Back to the Future

“Begrijp me goed: ik ben hier niet tegen. Maar het werkt zo niet, ben ik bang. Lonen laten zich niet zo gemakkelijk omhoog praten, ook niet als vakbonden zich hard zouden maken voor een loongolf.” Zo betoogt Frank Kalshoven in zijn wekelijkse column in de Volkskrant. Dat ‘het’ waar hij over schrijft is een flinke loonsverhoging die ervoor zou moeten zorgen dat de binnenlandse bestedingen stijgen en dat tevens het grote handelsoverschot kleiner wordt. Volgens Kalshoven gaat het niet werken omdat de arbeidsmarkt ruim is en: “Op een ruime arbeidsmarkt pleiten voor een loongolf – omdat het macro-economisch lekker zou uitkomen – is wel begrijpelijk. Maar het gaat niet gebeuren.”

Back to the Future DeLorean Time Machine

Illustratie: en.wikipedia.org

Volgens de nu gebruikelijke economische theorieën heeft Kalshoven gelijk. Een te groot aanbod zorgt voor lage prijzen. Maar wat als er een permanent overaanbod is op de arbeidsmarkt? Wat als de de automatisering en robotisering tot minder werk leidt? Welke oplossingen bieden die modellen dan? Bieden ze wel oplossingen of moet er vanuit een ander paradigma naar oplossingen worden gezocht?

Dat laatste doet Paul Mason, economieredacteur bij Channel 4 News in zijn laatste boek Postkapitalisme. Een gids voor de toekomst. Hij betoogt dat het kapitalistische systeem op zijn einde loopt omdat steeds meer producten uit ‘informatie’ bestaan. Mason zoekt oplossingen voorbij de huidige kapitalistische economische modellen. Geen kapitalisme? Dat klinkt vreemd, we zijn immers niet anders gewend en de enige concurrent, het communisme, heeft bijna dertig jaar geleden het loodje gelegd. Zoals Mason terecht betoogt, is het kapitalisme pas iets van de laatste 250 jaar. De mensheid heeft eeuwen zonder gekund. In het boek beschrijft Mason het ontstaan van het kapitalisme en, in navolging van de Russische econoom Kondratieff, de verschillende ongeveer vijftig jaar durende cycli. Cycli met eerst een periode van voorspoed en ontwikkeling en daarna een ongeveer even lange periode van stagnatie en crises.

Een cyclus begint met een innovatie, denk aan de stoommachine, de spoorwegen maar ook aan de arbeidsdeling van Taylor en de lopend band van Ford. Dit trekt kapitaal omdat investeren hierin lucratief is. Het kost echter ook arbeid en om daar een plek voor te vinden worden nieuwe ‘markten’ ontwikkeld. Tegenwoordig zijn dat diensten en vooral diensten die eerst gratis waren zoals hulp in de huishouding, kinderopvang en ouderenzorg. Diensten die vroeger tot het huishouden behoorden. Als de markt verzadigd is, op het hoogtepunt van de cyclus, rendeert het kapitaal niet meer en dat gaat op zoek naar rendement. Dat zijn meestal financiële producten: er wordt geld met geld gemaakt. Tegenwoordig bijvoorbeeld de bundels van verschillende hypotheken, rentes en andere -swaps en dergelijke. Dit gaat een tijdje goed en dan klapt de financiële markt. Waarna een nieuwe cyclus begint.

De belangrijkste innovatie nu, is informatie. Informatie heeft tegenwoordig als kenmerk dat zij oneindig en onbeperkt wordt gedeeld en dat betekent dat de prijs ervan naar nul neigt en het dus gratis is. Kapitalisme kan hier, volgens Mason, niet mee omgaan omdat het een systeem is dat is gebaseerd op schaarste. Als een machine van €1 miljoen oneindig lang producten en dus oneindig veel kan maken, dan bedragen de machinekosten per product €1 miljoen gedeeld door oneindig en dat neigt naar € 0, dus gratis.

De enige manier waarop kapitalisme er wel mee kan omgaan, is via een monopolie en dat is wat we tegenwoordig zien. Facebook monopoliseert informatie die mensen er gratis in hebben gestopt. Google, Apple maar ook bijvoorbeeld Appie Heijn met de bonuskaart, doen precies hetzelfde. Zij monopoliseren informatie die zij gratis hebben gekregen. En die berg informatie neemt, volgens Mason, de komende jaren alleen nog maar toe. Omdat steeds meer apparaten aan het internet worden gekoppeld, het Internet of things. Het monopoliseren van informatie leidt in een netwerksamenleving tot steeds meer wrevel en die wrevel leidt tot wiki-oplossingen. Gezamenlijk ontwikkelde producten die geen eigenaar kennen en die gratis beschikbaar zijn. Producten zoals Linux, Android en Wikipedia waaraan mensen met veel energie werken zonder er ook maar een cent aan te verdienen. Hoeveel rendement kan kapitaal maken op gratis?

Een tweede reden waarom Mason voorbij het kapitalisme zoekt, heeft te maken met de ecologische crisis, gecombineerd met de bevolkingscrisis, groei in met name Afrika en vergrijzing in de rest van de wereld. Volgens Mason kan die crisis niet worden opgelost door de markt en dus niet binnen het kapitalisme. Die crisis vraagt om een ‘open source’ aanpak. Een aanpak waarbij we voort kunnen borduren op elkaars werk. Het kapitalisme, met een belangrijke rol voor eigendom en patenten, maakt een dergelijke aanpak onmogelijk

Een overgang naar postkapitalisme gaat niet van de ene op de andere dag, daar gaan jaren overheen. Het feodalisme is immers ook niet van de ene op de andere dag verdwenen. Mason ziet vier topdoelstellingen op de korte termijn voor zijn postkapitalisme-project. Het terugdringen van de CO2 uitstoot, het stabiliseren van het financiële systeem, het bieden van materiële voorspoed en als laatste het afstellen van de technologische ontwikkeling op het terugdringen van ‘noodzakelijke arbeid’. Dit laatste om de transitie naar een geautomatiseerde economie te bevorderen en daarmee een samenleving waarin werk niet langer belangrijk is. De vrije beschikbaarheid van informatie is voor deze doelstellingen cruciaal. Zijn beleidsvoorstellen bevatten daarom het stimuleren van WIKI oplossingen, het beteugelen of socialiseren van monopolies en ook het financieel systeem.

Terug naar de arbeidsmarkt. Die is ruim en Mason pleit voor nog veel meer ruimte. Hij wil immers een samenleving waarin werk geautomatiseerd is, een arbeidsvrije samenleving. Volgens de huidige economische logica is loonsverhoging een manier om die ruimte te creëren. Als arbeid duurder wordt, zal er sneller naar een machinale, dus geautomatiseerde oplossing worden gezocht. Probleem is alleen, zoals Kalshoven aandraagt, dat de arbeidsmarkt al ruim is en naar verwachting ruim zal blijven. Bovendien is de arbeidersmacht zeer beperkt omdat de positie van vakbonden sinds de jaren tachtig ernstig is uitgehold. Een gebeurtenis die Mason ook beschrijft. Wie dwingt die hogere lonen af? Toch hoeft de zwakke vakbondsmacht geen belemmering te zijn. De acties voor een verhoogd minimumloon in de VS, kennen successen. Successen met als keerzijde dat er banen door verdwijnen en er weer nieuwe moeten komen. Laagwaardige banen die Mason ‘bullshit banen’ noemt zoals boodschappen inpakkers, banen zoals de oude Melkert-, en ID banen in Nederland. Banen zoals ze nu gecreëerd moeten worden om de Participatiewet een succes te laten zijn. Mason wil af van de centrale rol van arbeid.

Een van de maatregelen die Mason bepleit, is het basisinkomen. Dit laatste tenminste voor zo lang als nodig. Want als bijna alles gratis is, dan is inkomen overbodig. Zou een basisinkomen voor krapte op de arbeidsmarkt kunnen zorgen omdat mensen hun ‘bullshit baan’ opzeggen of gedeeltelijk stoppen met werken? Krapte waardoor de innovatie die nodig is om de geautomatiseerde economie dichterbij te brengen, wordt aangewakkerd?

Het interessante van Mason is dat hij buiten de gebaande paden kijkt en zoekt. Alhoewel buiten de gebaande paden? In hoeverre verschilt de ideale netwerksamenleving van Mason waarin delen centraal staat, van de oude pre-kapitalistische samenleving? Het ‘netwerk’ was veel kleiner, maar delen en gezamenlijkheid stonden daarin centraal. Misschien moeten we de verbouwde DeLorean Van Emmett Brown (Doc) uit Back to the Future lenen en net als Marty McFly teruggaan naar het verleden om daar ideeën en contouren voor de toekomstige samenleving op te doen.

Toestemming vragen aan je ex.

Stel je bent na een paar jaar huwelijk zonder kinderen gescheiden en je wilt op vakantie. Moet je dan je ex om toestemming vragen? Nu begint u waarschijnlijk te lachen, want dit is te zot voor woorden. Maar ja, niet te zot voor het UWV als je werkloos bent en een eigen bedrijf wilt starten.

UWVIllustratie: casebase.sezen.nl

Mijn vrouw ontvangt sinds kort een werkloosheidsuitkering via het UWV en denkt erover om een eigen bedrijf te beginnen. Zij wil als zelfstandige anderstaligen Nederlands leren (NT2 onderwijs). Iemand die een bedrijf begint, kan, onder bepaalde voorwaarden, gebruik maken van een ‘startersregeling’ van het UWV. Mijn vrouw vroeg hiervoor een gesprek aan met het UWV en kreeg als antwoord: kijk een filmpje, doe een cursus op onze website, maak een bedrijfsplan en dan kunnen we wellicht met u in gesprek.

Beduusd van dit antwoord ging zij aan de slag en kwam er al snel achter dat zij niet voor de startersregeling in aanmerking kwam, maar wel voor een andere regeling. Een regeling waarbij het aantal uren uitkering wordt verminderd en deze uren worden gebruikt voor het starten van je bedrijf. Daarop vroeg zij weer om een gesprek om hier zo snel mogelijk een begin mee te maken.

Van het antwoord van het UWV, is zij nu nog niet bijgekomen: “Volgens onze informatie werkte u voordat u werkloos werd in het onderwijs of bij de overheid. Uw ex-werkgever is dan namelijk verantwoordelijk voor uw re-integratie. … Wilt u gebruikmaken van de onderzoeksperiode? Dan hebben wij van uw ex-werkgever een positief advies nodig over het onderzoeken van de mogelijkheden voor een eigen bedrijf. Wilt u gebruikmaken van de startperiode? Dit advies moet gebaseerd zijn op het ondernemingsplan. De ex-werkgever moet ook dit ondernemingsplan meesturen. Uw ex-werkgever kan deze documenten sturen naar UWV Overheid en Onderwijs. U hoeft zelf dus geen documenten op te sturen. We beslissen binnen 2 weken of u gebruik mag maken van de onderzoeks- of startperiode. Daar sturen wij u en uw ex-werkgever een brief over.” En naar een gesprek kon zij fluiten: “Wij kunnen hiervoor geen afspraak met u inplannen.”

Geen gesprek, terwijl een persoonlijk gesprek toch de meest efficiënte en effectieve manier is om informatie uit te wisselen, zaken te verhelderen en toe te lichten. Nee, een tekstvak waarin maximaal 1.500 tekens passen. Belangrijker, waarom moet een ex-werkgever een positief advies uitbrengen over de plannen van een ex-medewerker? Waarom überhaupt een advies? Wat als de ex-werkgever een negatief advies uitbrengt? Kun je dan geen gebruik maken van de regelingen? Mag je dan niet starten met een eigen bedrijf? Wat als het eigen bedrijfje een concurrent is van de ex-werkgever? Wordt de ex-werkgever zo niet een veel te grote machtspositie gegeven? Zegt het begrip ex-werkgever niet voldoende?

On Liberty

Onbegrensde vrijheid leidt tot chaos, anarchie en uiteindelijk het recht van de sterkste. De vrijheid van de een, wordt begrensd door de vrijheid de ander. “Zodra een deel van iemands handelen nadelig is voor de belangen van anderen, valt het onder de jurisdictie van de maatschappij, en wordt het een punt  van discussie of het algemeen belang al dan niet gediend zal zijn als men ingrijpt.” Aldus John Stuart Mill in On Liberty zijn beroemde boek over vrijheid. We hebben in onze rechtstaat de rechter om de grens tussen mijn en jouw vrijheid te bewaken. Vrijheden zijn niet onbegrensd, ook vrijheid van meningsuiting niet.

Mill

Illustratie: www.quotehd.com

“De beste vrienden van de Turkse president zijn niet zozeer in de moskeeën van Dyanet te vinden als wel in het Paleis van Justitie te ‘s-Gravenhage, de mooie stad waar de koning in woont.” De laatste zin van de column van Han van der Horst op de site JOOP. Hij komt tot deze conclusie na een uitspraak van het Haagse gerechtshof in een zaak die oud staatssecretaris Hilbrand Nawijn had aangespannen tegen het Zoetermeerse SP-raadslid Fijen. Nawijn had uitgesproken te hopen dat er bij hem in de stad nooit een islamitische school zou komen, omdat ‘zulke scholen niet thuis horen in een van christendom doordesemde maatschappij’. Fijen had Nawijn daarop uitgemaakt voor racist. Volgens het gerechtshof een opzettelijke belediging.

Je kunt veel zeggen en vinden van Nawijn. Dat hij er bizarre ideeën op nahoudt. Dat hij met zijn opmerking over een islamitische school, juist wil tornen aan het recht waar die christenlijke stromingen in vroeger eeuwen voor hebben gevochten. Namelijk het recht om een islamitische school te stichten en die door de overheid betaald te krijgen. Dat wellicht ook achterhaalde recht hebben ze. Dat hij en de LPF, namens welke partij hij staatssecretaris was, een karikatuur van de politiek en het besturen hebben gemaakt. Een karikatuur die navolging heeft gekregen en die het aanzien van de politiek en het bestuur geen goed doet. Dat hij publiciteitsgeil lijkt.

Wat je hem niet kunt ontzeggen, is zijn recht om de gang naar de rechter te maken als hij zich beledigd voelt. Dat, wellicht ook achterhaalde recht, heeft hij. Natuurlijk had hij van zijn ‘zwijgrecht’ gebruik kunnen maken en het over zijn kant kunnen laten gaan. Hij heeft ervoor gekozen om aangifte te doen en dat recht heeft hij. Ook al heeft hij het wellicht alleen maar gedaan voor het effect: de media-aandacht. Iets dat hem dus is gelukt.

Net zoals Fijen het recht heeft om te zeggen wat hij wil. Had hij niet gebruik kunnen maken van zijn ‘zwijgrecht’? Betekent zeggen wat je wil, je mening uiten, niet ook dat je de wettelijke gevolgen ervan moet dragen? En het gevolg nu, is een veroordeling door de rechter. Zo werkt onze rechtstaat en dat is maar goed ook.

Moreel Esperanto

Multicultureel, multiculturalisme, multiculturelativisme, woorden die centraal staan in een artikel van Gert Jan Geling bij ThePostOnline. Geling is  op zoek naar een midden positie in het debat over de multiculturele samenleving.

Moreel Esperanto

Foto: www.bnr.nl

Hij doet een poging om tot een middenpositie te komen tussen zij die alle culturen even veel waard vinden en zij die uitgaan van de superioriteit van een cultuur. Een positie die gebruik maakt van de voordelen van diversiteit en toch universele waarden benoemt. Geling pleit voor het promoten van: “model van de open samenleving als vrije markt van culturen en waarden.” Voor Geling is: “Het vellen van een oordeel over culturen .. bij uitstek het meest waardevolle aspect van diversiteit in een open samenleving waarbinnen diverse culturen naast elkaar bestaan.” 

Maar waarin verschilt de positie van Geling met de positie van degene die rangorde aanbrengen en dus ‘superieure’ culturen benoemt? Want is het vellen van een oordeel over culturen niet hetzelfde als een rangorde aanbrengen? Doe je dat niet door als waarden botsen: “ … te streven naar universele waarden die breed gedeeld worden in de samenleving.” zoals Geling betoogt? Door te zoeken naar: “een dergelijke set van waarden … die als het ware als een moreel Esperanto functioneert op het gebied van waarden”?

Hoe bepaal je daar waar waarden botsen, welke keuze de juiste is voor dat ‘moreel Esperanto’? Als de waarde ‘individuele ontplooiing’ botst met ‘broederschap’, wat weegt dan het zwaarst? Bepaalt niet juist de keuze hiertussen, de culturele ‘rangorde’? En bijna net zo belangrijk, wie gaat dat bepalen?

Is de open samenleving te zien als ‘een vrije markt van culturen en waarden’? Is het niet veeleer een samenleving van individuen? Dat individu kan onderdeel uitmaken van een cultuur. En gaat het niet juist mis als we ‘moreel Esperanto’ afstemmen op culturen en hun botsingen? Mis, omdat dan het individu in de knel komt? In de knel tussen zijn ‘cultuur’ en ‘Gelings moreel Esperanto’? Zou het ‘moreel Esperanto’ niet de geldende wetgeving zijn?

Het leven onder de Haagse stolp

“Een derde van de ondervraagde kiezers overwoog om op de PVV te stemmen. De PVV kan dus, zoals het er nu uitziet, maximaal 50 zetels halen. Van die 50 heeft Wilders er in de wekelijkse peilingen van De Hond al 38 binnengehaald. Dat is heel veel. En omdat veel PVV sympathisanten in het stemhokje op het laatste moment toch nog voor VVD of CDA zullen kiezen lijkt de electorale grens van de PVV met 38 zetels wel bereikt.” Dit schrijft Mijndert Fennema. Het potentieel voor de PVV is daarmee groot. Belangrijker dan het aantal stemmen en zetels tijdens de verkiezingen, is het aantal zetels erna en wat er vervolgens met die zetels wordt gedaan en bereikt.

MeeusStabiliteit is bij de PVV immers ver te zoeken. De partij zelf is ontstaan toen kamerlid Wilders in 2004 uit de VVD stapte, als de groep Wilders verder ging en die groeide uit tot de eenmanspartij PVV. Sinds 2006 zit de partij in de kamer en hebben zich diverse afscheidingen voor gedaan. Het begon in 2012 met Hero Brinkman, niet lang daarna gevolgd door de Wim Kortenhoeven en Marcial Hernandez. Hiermee verloor de fractie 3 van de 24 zetels. Iets dat zich na de verkiezingen van 2012 voortzette. In 2014 verliet Roland van Vliet de fractie en ging voor zichzelf verder. Niet veel later stapten Louis Bontes en Joram van Klaveren uit de fractie en gingen samen verder. Hiermee gingen 3 van de 15 zetels verloren. En ook op lokaal en provinciaal niveau kent de partij een baaierd aan afscheidingen.

In zijn boek Haagse invloeden. Hoe de Nederlandse politiek echt werkt, besteed Tom-Jan Meeus het eerste hoofdstuk aan de paranoia in de PVV.  Meeus neemt de lezer in een prettig leesbaar boek met een ironische ondertoon mee door de Haagse werkelijkheid. Dit levert een onthutsend beeld op van politiek met een hele, hele, hele kleine p. Meeus noemt het mini-politiek: “Net als in de reclame draait politiek tegenwoordig primair om message control.” Dit valt niet alleen de politiek te verwijten, de oude en nieuwe media werken hier stevig aan mee, net als de burger. Door de grote hoeveelheid makkelijke en digitale media ontstaat: “het fenomeen dat mensen bijna alleen nog nieuws afnemen van bronnen die hun opvattingen delen.” Veel mensen komen hierdoor niet meer in aanraking met andere opvattingen en met misstappen van hun politieke helden.

Meeus neemt de lezer in het eerste hoofdstuk mee in de krochten van de PVV en daaruit stijgt een beeld op van paranoïde personen die vooral bezig zijn met de eigen macht en positie. Een partij die intern uiterst verdeeld is over  de te volgen lijn en een partijleider die alleen uit is op effect en aandacht in de media. Het bereiken van iets voor zijn kiezers, laat staan de Nederlanders, is daarna ver ondergeschikt, zelfs bijna afwezig. PVV-stemmers lees het boek! Al vraag ik me af of dit stukje, laat staan het boek passen bij hun opvattingen.

Andere partijen zijn ook niet gevrijwaard van kortzichtig korte termijn effect najagen, de mini-politiek. Een vorm van politiek gericht op effect bij de eigen achterban en het voorkomen van gezichtsverlies, vandaar het streven naar message control. Het compromis (gepolder) is hierdoor in een slecht daglicht komen te staan, terwijl dit, aldus Meeus, toch echt nodig is om het land te regeren. Maar ja, wie durft er compromissen te sluiten die in Nederland nodig zijn om te regeren, als je de dag erna door Maurice de Hond wordt geconfronteerd met een potentiële en bij de volgende verkiezingen een werkelijke electorale afstraffing? Zo wordt het belang van het land ondergeschikt aan zetelwinst in de peilingen en bij de volgende verkiezingen.

Dan de Haagse draaideur. Van lobbyist word je kamerlid en later minister en vice versa en welk belang je waar vertegenwoordigd, wordt steeds onduidelijker. Of van journalist naar voorlichter, kamerlid en ‘mediapersoonlijkheid’. Neem het voorbeeld van  het inmiddels oud VVD-kamerlid Bart de Liefde die is gaan lobbyen voor Uber. Wellicht nog ernstiger is een nieuwe lobby-generatie, die stukken schrijven voor kamerleden en verkiezingsprogramma’s.

De zucht naar ‘message control’  heeft ook zijn uitwerking op de adviesorganen en de ambtenarij. Topambtenaren die van de hoed en de rand weten en aan het publieke debat deelnemen, bestaan niet meer. Afwijkende meningen maken het immers lastig om de boodschap te controleren. De ambtenaar. Ook de invloed op en van adviesorganen komt vaak slecht uit en daarom worden er ander topmensen benoemt. Kritische geesten die deelnemen aan het publieke debat, worden vervangen. Een laatste voorbeeld hiervan is de vervanging van de Kinderombudsman. het moest allemaal wat minder activistisch, dus wat minder kritisch. De ambtenaar en adviseur is: “Minder public, meer servant.” 

Verder komt in het boek aan de orde hoe de politiek de greep op de media vergroot, hoe beleid struikelt over de gevolgen van de uitvoering voor de burger. De burger die bescherming en enige zekerheid vraagt en vol in een onzeker wind wordt gezet. Dit met alle onvrede tot gevolg. En hoe mensen met geld invloed en nu vooral nog raadszetels kopen.

Al met al schetst Meeus een treurig beeld van onze democratie. Een beeld dat hij lardeert met voorbeelden. Klagen is mooi, maar hoe anders? Meeus komt niet veel verder dan het fuseren van partijen, het anders kiezen van de senaat. Hij stelt voor terug naar het oude: een senator gekozen voor zes jaar en iedere drie jaar de helft van de senatoren vervangen. Aanpassingen aan de structuur die niets doen aan de mini-politiek, de ‘message control en de ijzeren greep waarin politiek en media elkaar houden: de scoringsdrang waardoor de korte termijn het wint van de lange en het onbelangrijke van het belangrijke. Want is de cultuur niet veeleer het probleem? En dan bedoel ik het gebrek aan sterke persoonlijkheden? Aan leiders met visie die de discussie sturen in plaats van volgen? Die zich niets gelegen laten liggen aan peilingen?

Oorzaak, gevolg en Fred Teeven

Voormalig staatssecretaris van Justitie Fred Teeven, is ervan overtuigd dat criminelen zijn val als staatssecretaris hebben veroorzaakt. “Nieuwsuur kreeg het aangereikt vanuit de misdaad. Het is getrapt gegaan: eerst naar een halve journalist, daarna naar een echte. Die laatste heeft zijn werk gedaan.” Dit zegt hij over de affaire die hem de bestuurlijke kop kostte.

pinokkioIllustratie: www.mysterie-wetenschapsforum.nl

Even de feiten over de deal met crimineel Cees H. Teeven meldde de Tweede Kamer dat die deal de staat twee miljoen gulden kostte. Dit bleek onjuist en na veel dralen, omdat bonnetjes waren verdwenen, werd duidelijk dat H. 4,7 miljoen gulden had ontvangen. Vanwege dit verkeerde informeren moest Teeven opstappen en in zijn kielzog ook de minister Ivo Opstelten. Deze laatste omdat het niet de eerste keer was dat hij de kamer verkeerd, te laat en warrig informeerde.

Omdat Nieuwsuur de juiste informatie had, ontstond de verwarring en werd duidelijk dat Teeven de verkeerde informatie had gegeven. Teeven legt hierbij de schuld bij de crimineel die deze informatie aan Nieuwsuur gaf. Verwisselt hij hier niet oorzaak en gevolg?

Was de oorzaak van zijn val niet dat de Kamer de verkeerde informatie kreeg? Wie gaf de Kamer de verkeerde informatie? Was dat een crimineel of de staatssecretaris? Uiteindelijk kwam de juiste informatie boven tafel. Is dat niet een gevolg van de eerder verstrekte verkeerde informatie? Doet het ertoe hoe die informatie nu boven tafel kwam? Of dit kwam door goed speurwerk van een journalist, of door een rancuneuze ambtenaar of door een crimineel aan Nieuwsuur werd verstrekt, doet dat terzake? Ja, in die zin dat hierdoor de ‘leugen’ van Teeven boven tafel kwam. Maar dat gebeurde toch na de leugen?

Is dat verkeerde informeren, of liegen, door Teeven niet de oorzaak van zijn aftreden? Is dat niet zijn eigen schuld? Gedraagt Teeven zich niet als een klein kind? Een klein kind dat zijn eigen fouten in de schoenen van anderen wil schuiven?

Het paard van Troje

De stad Troje werd jaren, zonder veel succes, belegerd door de Grieken. De Griekse held Achilles vond in deze oorlog zijn dood door een pijl in zijn beroemde hiel. Pas toen Odysseus de list met het paard verzon, lukte het de Grieken de stad te veroveren. Daaraan moest ik denken na het lezen van de plannen die Saoedi-Arabië kiest, om de economie te hervormen.

paard van TrojeIllustratie: www.geschiedenisbeleven.nl

Het land is verslaafd aan olie, of eigenlijk aan het geld verdiend met die olie. Het land verdiende ieder jaar zoveel met de verkoop van olie, dat alle onvrede kon worden afgekocht en de sjeiks het breed konden laten hangen. Die bouwden grote luxe paleizen, kochten de Londense en New Yorkse binnenstad op en besteedden sloten geld aan verliesgevende voetbalclubs. Het afgelopen jaar daalde de olieprijs fors en kwam er veel minder binnen dan er werd uitgegeven. Daarom wil het land het over een andere boeg gooien.

Het land heeft ambitieuze plannen. Er worden metro’s en spoorwegen aangelegd en midden in de woestijn worden vijf ‘economische steden’ gebouwd. Wat ‘economische steden’ zijn wordt niet duidelijk. Dit moet ervoor zorgen dat het een dynamisch land wordt dat voor minstens 60% leeft van de particuliere sector. Om dit te betalen, wordt het  staatsfonds voor beleggingen (PIF) vergroot van €142 miljard naar €1,66 biljoen. Hiervoor wordt 5% van de aandelen van de staatsoliemaatschappij Aramco verkocht.

Goed idee van het land om de economische basis te verbreden. Door de zonnepanelen, windmolens en andere alternatieve energiebronnen proberen ook andere landen hun afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen. En niet alleen landen, ook steeds meer individuele burgers plaatsen zonnepanelen en kopen elektrische of hybride auto’s.

Maar wacht eens. Als steeds meer mensen en landen overschakelen op schone energie, wat zijn dan die aandelen waard? Aramco’s waarde wordt mede bepaald door de Saoedische oliereserve’s. Komen we zo niet bij een kritisch punt in de plannen van de Saoediërs: de verkoop van aandelen in een olie maatschappij? De Saoediërs willen af van hun oliebedrijf, omdat het geen toekomst heeft.

Als olie en fossiele brandstoffen een aflopende zaak zijn, waarom zou iemand dan die aandelen kopen? Wie investeert er in een verliezende en verdwijnende industrie? Wie wil er aandelen kopen en zo een paard van Troje binnenhalen? Is dat de Achilleshiel van de Saoedische plannen?

Thuishulpstudent

De Christen Unie wil dat studenten ‘sociaal dienstrecht’ krijgen. Door na hun studie op vrijwillige basis ouderen te helpen of taalles te geven aan vluchtelingen zouden zij een deel van hun studieschuld kunnen aflossen. Volgens fractievoorzitter Gert-Jan Segers zou dit studeren voor studenten met ‘smalle beursouders’ aantrekkelijker maken. Een mes dat aan twee kanten snijdt: “het hoger onderwijs wordt toegankelijker en de samenleving wordt geholpen, doordat studenten nuttig maatschappelijk werk doen. Daar komt nog bij dat studenten op die manier werkervaring krijgen.” Sympathiek idee of …?

studieschuld

Illustratie: www.viisi.nl

Een eerste kleine bedenking. Segers denkt aan ouderen helpen en taalles geven. Hoe zit het dan met training geven aan voetbalpupillen, penningmeester zijn van de scouting of flyeren voor politieke partijen? Welk vrijwilligerswerk telt mee en welk niet?

Een tweede wat grotere bedenking. Duurt zo de studie voor de arme student niet langer? Die maanden ’sociale corvee’ tellen immers ook mee. De rijke ingenieur kan meteen beginnen, de arme moet eerst een half jaar poetsen. Hoe zwaar telt de ‘poetsdienst’ bij ouderen’ mee voor een elektrotechnisch ingenieur op het CV?

Wordt op deze manier bijvoorbeeld de thuishulp niet verdrongen door een ‘poetsende elektrotechnicus’? Welk werk blijft er dan voor de thuishulp over? Extra wrang wordt het als we kijken naar de beloning voor de student. Voor een paar maanden een verlaging van de schuld met €5.000 tot €10.000. Voor een paar maanden werk, is dat een aardige netto beloning. Is er dan nog wel sprake van vrijwilligerswerk? Hoe verhoudt dit zich tot het salaris van de huidige thuishulp?

Goed dat Segers studeren ook voor mensen met een smalle portemonnaie betaalbaar wil houden. Alleen is het erg wrang om een dergelijke beloning te geven als dank voor het ‘vrijwillig’ poetsen of de taalles. Waarom dan geen goed betaalde baan voor die thuishulp en voor de docent die de asielzoeker Nederlands leert? Er zijn vast andere manieren om de ‘arme’ student te helpen. Een basisbeurs afhankelijk van het inkomen van de ouders bijvoorbeeld. Of een basisinkomen?

Terrorismebestrijding in de blote kont

De rugzak. Een handig hulpmiddel voor het vervoeren van spullen. Je hebt immers altijd je handen vrij. Niet alleen handig, maar ook nog eens een gezonde manier om spulletjes te vervoeren. Als je hem tenminste goed gebruikt. Als dienstplichtige werd mij geleerd wat de goede, meest ergonomische manier is om een rugzak te dragen. Dus niet zoals het gros van de scholieren hem gebruiken, hangend op of onder de kont. Nee, zo hoog mogelijk op de schouders. Dat was wel nodig want een mars van 25 kilometer met volle bepakking (25 kilogram) is geen sinecure. Zelf gebruik ik er nog steeds een als ik naar mijn werk ga.

mccartneyFoto: www.uncut.co.uk

Toch staat dit praktische hulpmiddel de laatste tijd in een kwaad daglicht. Naast een dekentje, wat boterhammen, een kan thee en een goed boek, kan dit handige hulpmiddel natuurlijk ook worden volgestouwd met explosieven, giftige stoffen of kalasjnikovs. Vanwege dit mogelijke terroristische gebruik is het in België daarom niet meer toegestaan er een mee te nemen naar het voetbalstadion of een festival. Als ik tenminste de berichten in Dagblad de Limburger van 22 april 2016 moet geloven.

Stel je eens voor dat een onverlaat Pinkpop bezoekt en een rugzak met explosieven laat exploderen voor het podium als Paul McCartney net aan Let it Be begint? Dat wil je toch niet. Dat zal ook niet lukken, omdat iedere rugzak bij binnenkomst wordt gecontroleerd, Dus als het knalt, knalt het voor de ingang. Dat is ook waar de Belgen zich het meeste zorgen om maken. Nu heb ik vele festivals bezocht en altijd was het druk bij de ingang. Ook toen rugzakken nog niet werden gecontroleerd. Zou het thuislaten van de rugzak daar verandering in brengen?

Ja, het is waar. Er zijn rugzakken met explosieven ontploft, net als koffers. Ook zijn er aanslagen gepleegd met auto’s, motoren en scooters. Gaan we die ook weren bij festivals? Dan moeten we te voet of met de fiets naar de festivals, want ook treinen zijn niet veilig. Trouwens, ook lopend en fietsend kun je een aanslag plegen. Dan maar allemaal thuis blijven? Ook geen goed idee want de meeste mensen sterven thuis. Draaf ik nu door of draven de ‘veiligheidsmaatregelen’ door?

Trouwens, het kneedbare, zeer krachtige explosief C4 kun je in je onderbroek meenemen en van een mobieltje is vast een ontsteker in elkaar te knutselen. Daar is geen rugzak voor nodig. Moeten de bezoekers dan maar in hun blote kont komen?

Wie een kuil graaft

Als werkloze en bijstandsgerechtigde word je flink achter de veren gezeten om betaald werk te zoeken. Om je daarbij te helpen is een hele ‘industrie’ opgezet. Als bijstandsgerechtigde kom je in aanraking met gemeentelijke werkcoaches of werkconsulenten, je moet allerlei trainingen volgen zoals sollicitatietrainingen en CV-pimpcursussen. Als werkloze moet je verplicht een aantal brieven schrijven, is er ondersteuning van re-integratiecoaches al dan niet ingehuurd.

kuilFoto: www.ad.nl

“Haast geen enkele maatregel die het CPB is tegengekomen, leidt tot meer werkgelegenheid. Het ontzorgen van werkgevers als ze een arbeidsgehandicapte in dienst nemen? Geen effect. Ambtenaren bijscholen over wat wel en niet werkt? Geen effect. Intensievere samenwerking met uitzendbureaus? Onduidelijk wat dat doet.” De korte samenvatting in Trouw van de resultaten van dit activerende arbeidsmarktbeleid dat gemeenten en UWV loslaten op mensen zonder betaald werk. Trouw haalt het onderzoeksrapport Kansrijk arbeidsmarktbeleid van het Centraal Planbureau aan.

‘Geen effect’ voor de lieve som van meer dan één miljard euro. Gemeenten ontvangen ruim €600 miljoen voor het activeren van bijstandsgerechtigden en het UWV geeft ruim €500 miljoen uit aan re-integratieactiviteiten voor werklozen en arbeidsongeschikten. Dus stoppen met al die inspanningen. Is het verbazend dat het geen effect heeft om mensen te begeleiden bij het zoeken naar werk, dat er niet is?  Was er voldoende werk, dan zouden vele werklozen niet werkloos zijn. Als er tien werklozen zich voor één baan melden, wordt er hooguit één aangenomen. Daar kan geen CV-pimpcursus of sollicitatietraining wat aan veranderen. Zou het bovendien kunnen dat degene die voor die ‘trainingen’ de beste kans had, die na de trainingen nog steeds heeft?

Minister Asscher denkt er anders over: “Daarbij lijkt een effect van 0,1 procent niet veel, maar het gaat dan wel om zevenduizend banen.”Inderdaad is 7.000 banen niet niks. Alleen, wat kosten die banen? Landelijk wordt er ruim één miljard euro aan re-integratieactiviteiten uitgegeven. Dat is ruim € 140.000 per baan. Stel al die 7.000 gelukkigen ontvangen een modaal inkomen, in 2016 is dat € 36.000 bruto. Hiervan komt dus ook nog weer eens € 12.000 terug via belastingen en premies. Dus om iemand een baan met een inkomen van € 24.000 te bezorgen, wordt bijna zes keer zijn salaris uitgegeven? Hoe efficiënt is dit?

Natuurlijk is er nog een ander effect. Door dat miljard aan re-integratie te vertimmeren, zijn die vele consulenten, coaches en managers toch maar mooi van de straat. Die verdienen eraan. Maar hoe bevredigend is het, om werk te verrichten dat geen effect heeft? Om week na week een kuil te graven en met het zand uit die kuil de kuil van vorige week weer dicht te gooien?