Fundamentele discussie over de zorg

Marktwerking. Het magische woord van de afgelopen dertig jaar. De markt zorgt er op een efficiënte manier voor dat vraag en aanbod elkaar vinden en dat voor producten de juiste, marktconforme prijs wordt betaald. Bij vele zaken die we vroeger gezamenlijk regelden zoals telefonie, de post, elektriciteit en ook in de zorg is de ‘markt’ ingevoerd. Maar in hoeverre is er sprake van marktwerking als partijen geen winst mogen maken? Winst is immers de beloning die als dividend aan de aandeelhouders wordt uitbetaald.

blauwdrukIllustratie: bk2.nl

Geen winst? Ja, want wat viel te lezen in Dagblad de Limburger? “Zorgverzekeraars mogen in de toekomst geen winst uitkeren aan aandeelhouders of bestuurders. Een initiatiefwet van SP, PvdA en CDA schrijft voor dat verzekeraars hun winst alleen mogen gebruiken voor betere zorg of lagere premies.” Is er nog wel sprake van een markt als er geen winst mag worden gemaakt? Waarom zou ik dan aandelen van een verzekeraar kopen?

Het verbod is volgens de partijen nodig: “Ze (de Zorgverzekeraars) hebben een maatschappelijke taak. Ze moeten ervoor zorgen dat de zorg betaalbaar blijft en toegankelijk voor iedereen. Dus als ze geld overhouden, moet dat ook weer worden geïnvesteerd in de zorg.”  Als zorgverzekeren een maatschappelijke taak is, is een ziekenhuis dat dan niet ook? En hoe zit het met de huisarts of de specialisten in een ziekenhuis? Of een verzorgingshuis? De apotheker en in zijn verlengde de medicijnenfabrikant? Als we de redenering van de partijen doorvoeren, dan zou ook een ziekenhuis, arts of apotheker geen winst meer mogen maken. Waarom dan niet de ultieme conclusie: geen winst, geen markt?

Geen markt maar een overheidstaak. Dus een grotere overheid met meer ‘ambtenaren’. De drie partijen halen één stukje uit het radarwerk van de zorg in plaatst van die fundamentele discussie te voeren. Eén stukje en over een tijdje weer een en over een aantal jaren is alles anders, zonder dat er een fundamentele discussie over is gevoerd. Al die stukjes zorgen vervolgens voor een rammelend bouwwerk omdat er van te voren niet is nagedacht over een blauwdruk of bouwtekening voor het hele gebouw.

Dit op zichzelf sympathieke wetsvoorstel toch maar gebruiken om een fundamentele discussie te voeren?

Worden we ouder?

De AOW-leeftijd moet weer worden verlaagd naar 65 jaar. Dat betoogt Jelle Visser in de Volkskrant. Werk is er voor ouderen niet en door de herstellende economie en het ‘goed begroten’ is er voldoende ruimte om de AOW leeftijd te verlagen naar 65 jaar. Wellicht is er nog een reden om hier eens goed naar te kijken.

Ouderen

Foto: www.gezondheidenco.nl

Toen de AOW werd ingevoerd was de gemiddelde levensverwachting bij geboorte ongeveer 72,5 jaar. Nu is dat negen jaar meer. Dat we steeds ouder en gezonder ouder worden was een van de argumenten voor verschuiving van de pensioen- en dus AOW leeftijd. Klopt die redenering wel?

Op het eerste gezicht wel, negen jaar is negen jaar. Maar dat er meer mensen oud worden en dus de gemiddelde levensverwachting bij geboorte hoger wordt, wil niet zeggen dat we ook ouder worden.  De Amerikaanse econoom Robert J. Gordon heeft in zijn boek The Rise and Fall of American Growth een interessante tabel opgenomen. In die tabel de toename van de levensverwachting op zes momenten in een mensen leven (pagina 211). Het jaar 1870 is hierbij het basis jaar. Zo is de levensverwachting van een boreling sinds 1870 toegenomen met zo’n 33 jaar. Ben je eenmaal zeventig, dan wordt je nu gemiddeld zes jaar ouder dan je leeftijdgenoot uit 1870. En nemen we de invoering van de AOW, dan leeft de zeventigjarige een schrale drie jaar langer dan zijn leeftijdgenoot in de jaren vijftig.

De stijging van de gemiddelde leeftijd is, zo laat Gordon zien, vooral een gevolg van betere hygiëne, riolering, waterleiding en de bestrijding van dodelijke kinderziektes. Dit heeft ervoor gezorgd dat er veel minder baby’s en jonge kinderen sterven. Vervolgens hebben de betere arbeidsomstandigheden ervoor gezorgd dat er minder volwassenen een dodelijk arbeidsongeluk krijgen. Kortom, de gemiddelde leeftijd is gestegen, niet omdat we zoveel ouder worden, maar omdat er veel minder mensen jong sterven. Ben je eenmaal zeventig, dan wordt je gemiddeld maar drie jaar ouder dan in de jaren vijftig.

Die drie jaren zijn vooral een gevolg van het medische kunnen dat levensverlengend werkt. Levensverlengend bij de grootste doodsoorzaken van tegenwoordig: kanker en hart- en vaatziekten. Zijn deze drie jaar, waarvan een deel als patiënt, voldoende reden om de pensioenleeftijd te verhogen en te blijven verhogen?

Kortsluiting in het hoofd

Een verschrikkelijke gebeurtenis in Orlando. Een man schiet 49 mensen dood, verwondt velen en wordt uiteindelijk zelf doodgeschoten. Een Amerikaan, een ‘moslim van Afghaanse afkomst’ wordt er dan snel achter geplakt. Had hij de honderd meter op de Olympische Spelen gewonnen, dan was dat er waarschijnlijk niet achter geplakt. Nu schijnt dat belangrijk te zijn, want zo kan hij buiten de groep worden gezet. Buiten de groep van ‘echte’ Amerikanen. het was immers een Afghaan en dat verklaart al veel en dan ook nog een moslim. En daarmee is al snel bijna alles verklaard: het is weer die vervloekte radicale islam. Zeker als IS laat weten dat ‘een van hen’ weer een ‘gloriedaad’ heeft verricht.

kortsluiting

Illustratie: www.gerrievanwelij.nl

Politici en ‘meningenmannetjes’ gaan dan weer helemaal los in tirades tegen IS, tegen de islam en sommigen ook tegen moslims. Neem presidentskandidaat Trump: “duizenden en duizenden mensen (die) de Verenigde Staten binnenstromen met anti-Amerikaanse meningen. Islamitische vluchtelingen proberen onze kinderen af te nemen en die kinderen voor Islamitische Staat te ronselen. We moeten de waarheid durven zeggen over hoe de radicale islam op onze kusten komt.” Makkelijk scoren maar zouden er ook andere verklaringen kunnen zijn?

Uit de beschrijvingen die zijn voormalig collega’s en zijn ex-vrouw van hem geven, komt naar voren dat de man geestelijk niet helemaal in orde leek te zijn. Verwarde mensen zijn er meer. Denk aan Tristan van der Vlis die in een winkelcentrum in Alphen aan de Rijn om zich heen schoot. Of aan de Karst Tates die op koninginnedag 2009 met zijn auto op mensen inreed. Gewone Nederlanders met kortsluiting in hun hoofd. Zou het kunnen dat Omar Mateen ook kortsluiting in zijn hoofd had? Dat daar de ware oorzaak van zijn daad is te vinden? Dat hij het radicale islamisme erbij heeft gesleept om zichzelf en zijn daad, belangrijker te maken? Om ergens ‘bij te horen’?

Als dat het geval was, zou er dan extra ingezet moeten worden op het werk van veiligheidsdiensten? Natuurlijk moeten die hun werk doen omdat er ook terroristen ‘van beroep’ zijn. Zou extra inzetten op de geestelijke gezondheidszorg dan niet ook veel ellende kunnen voorkomen? Had de FBI Mateen wellicht niet beter kunnen doorverwijzen naar een goede psychiater?

Wat zou Nederland hiervan kunnen opsteken? Door de bezuinigingen van de afgelopen jaren, zijn steeds meer psychiatrische patiënten ‘ge-extramuraliseerd’ (uit inrichtingen ontslagen), een risico? Gelukkig is de wapenwetgeving in Nederland wat strenger. Alhoewel, liet het geval Van der Vlist niet zien dat er ook hier nog wat te verbeteren viel?

De volgende genocide?

Sylvana Simons kreeg een hele strontkar aan verwensingen en verwijten over zich, toen ze bekend maakte als politica actief te willen worden bij de nieuwe partij DENK. Vervolgens werden en worden nieuwe strontkarren uitgekeerd over de hoofden van de ‘kiepers van de karren’ over Simons. In dit ‘strontkarren kiepen’ speelt ook het woord genocide een rol en dan vooral de Armeense genocide. Aan de hand van een gebeurtenis in het verre verleden, nu de Armeense genocide maar het kan ook de slavernij of het kolonialisme zijn, een gebeurtenis waar de laatste overlevende waarschijnlijk al van is overleden, wordt bepaald hoe fout iemand in het heden is. Zo ook in de discussie onder een column van collega Sylvia Witte.

genocideFoto: www.examiner.com

Nu dus het onderwerp Armeense genocide, een gebeurtenis uit 1915 terwijl het woord genocide pas in 1944 is gemunt. Was er dan sprake van een genocide avant la lettre? Er wordt een nieuwe lat langs oud verleden gelegd en het is de vraag of dat wel correct is. Het is verleidelijk om te doen. Ligt echter misbruik van het verleden voor doelen in het heden dan niet op de loer? Houdt die fixatie op ‘fout’ zijn in de vorige, niet meegemaakte, oorlog niet het risico in dat we de huidige oorlog missen?

Neem het begrip genocide. De Engelse wikipedia onderscheidt acht stadia. Stadium één: mensen worden verdeeld in wij en zij. Stadium twee: als dit wordt gecombineerd met haat kunnen symbolen aan de paria-groepen worden opgedrongen. Stadium drie: de ene groep ontkent de menselijkheid van de andere groep en vergelijkt ze met dieren, ongedierte en ziektes. Stadium vier: speciale ‘legereenheden en milities’ worden getraind en bewapend. Stadium vijf: haatgroepen zenden hun propaganda uit. Stadium zes: slachtoffers worden geïdentificeerd en gesepareerd. Stadium zeven: de uitvoering van de ‘uitroeiing van de ander die toch geen mens is. Stadium acht: de ontkenning van de begane misdaad.

Wij versus zij, komt dat bekend voor? Symbolen als de ‘varkenskop’? De  IS-vlag? Vergelijkingen: de tsunami van islamisering? Onze cultuur is superieur? Ongelovigen mogen worden gedood? En ik vergeet vast nog wel iets. Hoe moeten we het duiden als steeds dezelfde mensen het slachtoffer zijn van de oorlog tegen het jihadisme? Als zij steeds uit de rij worden gepikt, uit vliegtuigen verwijderd omdat ze er ‘anders’ uitzien, je raar aankijken of een differentiaalvergelijking oplossen? Staan de sociale en reguliere media niet vol met propaganda voor ‘het goede doel’ en met afkeer van de andere? Hoe moeten we de segregatie in de samenleving duiden? Is dit een voorstadium van separatie. Gelukkig is de uitroeiing nog niet aan de orde. Maar komt het toejuichen van verdrinkende vluchtelingen niet al in de buurt?  Zouden de strontkarren die onder het mom van de vrije meningsuiting worden gestort, straks als ‘ontkenning’ worden gebruikt: ik maakte alleen van het recht op vrije meningsuiting gebruik?

Werk aan de winkel

Kees Kraaijeveld concludeert in Vrij Nederland dat de staat van de Nederlandse economie sinds 2010 flink is verbeterd.“Economisch gezien ziet het basispad er best aantrekkelijk uit. Niets doen is politiek-economisch niet zo’n slechte optie.”  En voegt eraan toe dat: “Dat betekent dat Rutte puik werk heeft geleverd.” Alleen de zorg vraagt de komende jaren extra aandacht. De zorgkosten dreigen weer flink te stijgen, omdat de maatregelen van minister Schippers eindigen. Die zouden een vervolg moeten krijgen. De regeringspartijen zullen dit economische succes in de komende verkiezingscampagne claimen en uitventen. Of het economische ‘succes’ werkelijk het gevolg is van kabinetsbeleid is de vraag. Een belangrijkere vraag is of het beleid maatschappelijk een succes is?

Werk aan de winkelFoto: www.ad.nl

Waar hebben bijvoorbeeld de door Kraaijeveld bejubelde maatregelen van Schippers toe geleid, behalve een lagere groei van de zorgkosten? Wat merkt de patiënt ervan, behalve dat hij bijvoorbeeld meer zelf betaalt, omdat zijn eigen risico is gestegen en dat een afspraak bij de huisarts vaak langer op zich laat wachten? Als mensen hierdoor benodigde zorg mijden? Als ouderen geen ondersteuning meer krijgen vanwege de maatregelen die Schippers’ staatssecretaris Van Rijn heeft doorgevoerd?

De werkloosheid daalt, dat lijkt positief. Maar loont werken nog wel voor iedereen? Neemt het aantal werkende armen niet flink toe? Wat betekent het voor mensen als ze op een denigrerende (soms zelfs kleinerende en vernederende) manier worden behandeld als ze een uitkering aanvragen?

Wat betekent het voor mensen als ze van alle kanten onder druk worden gezet? Onder druk, omdat ze het liefst fulltime moeten werken en daarnaast voor hun kinderen, ouders en/of grootouders moeten zorgen, zich als vrijwilliger in moeten zetten op school of de sportclub en ook nog de openbare ruimte schoon, heel en veilig moeten houden?

Wat betekent het als een steeds kleiner deel van de mensen profiteert van die economische groei? Staat de economie of de mens centraal? Wat betekent het voor een student als zijn werkende leven begint met een flinke studieschuld?

Het huidige en voorgaande kabinetten hebben flink in de winkel gewerkt en hem van binnen aangepast aan de individualistische neoliberale formule van ‘ieder voor zich en de markt voor ons allen’. Zou een nieuw kabinet niet aan de winkel moeten werken? Aan een nieuwe, meer samenbindende formule? Aan ‘samen voor elkaar’?

Op uw gezondheid

In de Volkskrant zet Frank Kalshoven alvast wat aandachtspunten voor het nieuwe kabinet op een rijtje. Nummer één op de lijst, de zorgkosten. Kalshoven: “wat wil de partij met die zorgkosten doen? Ik zou zeggen: tem die beer. Zet het mes in de verwachte stijging van de zorgkosten om ruimte te scheppen voor andere dingen…”  Bij het lezen hiervan, moest ik denken aan het boek The Rise and Fall of American Growth van de Amerikaanse econoom Robert J. Gordon.

Gordon

Illustratie: press.princeton.edu

Gordon besteedt aan heel veel zaken aandacht, zo ook aan de ontwikkelingen in de gezondheidszorg. Natuurlijk beschrijft hij de Amerikaanse situatie, toch biedt het wel stof om over na te denken. Als eerste constateert hij dat commercie in de Verenigde Staten niet tot de beste, meest efficiënte en goedkope zorg heeft geleid. Toch opletten met verdere marktwerking?

Gordon laat zien dat de grote gezondheidswinst, die is bereikt tussen 1870 en nu, voor het grootste deel aan andere zaken is te danken dan pure gezondheidszorg. Collectieve investeringen als aanleg van waterleidingen met schoon drinkwater. De aanleg van rioleringen. Het gebruik van zeep. De komst van de auto. De auto? Ja, de auto want die zorgde ervoor dat het paard uit het straatbeeld verdween en met het paarden de mest, de paardenurine en de paardenlijken. Deze maatregelen zorgden voor een forse daling van de baby- en kindersterfte en daarmee een flinke stijging van de gemiddelde sterfteleeftijd. Vervolgens de toevallige uitvinding van de penicilline door Alexander Flemming en de vaccinaties voor diverse kinderziektes. Deze maatregelen zorgden ervoor dat er voor vele kinderen, vele gezonde levensjaren bijkwamen.

De laatste decennia (in de Verenigde Staten zo ongeveer sinds 1950, ligt de aandacht bij hart- en vaatziektes en kanker, omdat daaraan sinds die tijd de meeste mensen sterven. Verschil met die eerdere maatregelen, is volgens Gordon, dat deze ervoor zorgen dat aan het einde leven het leven een paar jaar worden toegevoegd.

In een tijd waar overgewicht een steeds groter probleem wordt, waar de jeugd steeds minder beweegt en de uittredend commandant der strijdkrachten signaleert dat jeugdige rekruten steeds minder sterk en beweeglijk zijn en de fijne motoriek afneemt. Wat zou dan het nieuwe kabinet van Gordons beschrijving en deze gegevens kunnen leren? In ieder geval dat investeren in  preventie loont.

Inzetten op preventie? Op veel meer sport en spel, bewegingsonderwijs voor kinderen op basis- en middelbare scholen? Sport en spel waarbij tevens aandacht is voor samenwerking en zo ook voor normen en waarden? Want zie je tijdens sport en spel niet het echte kind? Zou dat niet ook kunnen bijdragen aan betere prestaties van jongens?

Naar de psycholoog

Volgens Vandale is een fobie een: “ongemotiveerde vrees (psychologie).” Een aandoening waaraan iemand kan leiden. Iemand die aan claustrofobie lijdt, heeft een ongemotiveerde vrees voor kleine ruimtes. Hoe zou er worden gereageerd als we een lijder aan deze fobie zouden beschuldigen van discriminatie van kleine ruimtes? Als het, voor de ouderen onder ons, een sketch was van de heren van Monty Pythons Flying Circus in hun welbekende stijl, dan zouden we dubbel liggen van het lachen. En zouden we iemand die dit serieus zou voorstellen niet net zo hard uitlachen?

In het commentaar van de Volkskrant van maandag 14 maart, roept Martin Sommer de overheid op om hard op te treden tegen anti-islamitisch geweld. “De toename van geweld tegen moskeeën en andere islamitische instellingen is onthutsend,” aldus Sommer en de overheid moet hier hard tegen optreden. Een collectief aan organisaties roept de overheid hiertoe op en deze oproep kan op bijval van Sommer rekenen. De overheid dient, zo constateert Sommer terecht, de vrijheid van godsdienst te garanderen én ook de vrijheid van godsdienstkritiek.

En dat brengt Sommer bij een ander speerpunt van het collectief van organisaties: “Aanzienlijk minder toe te juichen valt het ‘speerpunt’ in de campagne dat islamofobie als aparte discriminatiegrond moet worden erkend.” Dit druist, volgens Sommer in tegen de vrijheid van godsdienstkritiek.

Islamofobie zou dan een aandoening zijn waarbij iemand aan een ongemotiveerde vrees voor de islam lijdt. Sommer heeft een punt als hij ervoor pleit om dit geen discriminatiegrond te laten zijn. Want hoe kun je iemand die aan een geestelijke aandoening lijdt, beschuldigen van discriminatie omdat hij aan die aandoening lijdt? Irrationele angst voor de islam is lastig voor iemand die er last van heeft. Maar discrimineert hij daarmee de islam of de islamiet? Hoe kan iets wat je voelt, want dat is een fobie, discrimineren?

Natuurlijk zou het kunnen zijn dat die persoon door zijn irrationele angst iets doet wat wel discriminerend is. Zou die persoon dan niet op dat iets moeten worden aangesproken en eventueel vervolgd? Zou het dan kunnen dat deze persoon zich bij zijn verdediging beroept op islamofobie? Waarna de rechter hem vervolgens verminderd toerekeningsvatbaar kan verklaren, maar wel verplicht om een psycholoog te bezoeken.

Met andere woorden, moet iemand die lijdt aan islamofobie, niet naar de psycholoog in plaats van voor de rechter? Of is islamofobie geen fobie?

Shake your booty

Wordt de grote, strakke bil ook een westers schoonheidsideaal? Dat was de vraag die Vera Mulder voor de Correspondent onderzocht. In haar laatste artikel in een reeks, geeft ze vijf mogelijke verklaringen voor de populariteit van grote, strakke billen. Voor wie geïnteresseerd is in deze verklaringen, lees Mulders artikel want daar gaat deze prikker niet over. Waarover dan wel? Mulder ziet allerlei aanwijzingen voor het populairder worden van grote billen. Deze prikker gaat over de aanwijzingen die erop wijzen dat grote billen populairder worden.

booty

Illustratie: www.ultratop.be

Mulder: “In de Verenigde Staten werden in 2014, 86 procent meer bilvergrotingen uitgevoerd dan in 2013.” En 86% is fors, een ‘tsunami’ aan bilvergrotingen. Maar wat zegt 86% meer? Als er in 2013, 25 bilvergrotingen werden uitgevoerd en in 2014, 47 dan is de groei 88%. Duidt dat op een toegenomen populariteit? Of blijft het marginaal op het totaal aantal Amerikaanse vrouwen? Als absolute cijfers ontbreken, zegt 86% niets. Ook zou je meer moeten weten over de redenen voor de bilvergroting. Ja, de billen werden vergroot, maar was dat om van niets naar iets te gaan of van iets naar groot en strak?

Een tweede aanwijzing is volgens Mulder de broekjes met buttpads en filmpjes op Instagram en YouTube van vrouwen die laten zien hoe je door oefening grotere billen kunt krijgen. Mulder verdiept zich in het onderwerp en dan gebeurt er iets bijzonders. Dan zie je dingen die je anders niet opvielen. Als je een nieuwe jas hebt, zie je ineens allerlei mensen in dezelfde jas lopen. Sterker nog. Als je via Google zoekt op bilvergroting, dan vult Google de reclameblokken vanzelf met buttpads etcetera. Hoe betrouwbaar zijn deze waarnemingen?

En dan een heel bijzondere waarneming: “Ook staan een paar van de invloedrijkste sterren van het moment, zoals Nicki Minaj en Beyoncé, naast hun respectievelijke rap-, zang- en danstalent toch vooral bekend om hun bil.” Bij deze waarneming de simpele vraag. Stel deze ‘sterren’ zouden dat rap- zang- en danstalent niet hebben, zouden ze dan alleen door hun bil invloedrijk zijn? Zouden ze, met andere woorden, ook invloedrijke sterren zijn geworden met alleen die bil?

Zou de fascinatie voor de grote, strakke bil Mulder in het hoofd zijn geschoten? En zou het shaken van the booty, haar vermogen rationeel na te denken, hebben aangetast?

Assumption is the mother of all fuck ups

“Gemeenten zijn de meest nabije overheid en zij kunnen het beste de zorg voor mensen organiseren.” Een zin uit de column van Tof Thissen, de algemeen directeur van UWV Werkbedrijf en vaste columnist in Dagblad De Limburger in zijn column van zaterdag 20 februari 2016. Veel mensen zullen zich kunnen vinden in deze zin. In de diverse media is dit immers zeer vaak gezegd, politici hebben er jaren op gehamerd. Sterker, deze zin vormt de basis voor de grote decentralisatie van zorgtaken naar gemeenten, de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning zijn erop gebaseerd.

assumption

Illustratie: www.orakels.net

Maar iets roepen en herhalen, maakt het nog niet tot een feit. Is de gemeente wel de meest nabije overheid? Als ‘meest nabij’ wordt uitgelegd als kleinste schaal (na provincie en Rijk) dan klopt het. Maar wat als we naar de opkomst bij verkiezingen kijken? Trekken landelijke verkiezingen niet steevast meer kiezers? Zou dat kunnen duiden op grotere nabijheid bij mensen? Hoe bepalen we wat ‘meest nabij’ is?

De redenering van Thissen suggereert ook dat er een relatie is tussen nabijheid en het organiseren van zorg. Hoe nabijer, hoe beter de zorg is die georganiseerd wordt. Uiteindelijk zou ik dan de beste zorg voor mijn vrouw en kinderen kunnen organiseren. En als ik nergens naar zou hoeven te kijken en alles wist, dan zou er een leger aan zorgverleners klaar staan. Laten we zeggen een compleet ziekenhuis met alle kennis en kunde van de wereld. Net zoals mijn buurman dat ook zou doen voor zijn gezin.

Zou het niet slimmer zijn om zoiets op wat meer afstand te organiseren? Basiszorg in de wijk of het dorp. Een ziekenhuis op regionale schaal. En specialistische zorg, zoals het Antonie van Leeuwenhoek, op landelijke schaal? Zou zo’n meer afstandelijke organisatie niet tot betere zorg kunnen leiden?  Is de overheid die het meest nabij is ook het beste in staat om zorg voor mensen te organiseren? Brengt beleid, en dat is wetten opstellen, op basis van zo’n aannames niet risico’s met zich mee? Zijn we ons bewust van die risico’s? Zit nabijheid trouwens niet veeleer in de zorgverleners persoonlijk?

Bij zo’n aannames moet ik altijd denken aan de film Under Siege 2: Dark Territoriry, een film met actieheld Steven Seagal in de hoofdrol. Het karakter van Seagal lijkt onder de trein te zijn gekomen, maar als er toch nog bad guys dood worden gevonden, vraagt het personage gespeeld door de acteur Al Sapienza of ze het lijk hebben gezien. ‘Ik zag hem vallen en ik zag bloed, dus ik nam aan dat ….’  Waarop Sapienza’s personage de volgende legendarische uitspraak doet: “Assumption is the mother of all fuck ups!” 

Van de regen in de drup

De Nederlander krijgt het druk. De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) is bedoeld om veel meer ondersteuning en zorg door vrijwilligers en mantelzorgers te laten verrichten. Dit om alles betaalbaar te houden.

Stress

Illustratie: 855winthecase.com

Nu wordt er ook gewerkt aan een nieuwe Omgevingswet waarin de overheid zich ook terugtrekt. Wil je iets bouwen, dan moet je draagvlak zoeken. Dit klinkt mooi, maar heeft ook een andere kant. Wil je voorkomen dat iets wordt gebouwd, dan moet je dat ook zelf organiseren. Martin Sommer omschreef het in de Volkskrant als volgt: “Van de omgevingswet moeten we straks, als we vader zijn steunkousen hebben uitgetrokken, naar het buurthuis om de plannen van de projectontwikkelaars te bespreken.”

Maar daarmee zijn we er nog niet. In diezelfde Volkskrant stelt Frank Kalshoven vast: dat Nederland er lekker van zou opknappen als we erin zouden slagen het totaal aantal gewerkte uren te laten toenemen.” Zo krijgen we meer inkomen om bijvoorbeeld een energietransitie te betalen, vluchtelingen op te vangen, de AOW te verhogen, beter te eten en drinken of de schulden af te lossen. Heb je schoolgaande kinderen, dan verwacht de school dat je je actief inzetDat verwacht de sport- en/of culturele vereniging trouwens ook.

Sommer constateert:“De energieke burger is permanent bekaf.” En dat leidt weer tot meer ziekteverzuim en hogere ziektekosten. Ook krijgen de collega’s van de zieke het nog drukker, net als zijn sociale omgeving. Een neergaande spiraal.

Nederland zou lekker opknappen als er meer uren betaald worden gewerkt. Daarmee zullen veel economen en politici het eens zijn. Is het niet vreemd dat veel van diezelfde economen en politici zich ook kunnen vinden in die Wmo en de Omgevingswet? Vreemd omdat juist deze wetten leiden tot de vernietiging van banen? De Wmo omdat veel werk, en dus banen, als bijvoorbeeld huishoudelijke hulp worden geschrapt. Dat werk moet maar door vrijwilligers en mantelzorgers worden gedaan. Dit schrappen leidt tot minder betaalde uren en de druk op vrijwilligers en mantelzorgers zou ook wel eens tot minder betaalde uren kunnen leiden. En de Omgevingswet omdat hierdoor veel overheidsbanen en dus gewerkte uren verdwijnen. En zou het aantal gewerkte uren niet ook afnemen door de druk die zo op de burger wordt gelegd?

Raken we zo niet van de regen in de drup? Tijd voor herbezinning?