Framen, framede, geframed

Bij ThePostOnline waarschuwt Teunis Dokter voor framing, het “woorden en beelden zo (…) kiezen, dat daarbij impliciet een aantal aspecten van het beschrevene worden uitgelicht. Deze uitgelichte aspecten helpen om een bepaalde lezing van het beschrevene of een mening daarover te propageren,” aldus Wikipedia. En dat gebeurt tegenwoordig zo vaak dat: “het vertrouwen van het publiek afbrokkelt.” Iets wat niet goed is voor: “een democratie waar het maatschappelijk debat afhankelijk is van hoor en wederhoor is het schetsen van een juist beeld van de werkelijkheid onontbeerlijk.” 

ChurchillIllustratie: Flickr

Nu is de term ‘framing’ nieuw, het kleuren van zaken en gebeurtenissen in je eigen voordeel zeker niet. Churchill was er een meester in, denk maar aan de term ‘het ijzeren gordijn’ dat in Europa werd neergelaten. Of denk aan de spreuk ‘Mussert of Moskou’ van de NSB in de jaren dertig. Ik heb er geen onderzoek naar gedaan, maar waarschijnlijk is dit al zo oud als de mensheid. Van recenter datum is de ‘politieke vooringenomenheid’ van de media, waaraan Dokter zich stoort. Recenter omdat de media van recenter datum zijn. Niet omdat die media pas later ‘politiek vooringenomen’ werden. Hoe is het anders te verklaren dat het grootste deel van de vorige eeuw, iedere stroming in de Nederlandse politiek zijn eigen krant had en vaak zelfs ook nog een eigen omroep? En ook in nog vroeger eeuwen waren ‘de media’ flink gekleurd. In spotprenten en pamfletten werd de kachel aangemaakt met de ander. Als we verhalen en liederen ook als ‘media’ zien, en waarom zouden we dat niet doen, dan werd ook daarin de werkelijkheid ‘gefotoshopt’.

Bijzonder wordt het als Dokter voorbeelden van ‘moderne framing noemt: “op 8 juni wist het Achtuurjournaal van de NOS een opvallende rapportage van de herverkiezing van Theresa May te geven.” Het Achtuurjournaal: “toonde (..) de sterke daling van de Britse Pond tijdens de verkiezingsdag. Met koeienletters zagen kijkers de daling van de Britse Pond op hun televisieschermen. De koopkrachtdaling van de Britse Pond was echter al maanden aan de gang en zeker niet nieuwswaardig. Dat de Britse beursindex al maandenlang aan het stijgen was en ook op 8 juni positief sloot werd handig buiten beschouwing gelaten. Framing? U mag oordelen.” Dit om: “iedereen die een NEXIT-referendum zou overwegen (te) overtuigen dat idee te laten vallen.” Conclusie van Dokter: “Nog nooit was de politieke vooringenomenheid zou duidelijk te benoemen als rondom dit onderwerp.”

Beste meneer Dokter. De Britten besloten vorig jaar al tot een Brexit en sinds die tijd daalt het Pond in waarde, zou er een verband zijn tussen die twee? Wat zou op het leven van de gemiddelde Brit het meeste effect hebben, het dalende Pond of de stijgende beurskoersen? Het dalende Pond betekent minder waar voor ieders geld, van de stijgende beurskoersen profiteren alleen aandeelhouder. Bent u niet de pot de de ketel verwijt dat hij zwart ziet? Maakt u, net als iedereen, niet ook gebruik van ‘framing’?

Subsidiariteit par excellence

De jongeren van het CDA, bij monde van Lotte Schipper en Bart Bouwman, zien nog niet veel verandering in Europa sinds het Brexit referendum: “Hoewel deze week de onderhandelingen over de Brexit echt zijn begonnen, lijkt het signaal dat de Britten afgaven nog niet tot veel verandering te hebben geleid in Europa.” Daarom pleiten zij in Elsevier voor een andere Europa: “Een Europa waarin de machtsbalans dusdanig verandert dat de nationale parlementen en daarmee de inwoners van de EU weer aan het roer komen te staan.”  

ECFoto: Flickr

Het is in de Europese Unie fout gegaan omdat en :  “Sluipenderwijs (…) steeds meer nationale bevoegdheden (zijn) overgedragen naar de EU zonder dat er voldoende wordt gekeken naar het meest geschikte niveau voor de uitvoering van deze bevoegdheden.” En dat is geen goede zaak want: “volgens het subsidiariteitsbeginsel beslissingen het best zo laag mogelijk kunnen worden genomen.”  Om hier wat aan te doen zou er gewerkt moeten  worden met ‘rode kaarten’. Een andere suggestie is Europarlementariërs in de nationale parlementen verantwoording af laten leggen over hun stem gedrag. Worden de Europarlementariërs dan gekozen door de nationale parlementen? Een gekozene legt toch verantwoording af aan zijn kiezers? Ook: “moeten lidstaten als zij dat willen de afgestane bevoegdheden weer kunnen terugkrijgen. Zonder een drastisch besluit als een Brexit dus.”

Zo dat zijn nog eens stevige maatregelen die de CDA jongeren voorstellen. Toch even wat vragen aan de CDA-jongeren. Laat ik even aannemen dat jullie ‘subsidiariteitsbeginsel’ klopt en dat het werkelijk zo is dat beslissingen het beste zo laag mogelijk genomen kunnen worden. Want bij die aanname kun je natuurlijk ook vraagtekens plaatsen. Komen met de nationale parlementen de inwoners ‘echt weer aan het roer te staan? Als je menig inwoner mag geloven, dan weten ze in ‘Den Haag’ niet wat er bij ‘het volk’ speelt. Of zou de ‘Haagse kaasstolp’ die er nu is ineens verdwijnen door de maatregelen die de CDJA’ers voorstellen? Zou de kloof tussen burger en politiek ineens worden gedicht?

Wat is eigenlijk dat laagste niveau? Waarom zou dat het niveau van de nationale parlementen moeten zijn? Als het werkelijk zo is, zouden dan die beslissingen ook nog ‘lager’ genomen kunnen worden, in Provinciale Staten of de Gemeenteraden? Al krijgen ook die bestuurslagen het verwijt dat ze ‘ver van de burger’ staan. Of zou ik dat gewoon als individu mogen bepalen, want is dat niet het laagste niveau? Is dat immers niet ‘subsidiariteit par excellence?

Als je een hamer hebt …

Beste meneer Vanenburg, met veel belangstelling las ik uw artikel bij Joop. Alleen vraag ik, blanke Nederlander, mij af wat u van mij verwacht? Wanneer bent u tevreden? En veel belangrijker, realiseer u zich dat u het grote risico loopt dat op te roepen wat u probeert te bestrijden?

hamer en spijker

foto: Pixabay

Als ik het einde van uw stuk mag geloven, dan bent u tevreden als: “de mentaliteit van de ‘ik ben geen racist, maar-Nederlander’ verandert.” Begrijp ik het goed dat u pas tevreden bent als ik zeg dat ik een racist ben? Want dat is volgens mij het enige dat die ‘mentaliteit’ kan veranderen. Wel beste meneer Vanenburg, dan kunt u lang wachten, dat zal ik nooit zeggen, dan zou ik namelijk iets beweren wat niet klopt. Ik zal u dus blijven teleurstellen en daarom, zo beweert u: kunnen echte veranderingen (niet) in gang gezet worden,”.  Echte veranderingen kunnen volgens u immers pas ingang worden gezet, als ik zou zeggen dat ik een racist ben.

Jammer meneer Vanenburg, want ik denk dat als wij met elkaar in gesprek gaan, zal blijken dat we veel voor elkaar kunnen betekenen. Ook ik zie dat er groepen in de samenleving zijn die het moeilijk hebben. Voor die groepen wil ik mij liefst samen met u, inzetten. U wijt die moeilijkheden aan racisme, ik zie het eerder als gewenning aan elkaar. Het is mensen, van welke kleur, religie of welk ander onderscheid je ook kunt maken, immers eigen om zich eerder verwant te voelen met hen die op hen lijken. Die gewenning kost tijd, veel tijd. Dat gezegd hebbende, wil het niet zeggen dat we dan maar moeten afwachten. verre van dat zelf, je kunt die tijd namelijk verkorten door een handje te helpen. Natuurlijk zullen er ook mensen zijn die echt racistisch zijn, die moeten we samen en met hulp van de rechter, bestrijden. Met eenieder die dit ook wil, werk ik graag samen. Alleen moet mij niet worden gevraagd, zoals u doet, eerst iets te verklaren.

Realiseert u zich dat u het risico loopt juist dat op te roepen wat u bestrijdt? Door uw manier van opereren, en u staat hierin niet alleen zoals ik al aan Anoucha Nzume schreef. Door steeds te blijven roepen dat de ‘witte Nederlander racistisch is en dat er in Nederland een: “racistische beerput is (die) een paar jaar geleden al wijd (is) opengetrokken en die (…) voorlopig ook niet meer dicht (gaat),” loopt u het risico dat u mensen zo van u gaat vervreemden. Dat zij het gedrag dat u aan hen toeschrijft gaan vertonen.

“Als je een hamer hebt, gaat alles op een spijker te lijken.” Beste meneer Vanenburg, kent u dit gezegde. Zou het kunnen dat u een hamer in handen hebt? Misschien is het dan verstandig om die hamer eens neer te leggen. Wellicht bestaat de wereld dan uit meer dan alleen spijkers.

Wijn, water en verantwoordelijkheid

Op de site Joop geeft Xavier Baudet ‘links’ ervan langs. De aanleiding noemt hij niet, maar dat zijn waarschijnlijk de Hamburgse G20-rellen. Baudet: “In plaats van de winkelruiten van zo’n ‘vuile kapitalist’ in te gooien kun je ook in een situatie belanden waardoor je iets meer snapt van zijn afwegingen, en hij op zijn beurt van de jouwe. Alleen op die manier bouw je aan structurele, effectieve coalities die fundamentele verbeteringen realiseren. Boos zijn omdat het zo lekker voelt helpt geen fuck.” Nu is winkelruiten ingooien nooit goed en iets proberen te snappen van de afwegingen van de ander is altijd een goede suggestie.

Mill

In hetzelfde artikel krijgt GroenLinks en haar voorman Jesse Klaver een trap na: “De behoefte aan principiële zuiverheid kan zo sterk zijn dat een hele politieke stroming zichzelf à la Jesse Klaver naar de marge manoeuvreert. Ongetwijfeld verzekert hen dat van een basisplek in de hemel, maar in het hier en nu ontslaan ze zich dan van hun verantwoordelijkheid.” Woorden van dergelijke strekking zijn de afgelopen maanden wel vaker gevallen. Je moet immers aan de ‘knoppen’ zitten om ‘iets’ te kunnen bereiken. Om aan die ‘knoppen’ te kunnen zitten, moet je water bij de wijn doen.

Het betoog van Baudet klinkt mooi, maar wat als je de afwegingen van de ander begrijpt en de ander die van jou ook, maar met jouw afweging wordt niets gedaan door de ander die de macht heeft om zijn zin door te drijven en dat ook doet? Wat als je je idealen moet verloochenen om aan die ‘knoppen’ te mogen draaien? Als er zoveel water bij de wijn moet dat zelfs een alcoholist het probleemloos kan drinken? Of wellicht een betere formulering, als de ander de wijn krijgt en hij je in ruil daarvoor een druppeltje in de kan met water laat vallen? Als die ander niet wil bouwen aan een ‘structurele, effectieve coalitie’? Als de fundamentele verbeteringen die je met die ander kunt realiseren voor jou verslechteringen zijn? Wellicht vindt ‘een meerderheid van de mensen’ dat het verbeteringen zijn, betekent dat dan dat jij daar dan maar aan mee moet werken? Kunnen meerderheden zich niet gruwelijk vergissen? En kan één individu of kleine groep het niet bij het rechte eind hebben zoals  John Stuart Mill suggereert in zijn boek ‘Over Vrijheid’: “Het begin van alle wijsheid of verheffing komt en moet van individuen komen; meestal eerst van één individu”? 

Ontsla je jezelf van je verantwoordelijkheid als je de wijn te waterig vindt of neem je juist je verantwoordelijkheid door die wijn te weigeren en erop te wijzen dat deze te waterig is?

Witte zwanen, zwarte zwanen

“And it’s true we are immune, when fact is fiction and tv reality” Een zin uit een van de laatste coupletten van de song Sunday Bloody Sunday van de Ierse band U2. Feiten, fictie en alternatieve feiten, wie kan ze tegenwoordig nog uit elkaar houden. In Trouw een interessant opiniërend artikel van Rob Hamers. De titel ervan dekt de lading: “Feiten blijken later toch vaak minder feit.”

Zwarte zwanenFoto: Pixabay

Hamers besteedt in zijn artikel aandacht aan de ‘gekleurde bril’ waarmee wetenschappers naar de werkelijkheid kijken. In de jaren zestig en zeventig was het veelal een ideologische ‘bril’ die de kijk van wetenschappers beïnvloedde en de uitkomsten van hun onderzoek vervuilde. Tegenwoordig wordt, zo schrijft Hamers, de ‘bril’ vaak bepaald door degene die betaalt en dat is in toenemende mate het bedrijfsleven. “Zo ook werden door wetenschappers bepaalde medicijnen goedgekeurd als veilig, achteraf ten onrechte.” Verzuchtend lijkt Hamers zich af te vragen: “Wat zijn feiten?”

Ja, wat zijn feiten? Wetenschappers die aantonen dat iets zo is, worden tegengesproken door collegae die beweren dat het toch net iets anders is. Wetenschappers die onderzoeksresultaten verzinnen en manipuleren, we hebben het allemaal al gezien, gehoord en gelezen. Wat hebben we dan nog aan de wetenschap? Lang leve de feitenvrije politiek en journalistiek!

Of ligt aan deze redenering een verkeerde opvatting van wetenschap en wetenschappelijk onderzoek ten grondslag?  Levert de wetenschap feiten en onomstotelijke bewijzen op? De Oostenrijkse filosoof Karl Popper betoogde van niet. Volgens Popper is iedere wetenschappelijke theorie een hypothese, een veronderstelling, totdat ze wordt weerlegd. En ook de theorie die aan die weerlegging ten grondslag ligt, is ook weer een hypothese die op ontkenning wacht. Om zijn beroemde voorbeeld te parafraseren, ‘als je wilt aantonen dat alle zwanen wit zijn, dan moet je zoeken naar niet-witte zwanen.’ Wetenschap levert zo alleen voorlopige kennis op, voorlopige feiten. En het is aan de wetenschappers om die voorlopige kennis te falsificeren om Poppers uitdrukking te gebruiken. Is het dan niet logisch dat ‘feiten later toch minder vaak feit’ zijn? Zou dat niet een signaal zijn van toenemende wetenschappelijke kennis?

Gods wegen zijn ondoorgrondelijk

Je bent al jaren min of meer de ‘belangrijkste’ persoon van je land. Je hebt dat land immers ‘zelf’ opgebouwd. Toen die koloniale Nederlanders zich terugtrokken was het zo’n puinhoop dat je het heft maar in handen nam en een coup pleegde. Tsja en bij een beetje een coup daar vallen doden en gebeuren wel eens zaken die eigenlijk niet kunnen. En nu, bijna veertig jaar later is er een openbare aanklager die verdorie twintig jaar cel tegen je eist. Jij, die inmiddels is verkozen tot president van het land. Of eigenlijk niet: Als God mij hier heeft neergezet, wie is de rechter dan om mij weg te sturen.” 

Executie Lodewijk de VeertiendeIllustratie: IsGeschiedenis

Ja, God heeft je daar neergezet als zijn plaatsvervanger op aarde, tenminste, op dat kleine stukje aarde dat Suriname heet. U, de ‘Lodewijk de Veertiende’, de ‘Zonnekoning” van Suriname. Hoe durft die schobbejak van een openbare aanklager het om twintig jaar cel tegen u, Gods uitverkorene, te eisen. Foei! U heeft immers een ‘lijntje’ met God, net als Mat Herben een ‘lijntje’ met Pim had.

Wellicht is er toch iets mis met uw lijntje? Misschien heeft God het lijntje wel doorgeknipt om te zien hoe u het er zonder hem vanaf brengt. Misschien zag u het verkeerd en bent u niet de ‘Veertiende’ Lodewijk, maar de ‘Zestiende’. U weet wel de ‘Lodewijk’ wiens hoofd van de romp werd gescheiden door de guillotine. Die ‘innovatie’ van Joseph Ignace Guillotin die de doodstraf democratiseerde door iedere veroordeelde op dezelfde manier te doden via een snelle onthoofding.

Beste meneer Bouterse, als het Gods wil is dat u president van Suriname bent geworden, zou het dan niet ook kunnen dat het Gods wil is, die de openbare aanklager op die plek zette? Zou het vervolgens niet ook God kunnen zijn die hem influisterde om twintig jaar cel tegen u te eisen? En als de rechter uiteindelijk besluit om u te veroordelen, zou het dan niet kunnen dat het ook Gods wil is dat die rechter op die plek zit? En dat God hem influistert om u te veroordelen tot die twintig jaar cel?

Voor een, voor zijn gevoel, uitverkorene zoals u, is het lastig te begrijpen dat God wellicht andere plannen met u heeft, dan u zich kunt voorstellen. Maar hoe was dat gezegde met het woord ondoorgrondelijk ook al weer? Oh ja: Gods wegen zijn ondoorgrondelijk. Of zou het wellicht kunnen dat er helemaal geen God in het spel is?

Vrije markt, of toch niet?

Volgens Alexander Sassen van Elsloo staan we aan de vooravond van een ‘enorme ramp’, zo valt te lezen bij Opiniez. Een economische ramp waarbij de crisis van 2008 in het niet zal vallen. De oorzaak van die ramp: “een elite (die) zich met van alles en nog wat bemoeit, zo ook met de economie.” Dat zou die elite (de overheid) niet moeten doen, want: “Als mensen met rust worden gelaten (staat is er voor bescherming van lijf en eigendom), dan is er een vrije markt waaruit juiste prijzen voortkomen. Deze prijzen geven weer impulsen om meer of minder te consumeren, dan wel meer of minder te investeren. Over- of onderproductie komt nauwelijks voor (wordt gelijk afgestraft) en alleen de meest solide projecten krijgen daarvoor financiering.”

Hayek

Omdat de overheid zich wel met de economie bemoeit, loopt alles in het honderd. De reden, omdat: “de overheid handelt (…) met onvolledige dan wel onjuiste informatie.”  De markt kent dit falen niet, die heeft alle informatie in zich vervat. De Oostenrijker Friedrich Hayek , de belangrijkste grondlegger van het neoliberale denken, zou het niet beter kunnen verwoorden. En, overheidsbemoeienis leidt tot slavernij, zo betoogt Hayek in zijn boek Road to Serfdom. De ‘schuldensamenleving’ die ook Sassen van Elsloo constateert, zou je kunnen zien als die moderne vorm van slavernij. Sassen van Elsloo heeft een punt.

Of toch niet. Kwam de grote ‘verschulding’ niet juist op gang toen de overheid de regels voor het bankwezen versoepelde? Toen de overheid bankiers en verzekeraars de ruimte gaf om ‘innovatieve’ maar vooral ondoorzichtige producten op de markt te brengen. Producten zoals beleggen met geleend geld en ‘collaterized mortgage obligations’. De ruimte om tophypotheken te verstrekken aan mensen zonder een inkomen om de erbij horende lasten te kunnen betalen. De ruimte om grote sommen geld zonder enige belemmering te verschuiven van de ene naar de andere kant van de wereld. Toen de overheid dat deed waar Sassen van Elsloo voor pleit: geen overheidsbemoeienis?

De overheid moet zich niet met de economie bemoeien, alles moet vrij zijn. Nou ja alles? Wijkt hij in een tweede artikel niet van af: “Dat arbeid maar vrij moeten kunnen bewegen en dat het pensioenstelsel demografisch ondersteund moet worden, kan dan economisch in eerste instantie kloppen, de secondaire effecten zullen desastreus zijn voor maatschappij en dus ook voor de economie.”  Als vrije migratie schadelijk is, zouden er dan niet meer schadelijke effecten kunnen zitten aan een vrije markt? Zou de overheid dan niet ook op andere punten moeten ingrijpen? Zou ook te weinig overheidsbemoeienis tot een economische crisis kunnen leiden?

Om de parallel van Hayek met slavernij door te trekken. Hoe zijn de slavernij of de kinderarbeid aan hun einde gekomen? Was het een gevolg van ‘marktwerking’ dat de slaven hun vrijheid verkregen? Of was het de overheid die het verbood?

Jeuk, krabben en prikken

Via een connectie op LinkedIn kreeg ik een vraag van iemand onder ogen: “Ik ben bezig met het maken van een vitaliteitsbeleid, om de medewerkers van gemeente … nóg vitaler te maken (gezond van lichaam en geest, plezier in je werk en een prettige en inspirerende werkomgeving). Nu zoek ik een pakkende slogan om het management én mijn collega’s te enthousiasmeren. Wie weet iets?!” Onder deze vraag vele ideeën voor een slogan en verwijzingen naar mensen die hierin wellicht iets zouden kunnen betekenen.

jeuk

Foto: Women’s Health

Bij mij begon er iets te kriebelen toen ik dit las. nu kan het gaan kriebelen van enthousiasme en dat is positief. Dat was in dit geval in ieder geval niet het geval. Nee, het begon op een andere manier te kriebelen. Eigenlijk is jeuken beter, want deze ‘kriebel’ voelde wat minder lekker. ‘Nóg vitaler’ maken, schrijf je zoiets niet op als je eigenlijk precies het tegenovergestelde bedoelt? Als je in dit geval wilt zeggen dat de medewerkers over het algemeen ongezond van lichaam en geest zijn, geen plezier in het werk hebben en een niet inspirerende werkomgeving hebben? Dat was de eerste jeuk die ik voelde alvorens ik begon te krabben.

Zoals het met jeuk is, krabben helpt niet, dat maakt het alleen maar erger. Wat zegt het als je een ‘pakkende slogan’ nodig hebt om het management en je collega’s te enthousiasmeren?  Zeg je dan niet dat het management uit een stel ‘zandzakken’ bestaat en je medewerkers een soort zombies zijn? Heb je een slogan nodig als je een inspirerende werkomgeving hebt met mensen die plezier in hun werk hebben? Dan is een slogan toch overbodig omdat de intrinsieke motivatie er is om er samen voor te gaan, om het beste uit jezelf te halen? Als dat zo is, waarom moet je er dan nog ‘beleid’ voor maken? Flinke jeuk en dus harder krabben.

Harder krabben leidt tot … meer jeuk. Hoe zie je je medewerkers als je ze zo benadert? Hoe serieus neem je ze dan? Zie je ze dan als mens of als een productiemiddel? Als je medewerkers als mens ziet, heb je dan ‘vitaliteitsbeleid’ nodig?

Het begon nog harder te kriebelen en daarom besloot ik maar om niet meer te krabben, maar te prikken.

‘Kerstbestand’

Al enige tijd is er een spotje op tv waarmee aandacht wordt gevraagd voor ‘veteranen’. Binnenkort is het immers nationale veteranendag. Vandaag hoorde ik de radiovariant ervan en ik dacht hoor ik het goed? Dus thuis even gegoogeld enzo kwam ik op de site van veteranendag. En ja, wat ik hoorde wordt daar bevestigd: In Nederland wonen en werken 115.000 veteranen, mannen en vrouwen, jong en oud. Ingezet in dienst van de vrede van de Tweede Wereldoorlog tot nu. Op veteranendag bedanken we onze veteranen.”

Kerstbestand

Foto: Bouveloo

Op het eerste gehoor en oog een mooie tekst. Vanwaar dan die vraag of ik het goed hoorde? Die vraag werd opgeroepen door de woorden ‘in dienst van de vrede’. Wordt hier beweerd dat Nederland altijd aan de goede kant vecht, namelijk de kant die vrede wil? Zouden de Indonesiers daar ook zo over denken? De Irakezen in Al-Muthanna die na het avontuur van Bush jr de Nederlanders op bezoek kregen? Of de Afghanen in Uruzgan? Zou het kunnen dat die daar heel anders over denken?

Als het zo is dat Nederlandse soldaten altijd in dienst van de vrede vechten, zouden de soldaten van de tegenstanders zich dan inzetten voor ‘onvrede’, voor oorlog? Of zou het kunnen dat ook zij op een ‘veteranendag’ in het zonnetje worden gezet omdat ze zijn ingezet in dienst van de vrede? Dat zou betekenen dat iedere soldaat ‘in dienst van de vrede’ wordt ingezet en dat ze elkaar bestrijdend, allebei vrede nastreven. Als beide zijden ‘in dienst van de vrede’ worden ingezet, zou gewoon stoppen met vechten dan niet de snelste weg naar vrede zijn?

Dan zouden ze al voor dat ze beginnen met vechten een soort Eerste-Wereldoorlog-Kerstbestand kunnen uitroepen, maar dan een van permanente aard. Voor degenen die het niet weten, in 1914 staakten de soldaten in de loopgraven met Kerst de gevechten. Ze klommen uit de loopgraven en gingen bij en met elkaar Kerst vieren.

Wellicht is het waarschijnlijker dat elke partij voor de ‘eigen vrede’ vecht en dus eigenlijk voor de overwinning en zorgt dat juist voor de strijd. Zouden de veteranen niet beter bedankt kunnen worden voor hun inzet voor het vaderland, dat zou minder aanmatigend zijn dan ‘ingezet in dienst van de vrede’?

‘Hedendaagse Europeanen’

Bij Elsevier een stukje geschiedenis om te verklaren waarom iets in het heden geen goed idee is door Jelte Wiersma. Volgens Wiersma ontwikkelt de Europese Unie zich tot een multicultureel en multi-etnisch rijk. Geen goed idee want de recente geschiedenis laat dit zien: “Het Britse, Franse, Duitse, Russische, Spaanse en Oostenrijks-Hongaarse. In deze rijken woonden mensen met verschillende talen, religies en etniciteiten. Ook woonden er soms mensen buiten deze rijken die zich tot een volk binnen de rijken voelden behoren. Zij waren als het ware geboren in een verkeerd (staats-)lichaam. Drie grote oorlogen verder en twee lessen konden worden getrokken. Een rijk kan alleen een stabiel land worden met een homogene bevolking onder buitenlandse druk of door gedwongen volksverhuizingen.” Niet doen dus, want multi-culturele en multi-etnische rijken dat is vragen om problemen.

Romeinse RijkIllustratie: commons.wikimedia.org

Jammer dat Wiersma niet verder teruggaat dan de negentiende eeuw, want als hij verder terug zou gaan, dan zou hij zeer succesvolle multiculturele en multi-ethnische rijken tegenkomen. Wat bijvoorbeeld te denken van het Ottomaanse rijk, dat bracht haar inwoners eerst ruim driehonderd jaar stabiliteit en een redelijke vorm van welvaart, alvorens het in de negentiende eeuw bergafwaarts ging. Of het Romeinse rijk, waarin mensen van verschillende etniciteit en cultuur hun thuis vonden. Dat bestond bijna duizend jaar. Trouwens, ook het heden kent nog zeer succesvolle multiculturele en multi-etnische rijken, wat bijvoorbeeld te denken van de Verenigde Staten of het huidige Rusland.

Volgens Wiersma ontstaat een stabiel land: “als een homogene bevolking samenwoont binnen duidelijke grenzen zonder minderheden die zich miskend voelen of inwoners die fundamenteel andere opvattingen huldigen.” Landen die dit niet hebben zijn instabiel. Om die instabiliteit weg te nemen maakte: “Het militaire apparaat dat de Franse ondergang moest voorkomen, (…) van Basken, Bretons en Normandiërs Fransen. Minder dan de helft van de Fransen sprak ruim honderd jaar geleden Frans. Door de invoering van de dienstplicht, als reactie op de Duitse dreiging en het bewust mengen van de volkeren binnen het Franse rijk ontstonden de hedendaagse Fransen.” Maar beste meneer Wiersma, bestond dat Franse rijk, zonder die ‘hedendaagse Fransen’ niet al enkele eeuwen?

Zou de ‘ondergang’ van multiculturele en multi-etnische rijken niet juist een gevolg kunnen zijn van het creëren van ‘hedendaagse Fransen’ en natuurlijk ook Duitsers, Nederlanders, Russen, Engelsen, Belgen enzovoorts? Van het opkomend nationalisme en het uitventen van verschillen tussen‘wij’ en zij’? Waren die oorlogen niet juist het gevolg van juist het maken van die ‘hedendaagse Fransen, Duitsers et cetera en juist niet van die multiculturele en multi-etnische rijken? Bovendien, als je ‘hedendaagse Fransen’ kunt creëren, zou je dan niet ook ‘hedendaagse Europeanen’ kunnen creëren?