetten hebben flink in de winkel gewerkt en hem van binnen aangepast aan de individualistische neoliberale formule van ‘ieder voor zich en de markt voor ons allen’. Zou een nieuw kabinet niet aan de winkel moeten werken? Aan een nieuwe, meer samenbindende formule? Aan ‘samen voor elkaar’?

Dwalende dwaallichten

In Dagblad de Limburger van 8 april 2016, betoogt Henk Steenbekkers dat, zoals de titel van zijn bijdrage luidt, (de) islam (een) bron van terreur is. In zijn betoog haalt hij onder ander Palestijnse lesboekjes aan en sluit hij af met de zin: Het fundament, de islam, de geloofsbeleving, de navolging van Mohammed uitroeien, is onmogelijk. Het is moeilijk te bevatten dat de politieke elite, wereldwijd, geen acht slaat op de ervaringen van de mensheid. Historisch besef ontbreekt vaak.” Dergelijke redeneringen of beweringen zijn tegenwoordig gangbaar en we kennen zelfs politieke partijen die deze uitdragen.

dwaallichtIllustratie: plazilla.com

Als er dan toch wordt gesproken over historisch besef. Hoe kan het dat de islamitische wereld en cultuur eeuwenlang niet gewelddadiger was dan de christelijke? Sterker nog, veel minder gewelddadig. Hoe kan het dan dat de islamitische wereld in haar eerste eeuwen onderdak en bescherming bood aan joden en christenen die de christelijke wereld ontvluchtten, omdat ze werden vervolgd door de katholieke kerk? Hoe kan het dat in die islamitische cultuur het denken en de wetenschap bloeiden terwijl het in de christelijke wereld onmogelijk was vanwege de geloofsdwang?

Die islamitische wereld volgde dezelfde Mohammed en dat leverde heel andere resultaten op. Hoe kan dat als het radicale jihadisme ingebakken zit in de leer van Mohammed? Hoe kan het dan dat er ook nu miljoenen moslims zijn die de leer en het leven van Mohammed heel anders uitleggen? Interpreteren deze moslims en de vroegere islamieten de leer verkeerd of zien de radicale islam en de radicale jihadisten het verkeerd? Of is die leer niet zo duidelijk als wordt beweerd en kun je er meerdere kanten mee op? Net zoals trouwens de christelijke leer op verschillende manieren kan worden uitgelegd. Een uitleg die ook tot vele godsdienstoorlogen, waanzin en extremisme heeft geleid.

De inquisitie beriep zich op de katholieke leer en was zelfs ingesteld door de kerk zelf, maakt dat het katholicisme tot een gewelddadig, wrede leer? Dat terroristen zich, gesanctioneerd door een of meerdere geestelijken, beroepen op de islam, maakt dat de islam tot een ‘terroristische leer’? Of zijn de radicalen dwalende dwaallichten? Dwalende dwaallichten gebaseerd op generalisatie? Generalisatie waaraan ook Steenbekkers zich schuldig maakt.

Toeval is logisch

Op diverse social media komen vaker van die leuke raadsel voorbij. Sommen waarbij je een bepaalde logica moet ontdekken en als je die logica toepast, vind je het antwoord. De laatste die ik voorbij zag komen, wil ik met jullie delen.

som

Wat moet er nu op de plek van het vraagteken?

De eerste mogelijkheid. Je telt alle getallen voor = op. 1 + 4 = 5;  5 + 2 + 5 = 12 en dan is het antwoord 21 + 8 + 11 en dat is 40. Logisch toch. Een tweede mogelijkheid is, je verhoogt het tweede getal in de optelling met één en vermenigvuldigt het met het eerste getal. 1 x (4+1) = 5; 2 x (5 + 1 ) = 12 en dan is 8 x (11 + 1)= 96. Ook logisch. Ik ben benieuwd naar je eventuele andere logische logische uitkomsten en hun verklaringen.

Een minder gebruikelijke, maar net zo logisch, is 19 als antwoord. 8 + 11 = 19, dat hebben we vroeger allemaal op school geleerd. Maar hoe zit het dan met dit antwoord als je het relateert aan de andere drie sommen? Wel heel eenvoudig. De eerste som is goed beantwoord, de tweede en derde zijn fout beantwoord en jij wordt gevraagd, het antwoord op de vierde te geven. Laat je je hierbij leiden door de fouten die de maker(s) van de tweede en derde hebben gemaakt, dan kom je op 40 of 96. Antwoorden die je logisch kunt verklaren, de logica staat hierboven immers toegelicht.

Logica die tot verschillende antwoorden leidt, dat kan toch niet? Het kan, en niet alleen bij dergelijke raadsels. Zo wordt het laatste decennium zorg georganiseerd op de aanname dat zorg beter wordt als die nabijer wordt georganiseerd. Het vluchtelingenbeleid op de aanname dat opvang in  ‘de regio’ moet. De politie maakt gebruik van profielen. Profielen gebaseerd op dadergegevens uit het verleden. Zij nemen aan dat de boef van de toekomst op die uit het verleden lijkt. Bij De Correspondent beschrijft Sinan Çankaya hierover, en vooral over de minder goede uitkomsten van dit denken. Redeneringen die zijn gebaseerd op aannames die voetstoots worden aangenomen. Redenering die vaak onderdeel zijn van een visie op de wereld die heel logisch in elkaar zit. En het maakt voor de uitkomst van een redenering nogal wat uit wat die aanname is.

Neem je iets voetstoots aan en maak je dus gebruik van het denkwerk van anderen of denk je voor jezelf? Want wat is logisch? Of zoals wijlen Johan Cruijff het formuleerde: “Toeval is logisch.”

Paard achter de wagen

Als u dit leest, zit het eerste Nederlandse raadplegende referendum erop. De uitslag is bekend en het duiden ervan zal nog wel een tijd lang doorgaan. Na zo’n eerste keer zal er ook gekeken worden naar het instrument referendum in het algemeen en het raadplegende in het bijzonder.

AchterstevorenFoto: www.zeelandnet.nl

De eerste aanzetten hiervoor zijn er al. Op de site JOOP schrijft Theo Brand het volgende: “Nederlanders moeten leren dat een referendum een nuttige en corrigerende aanvulling kan zijn op onze parlementaire democratie. Dat vraagt om volwassenheid. Een referendum moet geen stok zijn om de regering of de elite mee te slaan, maar een nuttige en positieve aanvulling op hoe wij samen democratie organiseren.” En daarom pleit hij voor hogere drempels. Voor een inleidend verzoek moet 1% van de kiezers, 129.000, de handtekening plaatsen in plaats van 10.000 nu. Vervolgens  zouden er voor het definitieve verzoek nog 4% bij moeten komen, zodat in totaal ongeveer 645.000 kiesgerechtigden een handtekening moeten zetten, tegen 300.000 nu. Ook zou de opkomstdrempel naar 50% moeten.

Begint het evalueren en het nadenken over verbeteringen niet bij het stellen van de juiste vraag? Begint het niet bij het doel dat met het referendum wordt nagestreefd? Het wetsvoorstel bij de Referendumwet geeft het volgende doel: “Indieners zien in het correctief wetgevingsreferendum een geschikt middel om de invloed van de kiezers op het beleid te vergroten.” Dit is het doel dat de wetgever beoogt. Het middel raadgevend referendum is het antwoord op deze vraag. Waarom is dit middel het juiste antwoord? Die vraag wordt in het voorstel niet beantwoord.

Invloed geven aan kiezers kan op vele manieren. Het raadplegend referendum doet dit, door de kiezer de mogelijkheid te geven helemaal aan het einde van het beleidsproces de mogelijkheid te geven een voorstel tegen te houden. In het geval van het ‘Oekrainereferendum’ is er eerst met 29 landen onderhandeld en is een akkoord bereikt en dan wordt de kiezer erbij betrokken. Zou het niet veel efficiënter zijn om de kiezer er vanaf het begin bij te betrekken? Dat zou een referendum aan het einde overbodig maken, omdat iedereen de mogelijkheid heeft om mee te denken en mee te ontwerpen. Natuurlijk krijgt ook dan niet iedereen zijn zin.

Als invloed het doel is, spant het raadplegend referendum het paard dan achter de wagen? Zouden we het paard niet beter voor de wagen spannen?

‘Duizend bommen en granaten’

Bommenwerpers en drones met hellfire raketten. Dat is de favoriete manier van oorlogvoeren in het huidige tijdsgewricht. Zo wordt nu IS in Syrië en Irak gebombardeerd. Maar wat wordt er gebombardeerd? Posities van de vijand, strategische doelen en natuurlijk voor de vijand cruciale infrastructuur. Hieraan moest ik denken na het lezen van een kort artikel bij Vrij Nederland. Dit artikel bespreekt de belangrijke rol van de Russen bij de bevrijding van Palmyra. Een rol die tot meer dan 1.000 burgerslachtoffers van Russische bombardementen leidde.

1000bommenIllustratie: nb.colomaplus.be

Nu wordt er in Syrië al gevochten en gebombardeerd sinds 2011 en in Irak eigenlijk als sinds 1991. Dat roept de vraag op of er zoveel strategische doelen en cruciale infrastructuur is of wordt er zo slecht geschoten? Belangrijker is de vraag wat het doel van die bombardementen is? De vijand demoraliseren en diens posities verzwakken zodat die makkelijker in te nemen zijn. Dat innemen moet door grondtroepen en dat zijn vooral Syriërs, Koerden en Irakezen.

Lukt dat demoraliseren ook? en wat is het effect van luchtbombardementen op de burgerbevolking? Onderzoek naar strategische bombardementen in de Tweede wereldoorlog en de Vietnamoorlog zijn weinig hoopgevend. Het liet zien dat deze “niet tot de gewenste of verwachte resultaten hadden geleid. Zij hadden de fysieke Duitse gevechtscapaciteit niet wezenlijk aangetast en evenmin tot de bereidheid geleid eerder te gaan onderhandelen. … Sterker nog: bombardementen konden het moreel verhogen.” En ook operatie Rolling Thunder de meer dan een jaar durende bombardementen op Noord-Vietnam lieten iets soortgelijks zien: “De bombardementen hadden geen ernstige moeilijkheden veroorzaakt bij het vervoer, de economie of het moreel.” Zo schrijft de Amerikaanse historica Barbara Tuchman in haar boek Mars der Dwaasheid (pagina 372).

Bommen verhogen het moreel en tasten de gevechtskracht niet aan? Dat lijkt vreemd? Het machtige leger van het Irak van Saddam Hoessein was in 2003 toch snel murw gebombardeerd? De vraag is hierbij wat is snel? Want zou het land na 12 jaar economische sancties en beperkingen niet al redelijk uitgeput kunnen zijn? Twaalf jaar waarin er ook af en toe werd gebombardeerd? Twaalf jaar die vooraf werden gegaan door de Irakoorlog van 1990-1991? Een oorlog die het verloor en waarvan die sancties een gevolg waren? En was die oorlog niet een gevolg van de Irak-Iran oorlog van 1980-1988 die het land, toegejuicht en gefinancierd door de Arabische buren en het westen, die het was begonnen?

Als ‘duizend bommen en granaten’ ook het moreel van IS versterken, zouden sancties dan misschien een oplossing kunnen zijn?