Arbeidsrechtenjurist: stem VVD!

Gisteren vroeg ik mij af of de VVD wel gelooft in de kracht van onze vrije democratische samenleving. Dit naar aanleiding van een passage in het VVD-verkiezingsprogramma. Iets verder in het verkiezingsprogramma wil de VVD bereiken dat meer mensen een vaste baan krijgen, werk moet zekerder worden. Een goed streven en:  “Daarvoor is nodig dat cao’s niet meer algemeen verbindend worden verklaard. Bedrijven die niet betrokken zijn bij de totstandkoming van een cao, vallen niet verplicht onder die cao. Dit geeft ruimte om zelf afspraken te maken over jouw contract,” aldus de VVD. Dit komt neer op het afschaffen van Collectieve Arbeidsovereenkomsten (CAO) en het breken van het kleine beetje macht dat vakbonden nog hebben. Dit is volgens de partij nodig: “ Want door starre wet- en regelgeving worden steeds minder vaste banen aangeboden.”

caoFoto: van ANP bij www.bnr.nl

Welke werkende kent zijn arbeidscontract en de onderliggende CAO tot in detail? Als er geen CAO meer is om op terug te vallen, moet over alle onderdelen in het contract worden onderhandeld. Welke werknemer is daartoe in staat? Wie is er voldoende juridisch onderlegd om een dergelijk gesprek met een bedrijf of instelling aan te gaan? En van diegenen die dat zijn, wie zou er hetzelfde resultaat als in een CAO uit kunnen slepen?  Welke horeca-medewerker met een MBO niveau drie diploma of universitair geschoolde natuurkundige kan dit? Wie beschikt er over voldoende juridische kennis, onderhandelingsvaardigheden en positie om hier een succes van te maken? Met positie bedoel ik dat er geen tien of meer anderen in de rij staan voor die baan.

Voor een werkzoekende die het zich kan veroorloven, kan een jurist arbeidsrechten wellicht uitkomst bieden. Die zorgt in ieder geval voor de juridische kennis en dan moet jezelf alleen de onderhandelingsvaardigheden (wellicht ook in te huren) en de positie hebben. Je kunt je dan afvragen hoe je binnenkomt als je een jurist en een onderhandelaar meeneemt naar je sollicitatiegesprek.

Zou dit werkelijk leiden tot meer vaste contracten? Wellicht wel. Want zou dat niet leiden tot ‘vaste’ contracten zonder zekerheid? Een beetje werkgever heeft een jurist arbeidsrechten in dienst of huurt deze in. In het overgrote deel van de gevallen zal dat voldoende zijn om een vast contract op te stellen dat zonder meerkosten voor de werkgever eenvoudig kan worden opgezegd. Brengt deze ‘flexibele wetgeving’ ook de door VVD gewenste werkzekerheid?

Oh ja, het zal ook leiden tot meer werk en wellicht vaste banen, voor juristen arbeidsrecht. Of zouden die als ZZP’er aan de slag gaan?

Recht op zelfbeschikking

Niet zo lang geleden nam de Tweede Kamer een initiatiefwetsvoorstel van D66 kamerlid Pia Dijkstra aan, dat van iedereen een orgaandonor maakt, behalve als je expliciet hebt aangegeven geen donor te willen zijn. Als de Eerste Kamer hier ook mee instemt dan wordt deze wet ingevoerd en komt er een einde aan het huidige systeem waarbij je aangeeft donor te willen zijn. Waar je eerst JA moest zeggen, moet je nu NEE zeggen. De initiatiefnemers van de wet hopen zo het tekort aan orgaandonoren op te lossen en wat te doen aan de jaarlijks hondervijftig mensen die overlijden omdat er niet tijdig een passend orgaan is.

orgaandonatieFoto: www.wijchensnieuws.nl

In Trouw breekt Joost Snellen, de directeur van het wetenschappelijk bureau van D66 een lans voor de nieuwe wet. Hij doet dit in reactie op een eerdere bijdrage van zijn collega Patrick van Schie van het wetenschappelijk bureau van de VVD in de Volkskrant. Een discussie tussen liberalen over het al dan niet liberaal zijn van de nieuwe wet. Daar gaat het mij niet om.

Waarom wel? Snellen verwijt Van Schie dat hij: “het recht op zelfbeschikking van meer dan duizend mensen op wachtlijsten, die door hun ziekte niet (goed) kunnen functioneren, buiten beschouwing,” laat. Het zelfbeschikkingsrecht met betrekking tot het individu betekent dat iemand zelf mag bepalen hoe hij zijn leven inricht. Hij hoeft zich hierbij niet te laten leiden door wat andere willen, denken, vragen of verlangen. Hij is hierin helemaal vrij. Hoe wordt het zelfbeschikkingsrecht van de mensen op de wachtlijst aangetast door het huidige systeem? Zijn zij niet even vrij als ieder ander om te doen wat zij willen binnen hun kunnen? Of is er iemand anders die over hun rechten beschikt?

Natuurlijk moet je het wel doen met lijf, leden en intellectuele vermogens die je ter beschikkig hebt. Die vormen je beperkingen en beperken je vermogens en functioneren. Zo kan ik wel de opvolger van Einstein willen zijn, als mijn hersens dat niet toelaten, dan zit dat er niet in. Ik kan wel sneller willen lopen dan Usain Bolt, als mijn gestel dat niet toelaat, heb ik pech. Dat een donororgaan de vermogens van de ontvanger vergroot, staat buiten kijf. Het zelfbeschikkingsrecht verandert er echter niet mee. Verwart Snellen niet ‘vermogens’ met ‘zelfbeschikking’?

Dat er mensen op de wachtlijst voor een orgaan overlijden is triest voor hen en hun nabestaanden. Daarom is de Ballonnendoorprikker ook donor geworden, van bloed, bij leven, en organen na zijn overlijden en hoopt hij dat iedereen dat gaat doen.

Een lesje openbaar bestuur

In Amsterdam is een toerist neergestoken door een zakkenroller. Dit is niet het eerste geweldadige incident en dat is ook Bert Brussen van ThePostOnline opgevallen. Hij maakt zich terecht druk om deze toename van geweld en misdaad. Aan de andere kant signaleert hij toegenomen gemeentelijke handhavingsinzet bij het bestrijden van: “het ophangen van luifels voor winkels waardoor ‘het straatbeeld wordt aangetast.”  En dat kan natuurlijk niet, zo vindt Brussen cynisch: “Iedereen voelt natuurlijk intuïtief al aan dat het tegengaan van ‘straatbeeld aantasten’ een vele, vele, vele, vele malen hogere prioriteit heeft dan het bestrijden van zinloos geweld, zakkenrollers of vrouwenhandel. Aangetaste straatbeelden, dat moeten we echt niet willen met z’n allen.” En hij sluit af met: “Gelukkig kunt u, uw geliefde of uw kind straks worden doodgetrapt, voor de lol neergestoken of beroofd in een mooie, schone straat die geheel vrij is van kwetsende luifels of straatbeeldverziekende rolluiken.” 

geweldFoto: wat-doe-je-tegen-jeugdcriminaliteit.webklik.nl

Ik kan meevoelen met de frustratie van Brussen. Het lijkt belachelijk dat ‘luifels’ worden gecontroleerd als er een serieus probleem is met geweld en misdaad. Met Brussen zou je concluderen dat: “de gemeente nauwelijks geïnteresseerd (lijkt) in bestrijding van deze groeiende criminaliteit, tsunami van messentrekkerij en overig ernstig geweld.”

Zou, want het ligt toch net iets anders dan Brussen het doet voorkomen. Brussen suggereert hier dat de gemeente verantwoordelijk is voor het bestrijden van geweld en misdaad. En maakt hij daar niet een vergissing? Is het bestrijden van geweld en misdaad niet een taak van politie en justitie en niet van de gemeente? De gemeente zou kunnen stoppen met het ‘controleren van luifels’ en de mankracht die daarmee is gemoeid anders inzetten. Ze kan deze capaciteit echter niet inzetten om geweld en criminaliteit te bestrijden. Die bevoegdheid heeft de gemeente niet.

Ja, een burgemeester is verantwoordelijk voor de openbare orde en veiligheid, dat klopt. Hij overlegt hiervoor met de korpschef en de officier van justitie en het zijn die laatste twee die de capaciteit hiervoor moeten leveren, niet de gemeente.

Meneer Brussen, tijd voor een lesje openbaar bestuur?

Basisinkomen

In de Volkskrant een interview met filmmaker Mari Sanders. Sanders zit al sinds zijn geboorte in een rolstoel en heeft een Wajonguitkering. Met die uitkering hoeft Sanders zich geen zorgen te maken over zijn inkomen. Zijn vrienden vinden dat hij: “dat geld van de overheid  (gebruikt) om z’n hobby te subsidiëren.” Ze vinden dat hij moet kiezen, of zelfstandig filmmaker of een Wajonguitkering.

mari-sanders

Foto: www.startfoundation.nl

De Wajonguitkering bedraagt 75% van het minimumloon, geen vetpot, en is bedoeld om van te leven. Horen bij dat leven niet ook hobby’s of mogen uitkeringsgerechtigden geen hobby’s hebben?  Zou hij ook moeten kiezen tussen postzegels verzamelen en een Wajonguitkering? Want ook postzegels verzamelen kan naast een hobby ook een beroep zijn, alleen heet je dan handelaar. Natuurlijk, als die films flink geld opleveren, dan is het niet meer dan terecht dat een deel ervan wordt gekort op zijn uitkering.

Ook uitkeringsinstantie UWV heeft Sanders ontdekt en uitgenodigd voor een gesprek over zijn mogelijkheden om aan het werk te gaan. Dit geheel conform de Participatiewet. Maar ja, het UWV kan hem niet helpen aan een baan als filmmaker, wel bijvoorbeeld aan het: “mooi inpakken van bonbons,” aldus Sanders. Vreemd dat Sanders wordt gevraagd om te participeren, te werken als tegenprestatie voor zijn Wajonguitkering. Vreemd want participeert hij dan niet al door het maken van films? Ja, het is ook wat hij graag doet, is dat een probleem? Mag je hobby niet je werk zijn? Hij vult zijn uitkering aan met filmverdiensten. Hij zit niet lui achter geraniums omdat zijn financiële kostje toch al is gekocht. Dit terwijl de ‘morele druk’ van zijn vrienden en de regelgeving hem daar wel toe dwingen.

Wat als we het geval Mari Sanders eens van een andere kant bekijken en de uitkering van Sanders een basisinkomen noemen. Een basisinkomen waarvan tegenstanders zeggen dat het mensen lui maakt. Dan zien we een gemotiveerde man die zijn passie najaagt met enig succes, hij vult zijn basisinkomen aan. We zien iemand die plezier heeft in zijn leven en zijn werk/hobby.

Zou het het op deze positieve manier, naar Sanders en met hem naar alle mensen kijken, niet veel meer resultaat opleveren? Een manier waarbij vertrouwen in de mens het uitganspunt is? Toch maar beginnen met een basisinkomen?

Vernieuw de democratie: geen partij

“Een zetel? Begin Partij Eigenbelang.” Met dit als kop stelt Lex Oomkes in Trouw de ‘belangenpolitiek’ aan de kaak. “Daar hadden we tot voor kort belangenorganisaties voor, die de politiek bewerkten. De politiek woog die belangen vervolgens allemaal tegen elkaar af en hakte een knoop door. Maar zo werkt het niet meer. Het eigen gelijk en het eigen belang zijn tegenwoordig te absoluut om nog te kunnen bedenken dat er wellicht andere belangen zijn.” Met deze zinnen vat hij zijn eigen betoog kort samen.

tegen-verkiezingen

Als we echter allemaal een eigen partij beginnen, dan is de Tweede Kamer te klein. Zeventienmiljoen mensen krijg je niet op 150 zetels. Hoe lossen we dat op? Referendum! Zal dan menigeen roepen, dan kan iedereen zijn mening geven. Alleen kleven er aan een referendum flinke nadelen. Het wordt bovendien een heel circus als voor ieder besluit een referendum moet worden uitgeschreven. Zijn er andere alternatieven?

Zou het afschaffen van partijen een alternatief kunnen zijn? Nu hoor ik u denken: waar moet ik dan op stemmen? U hoeft niet te stemmen, zou een antwoord gebaseerd op David van Reybrouck (lees zijn boek Tegen verkiezingen) kunnen zijn. U wordt al dan niet uitgeloot om in het parlement zitting te nemen. Volgens Van Reybrouck is loting een democratisch alternatief voor verkiezingen. Dan komt er een einde aan de huidige dunne  spoeling kandidaten (partijleden) en vervalt de verlammende profileringsdrang voor kamerleden, profileringsdrang om herkozen te worden. Dat zou, door de hype uit de politiek te halen, voor rust zorgen die nodig is voor goede besluitvorming.

Helemaal niet meer stemmen? We zouden wel de leider van de regering (of colleges op gemeentelijk en provinciaal niveau) kunnen kiezen. Die stelt zijn eigen regering samen en voert het programma uit waarop hij is gekozen. Voor geld en nieuwe wetten moet hij de gelote volksvertegenwoordiging overtuigen. Een volksvertegenwoordiging die niet gebonden is aan welke verkiezingsbelofte of regeerakkoord.

Zou dat een alternatief kunnen zijn? De moeite van het proberen waard? En als het voor nu een stap te ver is, een proef in een twintigtal gemeenten?

’t Kan verkeeren

Als ik aan spionnen denk, dan denk ik aan James Bond. Een onkwestbare ladykiller die met moderne snufjes techniek en onderkoelde humor de strijd aangaat met het kwaad. Nu is Bond een grove overdrijving van de werkelijkheid, die is veel minder spectaculair en de gemiddelde spion verzamelt informatie en dat is soms lastig. Zeker als die informatie wordt versleuteld zoals nu bij WhatsApp en andere digitale communicatiemiddelen.

james-bond

De baas van de Nederlandse spionnenorganisatie AIVD wil dan ook dat zijn dienst de mogelijkheid krijgt die versleuteling ongedaan te maken. Dan kan de dienst de appjes van potentiële terroristen lezen. Alleen: “van diegenen die een bedreiging vormen.” aldus opperspion Rob Bertholee in de Volkskrant “bij al die andere mensen willen we niet meekijken,”. Nu ben ik niet wantrouwend van aard en geloof Bertholee op zijn blauwe ogen dat hij rechtsorde wil beschermen en: “Dat betekent dat we gecontroleerd bevoegdheden inzetten. Bij mensen die geen gevaar zijn, mag dat niet.” Dit natuurlijk tot het tegendeel is bewezen. Alleen is het dan te laat, dan hebben de spionnen die bevoegdheid al.

Want ‘diegenen die een bedreiging vormen’ is een rekbaar begrip en dat kan veranderen. In de jaren vijftig werden communisten als een bedreiging gezien. In de jaren zeventig zou je als Molukker een grote kans hebben gelopen om als ‘bedreiging’ gezien te worden.  Nu zal menigeen meteen denken aan moslimterroristen en loop je als moslim een grotere kans om als bedreiging gezien te worden. Mochten de Fortuynaanhangers eens aan de macht komen dan zullen veganisten en dierenrechtenactivisten een bedreiging zijn en dan kom je al snel bij donateurs van bijvoorbeeld Wakker Dier. Mocht een verwarde columnist volgende week een politicus vermoorden, zou dan de Ballonnendoorprikker ook een ‘bedreiging’ vormen?

’t Kan verkeeren, aldus Bredero, wie weet tegen wie die bevoegdheid gebruikt kan worden? Bevoegdheden hebben de neiging om opgerekt te worden en ook gebruikt te worden voor zaken waarvoor ze niet bedoeld zijn. Diverse klokkenluiderszaken laten dit zien. Alleen is het lastig om je te verweren tegen een spionnendienst.

Logica

Op de opiniesite Joop reageert Tweede Kamerlid Selçuk Öztürk op een artikel van Joopcolumnist Han van der Horst. Onderwerp van hun meningsverschil is een wetsvoorstel van PvdA-kamerlid Yücel. Als dat wetsvoorstel wordt aangenomen dan moeten ondernemingen verantwoording afleggen aan de ondernemingsraad over het beleid dat ze hebben gevoerd om gelijke beloning tussen mannen en vrouwen te bevorderen. Öztürk heeft een amendement ingediend om die verantwoording te verbreden naar de afkomst van mensen. Volgens Van der Horst is dit: “extreem gevaarlijk.” 

logica

Illustratie: slides.com

Het gaat mij niet om het al dan niet gevaarlijk zijn van ‘etnische registratie’ door bedrijven. Het gaat mij om de logica achter het argument van Öztürk. Of eigenlijk het gebrek aan logica.  “Als men het geheel intersectioneel benadert zou een vrouw met een migrantenachtergrond dubbel benadeeld kunnen worden in haar loon: vanwege haar geslacht en vanwege haar afkomst,” stelt Öztürk. Klopt die redenering wel? Iedere werknemer in een bedrijf is man of vrouw, meer smaken zijn er niet (of is ‘onzijdig’ er ook? Dan is er een derde smaak). Als het doel van de wet is om ervoor te zorgen dat mensen die hetzelfde werk doen een gelijke beloning te laten krijgen, dan is het vergelijken van mannen en vrouwen meer dan voldoende. Alle werknemers vallen immers in die onderverdeling. Als er beloningsverschillen bij gelijk werk zijn, dan komen die zo naar boven.

Met dat naar boven komen verandert er echter niets en daar zit de zwakte van de wet.  Een ondernemingsraad moet instemmen met belonings- en functiewaarderingssystemen. Vervolgens gaat de leiding van het bedrijf aan de slag en is de rol van de Ondernemingsraad uitgespeeld. Welke ‘macht’ heeft de ondernemingsraad om op te treden en de bedrijfsleiding te dwingen zich aan het vastgestelde beleid te houden? Een Ondernemingsraad is geen parlement. Wie garandeert trouwens dat een ondernemingsraad de door de wetgever gewenste richting ondersteunt?

De directie moet afwijkingen in een jaarverslag motiveren. Is dat niet heel makkelijk? Je hoeft slechts te verwijzen naar de ‘kwaliteiten’ of een gebrek eraan van medewerkers. Beoordeling is altijd subjectief en gebeurt door … de bedrijfsleiding.

Sterker nog, zelfs het onderscheid ‘man’ versus ‘vrouw’ is overbodig. Het is voldoende om te kijken of de vervullers van eenzelfde functie gelijk worden beloond. Alle ongelijkheid in beoordeling wordt zo duidelijk. Maar ook zo verandert er niets, want nog steeds is er niemand die iets kan afdwingen.

Oorlog en Vrede

“Behalve dat de handelsblokken elkaar dwars gaan zitten door hun valutakoersen te manipuleren, zullen ze elkaar nu ook blijven bestrijden met tarifaire (importheffingen) en non-tarifaire (regelgeving) handelsbarrières. En daar kwam gisteren nog een andere oorlog bij zodat in economische zin de totale oorlog bijna een feit is.” Aldus Peter de Waard in de Volkskrant. Die andere oorlog is gestart met de naheffing van dertien miljard die de EU gisteren aan Apple op heeft gelegd. En dat allemaal omdat TTIP niet doorgaat.

oorlog en vredeIllustratie: www.geschiedenis.nl

Dus omdat TTIP er niet komt, breekt er een volledige, totale economische oorlog uit. Economische anarchie en dat is slecht voor iedereen behalve het internationale bedrijfsleven: “Zij hebben de wereld als hun speelveld en gedijen bij oorlogen. Zo lang de grootmachten ruziën, zit het wel snor met hun voornemen zo weinig mogelijk belasting te betalen en zo veel mogelijk winst op te potten voor de aandeelhouders.” De Waard legt een verband tussen handelsverdragen en belastinginning. “ Als mondiaal afspraken worden gemaakt over uniforme handels- en belastingregels kunnen ze niet langer de machtsblokken tegen elkaar uitspelen,” aldus De Waard. Zonder verdragen als TTIP wordt belastingontwijking nog makkelijker.

Daar wordt ook anders over gedacht. Op de site RTLZ schetst Hella Hueck een heel ander beeld. De titel vat het kernachtig samen: “Belasting ontwijken wordt makkelijker door TTIP.”  Hueck: “Het heffen van belasting wordt gezien als een belangrijk onderdeel van de soevereiniteit van een land. Daarom maken de meeste landen bij het afsluiten van internationale handelsverdragen een uitzondering (‘carve-out’) : bedrijven mogen staten niet voor een arbitragehof slepen als het om belasting gerelateerde zaken gaat. Onderzoekers namen honderden ISDS-zaken onder de loep en nu blijkt dat in 24 gevallen landen toch gedaagd zijn over belastingwetgeving. Daar zijn ook gevallen bij waarbij het bedrijven is gelukt hun belastingaanslagen aan te vechten en te verlagen.” Nederland speelt hierbij een belangrijke rol vanwege de vele ‘brievenbussen op de Zuidas’. Met TTIP wordt belastingontwijking makkelijker. Dus ook zonder ruzie, met ‘vrede’ via verdragen ‘gedijt belastingontwijking door het bedrijfsleven’.

Handels- en belastingregels of niet, het bedrijfsleven gedijt bij economische Oorlog en Vrede? Of zouden de Apples van deze wereld in de problemen komen in een ‘oorlogssituatie’? Want wat als ze zich, gelokt door lage belastingen, vestigen op Barbados en de VS en de rest van de wereld, verhogen het importtatrief op de iPhone? Of als belastingontwijkers door een boycot getroffen worden vanwege ‘on Amerikaans’ gedrag?

‘Islamitisch hoofddoekje’

‘Geen islamitische hoofddoekjes in een publieke functie’, dat is een van de programmapunten van de PVV. Een programma met als titel en motto: ‘Nederland weer van ons’ en dat roept meteen de vraag op wie die ‘ons’ is, maar daar wil ik het niet over hebben. Het gaat mij over dat islamitisch hoofdoekjesverbod in publieke functies.

hoofddoekje

Foto: www.moossie.nl

Hoe kun je aan een hoofddoekje zien dat het ‘islamitisch’ is? Welke kenmerken heeft zo’n hoofddoekje en waarin verschilt het van andere hoofddoekjes? Natuurlijk bedoelt de PVV wat anders. Ze bedoelt dat het dragen van islamitische religieuze uitingen door mensen in een publieke functie, verboden moet worden en het dragen van een hoofddoekje is zo’n uiting. Net zoals het dragen van een kruisje een christenlijk religieuze uiting is, een sikh een tulband draagt en zo heeft iedere religie haar symbolen.

Bedoelt de PVV dat religieuze uitingen niet meer gedragen mogen worden door mensen in publieke functies? Dat zou wel consequent zijn. Als immers alleen het dragen van uitingen van één religie verboden zou zijn, dan discrimineert de overheid immers. Zou de PVV er dan ook voor willen ijveren om de verwijzing naar god in de aanhef van iedere Nederlandse wet (‘Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz’) te verwijderen? Door de ambtseed aan de passen en alleen af te sluiten met ‘Dat verklaar en beloof ik’ en dus ‘Zo waarlijk helpe mij God Almachtig’  niet meer toe te staan? ‘God almachtig’ is trouwens een goede vertaling van  ‘Allahoe akbar’.

Waarschijnlijk bedoelt de PVV dat niet. Het programma verwijst alleen naar islamitische symbolen en lijkt zich niet druk te maken over de bevoorrechting van de christenlijke god door de overheid zelf. Roept de partij de overheid op om te discrimineren op basis van religie? Of wil de partij ook de Grondwet aanpassen en daarin op laten nemen welke religie wel onder de godsdienstvrijheid valt en welke niet? En nog een stap verder, wil de partij de islam de status van godsdienst ontnemen? Dan ben ik benieuwd naar de onderbouwing van die keuze.

Gifpijlen op het verkeerde doel

Bij ThePostOnline gaat columniste Annabel Nanninga, met de boerkini-discussie in het achterhoofd, weer eens flink te keer tegen ‘links’. Nanninga: “En hier zien we wederom gebeuren wat de hele integratie tot zo een giftige mislukking heeft gemaakt: progressief-links verwart vrijheid en tolerantie met lafheid en laksheid. Het laten oprichten van moskeeën en islamitische scholen: ja, want we hebben vrijheid van godsdienst, maar uit lafheid is er nooit de eis gesteld dat Nederlands de voertaal is in dergelijke instellingen. Uit laksheid is er nooit op gelet waar het geld vandaan kwam.” 

schoolstrijdIllustratie: debrug.ipabo.nl

Beste Annabel, hoe kom je erbij dat dit komt omdat progressief links geen eisen stelt? Dat er moskeeën kunnen worden opgericht is een gevolg van de Nederlandse wetgeving die ons vrijheid van godsdienst geeft en ook de vrijheid om daarvoor speciale huizen te stichten. Dat gebeurt ook in de biblebelt waar nog steeds nieuwe kerken worden gebouwd. Dat de overheid niet controleert waar het geld vandaan komt, is ook een gevolg van die wetgeving. Ook die kerken in de bilblebelt hoeven niet aan te geven hoe zij hun ‘godshuizen’ betalen. Net zoals de katholieken dat vroeger ook niet hoefden. Terwijl dat geld weleens uit het, begin vorige eeuw nog ‘verketterde’ (al is dat een slecht woord in deze) Rome zou kunnen komen. Dat noemen we de scheiding tussen kerk en staat. Als je daar wat aan wilt doen, dan moet je de vrijheid van godsdienst ter discussie stellen. Iets wat schuurt tegen een ‘staatsgodsdienst’, want als je de ene wel toestaat en de andere niet, dan kun je spreken van ‘staatsgodsdienst’. Wil je dat?

Dat religieuze stromingen scholen kunnen stichten is een gevolg van de Nederlandse wetgeving die ons de vrijheid van onderwijs geeft. Een vrijheid om een school van je ‘stroming’ te stichten en als je aan de eisen voor een school voldoet, en Nederlands als voertaal is daarvoor een vereiste, dan heb je recht op bekostiging door de staat. Als je daaraan wilt tornen, dan moet je de vrijheid van onderwijs ter discussie stellen en pleiten voor alleen maar openbare, door de staat georganiseerde en gefinancieerde scholen, pleiten. Als je daarvoor pleit, vind je mij aan je zijde.

Die Nederlandse wet is geen ‘linkse laks- of lafheid’. Vooral niet als het de godsdienst betreft. Die is een gevolg van ons eigen godsdienstige verleden. Een verleden van strijd en twisten tussen de verschillende stromingen, tussen protestanten en ‘vanuit Rome aangestuurde’ katholieken. Maar vooral de strijd die de confessionele stromingen voerden met de socialistische en liberale stromingen. Een strijd juist om die rechten. Een strijd die in 1917 tot een monsterakkoord leidde, de ‘pacificatie’, waarmee een einde kwam aan de schoolstrijd en de socialisten het algemeen kiesrecht zekerstelden.

Geen laf- of laksheid van links, maar behoudzucht van confessioneel rechts. Beste Annabel, richt je je ‘gifpijlen’ wel op het juiste doel?