Afzijdigheid

In het commentaar in de Volkskrant constateert Arnout Brouwers dat ook het niet militair ingrijpen door de Verenigde Staten in het Syrische conflict een prijs heeft. Hij constateert: “Obama mag goede redenen hebben gehad zich afzijdig te houden, de gaten die daarbij vallen worden gretig gevuld door andere landen met ambities, zoals Iran en Rusland. De onvermoeibare John Kerry ondervindt nu in Syrië hoe moeilijk diplomatie is die niet wordt geschraagd door militaire macht.”

syrie

Illustratie: www.nrc.nl

Natuurlijk behoorde een inval als in Irak tot de mogelijkheden. Een inval om president Assad af te zetten en democratie te brengen, net als in Irak en Afghanistan is geprobeerd. Of bombardementen op de troepen van Assad waardoor de troepen van het ‘vrije Syrische leger’ de regering wellicht hadden kunnen verdrijven zoals in Libië is gebeurd. Alleen zijn de resultaten in die landen niet om over naar huis te schrijven.

Maar toch, ben je afzijdig als je in woorden partij kiest voor een groep deelnemers aan het confilct en wilt dat een ander van het toneel verdwijnt? Ben je afzijdig als je verschillende gevechtsgroepen bewapend? Ben je afzijdig als je gevechtsgroepen traint? Ben je afzijdig als je gevechtgroepen ondersteunt tot en met meevechten toe? Ben je afzijdig als je gevechtsvliegtuigen hebt rondvliegen? Ben je afzijdig als je die gevechtsvliegtuigen gebruikt om gewapende groepen te bombarderen? Is er dan sprake van ‘afzijdig houden’? Niet volgens de definitie in de Van Dale: “zich afzijdig houden (a) niet meedoen; (b) zijn mening niet uiten.” Dat is geen afzijdig zijn, dat is meedoen. Niet op volle kracht maar wel meedoen.

Wellicht waren de verhoudingen anders geweest als er was gehandeld zoals in Afghanistan, Irak en Libië? Alleen zijn dat ook geen toonbeeld van veiligheid, vrede en/of stabiliteit. Ook daar sterven al jaren dagelijks mensen door oorlogsgeweld een aanslagen.

Wellicht is afzijdigheid een optie om eens uit te proberen? Geen partij kiezen, geen wapensleveren, geen ondersteuning, geen goederen en diensten van welk soort dan ook leveren. Geen humanitaire hulp in het betreffende land bieden. Niets van dat alles, dus gewoon niets doen. Helemaal niets, behalve het goed en menswaardig opvangen van mensen die de ellende ontvluchten. Het proberen waard?

Directe verkiezingen!?

“Alle grote problemen van deze tijd worden veroorzaakt of versterkt door ongrijpbaar wanbeleid. Zowel op lokaal, nationaal als EU-niveau. Zonder drastisch ingrijpen leidt deze ondemocratische bestuurswijze onherroepelijk tot maatschappelijke onrust en volksopstand.” Zo betoogt Uri van As op de site Opniez. De oorzaak volgens Van As: “Onze overheidsbestuurslagen zitten boordevol incompetente functionarissen. Bestuurders die in het bedrijfsleven acuut zouden mislukken. Mensen die hun functie en promoties niet danken aan kennis, inzicht en daadkracht maar aan de baantjescarroussel van hun partij.” En de oplossing: “Schaf indirecte verkiezingen af. Geef burgers een volwaardige stem.” Want: “Zouden Nederlanders in staat zijn geweest hun eigen bestuurders te kiezen dan had niemand ooit gehoord van PvdA-burgemeester Geke Faber. Dan bestond er geen kloof tussen de elite en het volk.”

falende-politici

Foto: speld.nl

Beste heer Van As, ik kan een heel eind met u meegaan. Veel problemen worden beïnvloed door beleid. En de resultaten van beleid worden door de ene groep als wenselijk gezien en door de andere als onwenselijk. Inderdaad zijn er naast competente en daadkrachtige bestuurders ook incompetente functionarissen. Inderdaad kan het zijn dat beiden, zowel de competente als de incompetenten in het bedrijfsleven zouden kunnen mislukken, maar ook slagen. Net zoals succesvolle bestuurders uit het bedrijfsleven in ‘overheidsdienst’ kunnen mislukken en mislukkelingen uit het bedrijfsleven kunnen slagen.

Beste meneer Van As, uw oplossing om fucntionarissen rechtstreeks te kiezen, zal dit probleem niet oplossen. Wellicht zouden we dan inderdaad nooit gehoord hebben van Geke Faber. Daarvoor in de plaats zouden we anderen kennen. Dwaallichten met charisma en mooie verhalen die mensen wisten te overtuigen van hun ‘kwaliteiten’ en die er in de praktijk niets van zouden bakken. Kijk eens naar het land waar zo ongeveer iedere publieke functie middels verkiezingen wordt verdeeld, de Verenigde Staten. Is er in dat land geen sprake van een ‘kloof tussen elite en het volk’? De Amerikaanse geschiedenis kent naast vele competente ook veel incompetente en corrupte publieke bestuurders die vervolgens nog worden herkozen. En daarnaast vele politici die dansen naar de pijpen van mensen met geld.

Beste meneer Van As, u heeft een hoge pet op van Nederlanders bij het kiezen van eigen bestuurders. Waarom denkt u dat Nederlanders dit beter zouden kunnen dan Amerikanen?

’t Kan verkeeren

Als ik aan spionnen denk, dan denk ik aan James Bond. Een onkwestbare ladykiller die met moderne snufjes techniek en onderkoelde humor de strijd aangaat met het kwaad. Nu is Bond een grove overdrijving van de werkelijkheid, die is veel minder spectaculair en de gemiddelde spion verzamelt informatie en dat is soms lastig. Zeker als die informatie wordt versleuteld zoals nu bij WhatsApp en andere digitale communicatiemiddelen.

james-bond

De baas van de Nederlandse spionnenorganisatie AIVD wil dan ook dat zijn dienst de mogelijkheid krijgt die versleuteling ongedaan te maken. Dan kan de dienst de appjes van potentiële terroristen lezen. Alleen: “van diegenen die een bedreiging vormen.” aldus opperspion Rob Bertholee in de Volkskrant “bij al die andere mensen willen we niet meekijken,”. Nu ben ik niet wantrouwend van aard en geloof Bertholee op zijn blauwe ogen dat hij rechtsorde wil beschermen en: “Dat betekent dat we gecontroleerd bevoegdheden inzetten. Bij mensen die geen gevaar zijn, mag dat niet.” Dit natuurlijk tot het tegendeel is bewezen. Alleen is het dan te laat, dan hebben de spionnen die bevoegdheid al.

Want ‘diegenen die een bedreiging vormen’ is een rekbaar begrip en dat kan veranderen. In de jaren vijftig werden communisten als een bedreiging gezien. In de jaren zeventig zou je als Molukker een grote kans hebben gelopen om als ‘bedreiging’ gezien te worden.  Nu zal menigeen meteen denken aan moslimterroristen en loop je als moslim een grotere kans om als bedreiging gezien te worden. Mochten de Fortuynaanhangers eens aan de macht komen dan zullen veganisten en dierenrechtenactivisten een bedreiging zijn en dan kom je al snel bij donateurs van bijvoorbeeld Wakker Dier. Mocht een verwarde columnist volgende week een politicus vermoorden, zou dan de Ballonnendoorprikker ook een ‘bedreiging’ vormen?

’t Kan verkeeren, aldus Bredero, wie weet tegen wie die bevoegdheid gebruikt kan worden? Bevoegdheden hebben de neiging om opgerekt te worden en ook gebruikt te worden voor zaken waarvoor ze niet bedoeld zijn. Diverse klokkenluiderszaken laten dit zien. Alleen is het lastig om je te verweren tegen een spionnendienst.

Succesvol vluchtelingenbeleid

De grens tussen Syrië en Jordanië is gesloten waardoor ruim 75.000 Syrische vluchtelingen vastzitten. Ze zitten niet alleen vast, maar zijn ook nog verstoken van hulp omdat ze voor hulpverleners niet of hooguit zeer lastig te bereiken zijn. “De huidige situatie zou te wijten zijn aan het falende vluchtelingenbeleid,” zo valt op nu.nl te lezen.

opvang-in-de-regio

Illustratie: www.opvanginderegio.nl

Inderdaad is de situatie van deze mensen schreinend. De situatie van vluchtelingen in kampen in Jordanië is iets beter. Ook de situatie in Libanon en Turkije is iets beter, maar voor het overgrote deel van de vluchtelingen is het nog steeds uitzichtsloos. Ook voor de vluchtelingen in Griekenland is de situatie niet florisant. Dus je zou kunnen zeggen dat het vluchtelingenbeleid faalt en dat er nodig wat moet gebeuren. Dat het tijd is voor ander beleid.

Kort en cru samengevat komt het Nederlandse en Europese vluchtelingenbeleid neer op het volgende: zo min mogelijk en liefst geen vluchtelingen Europa in. Vluchtelingen ‘ontwrichten’ immers onze samenleving en zorgen voor spanningen. Vooral als het er veel zijn. De afdeling Newspeak, met als hoofd PR VVD-kamerlid Malik Azmani, maakt daar ‘opvang in de regio’ van. Dat is beter voor de vluchtende, hij zit dan immers dicht bij huis. Bovendien kunnen er daar misschien wel vijftig opvangen worden voor eenzelfde prijs als hier één, dus ook een kwestie van gezond verstand.

Regioland Libanon zit al overvol, het kent ongeveer één vluchteling op vier inwoners en snakt naar extra geld om die opvang in de regio goed vorm te geven en te voorkomen dat het land nog verder ontwricht en onder de spanningen veroorzaakt door de vele vluchtelingen bezwijkt. Dat geld ontbreekt echter, want de landen buiten de regio betalen niet of niet veel. Over Turkije zullen we maar zwijgen. Nu heeft Jordanië (op iedere tien Jordaniers één vluchteling en van die Jordaniers is een flink deel Palestijnse vluchteling) de grenzen gesloten. Maar, er komen veel minder vluchtelingen naar Europa.

Faalt het vluchtelingenbeleid? De instroom in Europa is flink afgenomen. Syriers worden in de regio opgevangen en uiteindelijk bestaat die regio toch uit het eigen land, eigen streek, stad of wijk? Is het vluchtelingenbeleid daarmee vanuit Nederlands en Europees standpunt bekekenen niet succesvol?

Dat het tot vele slachtoffers en mensonwaardige situaties en daarmee tot schending van elementaire mensenrechten leidt, wie, behalve de Ballonnendoorprikker, maalt daarom? Je wint er de komende verkiezingen immers niet mee.

Het verkeerde slagveld

Beste Annabel Nanninga, bij ThePostOnline herdenkt u de aanslagen van 9 september 2001. De vliegtuigen die de Twintowers invlogen met duizenden doden tot gevolg. Het verbaast u dat: “het gros van de Westerse leiders, media en burgers nog altijd de oorlogsverklaring van de mohammedaanse terroristen angstvallig afhouden” Volgens u leven zij: nog in de wereld zoals die er voor het laatst was in die ene seconde, toen Falling Man nog gewoon aan zijn bureau zat. In een toren die niet smeulde. Toen wij hier elf september nog als 11/9 schreven.”

wtcFoto: www.britannica.com

Beste mevrouw Nanninga, ik ben zo’n afhouder van die oorlogsverklaring. Nee ik ontken de impact van de aanslagen niet. Ik leef niet in 2001, maar in 2016. Ja ik geloof dat mensen een positieve en constructieve rol kunnen vervullen in het westen. En ja, ook islamieten. Maar ik weet ook dat mensen en niet alleen islamieten,  een negatieve en destructieve rol kunnen spelen. En ja, ik maak me zorgen om politici en vooral politieke leiders die mensen naar de mond praten om extra zetels te behalen. Die zich laten leiden door ‘de peilingen’.

Ik weiger om die aanslagen te zien als een oorlogsverklaring. Ik weiger omdat ik daardoor terecht kom in een oorlogsframe en ik denk we hierdoor verder van huis raken. Het oorlogsframe heeft gezorgd voor een kostbare, vele levens kostende en vooral nutteloze interventie in Afghanistan. Tot het dramatische, door een fundamentalistische ideologie van een andere soort gedreven, ingrijpen in Irak. Het oorlogsframe zorgt er, volgens mij, voor dat we het door de terroristen gewenste ‘strijdperk’ betreden. Oorlogen kennen een eigen dynamiek. Een dynamiek die op gespannen voet staat met de waarden van de rechtstaat en democratie. Door het oorlogsframe raken we verder verwijderd van de werkelijke kracht van onze samenleving. En zouden de door extreme interpretaties van de islam gemotiveerde terroristen juist die kracht niet het meest vrezen?

Die kracht is onder andere dat u en ik vrijelijk van mening kunnen verschillen en daarover van gedachten kunnen wisselen zonder dat we hoeven te vrezen voor ‘staatsingrijpen’. Die kracht is dat wij ons leven op een grotendeels door onszelf bepaalde manier vorm kunnen geven. Die kracht is dat wij uitgaan van de gelijkwaardigheid van mensen. Door die kracht is het bijzonder prettig leven in het westen. Op dit ‘strijdperk’ winnen we met gemak van de terroristen.

Daarom mevrouw Nanninga houd ik de oorlogsverklaring af. Niet angstvallig maar juist vanuit kracht.

Gelijkheid en geweld

Een tijd geleden las ik het boek De kunst van het vreedzaam vechten van Hans Achterhuis en Nico Koning. Een boek waarin de schrijvers  oorzaken van geweld en de manier waarop de mens geweld door de eeuwen heen heeft beteugeld, onderzoeken. Zij zien gelijkheid als een van de belangrijkste oorzaken van geweld.

Als de beteugeling van geweld van boven komt, dan is er, volgens hen, sprake van een verticale beschavingsorde. Dit was eeuwen lang de manier om het onderling geweld in een clan, stam, dorp, stad of rijk te beteugelen. Beteugelen door ongelijkheid aan te brengen. Het gezag kwam van boven en werd uiteindelijk gesanctioneerd door een god of de goden. In sommige culturen werd aan de hoogste leider zelfs een goddelijke status toegekend. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de Egyptische farao’s maar ook de Chinese en Japanse keizers. Dit zorgde voor stabiliteit en meestentijds voor interne vrede, meestentijds maar niet altijd. Rebellie tegen een heerser betekende dan vaak ook rebellie tegen de heersende godsdienst en dat zorgde voor een flinke drempel. Maar te brute uitoefening van gezag, het ontstaan van een concurrerende religie, ideologie of identiteit of langdurige onvrede over de manier waarop de macht wordt uitgeoefend, waren en zijn de drie hoofdoorzaken waarom mensen in opstand komen.

vreedzaam-vechten

Wat zien we als we naar onze huidige westerse samenleving kijken? Dan zien we dat gelijkheid samen met vrijheid de basis vormt van die samenleving. Onze samenleving kent, in de woorden van Achterhuis en Koning een horizontale beschavingsorde. De orde wordt niet van bovenaf afgedwongen en gesanctioneerd, dat kan immers niet tussen gelijken. De eerste artikelen van onze grondwet handelen over gelijkheid en vrijheid. Als gelijkheid een van de belangrijkste oorzaken van geweld is, zoals de auteurs beweren, hoe komt het dan dat onze samenleving die is gebaseerd op gelijkheid, toch relatief vreedzaam is? Volgens de auteurs is dit een gevolg van een proces van modernisering. Een proces dat ervoor heeft gezorgd dat in de westerse wereld de verticale ordening is vervangen door horizontale vormen van beschavingsordening. We hebben manieren gevonden om zonder de hiërarchie toch geweld te beteugelen. Hierbij moeten we denken aan beschavingsordening via: “… de rechtsorde, de marktorde, de wetenschap, de sport, de overlegcultuur en de democratische procedures.” Dit zijn manieren om de gevaren van gelijkheid te beteugelen en beheersen.

Laten we eens wat verder kijken? Lijkt er dan niet een vorm van verticale ordening te groeien in onze samenleving die horizontaal van aard is? Kijken we naar de marktorde dan zien we dat hier onder invloed van het neoliberalisme een verticale ordening te ontstaan tussen rijk en arm. De groeiende tweedeling tussen tussen de 1% en de overige 99%, zoals Joseph Stiglitz het noemt in zij  boek The Price of Inequality noemt, lijkt die richting op te wijzen. En voor wat betreft de Verenigde Staten toont Stiglitz aan dat die 1% ook de rechtsorde, de (economische en sociale) wetenschap, en de democratische procedures naar hun hand aan het zetten zijn. Barber noemt het in Consumed. How Markets Corrupt Children, Infantilize Adults & Swallow Citizens Whole het ‘consumer capitalism’ en komt tot eenzelfde conclusie.

Kijken we naar de politieke discussie dan is er steeds sprake van ‘elite’ en ‘volk’ die tegenover elkaar staan. Al is niet duidelijk wie  wanneer tot ‘volk’ of ‘elite’ behoort. Het denken in ‘elite’ en ‘volk’ is dat niet denken in verticale structuren? En als we kijken naar verschillende migranten, in hoeverre kennen de landen waaruit de migranten zijn geëmigreerd een verticale ordening? Zou dat een reden kunnen zijn voor wrijving tussen migrant en ‘land van aankomst’?

Een westerse wereld met een horizontale ordening en nu lijkt er onder de grote druk van de markt een nieuwe verticale ordening te ontstaan. Wat zou dat voor de westerse samenleving betekenen?  Achterhuis en Koning laten zien dat dit knellen in het verleden vaak gepaard gingen met veel geweld tenzij andere factoren een dempend effect hadden. Zou de manier waarop solidariteit of, zoals ik eerder schreef, empathie en compassie wordt vormgegeven niet een belangrijke ‘geweldsdempende’ factor kunnen zijn?

Sympathy is what we need my friend

Minister Schippers van Volksgezondheid hield dit jaar de H.J. Schoo-lezing georganiseerd door Elsevier. De minister sprak niet over haar beleidsterrein, maar hield een pleidooi voor het beschermen van onze kernwaarden. Dit omdat ze zich zorgen maakt om haar dochter: “Die zorgen gaan over de vrijheid die mijn dochter zal hebben om haar eigen keuzes te kunnen maken. Over de vrijheid die mijn dochter zal hebben om zelf te kunnen beslissen hoe zij wil leven en wie zij liefheeft. Om zelf te beslissen waarin zij wil geloven. Om haar eigen identiteit te kunnen bepalen. Wat zij wil worden, wat zij wil doen, hoe zij zich wil kleden.” Schippers wil terecht dat haar dochter zelf mag kiezen wat ze met haar leven wil.

Rare bird

Illustratie: www.youtube.com

Die toekomst wordt, volgens Schippers bedreigd door de politieke islam en de: “vaak hoogopgeleide mensen die bereid zijn tot dat compromis op onze kernwaarden.” Van die compromissen zijn anderen, homo’s, transgenders, vrouwen, mensen die kiezen anders te zijn, moslimvrouwen die meer vrijheid willen, kwetsbaren in onze samenleving de dupe.

Om die bedreiging het hoofd te bieden wil Schippers juist de kracht van de vrijheid inzetten, want, zo schrijft Schippers: “onze propositie is beter! Onze vrijheid is nú, onze kansen kun je nú pakken, onze welvaart kun je nú hebben, jouw kinderen kunnen het beter krijgen dan jij nu. Je mag nu van het leven genieten, muziek luisteren, een feestje vieren, jezelf ontplooien, verliefd worden.”  Uitgaan van de kracht van vrijheid, daar kan Schippers op mijn steun rekenen. Ik hield immers al eerder een pleidooi voor leiderschap dat uitgaat van de kracht van onze vrije, open democratische samenleving.

Alleen slaat een dergelijk pleidooi dood als het niet vergezeld gaat van empathie en compassie met degenen in onze samenleving die het minder hebben getroffen. Degenen waarvoor er geen of slechts kleine kansen zijn omdat ze voor een dubbeltje geboren zijn. Degenen met een andere dan een blanke huidskleur. Diegenen die door jaren van neoliberaal beleid, geen deel hebben aan ‘onze welvaart’ en waarvan de kinderen het waarschijnlijk niet beter krijgen. Diegenen die de vrijheid hebben, maar die het aan de mogelijkheid, of de vermogens zoals Martha Nussbaum en Amartya Sen het noemen, ontbreekt om van die vrijheid gebruik te maken. Schippers maakt zich hierbij terecht druk om de islamitische vrouw die vrijheid wil, maar er zijn veel meer mensen die het aan het vermogen ontbreekt om van die vrijheid gebruik te maken. Empathie en sympathie gevolgd door acties om hen die vermogens te geven.

Alleen slaat een dergelijk pleidooi dood als het niet wordt vergezeld van empathie en compassie met degenen buiten onze samenleving die het minder hebben getroffen. Daarvoor is, beste minister Schippers, een veel beter verhaal nodig dan de ‘opvang in de regio’ die ook u lijkt te bepleiten. Want die regio bestaat bijvoorbeeld uit landen als Turkije, Saoedie-Arabië en Iran. Landen die, en daar verzet u zich tegen, geld in: “koranscholen en moskeeën (pompen) om deze vijandige gedachten te verspreiden.” Landen die zich weinig tot niets aan de vrijheden waarvoor u terecht pleit, gelegen laten liggen.

Is die politieke islam wel de grootste bedreiging voor onze vrijheden? Is de onmacht van onze politieke leiders om empathie en sympathie met de achterblijvers in en buiten onze samenleving vorm te geven en iets aan hun situatie te verbeteren, niet een grotere vijand? En zou die onmacht gekoppeld aan de overreactie van vele politici, opiniemakers en ook gewone burgers op die politieke islam niet een veel grotere bedreiging zijn voor die vrijheden dan de politieke islam? Neem bijvoorbeeld de PVV die moskeeën en islamitische scholen wil sluiten en de koran wil verbieden. Ideeën die strijdig zijn met onze grondwet en onze vrijheden. Een partij die virtueel meer dan dertig kamerzetels heeft, meer dan eenvijfde van de kiezers. Dat is een veelvoud van het aantal politiekislamieten en door dat grote aantal ‘potentiële aanhangers’ nemen andere partijen ideeën over.

“And sympathy. Is what we need my friend. And sympathy. Is what we need. And sympathy. Is what we need my friend, ‘cause there’s not enough love to go round. Gevolgd door: “Now half the world. Hits the other half. And half the world. Has all the food. And half the world, lies down and quietly starves, ‘cause there’s not enough love to go round.” Aldus Rare Bird eind jaren zestig van de vorige eeuw. Een vooruitziende blik of is er sindsdien niet veel veranderd?

 

Verslaafd en borderline

Een van de opdrachten bij de Jeugdwet die per 1 januari 2015 van kracht werd, is zoveel mogelijk proberen te normaliseren. In plaats van de jeugdige uit zijn omgeving te lichten en hem te ‘behandelen’, moet gekeken worden hoe de jeugdige met zijn omgeving kan omgaan én de omgeving met de jeugdige. Of zoals in de memorie van toelichting beschreven staat:”Aan dit wetsvoorstel ligt de visie op de pedagogische civil society ten grondslag waarin ieder kind een veilige omgeving om zich heen heeft, waarin de school, de naschoolse opvang, de sportclub en de buurt een belangrijke rol spelen. Investeren in een positieve opvoeding, talentontwikkeling, een succesvolle schoolloopbaan en doorstroom naar werk ligt aan de basis van welbevinden, economische zelfstandigheid en democratisch burgerschap. Algemene jeugdvoorzieningen zoals de kinderopvang, de jeugdgezondheidszorg, scholen, sportclubs, buurthuizen, jongerenwerk en vrijwillige inzet dragen bij aan een positief opgroei- en opvoedklimaat.” De wetgever wil dat de samenleving problemen met jeugdigen zoveel mogelijk oplost. Dat is een nobel streven en daar kan niemand iets op tegen hebben. In ’t Schaep met de 5 pooten werd immers al gezongen: “We benne op de wereld om mekaar om mekaar om mekaar om mekaar te helpen, nietwaar?”

DSM V

Wat als de Belg, Dirk de Wachter, gelijk heeft? Hij vergelijkt in zijn boek ‘Borderlinetimes. Het einde van de Normaliteit’ onze samenleving met de stoornis Borderline: “BPS of Borderline Personality Disorder is ‘een diepgaand patroon van instabiliteit en intermenslijke relatie, zelfbeeld en affecten en van duidelijke impulsiviteit, beginnend in de vroege volwassenheid en tot uiting komend in diverse situaties… .” Hoe normaal is de samenleving?

De bijbel voor psychische of psychosociale stoornissen de DSM V bevat naast borderline ook verslaving als stoornis. Iemand is verslaafd als hij drie of meer van de volgende zeven kenmerken vertoont binnen twaalf maanden:

  1. Tolerantie treedt op, dat wil zeggen dat er steeds meer van het verslavende middel nodig is om het gewenste effect te bereiken of dat steeds minder effect optreedt bij het gebruik van eenzelfde hoeveelheid van het verslavende middel;
  2. Er treden ontwenningsverschijnselen op, specifiek voor dat middel, of er worden gelijksoortige middelen genomen om de ontwenningsverschijnselen het hoofd te bieden;
  3. Het middel wordt in steeds grotere hoeveelheden genomen, over een langere tijd dan eigenlijk de bedoeling was;
  4. Er is de drang om te stoppen met het middel, verschillende (mislukte) pogingen zijn ondernomen om te stoppen, te minderen;
  5. Veel tijd wordt gestoken in het verkrijgen van het middel en/of het gebruiken van het middel;
  6. Belangrijke sociale activiteiten, werk en/of vrijetijdsbesteding worden opgegeven of verminderd voor het middelengebruik;
  7. Ook al weet de persoon dat het middel dat wordt genomen zorgt voor fysieke of psychologische aandoeningen of verslechtering daarvan, hij of zij blijft doorgaan met het gebruik ervan.

De DSM V is er om een individu te beoordelen, maar wat als de samenleving langs deze kenmerken wordt gelegd. Economische groei is de norm en die groei moet het liefst stevig en robuust zijn. Als de groei een half procent is dan noemen we het zwakke groei en we vergelijken ons altijd met landen die een hogere groei hebben. Die doen het beter. Met een beetje fantasie kun je beweren dat onze samenleving aan het eerste criterium voldoet.

Als de economie krimpt, dan ontstaat paniek en slaat de stress toe. Ook het tweede kenmerk, de ontwenningsverschijnselen, lijkt van toepassing.

Hoe hoger de groei, hoe beter het wordt beoordeeld. Groei wordt beoordeeld in vergelijking met andere landen en andere perioden. Het streven is daarbij om het beter te doen. Ik ben geen psycholoog en kan daarom niet goed beoordelen of daarmee wordt voldaan aan het derde kenmerk.

Het vierde kenmerk is slechts bij een klein deel van de samenleving te herkennen en nog zeker niet doorgedrongen tot politici en bestuurders. De samenleving zit nog in de ontkenningsfase: nee, wij zijn niet verslaafd. Economische groei staat centraal in politiek en beleid. In  verkiezingstijd komt dit bijvoorbeeld tot uiting en gaat het debat vooral over een paar tienden meer of minder economische groei bij het uitvoeren van de maatregelen uit de verkiezingsprogramma’s. Hierbij vervult het Centraal Plan Bureau de rol van ‘onafhankelijk scheidsrechter’. Alsof de modellen die hierbij worden gebruikt vrij van waarden en interpretaties zijn. Dus ja, veel tijd wordt gestoken in het verkrijgen van economische groei en daarmee aan het vijfde kenmerk.

Als het daarbij tegenzit, dan moet er worden bezuinigd en dat gebeurt vooral op zaken waarvan het economische rendement lastig tot niet te berekenen is, zaken zoals cultuur, sport en natuurbeheer. Zaken die wel belangrijk zijn voor het functioneren van een samenleving (zesde kenmerk).

Ook is bij een groot deel van de samenleving inmiddels het besef doorgedrongen dat we, het voor ons overleven zo belangrijke milieu, schoon water, schone lucht, schone bodem, de vernieling in helpen als het zo door gaat. Dat de grondstoffenvoorraad zo snel wordt uitgeput dat het leven van onze kinderen en kleinkinderen in gevaar komt. Het besef is er maar het wordt nog steeds verdoofd door het geloof in het technisch vernuft, de technologische ontwikkeling zal de reddende engel zijn en voor alle problemen oplossingen vinden.

Kan de conclusie worden getrokken dat onze samenleving niet alleen aan borderline lijdt, maar ook nog verslaafd is? Zouden de problemen met de jeugdigen voor een deel niet een gevolg kunnen zijn van deze ‘ziekte’ van de samenleving?

Shoot the messenger!

Als de boodschap je niet bevalt dan is het tegenwoordig, trouwens vroeger ook, de boodschapper in discrediet te brengen. Tegenwoordig is dat aan de orde van de dag. Door de persoon af te vallen, hoef je immers niet op de inhoud in te gaan en kun je braaf in je eigen wereld blijven leven. Bij ThePostOnline geeft Sietske Bergsma daar een mooi voorbeeld van.

Rigthon

Foto: www.npo.nl

Bij Pauw werd afgelopen week gesproken over de foto van het Syrische jongetje Alan Kurdi die vorig jaar de vluchtelingencrisis symboliseerde. Bergsma valt over Volkskrantjournaliste Nathalie Righton heen: “De mevrouw van de Volkskrant die bij Pauw de foto koesterde, is een vrouw die ik goed ken, nou ja haar type, in groepjes. Ik zie ze dan samen. Ze houden die moederlijke glans over zich terwijl ze over hun werk praten, hun ogen wijd open, ze hebben hun huisjes mooi op orde, doen ‘liever even een frisje’, zien er verzorgd uit, maar dan wel nog van die laarzen over hun broek, dat dan weer wel. Ze hebben dode kindjes op het strand nodig, of een bebloed kindje in een ambulance om ‘nog wat te voelen bij de oorlog in Syrië”. Zo’n tuttebel, slaapkamergeleerde en vooral ‘grachtengordel’ type hoef je niet serieus te nemen.

Bergsma kent Righton goed, nou ja haar type. Is dat wel zo? Heeft ze zich verdiept in de journalistieke carrière en werk van Righton? Zou ze weten dat Righton zonder bescherming van welk leger dan ook, door Afghanistan heeft gereisd om daar verslag te doen van de ‘oorlog tegen het terrorisme’? Eigenlijk zoals het een goed journalist betaamt. Dat zij daar die mooie woorden van onze Haagse politici, zoals ‘opbouwmissie en vredebrengen’, in de praktijk heeft gezien? Dat zij de slachtoffers heeft gezien en gesproken? Dat zij dode kinderen heeft gezien en vervolgens ook heeft gezien hoe weinig dit teweeg bracht bij de (meer dan gemiddelde) Nederlander. Iets wat ook voor de vluchtelingen aan de Europese grens leek te gelden, tot die beroemde foto. Toen pas kwam er beweging.

Kent Bergsma ‘mensen als Righton’ echt?  Een van haar laatste zinnen suggereert anders: “Mensen die nog aan elkaar moeten bewijzen dat een dood kind erg is, zijn niet erg empathisch, maar bang voor een oordeel.” Wrang om zoiets over Righton te schrijven. Maar ja, je hoeft het zo niet over de inhoud te hebben.  Zou het kunnen dat Bergsma bang is voor een oordeel?

Trouw aan een land

Bij The PostOnline bekritiseert columnist Ralph Posset cultuurhistoricus en oud-hoogleraar Gerard Rooijakkers. Volgens Rooijakkers zorgen de sterke familiebanden ervoor dat Turken loyaal blijven aan Turkije. Volgens Posset is dit: “een absoluut kulargument. Je bent niet trouw aan een land dat in jouw ogen slecht voor jouw familie zorgt. … Het heeft er alles mee te maken dat men wel met voeten in de Nederlandse klei staat maar dat hun hart nog steeds klopt voor het Ottomaanse rijk.”  Een land dat je familie slecht behandelt, is je trouw niet waard. Een interessante redenering van Posset.

trouw aan je land

Illustratie: www.considerati.com

Laten we eens met de redenering van Posset naar de Nederlandse situatie kijken. Als een land slecht slecht voor jou en de familie zorgt, dan verdient dat land je trouw niet. Zou het kunnen dat velen die in dit land ‘allochtoon’ worden genoemd en zo met woorden buiten de samenleving worden gezet, niet zo’n warme band hebben met Nederland? Als je steeds te horen krijgt dat er nog iets schort aan je ‘inburgering’. Als je steeds wordt aangesproken op, en je moet distantiëren van het gedrag van anderen die tot ‘dezelfde groep’ behoren. Als je als groep en probleem wordt gezien en niet als individu. Zou je dan de indruk kunnen krijgen dat dat land ‘slecht voor je zorgt’? Zou je je dan af kunnen vragen of dat land je ‘trouw’ wel waard is?

Zou het dan kunnen dat je hart meer klopt voor een land dat jij ooit hebt verlaten? Of zelfs een land dat je ouders of grootouders ooit hebben verlaten? Een land dat je alleen maar kent van die jaarlijkse vakantie als iedereen blij is elkaar weer te zien en alles leuk lijkt. Een land dat je verder kent van de televisiezenders uit dat land. Televisiezenders die, net als de Nederlandse, een vertekend beeld van de werkelijkheid geven. Een land dat je hierdoor warmere gevoelens bezorgt dan het land waar je woont.

Zou de redenering van Posset, dat een land dat slecht voor je is, je trouw niet waard is, een kern van waarheid bevatten? Met dat verschil dat het land niet Turkije is, in het voorbeeld van Posset, maar Nederland?