Naar de psycholoog

Volgens Vandale is een fobie een: “ongemotiveerde vrees (psychologie).” Een aandoening waaraan iemand kan leiden. Iemand die aan claustrofobie lijdt, heeft een ongemotiveerde vrees voor kleine ruimtes. Hoe zou er worden gereageerd als we een lijder aan deze fobie zouden beschuldigen van discriminatie van kleine ruimtes? Als het, voor de ouderen onder ons, een sketch was van de heren van Monty Pythons Flying Circus in hun welbekende stijl, dan zouden we dubbel liggen van het lachen. En zouden we iemand die dit serieus zou voorstellen niet net zo hard uitlachen?

In het commentaar van de Volkskrant van maandag 14 maart, roept Martin Sommer de overheid op om hard op te treden tegen anti-islamitisch geweld. “De toename van geweld tegen moskeeën en andere islamitische instellingen is onthutsend,” aldus Sommer en de overheid moet hier hard tegen optreden. Een collectief aan organisaties roept de overheid hiertoe op en deze oproep kan op bijval van Sommer rekenen. De overheid dient, zo constateert Sommer terecht, de vrijheid van godsdienst te garanderen én ook de vrijheid van godsdienstkritiek.

En dat brengt Sommer bij een ander speerpunt van het collectief van organisaties: “Aanzienlijk minder toe te juichen valt het ‘speerpunt’ in de campagne dat islamofobie als aparte discriminatiegrond moet worden erkend.” Dit druist, volgens Sommer in tegen de vrijheid van godsdienstkritiek.

Islamofobie zou dan een aandoening zijn waarbij iemand aan een ongemotiveerde vrees voor de islam lijdt. Sommer heeft een punt als hij ervoor pleit om dit geen discriminatiegrond te laten zijn. Want hoe kun je iemand die aan een geestelijke aandoening lijdt, beschuldigen van discriminatie omdat hij aan die aandoening lijdt? Irrationele angst voor de islam is lastig voor iemand die er last van heeft. Maar discrimineert hij daarmee de islam of de islamiet? Hoe kan iets wat je voelt, want dat is een fobie, discrimineren?

Natuurlijk zou het kunnen zijn dat die persoon door zijn irrationele angst iets doet wat wel discriminerend is. Zou die persoon dan niet op dat iets moeten worden aangesproken en eventueel vervolgd? Zou het dan kunnen dat deze persoon zich bij zijn verdediging beroept op islamofobie? Waarna de rechter hem vervolgens verminderd toerekeningsvatbaar kan verklaren, maar wel verplicht om een psycholoog te bezoeken.

Met andere woorden, moet iemand die lijdt aan islamofobie, niet naar de psycholoog in plaats van voor de rechter? Of is islamofobie geen fobie?

‘Overwinning van de democratie’

In drie Duitse deelstaten werden afgelopen zondag verkiezingen gehouden voor het parlement. De nieuwe partij AfD komt in alle drie de parlementen. De kiesdrempel van 5% bleek geen belemmering voor deze nieuwe partij. Sterker nog, de partij haalde veel meer dan die 5%. In de deelstaat Saksen-Anhalt zelfs 20%. En zoals altijd na verkiezingen, zijn de druiven voor de verliezers zuur en staan de winnaars te jubelen. AfD is een van de winnaars, niet de enige.

AfD

Foto: ejbron.wordpress.com

In de Volkskrant was te lezen dat de leider van de AfD, Frauke Petry, de uitslag ‘een overwinning van de democratie’ noemde. Een bijzondere uitspraak want wie was dan de tegenstrever van de democratie?  Duitsland was ook voor gisteren toch gewoon een democratie waar geregeld volksvertegenwoordigers worden gekozen? Gisteren was het de beurt aan drie deelstaten om nieuwe volksvertegenwoordigers te kiezen.

Een korte, niets zeggende zin. Niets zeggend, maar wel suggestief? Want wilde de spreekster, mevrouw Petry, duidelijk maken dat haar partij de enige is die voor de democratie is? Dan kan ze niet echt spreken van een overwinning van de democratie, omdat haar partij nergens meer dan 20% van de stemmen haalde. Dan heeft de democratie toch verloren? Mocht de AfD over vier jaar minder stemmen halen, verliest de democratie dan?

Wilde Petry aangeven dat door de overwinning van haar partij een nieuw geluid een plek krijgt en dat dit hét geluid van het volk is? Een suggestie waarvan Wilders en de PVV in Nederland zich ook vaak bedienen. Kunnen andere partijen niet met evenveel recht verklaren namens het volk te spreken?

Manoeuvreert Petry met deze korte zin haar politieke tegenstrevers in het ‘ondemocratische’ kamp en eigent ze zichzelf en haar partij de democratie toe? Is de democratie niet van ons allemaal en veel te kostbaar om ze te laten toe-eigenen door welke partij dan ook?

Wat belangrijker is, is democratie niet veel meer dan verkiezingen? Gaat het niet veeleer om wat wij doen op al die  dagen dat er geen verkiezingen zijn? Of om de Amerikaanse filmmaker Michael Moore aan te halen: “Democracy is not a spectator sport, it’s a participatory event. If we don’t participate in it, it ceases to be a democracy.”

Ons soort mensen

In Trouw een artikel over de aantrekkingskracht van Rotterdam. De stad is populair want er trekken meer mensen naar toe, dan dat er weg gaan. Hoe gaat dat, die opwaardering: “Het patroon werkt meestal zo: slechte buurten trekken eerst creatievelingen en studenten, waarna coffeebars en restaurants ze ook zien zitten. Dan komen ze in beeld bij rijkere en hoogopgeleide stadsbewoners, die in de al langer populaire buurten geen huis kunnen vinden. Zo knapt de wijk verder op en stijgen de huizenprijzen. Als ook in de opgewaardeerde buurt de huizen schaars worden, zijn de aanpalende buurten aan de beurt, waar het proces opnieuw begint.” Een proces dat ook wel met de Engelse term gentrification wordt aangeduid

rotterdamFoto: www.woonstadrotterdam.nl

Die opwaardering kan op veel bijval rekenen van het stadsbestuur. De stad wordt zo aantrekkelijker voor hoger opgeleiden en welgestelden, ‘sociaal-economisch weerbaarder’ in de termen van de Rotterdamse woonvisie. Een positieve ontwikkeling, maar toch.

Wat betekent dit voor de niet zo welgestelden? Voor de mensen die hun huurhuisje moeten verlaten omdat de wijk opnieuw ontwikkeld wordt. Ontwikkeld door er vooral koopwoningen en duurdere huurwoningen te bouwen. Mensen die niet worden gezien, omdat ze geen ‘kapitaalkrachtige’ marktpartij zijn en waar dus niets aan te verdienen is. Mensen die bij de gemeenten in beeld zijn, omdat zij in de bijstandsbestanden oververtegenwoordigd zijn. Mensen die geld kosten.

Waar moeten die mensen naar toe? Wordt er ook voor hen nieuw gebouwd? Of moeten zij naar wijken met veel huurwoningen? Naar wijken met minder gewilde woningen? Naar wijken waar geen welgestelden te vinden zijn? Dit met het risico dat die wijk verloedert en in ‘een getto’ verandert? Met het risico dat de sociaal-economische tweedeling een nog sterkere ruimtelijke vertaling krijgt dan nu al het geval is? Zou dit de keerzijde van de ‘succesmunt’ kunnen zijn?

Zouden stadsplanners, politici en bestuurders hier niet oog voor moeten hebben? Zou niet iedere wijk een divers aanbod aan woningen moeten hebben. Woningen zowel in de lage huursector als ook in de dure koopsector. Zodat de bedrijfsdirecteur de bijstandsgerechtigde in zijn straat tegen komt en kent en niet alleen ‘ons soort mensen’?

De illusionist

De kosten voor massamigratie zijn veel hoger dan de kosten van grenscontroles:“Een realistische raming van de kosten komt uit op een jaarlijks bedrag van twee tot vijf miljard euro. … De kosten van de opvang en verzorging van asielzoekers werd onlangs op 20 miljard euro per jaar geschat.” Een Duits instituut voor economisch onderzoek heeft deze berekening voor Duitsland gemaakt. Zo valt te lezen in Elsevier. Die 5 miljard euro steken schril af tegen de ‘alarmistische’ geluiden dat gesloten grenzen, zeer duur zouden zijn.

mindfuckIllustratie: www.burovoormuziek.nl

Nu komen er ieder jaar vluchtelingen, maar niet ieder jaar evenveel. In 2015 zullen de kosten verbonden met asielzoekers voor Duitsland best 20 miljard euro zijn geweest. Maar hoe hoog waren ze in 2014 en hoe hoog zullen ze in 2020 zijn? Het gaat mij niet om de bedragen en of die kloppen of niet. Zet twee economen in een ruimte en laat ze hiervoor een berekening maken en je krijgt drie verschillende uitkomsten.

De vraag die dit artikel oproept is van een andere orde. Met welk doel ‘vergelijk’ je de kosten van grenscontroles met die van de opvang en verzorging van asielzoekers? Welke suggestie wil je hiermee wekken? Zeker omdat het Duitse ‘berekeningen’ betreft en voor Nederland kan en zal dat heel anders liggen.

Wat is de relatie tussen het sluiten van grenzen en de opvang en verzorging van vluchtelingen? Willen grenscontroles zeggen dat vluchtelingen het land niet meer inkomen? Want dat is wat het artikel lijkt te suggereren. Nu hebben we na de Tweede Wereldoorlog een lange periode met grenscontroles gehad. In die tijd kwamen er ook vluchtelingen, denk onder andere aan de Hongaarse, de Tsjechoslowaakse en de Vietnamese.

Is het niet veeleer zo dat de kosten van grenscontroles bovenop die voor de opvang en verzorging van vluchtelingen komen? Tenzij we géén vluchteling meer toelaten. Dan moeten wel de internationale verdragen rondom de omgang met vluchtelingen worden opgezegd en onze wetgeving daaromtrent worden aangepast. En als alle landen dit doen, dan zit iedereen vast in het eigen land? Wat doen we dan als de dijken breken?

“Wahn ist kurz, die Reu ist lange,(kort is de illusie, lang de spijt)” aldus de Duitse dichter Friedrich von Schiller. Hoe lang en groot zou de spijt zijn als blijkt dat na het sluiten van de grenzen er ook vluchtelingen blijven komen. We moeten immers iedereen die zich aan de grens meldt en asiel aanvraagt, gewoon in procedure nemen. Dus ook worden opgevangen en verzorgd. Dan zitten we met dubbele kosten. Wat zou Elsevier willen bereiken met een dergelijk artikel? Toch oppassen voor de illusie die Elsevier lijkt te suggereren?

Ελλάδα, συγγνώμη (Griekenland, sorry)

De 27 andere EU-landen hebben vandaag een dubbele boodschap voor Tsipras. Punt één: inderdaad, je zit diep in de problemen. Had je die ‘hotspots’ maar wat sneller moeten opzetten. Ten tweede: we staan volledig tot jullie beschikking om te helpen, met geld, materieel en mankracht”, zo schrijft Christoph Schmidt in Trouw.  Griekenland lijkt de favoriete zondebok te worden van de landen van de Europese Unie (EU). Na al eerder schuldig te zijn verklaard aan de euro-crisis en met de ellende ervan te zijn opgescheept, lijkt het land nu schuldig te worden verklaard aan de vluchtelingencrisis. Ook hier wordt het land opgezadeld met de ellende.

vluchtelingenFoto: www.volkskrant.nl

De 27 andere landen van de EU sluiten hun poorten voor vluchtelingen die via Griekenland door willen reizen naar een ander land in de EU. Hierdoor zitten meer dan 100.000 vluchtelingen, en dat aantal groeit nog steeds, klem in Griekenland. Griekenland had maar haast moeten maken met het inrichten van hotspots waar de vluchtelingen moeten worden geregistreerd en wordt beoordeeld of ze kans maken op een status en van waaruit ze vervolgens over Europa worden verdeeld. Ja, er waren afspraken gemaakt over de verdeling van 160.000 vluchtelingen? Zaten en zitten die ander landen te wachten op ‘hun’ deel hiervan? Hoeveel hebben ze er al opgenomen? Maar stroomden er niet veel meer vluchtelingen binnen? Wat zou er dan met de overige moeten gebeuren?

Over die hotspots. Afgelopen twee maanden werd Griekenland overstroomd met 120.000 vluchtelingen en de maanden ervoor waren het er vaak nog meer. Er zouden elf hotspots moeten komen waarvan vijf in Griekenland. De andere in Italië, dit land heeft trouwens geluk dat de asielstroom zich naar Griekenland heeft verplaats. Met de instroom van de afgelopen twee maanden zou iedere hotspot 12.000 vluchtelingen per maand moeten registreren en beoordelen. Dat zijn er ruim 16 per uur. Nederland knapte al bijna uit elkaar met de 60.000 vluchtelingen die vorig jaar het land in kwamen. De meeste, en laten we er we voor het gemak uitgaan van alle, in de tweede helft van het jaar. Dan zijn dat er 10.000 per maand. Was ‘hotspot’ Ter Apel hiervoor niet te klein? En is Ter Apel er niet alleen maar voor de eerste registratie, een beoordeling hoeft daar niet eens plaats te vinden?

In Nederland en Duitsland ontstaat er  flink reuring en verzet  als ergens een opvanglocatie dreigt te komen. Zouden de Grieken geen bezwaar hebben tegen een ‘hotspot’ op hun eiland of in hun dorp? Of verwachten de andere landen dat de Griekse regering gewoon over de vragen, bedenkingen en bezwaren van haar inwoners walst?

Hebben de Grieken de afgelopen jaren niet ervaringen opgedaan met de bereidheid van de andere landen die ‘volledig tot jullie beschikking om te helpen, met geld, materieel en mankracht’? Werden onder het mom van het ‘redden’ van Griekenland en de euro, niet de banken gered en zijn de kosten en ellende hiervan niet afgewend op de Grieken? Hebben een groot deel van diezelfde landen (de euro-landen) de Griekse overheid hiermee niet tot op het bot uitgekleed en onder curatele gesteld?

Nu verwachten diezelfde landen in de vluchtelingencrisis wonderen van Griekenland. Wonderen die ze zelf niet gerealiseerd krijgen. Of zijn ze blij dat zij van het vluchtelingenprobleem zijn verlost zonder dat een oplossing voor het probleem van de vluchtelingen ook maar een stap dichterbij komt? Verlost omdat het probleem op Griekenland is afgeschoven.

Schmidt haalt een EU-diplomaat aan die constateert dat de Grieken ook ‘een bestuurlijke capaciteitsbehoefte’ hebben. Een eufemisme voor: jullie zijn te stom om jullie problemen op te lossen. Hoe zou je als Griek dan kijken naar die bereidheid van die andere landen die ‘volledig tot jullie beschikking om te helpen, met geld, materieel en mankracht’ staan? Zeker gezien hun eerdere ervaringen? Want welke prijs zouden die overige landen nu vragen voor hun geld, materieel en mankracht?

Zouden die 27 landen, waaronder Nederland, zich niet moeten schamen voor hun handelen? Als leerlingen van een schoolklas zich zo tegenover een medeleerling gedroegen, dan was het huis te klein. Dan trad het anti-pestprotocol in werking. Wellicht moeten de landen van de EU ook eens een anti-pestprotocol opstellen. Ik schaam me in ieder geval diep als de Nederlandse regering zich zo gaat opstellen tegenover de Grieken. En daarom: Αγαπητοί Έλληνες, ζητώ συγγνώμη για τον τρόπο που η ολλανδική κυβέρνηση και οι άλλες χώρες της Ευρωπαϊκής Ένωσης να κάνει για εσάς. (Beste Grieken, mijn excuses voor de manier waarop de Nederlandse regering en de overige landen van de Europese Unie jullie behandelen.)

Less is More

Soms lees je iets waardoor je van verbazing van de stoel valt. Vandaag was het weer zover na het lezen van een kort artikel in Trouw: ” Een persoon met een dergelijke autoriteit zou geen ideologische uitspraken mogen doen zonder enige wetenschappelijke grond, aldus de partij.”  Frissen is hoogleraar bestuurskunde Paul Frissen en de partij is Wilders’ PVV. Frissen  heeft in een interview met de Limburgse zender L1 gezegd dat alle partijen Wilders moeten aanvallen, omdat hij bevolkingsgroepen apart zet en: “Het demoniseren van minderheden, het wij/zij denken, is het klassieke fascistische verhaal door de geschiedenis heen.” Vanwege deze uitspraken zou Frissen zijn professoraat als ook zijn decanaat van de Nederlandse  School voor Openbaar Bestuur moeten opgeven aldus de PVV.

zappaIllustratie: www.maxximize.nl

Is het niet bijzonder dat een partij die zegt te strijden voor de vrijheid en dat woord in haar naam voert, anderen in hun vrijheid wil beperken? Zeker als het de vrijheid van meningsuiting betreft, een vrijheid waar de partij pal voor zegt te staan? Een eerste, makkelijke verbazing.

Een slag dieper. Van een goed wetenschapper mag je verwachten dat hij zijn standpunten weet te onderbouwen en Frissen zal daarop geen uitzondering zijn. Maar dat je dat verwacht, wil nog niet zeggen dat het verplicht is voordat een wetenschapper een uitspraak mag doen. Want heeft een wetenschapper niet hetzelfde recht om een ‘wetenschappelijk ongefundeerde’ mening te uiten als ieder ander mens of politicus?

Weer iets dieper. Vormen ideologieën niet de basis van de sociale wetenschappen en is elke uitspraak van een sociale wetenschapper daarmee niet ideologisch getint? Is sociale wetenschap niet per definitie discussie tussen de verschillende ideologische invalshoeken? Is het daarom niet vreemd om van wetenschappers te verwacht geen ideologische uitspraken te doen? Dat zou betekenen dat alle economen zich niet meer in het openbaar over de economie mogen uitlaten. Dat zou betekenen dat sociologen zich niet meer mogen uitlaten over zaken die zij waarnemen en vanuit hun ídeologisch’ frame verklaren. Zou het dan niet oorverdovend stil zijn in de academische wereld?

En nu iets breder. Natuurlijk zou het goed zijn als mensen hun opvattingen en meningen goed onderbouwen en doordenken. Doordenken door er vanuit alle invalshoeken naar te kijken. Dat je het recht hebt om je mening te uiten, wil echter nog niet zeggen dat je die moet uiten. Zeker niet zonder eerst goed na te denken. Het zou goed zijn als ‘gewone mensen’, wetenschappers maar vooral politiek dit zich dit realiseren. Dat zou het publiek gesprek ten goede komen. Want geldt hier niet Less is More?

Jiujitsu-ende IS terrorist

Hoe de situatie in Syrië op te lossen? Een goede vraag waarop geen snel en kort antwoord mogelijk is. Er zijn zoveel partijen en landen bij betrokken met allemaal een eigen inzet en eigen belangen. En sinds kort is Nederland er ook bij betrokken. Nederland is erbij betrokken om te strijden tegen de terroristen van IS, want die waren verantwoordelijk voor de verschrikkelijke aanslagen onder andere in Parijs. Nederland strijdt tegen terrorisme, maar is het wel aan te raden om ‘oorlog’ te voeren tegen terroristen?

jiujitsu

Foto: www.upjj.org

In de Volkskrant stond een column van de Amerikaan Joseph Nye waarin hij vijf feiten over het terrorisme beschrijft. Volgens Nye is terrorisme:

  • theater, en zijn terroristen meer geïnteresseerd in aandacht die ze genereren.
  • voor mensen in de geïndustrialiseerde landen niet de grootste bedreiging: “De kans is groter dat je door de bliksem wordt getroffen dan gedood door een terrorist.”
  • niets nieuws en duurt maar een generatie voor het uitdooft
  • van IS een politiek fenomeen in religieuze tooi gehuld. Een geducht fenomeen maar, volgens Nye, met beperkte reikwijdte
  • net jiujitsu. Het is een kleine actor die de kracht van de grotere vijand gebruikt om hem te verslaan.

Als dit de feiten over terrorisme zijn, waarom gaan we dan bombarderen in Syrië? Genereren de terroristen zo niet meer aandacht en moeten we dat juist niet voorkomen? Laten we ons als grotere partij niet verleiden tot een partijtje jiujitsu? Een partijtje met kans op schade en zelfs aanzienlijk verlies? Zouden we niet veel verder komen als we als vrije en open samenleving beheerstheid, bedachtzaamheid en terughoudendheid betrachten? Als we het terrorisme niet als een militair probleem zien, maar als een probleem van politie en justitie?

Als laatste sluit Nye af met de zinnen: “we moeten niet in de val van de terroristen lopen. Laat de acties van dit tuig zich in lege theaters uitspelen. Als we ze het hoofdpodium van ons publieke discours laten overnemen, laten we ze de kwaliteit van ons leven ondermijnen en onze prioriteiten verstoren. Onze kracht zal tegen ons gebruikt zijn.” Loopt Nederland niet in de val van de jiujitsu-ende IS-terrorist?

Eigen gras

Ernst-Jan Pfauth, correspondent zelfverbetering, had zich voorgenomen om een marathon te lopen. En in de training voor de marathon trainde hij, zoals wordt geadviseerd, in een iets lager tempo dan natuurlijk voor hem voelde. Dit ging goed, totdat hij werd ingehaald. Dan wilde hij de snelste zijn met als resultaat blessures en hij heeft nog steeds geen marathon gelopen.

gras

Foto: zoom.nl

Deze persoonlijke onthulling deed hij in een artikel bij de Correspondent met als titel:  “Stop toch met jezelf eindeloos met anderen te vergelijken.”  Want juist dat vergelijken met anderen en het streven om minstens even goed en liever beter dan anderen te zijn, leidt zelden tot nooit tot het gewenste resultaat, aldus Pfauth die zich baseert op een zelfhulpboek De moed van imperfectie van de Amerikaanse Brené Brown.

Volgens Brown en Pfauth leidt dit niet tot resultaat, omdat je je succes afmeet aan dat van anderen en er zijn altijd anderen die het beter voor elkaar lijken te hebben. Bovendien ga je je dan gedragen zoals je denkt dat anderen willen dat je je gedraagt en zo negeer je wat je echt wil. Het gras is bij de buren immers altijd groener. Nee, je kunt betere maling hebben aan hoe je je verhoudt tot anderen en je richten op wat je intrinsiek voldoening heeft.

Een goed te volgen betoog dat een vervolgvraag oproept. Als het voor een persoon beter is om zich niet te vergelijken met anderen, zou dat voor samenlevingen, landen maar ook streken en steden, niet ook gelden? Waarom wil een stad de meest toeristische zijn? Of de beste binnenstad hebben? De groenste gemeente zijn? De logistieke hotspot zijn? Waarom doen ze mee aan dergelijke wedstrijden? Waarom hechten ze zoveel waarde aan hun score in de Atlas der gemeenten? En geldt hetzelfde niet ook voor landen?

Maar vooral voor economieën? Waarom moet ‘Nederland’ de concurrentie met ‘China’ aangaan? Als de economie alsmaar moet groeien om anderen voor te blijven en onze (wie is trouwens die onze?) ‘concurrentiepositie’ te handhaven en te verbeteren, groeien we dan niet alleen maar om anderen voor te blijven? Lopen we dan niet een grote kans om, net zoals Ernst-Jan die andere lopers voor wilde blijven, geblesseerd te raken? Vertoont onze maatschappij al kenmerken die op blessures duiden?

Zullen we ook hier stoppen met vergelijken en onze trots ontlenen aan ‘ons eigen gras’ en niet dat van de buren?

Maatschappelijk belang

Carlijne Vos schrijft in het commentaar in de Volkskrant over het D’66 wetsvoorstel om de donorwet aan te passen. Nu moet iemand expliciet aangeven donor te zijn, als het wetsvoorstel wordt aangenomen, moet je expliciet aangeven géén donor te willen zijn.

orgaandonor

Illustratie: afvallen-gezondleven.nl

D’66 heeft dit wetsvoorstel opgesteld, omdat er te weinig donoren zijn om aan de vraag te voldoen. Hierdoor sterven mensen, omdat er geen passende donor is. Ongeveer 25% van de Nederlanders is donor terwijl uit onderzoek blijkt dat meer dan de helft wel zou willen doneren. Meer donoren vergroten de kans dat er bijvoorbeeld een passend hart is voor een donor patiënt. Daarom zou het goed zijn als meer mensen zouden aangeven donor te willen zijn. Het wetsvoorstel kan eraan bijdragen, maar daar wil ik het nu niet over hebben.

Ik wil het hebben over het argument van Carlijne Vos in de afsluitende zin van het commentaar: “Het bezwaar dat mensen nu mogelijk ongewild donor worden omdat ze hun post niet open maken of wilsonbekwaam zijn, legt het af tegen het grotere maatschappelijk belang.”

Een van de taken van de overheid is om de zwakkeren te beschermen. Zijn de wachters op een donororgaan de zwakkeren die extra beschermd moeten worden? En wordt die bescherming met dit wetsvoorstel geboden? Zou de overheid niet juist de wilsonbekwamen moeten beschermen?

Deze passage roept meer vragen op. Creëert Vos niet een oneigenlijke tegenstelling om haar opvattingen kracht bij te zetten? De belangen van de wachters op een donororgaan noemt zij een maatschappelijk  belang. Geldt datzelfde niet ook voor de belangen van de wilsonbekwamen of de ongewilde donoren? Is dat niet ook een maatschappelijk belang? Wat maakt dat het ene een maatschappelijk belang is en het ander niet? Waarin zit dat verschil? Of zijn het allemaal individuen met belangen? Heeft de overheid niet ook de taak om voorzichtig om te springen met de belangen van mensen die zo ongewild donor worden?

Leadership from behind

In Dagblad de Limburger roept Sjoerd Mossou de voetbalsupporter op om in actie te komen. Volgens hem laten tienduizenden zich in de stadions gijzelen door een klein groepje idioten. Hij adviseert deze tienduizenden: “Loop massaal het stadion uit. Zing een ander – veel beter – lied. Ga in discussie met je buurman. Breng de humor terug in plaats van dat verstikkende oliedomme gebrek aan relativering. Verzin een ludieke actie.” Nu denk ik dat juist dat kleine deel dat ‘poppen ophangt’ etcetera, denkt dat dit ludiek is, een vorm van humor. Volgens Mossou is het verleidelijk en ook deels terecht om naar de KNVB, de club of de overheid te wijzen.

leiderschapIllustratie: www.michellesmirror.com

In de Volkskrant heeft Max Pam een ander, wellicht aanvullend idee: “Zo kan iedereen die getuige is van een voetbalwedstrijd waarbij zich ongeregeldheden voordoen en die daar op de een of andere manier niet tegen is opgestaan, worden beschouwd als een lid van een criminele organisatie.” En om dit kracht bij te zetten, stelt hij voor om de stadionbezoekers borg te laten betalen. Die krijgen ze terug als alles goed gaat, anders niet.

Opvallend is dat beide heren de eigen verantwoordelijkheid van de stadionbezoeker aanspreken. Dat is deels ook terecht. En als niets anders werkt, dan is dat een laatste redmiddel. Laatste, omdat er ook andere zijn. Laten we eens naar de beroepsgroep van Mossou en Pam kijken. Zou het niet meer verslaan van wedstrijden door alle media, een één na laatste redmiddel kunnen zijn? Dit betekent geen TV-gelden voor de clubs en sterk verminderde aantrekkelijkheid voor sponsors.

En met die sponsors komen we bij het op twee na laatste redmiddel. Wat als sponsors zich om die reden terugtrekken? En dan de scheidsrechters? Die kunnen een wedstrijd staken of niet laten beginnen. En daar weer voor de spelers en trainers. Wat zou er gebeuren als die niet verder spelen? En daarvoor de clubs. Zouden die gasten die zich misdragen niet de deur uit kunnen zetten? Het is immers hun huis. Indien nodig kunnen ze hiervoor politieondersteuning vragen. En daar weer voor de voetbalbond. Zou die geen gedragsregels kunnen uitvaardigen hoe te handelen in een dergelijke situatie?

Toont echt leiderschap zich niet juist in moeilijke tijden? Zien we niet een schrijnend gebrek aan leiderschap en verantwoordelijkheidsbesef? Maar ja, waarom zou het voetbal een uitzondering zijn op het algehele gebrek aan leiderschap en verantwoordelijkheidsgevoel bij bestuurders, in de politiek en de samenleving? Zien we daar niet ook vormen van hooliganisme en wegduiken? Van het ontwijken en ontduiken van verantwoordelijkheid? Is dit het nieuwe ‘leadership from behind’?