De utopie van de vrijhandel

Op de opinie-site Jalta houdt Joshua Livestro in zijn artikel Leve de globalisering een pleidooi voor de zegeningen van vrijhandel en globalisering. In een met grafieken gelardeerd betoog concludeert hij, dat internationale vrijhandel de hoeksteen moet blijven vormen van het denken over economie en intenationale aangelegenheden. Zijn betoog steunt op drie, zoals hij het noemt, kernfeiten: “1. het aantal allerarmsten is in dertig jaar tijd met meer dan een miljard mensen afgenomen; 2. de levensverwachting voor mensen geboren in landen die we vijftig jaar geleden nog ‘ontwikkelingslanden’ noemden is nadrukkelijk gestegen; en 3. in voormalige ontwikkelingslanden als China en India is een middenklasse ontstaan van vele honderden miljoenen mensen.” Die feiten staan niet ter discussie, wel het causale verband dat Livestro legt met de vrijhandel.

causaalIllustratie: eurolactatie.net

Als eerste vrijhandel en absolute armoede. Livestro noemt China en India als voorbeelden van landen waar de absolute armoede snel daalde. Inderdaad hebben China en India hun economieën geopend voor de wereld. Geopend maar niet voor vrijhandel. In beide landen zijn vele beperkende maatregelen van kracht. Maatregelen die de economie moeten beschermen. Maatregelen die de Chinese en Indiaase bedrijven beschermen. Zonder die maatregelen zouden de bedrijven in beide landen zijn weggevaagd door westerse bedrijven met funeste gevolgen voor de werkgelegenheid en de armoedebestrijding. Juist beschermde handel levert welvaart op. Zou het toevallig zijn dat de westerse economieën de grootste groei kenden juist in een periode (van 1945 tot ongeveer 1975) van gereguleerde wereldhandel?

Dan de stijgende levensverwachting, hygiene en schoon drinkwater spelen hier een belangrijke rol gevolgd door het terugdringen van kindersterfte. Is dit een gevolg van de wetenschappelijke ontwikkeling of van vrijhandel? Handel levert geen vaccins of medicijnen op, handel verdeelt ze slechts en soms ook nog eens slecht, omdat de uitvinder ervan de prijs zo hoog maakt dat ze voor de armen niet te betalen zijn.

Als laatste, de groeiende middenklasse. Ongereguleerde vrijhandel zorgt voor enkele zeer rijken en zeer veel armen. Iets wat we in Rusland zien en ook in toenemende mate in de Verenigde Staten waar juist de door Livestro bewierookte middenklasse, wordt uitgehold. Gereguleerde handel geeft de overheid een sterke positie. Een positie waardoor die overheid de welvaart eerlijker kan verdelen en waardoor juist die middenklasse kan ontstaan. Waardoor zij voor sociale rust kan zorgen.

Livestro moet met betere argumenten komen om zijn causale verband aan te tonen.

Kuifje naar de Maan

Voor het eerst mag een commercieel bedrijf naar de Maan vliegen. “De Amerikaanse luchtvaartautoriteiten maakten de goedkeuring woensdag bekend, na overleg met onder andere het Witte Huis en ruimtevaartorganisatie NASA. Aan boord van de maanlander zijn apparaten voor wetenschappelijke onderzoeken, maar ook de as van enkele gecremeerde mensen.” Zo valt in de Volkskrant te lezen. Het bedrijf Moon Express is de gelukkige: “We mogen nu als ontdekkingsreizigers naar het achtste werelddeel zeilen, op zoek naar nieuwe kennis en grondstoffen voor het welzijn van alle mensen.”

Kuifje naar de maan

Illustratie: www.stripspeciaalzaak.be

Dat klinkt allemaal mooi en uitdagend en sluit aan bij het positieve beeld dat ‘ontdekkingsreizigers’ in het geheugen van veel mensen hebben. Het zijn avonturiers die zoeken naar nieuwe zaken. Door het woord ‘zeilen’ te gebruiken, lijkt het bedrijf aan te haken bij die traditie. Maar toch.

Van wie is de Maan eigenlijk? Het bedrijf zegt te werken voor ‘het welzijn van alle mensen’. Ook dat klinkt mooi of is dat welzijn toch beperkt tot de aandeelhouders van het bedrijf? Die gedachte suggereert dat ook de aarde er voor het welzijn van de mens is. Hoe zit het met het welzijn van de andere bewoners van deze planeet? Hoe zit het met de rechten van het ‘mannetje op de maan’? Dat is er niet, maar wat als er op een volgende reisdoel wel leven is? Welk rechten heeft dat leven dan? Kan dat leven dan ook een claim op de aarde leggen? De ervaringen met de Aarde leren dat de mens andere levensvormen vooral als ‘hulpmiddel’ ziet en niet als wezens op zich.

Dit is allemaal nog ver van ons bed. Wat dichter bij dat bed. Zijn de Amerikaanse luchtvaartautoriteiten, het Witte Huis en de NASA bevoegd om hier goedkeuring aan te verlenen? Ja, ze zijn bevoegd voor wat betreft het Amerikaanse luchtruim, maar ook voor dat van de Maan? En als ze die bevoegdheid hebben, van wie hebben ze die dan gekregen en waar is die op gebaseerd? Stel het commerciële bedrijf vindt waardevolle grondstoffen, van wie zijn die dan?

Zou Kuifje zich die vragen ook hebben gesteld toen hij naar de Maan vloog?

Wetenschappelijke waarheden

Volgens socioloog Ruud Koopmans, in een interview in De Groene Amsterdammer, is discriminatie een gevolg van de radicalisering. Hij draait daarmee de veel gehoorde verklaring om, dat radicalisering een gevolg is van discriminatie. Koopmans baseert zich op zijn onderzoeken die laten zien dat bijna de helft van de moslims fundamentalistische ideeën zouden aanhangen en negatief denken over joden en homo’s. Bert Brussen vraagt bij ThePostOnline aandacht voor dit interview omdat het: “bomvol herkenbare observaties en verfrissende wetenschappelijke waarheden,” bevat. Waarheden?

Waarheid

Foto: www.geheugenvannederland.nl

Wetenschap is een manier om de werkelijkheid beter te begrijpen. Een manier die gebruik maakt van theorieën en hypotheses. Een wetenschapper stelt een theorie of een hypothese op, een vooronderstelling. Vervolgens gaat hij onderzoek doen, experimenten uitvoeren. Dat onderzoek en die experimenten bevestigen of ontkennen zijn hypothese of theorie. De theorie is een verklaring van de werkelijkheid en niet de werkelijkheid. In de wetenschap is er één zekerheid en dat is dat alles voorlopig is.

Koopmans is een socioloog en de sociologie is, net als alle sociale- en menswetenschappen, een toegepaste wetenschap. Een wetenschap die naast dat ze is gericht op het verwerven van kennis van de werkelijkheid, ook gericht is op het beïnvloeden van die werkelijkheid. Economen, ook sociale wetenschappers, ontwerpen modellen waarmee zij het effect van maatregelen willen voorspellen. Die voorspellingen beïnvloeden vervolgens keuzes die worden gemaakt. Via hun onderzoek en publicaties beïnvloeden ze zo de beleidskeuzes.

Bovendien geldt voor sociologen hetzelfde als wat Churchill over economen zei: “Zet twee economen samen en je krijgt twee tegengestelde meningen. Behalve als een van de twee Lord Keynes is, dan krijg je er drie.” En dat is niet erg want zit de vooruitgang niet juist in een (al dan niet wetenschappelijk) gesprek of discussie over de verschillen.

Of zou Koopmans, zoals Brussen, lijkt te betogen ‘goddelijke inzichten’ hebben? Of zijn het gewoon inzichten die goed in de ‘theorieën van Brussen passen?

“When they go low, we go high”

De afgelopen weken werd Europa getroffen door enkele verschrikkelijke gebeurtenissen. De vrachtwagen die in Nice dood en verderf zaaide. De man met de bijl en het mes in Wurzburg. De bomaanslag in Ansbach en de schietpartij in München, de vreselijke moord op een Franse priester. Dit houdt de gemoederen flink bezig, zorgt voor flink oplaaiende emoties en verleidt politici tot het doen van forse uitspraken. Zoals van de voormalige Franse president Nicolas Sarkozy na de moord op de priester: “Onze vijand heeft geen enkel taboe, geen limieten, geen moraal. We moeten meedogenloos zijn”

Michelle ObamaFoto: www.ktvu.com

Begrijpelijk dat mensen, overmand door emoties, roepen om harde actie, terugslaan en ‘geen genade’ voor mensen die zo’n vreselijke misdaden begaan. Begrijpelijk maar is het ook verstandig? Is het verstandig om de ‘vijand’ met gelijke munt terug te betalen? Is het verstandig om, zoals Sarkozy zegt, meedogenloos te zijn? Waarin verschil je dan van die ‘vijand’?

Wat zijn de vrijheden die verdedigd moeten worden waard? Wat zijn mensenrechten waard als we er mensen van uitsluiten ook al hebben ze iets gruwelijks gedaan? Wat is een rechtstaat waard als ze niet meer geldt voor hen die de regels ervan overtreden? Als alles geoorloofd is om hen te stoppen, want dat betekent meedogenloos?

Wat is ‘onze manier van leven’ waard als die manier opzij wordt gezet om die manier te beschermen. Of om de Amerikaanse commandant in de Vietnamoorlog aan te halen: ‘We moesten het dorp vernietigen om het te bevrijden.’

Gelukkig kan het ook anders. Gelukkig zijn er ook politieke leiders die juist die menselijkheid centraal stellen. Die juist ‘onze manier van leven’ inzetten als bescherming. Leiders zoals de Duitse bondskanselier Merkel. Leiders die niet meegaan in de vergeldingsretoriek. Leiders die invulling geven aan hetgeen Michelle Obama haar kinderen voorhoudt, als we haar toespraak op de democratische conventie tenminste mogen geloven: “When they go low, we go high.”

 

Eerwraak: de splinter en de balk?

Bij ThePostOnline een uitgebreid artikel van Floris van den Berg over het feminisme in het algemeen en Anja Meulenbelt in het bijzonder. Meulenbelt kan op zeer veel bijval rekenen. Alleen op één punt heeft ze, volgens Van den Berg, ‘een joekel van een blinde vlek’ als het om de islam gaat: “dat Meulenbelt vergeet te vermelden is dat het verschil tussen de mate van geweld en het dreigen met geweld. In gezinnen met een Nederlandse achtergrond komt ‘eerwraak’ niet voor. Het gaat om zaken waarbij de vrouw wordt vermoord bij een in de ogen van de familie verkeerde huwelijkskeuze. Vanuit feministisch perspectief is elke inmenging in de vrije partnerkeuze uit den boze, ongeacht welke cultuur het is.” Ik kan met Van den Berg meevoelen maar toch, komt ‘eerwraak’ in Nederland niet voor?

crime passionelIllustratie: twitter.com

In zijn boek Met alle geweld vraagt Hans Achterhuis zich dit ook af: “Als een Nederlander zijn vrouw die hem voor een ander verlaten heeft, in razernij vermoordt, heet het al gauw een ‘crime passionel’, als een Turk of Marokkaan hetzelfde doet, luidt het verdict steevast ‘eerwraak’?” Hoe vaak zien we niet het bericht dat een man in woede zijn vrouw vermoord en soms ook zijn kinderen en zichzelf?  De kop luidt dan: ‘familiedrama in Kaatsheuvel’ of ‘Crime passioneel in Schagen’. Zou het kunnen dat er ook hier eer in het spel is en er dus eigenlijk sprake is van eerwraak? Omdat, zoals Achterhuis schrijft: “ die publieke verschijning (van iemand) belachelijk wordt gemaakt, waar onze naam door het slijk wordt gehaald, onze waardigheid wordt aangetast …”? En dan is het niet van belang of de persoon werkelijk belachelijk is gemaakt of door het slijk gehaald. Het gaat om het gevoel van degene die al dan niet belachelijk is gemaakt. Die moet iets met dat gevoel en als dat gevoel er is dan: “is ook voor de moderne westerse mens de wraak niet ver weg,” aldus Achterhuis.

Komt eerwraak werkelijk niet voor in Nederland of benoemen we het anders’? Of met andere woorden, zien we de splinter in het oog van de ander en de balk in ons eigen oog niet?

 

Grensland

Bij de Correspondent doet Rob Wijnberg een interessante exercitie. Hij stelt de vraag wat er overblijft van Nederland als er geen buitenland zou zijn. De top veertig zou een groot deel van de liedjes verliezen. We hadden geen tulpen. Van het Nederlands elftal zouden maar vier spelers overblijven. En zo gaat hij nog even door. Nederland is, zoals hij terecht constateert, een: “resultaat van een immer voortdurende uitwisseling met de wereld om ons heen.”

BelgieIllustratie: stamboombernaards.nl

Dit riep bij mij de vraag op of er zonder buitenland wel een landsgrens zou zijn? Een grens is immers een duidelijke afbakening van ‘binnen’- en ‘buiten’land. Bestaat het binnenland daarmee niet juist bij de gratie van het buitenland? Ontstaan grenzen niet juist door botsingen? Botsingen waarbij vreedzaam of met geweld (oorlog) tot een overeenkomst wordt gekomen. Een overeenkomst met een tijdelijk karakter: immers tot het conflict weer oplaait.

Geboren in het Limburgse Velden en wonend in Venlo ben ik Nederlander. Als het iets anders was gelopen was ik Belg geweest. Als de eisen van de Belgen aan het einde van de Eerste Wereldoorlog waren ingewilligd, dan was Limburg naar België gegaan. En als in 1839 de werkelijke situatie was bestendigd, dan had Limburg (op Maastricht na) toen al bij België gehoord.

Met hetzelfde gemak, was ik Duitser geweest. De grens tussen het koninkrijk der Nederlanden en Pruisen (dat toen de baas was in het Duitse Rijnland) is bepaald met de kanonskogel. Met een kanon mocht je de boten op de Maas niet kunnen raken. Waren de kanonnen iets minder ontwikkeld, dan was ik wellicht in Duitsland geboren. Hadden ze iets verder geschoten, dan was Nederland groter geweest. Had Nederland na de Tweede Wereldoorlog zijn zin gekregen, dan was dat zeker het geval geweest. Dan lag Venlo nu redelijk centraal in het land. Nederland wilde immers het gebied tot aan de Rijn als herstelbetaling.

En wie weet wat de toekomst brengt. Het lijkt absurd, maar waarom zou een Lexit (Limburg dat zich van Nederland afscheidt) niet ooit werkelijkheid kunnen worden? En wellicht gevolgd door een Vexit, Venlo dat zich van Limburg afscheidt? Want is ook een land zelf niet, om Wijnberg weer aan te halen, het: “resultaat van een immer voortdurende uitwisseling met de wereld om ons heen”?

Wij …, zij en de ‘Hollandse droom’?

Als je voor een dubbeltje geboren bent, kun je nog steeds een kwartje worden, dat is de ‘Hollandse droom’ en die bestaat aldus de PvdA en de VVD. Zo valt in de Telegraaf te lezen. Voor iedereen onder de twintig jaar: een dubbeltje was een munt van tien cent en een kwartje een van vijfentwintig cent toen we in Nederland nog betaalden met de gulden. De twee partijen maken zich zorgen over de toegenomen spanningen en polarisatie in de Nederlandse samenleving. Om te voorkomen dat het ontspoort vinden de beide partijen dat er een sterk ‘wij’ gecreëerd moet worden.

stamFoto: www.goal.com

Volgens de partijen creëer je het ‘wij’: “door tegenstellingen weg te halen en scherp te definiëren wat je verwacht van mensen in dit land.”  Wat, behalve dat ze zich aan de wet houden, zijn dan de zaken die we van ‘mensen in dit land’ mogen verwachten? Is dat het aantal ‘koekjes bij de koffie’? Of dat ‘buren elkaar helpen’ zoals in de taalcursussen voor anderstaligen  wordt gesuggereerd? Dat we allemaal een oranje shirt aandoen als het Nederlands elftal voetbalt? Een strafschop missen op een belangrijk moment? Wat zijn die verwachtingen die ‘wij’ van elkaar hebben? Zonder dit in te vullen blijft het een loze ‘wij’? Dus PvdA en VVD: invullen die verwachtingen!

Of is dat een probleem, omdat jullie andere verwachtingen hebben? En wellicht zijn er anderen die weer andere verwachtingen van die ‘wij’ hebben. Zo zullen er mensen zijn die ‘verwachten’ dat die ‘wij’ vrij is van moslims en mij lijkt dat jullie partijen dat toch anders zien.

Als het jullie toch lukt die verwachtingen in te vullen en dus aan te geven waaraan ‘wij’ te herkennen zijn, creëren jullie dan niet meteen een probleem? Want maak je door ‘wij’ te definiëren, niet meteen ook duidelijk waaruit het ‘niet wij’ in goed Nederlands het ‘zij’ bestaat? Staat dan die ‘wij’ niet meteen tegenover die ‘zij’? En zou dat voor spanningen zorgen? Zou dat bijdragen aan polarisatie? Zou dan jullie ‘Hollandse droom’ ook een ‘nachtmerrie’ kunnen worden?

Is die ‘wij’ niet al gedefinieerd? Heeft de wet niet al bepaald wie die ‘wij’ zijn? Namelijk iedereen met een Nederlands paspoort?

Een noordelijke unie?

Rutger van den Noort kijkt op opiniesite Jalta al voorbij het uiteenvallen van de Europese Unie. In een artikel beantwoordt hij de vraag welke landen belangrijk zijn voor de Nederlandse handel en economie. Op basis van lijstjes met landen waarmee we veel handelen komt hij tot de conclusie dat dit vooral onze buurlanden Duitsland, België, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk zijn. Van der Noort stelt voor om met deze landen aangevuld met Oostenrijk, Luxemburg en Ierland een nieuwe unie te vormen die hij de NETU8 noemt.

neuroIllustratie: www.geenstijl.nl

De eerste stap op weg naar deze Noordelijke unie is dat de genoemde landen in de herfst van 2016 dit plan ontwikkelen. Als tastbaar bewijs en als ondersteuning van de Britse bevolking kunnen de landen van de NETU8 dan als groep hun artikel 50-brief inleveren in Brussel om zo een gezamenlijk uittredingsstrategie te ontwikkelen in de twee jaren erna.” De Britten zullen deze richting van harte ondersteunen aldus Van den Noort. Via zijn cijfermatige redenering komt hij uit bij het wensdenken van velen: afstoten van Zuid- en Oost Europa, een neuro invoeren en vooruit met de geit.

Van den Noort cijfert vanuit Nederland. Hoe zou die cijferij voor Duitsland, Frankrijk of het VK eruit zien? Wat als daar andere landen in de ‘handel-topvijf’ staan?  Stel dat het Franse lijstje Italië op twee en Spanje op vijf heeft staan en het VK er niet in voorkomt? Waarom zouden de Fransen of de Duitsers meedoen aan een unie die niet aansluit bij hun handels- en economische belangen? Of wellicht zullen zij zeggen, wij doen mee als land x en y ook mee mogen doen.

Van de andere kant, als hoog staan op de ‘handelslijst’ zo belangrijk is, waarom dan een tot Europese landen beperkte unie? Waarom dan ook niet de Verenigde Staten in de unie, nummer vijf op de Nederlandse ‘handelslijst”?

Iets anders, waarom zou samenwerken met de Britten in deze nieuwe unie wel soepel lopen? De belangrijkste en machtigste landen van de huidige Europese Unie, Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk, zouden ook deel uit maken van die nieuwe noordelijke unie. In de Europese Unie is die samenwerking al niet geweldig. In de aanloop naar het Brexit-referendum werd het beeld geschetst van Engelsen tegenover Fransen en Duitsers. Zou dat in Van den Noorts noordelijke unie anders worden? Zouden de Engelsen dan minder liberaal zijn, de Duitsers minder ‘Rijnlands’ en de Fransen minder ‘socialistisch’?

De Turkije-deal

Begin deze maand klopte de Nederlandse regering en vooral premier Rutte zich op de borst met de ‘vluchtelingenafspraken’ met Turkije. De instroom van vluchtelingen werd erdoor beperkt, de vluchtelingen worden in het ‘veilige’ Turkije opgevangen. Die afspraken leken het hoogtepunt te vormen van het halfjaar Nederlands voorzitterschap van de EU.  Of dit goede afspraken zijn en het dus een succes is, daarover valt te twisten. Dat ga ik niet doen. Centraal in deze ‘prikker’ de vraag naar de houdbaarheid van deze afspraak.

vluchtelingFoto: europainnoordholland.nl

Hoe veilig is het huidige Turkije voor hen? We zijn inmiddels twee Turkse coups verder. De eerste, de mislukte staatsgreep van vrijdag 15 juli. De tweede, de reactie van president Erdogan en zijn gevolg hierop. Een reactie waarbij veel mensen werden gearresteerd en/of hun baan verloren en moeten vrezen voor hun toekomst in Turkije. Het betreft al tienduizenden Turken. Wat moet je doen als de regering van een land je het leven aldaar onmogelijk maakt? Het land ontvluchten en als dat legaal niet kan (door reisverbod) dan kan het altijd nog illegaal.

Die tienduizenden behoren tot grote minderheden in Turkije: Alavieten, Gülen-aanhangers, Kemalisten, Koerden. Wat betekent dit voor hun positie en hun leven in Turkije? Wat als deze groepen massaal het land ontvluchten en naar de Europese Unie komen? Dat zou een massale vluchtelingenstroom betekenen. Dat dit geen illusie is blijkt uit een gesprek in de Volkskrant met een viertal Turken dat zich bedreigt voelt door Erdogans reactie en dat eraan denkt het land te ontvluchten.

Mensen die het leven in hun land onmogelijk wordt gemaakt en die moeten vrezen voor vervolging, zijn dat niet gewoon politieke vluchtelingen? Zijn we het niet verplicht om politieke vluchtelingen een veilige haven te bieden? Het Vluchtelingenverdrag van 1951 definieert een vluchteling immers als een persoon die: “uit gegronde vrees voor vervolging wegens zijn ras, godsdienst, nationaliteit, het behoren tot een bepaalde sociale groep of zijn politieke overtuiging, zich bevindt buiten het land waarvan hij de nationaliteit bezit, en die de bescherming van dat land niet kan of, uit hoofde van bovenbedoelde vrees, niet wil inroepen,”

Kan dan nog steeds met droge ogen worden beweerd dat Turkije een veilige haven is voor bijvoorbeeld Syrische vluchtelingen?

Fundamentele discussie over de zorg

Marktwerking. Het magische woord van de afgelopen dertig jaar. De markt zorgt er op een efficiënte manier voor dat vraag en aanbod elkaar vinden en dat voor producten de juiste, marktconforme prijs wordt betaald. Bij vele zaken die we vroeger gezamenlijk regelden zoals telefonie, de post, elektriciteit en ook in de zorg is de ‘markt’ ingevoerd. Maar in hoeverre is er sprake van marktwerking als partijen geen winst mogen maken? Winst is immers de beloning die als dividend aan de aandeelhouders wordt uitbetaald.

blauwdrukIllustratie: bk2.nl

Geen winst? Ja, want wat viel te lezen in Dagblad de Limburger? “Zorgverzekeraars mogen in de toekomst geen winst uitkeren aan aandeelhouders of bestuurders. Een initiatiefwet van SP, PvdA en CDA schrijft voor dat verzekeraars hun winst alleen mogen gebruiken voor betere zorg of lagere premies.” Is er nog wel sprake van een markt als er geen winst mag worden gemaakt? Waarom zou ik dan aandelen van een verzekeraar kopen?

Het verbod is volgens de partijen nodig: “Ze (de Zorgverzekeraars) hebben een maatschappelijke taak. Ze moeten ervoor zorgen dat de zorg betaalbaar blijft en toegankelijk voor iedereen. Dus als ze geld overhouden, moet dat ook weer worden geïnvesteerd in de zorg.”  Als zorgverzekeren een maatschappelijke taak is, is een ziekenhuis dat dan niet ook? En hoe zit het met de huisarts of de specialisten in een ziekenhuis? Of een verzorgingshuis? De apotheker en in zijn verlengde de medicijnenfabrikant? Als we de redenering van de partijen doorvoeren, dan zou ook een ziekenhuis, arts of apotheker geen winst meer mogen maken. Waarom dan niet de ultieme conclusie: geen winst, geen markt?

Geen markt maar een overheidstaak. Dus een grotere overheid met meer ‘ambtenaren’. De drie partijen halen één stukje uit het radarwerk van de zorg in plaatst van die fundamentele discussie te voeren. Eén stukje en over een tijdje weer een en over een aantal jaren is alles anders, zonder dat er een fundamentele discussie over is gevoerd. Al die stukjes zorgen vervolgens voor een rammelend bouwwerk omdat er van te voren niet is nagedacht over een blauwdruk of bouwtekening voor het hele gebouw.

Dit op zichzelf sympathieke wetsvoorstel toch maar gebruiken om een fundamentele discussie te voeren?