Crisis? What crisis?

Crisis? What crisis? Aan deze titel van een plaat van Supertramp moest ik vandaag denken. En dan vooral aan het nummer Poor Boy op die plaat.

“Why can’t we all afford to live like you? This simple life is simply not enough. We have appearances we must keep up?”

Ik moest hieraan denken toen ik vandaag (dus gisteren voor jullie lezers) iets bijzonders hoorde op de radio. De Tweede en Eerste Kamer bespreken op dezelfde dag een wetsvoorstel en dat gebeurde voor het laatst in 1917 met toen de uitgebroken oorlog die wij nu de Eerste Wereldoorlog noemen, als belangrijke aanleiding. Toen een belangrijke gebeurtenis, de veiligheid van het land was immers in het geding.

Keeping up appearances

Foto: Flickr

Wat is dan nu, honderd jaar later, de aanleiding om de beide Kamers op eenzelfde dag over een voorstel te laten stemmen? Dat moet ook wel iets van gelijk belang zijn. Nou …, dat valt eigenlijk een klein beetje, of eigenlijk heel flink, tegen. Het gaat over een verhoging van de eigen bijdrage in de zorg van € 385 naar € 400. Een verhoging van vijftien euro per jaar, één Euro en vijfentwintig cent per maand. Iets waar de kranten trouwens ook al meer dan een week mee vol staan.

Natuurlijk is vijftien Euro veel geld als je ze niet hebt en toch zorg nodig hebt, dat wil ik niet bagataliseren. Zeker niet omdat die vijftien Euro bovenop de huidige eigen bijdrage van € 385 komt zodat het samen om € 33,33 per maand gaat. Zeker als dat niet het enige is en dat is het niet wat je moet betalen. Nee, er komt ook nog de premie bij om me te beperken tot de ziektekosten.

Natuurlijk is de zorg een debat waard en misschien wel een debat van beide kamers op één dag, maar een debat over vijftien Euro? Zou dat debat niet beter kunnen gaan over het al dan niet werken met een eigen risico? Over de manier waarop medicijnen-fabrikanten goud geld verdienen met hun patenten? Over de gemeenten verantwoordelijk maken voor zorgtaken op basis van aannamen? Of misschien wel over marktwerking in de zorg? Dat zou een goede reden kunnen zijn. Maar ja, geldt voor velen in Den Haag niet: ‘We have appearances to keep up?’

Flextremisme opgelost door flextremist

De SP heeft bepaald dat de lokale afdeling in sommige plaatsen niet mee mag doen aan de komende gemeenteraadsverkiezingen. Dit omdat die lokale afdeling onvoldoende de straat op ging om contact te maken met mensen en dus potentiële kiezers. Digitaal is belangrijk,

“Maar om echt contact te maken moet je mensen persoonlijk spreken, daar blijven wij van overtuigd. Zo hoor je wat hen bezighoudt en kun je ze helpen,”

zo valt te lezen in de Volkskrant. In het artikel worden jongeren gevolgd die voor de partij de straat op gaan. In een gesprek met een jeugdige handelt het over de moeite om een vast contract te krijgen en nadat de jeugdige zich berustend afvroeg wat hiertegen te doen, antwoordt de SP’er:

“Wij willen dat veranderen, daarom vragen wij je te stemmen voor de Flextremist 2017.”

flexibelFoto: Pixabay

Flextremist? Omdat er op dat moment geen vriendelijke SP’er aanbelde, heb ik maar even gezocht op het net. Via de Facebook-site van de SP kwam ik erachter dat de partij een verkiezing organiseert om de gierigste werkgever van Nederland aan de schandpaal te nagelen. Nu zijn gierig en flexibel twee verschillende zaken. Is een werkgever die mensen niet in vaste dienst heeft en ze een hoogsalaris betaalt gierig of gieriger dan iemand die mensen in vaste dienst heeft en ze slecht betaalt? Dit terzijde.

Vaste contracten moeten mensen zekerheid bieden en veel mensen zijn op zoek naar zekerheid in onzekere tijden. Waarschijnlijk ziet de SP dat veel mensen in onzekerheid leven en wil de partij deze mensen zekerheid bieden. Een nobel streven. Een kanttekening, hoe zeker is een vast contract? Hoe zeker is werk in een tijd van robotisering en automatisering? Zo heb je een mooie vaste baan vervolgens vindt er iemand een programma uit dat je werk ook kan doen en ineens sta je op straat. Je werkt met je vaste contract in een mooie winkel en opeens daalt de omzet omdat mensen via het net inkopen en gaat je winkel failliet. Hoe zeker is een vast contract? De SP biedt een twintigste-eeuwse oplossing aan voor een eenentwintigste- eeuws probleem?

Zou er geen ander, beter bij de huidige tijd passende oplossing voor die onzekerheid zijn dan het vaste contract? Een oplossing die mensen zekerheid geeft die niet afhankelijk is van vaste contracten? Die zelfs niet afhankelijk is van het hebben van werk? Een oplossing die mensen zekerheid geeft bij flexibiliteit? Sterker nog, zekerheid die hen juist de flexibiliteit geeft, die hen tot flextremist maakt? Een eenentwintigste-eeuwse oplossing voor een eenentwintigste-eeuws probleem? Een basisinkomen?

Het paard en de ruiter

“Een goed paard is nog geen goede ruiter,”

toen hij deze uitspraak deed, werd hij weggehoond. Wie was hij, Co Adriaanse een marginale voetballer en redelijk trainer, wel niet om Marco van Basten, een van onze grootste voetballers, zo weg te zetten. Van Basten was zojuist benoemd tot bondscoach van het Nederlands elftal terwijl hij nog geen ervaring als coach had. Inmiddels heeft Adriaanse gelijk gekregen. Ondanks zijn kwaliteiten als voetballer bleek Van Basten geen goede trainer.

lucky LukeIllustratie: Flickr

Ik moest hieraan denken toen ik in de Volkskrant een ingezonden brief las van  Jos Engelen.

“In een goed peerreview-systeem is juist dat gewaarborgd. De voordelen van wetenschappelijke vernieuwing en de stimulering van excellentie die hiermee gepaard gaan, wegen ruimschoots op tegen de overhead die het beoordelingssysteem nu eenmaal met zich meebrengt.”

Met deze woorden onderstreept Engelen het voordeel van de huidige manier van verdelen van onderzoeksgelden voor wetenschappers. Hij zet zich hiermee af tegen een alternatief dat in een interview in dezelfde krant door Krist Vaesen wordt gepromoot. Vaesen pleit voor egalitaire verdeling van onderzoeksgelden over wetenschappers, een soort ‘basisbeurs’.

Het pleidooi van Engelen klinkt overtuigend: laat wetenschappers beoordelen welke onderzoeksvoorstellen zij het meest vernieuwend vinden en subsidieer die. Wetenschappers kunnen elkaars werk immers het beste beoordelen. Maar toch, zijn het werkelijk wetenschappers die het beste in staat zijn om de kans op succes en vooral vernieuwing van de plannen van andere te beoordelen? Zou ‘wisdom of de crowd’, in dit geval de wetenschappelijke ‘crowd’ werkelijk de kans op vernieuwing maximaliseren? Zou een peerreview-systeem het onderzoeksvoorstel van Copernicus en Galilei hebben ondersteund of zouden de ‘peers’ het hebben weggelachen?

Nu is het onwetenschappelijk om aan de hand van één voorbeeld te concluderen dat een ‘basisbeurs’ meer vernieuwing oplevert dan peerreview, of eigenlijk, dat specialisten, in dit geval wetenschappers, beter zijn in het herkennen van winnaars. Maar toch, zouden wetenschappers niet ook kunnen leiden aan de ‘confirmation bias’, naar bevestiging van hun eigen denken en gelijk zoeken en dus onderzoeken stimuleren die hun gelijk bevestigen? Dezelfde confirmation bias die goede voetballers tot goede trainers maakt en goede trainers zonder voetbalverleden niet serieus neemt?

Genderneutrale indentiteitspolitiek

“Hema benadrukte zelf dat het ook roze jurkjes blijft verkopen. Er wordt niets afgeschaft, er worden dingen toegevoegd: meer stoere meisjeskleren, meer keuzevrijheid. Het enige dat verdwijnt, is een tweedeling.” 

Een zin uit de column van Asha ten Broeke in de volkskrant. Ten Broeke verbaast zich over de commotie die ontstond toen de HEMA besloot om de labels ‘jongens’ en ‘meisjes’ op de kledingafdeling weg te halen.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Foto: Vikipeedia

Aan de ‘ene kant van de commotie’ de mensen die het belachelijk vinden dat de HEMA zwicht voor die ‘politiek correcte’ social justice warriors die in de Telegraaf een van hun spreekbuizen vinden: “Nederland ergert zich kapot aan het genderneutrale beleid dat zich meer en meer verbreidt.” Aan de andere kant van die ‘commotie’ de strijders voor gelijke rechten voor LHBTQIA die vinden dat alles genderneutraal moet zijn van kleding tot toiletten. Ik kan ze gerust stellen, de twee potten in ons huis zijn genderneutraal. Genderneutrale kleding voor volwassenen lijkt mij, door de verschillen in bouw tussen mannen en vrouwen, lastiger. Ik heb wel eens per ongeluk een spijkerbroek van mijn vrouw aangetrokken, die zat toch heel wat minder dan het ‘mannenmodel’ dat ik nu aan heb. Dat even terzijde.

Er is iets in de discussies rond gender maar ook identiteit dat mij puzzelt. Zoals ik het zie streven zowel de strijders voor genderneutraliteit als ook de identiteitsstrijders zoals Gloria Wekker en Sunny Bergman het doel na, dat iedereen zichzelf mag zijn en als zichzelf gezien mag worden. Een goed streven dat ik alleen maar kan onderschrijven en ik denk dat de overgrote meerderheid van de mensen dit streven zullen onderschrijven. Het puzzelt mij waarom ik me dan toch stoor aan deze strijders.

Dat puzzelen leidt bij mij tot de conclusie dat dit weleens het gevolg kan zijn van de manier waarop de strijders voor gelijke rechten de strijd voeren. Beiden gebruiken mij om zich tegen af te zetten. De ‘identiteitsstrijders’ omdat ik een blanke, westerse man ben die ‘profiteert’ van zijn ‘witte superioriteit‘, de genderstrijders omdat ik een heteroman man ben. Het komt op mij over dat de beide ‘strijdgroepen’ mij verwijten dat ik ben wie ik ben. Dat zij bij hun streven om zichzelf te mogen zijn, mij verwijten dat ik die blanke, hetero enzovoorts man ben. Dit terwijl het allemaal zaken zijn waaraan ik niets kan veranderen. Net zoals een homo niets kan veranderen aan zijn homoseksualiteit en een Chinees niets aan zijn Chinees zijn. Daar verandert een genderneutrale HEMA of toiletpot niets aan.

Pam en de Klungelende Kolonisatoren

“Wij zijn onhandig in het beheren van onze koloniale erfenis. Met de Indonesiërs bestaat nog steeds geen echte vriendschap, in Suriname regeert de poppenkast en op onze Antillen wordt geregeld een politieke kop gesneld. Het ziet er allemaal klungelig uit.”

Tot deze conclusie komt Max Pam in de Volkskrant naar aanleiding van het bezoek dat de orkaan Irma bracht aan Sint Maarten. De Fransen hebben het beter op orde, die hebben deze ‘buitengebieden’ tot  Frans grondgebied verklaart met alle rechten en plichten van dien.

Kongo

illustratie: Wikimedia Commons

Nederland klungelt maar wat aan met de voormalige koloniën en dat wat er nog van over is, andere landen doen dat veel beter, zo doet Pam voorkomen. Laten we dit geklungel eens vergelijken met andere landen en laten we daarbij beginnen met Frankrijk. Enkele kleine eilandjes zijn inderdaad Franse departementen geworden, maar hoe zit het met de rest van de voormalige koloniën? Treedt Frankrijk niet geregeld op in veel van haar voormalige koloniën in Afrika zoals nu nog in Mali? En wordt er daar niet geregeld een ‘kop gesneld’ met medeweten? Of andersom, vindt een kop die door de bevolking van het land gesneld dreigt te worden, niet heel vaak een veilig heenkomen in Frankrijk, denk bijvoorbeeld aan de Duvaliers uit Haiti? Hoe zit het met de vriendschap tussen Vietnam en Frankrijk, is daar sprake van echte vriendschap?

Of neem onze zuiderburen, de Belgen en hun omgang met Congo, hun voormalige kolonie. “Congo is geen staat, het is een systeem voor persoonlijke verrijking.” Een uitspraak van de Belgische minister van Ontwikkelingssamenwerking Alexander de Croo die veel verder gaat dan de poppenkast in Suriname. België helpt wel: “Maar we doen dat op een manier die zoveel mogelijk afstand houdt van de centrale overheid,” aldus De Croo.

Dan de Verenigde Staten, officieel had het land geen koloniën, maar de bemoeienis met bijvoorbeeld Cuba vertoont er toch veel gelijkenis mee. Net zoals de omgang van de VS met het land. Onder Obama leek hier eindelijk verandering te komen alleen heet de huidige president van de VS Trump. Om over de Russische omgang met de staten die samen met haar deel uitmaakten van de Sovjet Unie maar te zwijgen.

Nederland mag onhandig zijn in de omgang met de koloniale erfenis. De bewoordingen ‘poppenkast’ en ‘klungelig’ mogen terecht zijn voor de Nederlandse omgang met de voormalige koloniën. Het is nog maar de vraag of andere klungelende kolonisatoren het er beter vanaf brengen.

Total destruction

“Terrorist and extremist have gathered strength and spread to every region of the planet. Rogue regimes represented in this body not only support terrorists but threaten other nations and their own people with the most destructive weapons know to humanity.”

Deze woorden sprak de Amerikaans president uit bij zijn toespraak voor de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.

Hiroshima

foto: Wikimedia Commons

Hij bedoelt hier vooral Noord-Korea. Nu is het maar helemaal de vraag of het Noord-Korea van Kim Jong-un terroristen ondersteunt. Bewijzen hiervoor zijn, bij mijn weten, nog nooit bijgeleverd. Dit maakt deze uitspraak vergelijkbaar met de uitspraak van de voorganger van de voorganger van Trump, George W. Bush, die het Irak van Saddam Hoessein van hetzelfde beschuldigde zonder ook maar een flinter bewijs bij te leveren. Of zou hij toch zijn ‘vrienden’ de koning en diens hofhouding van Saoedi-Arabië bedoelen? Een interessante vraag waar ik hier mijn tanden niet in ga zetten.

Het gaat mij om de tweede zin de ‘schurkenstaten’ onder de lidstaten van de VN die andere landen en hun eigen bevolking bedreigen met de meest vernietigende wapens. Ook hier zal hij doelen op Noord-Korea. Dat land schiet immers raketten af en houdt kernproeven en dat wordt door andere landen, waaronder de VS, als een bedreiging voor de wereldvrede gezien. Iets waarin andere landen al zijn voorgegaan.

In dezelfde toespraak spreekt hij een waarschuwing uit aan die ‘rogue nations’. Hen wacht de totale vernietiging als de Verenigde Staten zich moeten verdedigen. Spiegelt hij niet exact wat hij de andere kant verwijt? Is het dreigen met totale vernietiging en dus met het inzetten van ‘the most destructive weapons kown to humanity’ niet precies dat wat de tegenstander, Noord-Korea, wordt verweten? Je zou kunnen tegenwerpen dat de VS geen schurkenstaat is, al zullen er verschillende andere landen zijn die daar anders over denken. Zelfs als die tegenwerping correct is en de VS geen schurkenstaat zijn, waarin verschilt dan het gedrag van een schurkenstaat van het gedrag van de VS onder Trump?

Altuntas’ alternatieve feiten

Op de site Joop houdt Celal Altuntas een pleidooi voor deelname aan VN-vredesmissies.“Dat is in het belang van de getroffen landen, maar ook in het belang van Nederland,” schrijft Altuntas. Niet deelnemen aan dergelijke missies:

“Betekent nog meer vluchtelingen die naar Europa komen. Betekent nog meer armoede en onmenselijke omstandigheden in Afghanistan. Dat is nog niet alles, want je geeft terroristen ook ruimte om zich daar te verplaatsen. Dat geldt ook voor Mali.”

Afghanistan

Foto: Flickr

Altuntas bouwt zijn betoog op bijzondere ‘feiten’. Altuntas: “Zonder steun van de VN-vredesmissie had de Afghaanse regering moeilijk van de Taliban gewonnen. Weliswaar is de Taliban niet vernietigd, maar is ook lang niet meer zo sterk als in de jaren 90.” Een VN-vredesmissie in Afghanistan? Nu kan het zijn dat ik iets heb gemist, maar bij mijn weten is er  geen VN missie actief in Afghanistan. En ter geruststelling van mijn geheugen, volgens de VN zelf ook niet. De NAVO is er actief als vervolg op de Amerikaanse inval in dat land. De Amerikanen vielen binnen omdat Afghanistan onderdak bood aan het Al Qaida van Osama bin Laden dat kort de aanslagen van 11 september 2001 had gepleegd. De Taliban waren op dat moment de Afghaanse regering en die werd door de Amerikanen verjaagd. Aan wie verleenden de Amerikanen op dat moment dan steun?

Iets verderop in zijn betoog bespreekt Altuntas de situatie in het Midden-Oosten: “Zonder de inzet van de vredesmissie was ISIS nog steeds machtig in het Midden-Oosten en had het zeker nog duizenden slachtoffers meer gemaakt. Als de VN eerder via een vredesmissie had ingegrepen, had ISIS wellicht niet zo veel ellende kunnen aanrichten.” Ook hier was ik in de veronderstelling, en gelukkig geeft dezelfde VN me gelijk, dat er geen sprake is van een vredesmissie tegen ISIS. De strijd tegen ISIS wordt door vele partijen gevoerd. Partijen die ook nog eens onderling met elkaar in de clinch liggen. Partijen die ieder door andere ‘machten’ worden gesteund.

Herschrijft Altuntas de geschiedenis zodat deze zijn betoog ondersteunt?. Of moet je tegenwoordig zeggen dat hij zich op ‘alternatieve feiten’ baseert?

Leeg Europa

  “… het goede willen, ook voor mensen die niet tot de eigen stam of etnische groep behoren. Zijn vijanden kunnen vergeven of in staat zijn de spons te vegen over andermans fouten. Elke mens als individu respecteren, ook zwaar mentaal gehandicapten. De behoeften van de naasten voorrang geven op de eigen behoeften. Alle mensen als gelijkwaardig behandelen, dus ook vrouwen en andersgelovigen.”

Dat zijn volgens Juliaan van Acker de centrale, op de ethiek van het jodendom en het christendom gebaseerde, waarden van ‘onze Europese beschaving. “Wie zich aan deze waarden niet kan aanpassen, hoort niet thuis in Europa,” aldus van Acker bij TPO. Laten we die centrale ethiek eens wat nader bestuderen.

st martinus

Illustratie: Wikimedia Commons

In Europa lopen veel mensen rond die het goede willen. Het vervelende met het goede is dat dit per persoon kan verschillen. Eind 2015 schreef ik in een prikker met als titel Het Goede Doel waarin ik aandacht besteedde aan mensen en stromingen die zich beroepen op het goede. Ik stelde daar de vraag: “Beroepen de jihadisten, als meest vergaande vorm van moslimfundamentalisme, zich ook niet op het goede en dus rechtvaardige? Al zullen er niet veel andere mensen zijn die dit ‘goede’ als goed beoordelen.” 

Willen Europeanen werkelijk het goede voor mensen die niet tot de eigen stam of etnische groep behoren? Lijkt het er niet meer op dat velen in Europa mensen die niet tot de eigen stam of etnische groep behoren het allerbeste toewensen zolang ze maar niet in Europa en vooral niet in Nederland zijn? Daarbij lijkt het niets uit te maken of ze zich aan ‘deze waarden’ van Van Acker willen aanpassen. Wordt dat zelfs niet regeringsbeleid van het kabinet dat nu wordt geformeerd? De vier betrokken partijen willen immers meer Turkijedeals.

Is met een spons over andermans fouten vegen moeilijk? Ja, als die fout van een ander je schade heeft berokkent, dan kan het lastig of pijnlijk zijn. Maar wordt het niet pas echt lastig als je met die spons over je eigen fouten moet vegen? Hoeveel mensen draaien niet om de hete brei van de eigen fouten heen? In de politiek zijn er vele voorbeelden van te vinden. Neem de Teevendeal of de Van Rey-affaire om er eens twee te noemen.

Hoeveel Sint Martinussen lopen er rond? U weet wel de Romeinse soldaat die, volgens de overleveringen, zijn mantel doorsneed en de helft aan een arme medemens gaf. Zouden er niet veel meer ‘heiligen’ moeten zijn als Sint Martinus’ gedrag ingeburgerd zou zijn? Of anders gesteld, zou er een ‘heilige’ zijn als dit normaal gedrag was?

Beste meneer Van Acker, als aanhanger van de christelijke ethiek kent u vast de uitdrukking ‘hij die zonder zonde is werpe de eerste steen.’ Zou Europa niet een lege vlakte zijn als eenieder die de ethiek van u niet praktiseerde het continent zou moeten verlaten.

Wat als …

Een paar dagen geleden schreef ik een prikker met als titel Democratische oorlog. Dit naar aanleiding van een artikel van Sietse Bruggeling in de Volkskrant. Bruggeling schreef over automatische en autonome gevechtssystemen die zouden kunnen helpen om de levens van onschuldigen te sparen en onnodige vernietiging van zaken te voorkomen. Bruggeling reageerde op mijn prikker, iets wat ik zeer op prijs stel. Dit biedt namelijk de mogelijkheid om met elkaar in gesprek te gaan en zo samen verder te komen.

dromen

Illustratie: Pixabay

Bruggeling sloot zijn reactie af met de volgende woorden: “En we moeten ook wel rekening houden met horrorscenario’s. Ik vind ook echt dat we goed moeten discussiëren over het onderwerp, want ze kunnen in potentie levens redden, maar dat is nu natuurlijk nog onduidelijk. Maar dan moeten we wel praten over feiten en niet over vergezochte fantasieën.” Inderdaad moeten we de feiten niet uit het oog verliezen. Die dienen een belangrijke plek in te nemen, dat ben ik met Bruggeling eens en heb ik hem ook geantwoord.

Zouden echter die fantasieën niet ook een plek moeten krijgen in het gesprek over kunstmatige intelligentie, want daar heb je het over als je het over autonome wapens hebt? Zijn fantasieën immers niet een van de motoren achter de technische ontwikkeling? Zijn er niet vele voorbeelden van fantasieën die uiteindelijk werkelijkheid zijn geworden? Neem vliegen, dat was eeuwenlang een fantasie, nu is het werkelijkheid. Of het bezoeken van de maan? Direct spreken met mensen aan de andere kant van de wereld? Allemaal ooit een fantasie, nu werkelijkheid.

Zouden niet zowel de ‘hemelse’ als de ‘helse’ fantasieën een plek moeten krijgen in het gesprek? Zou het proberen te achterhalen wat de cruciale factoren zouden kunnen zijn in het bereiken van zowel de ‘hemelse’ als de ‘helse’ fantasieën, ons niet verder helpen juist bij het bereiken van de ‘hemel’ en het voorkomen van de ‘hel’?

‘Parlementaire geschiedenis’

Het Rotterdams kunstinstituut Witte de With houdt de gemoederen flink bezig. Het instituut is, zo wordt beweerd, naar de straat waaraan het ligt, de Witte de Withstraat in Rotterdam genoemd. Die straat is weer genoemd naar een Nederlandse zeeman uit de zeventiende eeuw. Witte de With schijnt een zeer streng kapitein te zijn geweest voor zijn manschappen en als alle ‘kapiteins’ uit die tijd heeft hij ook in ‘de Oost’ zijn sporen (van vernieling, plundering en moord) nagelaten. Voor die tijd was zo’n staat van dienst niets bijzonders en voldoende om in de negentiende en twintigste eeuw als ‘zeeheld’ een straat naar je vernoemd te krijgen.

witte de with

Foto: Wikipedia

Kijkend door onze eenentwintigste eeuwse bril worden deze daden wat ‘anders’ beoordeeld. Een groep activisten, stel te vraag:

“How will this institution start to undo itself?”

Een bijzondere vraag, want wat vragen ze van het instituut? ‘To undo’ is ‘tenietdoen, ongedaan maken,’ of ‘losmaken’. Wat moet het instituut ongedaan maken? De zeventiende eeuwse daden van Witte de With? Dat lijkt me lastig voor een instituut in de eenentwintigste eeuw. Zelfs de eigen culturele uitingen van het instituut kunnen niet ongedaan worden gemaakt. Het instituut kan zich ‘losmaken’ door een andere naam te kiezen zoals het wil gaan doen. Al kun je je afvragen in hoeverre het zich los kan maken van haar eigen resultaten uit het verleden.

Die naamswijziging geeft ook meteen weer aanleiding tot discussie. Bij Elsevier vindt Gertjan van Schoonhoven het: “krankzinnig, zeker uit democratisch oogpunt,” dat het instituut haar naam wijzigt onder druk van een brief van deze groep activisten. Volgens Van Schoonhoven is het verleden iets van ons allemaal en niet alleen van activisten. Omdat het instituut bovendien met publiek geld wordt gefinancierd, is de naamgeving ook een publieke zaak:

“Dus gemeenteraad, dus parlement: doe jullie werk.” 

Op de redeneringen van de activistische briefschrijvers, net als op de wetenschappelijke onderbouwing ervan, is veel aan te merken. Redeneringen ‘witte superioriteit’ die niet verworpen kunnen worden, immers door ze te verwerpen bevestig je ze. Sterker nog, dat doe je al door er alleen vraagtekens bij te plaatsen. Op een wat grove manier plaats Van Schoonhoven deze kanttekeningen.

Volgens Van Schoonhoven gaat het hier om de “vraag hoe Nederland om moet gaan met andere, kritische opvattingen over het eigen koloniale verleden.” Het beantwoorden van die vraag: “mag geen onderonsje zijn van kunstenaars en activisten die vinden dat zij alléén recht van spreken hebben.”  Wat dit laatste aangaat heeft hij gelijk. Maar gaat hij niet de mist in met zijn oproep aan de gemeenteraad en het parlement? Gaat de Rotterdamse gemeenteraad over de naam van een onafhankelijk cultureel instituut dat zij subsidieert? Gaat het parlement over de geschiedenis en de manier waarop die wordt beoordeeld? De geschiedenis bij wet vastgelegd? Dat zou het begrip ‘parlementaire geschiedenis’ een heel andere betekenis geven.