Ben/Ken de geschiedenis

“We vinden het belangrijk de kennis over onze gedeelde geschiedenis, waarden en vrijheden te vergroten. Deze maken ons tot wat we samen zijn. In Nederland is iedereen gelijkwaardig, ongeacht geslacht, seksuele geaardheid of geloof. Tolerantie naar andersdenkenden is de norm en kerk en staat zijn gescheiden. In Nederland kun je kiezen welk geloof je wilt belijden, of om niet te geloven. Dit zijn waarden waar we trots op zijn en die ons maken tot wie we zijn. Het is van groot belang dat we die historie en waarden actief uitdragen. Het zijn ankers van de Nederlandse identiteit in tijden van globalisering en onzekerheid. Op school leren kinderen daarom het Wilhelmus, inclusief de context ervan.” 

Deze passage is te vinden op pagina 19 van het regeerakkoord met als titel Vertrouwen in de toekomst.

VOC

Illustratie: Wikimedia Commons

Zo op het oog prachtige zinnen, toch knaagt er iets. Als historicus ben ik een groot voorstander van het vergroten van de kennis van het verleden. De genoemde vrijheden en waarden kan ik onderschrijven. Waarom knaagt het dan? Het knaagt vanwege een paar zinnen. Als eerste de zin: “Dit zijn waarden waar we trots op zijn en die ons maken wie we zijn.” Moet ik als Nederlander trots zijn op die waarden en tolerant naar andersdenkenden of anders geaarden? Als dat zo is, hoe komt het dan dat er zoveel intolerante mensen rondlopen? Maken die waarden mijn identiteit of geven ze mij de ruimte om te zijn wie ik ben? Beschermen die waarden en de rechtsstaat die erop is gebouwd ons juist niet tegen gewelddadige uitingen van intolerantie?

Een tweede zin: “Het is van groot belang dat we die historie en waarden actief uitdragen.” Die waarden heb ik in de vorige alinea al besproken, nu het actief uitdragen van die geschiedenis. Wat moet ik me daarbij voorstellen? Wat moet ik dan uitdragen, de trotse VOC mentaliteit van Balkenende, de anti-guerrillatactiek van Van Heutz? Trots zijn op wat we nu als wandaden zouden betitelen? Ik begrijp hoe iemand in die tijd tot dergelijke daden zou komen. Als Van Heutz of Jan Pieterszoon Coen nu nog zouden leven dan zouden ze waarschijnlijk zeggen dat ze ‘met de kennis van nu’ anders zouden hebben gehandeld. Moet ik trots zijn op de prachtig geschilderde ‘selfie’ van de Amsterdamse Nachtwacht, of de prachtige voetbalacties van Johan Cruyff? Hun daden bewonderen ja, maar trots zijn op de prestaties van een ander dat gaat me toch iets te ver.

Nog zo’n zin: “Het zijn ankers van de Nederlandse identiteit in tijden van globalisering en onzekerheid.” De waarden opgenomen in de grondwet en wetten zijn de ankers van het samenleven in dit land, daar moet iedereen zich aan houden. Worden Nederlanders met een andere geschiedenis zo niet buitengesloten? Zij liggen immers niet vast aan het ‘historische anker’ en dat wordt hen extra duidelijk gemaakt via de ‘Wilhelmuskunde’. Wordt hier niet gezegd: ‘als ‘ons’ kunnen jullie nooit worden want toen waren jullie er niet.’ Dat die ‘ons’ er toen ook niet waren, wordt voor het gemak even vergeten.

Her wordt gesuggereerd: ‘Ben deze geschiedenis en waarden’. Zou dat niet ‘Ken deze geschiedenis en waarden’ moeten zijn. Eén letter, maar wel een wereld van verschil.

Waldorf and Statler

“De samenleving zélf is een opstandige puber geworden. De jeugd regeert. Voor je het weet beland je als bakvis bij Zomergasten of krijg je als blaag het predicaat “een van de spraakmakendste denkers van onze tijd” opgeplakt.”

De kern van het bijzondere  leesbaar artikel van Joris van Os bij TPO. De samenleving als een opstandige puber. Ook vroeger waren er opstandige pubers, net als nu, maar die van tegenwoordig worden op een voetstuk geplaatst en krijgen aandacht, zo betoogt Van Os. Hij haalt hierbij Anne Fleur Dekker en ‘tuigvlogger’ Ismail Ilgun als voorbeelden aan die te pas en te onpas in tv-shows verschijnen. Nostalgisch naar een voorbeeld uit zijn jeugd verzucht hij: “Soms verlang ik opeens heel erg naar meneer Stuifkens. We zitten met z’n allen in zijn rozentuin te pielen en het wordt hoog tijd dat hij tevoorschijn springt om ons een knalharde corrigerende schop voor ons hol te verkopen.”

waldorf and statler

Illustratie: Flickr

De samenleving als puber, een mooie metafoor. Ik zet er een andere tegenover. Zou je de samenleving niet ook een beetje als een lichtelijk dementerende oudere kunnen zien? Een dementerende oudere die knorrend merkt dat hem steeds meer ontglipt met soms nog heldere momenten. In die eerste staat reageert hij boos en verongelijkt als hij niet meer begrijpt wat er om hem heen gebeurt. Dan deugd er niets van de samenleving en zet hij zich af tegen alles wat hem in zijn dementerende staat, niet bekend voorkomt.

Als hij iets meer meekrijgt, dan kijkt hij met jaloezie maar ook een klein beetje plezier naar die vrolijke en bezige jongeren die hem herinneren aan zijn eigen jeugd toen hij, om Van Os te parafraseren, ‘met zijn crossfiets door de rozentuin van de buurman ploegde’. Met jaloezie omdat de jeugd hem is ontglipt en met plezier als hij aan zijn eigen kattenkwaad denkt.

Is hij volkomen helder, dan begrijpt hij dat de tijden zijn veranderd, dat er plek moet zijn voor nieuwe mensen en nieuwe ideeën, dat hij langzaam plek moet maken en dat die ideeën niet van meer van hem zullen komen. Dan realiseert hij zich dat die verandering goed is. Dat de wereld constant verandert en dat je niet in het verleden, zijn verleden, kunt blijven hangen.

Een beetje zoals Waldorf en Statler?

Vertrouwen in …

Vertrouwen: “met zekerheid hopen,”

aldus de Vandale. Karl Marx had ook een rotsvast vertrouwen in de uitkomst van de geschiedenis. Volgens Marx drijft die ons onwrikbaar en onvermijdelijk naar een modern communisme, een klassenloze heilstaat. De uitkomst van de klassenstrijd stond vast, het was een wetmatigheid. Tot op heden is die wet nog niet uitgekomen, maar dat wil niet zeggen dat Marx ongelijk heeft. Wellicht is het nog niet zover.

Ook gelovigen hebben een rotsvast vertrouwen in de uitkomst van het leven. Voor de katholieken is het duidelijk dat je uiteindelijk in de hemel aan Gods zijde of de hel bij de duivel beland. Wat het wordt hangt af van je handelen in het hier en nu. Moslims gaan naar het hiernamaals, sommigen met de zekerheid dat daar 72 maagden op hen wachten. De protestanten wachten op de wederkering van van de Heer die hen, de doden en de levenden, opneemt in zijn eeuwigdurende rijk. Boeddhisten en hindoes keren weder in een andere gedaante.

bus VVVFoto: Flickr

Ik heb er vertrouwen in, hoop het tenminste al is de zekerheid niet absoluut, dat mijn favoriete cluppie VVV (zonder Venlo erachter want de eerste V staat voor Venlose) zich handhaaft in de eredivisie en ik hoop er op (weer ietsjes minder zekerheid) dat komend weekend PSV aan de zegekar wordt gebonden. Dat vertrouwen en die hoop is gebaseerd op de inzet en werklust van de spelers en het strijdplan van coach Maurice Steijn.

Waar vertrouw je op als je op de toekomst vertrouwt, zoals de partijen die gaan regeren doen getuige de titel van het regeerakkoord Vertrouwen in de toekomst? Waar hoop je dan met zekerheid op? Dat de toekomst komt, daar hoef je niet op te hopen, die komt, dat is een zekerheid. Een zekerheid die je hebt totdat je sterft en als je gelooft zelfs ook nog daarna. Een beetje zelfbewust kabinet vertrouwt op het positieve effect van de maatregelen die het neemt. Dit kabinet Rutte III lijkt dat niet te doen, dan zouden ze de toekomst met vertrouwen tegemoet zien.

Zouden ze vanwege juist het gebrek aan vertrouwen in de maatregelen in het regeerakkoord met zekerheid hopen dat zij snel worden verlost van elkaar? Zouden ze dat bedoelen met vertrouwen in de toekomst?

Leven in Allenistan

De Nederlandse staat doet er alles aan om mijn mijn recht als volk op zelfbeschikking te ontnemen. Ze blijft mij lastigvallen met blauwe brieven. Als ik volhoud en deze niet betaal, dan valt Nederland mijn land binnen en ontvoert mij naar een gevang in Nederland. Ik ben dan wel maar een heel klein volk, maar toch. Als volkeren recht hebben op zelfbeschikking, dan geldt dat voor alle volkeren dus ook voor mij als volk. Dit kwam bij me op toen ik het artikel van Ewout van den Berg bij Joop las.

karl marx

Foto: Flickr

“De Spaanse staat doet er alles aan om de Catalanen hun recht op zelfbeschikking te ontnemen.” Aldus de eerste zin van zijn artikel waarin hij beweert dat een socialist het recht op zelfbeschikking van de Catalanen wel moeten erkennen, neutraal blijven in dit conflict is niet mogelijk. Maar dit betekent niet dat: “socialisten illusies koesteren in een eigen staat. De Catalanen kunnen breken met Rajoy en de Spaanse staat, maar zolang er niet gebroken wordt met het kapitalisme zullen publieke voorzieningen in Catalonië evengoed geprivatiseerd worden als dit is wat nodig is om de winsten van het ‘eigen’ bedrijfsleven te verhogen.” 

Nu zijn er goede redenen om publieke voorzieningen niet te privatiseren en de huidige vorm van kapitalisme eens grondig op de schop te gooien. Iets wat de Ballonnendoorprikker al veel langer wil. Zou ik dan op de steun van Van den Berg mogen rekenen als ik me morgen onafhankelijk verklaar? Als ik gebruik maak van mijn recht als volk op zelfbeschikking? Dan kan ik immers ‘breken met het kapitalisme’ en mijn eigen samenleving inrichten. Nou ja samenleving, meer een ‘alleenleving’ omdat mijn samenleving uit mij alleen bestaat en als jullie dat ook allemaal doen, dan bestaat de hele wereld uit individuen met zelfbeschikking en onafhankelijkheid.

Absurd? Waarschijnlijk wel. Toch is dit een logische conclusie uit de redenering van Van den Berg. Want als de Catalanen of de Limburgers recht hebben op zelfbeschikking, dan hebben de Barcelonezen en Venlonaeren dat ook, en zo kun je doorgaan tot op het individuele niveau. Zou dat wenselijk zijn? Iedereen zijn Allenistan?

In de Volkskrant concludeerde de Amerikaanse hoogleraar: “waarschijnlijk worden absolute eisen tot zelfbeschikking een bron van geweld.” Zouden we niet precies de andere kant op moeten, niet zelfbeschikking maar ‘samenbeschikking’? Naar een post nationale samenleving? Een samenleving voorbij de natiestaat? Zou dat socialisten niet meer aan moeten spreken dan zelfbeschikking, dan worden immers de proletariërs aller landen verenigd? Dit schrijvend, realiseer ik me dat de wind de andere kant opwaait. Zie bijvoorbeeld het nieuwe kabinet dat juist ‘nationale trots’ wil aankweken via bijvoorbeeld ‘Wilhelmuskunde’.

Culturele toedeling

“Tegenstanders van de traditionele Zwarte Piet wijzen op het racistische uiterlijk, de stereotypische karikatuur van de zwarte mens, het gebruik van ‘blackface’ in een kinderfeest. Fans van Zwarte Piet buitelen vervolgens over elkaar heen om die vergelijkingen te ontkennen: nee hoor, is niet hetzelfde, dit komt van de schoorsteen. Doe me even een lol. Zoek een plaatje van zwarte piet en zoek vervolgens een plaatje van een blackface minstrel uit de VS,”

Aldus Pascal Vanenburg bij Joop. Na het lezen van dit citaat moest ik denken aan het begrip culturele toe-eigening, het door de dominante ‘witte’ cultuur overnemen van zaken uit de cultuur van een minderheid. Bijvoorbeeld de Maori-tatoeage op een blanke Amsterdamse arm.

nandi

Illustratie; Wikimedia Commons

Als er sprake kan zijn van culturele toe-eigening, zou er dan ook sprake kunnen zijn van culturele toedeling? Het aan een bepaalde cultuur koppelen van zaken uit een andere cultuur en daarmee het importeren van argumenten uit die ene cultuur voor jou zaak in de andere? Zo kom ik bij Vanenburg, hij legt een verband tussen de Amerikaans, Engelse ‘blackface’ en ‘Zwarte Piet’. Iets wat Sunny Bergman in haar documentaire ‘Zwart als roet’ ook doet. Wordt door een koppeling te leggen tussen twee ‘culturele uitingen’ die niets met elkaar te maken hebben, niet de beleving, de verontwaardiging en afschuw over de ene uiting aan de andere toebedeeld?

Zo is er veel te zeggen over de wreedheid van het stierenvechten, het doden van een dier voor het plezier. Zouden die argumenten worden versterkt door ze in India te laten zien en de Indiër zijn afschuw te laten uitspreken over deze barbaarse behandeling van dit heilige vervoermiddel van de god Shiva? Deel je dan de Spaanse stierengevecht cultuur niet iets toe dat er geen onderdeel van uitmaakt?

Een ander voorbeeld. De Vastelaovend, een traditie waarbij mensen zich verkleden en zo de bestaande orde op de kop zetten. De bestaande orde op de hak te nemen. Als je deze context niet begrijpt of weglaat, dan zie zou je stereotypen die je als belediging of zelfs als racistisch kunt ervaren kunnen zien. Deel je de Vastelaovescultuur zo niet iets toe dat er geen deel vanuit maakt?

Moeten we niet heel voorzichtig zijn met ‘culturele toedeling’? Voorzichtig omdat zo argumenten en sentimenten in de strijd worden gegooid die er eigenlijk geen plaats in hebben. Argumenten en sentimenten die  mensen verdelen en ons verder van huis brengen. Om bij Zwarte Piet te blijven, dat er mensen zijn die zich niet prettig voelen bij Piet is voldoende aanleiding om naar de ‘vorm en kleur’ van piet te kijken. Daar hebben we de Amerikaans, Engelse blackface niet voor nodig.

Aluhoedje

Jan Roos, de oud verslaggever van PowNews die verkleed als ‘Pepi (of Kokki) streed voor een NEE tegen het associatieverdrag met de Oekraïne en vervolgens als lijsttrekker van de partij VNL jammerlijk faalde, is bang. Bij De Dagelijkse Standaard schrijft hij:“Het zou me heerlijk lijken om me veilig te voelen. Maar ik voel het me niet. Of liever gezegd, we zijn het niet.” Hij voelt zich niet veilig vanwege de deplorabele staat en de grootte van het Nederlandse leger:

“Het leger bestaat nog maar uit 52.000 personen, waarvan 24% uit burgerpersoneel. Het aantal militairen is nog geen halve Kuip vol. Een half stadion met mensen die over ons en onze democratie moeten waken.”

Dat waken moet ook nog eens met ouwe en kapotte meuk en zonder goede training en oefening.

aluhoedje

Foto: Flickr

Na deze opsomming van de staat van het Nederlandse leger, voel ik me ineens een stuk minder veilig. Ik voel me minder veilig omdat ik lees dat het leger de democratie moet beschermen. Dan begin ik me meteen af te vragen wanneer het leger moet ingrijpen in het democratische proces. Is dat als de Partij voor de Dieren, Denk of het Forum voor Democratie onverhoopt in de regering zouden komen? Of als een formatie te lang gaat duren? Liepen we nu al bijna het risico op militair ingrijpen? Immers, wie bepaalt wat te lang is? Wat voor de ene te lang is, is voor een ander te kort. Gelukkig stelt de grootte van het leger, de deplorabele staat van het materieel en de gebrekkige staat van training en oefening mij enigszins gerust. Als de spullen niet werken, dan is die ‘halve Kuip’ er wel onder te krijgen mochten ze onverhoopt vinden dat de democratie in gevaar is en een ‘staatsgreep’ plegen.

Zijn gevoel van onveiligheid wordt nog versterkt omdat: “een miljoen moslims in ons land wonen die vanuit religieus en cultureel oogpunt weinig met onze Westerse waarden hebben en, en dat is misschien nog wel het gevaarlijkste, heeft de EU laten zien weinig problemen te hebben met geweld tegen ongehoorzame burgers, zoals in Catalonië.” Zo daar sta je dan als moslim, hoor je er ineens niet meer bij en mag je van geluk spreken dat het leger zo gammel is. Bovendien hoef je als ‘ongehoorzaam burger’, je hebt immers niet op met de Westerse waarden, ook al niet op de EU te rekenen.

Die slechte staat van het leger kon weleens vanuit Brussel gestuurd zijn: “Noem me een aluhoedje, maar ik denk dat het niet voor niks is dat we nauwelijks nog een leger hebben. Want als we ons straks onveilig genoeg voelen gaan we vanzelf hunkeren naar een EU-leger. Dan heeft het ondemocratische moloch Brussel z’n eigen stormtroepen. Moet je eens kijken wat er dan gebeurt als een volk zich wil afscheiden, een referendum wil houden, of uit de EU wil stappen.”

Gelukkig is de wereld anders dan Roos voorspiegelt en hebben we een leger om de landsgrenzen en niet de democratie te verdedigen. Gelukkig hebben we een democratische rechtsstaat waarbij je andere culturele en religieuze waarden mag hebben dan je buurman. En misschien mogen we wel het meest gelukkig zijn dat er te weinig mensen op VNL hebben gestemd om het in complottheorieën denkende ‘aluhoedje’ in de Kamer te brengen. Alleen jammer, dat andere ‘hoedjes’ dat geluk wel hadden

Slavernij en rassenleer

Als historicus kijk ik uit naar de bijdragen die bij De Correspondent gepubliceerd gaan worden in het kader van de door dit medium uitgeroepen ‘Maand van de Verzwegen geschiedenis’. De Correspondent gaat: “onderzoekers en schrijvers die een groter podium verdienen,” dit podium bieden met als uitdaging om: “meer perspectieven op de geschiedenis,” in de schoolboeken te krijgen.

slavernij

Illustratie: Flickr

Niets mis mee, meerdere perspectieven. Zeker niet omdat geschiedenis meestal door de ‘overwinnaars’ en de ‘powers that be’ wordt geschreven en daarbij worden negatieve aspecten van die overwinnaars vaak ‘vergeten’. Onder het aankondigende artikel werd al flink gediscussieerd door lezers en de betreffende onderzoekers en schrijvers. Het thema slavernij kwam hierbij al vrij snel en veel aan bod. Een van de onderzoekers en schrijvers, Miguel Heilbron, nam met name deel aan de discussie omtrent het slavernij verleden en schreef het volgende: “Maar hierbij lijkt wel vergeten te worden dat de transatlantische slavernij door Europeanen een nieuw element introduceerde, namelijk een rassenleer over superieure witte mensen en inferieure zwarte mensen, en het dehumaniseren van zwarte mensen om slavernij te legitimeren. Ideologieën hieromheen zijn honderden jaren verder ontwikkeld en gereproduceerd en werken door tot op de dag van vandaag. Het lijkt me belangrijk de link te leggen met hedendaags racisme en te zien waar dit vandaan komt.” Een redenering die je tegenwoordig vaak hoort en door menigeen wordt verkondigd.

Toch knelt er iets aan deze redenering. De transatlantische slavenhandel kreeg vanaf begin zestiende eeuw de wind in de zeilen en ging door tot het moment dat de slavernij werd afgeschaft in 1867 en kende haar hoogtepunt in de achttiende en begin negentiende eeuw. Een handel waarbij Europese kooplui, waaronder Nederlanders, slaven kochten op de markt in Afrika, hen verscheepte naar de andere kant van de Atlantische oceaan en ze daar weer verkocht aan plantagehouders. Aan deze handel werd flink verdiend en dat was dan ook de drijfveer achter deze handel.

Volgens Heilbron werd dit ideologisch ondersteund door een rassenleer over superieure witte mensen en inferieure zwarte mensen’. Bekijken we echter het ontstaan van de rassenleer, dan zien we dat deze eind negentiende eeuw pas werd ontwikkeld door Duitse en Franse wetenschappers. Niet in verband met slavenhandel, de Duitsers namen daar niet aan deel. Nee, in verband met het opkomend nationalisme.

Hoe kan een leer die pas na de afschaffing van de slavernij ontstond, een nieuw element zijn in de transatlantische slavenhandel? Ik ben benieuwd naar Heilbrons ‘alternatief’ voor dit feit.

Data or Utopia

“Wanneer we echt willen verbinden, wanneer we écht samen met kiezers oplossingen willen realiseren voor de problemen waar ze mee zitten, dan moeten we werken aan een progressief alternatief voor de ‘big data boeven’ van deze wereld. Dan moeten we juist digitale bruggen bouwen. Een brug van de politiek naar de samenleving, en van de samenleving naar de politiek. Zo willen wij data inzetten om mensen weer te verbinden. Het is tijd voor ‘data for good’.”

Dit schrijven de duo-kandidaten voor het PvdA voorzitterschap Astrid Oosenbrug en Frans van der Sluijs bij Joop en zij constateren dat nu met name rechtspopulisten data gebruiken om kiezers te trekken. ‘Data for good’ moet hieraan tegenwicht bieden volgens de schrijvers.

Utopia Thomas More

Foto: Wikimedia Commons

Data, de panace van alles zo lijkt het. Bedrijven die data verzamelen om precies op maat in je behoeften te voorzien, of eigenlijk te voorzien in behoeften waarvan je niet wist dat je ze had. Het meest recente voorbeeld hiervan is de PSD2 richtlijn van de Europese Unie. Die richtlijn verplicht banken om bankgegevens te delen met bedrijven. Gegevens bij wie je op welk moment wat koopt. De belangrijkste vraag, van wie deze gegevens zijn van de bank of van de klant van de bank, wordt niet gesteld. “Brussel wil allerlei start-ups de kans geven zelf slimme diensten voor consumenten te ontwerpen. Hoe meer partijen er innoveren, hoe sneller de financiële technologie (fintech) vooruitgaat en dat zal leiden tot meer betaalgemak voor consumenten en tot lagere prijzen, is de gedachte.” Zo valt te lezen in de Volkskrant. Via de bedrijven komen deze gegevens uiteindelijk ook bij de politieke partijen die, aldus Oosenbrug cs, gebruiken voor micro-politiek: “een op maat gemaakte boodschap in elkaar (…) zetten. Eentje die inspeelt op jouw zorgen, op jouw angsten en op wat jij belangrijk vindt.” Oosenbrug cs. willen hier goede micro-politiek tegenover stellen, micro-politiek die ‘verbindt’.

Zou dat lukken, verbindende micro-politiek? Moet je, juist als je mensen wilt verbinden, niet het micro niveau verlaten? Een supporter van Ajax en Feyenoord krijg je op clubniveau niet met elkaar verbonden. Dat lukt wellicht wel op een hoger niveau: de liefde voor het voetbal. Zou het met politiek en verbinden niet precies zo zijn? Zouden Oosenbrug cs niet op zoek moeten naar dat hogere niveau?

In haar meest recente boek No is not enough komt Naomi Klein tot een soortgelijke conclusie. Voor werkelijke verbinding en tegenwicht tegen de ‘Trumps’ van deze wereld, is nee zeggen niet voldoende, er moet een positief ideaal tegenover staan. Een ideaal dat mensen bindt en verbindt. Zij haalt hierbij Oscar Wilde aan die dit op de volgende manier treffend onder woorden bracht:

“A map of a world that does not include Utopia is not worth even glancing at, for it leaves out the one country at which Humanity is always landing. And when Humanity lands there, it looks out, and, seeing a better country, sets sail.”

Tirannie en de mazelen

“Als geen enkele school of kinderdagverblijf kinderen zonder vaccinaties accepteert, wordt de vrijheid van meningsuiting te zwaar onder druk gezet. Die vrijheid weegt zwaarder dan de volksgezondheid, zoals bijvoorbeeld ook neonazi’s het recht moeten hebben om te demonstreren en een partij op te richten. Zelfs tirannie om besmettelijke ziektes te voorkomen – mazelen, fascisme – is uiteindelijk een slecht idee.”

Zo reageert Arnon Grunberg in de Volkskrant op de oproep van Volkskrantcolumnist en huisarts Joost Zaat aan scholen en kinderdagverblijven om alleen maar ingeënte kinderen toe te laten. Verplicht inenten een vorm van tirannie?

Milll.png

Een pleidooi voor vrijheid van het individu, dat spreekt mij aan. Toch knaagt er iets aan het pleidooi van Grunberg. Als we de grote Engelse filosoof en denker over vrijheid John Stuart Mill volgen, dan ligt er een taak voor de overheid. Mill in zijn boek Over Vrijheid: “Zodra een deel van iemands handelen nadelig is voor de belangen van anderen, valt het onder de jurisdictie van de maatschappij, en wordt het een punt van discussie of het algemeen belang al dan niet gediend zal zijn als men ingrijpt.” Mijn vrijheid stopt als mijn handelen iemand anders nadelen bezorgt.

Laten we met deze bril eens naar de uitspraak van Grunberg kijken. Dat fascisten een mening hebben, partijen oprichten en demonstreren, schaadt mijn belangen niet. Het niet met iemand eens zijn wil niet zeggen dat belangen worden geschaad. Pas als de fascisten tot handelen overgaan, dan kunnen belangen worden geschaad.

Dan de vaccinatie. Dat iemand van mening is dat inenten van jonge kinderen de kinderen schaadt, schaadt mijn belangen niet. Wat als die persoon daarnaar gaat handelen en de kinderen niet inent? Als het bij die ene persoon en de twee kinderen blijft, dan schaadt dat mijn belang niet. Dat belang wordt pas geschaad als vele anderen deze persoon volgen. Wetenschappers houden aan dat 95% van de kinderen ingeënt moet zijn om te voorkomen dat de ziekte alsnog uitbreekt.

Nu kan de tegenstander tegenwerpen dat ik niet in mijn belangen wordt geschaad als ik ze wel inent. Mijn kinderen zijn dan immers beschermd en lopen geen risico. Een interessant punt. Laten we de mazelen eens nemen. Een kind kan hiertegen pas veertien maanden na de geboorte worden ingeënt, tot die tijd loopt het risico de ziekte te krijgen. Dat risico is er niet als meer dan 95% is ingeënt. Is dat niet het geval, dan loopt mijn pasgeboren kind het risico de ziekte te krijgen. Dan wordt mijn belang en het belang van mijn baby van een half jaar geschaad en valt het, Mill volgend, onder de jurisdictie van de maatschappij.

Is er sprake van tirannie als de overheid optreedt wanneer iemand een gevaar voor zichzelf, maar vooral voor anderen vormt?

Asterix en de Koerden

“Het Koerdische streven naar zelfbeschikking is op zichzelf legitiem, maar kan nooit eenzijdig doorgedrukt worden.”

Zo concludeert Arnout Brouwers in de Volkskrant. Volgens Brouwers is het Koerdische streven naar zelfstandigheid legitiem, maar … . het ontbreekt aan democratisch gehalte, de grenzen zijn betwist, er ligt olie, het is een regio vol sektarische spanningen en oorlogsgeweld. Dit leidt Brouwers naar de vraag “Is het raadzaam een lucifer af te steken in een munitiedepot?” 

New without description

Illustratie: Wikimedia Commons

Als je de vraag zo stelt, dan is het antwoord natuurlijk: nee, dat is niet verstandig. Bovendien zo constateert Brouwers is: “Het begrip nationale zelfbeschikking (…) altijd geclausuleerd, afhankelijk van de luimen van de grote machten en in dienst van hun belangen of de door hen gedefinieerde internationale veiligheid.” en als zelfstandigheid werd toegestaan dan: “gebeurde het als vorm van crisisbeheersing en met instemming van betrokken landen.”

Conclusie, een volk kan zelfstandig worden als het democratisch is, de grenzen onbetwist zijn, er geen olie of andere grondstoffen te vinden zijn, er geen sektarische spanningen zijn, er geen oorlogsgeweld is en als het in het belang is van de grote machten en als het een vorm van crisisbeheersing is. Als je het zo stelt, hoe kan een volk dan ooit zelfstandigheid verkrijgen en een eigen land? Komt deze combinatie van omstandigheden ooit voor? Als er geen conflicten om grenzen en grondstoffen of sektarisch geweld en oorlog is, is er dan sprake van een crisis die moeten worden beheerst? In hoeverre is er sprake van zelfstandigheid als zo ongeveer iedereen die erin de wereld en in het betreffende gebied toe doet moet stemmen?

Inderdaad zijn: “Soevereiniteit en territoriale integriteit van landen (…) sleutelbegrippen in de internationale ordening.” Veel landen, Irak en Syrië zijn daar voorbeelden van, zijn ontstaan op de tekentafel van vroegere koloniale mogendheden. Een tekentafel die zocht naar praktische en onbetwistbare grenzen zoals rivieren maar vooral ook een lengte of breedte graad was zeer geschikt als grens, die lagen immers vast. Of, en zo is de grens tussen Nederlands Limburg en Duitsland bepaald, een kanonschot. Dat die ‘grens’ het leefgebied van mensen doorsneed deed niet terzake. Hoe onomstreden is een internationale ordening die steunt op dergelijk arbitraire grenzen? De geschiedenis laat zien dat grenzen tussen landen en rijken kunnen verschuiven en zelfs dat landen en rijken helemaal kunnen verdwijnen. Ieder volk een eigen land dan maar?

Nu we het toch over rijken hebben, zouden we niet eens moeten kijken hoe die grote multi-etnische rijken zoals het Ottomaanse, Romeinse en Perzische rijk omgingen met het probleem van multi-etniciteit? Hoe behielden de Romeinen de rust in hun rijk met daarin Grieken, Macedoniërs en ook Galliërs? Overal? Nou ja, behalve dan in een klein dorpje in Gallië.