Denken en gevolgen

In een klein boekje Leidraad voor het Verstand geeft de filosoof John Lock handvatten voor helder en logisch denken. In dit boekje komen ook hinderpalen bij het helder en logisch denken aan bod. Aan dit boekje moest ik denken toen ik in de Volkskrant het interview met VVD-kamerlid Malik Azmani las.

Azmani is de man achter het VVD vluchtelingenbeleid waarin opvang in de regio centraal staat. Een beleid waarvan het belangrijkste begrip, de regio, niet is gedefinieerd. Is het beleid daarmee niet op drijfzand gebaseerd? Is dit niet een voorbeeld van een redenering die is gebaseerd op een ondeugdelijk principe?

Helder redenerenIllustratie: carful.wordpress.com

Azmani constateert dat succesvol integreren of inburgeren soms lastig is: “Het heeft te maken met: onbekend maakt onbemind. Het is een menselijk automatisme om elkaar leuk te vinden op basis van wat overeenkomt. Zoals wij hier samen thee zitten te drinken, vinden we elkaar leuk. Integratie is ook: hoe communiceer je met elkaar?”  Contact en tweerichtingsverkeer lijken voor Azmani daarmee vereist. Maar op de vraag of ook Nederlanders verantwoordelijk zijn voor de integratie, antwoordt hij vervolgens: “Ik vind niet dat een ontvangende samenleving iets van haar identiteit moet afstaan.”  Geen antwoord op de vraag, maar wel iets waar een NEE in doorschemert terwijl je een duidelijk JA zou verwachten op basis van de eerdere uitspraak. Hoe logisch en helder denkt Azmani? Of zegt Azmani de logica vaarwel omdat het niet in het wereldbeeld van zijn partij past of niet aansluit bij de algemene opinie?

Azmani’s antwoord roept nog aanvullende vragen op. Vragen die ook met helder en logisch nadenken te maken hebben. Is integratie of met een ander woord inburgeren eigenlijk wel mogelijk zonder verantwoordelijkheid van de ontvangende samenleving? Kun je integreren als de groep waarin je moet integreren niet meewerkt? Hoe kan een samenleving waarin geïntegreerd wordt precies dezelfde identiteit of cultuur behouden? Kan dat niet alleen als de nieuwkomers exacte kopieën worden van de reeds aanwezige mensen? Als ze niets van hun vorige leven behouden? Laat de werkelijkheid niet zien dat mensen altijd iets van hun land van herkomst behouden, al is het maar de eetcultuur?

Jammer dat deze vragen, die de stevigheid van Azmani’s denkwerk onderzoeken, niet werden gesteld. Want denken leidt tot keuzes en keuzes hebben gevolgen. En wat zouden de antwoorden betekenen voor de keuzes?

“Koppigheid komt niet voort uit aanhankelijkheid aan de waarheid, doch uit onderwerping aan vooroordelen,” aldus Lock. Zou Azmani hieraan lijden?

Clash of Civilizations

“De verzorgingsstaat moet er vooral óók toe inspireren dat mensen participeren, de participatiesamenleving moet er vooral óók toe leiden dat we de verworvenheden van de verzorgingsstaat wijs en behoedzaam inzetten.” Woorden van Anne Buskens (directeur/bestuurder van de welzijnsorganisatie Traject) in Dagblad de Limburger van dinsdag 29 november 2015. Die samenlevingen moeten elkaar vinden in de ‘zoektochtsamenleving’ zoals ze die Maastricht noemen. Een samenleving die de uitdaging heeft: “de goede wil samen goed te kanaliseren.” Omdat, volgens Buskens de meeste mensen van goede wil zijn.

clash of civilizationsIllustratie: www.reddit.com

Het duizelt mij. Hebben wij niet maar één samenleving op het grondgebied van Nederland en maakt niet iedereen daar deel van uit? En participeert daar niet iedereen in die in Nederland woont?

Hoe ziet dat eruit, die verschillende ‘samenlevingen’ die met elkaar strijden en samenwerken? Een nieuwe versie van HuntingtonsClash of Civilizations’? Een botsing tussen verschillende overheidsinstanties en door de overheid gesubsidieerde en betaalde instellingen die ieder vanuit hun eigen belang met elkaar in strijd en samenwerking gaan om het goede voor en met de burger te doen?

Alleen wat is dat goede? En wie bepaalt dat? Zijn dat die op verschillende wetten gebaseerde ‘samenlevingen’?  Zijn dat die ‘samenlevingen’ en hun instanties waar de welzijnsorganisaties voorbeelden van zijn? Wordt dat opgelegd aan de mensen? Zijn die wetten, zoals de Participatiewet, waarop die samenlevingen zijn gebaseerd niet voorbeelden van gestold wantrouwen? Gaat het dominante denkmodel over mensen niet uit van wantrouwen? Hoe zit het dan met de vrijheid van mensen om zelf hun geluk te kiezen?

Geeft Buskens niet de sleutel voor een veel simpelere oplossing. Als de meeste mensen van goed wil zijn, waarom dan niet uitgaan van die goede wil? Wat zou er gebeuren als je de mensen van goede wil de vrijheid en ruimte geeft? Dat vraagt het afzweren van het denkmodel dat uitgaat van wantrouwen en dat is lastig. Experimenten met basisinkomen tonen echter aan dat uitgaan van het goede, goede resultaten oplevert voor zowel mens als samenleving.

Zou dit geen betere oplossing zijn dan de ‘Clash of Civilizations’?

Lange neus

“We beginnen met de grootste gebeurtenis van 2015: de ongekende vluchtelingenstroom naar welvarend Europa,” aldus hoofdredacteur Philippe Remarque in het commentaar van de Volkskrant. Iets wat aan het einde van ieder jaar, decennium en eeuw gebeurt: terugkijken op die afgelopen periode. Dan wordt gevraagd naar de belangrijkste gebeurtenis, de belangrijkste of grootste persoon, de beste muziek, de beste voetballer, de sportman en sportvrouw van die periode. Interessante vragen waarop steevast een antwoord komt, maar wat zeggen die antwoorden?

lange neusIllustratie: VK/DeJaap eindejaarscolumns: 2011 lange neus naar babyboomers …

Domineert bij het bepalen van dergelijke zaken niet vooral de plaats of het land waar je woont? Een inwoner van Parijs zal er anders over denken, die zal twee aanslagen noemen. Net als een Chinees of Japanner aan wie die hele vluchtelingenstroom voorbij is gegaan.

Domineert bij het bepalen hiervan niet het heden? Dat wat nu actueel is, de vluchtelingenstroom, komt eerder bij ons op dan iets van wat verder terug in het jaar, de Griekse crisis. Wie werd begin deze eeuw ook al weer tot de grootste Nederlander uit de geschiedenis verkozen? Wie liet Erasmus, Spinoza, Willem van Oranje en Thorbecke achter zich? Pech voor de Nederlandse handbalvrouwen, hun prestatie de afgelopen weken, is volgend jaar bij het uitkiezen van de sportploeg van het jaar al weer vergeten. Behalve natuurlijk als ze Olympisch kampioen worden.

Domineert het heden niet ook als Remarque spreekt over ‘een ongekende vluchtelingenstroom naar welvarend Europa’? Is die vluchtelingenstroom wel zo ongekend? Was de stroom vanuit Joegoslavië in de jaren negentig van de vorige eeuw niet vergelijkbaar? En hoe zit het met de stroom vanuit Oost-Europa aan het einde van de Tweede Wereldoorlog? Al was welvaart toen ver te zoeken? En hoeveel vluchtende Belgen kwamen er in het begin van de Eerste Wereldoorlog niet naar Nederland? Waren dat er niet niet ruim één miljoen? Hoeveel Antwerpenaren en andere Vlamingen trokken er na de val van Antwerpen in 1585 niet naar Holland in het algemeen en Amsterdam in het bijzonder? Al waren dat rijke vluchtelingen die naar armere gebieden vluchtten met medeneming van hun kennis en kapitaal. En bouwde Holland daarop niet haar wereldrijk?

Als we onze eigen tijd altijd het meest bijzonder vinden, moeten we dan niet heel voorzichtig zijn met het benoemen van ‘belangrijkste’ gebeurtenissen? Moeten we dan niet altijd verder terugkijken dan ons huidige neus lang is.

 

Oostindisch doof

“Doofheid is een wereldwijd voorkomend verschijnsel en doven kunnen zonder implantaat een aanvaardbaar bestaan leiden.” Dit is de reden dat een driejarig meisje geen gehoorimplantaat krijgt, zo is te lezen op opiniesite JOOP. Een implantaat dat haar leven aanmerkelijk makkelijker zou maken. Als dit een kind zou zijn van twee ouders wiens familie hier al generaties lang woont, zou dan het land te klein zijn? Ik denk het wel.

Het meisje heeft echter de pech dat haar ouders uit Afghanistan komen en hun asielaanvraag hier afgewezen is. Ze moeten terug. En daarom komt het kind niet in aanmerking voor een implantaat. Zo heeft staatssecretaris Dijkhof besloten. Is dit besluit rechtvaardig?

malalaIllustratie: one.org

In Het geluk van een kopje koffie, Lone Survivor en Hoofdprijs heb ik de utilitaristische kijk op rechtvaardigheid beschreven. Als iets tot maximaal geluk leidt, dan is het voor een utilitarist rechtvaardig. Bekijken we dit geval vanuit de optiek van landen, dan moet Nederland investeren en neemt het geluk in Afghanistan toe, want daar moeten ouders en kind naar terug. Niet doen dus. Maar wat als het kind een tweede Malala wordt, het Pakistaanse kind dat door de Taliban ernstig werd verminkt, in Engeland is geopereerd en nu met de Nobelprijs gelauwerd voor vrede strijdt?

Wat als je geluk op wereldniveau beschouwt? Hoeveel ongelukkiger wordt Nederland ervan om dit kind te helpen? En hoeveel gelukkiger het gezin en Afghanistan? Zouden de kosten dan niet ruimschoots tegen de baten kunnen opwegen?

Maar rechtvaardig kan ook zijn dat wat goed is. En over wat goed is valt te twisten en dat doen gelovigen, ongelovigen, socialisten, communisten enzovoorts dan ook, zoals ik in Het Goede Doel al aankaartte. Maar zouden ze ook twisten over de vraag of het implantaat goed is?

Er is nog een derde stroming in het denken over rechtvaardigheid. Een stroming die individuele vrijheid centraal stelt. Deze stroming vindt haar oorsprong bij de Duitse filosoof Immanuel Kant. Volgens Kant is een mens altijd een doel op zich. Ziet de staatssecretaris hier het meisje als doel? Of als middel om een harde boodschap uit te stralen? Hoe zou Kant oordelen?

De Amerikaanse filosoof John Rawls heeft dit verder uitgewerkt en kwam tot twee beginselen van rechtvaardigheid. Als eerste dat iedereen recht heeft op een zo maximaal mogelijk stelsel van vrijheid dat verenigbaar is met een vergelijkbaar stelsel voor iedereen. Het tweede dat iets rechtvaardig is als de minstbedeelden er meer van profiteren dan de beter bedeelden. Zou het meisje, als een van die minst bedeelden, niet veel meer van een implantaat profiteren dan Nederland van die paar euro? Hoe zou Rawls oordelen?

De Amerikaanse filosofe Martha Nussbaum en de Indiase econoom Amartya Sen zijn verder gaan bouwen op het werk van Rawls. Zij kwamen met de capability approach, de vermogens benadering. Vermogens, zo schrijft Nussbaum in haar boek Mogelijkheden scheppen op pagina 40: “zijn antwoorden op de vraag: ‘Wat kan deze persoon doen en zijn?” Het zijn: … “substantiële vrijheden’ … een reeks van (over het algemeen onderling gerelateerde) kansen om te kiezen en te handelen.” 

Lichamelijke gezondheid is een van deze vermogens. Net als het gebruik van je zintuigen om te denken, fantaseren en te redeneren. Een rechtvaardige samenleving zorgt voor een goed basisniveau en vervolgens wordt het tweede beginsel van Rawls toegepast. Hoe zouden Sen en Nussbaum Oordelen?

Zou de staatssecretaris naar hun argumenten willen luisteren of zou hij zich oostindisch doof houden?

Het gloednieuwe testament

In Trouw las ik dat het christelijke Wheaton College professor Larycia Hawkins op non-actief heeft gesteld omdat zij van mening is dat islamieten en christenen dezelfde god aanhangen. Nu zijn God en zijn islamitische alter ego Allah, de laatste tijd volop in het nieuws. De ene vanwege de komende kerst en omdat onze samenleving toch is gebaseerd op de ‘christenlijke waarden’ van zijn zoon en de ander omdat gewelddadige jihadisten in zijn naam dood en verderf zaaien.

Andere culturen kenden en kennen een veelheid aan goden. Dit maakt het makkelijk om verschillen te duiden. Het is immers het werk van met elkaar concurrerende en strijdende goden. De Griekse mythologie staat er bol van.

griekse godIllustratie: iamag.co

De aanhangers van de islam, het christendom en daarvoor al het jodendom hebben er een ander concept van gemaakt. Er is maar één godheid. Maar dat maakt het wel lastig om verschillen en tegenstrijdigheden te duiden. Wat wil die godheid nu? Dus zijn al die tegenstrijdigheden een gevolg van de interpretatie van de wil van de godheid. En daarover kunnen dus complete oorlogen worden gevoerd. Oorlogen binnen en tussen de aanhangers van de verschillende godheden.

Ik heb niets met welke religie dan ook, maar stel dat er toch maar één god is. Is zijn boodschap dan niet erg vaag en voor velerlei uitleg vatbaar? Zijn de signalen die hij uitstraalt niet bijzonder tegenstrijdig? Moet die god dan niet een cursus effectief communiceren volgen? Of heeft hij een fout in de schepping gemaakt en slechte luisteraars van ons gemaakt?

Dat zou allemaal kunnen. Een veel interessantere optie werd behandeld in de film Le Tout Nouveau Testament van de Belgische regisseur Jaco van Dormael (Hieronder de trailer van deze film. In de film bestaat god en woont hij met zijn vrouw en dochter in Brussel. Zijn zoon is tweeduizend jaar geleden overleden. Hij bestaat en is een zeer sarcastisch persoon die niet alleen zijn gezin maar ook de mensheid tiranniseert. Hij heeft de mensheid geschapen voor zijn plezier en dat plezier bestaat erin om het de mens zo lastig mogelijk te maken. Past dat beeld niet veel beter bij de werkelijkheid?

 

De woestijn, de bron en het stadion

In een open brief in Dagblad de Limburger van donderdag 17 december 2015 pleit Twan Hoeijmakers voor een out-of-the-box oplossing voor het in nood verkerende VVV-Venlo: een nieuw stadion op het voormalige Floriadeterrein. Dat zou veel support vanuit het bedrijfsleven opleveren en groeiende toeschouwersaantallen.

image036

Illustratie: ‘Le Petit Prince’

Wellicht een goed idee. Maar heeft niet menig voetbalclub een nieuw stadion gebouwd op een met de auto goed ontsloten bedrijventerrein aan de rand van de stad? Dit met commerciële mogelijkheden, het bedrijfsleven in de buurt en een up-to-date stadion voor de bezoekers? Wat is daar out-of-the-box aan, zeg ik als vaste bezoeker van stadion De Koel? Doen veel van die clubs niet ook een beroep op hun gemeenten vanwege het maatschappelijk belang omdat ze de eindjes niet aan elkaar kunnen knopen? En hebben al deze clubs niet veel moeite om dit belang te onderbouwen en aan te tonen? Wat wordt er genoemd om dit belang te onderstrepen anders dan de sympathie bij een ‘groot deel’ van de bevolking en landelijke uitstraling?

Wanneer geven de clubs die maatschappelijke betrokkenheid echt vorm? Door bijvoorbeeld de spelers contractueel te binden aan de samenleving? Aan amateurverenigingen waar zij de jeugd trainen en begeleiden en de accountmanager van hun club zijn? Aan scholen te verbinden waar zij de jeugd begeleiden en ook hun club vertegenwoordigen? Aan maatschappelijke en culturele evenementen verbinden?

Wanneer kijken ze eens naar clubs die het echt anders doen? Clubs zoals FC Union Berlin waar de fans zelf het stadion hebben verbouwd? Clubs als  FC United of Manchester? Een club opgericht door voormalige supporters van Manchester United die de dure kaartjes bij hun oude club niet meer slikten, een eigen club oprichtten en zelf de bouw van het stadion hebben betaald. Of naar de documentaire The Battered Bastards of Baseball (zie trailer hieronder) over een Amerikaanse honkbalclub die zeer succesvol afweek van de norm.

Antoine de Saint-Exupéry schreef eens: “Wat de woestijn zo mooi maakt, is dat er ergens een bron verborgen is.”  Zouden de clubs die bron niet op een andere plek moeten zoeken?

 

Waar vóór?

Grasduinend op LinkedIn kwam ik een post tegen van een van mijn contacten:“ Van Rijn: Meer jeugdwerk tegen radicalisering.” Niet de eerste keer dat ik las dat iemand weer nieuwe ideeën had om radicalisering van jeugdigen tegen te gaan. Het zal ook niet de laatste zijn. De suggestie van staatssecretaris Van Rijn in het korte stukje is positief. Zet jeugdwerkers in om radicalisering te voorkomen. Toch bekruipt mij een angstig gevoel bij deze en alle andere oproepen om radicalisering tegen te gaan.

voor_4Illustratie: www.fonts2u.com

Een groot deel van de jeugdigen begint zich, als ze de puberteit bereiken, af te zetten. Ze worden ‘rebels’ en lijken moeite met regels te hebben. Een waardevolle periode in het opgroeien want de jeugdigen beginnen hun omgevingen er de personen erin te ontdekken en ontdekt zo wie hij of zij zelf is en wat zij of hij kan en wil. Ze gaan op zoek naar hun zin van het leven. Het is de periode in het leven dat de mens het meeste warm loopt voor grote ideeën en idealen. In revoluties vervullen jeugdigen een belangrijke rol. Zie bijvoorbeeld dat wat we toen de Arabische lente noemden.

Veel jeugdigen zijn gevoelig voor idealen en ideeën en een groot deel gaat er ook naar op zoek. Op zoek, maar wat is er te vinden? En wat is er spannend genoeg?  Waar kunnen ze hun energie en enthousiasme kwijt? De Christelijke religies hebben sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw flink aan aantrekkingskracht ingeboet. Afgezien dan van nieuwe stromingen als de Doorbrekers die een ‘feelgood’ religie bieden, maar dat spreekt ook niet iedereen aan.

De politieke stromingen dan? Missen we daar niet grote, inspirerende verhalen? Draait het daar niet alleen maar om een half procent koopkracht of een procent economische groei? Om economisme: “Het is het terugbrengen van alle vraagstukken tot een financieel-economische kwestie. En het is een impliciete ideologie die gedeeld wordt door bijna alle partijen hier in de Tweede Kamer. Dat betekent dat er in de Kamer eigenlijk altijd naar dezelfde oplossing wordt gezocht: meer markt, minder overheid, meer groei.” zoals GroenLinks fractievoorzitter Jesse Klaver het omschreef?

Missen we verhalen zoals de vroegere communistische-, socialistische of de vroegere liberale verhalen? Verhalen die mensen raakten, enthousiasme opwekten en aanzetten tot actie.

De oproepen om iets te doen tegen radicalisering roepen bij mij een vraag op. Welke alternatieven kunnen we jeugdigen en ook de potentiële radicalisme bieden?  Welke inspirerende alternatieven zijn er voor de jeugd?

‘Lijdende’ cultuur

In Trouw houdt het CDA Kamerlid Pieter Heerma een betoog voor het veel steviger waarderen en uitdragen van de leidende cultuur. Als we dit niet doen dan zal de integratie falen en wordt de solidariteit steeds verder uitgehold. Die leidende cultuur is, volgens Heerma gebaseerd op de waarden en normen uit de joods-christelijke traditie. Wat die waarden en normen zijn maakt hij niet duidelijk.

kruistocht

Illustratie: politiek.thepostonline.nl

Zijn er niet meer grondslagen voor de leidende cultuur? Is onze moderne samenleving niet ontstaan toen onze voorvaderen zich gingen afzetten tegen die cultuur? Toen ze zelf gingen nadenken? En hoe zit het met het humanisme? Het liberalisme en de eruit voortgekomen socialistische stroming? Hoe zit het met de wetenschap?

Hebben die joods-christelijke en dan met name de laatste, de christelijke, waarden ons niet veel ellende bezorgd? Hebben die christelijke waarden het niet eeuwen lang ellendig gemaakt voor de aanhangers van de joodse waarden? Hebben haar aanhangers niet verschillende kruistochten gevoerd? Waren en zijn de aanhangers van die christelijke waarden niet onderling zeer verdeeld? En hebben de verschillende stromingen elkaar niet eeuwen lang de tent en het continent uitgevochten? Met Noord-Ierland als laatste nog steeds niet helemaal tot het verleden behorende voorbeeld? Waren het ook niet aanhangers van die christelijke waarden, die met de bijbel in de hand, moordend door Amerika trokken? Zijn die waarden het wel waard om nu uit te dragen?

Zijn onze belangrijke waarden niet veeleer de rechtstaat en de democratie zoals ik in Ontmenselijking al schreef? Zijn dat niet de waarden die het hier zo prettig maken om te wonen en die ertoe hebben bijgedragen dat: “West Europa tot de beste, rijkste en gelukkigste stukjes op de aardbol” behoort en niet die joods-christelijke zoals Heerma beweert? Zijn dat niet de waarden die uiteindelijk die vrede, veiligheid en mensenrechten brachten? Zijn het niet veeleer de waarden van de democratie en de rechtstaat die we moeten uitdragen?

246 soorten kaas

In gesprek met een medelezer van de Correspondent stelde deze de volgende vraag: “Wat ik mij hierbij dan wel altijd afvraag is, waarom het al die Arabische landen in de periode van de dekolonisatie nooit gelukt is een goed en sociaal onderling samenwerkingsverband te organiseren. 

KaasIllustratie: petersekaas.nl

Een interessante vraag en dan is een woordenboek soms verhelderend. Je kunt de betekenis van een woord opzoeken. Land leverde niet veel op dus toen maar een equivalent, staat, opgezocht: “door een geordend gezag geregeerde en bestuurde volksgemeenschap. Belangrijk woord in deze verklaring is volksgemeenschap en dus het woord volk. Dit woord kent meerdere verklaringen waarvan de eerste luidt: “historisch gegroeide gemeenschap van erfelijk verwante mensen met min of meer gelijke taal en gewoonten.”  Vooral het ‘historisch gegroeid’ is interessant.

Na de val van het Ottomaanse rijk in 1914, verdeelden Engeland en Frankrijk wat wij het Midden Oosten noemen, onder elkaar. De grenzen zijn behoorlijk willekeurig. Je kunt dit zien aan de rechte lijnen die lengte en breedte graden volgen. Daarom wonen er zoveel verschillende stammen in een land en is een stam vaak verdeeld over meerdere landen. Na de kolonisator, de gemeenschappelijke vijand, eruit te hebben gegooid, moesten ze plotseling een land zijn en dat waren ze nooit geweest.

Na dit stukje geschiedenis terug naar de vraag waarom deze landen niet goed onderling kunnen samenwerken. Land of natie is een Westerse uitvinding. De rest van de wereld had stammen die soms rijkjes en rijken vormden. Maar het leven speelde zich vooral af in de eigen stam. Zou het niet kunnen zijn dat de stap van stam naar volk en land niet is gezet? Zou het misschien kunnen zijn dat er geen ‘historisch gegroeide gemeenschap’ is in wat wij zien als een land? Wat bond hen behalve de vrees voor een dictator? Of zoals Generaal De Gaulle het ooit gezegd schijnt te hebben toen hij over Frankrijk sprak: “Het is moeilijk een land te regeren dat 246 soorten kaas heeft.”

In West Europa hebben we er enkele eeuwen over gedaan om een land of natie te worden. En vervolgens kostte het ons ongeveer een eeuw en twee wereldoorlogen om tot samenwerking tussen landen te komen. En gaat die samenwerking niet nog steeds met horten en stoten?

Kijken en gebruiken we misschien het verkeerde frame? Zou het kunnen zijn dat zij zich zien als lid van een stam en niet als ‘Syriër, Libiër of Irakees?  Zou het kunnen dat land, natie en staat niet in hun denken voorkomen? Zouden we ook nu kunnen leven zondere begrippen als land en staat?

Cameraterrorisme

“Zaterdag werd bekend dat D66-wethouder (inmiddels oud-) Vincent van den Bosch (Steenbergen) opstapt. Hij zou zijn functie neerleggen na een confrontatie met videoblogger Vladimir Hornicek, die hij nogal asociaal heeft behandeld. Tegen Omroep Brabant zegt hij zondag echter dat er een andere reden is voor zijn vertrek, namelijk bedreigingen aan zijn adres.” Zo valt te lezen op de opiniesite Joop. Ook valt er te lezen, dat vertegenwoordigers van andere partijen vonden dat de wethouder moest opstappen, omdat dit niet de eerste keer was dat hij in opspraak was geraakt. Op de site tevens de beelden van de ‘confrontatie’ tussen de blogger en de wethouder.

cameraterrorisme

Foto: mediamatic.net

Wat de werkelijke reden van het opstappen van de wethouders is? Niemand weet het, behalve hijzelf, maar daar wil ik het nu niet over hebben. Je ziet het steeds vaker, mensen filmen andere mensen en ‘publiceren’ de beelden. Loop met een camera achter iemand aan en stel wat onnozele vragen, roep wat en kijk hoe de ander reageert. Of bel aan bij de persoon, dring je op en wacht of je een klap krijgt, de deur in je gezicht of kunt beginnen met het kleineren van de persoon door middel van onnozele vragen.

Een activiteit waarmee GeenStijl en ook PowNed groot zijn geworden. We lijken allemaal te accepteren dat ‘gezagsdragers’ maar ook andere ‘bekende en minder bekende’ Nederlanders’ zich dit laten welgevallen en accepteren. Sterker nog, we kunnen er allemaal de dupe van worden.

Is dit soort ‘journalistiek’ wel acceptabel? En sterker nog, is er wel sprake van journalistiek? Is iedereen met een camera in de hand een journalist? Hoe zit het met de privacy van de ‘gefilmde’? heeft de gefilmde wel rechten? De filmer heeft ‘de macht’ hij filmt en bepaalt welke beelden er te zien zijn en welke niet. In dit geval meldt Joop dat de videoblogger asociaal werd behandeld door de wethouder. Wie wordt er bij gebruik van deze methodes eigenlijk asociaal behandeld? Is dat niet de gefilmde die ter meerdere eer en glorie van de filmer mag figureren in de egotripperij van de filmer? Is er verschil tussen stalken en deze vorm van ‘journalistiek’? Zo ja, wat is dan dat verschil?

Of is er sprake van een bijzondere vorm van terrorisme? Een vorm waarbij met behulp van een camera een aanslag wordt gepleegd op iemands persoonlijke leven, een soort ‘cameraterrorisme?