De Ballonnendoorprikker schrijft korte prikkelende columns, waarin kromme redeneringen, verhullend taalgebruik en rammelend beargumenteerde standpunten aan de kaak worden gesteld
Na de aanslagen van elf september 2001 vielen de Verenigde Staten Afghanistan binnen, dit omdat het Al Qaida van Osama bin Laden zich in dat land schuilhield en werd beschermd door de Talibanregering in dat land. Die inval werd een succes en de Talibanregering en Al Qaida werden verdreven. Alhoewel succes, Afghanistan is nog steeds een instabiel, de Taliban zijn nog springlevend en actief en de centrale regering is nog steeds zwak. Lokale heersers en potentaten maken de dienst uit en sluiten zich aan bij de partij die hen het meeste voordeel oplevert.
Sinds die inval opereren NAVO-toepen in het land. Die activiteiten worden in Nederland ‘opbouwmissie’ (Uruzgan) of ‘ politietrainingsmissie’ (Kunduz) en ook andere landen doen er vrolijk aan mee. Iedere keer als een missie eindigt, dan verdwijnt de gebrachte ‘ stabiliteit’ als sneeuw voor de zon en rukken de Taliban weer op. Nu zijn er nog zo’n 13.000 NAVO-militairen actief in het land en dat schijnen er niet genoeg te zijn. Er moeten er zo’n 3.000 tot 5.000 bijkomen en ook deze keer niet om te vechten maar het centrale leger van Afghaanse regering te ‘trainen’ zo valt bij nos.nl te lezen.
Mooi die eufemismen die worden gebruikt. Het doet denken aan de ‘politionele acties’ van Nederland in Indonesië na de Tweede Wereldoorlog. De 140.000 Nederlanders die toen werden gestuurd, waren alles behalve politie-agenten. Het waren gewoon militairen die een oorlog moesten gaan voeren. Of neem de ‘adviseurs’ die de Verenigde Staten naar Vietnam stuurden. Op het hoogtepunt waren er bijna 600.000 waarvan 535.000 uit de Verenigde Staten. Ongeveer 1 adviseur op nog geen anderhalve Zuid-Vietnamese soldaat., dat was nog eens persoonlijk advies.
Nog wranger is dat Al bijna twee eeuwen wordt geprobeerd om grip te krijgen op het gebied dat we Afghanistan noemen. De Britten hebben het zonder veel succes geprobeerd, daarna probeerde Sovjet Unie ook die kwam bedrogen uit. De Afghaanse oorlog en de erop volgende ‘nederlaag’ was een van de oorzaken van het uit elkaar vallen van de Sovjet Unie. Sinds 2001 pogen de Verenigde Staten en de NAVO om het land te beheersen en zoals we zien tot nu toe zonder succes.
Het huidige eufemisme is dus dat er ‘trainers’ worden gestuurd. Niet Dick Advocaat en Ruud Gullit, die moeten het Nederlands Elftal gaan trainen, maar militairen. Moeten die de Afghanen leren vechten? Dat lijken ze zelf zeer goed te kunnen. Of zou het juist andersom zijn, dat de trainers training gaan volgen bij de getrainden?
Als het over twerken of blubbling gaat, dan sla ik een artikel over. Dat zegt vast iets over mij. Soms mis je dan een interessant artikel. Zo stuitte ik dit weekend bij de Correspondent op een artikel met de titel Waarom je Kendrick Lamar serieus moet nemen en niet zomaar kunt twerken op Byoncé, geschreven door Anoucha Nzume. Aanleiding voor dit artikel was het verschijnen van Nzume’s boek Hallo witte mensen. Nzume schreef over culturele toe-eigening, een begrip waarover ik al eerder schreef.
Een interessant artikel omdat het in vier stappen uitlegt hoe culturele toe-eigening werkt: “
Eerst vat hebben op privilege. Als je niet snapt dat er machtsverhoudingen zijn in onze maatschappij, dan zal je culturele toe-eigening nooit begrijpen. Zonder machtsverhoudingen zou er namelijk ook geen sprake zijn van culturele toe-eigening, maar van culturele uitwisseling.
Vervolgens moeten de machtsverhoudingen gespecificeerd worden: je moet begrijpen dat er in een land als Nederland heel veel niet-westerse culturen gemarginaliseerd zijn. Als je op een mondiaal niveau kijkt, zie je hetzelfde.
Dan kun je zien dat witte Nederlanders culturele gebruiken, symbolen, eten, et cetera, klakkeloos overnemen, badend in hun machtspositie en enorme verlangen naar de exotische supermarkt van cultuur. Voordat het culturele aspect zich door witte mensen was toegeëigend, werd het vaak als een beetje infantiel, ridicuul, extreem, te etnisch, of inferieur beschouwd. Maar als witte mensen gebruik gaan maken van zo’n aspect, is het opeens oké, cool, gezellig of spannend.
Vervolgens wordt er status, eer of geld mee verdiend door die witte mensen.”
Een interessante theorie die niet onweersproken kan blijven omdat het een grote ballon lijkt met gebakken lucht. Met iedere stap wordt er meer van die lucht in geblazen.
De eerste stap, de machtsverhoudingen, ik weet dat die er zijn. Die zijn er in iedere samenleving en tussen alle mensen. Als ik het goed begrijp is er alleen sprake van culturele uitwisseling als er geen machtsverhouding is. Als je het zo stelt, kan er dan ooit sprake zijn van culturele uitwisseling? Want is er niet altijd sprake van machtsverhoudingen tussen mensen?
Dan de tweede stap, de gemarginaliseerde niet-westerse culturen tegenover, ja tegenover wat eigenlijk? De dominante westerse cultuur? Of de dominante Nederlandse cultuur? “De Friese, of Groningse cultuur is anders dan de Brabantse of de Limburgse,” las ik zo’n anderhalf jaar geleden in het commentaar van een Limburgse krant. Commentaar dat me verleidde tot een reactie. Waaruit bestaat die ‘dominante cultuur’? Zijn er niet ook gemarginaliseerde ‘westerse culturen’? Nzume schets een beeld van een grote homogene westerse of Nederlandse cultuur en zo’n homogeen blok is er nu niet, is nooit geweest en zal er ook nooit zijn.
De derde stap, het overnemen van, gebruiken, symbolen, eten etcetera. Zijn het alleen ‘witte Nederlanders’ die zich om een voorbeeld van Nzume aan te halen, tooien met Samoaanse tatoeages zonder te weten waar Samoa ligt? Zijn het alleen ‘witte Nederlanders’ die ‘zomaar twerken op Byoncé. Daarmee zijn we er nog niet. Deze stap is de kern van de theorie van culturele toe-eigening en er zijn veel vragen bij te stellen.
Om te beginnen zijn het alleen ‘witte mensen’ die zich iets toe-eigenen? Rijden alleen witte mensen auto? Zijn er geen ‘gekleurde mensen’ die gebruik maken van de trein van elektriciteit? Die weleens naar een verre bestemming vliegen? Zijn het alleen ‘witte mensen die gebruikmaken van de vrijheid van meningsuiting en de democratische rechten? Allemaal resultaten van de ‘witte westerse cultuur’. Ook deze culturele uitingen worden gebruikt binnen machtsverhoudingen en niet alleen machtsverhoudingen tussen ‘witte’ en ‘niet witte’ mensen, ook machtsverhoudingen tussen ‘witte mensen’ die deel uitmaken van ‘gemarginaliseerde westerse culturen’.
Neem de titel van Nzume’s artikel. Ik geloof best dat ik Kendrick Lamar serieus moet nemen, ik neem iedereen serieus totdat de persoon er blijk van heeft gegeven dat dit niet nodig is. Lamar is, net als Nzume, ‘niet wit’, alleen komt Lamar uit Compton, een heel andere ‘cultuur’ dan Nzume’s. Dan Byoncé Knowles, waar we niet zomaar op mogen twerken, afkomstig uit Texas, weer een heel andere cultuur dan die van Lamar en Nzume. Maakt de overeenkomstige huidskleur van Nzume, Lamar en Knowles dat ze een zelfde ‘culturele achtergrond’ hebben? Maakt de uitvinding van de verbrandingsmotor door de Duitser Benz, dit tot een ‘witte’ uitvinding, een ‘Europese’ een ‘Duitse’ of was het een uitvinding van het individu Benz? Is Twerken ‘zwart’ of is het van … (geen idee wie het heeft uitgevonden). Vindt een cultuur uit of een individu? Wie eigent zich iets toe en dan niet van cultuur, maar van iemands prestaties?
Hangt het dagelijkse leven niet aan elkaar van het gebruik van ‘uitvindingen’ van anderen. Ontwikkelt de mens zich niet juist omdat hij of zij gebruik maakt van wat anderen die hen voorgingen hebben verzonnen en ontwikkelt hij of zij dit zo verder? Zo heeft Benz voortgebouwd op hen die aan hem vooraf gingen. Wil Nzume dit stopzetten? Of moeten we ons bij alles waar we over praten, wat we doen en gebruiken realiseren van wie het afkomstig is en vooral tot welke ‘cultuur’ de persoon behoorde? Dan kunnen we het autorijden wel vergeten. Niet omdat we Benz niet meer kennen, maar omdat de naam en de cultuur van de uitvinder van het wiel geheel onbekend is, net als de eerste ijzersmelter.
Of zijn het alleen mensen van eenzelfde kleur als de ‘uitvinder’ die er iets mee mogen doen? Als dat zo is, hoe bepaal je dan iemands kleur? Wat is dan de kleur van iemand met een blanke en een zwarte ouder? Is die blank of zwart? En als we dan enkele generaties verder zijn en er zijn verder alleen nog maar witte partners in het spel, welke kleur heeft de verre nazaat met éénvierenzestigste zwart in zich? Lijkt dit niet ook een doodlopende weg?
Is het werkelijk zo dat iets pas cool en hip wordt als ‘witten’ er iets mee doen? Nzume noemt het voorbeeld: “Döner bij Donnies. Twee witte Nederlanders die döner zo hebben ‘verwit’ dat ook Het Parool vindt dat döner nu eindelijk noemenswaardig is. Of, zoals het in de recensie werd beschreven, eindelijk meer is dan ‘ordinair katervoedsel.’ De recensie opent met een quote van de witte eigenaar van het restaurant: ‘We komen een beetje uit het verdomhoekje.” Döner is nu pas salonfähig? Wat een onzin, zonder al die ‘witte Nederlanders’ waren er nooit zoveel dönerzaken in Nederland. Ja, nu zijn er twee ‘hipsters’ met goede journalistieke contacten en gevoel voor marketing die er wat geitenkaas, kikkererwten en pompoenpitten en vooral veel gebakken lucht aan toevoegen en zich op een ‘andere markt’ richten. Döner wordt er niet anders door en blijf van eenzelfde categorie als de gyros en de shoarma die eraan vooraf gingen. Trouwens, een flinke stap boven de ‘witte’ hamburger van de bekende keten.
Daarmee zijn we bij de laatste stap van Nzume aanbeland: wie verdient ergens geld mee. Volgens Nzume zijn dat ‘witte mensen’ die zich iets toe-eigenen. Ja, Miley Cyrus vond twerken niet uit, deed het twintig jaar na dato en het werd hip. Kun je dat haar verwijten? Werd twerken bekend door Cyrus of Cyrus door twerken? Was het wel oké geweest als Byoncé ervoor had gezorgd dat twerken bekend werd? Byoncé zat en zit in eenzelfde machtspositie als Miley Cyrus. Zou dat voor Nzume verschil uitmaken? Zou dat voor de uitvinder verschil uitmaken? Ja, het komt helaas heel vaak voor dat de werkelijke uitvinder niet de credits krijgt, die krijgen uitvinders zelden. Net zoals ze de grootste verdiensten aan hun neus voorbij zien gaan. Dat is niet iets waar alleen ‘gekleurde’ mensen tegenaan lopen. Dat gebeurt ‘witte mensen’ net zo veel en vaak. Want ook het overgrote deel van de ‘witte mensen’ ontbeert de vaardigheid, de mogelijkheid en de middelen om iets tot een succes te maken. Geld is immers het enige in de wereld dat zich niet aan de zwaartekracht houdt, het valt niet naar de ‘have not’s’ beneden, maar naar de ‘have’s’ boven. Of zoals mijn moeder altijd zei: ‘den duvel schiet altied op de groeëtste haup’.
Daarmee kom ik op het belangrijkste punt. Een punt waar Nzume en de Ballonnendoorprikker elkaar vinden zoals ik al concludeerde naar aanleiding van een interview met Nzume in de Volkskrant. De machts- en middelenverdeling in Nederland en de wereld. Die is behoorlijk scheef en is extra in het nadeel van mensen met een kleurtje omdat er weinig ‘kleur’ te bekennen is in de ‘powers that be’. Het kost tijd en dan moeten we niet in jaren maar in generaties denken, om tot dat ‘machtscentrum’ door te dringen.
Een proces dat kan worden versneld, door dat ‘machtscentrum’ onder druk te zetten en daarvoor hebben we elkaar nodig. Die strijd wil ik graag samen met Nzume aangaan, maar dan hindert een slordige ‘culturele toe-eigeningstheorie, of die van de ‘witte onschuld’ waarover ik al eerder schreef in een brief aan Sunny Bergman. Deze theorieën hinderen omdat ze niet onweersproken mogen blijven. Dat weerspreken kost energie en tijd die anders kon worden ingezet. Belangrijker is echter dat er zo verdeeldheid ontstaat en als het ‘machtscentrum’ ergens van profiteert, dan is het wel verdeeldheid. Of om een bekend Nederlands gezegde (verdeel en heers) wat te verhaspelen: ‘verdeel en verlies’.
Ik las het interview met u in de Volkskrant. Een bijzonder interview omdat u een gedeeld verleden heeft met de interviewer, Sander Donkers en die zijn eigen ervaringen erin verweeft. Aanleiding voor het interview is het uitkomen van uw boek Hallo witte mensen. U voert actie omdat het u: “om machtsverhoudingen (gaat), hier bij ons én internationaal. Waar wordt het geld verdiend, door wie?” Een onderwerp dat mij ook bezighoudt en waarover ik geregeld schrijf op mijn site www.ballonnendoorprikker.nl. We zouden elkaar wellicht kunnen vinden in de strijd voor een rechtvaardigere wereld.
Alleen moet mij iets van het hart. U lijkt uw strijd om de machtsverhoudingen te veranderen, nogal sektarisch te willen voeren. Door de manier waarop, en de ‘makkers’ waarmee u de strijd tegen de macht voert. Hoe kom ik tot deze conclusie?
In het interview komt de Diversiteitsmars van Nasrdin Dchar ter sprake. “Als je zo’n onrechtvaardig systeem even denkt te kunnen wegknuffelen door met een ballon te gaan lopen, buig je in feite mee met het establishment,” zo zegt u.De boodschap van die mars was voor u niet sterk genoeg omdat het niets doet aan het lagere schooladvies dat uw zoon krijgt. Beste mevrouw Nzume, door uw boek te schrijven en Dchar in de hoek te zetten als een ‘softe ballonnenknuffelaar’, verandert dat schooladvies ook niet. Laat staan dat de machtsverhoudingen verschuiven in de door u en mij gewenste richting. Wat u daarmee wel doet, is medestanders van u afstoten.
U zegt uw boek te hebben geschreven als: “een soort handboekje waarin ik de theorieën en terminologie van wetenschappers als Gloria Wekker, Kimberlé Crenshaw en Philomena Essed in Jip en Janneke-taal heb vertaald, en dan vermengd met persoonlijke ervaringen.” Nu moet mij van het hart dat vele actievoerders die zich op het denken van Wekker baseren, mensen zoals Mitchell Esajas, Charlene Hiwat-Kortstam, Sunny Bergman, Reza Kartosen-Wong en anderen, mij, een blanke man van middelbare leeftijd, het gevoel geven dat ik aan de verkeerde kant van de streep sta. Mij het gevoel geven dat ik de oorzaak van alle ellende ben en dat ik dat eerst moet erkennen en me er vervolgens voor moet verontschuldigen. Mij het gevoel geven dat ik die twijfelachtige theorieën van Wekker als ‘de waarheid’ moet aanvaarden. Ook hierdoor worden medestanders afgestoten.
Beste mevrouw Nzume, de strijd tegen de gevestigde macht kan alleen met succes worden gevoerd als krachten worden gebundeld. Als de strijders tegen de macht elkaar versterker, als zij zoeken naar overeenstemming in plaats van de nadruk te leggen op verschillen. Zou het kunnen dat u door een dergelijk starre houding ‘meebuigt met het establishment’?
In de auto onderweg naar huis van de honkbalwedstrijd van mijn zoon, luisterde ik naar Radio1. Daar werd journalist Arnold Karskens kort geïnterviewd omdat hij verschillende politici, waaronder Eurocommissaris Frans Timmermans, aanklaagt voor dood door schuld via zijn stichting Onderzoek Oorlogsmisdaden. En niet alleen politici, ook non-gouvernementele organisaties (NGO) kunnen een aanklacht tegemoet zien. De reden: de in de Middellandse Zee verdrinkende vluchtelingen en migranten. Karskens is begaan met het lot van de verdronken stakkers. Volgens Karskens zou Europa voor het Australische beleid moeten kiezen: grenzen hermetisch gesloten en nul vluchtelingen toelaten.
Thuisgekomen zocht ik even en kwam het bericht tegen op de site van omroep WML die Karskens citeert: “Het is uitlokken. Sommige mensen moet je gewoon tegen zichzelf beschermen. Veel Afrikanen zien Europa nog steeds als het paradijs: je krijgt een gratis huis en uitkering.” Door de grenzen niet hermetisch te sluiten, maar ook door niet te waarschuwen voor de gevaren van de overtocht per rubberen bootje, zijn politici als Timmermans medeplichtig. De NGO’s die vluchtelingen uit het water vissen, zijn medeplichtig omdat zij mensen uitlokken tot de gevaarlijke overtocht. Omdat de regeringen en politici er niets aan doen, zoekt Karskens zijn heil bij de rechter.
Het siert Karskens dat hij zich bekommert om het lot van de verdrinkende vluchtelingen en inderdaad als ze niet op die bootjes stappen, kunnen ze ook niet verdrinken. Dus de grenzen toch maar dichtgooien? Dan heeft de tocht per bootje geen zin en verdrinkt er niemand meer en moet de vluchteling in ‘de regio’ worden opgevangen. De economische migrant kan dan zijn energie steken in de opbouw van zijn land. Iedereen blij.
Of toch niet? Is de vluchteling geholpen? De opvang in ‘de regio’ blinkt niet echt uit in kwaliteit en al die Europese en Nederlandse politici die de vluchteling in ‘de regio’ willen opvangen, leveren er niet het benodigde geld bij. Ook bekommeren ze zich (bijna) niet om de oorzaken van de conflicten waarvoor mensen vluchten net zoals ze niets doen aan de oorzaken achter de economische migratie. Oorzaken zoals de vrijhandelsverdragen die in het nadeel van de Afrikaanse landen zijn (zoals de gesubsidieerde export van melk- en pluimveeproducten naar Afrika die de boeren daar brodeloos maakt), de economische plundering van de rijkdommen van die landen, de economische ongelijkheid en de klimaatverandering.
Beste meneer Karskens, als u werkelijk begaan bent met het lot van de vluchteling, klaag de politici dan aan omdat ze niets doen aan die oorzaken.
Ze zitten er weer op, de Paasdagen. Het feest van …, ja waarvan ook al weer? In de Volkskrant veel ingezonden brieven naar aanleiding van een column van Max Pam. Pam constateerde dat veel mensen niet meer weten wat er met Pasen wordt gevierd. Anderen zijn boos omdat scholen de paastraditie aanpassen aan de leerling-populatie. Zo valt bij ThePostOnline te lezen dat de PVV het: “van de zotte (vindt) dat Nederlandse christelijke en katholieke scholen hun eigen religie en cultuur uitwissen door toe te geven aan de eisen van islamitische ouders en kinderen en hun weigering tot assimilatie”
Het lijkt wel of de commotie over Pasen ieder jaar erger wordt. Vorig jaar was er het ‘eierenoproer’ van Halbe Zijlstra waarbij de HEMA de gebeten hond was. Die noemde de eivormige chocolaatjes ‘verstop-eitjes’ terwijl de christelijke overleveringen toch echt reppen van paaseitjes.
Het is wat met die paastraditie. Zeker als we Hein Peters bij Joop volgen. Peters verbindt het paasfeest met het voorchristelijke feest genoemd naar de Germaanse lentegodin Ostera, de Duitse en Engelse benaming van pasen verwijst daar nog naar zo schrijft hij: “Want dát is eigenlijk wat we vieren: het Germaanse lentefeest, het feest van de vruchtbaarheid en het terugkerende leven.” Inderdaad was de christelijke kerk een meester in ‘integratie’. Om haar boodschap aan de man te krijgen, werden ‘heidense’ tradities ‘verchristend’. Vaak op verbluffend eenvoudige manier, namelijk door aan een populair heidens gebruik een ‘heilige’ te verbinden en diens ‘levensverhaal’ erin te integreren.
De hele paascommotie overziend, concludeerde Stijn Fens bij Trouw: “Het belangrijkste christelijke feest is voor een overgroot deel van de Nederlandse bevolking geworden tot een ‘lentefeest’, ‘feest van hoop’ en ‘het-is-eindelijk-weer-om-buiten-te-spelen-feest’.”
Zijn we zo weer terug bij af en is de kerstening van weleer omgeslagen in ‘verheidening’? Of wordt er geofferd aan een andere, bekende god Mammom, de god van het geld?
Gelukkig behoor ik niet tot de doelgroep van Patrisse Cullors, een van de oprichters van Black Lives Matter. “Het is volgens Cullors sowieso onverantwoordelijk om je als vrouw, etnische minderheid of LHBTQIA níet in te zetten in de strijd voor gelijkheid,” zo valt te lezen in een interview dat Vera Mulder van de Correspondent heeft met Cullors. Ik heb namelijk een hekel aan mensen die vinden dat ik iets moet en me onverantwoordelijkheid verwijten als ik dat niet doe.
Nu strijd ik al mijn hele leven voor de gelijkwaardigheid van alle mensen, dus eigenlijk zou ik me thuis moeten kunnen voelen bij mensen als Cullors. Juist die dwingende of verwijtende toon maakt echter dat ik me niet thuis voel bij haar en haar medestrijders. Ik ben een man, blank, boerenzoon, echtgenoot, vader, Venlonaer, VVV supporter (een leuke bezigheid dit seizoen), speel softbal, vier Vastelaovend, ben historicus, hetero, schrijf graag prikkelende stukjes en zo zijn er nog veel meer zaken die bij mij horen, die mij vormen. Ik ben ze allemaal en ook nog eens allemaal tegelijk. In al die hoedanigheden kan ik me met mensen identificeren en me van hen onderscheiden, want dat is de spiegel van identificeren.
Cullors en met haar vele andere zoals Sunny Bergman en Gloria Wekker reduceren of simplificeren me tot alleen ‘blanke’, ‘man’ of ‘VVV supporter’. Zo maken zij een karikatuur van mij. Juist die veel-, of beter heelheid maakt mij tot de mens die ik ben en juist vanuit die heelheid kan ik strijden voor gelijkwaardigheid. Is het elkaar als ‘heel’ zien en elkaar als ‘heel’ behandelen niet een belangrijke voorwaarde om tot elkaar te komen en gelijkwaardigheid te bereiken? We behoren immers allemaal tot een minderheid. En ook nog wel de kleinst mogelijke minderheid van één persoon.
Vanuit die heelheid zie ik dat niet alleen ‘black’, maar ‘all lives matter’. Mulder mag dat een slechte tegenwerping vinden: “Natuurlijk, in een ideale wereld zou iedereen achter laatstgenoemde staan, maar puur de noodzaak van het oprichten van de beweging bewijst dat onze wereld zover nog niet is.” Zeg je door de nadruk te leggen op één kleur niet dat de andere kleuren er niet toe doen?
Die tegenwerping van Mulder berust trouwens op een vreemde redenering: omdat we onszelf hebben opgericht, kan de wereld niet zonder ons.
Een ‘tussenbaan’ dat is een manier waarop werkgevers de grenzen van de wetgeving rond tijdelijke contracten opzoeken, zo valt in de Volkskrant te lezen. “De tussenbaan biedt alle betrokkenen kansen. We binden werknemers voor langere tijd aan ons. En werkgevers behouden de flexibiliteit die ze wensen,” zo zegt Patricia Hoogstraten namens de werkgevers in de krant.
Een tussenbaan, een geniale vondst. Alhoewel, zijn alle banen niet een vorm van ‘tussenbaan’? Is een baan met een vast contract tegenwoordig niet ook gewoon een baan tussen de vorige en de volgende? Was zelfs de ‘baan voor het leven’ van vroeger niet een ‘tussenbaan’? Een baan tussen de schooltijd en het pensioen. Zouden we niet veel beter af zijn als we uitgaan van de tijdelijkheid van alle werk en iedere baan? Over tien jaar zijn er immers beroepen waar we nu nog niet van hebben gehoord en nu gangbare beroepen zijn dan ‘weg gerobotiseerd’.
Volgens velen is de vaste baan de maat der dingen. Een vaste baan omdat die mensen zekerheid biedt. Hoe zeker is die zekerheid als een reorganisatie of een tegenvallende economische situatie voldoende is om die vaste baan te beëindigen? Inderdaad dat kost geld en is vooral voor kleine bedrijven een zware last en een reden om iemand dan maar niet in dienst te nemen en een tijdelijk contract te bieden.
Onze sociale stelsel is gebouwd in de tijd van de ‘baan voor het leven’. Een baan die ook toen wel eens weg viel en dan werd zekerheid van inkomen geboden in de periode tussen twee banen. Moeten we het sociale stelsel niet op een andere leest schoeien nu ‘banen voor het leven’ niet meer bestaan en ‘flex’ de norm is? Zou een stelsel dat is gebaseerd op een sober doch menswaardig bestaan een uitkomst bieden? Een stelsel met een basisinkomen dat een dergelijk bestaan garandeert? Aangevuld met een belastingstelsel dat iedere Euro die je vervolgens verdient, progressief belast en geen aftrekposten aan de ene kant en toeslagen aan de andere kant kent.
Het zou een flinke versimpeling van het belastingstelsel betekenen, fraudemogelijkheden fors beperken en werk weer lonend maken. Lonend omdat iedere verdiende Euro tot meer bestedingsruimte leidt omdat de armoedeval er niet meer is. De armoedeval die mensen nu belemmert om te gaan werken omdat een stijging van bruto inkomen leidt tot het verlies van allerlei toelagen en zo tot een lager besteedbaar inkomen.
‘Help kernwapens de wereld uit, te beginnen uit Nederland’, een leus van de anti-kernwapenbeweging in de jaren tachtig. Kernwapens zijn immers verschrikkelijke en dodelijke wapens. Een goede reden om ze nooit te gebruiken en om ze eigenlijk ook niet te willen hebben. Dat laatste is waarschijnlijk een illusie, ze zijn er immers en de geschiedenis leert dat ze dan niet meer weggaan. Ze worden hooguit overbodig omdat er andere, betere wapens worden ontwikkeld. Zo bestaan pijl en boog nog steeds al zijn ze op het strijdperk vervangen door de zoveelste generatie geweer.
Kernwapens staan nu bovenaan op de ‘apenrots’ van wapens en vele landen beschikken erover. Tot veler vrees beschikt ook het Noord-Korea van Kim Jong-un over kernwapens. Kim daagt anderen graag uit en doet dat vaak door raketten te testen. Nu schijnt hij dat te willen doen door een atoombom als test tot ontploffing te brengen. Iets wat andere nucleaire machten ook hebben gedaan, maar nu al lange tijd niet meer doen. De Verenigde Staten nemen dat hoog op: “The U.S. is prepared to launch a preemptive strike with conventional weapons against North Korea should officials become convinced that North Korea is about to follow through with a nuclear weapons test.” Dit vertelden verschillende Amerikaanse inlichtingenofficials aan NBC News. De Amerikanen denken er dus over om een oorlog te beginnen mocht blijken dat Noord-Korea een atoombom test.
Wie zijn de Verenigde Staten of welk ander land dan ook, om Noord-Korea dit te ontzeggen of te verbieden? Wat maakt de VS tot rechter die mag bepalen wat een land wel en niet mag? Noord-Korea is een soeverein land en een soeverein land mag er alles aan doen om zichzelf te verdedigen. Het land heeft, net als India, Pakistan, Zuid-Soedan en Israel geen handtekening gezet onder het non-proliferatieverdrag. Dit verdrag beperkt het bezit en de verspreiding van kernwapens. Drie van die landen hebben, net als de VS, China, Frankrijk en Rusland, ook kernwapentests uitgevoerd. En slechts één van die landen heeft ooit kernwapens gebruikt.
Dat het land het wil is belachelijk, maar waarom mag Noord-Korea geen raketten of atoombommen testen?
Wat er in ruim een week al niet kan veranderen. Vorige week nog vertelde de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken dat het verwijderen van de Syrische president Assad niet langer de prioriteit had. Het was aan de Syrische bevolking om de toekomst van het land en het lot van Assad te bepalen. Een paar dagen later vallen er doden door gifgas na een luchtaanval van het Syrische leger. Weer een paar dagen later vallen er Amerikaanse kruisraketten op het Syrische leger en dan is het verdrijven van Assad ineens weer een doel, aldus de Amerikaanse VN-ambassadeur Nikki Haley. Dit naast de andere doelen: het verslaan van IS en het verwijderen van de Iraanse invloed in Syrië. Wat zal de komende week brengen?
Drie Amerikaanse doelen, drie keer iets wat er niet meer moet zijn: IS, Iran en Assad moeten weg. Het Turkije van Erdogan zal er de Koerdische strijdgroepen aan toevoegen. Als je het de Iraniërs vraagt, dan zou het kunnen dat zij de Amerikanen weg willen hebben. Zo zal iedere partij die bij het conflict betrokken is, iets en vooral iemand benoemen die weg moet.
Laten we eens aannemen dat de Amerikanen zo succesvol zijn dat ze alle drie hun doelen behalen. Wat moet er dan gebeuren? Hoe zou de Syrische samenleving er dan uitzien? Welke rol zouden de Koerden dan vervullen en welke rol de andere bevolkingsgroepen? Welk wenkend perspectief hebben de Amerikanen de Syriërs te bieden?
Waarom zouden het de Amerikanen, Russen, Turken, Iraniërs moeten bepalen wat het beste is voor Syrië? Wat als de Syriërs liever geen Amerikaanse, Russische, Turkse, Iraanse enzovoort bemoeienis willen? Hoe meer partijen met belangen, hoe moeilijker het is om een probleem op te lossen. Zou het conflict in Syrië niet gebaat zijn bij terugtrekking van alle buitenlandse partijen, bij ‘Syriëisering’ van het conflict?
Twee keer kwam ik deze week een interview tegen met Mustafa Aslan de campagneleider van de AK-partij in Nederland. De eerste keer in de Volkskrant en op vrijdag 24 maart in Dagblad de Limburger. Twee keer krijgt Aslan de gelegenheid om zijn werkelijkheid te schetsen. In Dagblad de Limburger wordt hem gevraagd naar de duizenden mensen met een afwijkende mening die vastzitten. Aslan: “ Jij bekijkt Turkije door een Nederlandse bril. Dat snap ik. Maar als je wilt begrijpen moet je de situatie in Turkije kennen. Dit is een land dat bijna dagelijks wordt getroffen door aanslagen. Dat haalt het nieuws hier niet, maar het gebeurt wel. Ik wil de aanslagen in Frankrijk en België niet relativeren, maar in Turkije zijn vorig jaar 1.000 mensen gestorven bij aanslagen. En we grenzen aan IS gebied. Dan moeten er andere maatregelen worden genomen dan hier in Europa.”
Beste meneer Aslan, laten we even teruggaan naar het jaar 2015. In dat jaar werden er in Turkije twee maal verkiezingen gehouden. De eerste keer leed uw AK-partij een overwinningsnederlaag, vergelijkbaar met die van de VVD afgelopen verkiezingen. Uw partij kreeg veertig procent van de stemmen, maar verloor de absolute meerderheid. Grote winnaar was de van oorsprong Koerdische HDP. Uw partij moest een coalitie vormen, maar dat lukte met geen enkele van de andere partijen. Daarom schreef de president Erdogan, nieuwe verkiezingen uit voor november. Uw AK-partij kreeg toen wel een meerderheid van de stemmen en kon alleen verder regeren. Tot zover niets bijzonders.
Nou ja, niets bijzonders, internationale waarnemers concludeerden dat die tweede verkiezingen niet geheel democratisch waren verlopen. Bovendien was er nog iets. In de periode tussen de twee verkiezingen begon uw geliefde president deel te nemen aan de strijd tegen het terrorisme, iets waar hij zich voor die tijd niet mee bemoeide. Het was echter niet het door u genoemde IS dat de Turkse klappen kreeg, maar de Koerden. Die reageerden hierop en dit leidde ertoe dat uw president Erdogan het vredesproces met de Koerden beëindigde en de strijd hervatte. De strijd tegen de Koerden in Turkije en buurland Syrië. Iets wat de Koerdische PKK en andere strijdgroepen, niet zomaar lieten gebeuren. Zij sloegen terug door aanslagen op vooral leger en politie te plegen.
Resultaat van deze oorlog: uw president Erdogan kon allerlei maatregelen nemen om het de oppositie lastig te maken, de Koerden ‘verketteren’ en als ‘sterke man’ de verkiezingen winnen. Voeg daarbij de manier waarop nu inderdaad duizenden mensen het leven onmogelijk wordt gemaakt en het geschreeuw van de afgelopen weken en dan vraag ik u, meneer Aslan, wilt deze man waar u van houdt de bijna absolute macht geven, ga uw gang. Het valt mij trouwens op dat alleen in autocratisch of dictatoriaal geregeerde landen, mensen van de machthebber houden. Ik hoor Duitsers niet roepen dat ze van Merkel houden, of Nederlanders van Rutte.