Curvy en hörny

Al vaker schreef ik over de kracht van taal. Taal die mensen kan in- of buitensluiten. Woorden waarmee de gebruikers (of de uitvinders) ervan een positieve draai willen geven aan iets wat eigenlijk als minder niet zo positief wordt gezien. Zo schreef ik over het woord ‘participatiesamenleving’ en integratie en inburgering het gebruik van de woorden autochtoon en allochtoon. Vandaag een luchtigere variant van verhullend taalgebruik.

CurvyFoto: www.vrouwblog.nl

Alhoewel luchtiger? Is het juist minder luchtig zijn niet het probleem van wat de, in de financiële problemen verkerende modeketen, MS Mode ‘curvy vrouwen’ noemt? Toch vreemd dat die keten in de problemen zit, terwijl de eigenaar een half jaar geleden de failliete boedel van V&D over wilde nemen, maar daar gaat het nu niet om.

Nu kenmerkt het menselijk lichaam in het algemeen en het vrouwelijke iets meer dan het mannelijke, zich door rondingen en welvingen. De ene vrouw heeft wat grotere dan de andere, ze is wat gevulder, maar ze hebben ze allemaal. ‘Curvy’, het klinkt exotiser en vriendelijker dan ‘gezet’, ’fors’, of het eerder gebruikte bijvoeglijk naamwoord ‘voller’. Bovendien is het korter dan ‘vrouwen met een grote kledingmaat’. Over het gebruik van het woord ‘dik’ zullen we maar zwijgen.

‘Curvy,’ een creatieve vervorming van het Engelse woord ‘curve’ dat: “1. gebogen lijn, kromme, curve, boog 2. bocht (in weg) 3. ronding, welving (van vrouw),” betekent. In dit geval de derde betekenis, dus een vrouw met rondingen en welvingen.

Als ‘curvy vrouw’ staat voor de wat forsere, wat gezettere, vollere vrouw, hoe moeten we dan de slankere vrouw noemen? Niet gewelfd maar hoekig, of in goed Nederengels ‘Angly vrouw’? Of wellicht moeten we naar het Zweeds kijken, een hoek is een hörn en dat maakt het de ‘hörny vrouw’. Of gaat dat de marketingmensen te ver?

Vrouwen slimmer door de stad

Het nieuwe studiejaar staat op het punt van beginnen. Dat is voor Maaike Homan van Trouw een goede aanleiding voor een artikel. Zeker als onderzoekers concluderen dat het voor vrouwelijke studenten slim is om voor hun studie naar de grote stad te trekken. “Wat blijkt: de trek van vrouwen naar de stad heeft tal van voordelen. Zo heeft de helft van de 40-45-jarigen die buiten de grote steden is geboren en als midden- of eindtwintiger in de Randstad woonde een hbo-opleiding of universitaire opleiding, tegenover 10 procent van de vrouwen die op die leeftijd niet in de grote stad woonde. En ze verdienen meer als ze in de Randstad blijven. Het gaat om 640 euro maandelijks.”

StudentesFoto: www.volkskrant.nl

De onderzoekers in kwestie zijn Jan Latten en Marjolein Das van de Universiteit van Amsterdam en het Centraal Bureau voor Statistiek. Zij hebben de levensloop van 300.000 vrouwen die in de jaren zeventig werden geboren in kleinere steden en dorpen bekeken.

Is het resultaat wel zo opmerkelijk? Universiteiten en hbo-instellingen zijn veelal gevestigd in een grote stad. Hebben de vrouwen (net als de mannen) wel een keus? Ja, ze kunnen op en neer reizen vanuit hun ‘kleine dorp’. Velen zullen toch kiezen voor een kamer en naar de stad trekken omdat de reistijd te belastend is. Mbo-instellingen worden veel verspreider over het land aangeboden, dus ook in kleine steden of grote dorpen. Daarvoor hoef je niet zo ver te reizen en is op kamers gaan wonen vaak niet de meest praktische oplossing. Zij blijven dan ook veel vaker in hun ‘kleine dorp’ wonen.

Als we dit in ogenschouw nemen, is de uitkomst van de onderzoekers dan zo vreemd? Grote steden met een universiteit kennen immers onevenredig een grote groep mensen in de ‘studentleeftijd’. ‘Studenten’ die na hun dertigste met hun gezin betaalbaar willen wonen en dan de stad weer verlaten. Is het vreemd dat de helft van de vrouwen die buiten de grote steden is geboren en gedurende hun twintigerjaren in een grote stad woonden, een hbo- of universitaire opleiding heeft gevolgd? Je gaat immers zoeken bij een groep die voor een groot deel een hbo- of een universitaire opleiding heeft gevolgd, want die trekken voor een studie naar de stad. Terwijl je bij de groep die in die leeftijd niet in de grote stad woonde, vooral gaat zoeken bij mbo-ers. Dat zouden statistici toch moeten weten.

Het is niet de grote stad die dat verschil verklaart, het is de universiteit of hbo-instelling in die stad.

De utopie van de vrijhandel

Op de opinie-site Jalta houdt Joshua Livestro in zijn artikel Leve de globalisering een pleidooi voor de zegeningen van vrijhandel en globalisering. In een met grafieken gelardeerd betoog concludeert hij, dat internationale vrijhandel de hoeksteen moet blijven vormen van het denken over economie en intenationale aangelegenheden. Zijn betoog steunt op drie, zoals hij het noemt, kernfeiten: “1. het aantal allerarmsten is in dertig jaar tijd met meer dan een miljard mensen afgenomen; 2. de levensverwachting voor mensen geboren in landen die we vijftig jaar geleden nog ‘ontwikkelingslanden’ noemden is nadrukkelijk gestegen; en 3. in voormalige ontwikkelingslanden als China en India is een middenklasse ontstaan van vele honderden miljoenen mensen.” Die feiten staan niet ter discussie, wel het causale verband dat Livestro legt met de vrijhandel.

causaalIllustratie: eurolactatie.net

Als eerste vrijhandel en absolute armoede. Livestro noemt China en India als voorbeelden van landen waar de absolute armoede snel daalde. Inderdaad hebben China en India hun economieën geopend voor de wereld. Geopend maar niet voor vrijhandel. In beide landen zijn vele beperkende maatregelen van kracht. Maatregelen die de economie moeten beschermen. Maatregelen die de Chinese en Indiaase bedrijven beschermen. Zonder die maatregelen zouden de bedrijven in beide landen zijn weggevaagd door westerse bedrijven met funeste gevolgen voor de werkgelegenheid en de armoedebestrijding. Juist beschermde handel levert welvaart op. Zou het toevallig zijn dat de westerse economieën de grootste groei kenden juist in een periode (van 1945 tot ongeveer 1975) van gereguleerde wereldhandel?

Dan de stijgende levensverwachting, hygiene en schoon drinkwater spelen hier een belangrijke rol gevolgd door het terugdringen van kindersterfte. Is dit een gevolg van de wetenschappelijke ontwikkeling of van vrijhandel? Handel levert geen vaccins of medicijnen op, handel verdeelt ze slechts en soms ook nog eens slecht, omdat de uitvinder ervan de prijs zo hoog maakt dat ze voor de armen niet te betalen zijn.

Als laatste, de groeiende middenklasse. Ongereguleerde vrijhandel zorgt voor enkele zeer rijken en zeer veel armen. Iets wat we in Rusland zien en ook in toenemende mate in de Verenigde Staten waar juist de door Livestro bewierookte middenklasse, wordt uitgehold. Gereguleerde handel geeft de overheid een sterke positie. Een positie waardoor die overheid de welvaart eerlijker kan verdelen en waardoor juist die middenklasse kan ontstaan. Waardoor zij voor sociale rust kan zorgen.

Livestro moet met betere argumenten komen om zijn causale verband aan te tonen.

Kuifje naar de Maan

Voor het eerst mag een commercieel bedrijf naar de Maan vliegen. “De Amerikaanse luchtvaartautoriteiten maakten de goedkeuring woensdag bekend, na overleg met onder andere het Witte Huis en ruimtevaartorganisatie NASA. Aan boord van de maanlander zijn apparaten voor wetenschappelijke onderzoeken, maar ook de as van enkele gecremeerde mensen.” Zo valt in de Volkskrant te lezen. Het bedrijf Moon Express is de gelukkige: “We mogen nu als ontdekkingsreizigers naar het achtste werelddeel zeilen, op zoek naar nieuwe kennis en grondstoffen voor het welzijn van alle mensen.”

Kuifje naar de maan

Illustratie: www.stripspeciaalzaak.be

Dat klinkt allemaal mooi en uitdagend en sluit aan bij het positieve beeld dat ‘ontdekkingsreizigers’ in het geheugen van veel mensen hebben. Het zijn avonturiers die zoeken naar nieuwe zaken. Door het woord ‘zeilen’ te gebruiken, lijkt het bedrijf aan te haken bij die traditie. Maar toch.

Van wie is de Maan eigenlijk? Het bedrijf zegt te werken voor ‘het welzijn van alle mensen’. Ook dat klinkt mooi of is dat welzijn toch beperkt tot de aandeelhouders van het bedrijf? Die gedachte suggereert dat ook de aarde er voor het welzijn van de mens is. Hoe zit het met het welzijn van de andere bewoners van deze planeet? Hoe zit het met de rechten van het ‘mannetje op de maan’? Dat is er niet, maar wat als er op een volgende reisdoel wel leven is? Welk rechten heeft dat leven dan? Kan dat leven dan ook een claim op de aarde leggen? De ervaringen met de Aarde leren dat de mens andere levensvormen vooral als ‘hulpmiddel’ ziet en niet als wezens op zich.

Dit is allemaal nog ver van ons bed. Wat dichter bij dat bed. Zijn de Amerikaanse luchtvaartautoriteiten, het Witte Huis en de NASA bevoegd om hier goedkeuring aan te verlenen? Ja, ze zijn bevoegd voor wat betreft het Amerikaanse luchtruim, maar ook voor dat van de Maan? En als ze die bevoegdheid hebben, van wie hebben ze die dan gekregen en waar is die op gebaseerd? Stel het commerciële bedrijf vindt waardevolle grondstoffen, van wie zijn die dan?

Zou Kuifje zich die vragen ook hebben gesteld toen hij naar de Maan vloog?

Pokémon Go

De rage van deze zomer. Nee, niet Turkije en Erdogan bashen, maar Pokémon Go. Met je ‘slimme-telefoon’ (wat is er trouwens slim aan dat ding?) de wereld rondstruinen op zoek naar, ja naar wat eigenlijk? Naar Pokémons, figuurtjes die het spelletje in het beeld van de omgeving plakt en die je moet vangen. Een grote rage, jong en oud rent door de stad als een kudde gnoes van de ene ‘Pokémon’ plek naar de andere. Het spel integreert het virtuele (de Pokémon) in het reële (de fysieke wereld). Het past de werkelijkheid aan.

psv-mFoto: indianexpress.com

Bij De Correspondent speelt Vera Mulder ook  Pokémon Go en schreef er een heel stuk over. Haar conclusie: “niks gezelliger dan de hele dag (en nacht) naar je telefoon staren.” Het spelletje is sociaal, je komt mensen tegen die ergens om dezelfde reden zijn en je maakt een praatje. Mulder: “nooit eerder ontmoette ik zoveel nieuwe mensen in eigen stad. De reden om elkaar op te zoeken is er al, de rest gebeurt vanzelf.” Het spelletje zorgt ervoor dat je beweegt. Vooral gamende jeugd komt er massaal voor uit de luie game-stoel. Voor sommige autisten zou het uitkomst bieden. Ja, er fiets wel eens iemand tegen een lantaarnpaal of er loopt wel eens iemand tegen een muur omdat ze te druk zijn met het scherm. En er is al sprake van Pokémonterreur. Bovendien is het een ‘verslavend’ spelletje.

De App is gratis, maar er kunnen ‘features’ worden gekocht. Ook bedrijven spelen er al op in en proberen zo mensen naar hun winkel te lokken en er zo een graantje van mee te pikken.

Lijkt dit niet op het omgekeerde muntjes gooien waarover dit jaar ophef ontstond? Voetbalsupporters die muntjes gooiden en zwervers die achter muntjes aanjoegen? Hierover werd schande gesproken. Omgekeerd omdat de zwervers, na deze vernederende vertoning, tenminste nog de muntjes kregen. Bij Pokémon Go rollen de muntjes de andere kant op.

Vrouwelijk orgasme en evolutie

Iedere dag een stukje schrijven. Dat heb ik me voorgenomen en dat lukt tot nog toe heel aardig. Iedere dag gebeurt er wel iets of schrijft er iemand iets waar ik vragen bij kan stellen. Soms ‘regent’ het zelfs onderwerpen en moet ik een keuze maken. Dat zijn de mooie dagen voor een columnist, dan heb je het voor het uitkiezen. Of je schrijft er meer tegelijk en dat komt wel eens goed uit, want er zijn dagen dat andere zaken om tijd vragen. Soms ook zit een onderwerp al in het hoofd en is het wachten op een aanleiding om erover te beginnen.

orgasmeFoto: www.welingelichtekringen.nl

Vandaag is een dag van een ander soort, een gebrek aan onderwerpen of goede aanleidingen om iets ter discussie te stellen. Waar schrijf je dan over? Dan ontbreekt een doel. Over doel gesproken. Een groep wetenschappers heeft gezocht naar het doel van het vrouwelijke orgasme, zo lees ik in de Volkskrant. Want, zoals biologieprofessor Elisabeth Lloyd in het artikel zegt: “Het lijkt allemaal vrij doelloos – behalve voor het plezier, natuurlijk. Dat betekent niet dat het niet belangrijk is, maar gewoon dat het geen evolutionair doel heeft.”

Lloyd reageert op een onderzoek dat is gedaan naar de oorsprong van dat ‘evolutionair nutteloze’ orgasme van vrouwen. Het voorlopige antwoord: “het vrouwelijk orgasme bij mensen komt voort uit het mechanisme waarbij de eitjes pas vrijkomen tijdens de seks. Dat mechanisme werd overbodig toen de spontane ovulatie intrad.” Voorlopig omdat: “het onderzoek houdt geen rekening met de neurologische en musculaire aspecten van het orgasme,” bovendien is er: “weinig bekend over vrouwelijke orgasmes bij andere soorten.” Het had vroeger dus wellicht wel evolutionair nut, nu niet meer en: “Dat zou ook verklaren waarom veel vrouwen geen orgasme krijgen tijdens de seks: het is niet nodig.”

Het had dus vroeger waarschijnlijk nut, maar dat nut ontbreekt nu. Of zouden de onderzoekers verkeerd om zoeken? Verkeerd om omdat ze het nut in het verleden zoeken. Wellicht zit er een groot plan achter de evolutie en ligt het nut van het vrouwelijke orgasme in de toekomst?

Gelukkig is er meer dan biologie en evolutie. Voor de vrouw en de kwaliteit van de sex is het toch wel een belangrijk iets. En misschien is dat wel het doel en nut van het vrouwelijk orgasme.

Wetenschappelijke waarheden

Volgens socioloog Ruud Koopmans, in een interview in De Groene Amsterdammer, is discriminatie een gevolg van de radicalisering. Hij draait daarmee de veel gehoorde verklaring om, dat radicalisering een gevolg is van discriminatie. Koopmans baseert zich op zijn onderzoeken die laten zien dat bijna de helft van de moslims fundamentalistische ideeën zouden aanhangen en negatief denken over joden en homo’s. Bert Brussen vraagt bij ThePostOnline aandacht voor dit interview omdat het: “bomvol herkenbare observaties en verfrissende wetenschappelijke waarheden,” bevat. Waarheden?

Waarheid

Foto: www.geheugenvannederland.nl

Wetenschap is een manier om de werkelijkheid beter te begrijpen. Een manier die gebruik maakt van theorieën en hypotheses. Een wetenschapper stelt een theorie of een hypothese op, een vooronderstelling. Vervolgens gaat hij onderzoek doen, experimenten uitvoeren. Dat onderzoek en die experimenten bevestigen of ontkennen zijn hypothese of theorie. De theorie is een verklaring van de werkelijkheid en niet de werkelijkheid. In de wetenschap is er één zekerheid en dat is dat alles voorlopig is.

Koopmans is een socioloog en de sociologie is, net als alle sociale- en menswetenschappen, een toegepaste wetenschap. Een wetenschap die naast dat ze is gericht op het verwerven van kennis van de werkelijkheid, ook gericht is op het beïnvloeden van die werkelijkheid. Economen, ook sociale wetenschappers, ontwerpen modellen waarmee zij het effect van maatregelen willen voorspellen. Die voorspellingen beïnvloeden vervolgens keuzes die worden gemaakt. Via hun onderzoek en publicaties beïnvloeden ze zo de beleidskeuzes.

Bovendien geldt voor sociologen hetzelfde als wat Churchill over economen zei: “Zet twee economen samen en je krijgt twee tegengestelde meningen. Behalve als een van de twee Lord Keynes is, dan krijg je er drie.” En dat is niet erg want zit de vooruitgang niet juist in een (al dan niet wetenschappelijk) gesprek of discussie over de verschillen.

Of zou Koopmans, zoals Brussen, lijkt te betogen ‘goddelijke inzichten’ hebben? Of zijn het gewoon inzichten die goed in de ‘theorieën van Brussen passen?

Kinderarbeid

In India is een controversiële wet aangenomen die het mogelijk maakt dat kinderen voor hun ouders werken buiten schooltijd en tijdens vakanties. De wet is bedoeld om kinderarbeid verder terug te dringen en bevat enkele uitzonderingen omdat veel families afhankelijk zijn van het werk van hun kinderen. Omdat kinderen hierdoor gedwongen kunnen worden te werken zonder dat er zicht op is, staan mensenrechtenorganisaties en de VN kritisch tegenover de nieuwe wet, zo is in Trouw te lezen. Een tweede punt van kritiek betreft de mogelijkheid die de wet biedt aan kinderen van vijftien tot achttien jaar om in meerdere bedrijfstakken te mogen werken. De mijnbouw en gevaarlijke industrieën  zijn nog wel verboden.

kinderarbeid

Foto: www.jumbowerkt.nl

Dat er in India kinderen zijn vanaf 5 jaar die werken, is natuurlijk niet goed en iedere wet die dit verder beperkt, is een stap vooruit. Daarbij moeten we ons realiseren dat de kinderarbeid in Nederland en het gehele westen, ook geleidelijk is afgeschaft.

Alhoewel afgeschaft. Bij de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning gaan gemeenten ervan uit dat jeugdigen huishoudelijk werk verrichten als de ouders het niet kunnen. En hoeveel kinderen tussen de dertien en achttien jaar hebben een bijbaantje. Vakkenvuller of achter de kassa in de supermarkt, tomaten plukken, kranten bezorgen, poetsen in bejaardenhuizen, afwassen in een restaurant, in de winkel om schoenen of kleding te verkopen, allemaal om een centje bij te verdienen. En als goede ouders zeggen we dan: goed zo, zo leren ze dat niets voor niets is en leren ze de waarde van geld waarderen. En er zijn al bedrijven waar je dat baantje kwijtraakt als je negentien of twintig bent, want dan ben je te oud. Of beter gezegd, te duur want iemand van vijftien kan het ook en die krijgt veel minder betaald.

Zou dat voor die Indiaase leeftijdgenoten niet ook gelden? Sterker, zouden die jeugdigen niet moeten werken om te kunnen eten? Zouden die mensenrechtenorganisaties en de VN Nederland hiervoor ook op de vingers tikken en in een mooi rapport aan de schandpaal nagelen?

Wie een kuil graaft …

Ivar Scheers betoogt bij The PostOnline dat er een verschil is tussen ideeën en mensen. Ideeën hebben zoals hij terecht zegt geen rechten, mensen wel. Ook terecht constateert hij dat je ideeën niet kunt discrimineren zonder het vrije debat te smoren. Scheers betoogt dat het woord islamofobie een non-woord is, dat beoogt kritiek op de islamitische leer gelijk te stellen aan discriminatie. Als dat de bedoeling van dat woord is, dan zou dat inderdaad schadelijk zijn.

kuil

Foto: janssenspatrick.skynetblogs.be

Maar hoe vast is Scheers zelf in deze redenering? Scheer: “In een functionerende democratie hebben ideeën geen rechten. Mensen hebben rechten. Daarmee wordt dan ook direct het essentiële verschil tussen islamofobie en antisemitisme duidelijk: het eerste gaat om een set van ideeën (islam), het tweede om een ras (Joden).” 

Wat betekent het dan als er wordt gezegd dat Europa en ook Nederlands een joods, christelijke traditie hebben? Als het jodendom een ras is, betekent dat dan niet dat er twee verschillende grootheden met elkaar worden vergeleken? Is de Europeaan dan van het joodse ras en hangt die het christenlijk geloof aan?

Ik dacht dat het jodendom een religie was, heb ik me dan altijd vergist? Of zou Scheers zich  misschien vergissen. Scheers zou niet de eerste zijn die het jodendom als een ras betiteld en met de belangrijkste vertolkers van deze gedachte wil ik hem toch niet vergelijken. Als hij zich vergist, en het jodendom is een religie en dus een set van ideeën waarop je kritiek kunt leveren. Net als het christendom, het boeddhisme of de islam. Wat is dan het verschil tussen islamofobie en antisemitisme? Is er dan nog wel verschil of zijn beiden dan gewoon een vorm van kritiek op een set van ideeën? Kritiek die iets zegt over de ideeën en niet over de mensen die ze aanhangen. Want ideeën, zo betoogt Scheers terecht, hebben geen rechten.

Valt Scheers dan niet in de kuil die hij voor een ander graaft?

“When they go low, we go high”

De afgelopen weken werd Europa getroffen door enkele verschrikkelijke gebeurtenissen. De vrachtwagen die in Nice dood en verderf zaaide. De man met de bijl en het mes in Wurzburg. De bomaanslag in Ansbach en de schietpartij in München, de vreselijke moord op een Franse priester. Dit houdt de gemoederen flink bezig, zorgt voor flink oplaaiende emoties en verleidt politici tot het doen van forse uitspraken. Zoals van de voormalige Franse president Nicolas Sarkozy na de moord op de priester: “Onze vijand heeft geen enkel taboe, geen limieten, geen moraal. We moeten meedogenloos zijn”

Michelle ObamaFoto: www.ktvu.com

Begrijpelijk dat mensen, overmand door emoties, roepen om harde actie, terugslaan en ‘geen genade’ voor mensen die zo’n vreselijke misdaden begaan. Begrijpelijk maar is het ook verstandig? Is het verstandig om de ‘vijand’ met gelijke munt terug te betalen? Is het verstandig om, zoals Sarkozy zegt, meedogenloos te zijn? Waarin verschil je dan van die ‘vijand’?

Wat zijn de vrijheden die verdedigd moeten worden waard? Wat zijn mensenrechten waard als we er mensen van uitsluiten ook al hebben ze iets gruwelijks gedaan? Wat is een rechtstaat waard als ze niet meer geldt voor hen die de regels ervan overtreden? Als alles geoorloofd is om hen te stoppen, want dat betekent meedogenloos?

Wat is ‘onze manier van leven’ waard als die manier opzij wordt gezet om die manier te beschermen. Of om de Amerikaanse commandant in de Vietnamoorlog aan te halen: ‘We moesten het dorp vernietigen om het te bevrijden.’

Gelukkig kan het ook anders. Gelukkig zijn er ook politieke leiders die juist die menselijkheid centraal stellen. Die juist ‘onze manier van leven’ inzetten als bescherming. Leiders zoals de Duitse bondskanselier Merkel. Leiders die niet meegaan in de vergeldingsretoriek. Leiders die invulling geven aan hetgeen Michelle Obama haar kinderen voorhoudt, als we haar toespraak op de democratische conventie tenminste mogen geloven: “When they go low, we go high.”