‘Islamitisch hoofddoekje’

‘Geen islamitische hoofddoekjes in een publieke functie’, dat is een van de programmapunten van de PVV. Een programma met als titel en motto: ‘Nederland weer van ons’ en dat roept meteen de vraag op wie die ‘ons’ is, maar daar wil ik het niet over hebben. Het gaat mij over dat islamitisch hoofdoekjesverbod in publieke functies.

hoofddoekje

Foto: www.moossie.nl

Hoe kun je aan een hoofddoekje zien dat het ‘islamitisch’ is? Welke kenmerken heeft zo’n hoofddoekje en waarin verschilt het van andere hoofddoekjes? Natuurlijk bedoelt de PVV wat anders. Ze bedoelt dat het dragen van islamitische religieuze uitingen door mensen in een publieke functie, verboden moet worden en het dragen van een hoofddoekje is zo’n uiting. Net zoals het dragen van een kruisje een christenlijk religieuze uiting is, een sikh een tulband draagt en zo heeft iedere religie haar symbolen.

Bedoelt de PVV dat religieuze uitingen niet meer gedragen mogen worden door mensen in publieke functies? Dat zou wel consequent zijn. Als immers alleen het dragen van uitingen van één religie verboden zou zijn, dan discrimineert de overheid immers. Zou de PVV er dan ook voor willen ijveren om de verwijzing naar god in de aanhef van iedere Nederlandse wet (‘Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz’) te verwijderen? Door de ambtseed aan de passen en alleen af te sluiten met ‘Dat verklaar en beloof ik’ en dus ‘Zo waarlijk helpe mij God Almachtig’  niet meer toe te staan? ‘God almachtig’ is trouwens een goede vertaling van  ‘Allahoe akbar’.

Waarschijnlijk bedoelt de PVV dat niet. Het programma verwijst alleen naar islamitische symbolen en lijkt zich niet druk te maken over de bevoorrechting van de christenlijke god door de overheid zelf. Roept de partij de overheid op om te discrimineren op basis van religie? Of wil de partij ook de Grondwet aanpassen en daarin op laten nemen welke religie wel onder de godsdienstvrijheid valt en welke niet? En nog een stap verder, wil de partij de islam de status van godsdienst ontnemen? Dan ben ik benieuwd naar de onderbouwing van die keuze.

Gifpijlen op het verkeerde doel

Bij ThePostOnline gaat columniste Annabel Nanninga, met de boerkini-discussie in het achterhoofd, weer eens flink te keer tegen ‘links’. Nanninga: “En hier zien we wederom gebeuren wat de hele integratie tot zo een giftige mislukking heeft gemaakt: progressief-links verwart vrijheid en tolerantie met lafheid en laksheid. Het laten oprichten van moskeeën en islamitische scholen: ja, want we hebben vrijheid van godsdienst, maar uit lafheid is er nooit de eis gesteld dat Nederlands de voertaal is in dergelijke instellingen. Uit laksheid is er nooit op gelet waar het geld vandaan kwam.” 

schoolstrijdIllustratie: debrug.ipabo.nl

Beste Annabel, hoe kom je erbij dat dit komt omdat progressief links geen eisen stelt? Dat er moskeeën kunnen worden opgericht is een gevolg van de Nederlandse wetgeving die ons vrijheid van godsdienst geeft en ook de vrijheid om daarvoor speciale huizen te stichten. Dat gebeurt ook in de biblebelt waar nog steeds nieuwe kerken worden gebouwd. Dat de overheid niet controleert waar het geld vandaan komt, is ook een gevolg van die wetgeving. Ook die kerken in de bilblebelt hoeven niet aan te geven hoe zij hun ‘godshuizen’ betalen. Net zoals de katholieken dat vroeger ook niet hoefden. Terwijl dat geld weleens uit het, begin vorige eeuw nog ‘verketterde’ (al is dat een slecht woord in deze) Rome zou kunnen komen. Dat noemen we de scheiding tussen kerk en staat. Als je daar wat aan wilt doen, dan moet je de vrijheid van godsdienst ter discussie stellen. Iets wat schuurt tegen een ‘staatsgodsdienst’, want als je de ene wel toestaat en de andere niet, dan kun je spreken van ‘staatsgodsdienst’. Wil je dat?

Dat religieuze stromingen scholen kunnen stichten is een gevolg van de Nederlandse wetgeving die ons de vrijheid van onderwijs geeft. Een vrijheid om een school van je ‘stroming’ te stichten en als je aan de eisen voor een school voldoet, en Nederlands als voertaal is daarvoor een vereiste, dan heb je recht op bekostiging door de staat. Als je daaraan wilt tornen, dan moet je de vrijheid van onderwijs ter discussie stellen en pleiten voor alleen maar openbare, door de staat georganiseerde en gefinancieerde scholen, pleiten. Als je daarvoor pleit, vind je mij aan je zijde.

Die Nederlandse wet is geen ‘linkse laks- of lafheid’. Vooral niet als het de godsdienst betreft. Die is een gevolg van ons eigen godsdienstige verleden. Een verleden van strijd en twisten tussen de verschillende stromingen, tussen protestanten en ‘vanuit Rome aangestuurde’ katholieken. Maar vooral de strijd die de confessionele stromingen voerden met de socialistische en liberale stromingen. Een strijd juist om die rechten. Een strijd die in 1917 tot een monsterakkoord leidde, de ‘pacificatie’, waarmee een einde kwam aan de schoolstrijd en de socialisten het algemeen kiesrecht zekerstelden.

Geen laf- of laksheid van links, maar behoudzucht van confessioneel rechts. Beste Annabel, richt je je ‘gifpijlen’ wel op het juiste doel?

Zekerheid zonder werk?

D66, een van de grote voorstanders van de liberalisering en flexibilisering van de arbeidsverhoudingen, ziet de keerzijde van dit streven. Veel mensen met een flexbaan of werkend als ZZP’er leven in onzekerheid. Onzekerheid over hun inkomen en die onzekerheid maakt het onmogelijk om bijvoorbeeld een huis te kopen of te investeren in de eigen opleiding. “Maak vaste baan bereikbaar voor iedereen,” aldus D66.

BasisinkomenIllustratie: www.peacetimes.news

Aan de analyse dat veel mensen in (inkomens)onzekerheid leven, mankeert niets. Een nobel streven om mensen meer zekerheid bieden. De partij wil dit bereiken door de: “voordelen weg te nemen die flexcontracten nu nog bieden aan werkgevers – bijvoorbeeld door iedereen recht te geven op een transitievergoeding bij ontslag en niet alleen degenen die langer dan twee jaar in dienst zijn.” Maar ook door: “de ontslagprocedure sneller en minder duur,” te maken. Dit lijkt verdacht veel op de maatregelen die ook met de Wet werk en zekerheid werden beoogd. Meer van hetzelfde medicijn dat tot nu toe niet werkte, is dat de juiste keus? Want hoe zeker is een vaste baan als de ontslagprocedure snel en goedkoop is? Zou dit medicijn zo tot onzekerheid bij veel meer mensen kunnen leiden?

Laten we het probleem eens nader bestuderen. Mensen leven in (inkomens)onzekerheid. Inkomen krijg je via betaald werk. Zekerheid via een vaste baan. Dat is de dominante manier van denken die ook D66 toepast. Nu is er niet voldoende werk, de werkloosheid (zichtbaar en verborgen) is nog altijd fors. Door de automatisering en robotisering dreigt er nog minder werk te komen. Zouden er ook andere manieren zijn om die onzekerheid weg te nemen?

Het bestaande werk herverdelen is een mogelijkheid die in Nederland al langer wordt toegepast. Ons land kent immers vele deeltijdbanen.

Wat als we inkomenszekerheid op een basisniveau loskoppelen van werk? In Canada is er in de jaren zeventig mee geëxperimenteerd. Een experiment dat abrupt werd beëindigd en toen niet werd geëvalueerd. Dat gebeurde pas enkele decennia later, door Evelyn J. Forget. Resultaat: minder ziektekosten in verband met ongelukken en verwondingen maar wat vooral opviel was dat er minder psychische problematiek was. Ook was er sprake van een kleine vermindering van de deelname aan het arbeidsproces door vrouwen en jongeren. Die zaten echter hun tijd niet te verlummelen. Vrouwen spendeerden die tijd aan de opvoeding van hun kinderen en jongeren bleken langer door te leren en dus beter beslagen de arbeidsmarkt op te gaan. Forget concludeert “These results would seem to suggest that a Guaranteed Annual Income, implemented broadly in society, may improve health and social outcomes at the community level.” 

Wellicht een alternatief dat ruimte schept en creativiteit vrijmaakt?

Aandelen ziekenhuis

Waar zou het uitgeven van aandelen door ziekenhuizen toe kunnen leiden? Die vraag schoot mij te binnen toen ik de column van Frank Kalshoven in de de Volkskrant las. Kalshoven pleit er terecht voor om niet te beginnen met argumenteren maar eerst eens te observeren. Een paar dagen geleden gaf ik al een aanzet tot dat observeren. Observeren kan ook door te kijken op plekken waar het al praktijk is, bijvoorbeeld in de Verenigde Staten.

ziekenhuisFoto: www.dutchcowboys.nl

In de Verenigde Staten ken je publieke en private ziekenhuizen. De private, goed uitgeruste ziekenhuizen, zijn alleen voor verzekerden toegankelijk. Ben je niet of onderverzekerd, dan kun je naar een publiek ziekenhuis. Dat is veel minder goed uitgerust dan de private. Leidt die marktwerking tot betere resultaten? In zijn boek The Rise and Fall of American Growth besteedt Robert J. Gordon ook aandacht aan de Amerikaanse gezondheidszorg.

Gordon (eigen vertaling): “De ‘medische wapenwedloop’ is een vaak gebruikte term als de evolutie van de Amerikaanse ziekenhuizen wordt beschreven. Geen coördinerend toezichtsorgaan dat een ziekenhuisbedrijf belet om een, volledig met state-of-the-art apparatuur uitgeruste, nevenlocatie te bouwen in de nabijheid van een ziekenhuis van een ander ziekenhuisbedrijf. … Kosten worden opgedreven door het excessief kopen van high-tech medische onderzoeksapparatuur. In 1978 was er in Indiana bijvoorbeeld voor iedere 100.000 inwoners één CT-scan, vergeleken met één per miljoen in Canada en één per twee miljoen in Groot Brittannië, met geen duidelijk voordeel in outcome.”

Verspilling van middelen en geld want de totale zorguitgaven per inwoner in de VS zijn bijna twee keer zo hoog als in de rest van de Westerse wereld, terwijl de gemiddelde levensverwachting ongeveer twee jaar lager is. Verspilling ook, omdat de zorg en middelen zich concentreren in gebieden en bij mensen die geld hebben, terwijl makkelijke resultaten bij armen achterwege blijven.

Nu is dit een paar stappen verder dan ‘geld van de markt’ aantrekken via aandelenuitgifte. Het laat wel zien dat marktwerking niet automatisch tot een beter en goedkoper product leidt.

Kuifje naar de Maan

Voor het eerst mag een commercieel bedrijf naar de Maan vliegen. “De Amerikaanse luchtvaartautoriteiten maakten de goedkeuring woensdag bekend, na overleg met onder andere het Witte Huis en ruimtevaartorganisatie NASA. Aan boord van de maanlander zijn apparaten voor wetenschappelijke onderzoeken, maar ook de as van enkele gecremeerde mensen.” Zo valt in de Volkskrant te lezen. Het bedrijf Moon Express is de gelukkige: “We mogen nu als ontdekkingsreizigers naar het achtste werelddeel zeilen, op zoek naar nieuwe kennis en grondstoffen voor het welzijn van alle mensen.”

Kuifje naar de maan

Illustratie: www.stripspeciaalzaak.be

Dat klinkt allemaal mooi en uitdagend en sluit aan bij het positieve beeld dat ‘ontdekkingsreizigers’ in het geheugen van veel mensen hebben. Het zijn avonturiers die zoeken naar nieuwe zaken. Door het woord ‘zeilen’ te gebruiken, lijkt het bedrijf aan te haken bij die traditie. Maar toch.

Van wie is de Maan eigenlijk? Het bedrijf zegt te werken voor ‘het welzijn van alle mensen’. Ook dat klinkt mooi of is dat welzijn toch beperkt tot de aandeelhouders van het bedrijf? Die gedachte suggereert dat ook de aarde er voor het welzijn van de mens is. Hoe zit het met het welzijn van de andere bewoners van deze planeet? Hoe zit het met de rechten van het ‘mannetje op de maan’? Dat is er niet, maar wat als er op een volgende reisdoel wel leven is? Welk rechten heeft dat leven dan? Kan dat leven dan ook een claim op de aarde leggen? De ervaringen met de Aarde leren dat de mens andere levensvormen vooral als ‘hulpmiddel’ ziet en niet als wezens op zich.

Dit is allemaal nog ver van ons bed. Wat dichter bij dat bed. Zijn de Amerikaanse luchtvaartautoriteiten, het Witte Huis en de NASA bevoegd om hier goedkeuring aan te verlenen? Ja, ze zijn bevoegd voor wat betreft het Amerikaanse luchtruim, maar ook voor dat van de Maan? En als ze die bevoegdheid hebben, van wie hebben ze die dan gekregen en waar is die op gebaseerd? Stel het commerciële bedrijf vindt waardevolle grondstoffen, van wie zijn die dan?

Zou Kuifje zich die vragen ook hebben gesteld toen hij naar de Maan vloog?

Wij …, zij en de ‘Hollandse droom’?

Als je voor een dubbeltje geboren bent, kun je nog steeds een kwartje worden, dat is de ‘Hollandse droom’ en die bestaat aldus de PvdA en de VVD. Zo valt in de Telegraaf te lezen. Voor iedereen onder de twintig jaar: een dubbeltje was een munt van tien cent en een kwartje een van vijfentwintig cent toen we in Nederland nog betaalden met de gulden. De twee partijen maken zich zorgen over de toegenomen spanningen en polarisatie in de Nederlandse samenleving. Om te voorkomen dat het ontspoort vinden de beide partijen dat er een sterk ‘wij’ gecreëerd moet worden.

stamFoto: www.goal.com

Volgens de partijen creëer je het ‘wij’: “door tegenstellingen weg te halen en scherp te definiëren wat je verwacht van mensen in dit land.”  Wat, behalve dat ze zich aan de wet houden, zijn dan de zaken die we van ‘mensen in dit land’ mogen verwachten? Is dat het aantal ‘koekjes bij de koffie’? Of dat ‘buren elkaar helpen’ zoals in de taalcursussen voor anderstaligen  wordt gesuggereerd? Dat we allemaal een oranje shirt aandoen als het Nederlands elftal voetbalt? Een strafschop missen op een belangrijk moment? Wat zijn die verwachtingen die ‘wij’ van elkaar hebben? Zonder dit in te vullen blijft het een loze ‘wij’? Dus PvdA en VVD: invullen die verwachtingen!

Of is dat een probleem, omdat jullie andere verwachtingen hebben? En wellicht zijn er anderen die weer andere verwachtingen van die ‘wij’ hebben. Zo zullen er mensen zijn die ‘verwachten’ dat die ‘wij’ vrij is van moslims en mij lijkt dat jullie partijen dat toch anders zien.

Als het jullie toch lukt die verwachtingen in te vullen en dus aan te geven waaraan ‘wij’ te herkennen zijn, creëren jullie dan niet meteen een probleem? Want maak je door ‘wij’ te definiëren, niet meteen ook duidelijk waaruit het ‘niet wij’ in goed Nederlands het ‘zij’ bestaat? Staat dan die ‘wij’ niet meteen tegenover die ‘zij’? En zou dat voor spanningen zorgen? Zou dat bijdragen aan polarisatie? Zou dan jullie ‘Hollandse droom’ ook een ‘nachtmerrie’ kunnen worden?

Is die ‘wij’ niet al gedefinieerd? Heeft de wet niet al bepaald wie die ‘wij’ zijn? Namelijk iedereen met een Nederlands paspoort?

Fundamentele discussie over de zorg

Marktwerking. Het magische woord van de afgelopen dertig jaar. De markt zorgt er op een efficiënte manier voor dat vraag en aanbod elkaar vinden en dat voor producten de juiste, marktconforme prijs wordt betaald. Bij vele zaken die we vroeger gezamenlijk regelden zoals telefonie, de post, elektriciteit en ook in de zorg is de ‘markt’ ingevoerd. Maar in hoeverre is er sprake van marktwerking als partijen geen winst mogen maken? Winst is immers de beloning die als dividend aan de aandeelhouders wordt uitbetaald.

blauwdrukIllustratie: bk2.nl

Geen winst? Ja, want wat viel te lezen in Dagblad de Limburger? “Zorgverzekeraars mogen in de toekomst geen winst uitkeren aan aandeelhouders of bestuurders. Een initiatiefwet van SP, PvdA en CDA schrijft voor dat verzekeraars hun winst alleen mogen gebruiken voor betere zorg of lagere premies.” Is er nog wel sprake van een markt als er geen winst mag worden gemaakt? Waarom zou ik dan aandelen van een verzekeraar kopen?

Het verbod is volgens de partijen nodig: “Ze (de Zorgverzekeraars) hebben een maatschappelijke taak. Ze moeten ervoor zorgen dat de zorg betaalbaar blijft en toegankelijk voor iedereen. Dus als ze geld overhouden, moet dat ook weer worden geïnvesteerd in de zorg.”  Als zorgverzekeren een maatschappelijke taak is, is een ziekenhuis dat dan niet ook? En hoe zit het met de huisarts of de specialisten in een ziekenhuis? Of een verzorgingshuis? De apotheker en in zijn verlengde de medicijnenfabrikant? Als we de redenering van de partijen doorvoeren, dan zou ook een ziekenhuis, arts of apotheker geen winst meer mogen maken. Waarom dan niet de ultieme conclusie: geen winst, geen markt?

Geen markt maar een overheidstaak. Dus een grotere overheid met meer ‘ambtenaren’. De drie partijen halen één stukje uit het radarwerk van de zorg in plaatst van die fundamentele discussie te voeren. Eén stukje en over een tijdje weer een en over een aantal jaren is alles anders, zonder dat er een fundamentele discussie over is gevoerd. Al die stukjes zorgen vervolgens voor een rammelend bouwwerk omdat er van te voren niet is nagedacht over een blauwdruk of bouwtekening voor het hele gebouw.

Dit op zichzelf sympathieke wetsvoorstel toch maar gebruiken om een fundamentele discussie te voeren?

Zelfredzame overheid

Zelfredzaamheid. Een woord dat tegenwoordig een centrale rol vervult in overheidsland. We zijn een ‘participatiesamenleving’ een samenleving waarin iedereen meedoet en zichzelf moet redden. Eigen verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid zijn woorden die hierin centraal staan. Zijn er ook samenlevingen waarin niet iedereen meedoet? Dat er aan die zelfredzaamheid het een en ander schort blijkt uit de vele mensen die aanspraak maken op de schuldhulpverlening. In een artikel in de Volkskrant pleit WRR-onderzoeker Will Tiemeijer voor overheidsbeleid dat rekening houdt met  mensen die niet aan de: “veel te hoge verwachtingen heeft van de financiële zelfredzaamheid van mensen,” die de overheid heeft, voldoen.

Sennett

Een prachtig woord zelfredzaam, wie wil het niet zijn? Wie wil er afhankelijk zijn van de goedertierenheid van anderen? Net zoals eigen verantwoordelijkheid, wil er niet zelf verantwoordelijk zijn? Toch wringt er iets.

Laatst las ik het boek De cultuur van het nieuwe kapitalisme van Richard Sennett weer eens. Een boek waarin Sennett, zoals de achterkaft vermeldt: “een haarscherp en genadeloos beeld (geeft) van hoe de nieuwe economie ingrijpt in ons dagelijks leven.” Hij beschrijft hoe bedrijven veel verwachten van hun medewerkers. Werk is gefragmenteerd, veel losstaande activiteiten en dat vraagt veel van medewerkers. De bedrijven verwachten ‘zelfdiscipline zonder afhankelijkheid’. Klinkt dat niet verdacht naar ‘zelfredzaamheid’ en ‘eigen verantwoordelijkheid’? De cultuur van ‘het nieuwe kapitalisme’ is ook de cultuur achter het overheidsbeleid.

Sennett ziet een risico en waarschuwt op pagina 52: “Maar het is helemaal niet zo onschuldig de zelfredzaamheid te prijzen. Het bedrijf hoeft dan niet meer na te denken over zijn eigen verantwoordelijkheid jegens de werknemer.” Cru geformuleerd, de bedrijven nemen hun ‘eigen verantwoordelijkheid’ niet. Zou dat dan ook opgaan voor de overheid? Neemt de overheid haar verantwoordelijkheid in onvoldoende mate en is zij daarom niet zelfredzaam? Een interessante vraag.

In de retoriek legt de overheid de nadruk op wat zij van de burgers verwacht. Net zoals de bedrijven aangeven wat zij van werknemers verwachten. Zou de overheid niet haar verantwoordelijkheid moeten nemen en zelfredzaamheid moeten tonen door duidelijk aan te geven wat zij doet en wat de burgers van haar kunnen verwachten?

Om John F. Kennedy te parafraseren: “Ask not what your citizens can do for you, but what you do for your citizens!”

Airbus op de A2

In de economie is het financiële systeem, de infrastructuur. En een infrastructuur moet betrouwbaar zijn. Ik vertrouw erop dat het geld op mijn bankrekening veilig is en dat ik het kan overmaken om er zaken mee te betalen. De afgelopen jaren hebben we gezien wat er gebeurt als dat vertrouwen wordt geschaad. Dan wordt de financiële infrastructuur onbetrouwbaar. Dan vertrouwen banken elkaar niet en bedrijven al helemaal niet meer. Gevolg: economische crisis of nog erger een economische depressie en veel maatschappelijke ellende.

AirbusFoto: barrieaircraft.com

De oorzaak: banken en financiële instellingen die producten op de markt brengen waar hun topmanagers, net als toezichthouders geen touw aan vast kunnen knopen. De handel die zover is gecomputeriseerd dat er sprake is van flitshandel die het menselijk oog en brein niet kunnen volgen. Producten die ontwikkeld konden worden omdat de markt gedereguleerd moest worden, die moest zo vrij mogelijk zijn. Vrije markten brengen groei en welvaart, aldus deze adepten van de vrije markt.

Een andere infrastructuur. Onze spoor-, water-, auto- en luchtwegen zijn samen met de gewonen wegen, fietspaden en voetpaden onmisbaar in onze samenleving. Waren ze er niet dan beperkte ons leven zich tot de eigen stad of dorp. Natuurlijk zijn er verbeteringen mogelijk en zijn er wellicht ook overbodige verkeersregels.

Wat zou er gebeuren als ook hier heel drastisch gedereguleerd zou worden? Als, zoals vrije markt aanhangers het liefst willen, alle regels zouden worden afgeschaft? Dan is het een stuk lastiger om van A naar B te reizen. Je moet dan op alles bedacht zijn, een vrachtwagen op het fietspad die ook nog eens links rijdt. Een rotonde waar auto’s zowel links als rechtsom rijden. Een vliegtuig dat  op de A2 landt. Zonder verkeersregels is het allemaal mogelijk. Dit zou tot grote en zware ongelukken leiden.

Na het Brexitreferendum lijkt er een race te ontstaan tussen Europese steden om Londen op te volgen als financieel centrum. Om de kansen daarop te vergroten wees premier Rutte er al op dat de wet op de bonussen interessante mazen biedt. De toch al magere regulering van, en controle op de financiële infrastructuur lijkt daarvan de dupe te worden. Moeten we dergelijke financiële, economische en in het vervolg daarop maatschappelijke risico’s wel willen lopen? Willen we werkelijk dat een Airbus op de A2 landt?

Some animals are more equal

‘All animals are equal, but some animals are more equal than others.’ Een beroemde quote uit Animal farm van George Orwell. Hieraan moest ik denken toen ik las over de ‘cursus participatieverklaring’ voor nieuwkomers in Nederland. Een cursus die wordt afgesloten met het tekenen van een ‘Participatieverklaring’ die een verplicht onderdeel wordt van de inburgering van nieuwkomers. “Via dit traject laten gemeenten nieuwkomers kennis maken met de rechten en plichten en de fundamentele waarden van de Nederlandse samenleving,” zo valt te lezen op de site van de Rijksoverheid.

OrwellIllustratie: babalublog.com

Benieuwd naar die kernwaarden, ben ik in de ‘cursus’ gedoken. De waarden komen aan bod in het onderdeel ‘het muurtje’. De ‘waarden’ staan op stenen waarvan een muurtje moet worden gebouwd. ‘Andere culturen leren kennen’ is zo’n kernwaarde net als ‘samen delen’ en ‘tradities’, maar ook ‘vrijheid’, en er zijn er nog meerZijn dit allemaal waarden en als het waarden zijn, zijn het dan ook de waarden van alle Nederlanders?

Verwarrend wordt als ik in de ‘docentengids’ het volgende leest: “Het kan zijn dat deelnemers een andere interpretatie hebben bij sommige begrippen. Dat is voor deze werkvorm niet erg. Een begrip als vrijheid kan voor de ene deelnemer een hele andere betekenis hebben dan voor een ander.” Gaat het er niet juist om dat waarden gedeeld worden en kan dat delen niet alleen als we er allemaal hetzelfde onder verstaan?

Uiteindelijk moet de nieuwkomer de ‘Participatieverklaring’ ondertekenen en die luidt: “Ik verklaar dat ik kennis heb genomen van de waarden en spelregels van de Nederlandse samenleving en dat ik deze respecteer. Ik verklaar dat ik actief een bijdrage wil leveren aan de Nederlandse samenleving en reken erop dat ik daarvoor ook de ruimte krijg van mijn medeburgers.” Vreemd omdat de verklaring ook de volgende zin bevat: “In Nederland worden alle burgers gelijkwaardig behandeld. Discriminatie naar geslacht, geloof, afkomst of seksuele geaardheid wordt niet geaccepteerd.” Een nieuwkomer moet verklaren dat hij, zich aan de ‘waarden en spelregels’ houdt en dat hij ‘actief bijdraagt’. Een Nederlander hoeft dat niet. Hoe verhoudt zich dit tot het gelijk behandelen van alle burgers? Zijn onze ‘waarden en spelregels’ niet vervat in onze wet- en regelgeving?  Moet niet iedereen, die zich op het Nederlandse grondgebied bevindt, zich daaraan houden? Daarvoor is een verklaring niet nodig.

De nieuwkomer ‘rekent erop dat hij de ruimte krijgt’ van zijn medeburgers. Waarop kan hij ‘rekenen’ als de ander, de Nederlander, een dergelijke verklaring niet hoeft te tekenen? Zijn sommige dieren meer gelijk dan anderen?