Provocerende puber

Scholen en leraren hebben het moeilijk met radicalisering en de gespletenheid in de klas. Gespletenheid door de totaal verschillende wereldbeelden. De ene groep wantrouwt westerse media en ziet overal complotten van de Verenigde Staten en Israel. De andere groep wantrouwt alles wat met moslims te maken heeft en ziet overal extremisten. In de Volkskrant een interview met Margalith Kleijwegt die in opdracht van het Ministerie van Onderwijs onderzocht hoe docenten omgaan met deze problematiek. In dit interview wordt de volgende vraag gesteld:“Stel een leerling roept dat het westen dit soort aanslagen over zichzelf afroept. Wanneer is zo’n opmerking een signaal van radicalisering en wanneer is het provocerend pubergedrag?”

provoceren

Foto: www.fcupdate.nl

Een zeer bijzonder vraag want er worden meteen twee mogelijke antwoorden bij gegeven: radicalisering of pubergedrag. Kleijwegt antwoordt: “Dat weet je niet” en geeft vervolgens een voorbeeld waaruit je kunt opmaken hoe moeilijk het is om te kiezen tussen de twee mogelijke antwoorden. Zijn dat echter de enige antwoorden? Wordt het niet interessant als de achtenvijftigjarige Henk, die van Ingrid, beweert dat het westen dit soort aanslagen over zichzelf afroept? Is Henk dan ook aan het radicaliseren of is er dan sprake van puberaal gedrag?

Wordt het niet nog interessanter als een wetenschapper en publicist een soortgelijke uitspraak doet? Ook in de Volkskrant een interview met rechtsfilosoof Afshin Ellian. Ellian maakt zich zorgen over het salafisme dat hij als zeer gevaarlijk beschouwt en hij ziet te weinig urgentie om het te bestrijden. Het interview sluit af met de volgende zinnen: “Als het salafisme echt groot wordt, is het steeds moeilijker te bestrijden. Dan bestaat het gevaar van gewelddadige conflicten. En daarom moet je ingrijpen nu het nog kan.” Staat hier niet met andere woorden hetzelfde als die leerling in de vraag roept, maar dan geprojecteerd in de toekomst en met iets wat er nu nog tegen gedaan kan worden?

Is het volgens Ellian niet al te laat als hij het volgende beweert: “Alle moslims krijgen met de paplepel ingegoten dat ze superieur zijn en het voorbeeld van Mohammed moeten volgen. En wat is dat voorbeeld? De profeet dwong mensen tot bekering, voerde de sharia in en stichtte een islamitische staat. Want alleen in een islamitische staat kun je de islamitische wetten toepassen”? Dit is geen radicale versie van de islam het is, aldus Ellian, dé islam.

Is Ellian een provocerende puber of is hij aan het radicaliseren, maar dan de andere kant op? Wie gaat het gesprek aan met dit radicalisme?

Stanford prison en de terrorist

“Technologische mogelijkheden die onze vrijheden ernstig schaden. En waar we erg behoudend zijn om ze te gebruiken. Terecht als je naar de experts luistert. We geven er te veel voor op. Het houdt terroristen niet tegen. Zij zijn vaak early adapters als het om vernieuwende technieken gaat. Altijd een stapje voor op ons staatsapparaat.” Dit schrijft Niels Hagen in een rake column op zijn weblog. De column heeft als titel Laat je niet door angst leiden en is geschreven naar aanleiding van de aanslagen in Brussel en de reacties erop. Hij haalt Beatrice de Graaf aan die, in haar DWDD college, terroristen ‘early adapters’ noemt.

Terroristen zijn volgens De Graaf heel snel met nieuwe technieken en ontwikkelingen. Ze noemt terroristen echter ook de ‘klunzen’ en de ‘losers van de geschiedenis die liever een short cut nemen dan gebruik te maken van de trage molens van de democratische besluitvormingsprocessen’. Terroristen zijn geen existentiële bedreiging voor onze open, inclusieve samenleving. Sterker, die inclusieve samenleving is volgens haar het beste wapen tegen iedere vorm van terrorisme.

Als die open inclusieve samenleving werkelijk de beste verdediging is tegen terrorisme, zouden we daar dan niet veel meer op moeten inzetten? Wat zeggen woorden als autochtoon, allochtoon, inburgeren, integreren en integratie? Hoe open en inclusief is onze samenleving als dergelijke woorden de boventoon voeren? Is dat niet veeleer exclusiverend?

Hoe exclusiverend is de taal die politici, beleidsmakers, opiniemakers en in hun navolging vele mensen gebruiken? Sommigen bewust, vaak ook onbewust zoals bleek tijdens een recente uitzending van Pauw met het ‘minderproces’ als onderwerp. Als je het goed doet ben je een Nederlander, doe je iets verkeerd, dan ben je Marokkaan. Welk effect heeft dat op mensen?

Wat zeggen snelle reacties van politici en opiniemakers waarin een link wordt gelegd tussen terrorisme en de islam? Woorden zoals: “ Dit heeft met de islam te maken en we hebben iemand nodig die daartegen optreedt,” van Wilders.  Zijn dit woorden die passen bij een inclusieve samenleving?

Zou het gebruik van deze woorden en vervolgens het beleid dat erop wordt gemaakt, niet ertoe kunnen leiden dat er ‘losers van de geschiedenis’ worden gecreëerd? Het beroemde Stanford prison experiment liet zien dat mensen heel soepel een rol aannemen en dan tot de meeste extreme daden in staat zijn. De Amerikaanse misdaden in Abu Graib bevestigden dit. Zou het exclusiverend taalgebruik er niet voor kunnen zorgen dat mensen in een rol worden ‘geduwd’ en vervolgens gedrag gaan vertonen dat de ‘duwers’ bij die rol vinden horen? Zou dit niet ook een deel van het probleem kunnen zijn?

Twee ei is een Halbe ei

Bied als winkelbedrijf ‘verstop-eitjes’ aan en spreek van ‘voorjaarsfeest’ en dat is het begin van het einde van: “waar we als land voor staan.” Een uitspraak van VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra. Dit naar aanleiding van reclame van de HEMA. Want: “Als de Hollandsche Eenheidsprijzen Maatschappij Amsterdam afscheid neemt van Pasen, dat onderdeel uitmaakt van onze maatschappij, dan glijden we langzaam af.” Want: “Pasen en Pinksteren hóren bij Nederland. Dat vind ik, ook al ben ik zelf niet religieus. Als je daar aanstoot aan neemt, dan ben je toch intolerant? Pasen hoort erbij, net als gelijkheid tussen man en vrouw en tussen homo’s en hetero’s.” Zijlstra maakt zich zorgen om de ondergang van een christelijke natie. De eitjes zijn voor hem een voorbeeld van een dreigende islamitische onderwerping.

paaseieren2Illustratie: koken.vtm.be

Beste meneer Zijlstra. Is de HEMA daadwerkelijk zo’n belangrijke poot ‘onder alles waar we als land voorstaan’? Waarom begint u dan geen actie om het bedrijf terug te kopen van de Britse eigenaar Lion Capital? Het zou immers toch niet mogen zijn dat deze belangrijke drager van ‘alles’ waar Nederland voor staat, in buitenlandse handen is? Want wat als de Britten de HEMA verkopen aan een sjeik uit een van de Golfstaten?

Is het huidige Pasen geen ‘verchristelijkte’ voortzetting van voorchristelijke lentefeesten, gewijd aan het leven en de vruchtbaarheid? Net zoals ook Kerst een ‘heidense’ geschiedenis kent. Zou de HEMA met haar voorjaarsfeest niet een verdere vernieuwing kunnen zijn? Of beter, een moderne manier van teruggrijpen op een oeroude traditie?

Meneer Zijlstra, als u Pasen en Pinksteren op gelijke hoogte stelt met de gelijkheid tussen man en vrouw en homo’s en hetero’s, waarom dan geen voorstel tot wijziging van de Grondwet? En vervolgens een Paas- en Pinksterenwet waarin formaat, smaak, gewicht etcetera van het paasei kan worden vastgelegd. De hoeveelheid spijs en suiker op een Paasbrood. Zou politieke bemoeienis dit Pasen en Pinksteren goed doen?

Moet de politiek zich niet verre houden van bemoeienis met tradities en volksfeesten, zeker als ze zijn gelieerd aan een godsdienst? Want loopt zij daardoor niet het risico de ene godsdienst boven de andere te plaatsen? En is dat niet in strijd met onze Grondwet.

Zweefgoeroes, popsterren of populisten

Volgens religie-journalist Anton de Wit moeten ‘we’ medelijden hebben met mensen die niet meer in God geloven, zo schrijft hij in een opiniërend stuk in de Volkskrant. Wie die ‘we’ zijn, maakt hij niet duidelijk. Of denkt hij dat alle lezers van de Volkskrant gelovig en liefst katholiek zijn, zoals een jaar of vijftig geleden het geval was? De Wit vergelijkt God met een grootmoeder die op zondag geen bezoek meer krijgt van haar kinderen en kleinkinderen. Hij noemt die kinderen en kleinkinderen van God zelfgenoegzaam. De Wit verwijt ‘ongelovigen’ dat ze op een verheven manier ‘vreugdedansjes’ doen op het graf van God.

kruistochtIllustratie: historianet.nl

Dat hij nog steeds met plezier in de kerk komt in God de vader of de grootmoeder gelooft, is aan hem. Net zoals het aan ongelovigen, atheïsten en ietsisten is, om hun weg te kiezen. Maar oproepen tot medelijden? Medelijden heb je met iemand die lijdt. Wie lijdt er? Waarom zou iemand die ongelovig is lijden en iemand die katholiek is niet? Creëert hij voor zichzelf niet een voetstuk door zijn oproep tot medelijden?

Verhoogt hij dit voetstuk niet nog wat verder door het afnemende geloof in God zorgelijk voor Nederland te noemen? Zorgelijk omdat: “Wie niet langer in God gelooft, ook dat leert de geschiedenis steeds opnieuw, gaat in de gekste dingen geloven; in allerhande zweefgoeroes, popsterren of populisten, in geld of macht of mode, of de Blijde Boodschap van de Vergoddelijkte Wetenschap. Vaak ook in een eigengereid mengelmoesje van dat alles, in een verstikkende warboel van modieuze wanen en ijdelheden?” Is een verheven positie van godsgelovigen wel terecht?

Zijn gelovigen in God gevrijwaard van het doen van de gekste dingen? Een geschiedenis vol kruistochten, heilige oorlogen en godsdienstoorlogen getuigt daar niet van en ook heden ten dage zijn er voldoende voorbeelden van gekheid in de naam van God of Allah. Zijn mensen die geloven in God vrij van het geloof in geld en macht? Is het geloof in God niet een ‘modieuze waan en ijdelheid’ van vroeger? En is het geloof in God nu helemaal vrij van waan en ijdelheid?

Zijn er onder de aanhangers van God niet veel verschillende stromingen, met allemaal hun eigen ‘zweefgoeroes, popsterren of populisten’. Kent de protestantse God niet vele verschillende soorten navolgers die allemaal hun eigen ‘hoge priester’ volgen? Kent het katholicisme niet ook zeer veel verschillende stromingen die allemaal hun eigen ‘heilige’ net iets heiliger vinden dan die van de anderen? Trouwens, welke van deze benamingen zou paus Leo X voor Luther hebben gekozen?

Van een voetstuk kun je vallen en hoe hoger het voetstuk, hoe pijnlijker de val. Doet De Wit God wel een plezier door gelovigen in hem op een voetstuk te plaatsen?

De splinter en de balk

Samira Bouchibti pleit er in de Volkskrant  voor dat islamitische ouders niet alleen bij de religieuze voorschriften stilstaan, maar ook nadruk leggen op het humanistische aspect van de islam en dat alle ouders in de opvoeding de nadruk leggen op wat ons bindt.

Petit NicolasFoto: www.theguardian.com

Maar: “Veel islamitische kinderen groeien op in gezinnen waarin het niet vanzelfsprekend is om zelf na te denken en je mening te vormen. Thuis wordt niet echt vrij gepraat over onderwerpen als (homo)seksualiteit, vrijheid van meningsuiting of gelijkwaardigheid. Kinderen worden niet geacht vragen te stellen – laat staan dat ze antwoorden krijgen,” aldus Bouchibti. Dus er is bij de islamitische gezinnen nog een wereld te winnen. Alleen bij de islamitische gezinnen?

Wat algemener. Hoort, bij zelf je mening vormen, niet dat je vanuit allerlei verschillende invalshoeken naar iets kijkt? En betekent dat niet dat voor een kind in een gezin dat het op een vraag een zeer genuanceerd antwoord krijgt. En eventueel een handreiking hoe de zoektocht naar een eigen mening verder voort te zetten? Hoe vanzelfsprekend is het dat kinderen opgroeien in gezinnen waarin ze worden aangezet om zelf na te denken en zelf een mening te vormen?

En (homo)seksualiteit, vrijheid van meningsuiting en gelijkwaardigheid, zijn dat onderwerpen waarover in overige gezinnen echt vrij wordt gepraat? Of zouden er ook gezinnen zijn waar een taboe rust op deze onderwerpen? En waar de vooroordelen over homoseksualiteit welig tieren? De vrije mening beperkt is tot de eigen mening van de ouders?

Hoe vanzelfsprekend is het in gezinnen dat kinderen vragen stellen en antwoorden krijgen? Antwoord zullen ze wellicht wel krijgen, maar zijn dat antwoorden waarmee de kinderen vooruit kunnen? Die hun helpen bij het vormen van een eigen mening?

In het pleidooi van mevrouw Bouchibti gericht op de islamitische gemeenschap zal bijna iedereen zich kunnen vinden. De splinter in de ogen van de ander is immers makkelijk te zien, maar hoe zit het met de balk in het eigen oog?

Veel vragen

Op deze eerste dag van het jaar wil ik jullie, mijn lezers het allerbeste toewensen. Dus veel geluk, liefde, voorspoed, maar vooral veel nieuwsgierigheid: het verlangen om te weten. Want ligt dit verlangen niet aan de basis van de wetenschap: het weten of kennis met een ander woord. En is kennis niet meer dan alleen het weten? Is kennis niet weten, doordenken en begrijpen? Is dat in eerste instantie niet alles betwijfelen wat je ziet, leest of hoort? Is dit niet het bevragen en het van alle mogelijke perspectieven bekijken van waar je mee wordt geconfronteerd?

NieuwsgierigheidFoto: www.menselijk-lichaam.com

Is dat niet wat we nodig hebben om de problemen van onze tijd het hoofd te kunnen bieden? Problemen zoals het omgaan met verschillen, door anderen ook wel integratie of inburgering genoemd? Zou nieuwsgierigheid naar de ander ons niet kunnen helpen om hem of haar te begrijpen? Om de wereld eens vanuit zijn of haar oogpunt te bekijken? En zou dat die andere niet helpen om de wereld achter jou te leren kennen? Zou dat niet tot herkenning van overeenkomsten en begrip voor verschillen kunnen leiden? Zou die herkenning en begrip voor de ander er niet toe kunnen leiden dat er heel andere oplossingen voor die problemen mogelijk zijn?

Zou dat niet ook kunnen helpen bij de ervaren ‘democratische’ crisis in Nederland? U weet wel de ‘kloof’, de gevoelde onbetrouwbaarheid van politici en bestuurders, het betrekken van mensen bij het zoeken naar oplossingen enzovoort.

En niet alleen bij het omgaan met verschillen binnen een land? Zou dat ons niet verder helpen bij de zoektocht naar rechtvaardige en eerlijke oplossingen? Bijvoorbeeld de vluchtelingenproblematiek? Of de nog altijd sluimerende Griekse, maar eigenlijk financiële en bankencrisis? Zou dat niet kunnen helpen bij de  crisis in de Europese Unie? Zou dat ook niet kunnen helpen bij het zoeken naar oplossingen voor de problemen in het Midden-Oosten en in Afrika?

Maar ach, daar hebben wij geen invloed op. Of toch wel? Wat als wij die nieuwsgierigheid gaan betrachten in ons eigen leven? Als wij geen mening meer geven over iets, maar er vragen bij stellen? Wat zou dat voor een effect hebben op de mensen om ons heen? Hoe zouden die mensen hierop reageren? Wat als zij dit over zouden nemen? Zou dat niet onze invloed op de ‘wereldproblemen’ kunnen zijn?

De Ballonnendoorprikker blijft vragen en bevragen. Doen jullie mee? Ik wens jullie veel vragen toe.

Het gloednieuwe testament

In Trouw las ik dat het christelijke Wheaton College professor Larycia Hawkins op non-actief heeft gesteld omdat zij van mening is dat islamieten en christenen dezelfde god aanhangen. Nu zijn God en zijn islamitische alter ego Allah, de laatste tijd volop in het nieuws. De ene vanwege de komende kerst en omdat onze samenleving toch is gebaseerd op de ‘christenlijke waarden’ van zijn zoon en de ander omdat gewelddadige jihadisten in zijn naam dood en verderf zaaien.

Andere culturen kenden en kennen een veelheid aan goden. Dit maakt het makkelijk om verschillen te duiden. Het is immers het werk van met elkaar concurrerende en strijdende goden. De Griekse mythologie staat er bol van.

griekse godIllustratie: iamag.co

De aanhangers van de islam, het christendom en daarvoor al het jodendom hebben er een ander concept van gemaakt. Er is maar één godheid. Maar dat maakt het wel lastig om verschillen en tegenstrijdigheden te duiden. Wat wil die godheid nu? Dus zijn al die tegenstrijdigheden een gevolg van de interpretatie van de wil van de godheid. En daarover kunnen dus complete oorlogen worden gevoerd. Oorlogen binnen en tussen de aanhangers van de verschillende godheden.

Ik heb niets met welke religie dan ook, maar stel dat er toch maar één god is. Is zijn boodschap dan niet erg vaag en voor velerlei uitleg vatbaar? Zijn de signalen die hij uitstraalt niet bijzonder tegenstrijdig? Moet die god dan niet een cursus effectief communiceren volgen? Of heeft hij een fout in de schepping gemaakt en slechte luisteraars van ons gemaakt?

Dat zou allemaal kunnen. Een veel interessantere optie werd behandeld in de film Le Tout Nouveau Testament van de Belgische regisseur Jaco van Dormael (Hieronder de trailer van deze film. In de film bestaat god en woont hij met zijn vrouw en dochter in Brussel. Zijn zoon is tweeduizend jaar geleden overleden. Hij bestaat en is een zeer sarcastisch persoon die niet alleen zijn gezin maar ook de mensheid tiranniseert. Hij heeft de mensheid geschapen voor zijn plezier en dat plezier bestaat erin om het de mens zo lastig mogelijk te maken. Past dat beeld niet veel beter bij de werkelijkheid?