Beste burgemeester Koelewijn

Ik begrijp uit een artikel in de Volkskrant dat u heel begaan en betrokken bent met het meisje in uw gemeente Kampen, dat meerdere keren bruut is verkracht door een man uit Eritrea. Een man die ten tijde van het misdrijf in het asielzoekerscentrum (AZC) in Dronten verbleef. Die betrokkenheid siert u, er kan niet genoeg aandacht zijn voor slachtoffers van dergelijke vreselijke misdrijven. De dader verdient een zware straf al zal die straf het leed dat het meisje is aangedaan, nooit weg kunnen nemen.

kampenFoto: Kampen Online

Wat ik niet begrijp is uw reactie op hetgeen het meisje zich afvroeg. Ik citeer u: “Het meisje vroeg zich af hoe het toch kan dat mensen die uit oorlogsgebieden komen, en mogelijk oorlogstrauma’s hebben, ’s nachts vrij kunnen rondlopen’,… .Terwijl de situatie ook zo is dat ze dikwijls in de horeca worden geweerd. Dus je nodigt daarmee uit dat die mensen op straat gaan hangen ’s nachts, zonder toezicht. Dat heeft mij aan het denken gezet.” Resultaat van dat denken is een avondklok voor asielzoekers. Die kan volgens u uitkomst bieden omdat de omgeving veiliger wordt, “Maar het is ook een stuk bescherming naar de mensen zelf’.” Met die mensen bedoelt u de bewoners van het AZC.

In het krantenartikel krijgt u, naar mijn mening, terecht veel kritiek, op de vrijheidsberoving die u aan de asielzoekers wilt opleggen. Een vrijheidsberoving van onschuldige mensen omdat iemand uit hun ‘dorp’ een misdrijf heeft gepleegd. Over het straffen van een groep voor een daad van een eenling, wil ik het verder niet meer hebben. Dat wordt in het artikel al genoegd benadrukt en heeft bij diverse media voldoende aandacht gekregen.

Ik wil het met u hebben over over een tussenzin in het citaat hierboven. De zin: “Terwijl de situatie ook zo is dat ze dikwijls in de horeca worden geweerd.” een zin die er zomaar tussendoor glipt. Maar zegt u daar dat u het goed vindt dat de horeca in uw stad een ‘deurenbeleid’ voert dat groepen mensen, in dit geval asielzoekers, weert? Vindt u het werkelijk goed dat horeca-ondernemers in uw stad discrimineren?

Ik hoop toch, al doet de berichtgeving en de manier waarop u deze zin brengt het ergste vrezen, dat u dit niet normaal vindt. Ik hoop dat u eens een goed gesprek met deze ondernemers gaat voeren. Dat u optreedt tegen deze vorm van discriminatie. Mag ik erop rekenen dat u dit gesprek gaat voeren? Dat u deze Kampense horeca-ondernemers stevig gaat toespreken? Mag ik erop rekenen dat u deze horeca-ondernemers eens flink de mantel uitveegt en mocht dat niet voldoende zijn, dat u passende maatregelen neemt tegen de onwilligen?

Met vriendelijke groet,

De Ballonnendoorprikker

Beste Anousha Nzume

Ik las het interview met u in de Volkskrant. Een bijzonder interview omdat u een gedeeld verleden heeft met de interviewer, Sander Donkers en die zijn eigen ervaringen erin verweeft. Aanleiding voor het interview is het uitkomen van uw boek Hallo witte mensen. U voert actie omdat het u: “om machtsverhoudingen (gaat), hier bij ons én internationaal. Waar wordt het geld verdiend, door wie?” Een onderwerp dat mij ook bezighoudt en waarover ik geregeld schrijf op mijn site www.ballonnendoorprikker.nl. We zouden elkaar wellicht kunnen vinden in de strijd voor een rechtvaardigere wereld.

Anoucha Nzume

Illustratie: Nieuwwij

Alleen moet mij iets van het hart. U lijkt uw strijd om de machtsverhoudingen te veranderen, nogal sektarisch te willen voeren. Door de manier waarop, en de ‘makkers’ waarmee u de strijd tegen de macht voert. Hoe kom ik tot deze conclusie?

In het interview komt de Diversiteitsmars van Nasrdin Dchar ter sprake. “Als je zo’n onrechtvaardig systeem even denkt te kunnen wegknuffelen door met een ballon te gaan lopen, buig je in feite mee met het establishment,” zo zegt u. De boodschap van die mars was voor u niet sterk genoeg omdat het niets doet aan het lagere schooladvies dat uw zoon krijgt. Beste mevrouw Nzume, door uw boek te schrijven en Dchar in de hoek te zetten als een ‘softe ballonnenknuffelaar’, verandert dat schooladvies ook niet. Laat staan dat de machtsverhoudingen verschuiven in de door u en mij gewenste richting. Wat u daarmee wel doet, is medestanders van u afstoten.

U zegt uw boek te hebben geschreven als: “een soort handboekje waarin ik de theorieën en terminologie van wetenschappers als Gloria Wekker, Kimberlé Crenshaw en Philomena Essed in Jip en Janneke-taal heb vertaald, en dan vermengd met persoonlijke ervaringen.” Nu moet mij van het hart dat vele actievoerders die zich op het denken van Wekker baseren, mensen zoals Mitchell Esajas, Charlene Hiwat-Kortstam, Sunny Bergman, Reza Kartosen-Wong en anderen, mij, een blanke man van middelbare leeftijd, het gevoel geven dat ik aan de verkeerde kant van de streep sta. Mij het gevoel geven dat ik de oorzaak van alle ellende ben en dat ik dat eerst moet erkennen en me er vervolgens voor moet verontschuldigen. Mij het gevoel geven dat ik die twijfelachtige theorieën van Wekker als ‘de waarheid’ moet aanvaarden. Ook hierdoor worden medestanders afgestoten.

Beste mevrouw Nzume, de strijd tegen de gevestigde macht kan alleen met succes worden gevoerd als krachten worden gebundeld. Als de strijders tegen de macht elkaar versterker, als zij zoeken naar overeenstemming in plaats van de nadruk te leggen op verschillen. Zou het kunnen dat u door een dergelijk starre houding  ‘meebuigt met het establishment’?

J’accuse

In de auto onderweg naar huis van de honkbalwedstrijd van mijn zoon, luisterde ik naar Radio1. Daar werd journalist Arnold Karskens kort geïnterviewd omdat hij verschillende politici, waaronder Eurocommissaris Frans Timmermans, aanklaagt voor dood door schuld via zijn stichting Onderzoek Oorlogsmisdaden. En niet alleen politici, ook non-gouvernementele organisaties (NGO) kunnen een aanklacht tegemoet zien. De reden: de in de Middellandse Zee verdrinkende vluchtelingen en migranten. Karskens is begaan met het lot van de verdronken stakkers. Volgens Karskens zou Europa voor het Australische beleid moeten kiezen: grenzen hermetisch gesloten en nul vluchtelingen toelaten.

Afrika landbouw

Foto: PlattelandsPost

Thuisgekomen zocht ik even en kwam het bericht tegen op de site van omroep WML die Karskens citeert: “Het is uitlokken. Sommige mensen moet je gewoon tegen zichzelf beschermen. Veel Afrikanen zien Europa nog steeds als het paradijs: je krijgt een gratis huis en uitkering.” Door de grenzen niet hermetisch te sluiten, maar ook door niet te waarschuwen voor de gevaren van de overtocht per rubberen bootje, zijn politici als Timmermans medeplichtig. De NGO’s die vluchtelingen uit het water vissen, zijn medeplichtig omdat zij mensen uitlokken tot de gevaarlijke overtocht. Omdat de regeringen en politici er niets aan doen, zoekt Karskens zijn heil bij de rechter.

Het siert Karskens dat hij zich bekommert om het lot van de verdrinkende vluchtelingen en inderdaad als ze niet op die bootjes stappen, kunnen ze ook niet verdrinken. Dus de grenzen toch maar dichtgooien? Dan heeft de tocht per bootje geen zin en verdrinkt er niemand meer en moet de vluchteling in ‘de regio’ worden opgevangen. De economische migrant kan dan zijn energie steken in de opbouw van zijn land. Iedereen blij.

Of toch niet? Is de vluchteling geholpen? De opvang in ‘de regio’ blinkt niet echt uit in kwaliteit en al die Europese en Nederlandse politici die de vluchteling in ‘de regio’ willen opvangen, leveren er niet het benodigde geld bij. Ook bekommeren ze zich (bijna) niet om de oorzaken van de conflicten waarvoor mensen vluchten net zoals ze niets doen aan de oorzaken achter de economische migratie. Oorzaken zoals de vrijhandelsverdragen die in het nadeel van de Afrikaanse landen zijn (zoals de gesubsidieerde export van melk- en pluimveeproducten naar Afrika die de boeren daar brodeloos maakt), de economische plundering van de rijkdommen van die landen, de economische ongelijkheid en de klimaatverandering.

Beste meneer Karskens, als u werkelijk begaan bent met het lot van de vluchteling, klaag de politici dan aan omdat ze niets doen aan die oorzaken.

Bijzondere gehaktballen

Bij ThePostOnline maakt Sietske Bergsma gehakt van Tamar de Waal. Bergsma reageert op een interview met De Waal in de NRC met als kop: Turkse Nederlanders hebben geen integratieprobleem, zegt deze promovenda. Zo’n kop is natuurlijk een trigger voor discussie, alleen dekt de kop niet de lading van het interview. Het is geen uitspraak van De Waal in het interview. Daar gaat het mij niet om. Het gaat mij om de manier waarop Bergsma haar gehakt en de bal die zij ervan draait, bereidt.

gehakt

foto: Gehaktballen.nl

Zo begint Bergsma met een indirecte aanval op de universiteiten die De Waal bezocht: “De Waal is politiek filosoof en jurist en heeft aan haar website te zien een religieuze bedevaart gemaakt langs dié universiteiten in de Verenigde Staten, Canada en Engeland die nogal ’heavily to the left’ zitten wat liberale ideologie betreft.” Ze lardeert dit met een voorbeeld van een onderzoek dat een onderzoeker van die universiteiten deed naar: “hersenen van ‘right wingers’ waaruit bleek dat die primitief waren, terwijl die van de ‘left-wingers’ (verrassing!) ‘besluitvaardig en anticiperend’ waren.” Hoe sterk is zo’n indirecte aanval? Volgens Bergsma is dit nodig: “Zonder is er geen andere logische verklaring aan te dragen voor de bezopen, onwetenschappelijke kletspraat…” Zeker omdat begrippen als ‘heavily to the left’ waardeoordelen zijn. Wat zegt dit over De Waal? Zo bezocht Geert Wilders dezelfde middelbare school als de Ballonnendoorprikker, een middelbare school die ook nog eens door ‘ouderengoeroe’ Henk Krol en  CDA politicus Ger Koopmans werd bezocht. Leuk, maar wat zegt dit over deze mensen? Bereidt Bergsma haar gehakt zo niet in een vuile kom?

Over naar de directe aanval op De Waal. Op de vraag of De Waal het gezwaai met Turkse vlaggen als een probleem ziet, antwoordt ze: “Als er Turkse Nederlanders zijn die niet de democratische rechtsstaat onderschrijven dan zie ik dat als probleem. Maar als een partij die in de Tweede Kamer zit bepaalde grondrechten wil afschaffen voor moslims, dan vind ik dat ook een probleem.” De Waal noemt de PVV een dergelijke partij. Bergsma antwoordt: “Niemand wil grondrechten afschaffen, Tamar. Grondrechten staan altijd op gespannen voet met elkaar, zoals religie en vrije meningsuiting.” Beste mevrouw Bergsma, hoe zit het dan met het eerste punt van het verkiezingsprogramma van de PVV, de de-islamisering van Nederland door het preventief opsluiten van radicale moslims, het sluiten van alle islamitische scholen en moskeeën? Gebruikt Bergsma niet ietwat bedorven vlees?

Volgens De Waal wordt het probleem van de Turkse Nederlanders: “niet gezien als óns maatschappelijke probleem, maar als hún integratieprobleem. Als bewijs dat ze hier niet horen. … Daarmee verlies je de ‘inclusieve’ houding van gelijkheid voor iedereen die een democratisch land altijd zou moeten hebben ten opzichte van álle burgers.” Bergsma antwoordt: “Ik dacht al waar blijft hij, het orgelspel van ‘de inclusieve houding’… Gelijkheid voor iedereen in een democratische rechtsstaat heeft in ieder geval niets te maken met dat als ik mijn reet niet wil afvegen, en dat anderen het vinden stinken, dat het dan toch ook het probleem van een ander is, als bewijs dat ik er ook bij hoor. Of zoiets.” Uw stinkende reet kan voor overlast bij anderen zorgen beste mevrouw Bergsma, dat terzijde. Wat De Waal beweert is dat er wordt geklaagd over de ‘stinkende reet’ van de ander terwijl de eigen ‘stinkende reet’ niet wordt geroken. Is het ei wat ze voor haar gehaktballen gebruikt niet rot?

“Dat is een gevoel dat Nederlanders met een migratieachtergrond kunnen hebben. Maar ze krijgen juridisch ook steeds meer een punt. Gelijkwaardig burgerschap en gelijke bescherming gelden steeds minder voor mensen met een migratieachtergrond. Dat is geen probleem van links of rechts, het is een probleem van de kwaliteit van onze rechtsorde.” Dit antwoord geeft De Waal op de vraag waarom Nederlanders met een migranten achtergrond zich tweederangsburger voelen. Hiermee ontkent De Waal alles waar migranten recht op hebben: “huisvesting, uitkering, taalles, scholing, (aangepaste) woningen, gebedsruimtes, verenigingen, gezondheidszorg, gratis rechtsbijstand etcetera.” Beste mevrouw Bergsma, is er niet een verschil tussen Nederlanders met een migranten achtergrond en migranten? Zijn de eerste, waar De Waal over spreekt, niet gewoon Nederlander en hebben ze niet ook dezelfde rechten en plichten als iedere andere Nederlander? Voegt u zo niet zaagsel aan uw gehakt toe in plaats broodkruim?

Vervolgens komen de Syrië-gangers aan de beurt. De Waal kaart de ongelijke behandeling aan van mensen met twee paspoorten. “Dus als mensen willen vechten in een oorlog die er op uit is het Westen te vernietigen, … Dan is een dubbel paspoort afpakken discriminatie?” zo betoogt Bergsma op De Waals uitspraak dat het afnemen van het Nederlanderschap zonder tussenkomst van de rechter alleen mensen met een dubbel paspoort treft en dus zorgt voor rechtsongelijkheid. Bergsma vraagt zich af: “Welke andere ideeën heeft Tamar om iets te doen tegen de onmacht over uitreisende jihadisten? Subsidiariteitsbeginsel, Tamar, propedeuse rechten, tweede trimester strafrecht” Wellicht gewoon vervolgens via het strafrecht? Maar nu geef ik antwoord op de vraag. Beste mevrouw Bergsma, verandert het doen van ridicule suggesties en aan De Waal te vragen of dat wellicht alternatieven zijn, iets aan het feit dat zij constateert? Het feit dat er sprake is van rechtsongelijkheid? Heeft Bergsma haar handen wel gewassen voordat zij het gehakt ging kneden?

Dan het gevoel tweederangs burger te zijn. De Waal: “De symboliek erachter is: migranten moeten zich aanpassen aan ons en zich ideaal gedragen. Doe je dat niet, dan ga je maar terug. Of we sturen je terug. Integreer of ga! Dat geldt ook voor mensen die hier geboren en getogen zijn met een migrantenachtergrond. Dat veroorzaakt het tweederangsburgergevoel.” Bergsma antwoordt: “Arme migranten! Alsof je aan de democratische beginselen houden, hetzelfde is als ‘ideaal gedrag’. En nog altijd heb ik niet gehoord van Tamar wat die migranten dan allemaal wel niet moeten wat zo vreselijk is dat ze zich tweederangsburgers voelen. Althans, meer nog dan in de landen van herkomst waar ze (als vrouw, homo, Christen of vrije denker) derde- of vierderangsburgers zouden zijn.”  Ook hier verwisselt Bergmsa Migranten met Nederlanders met een migranten achtergrond. De laatsten zijn in Nederland geboren en hebben geen ander land van herkomst dan Nederland. Ze hebben wel te maken met mensen die hen terug willen sturen naar een land waar ze niet vandaan komen. Een tweede rot ei?

Dan de universele mensenrechten. De Waal beweert dat minister Schippers in haar HJ Schoo-lezing eigenlijk zei: “universele waarden zijn cultureel Nederlands. En wij Nederlanders – en dan bedoelt ze de mensen zonder vluchtelingen- of migrantenachtergrond – kunnen met die waarden omgaan. Mensen met een andere achtergrond kunnen dat niet of minder.” Volgens De Waal: “Het idee van die universele waarden en mensenrechten is nou juist dat iedereen vanuit zijn eigen achtergrond zich eraan kan verbinden.” Bergsma antwoordt: “Nee, het idee van universele waarden (voor de rechten van de mens) oftewel mensenrechten is dat ze nou juist niet ter interpretatie staan, want why bother als alles cultureel bepaald is en vloeibaar?” Is ‘verbinden met’ hetzelfde als ‘ter interpretatie stellen’, want dat is wat Bergsma beweert? En als iemand zich verbindt met mensenrechten, worden dan die mensenrechten ter interpretatie gesteld? Of zou het ook omgekeerd kunnen zijn, dat door dat verbinden met de mensenrechten juist de ‘eigen achtergrond’ zoals De Waal en de ‘cultuur’ zoals Bergsma het noemt, ter interpretatie wordt gesteld? Neemt in Bergsma’s gehaktbal het zout het gehakt op?

Voor De Waal is dit verwarren van mensenrechten met Nederlandse waarden (wat die ook mogen zijn) de kern van het probleem omdat: “witte Nederlanders (zo) altijd al supergeïntegreerd (zijn). Wij snappen de universele waarden zó goed, dat we ons er altijd aan houden. We hoeven het dus alleen maar over ‘buitenstaanders’ te hebben die er eventueel een potje van maken, niet over onszelf…”  Bergsma reageert hierop: ‘Witte Nederlanders die niet geïntegreerd zouden zijn’, is een gekunsteld verzinsel om de mumbo jumbo puzzelstukken in elkaar te krijgen, en het wordt niet beter door er heel zweverig over te praten.” Is de mumbo jumbo er niet juist een gevolg van dat integratie. Integratie betekent immers: “het maken van of opnemen in een groter geheel.” In dat geheel zitten ook die ‘witte Nederlanders’ en dat betekent dat niet ook zij iets moeten? Iets wat Bergsma lijkt te ontkennen. Wil zij uiengehakt maken zonder het vlees met de uien te vermengen?

En daarmee komen we bij het laatste ingrediënt van Bergsma’s gehaktbal. De Waal: “Of dat nou Erdogan-aanhangers zijn die hier met vlaggen zwaaien, of roomblanke Nederlanders die discriminerende leuzen roepen in een voetbalstadion. Het is in beide gevallen een probleem, het zijn Nederlanders met verkeerde opvattingen. Het is niet in het ene geval een integratieprobleem en in het andere geval cultureel conservatisme.” Bergsma antwoordt: “Het is onzin om allemaal ‘probleem-eigenaar’ te zijn van elkaars problemen, alleen maar omdat we allemaal op magische wijze via universele waarden verbonden zouden zijn.” Is het niet juist een kenmerk van integratie dat we daar juist wel allemaal eigenaar zijn van elkaars problemen? We proberen immers een groter geheel te maken.

Beste mevrouw Bergsma, u concludeert verzuchtend: “Kunnen we het woord integratie gewoon afschaffen alsjeblieft, want het betekent tegenwoordig van alles.” Ja, mevrouw Bergsma, het zou wel eens een heel goed idee kunnen zijn om ‘integratie’ af te schaffen. In een van mijn eerste ‘prikkers’ schreef ik: “Probleem is echter dat die ‘inburgering’ nooit leidt tot daar waar hij voor bedoeld is, namelijk tot ‘integratie’ van de migrant. Ook als aan alle eisen is voldaan, blijven we de migrant, migrant noemen. Zelfs hier geboren kinderen en kleinkinderen. We onderscheiden immers tweede- en derdegraads Turken, Antilianen, Marokkanen enzovoort. Die horen nog steeds niet bij de samenleving. Zo blijft de migrant een aparte categorie die iets moet doen om erbij te horen.” Dat grotere geheel dat we willen maken ontstaat zo niet. Organiseren we zo niet ‘apartheid’ zoals ik het in die prikker noemde? ‘Apartheid’ omdat we verschillen zoeken en dus vinden. Of sterker nog, organiseren we zo niet juist het verafschuwde ‘multiculturalisme’? Zouden we we niet beter de verschillen kunnen accepteren en zoeken naar overeenkomsten? Wellicht vinden we die dan.

Beste mevrouw Bergsma, misschien moet u eens met mevrouw De Waal in gesprek en zoeken naar overeenkomsten? Dat levert waarschijnlijk lekkerdere gehaktballen op dan die u nu presenteert.

‘Tussenbaan’

Een ‘tussenbaan’ dat is een manier waarop werkgevers de grenzen van de wetgeving rond tijdelijke contracten opzoeken, zo valt in de Volkskrant te lezen. “De tussenbaan biedt alle betrokkenen kansen. We binden werknemers voor langere tijd aan ons. En werkgevers behouden de flexibiliteit die ze wensen,” zo zegt Patricia Hoogstraten namens de werkgevers in de krant.

i robot

Illustratie: www.tasteofcinema.com

Een tussenbaan, een geniale vondst. Alhoewel, zijn alle banen niet een vorm van ‘tussenbaan’? Is een baan met een vast contract tegenwoordig niet ook gewoon een baan tussen de vorige en de volgende? Was zelfs de ‘baan voor het leven’ van vroeger niet een ‘tussenbaan’? Een baan tussen de schooltijd en het pensioen. Zouden we niet veel beter af zijn als we uitgaan van de tijdelijkheid van alle werk en iedere baan? Over tien jaar zijn er immers beroepen waar we nu nog niet van hebben gehoord en nu gangbare beroepen zijn dan ‘weg gerobotiseerd’.

Volgens velen is de vaste baan de maat der dingen. Een vaste baan omdat die mensen zekerheid biedt. Hoe zeker is die zekerheid als een reorganisatie of een tegenvallende economische situatie voldoende is om die vaste baan te beëindigen? Inderdaad dat kost geld en is vooral voor kleine bedrijven een zware last en een reden om iemand dan maar niet in dienst te nemen en een tijdelijk contract te bieden.

Onze sociale stelsel is gebouwd in de tijd van de ‘baan voor het leven’. Een baan die ook toen wel eens weg viel en dan werd zekerheid van inkomen geboden in de periode tussen twee banen. Moeten we het sociale stelsel niet op een andere leest schoeien nu ‘banen voor het leven’ niet meer bestaan en ‘flex’ de norm is? Zou een stelsel dat is gebaseerd op een sober doch menswaardig bestaan een uitkomst bieden? Een stelsel met een basisinkomen dat een dergelijk bestaan garandeert? Aangevuld met een belastingstelsel dat iedere Euro die je vervolgens verdient, progressief belast en geen aftrekposten aan de ene kant en toeslagen aan de andere kant kent.

Het zou een flinke versimpeling van het belastingstelsel betekenen, fraudemogelijkheden fors beperken en werk weer lonend maken. Lonend omdat iedere verdiende Euro tot meer bestedingsruimte leidt omdat de armoedeval er niet meer is. De armoedeval die mensen nu belemmert om te gaan werken omdat een stijging van bruto inkomen leidt tot het verlies van allerlei toelagen en zo tot een lager besteedbaar inkomen.

Fietsenband, blinde darm en hartklep

In zijn wekelijkse column in de Volkskrant bespreekt Frank Kalshoven de gezondheidszorg en dan vooral de pogingen om de kosten ervan te beheersen. Hij verzet zich tegen het collectiviseren van de zorg, iets wat enkele linkse partijen lijken te willen en breekt een lans voor de eigen bijdrage.

lekke-band

Foto: Alles Over Fietsen

Om zijn punt helder te maken, vergelijkt hij de zorg met een fietsenmaker: Mensen kiezen er niet voor om ziek te worden. Mensen kiezen er niet voor een lekke band te krijgen. Mensen gaan niet voor hun lol naar de dokter. Mensen gaan niet voor hun lol naar de fietsenmaker. Het gaat wel om hun gezondheid. Het gaat wel om hun mobiliteit.” Twee keer pech en toch  betalen we de dokter, op een kleine eigen bijdrage na, collectief en de fietsenmaker niet. Kalshoven: “ Als we alles wat we niet voor onze lol betaalden, zouden collectiviseren, leefden we hier binnenkort in het paradijs, het Noord-Koreaanse wel te verstaan.” De dokter is, net als de fietsenmaker geen publiek goed: “de diensten van de dokter zijn net zo uitsluitbaar en rivaliserend als die van de fietsenmaker. We zouden zorg net zo kunnen organiseren als de fietsenmakersbranche: afrekenen voor geleverde diensten, pinnen per consult, operatie, medicijn. Bij een echt publiek goed, pakweg Defensie, kan dat niet: we kunnen niemand in Nederland uitsluiten van de bescherming en de bescherming van u rivaliseert niet met die van mij.” Nu leert de geschiedenis dat mensen ook uitgesloten kunnen worden van bescherming door het leger. Zo werd de oostkant van de Maas in de verdedigingsplannen van het Nederlandse leger tijdens de Tweede Wereldoorlog zonder slag of stoot opgegeven, de Maas was de eerste verdedigingslinie. Dat terzijde.

Terug naar Kalshovens vergelijking. Een lekke band is hooguit hinderlijk, een lekkende blinde darm of hartklep dodelijk. De band kan ik zelf plakken, de blinde darm of hartklep niet. Daar heb ik toch echt een arts voor nodig. Eerst om de diagnose te stellen en vervolgens voor de operatie. Bovendien zijn er voor een fiets alternatieven: je kunt lopen, steppen, met de scooter, auto, trein, bus, vliegtuig. Wat zijn de alternatieven voor mijn blinde darm of hartklep?

Het is alsof we voor 50 cent bij de fietsenmaker onze band konden laten plakken. Als mensen dan zouden zeggen: nou, dan ga ik fietsenmaker mijden hoor, dan zouden we zeggen: wat jij wil. Als je zelf niet eens 50 cent wilt betalen voor een dienst die ons allemaal 10 euro kost, is blijkbaar met jouw lekke band goed te leven.” Zo vergelijkt Kalshoven de fietsenband met de doktersbehandeling. Inderdaad is het goed leven met een lekke band. Is dat ook zo met een lekkende blinde darm of hartklep?

Gaat Kalshovens vergelijking niet mank?

De pot en de ketel

Van Turken in het buitenland waarvan de Tukse overheid denkt dat ze banden hebben met de Gülen-beweging, wordt het paspoort in beslag genomen. Zij kunnen een eendaags paspoort krijgen om naar Turkije te vliegen. Aldaar moeten zij voor de rechter hun onschuld bewijzen en als dat lukt, dan krijgen ze hun paspoort terug. Dit las ik bij Trouw.

pot-en-ketel

Illustratie: Golfbrekers

Het staat er echt: hun onschuld bewijzen. Kern van een rechtstaat is toch dat iemand pas schuldig is aan iets als die schuld is bewezen en door een rechter bekrachtigd. Pas dan kan een straf worden opgelegd. Tot die tijd ben je onschuldig en hooguit verdacht. Het zou wat zijn als er in een stad een moord is gepleegd en dat vervolgens alle personen die zich in die stad bevinden, worden gearresteerd en vastgezet en vervolgens moeten aantonen dat zij het niet hebben gedaan. De omgekeerde wereld, alleen de advocatuur zou er wel bij varen.

Wil je je Turkse paspoort terug dan moet je met je eendaagse paspoort naar Turkije. Daar word je opgepakt en vastgezet zonder veroordeling en kun je een proces beginnen om je onschuld te bewijzen. Alleen duurt het zeker zes maanden voordat zo’n proces begint. Als dat je lukt, dan krijg je een nieuw paspoort. Maar wat als het niet lukt om je onschuld te bewijzen? Je komt dan Turkije in ieder geval niet meer uit en waarschijnlijk het gevang ook niet. Dan krijg je geen paspoort, maar ben je dan schuldig? Je onschuld niet kunnen aantonen wil niet automatisch zeggen dat je schuldig bent.

Nu kunnen we natuurlijk onze stem laten horen en protesteren tegen deze omdraaiing van het recht. We kunnen onze regering verzoeken om scherp te protesteren tegen deze omdraaiing van het recht. Maar wacht eens, hoe zit het ook al weer met het intrekken van de Nederlandse nationaliteit van vermeende terroristen met een dubbele nationaliteit? Gebeurt daar niet hetzelfde: afname van de nationaliteit met een mogelijkheid om deze achteraf via een rechter terug te krijgen, als je kunt aantonen dat je onschuldig bent?

Moeten we onze eigen pot niet eerst schoon schrobben voordat we de Turkse ketel gaan verwijten dat hij zwart ziet?

Is dit beleid of is hier over nagedacht?

In NRC een interview met hoogleraar rechtsfilosofie Wouter Veraart. Veraart is voorzitter van een commissie die de verkiezingsprogramma’s van dertien partijen heeft doorgenomen op het ‘rechtstatelijke gehalte’. Veraart legt uit wat ze hebben onderzocht: “We hebben een minimale toetsing gedaan, met drie minimumeisen waarvan iedereen zegt: ja, dit hóórt bij een rechtsstaat. Eerste eis is dat de overheid voorspelbaar moet zijn en zichzelf ook aan de regels houdt. Tweede eis is dat de fundamentele mensenrechten niet worden geschonden en eis drie is de vraag of iedereen toegang tot de onafhankelijke rechter houdt.”

150217bin_partijplannen

Van de resultaten werd hij niet vrolijk, vijf van de dertien partijen doen voorstellen die in strijd zijn met de rechtstaat. Vier jaar geleden waren dat nog maar twee van de tien partijen. Als u wilt weten welke dat zijn, in een andere artikel  zijn ze opgenomen. het varieert van het sluiten van de grenzen voor moslims, het afnemen van de nationaliteit van terroristen, die zouden dan statenloos worden en ook het verbieden van de financiering van moskeeën en islamitische organisaties door buitenlandse overheden. Discriminerend omdat het alleen islamitische organisaties betreft. De reden: “Partijen proberen zorgen over terrorisme, jihadisme en slecht controleerbare vluchtelingenstromen serieus te nemen en ze komen met plannen om daar iets aan te doen. Alleen sommige van die voorstellen zijn zo drastisch dat ze onze eigen vrijheden op het spel zetten.”

Veraart en zijn collega’s willen de ogen openen van kiezers: “We willen kiezers bewust maken. Het lijkt leuk, om mee te gaan met de onvrede en een proteststem uit te brengen. Maar je doet dan wel iets met ons land, je zet vrijheden waar je zelf van profiteert op het spel door op één van de partijen te stemmen die nu de rechtsstaat willen ontmantelen. Want dat is in feite wat ze voorstellen. En uit niets blijkt dat het een grap is.” Een mooi streven dat aansluit bij de doelstelling van de Ballonnendoorprikker, vandaar dat ik er aandacht aan besteed.

Na het lezen van het artikel en het rapport moest ik denken aan oud-kamerlid Jan Schaefer. Schaefer is beroemd om de uitspraak ‘ in geouwehoer kun je niet wonen’. Een tweede legendarische uitspraak van Schaefer is: ’is dit beleid of is hier over nagedacht?’ Denkend aan Schaefer hebben de betreffende partijen veel beleid.

Open grenzen en arbeidsmigranten

Oorzaak en gevolg waren de eerste woorden die mij te binnen schoten toen ik het artikel van Jaques Monasch bij ThePostOnline las. Monasch maakt zich druk over alles wat er fout is in de Europese Unie en toen ik de volgende passage las, dacht ik aan die twee woorden: “Het vrije verkeer van werknemers heeft geleid tot de uitholling van beroepen en tot oneerlijke concurrentie met als gevolg steeds lagere lonen. Om die reden moet de arbeidsmigratie aan banden worden gelegd.”

MOOIWEERAARDBEIENFoto: BN De Stem

Ja, door het vrije verkeer van personen kwam de Poolse aspergesteker, stukadoor en fabrieksarbeider naar Nederland en al snel werd hij gevolgd door zijn Bulgaarse of Roemeense collega. Monasch lijkt een punt te hebben: sinds deze arbeidsmigranten komen, worden beroepen uitgehold, lonen lager en de concurrentie oneerlijker. Dus de grenzen dan maar sluiten voor deze arbeidsmigranten.

Maar wacht eens even, klopt die redenering wel? In tijd gingen eerst de grenzen open en daarna de lonen omlaag en zonder open grenzen zou dit niet kunnen gebeuren, maar is het eerste daarmee ook de oorzaak van het laatste?

Ja, zij krijgen meestal minder betaald dan hun Nederlandse collega’s waarvoor de werkgever een CAO loon moet betalen. Een lager loon omdat zij via allerlei schimmige maar toch legale uitzendconstructies worden ingehuurd. Via bijvoorbeeld uitzendbureaus gevestigd in Polen die deze mensen in dienst hebben volgens de Poolse wet en arbeidsvoorwaarden. En ja, hierdoor werden en worden Nederlandse arbeiders uit de markt geprezen.

Zou de oorzaak van die uitholling, oneerlijke concurrentie en de lagere lonen die daarvan een gevolg zijn, niet het gevolg zijn van al die schimmige constructies? Zijn die schimmige constructie niet het gevolg van een gebrek aan daadkracht, of erger, wilskracht van onze politici om wettelijk te bepalen dat iemand die in Nederland zijn werk verricht, volgens de Nederlandse CAO betaald moet worden?

Discriminatie bij wet

De Eerste Kamer heeft ingestemd met een wet die het mogelijk maakt om vermeende terroristen het Nederlanderschap te ontnemen. Tenminste, als de persoon naast de Nederlandse, nog een andere nationaliteit heeft. Als de persoon alleen de Nederlandse nationaliteit heeft dan kan de nationaliteit niet worden afgenomen omdat volgens internationale verdragen moet worden voorkomen dat iemand statenloos wordt. Zo willen de ‘instemmers’ met de wet de veiligheid in Nederland vergroten. Wat als het land van de tweede nationaliteit dezelfde maatregel neemt en daarmee iets eerder is dan Nederland?

terrorismeIllustratie: Liberties.EU

Laten we aannemen dat de ‘instemmers’ gelijk hebben en dat het hierdoor werkelijk veiliger wordt in Nederland. Wordt die veiligheid dan niet duur betaald?

Duur betaald omdat het Nederlanderschap kan worden ontnomen door het kabinet op basis van een ambtsbericht van de AIVD. Dus zonder tussenkomst van een rechter op basis van informatie, ambtsberichten die heel lastig tot niet zijn te toetsten, ze zijn immers verkregen door geheime diensten. In onze Nederlandse rechtstaat was het gebruik dat het aan de rechterlijke macht is om iemand te bestraffen. Nu wordt er gestraft zonder tussenkomst van de rechter. Ja, de rechter wordt achteraf gevraagd om zich erover uit te spreken.

Duur betaald omdat de wet onderscheid maakt tussen mensen. Namelijk tussen mensen mét en mensen zonder dubbele nationaliteit. Alleen de eersten kunnen immers worden gestraft met het intrekken van de nationaliteit. Hoe verhoudt zich dit tot het gelijkheidsbeginsel? Discrimineert de wetgever niet op basis van afkomst? De Grondwet stelt in artikel 1 immers: “Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.” ‘De vermeend terrorist bevindt zich niet in Nederland’, zou je kunnen tegenwerpen. De terrorist met de Nederlandse nationaliteit wellicht ook niet en die wordt anders behandeld.

Moet niet juist aan de kracht van de rechtstaat en de erin opgenomen gelijkheid, worden vasthouden? Worden zo, in de strijd tegen ‘terroristen’ niet juist die zaken afgebroken die ons onderscheiden van de ‘terrorist’? Wordt zo niet de belangrijkste verdedigingswal tegen ‘terroristen’ afgebroken?