It ain’t what you do

“Tweede Kamer bang voor besmetting Brexit-virus.” De kop boven een artikel in de Volkskrant. Een artikel waarin politici worden geciteerd en aangehaald. Dat Wilders ook in Nederland een referendum wil, is niet nieuw. Hij wil uit de EU en denkt dat we vervolgens in het Walhalla terecht komen. Hoe dat Walhalla eruit ziet? Hij weet wat hij niet wil, maar wat hij wel wil?

golden-circle-sinek

Illustratie: dekrachtvancontent.nl

SP-leider Roemer wil een kleiner EU-verdrag waarover vervolgens een referendum wordt gehouden. Alleen hoe overtuig je de andere EU-landen daarvan? Als die al te overtuigen zijn dat er een kleiner verdrag moet komen, ga je dan eerst jaren onderhandelen en een compromis uitwerken om dat compromis vervolgens de kans te laten lopen dat het via een referendum waardeloos wordt? Is dat geen verspilling van tijd? SP-er van Bommel: “Het besmettingsgevaar is niet zozeer dat er een Nederlands referendum komt, maar dat de geest uit de fles is. Dat een Nexit onderdeel wordt van de verkiezingen in 2017.” CDA-er Knops voorspeld: “Als de Britten voor een Brexit stemmen, gaat het los in Den Haag.” D’66-er Verhoeven: ‘De zorgen zijn groot.” Uitspraken waarin angst doorklinkt.

Dit lezend, moet ik denken aan de gedragsonderzoeker Simon Sinek en zijn ‘Gouden Cirkel’. Centraal in de ‘Gouden Cirkel’ staan drie vragen: Waarom, Hoe en Wat. De belangrijkste vraag hiervan is waarom? Waarom doe je wat je doet? Een vraag die met gevoel te maken heeft en mensen nemen besluiten op basis van hun gevoel en niet op basis van argumenten, zo beweert Sinek.

Wil je iets bereiken in de politiek, dan moet de vraag waarom als eerste worden beantwoord. ‘Dat je samen sterker staat’, zoals PvdA-er Marit Maij beweert, gelooft iedereen. Al die cijfers over de ‘economische schade’ van een Brexit, die maken geen indruk. Waarom moeten we samen sterker staan? Waarom is die economische schade zo erg? En voor de voorstanders van een Brexit of voor Wilders: waarom is die economische schade niet erg?

‘Omdat wij een betere wereld willen, waarin het goed toeven is voor ons, onze kinderen en alle andere levende wezens. Een wereld waar iedereen, in veiligheid, een menswaardig bestaan kan opbouwen. Die wereld is alleen te realiseren als we samenwerken en krachten bundelen. Want alleen samen staan we sterk en zijn we sterk genoeg om dit te realiseren.’ Dit zou een antwoord van een voorstander van de EU kunnen zijn. Alleen voldoet de huidige EU hier niet aan, dus zou er een toevoeging moeten komen als: ’Daarom gaan wij pleiten voor een verbeterde EU waarin niet de economie maar het welzijn van de mens centraal staat.’

Om Sinek te citeren: “People don’t buy what you do, they buy why do you it.” Hebben politici die spreken over de EU, het alleen maar over het wat? Waar zijn politici en leiders die ons verleiden met een dergelijk verhaal en ons een goed gevoel geven?

Paradoxale economie

Een paar jaar geleden gaf een Nederlandse politieke partij (de PVV) een ‘gerenommeerd onderzoeksbureau’ de opdracht om uit te zoeken wat het effect zou zijn als Nederland de Europese Unie  (EU) zou verlaten. In het kort was de conclusie: Nederland is economisch, politiek en maatschappelijk gezien, beter af bij het verlaten van de EU.

monopolieIllustratie: www.favrify.com

Nu heeft ons gerenommeerde Nederlandse Centraal Planbureau (CPB) onderzoek gedaan naar de effecten van een uittreden uit de EU van Groot Brittannië voor de Nederlandse economie. Conclusie in de Volkskrant: “De kosten van een Brexit – het uittreden van Groot-Brittannië uit de EU – kunnen oplopen tot 1.000 euro per Nederlander.” Dit wordt veroorzaakt door een vermindering van de handel, de innovatie en productiviteitsstijging. Alle EU-landen ondervinden economische nadelen van het uittreden van de Britten, Nederland na de Ieren en de Maltezers het meeste.

Zou de conclusie zijn dat uittreden winst oplevert en het verlies bij de achterblijvers terecht komt? Dan zou handel een ‘zero sum game’ zijn, de winst van de een is het verlies van de ander. Maar hoe is dat te rijmen met de economische theorie dat vrijhandel voor beide partijen tot winst leidt, een ‘win-win game’? Een Brexit belemmert handel tussen de Britten en de EU-landen. Het inrichten van handelsbelemmeringen zou dan een ‘lose-lose game’ zijn. Dan moeten de Britten, net als de andere EU-landen, ook verliezen.

Als dat het geval is, hoe kan het dan dat Nederland er, volgens het ‘PVV-onderzoek’ na het uittreden uit de EU op vooruitgaat? Dat is in het vrijhandelsdenken onmogelijk. Meer vrijhandel is win-win voor alle partijen. Het uittreden van Nederland betekent minder vrije handel en dus zouden alle betrokken partijen in meer of mindere mate moeten verliezen. Bij uittreden winnen kan immers alleen bij een ‘zero sum game’. 

Als de EU werkelijk een ‘zero sum game’ is, waarom stappen dan niet alle landen eruit? Maar wacht eens, als ze er allemaal tegelijk uitstappen, wie wint en wie verliest er dan? Als de EU een economische ‘zero sum game’  is, waarom zouden landen er dan lid van zijn geworden en willen er nog steeds landen bijhoren? Waarom dan steeds verdergaande vrijhandelsverdragen afsluiten zoals TTIP? Toetreden levert je dan immers economisch verlies op.

Of slaat een van de twee gerenommeerde onderzoeksbureaus de plank mis? Welk bureau? Dat zullen we weten als de Britten werkelijk besluiten om de EU te verlaten.

Helikoptergeld en helikopters met geld

Helikoptergeld, een term gemunt door Milton Friedman en de laatste tijd hoor je hem weer vaak. Als de economie in het slop zit, deel dan geld uit aan de mensen. Je vliegt met een helikopter over het land en gooit het geld eruit. De mensen gaan het uitgeven en dan gaat de economie weer groeien. In de Volkskrant schrijft Derk-Jan Eppink er het volgende over: “Helikoptergeld is sluipend gif. Welvaartcreatie ontstaat uit werk gebaseerd op goed onderwijs, innovatie, ondernemerschap, open markten en prikkels tot prestatie. Geld drukken brengt geen welvaart. Helikoptergeld is verslavend als ooit het opium in China.” Voor hem moet de helikopter aan de grond blijven, andere economen denken daar anders over.

helicoptergeldIllustratie: www.marctomarket.com

Vliegen er niet al sinds 2015  transporthelikopters met geld rond?  Die vliegen van de Europese Centrale Bank (ECB) naar de banken en kopen daar staats- en bedrijfsobligaties mee op? Die banken krijgen zo meer geld ter beschikking. Ook kunnen banken geld van de ECB lenen en hoeven daarvoor geen of slechts weinig rente te betalen. Gratis geld dus. Dit allemaal met de bedoeling om het weer uit te lenen aan bedrijven. De ECB doet dit om de inflatie aan te wakkeren. Die is nu ongeveer 0% en zou minimaal 2% moeten zijn. Alleen bereikt slechts een klein deel van dat geld de bedrijven. De banken potten het op en vullen er hun buffers mee aan.

Vlogen er vóór de crisis niet ook al helikopters met geld rond? Helikopters van de banken en wat die helikopters deden, leek verdacht veel op het ‘helikoptergeld’? Werd het niet steeds makkelijker om een steeds hogere hypotheek te krijgen, die niet afgelost hoefde te worden? Was, en en is het niet nog steeds verrassend eenvoudig om te kopen op afbetaling? Helikopters van banken die heel eenvoudig geld kunnen creëren waar de actiegroep Ons geld zich druk om maakt?

Vliegen er niet al sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw helikopters die geld van de kleine man naar de 1% en vooral naar de 0,1% rijksten transporteren? Helikopters die vliegen via Panama, de Kaaimaneilanden en die een tussenlanding maken op de Amsterdamse Zuidas? Die vliegen om belastingen te ontwijken waardoor de kleine man meer belasting moet betalen? Helikopters die via speculatie op de beurzen vooral de kleine man en zijn pensioenspaargeld plunderen?

Zijn die helikopters niet ook sluipend gif? Helikopters die de kleine man en overheden verschulden en de 1% en vooral de 0,1% verrijken, zoals Piketty aantoont? Helikopters die samenlevingen ontwrichten. Wat zou er gebeuren als ze niet meer zouden vliegen en de ‘Friedman helikopter’ wel? En wellicht zou dan de ‘Friedman helikopter’ ook overbodig zijn?

IJsjes, de euro en ons inkomen

In zijn zaterdagse column besteedt Martin Sommer aandacht aan de toestand in Europa en in het bijzonder in Nederland. Hij legt, in navolging van Heleen Mees en de Britse UBS-bank, een verband tussen de invoering van de euro en de inkomensverdeling. Sinds de invoering van de euro zijn de lage inkomens erop achteruit gegaan en de hoge op vooruit. Net als trouwens in Oostenrijk.

ijsjesFoto: favim.com

Sommer concludeert in navolging van de eerder genoemden dat dit een gevolg is van de Euro. Bij zo’n uitspraak moet ik denken aan Ionica Smeets. Smeets gaf een klein college op het Zomerparkfeest in Venlo. Hét zomerevenement bij uitstek dat dit jaar voor de veertigste keer plaatsvindt. Een college over statistiek en de ongelukken die je ermee kunt veroorzaken. Ik moest vooral denken aan het volgende voorbeeld.

Twee grafieken vertonen in grote lijnen hetzelfde verloop. Er lijkt sprake van correlatie. De ene beschrijft de ijsverkoop en de andere het aantal verdrinkingsdoden. Een snelle conclusie en mogelijke ‘beleidsmaatregel’ is dan het verbieden van de ijsverkoop. Deze maatregel zal niet tot het gewenste resultaat leiden. ‘IJsverkoop’ correleert namelijk niet met ‘verdrinkingsdoden’. Het verband loopt via een derde grootheid, namelijk de temperatuur. Hoe warmer, hoe meer ijs er wordt gegeten en hoe meer er wordt gezwommen. Meer zwemmers leidt vervolgens tot meer verdrinkingen.

Zouden Sommer, Mees en de UBS niet op zoek moeten naar een ‘temperatuur’ bij hun  ‘ijsjes’ (euro) en ‘verdrinkingsdoden’ (inkomensverdeling)? Zou die schuldige niet het Nederlandse beleid kunnen zijn? Het beleid van de immer voortdurende loonmatiging? Het beleid van het jarenlang op de nullijn houden van uitkeringen? Het beleid van het steeds maar weer bezuinigen op sociale voorzieningen?

Zijn dat niet maatregelen die samen met een economische crisis, met name de onderkant van het inkomensgebouw hard treffen? Die nog worden versterkt door zaken als de geliberaliseerde huurverhogingen van sociale huurwoningen en eigen risico’s in de zorg ?

Dat het resultaat van deze maatregelen in euro’s wordt uitgedrukt, maakt de euro nog niet tot de oorzaak ervan. Want was met dergelijk beleid en de gulden als munt, niet hetzelfde gebeurt? Is het niet te makkelijk om de euro als schuldige aan te wijzen? De euro en de EU zijn een gewilde schuldige. Getuigt dit niet van intellectuele armoede en populisme?

De wens en de gedachte

Een wel heel bijzondere conclusie op basis van het Oekraïnereferendum werd getrokken door Gerry van der List in Elsevier. In zijn column De heilzame invloed van de volkswil onderschrijft hij dat referenda nadelen hebben, zeker in een vertegenwoordigende democratie als de Nederlandse. Van der List: “Het volk is in meerderheid nogal behoudend. Het heeft in elk geval een relatief scherp oog voor de nationale belangen.” Deze conclusie is om meerdere redenen bijzonder.

Het volkIllustratie:www.lambiek.net

Als eerste heeft bij dit referendum 32% van de stemgerechtigden de stem uitgebracht. Indien dit een representatieve steekproef was, dan zouden er wetenschappelijk verantwoorde uitspraken over het geheel gedaan kunnen worden. Het betreft echter geen steekproef. De opzet van het referendum is zodanig, dat het voor een tegen-stemmer duidelijk was wat doen. Een vóór-stemmer kon kiezen uit twee mogelijkheden: vóór stemmen of niet stemmen. Hoeveel van de niet-stemmers niet stemden, omdat ze tegen waren, is niet duidelijk en dat maakt dat er geen wetenschappelijk verantwoorde uitspraken over het geheel gedaan kunnen worden.

Ten tweede concludeert Van der List dat de meerderheid van het volk behoudend is. Waarop is deze conclusie gebaseerd? Dat kan niet op basis van de referendumuitslag. Waarom iemand stemt zoals hij stemt, is niet gevraagd en niet bekend. En iemand kan om progressieve of conservatieve reden zowel vóór als tegen stemmen.

Van der List concludeert dat het volk in meerderheid behoudend is. Misschien is dit zo of wellicht varieert die ‘behoudendheid’ per onderwerp? Misschien wil hij graag dat de meerderheid behoudend is, hard maakt hij het niet en op basis van de referendumuitslag kan dat ook niet.

De bijzonderheid neemt verder toe, als hij stelt dat die ‘behoudende meerderheid’ een ‘scherp oog’ heeft voor nationale belangen. Van der List doet het voorkomen alsof het nationaal belang een objectief vaststelbaar feit is, maar is dat wel het geval? Konden zowel voor- als tegenstanders niet met even veel recht en rede verdedigen dat hun positie ten opzicht van het associatieverdrag in het nationaal belang is?

Of is bij Van der List de wens, de vader van de gedachte? Wil hij zijn behoudende denkbeelden versterken door het volk achter zich te scharen en deze denkbeelden objectiveren door ze tot nationaal belang te bombarderen?

Referendhumhum

Het zoveelste artikel over wat het betekent als er bij het referendum over het associatieverdrag met de Oekraïne VOOR of TEGEN wordt gezegd. Als er zoveel verschillende uitleggen worden gegeven aan VOOR of TEGEN, wat is dan de waarde van de uitslag? Is dan duidelijk wat de kiezer precies heeft bedoeld? Wat zijn motieven en argumenten waren? Zoveel kiezers zoveel meningen ook na het referendum.

ReferendumFoto: nos.nl

Nu kun je betogen dat al die interpretaties er niet toe doen. Het gaat immers over het associatieakkoord. Een akkoord dat bestaat uit bijna 500 artikelen waarin Oekraïne belooft ‘Europese’ rechten en plichten voor haar burgers over te nemen en in ruil daarvoor gunstige handelsvoorwaarden krijgt en nog wat andere zaken. En daar moeten we JA of NEE tegen zeggen. De rest is allemaal interpretatie, een enkeling zegt manipulatie, die er niet toe doet. Maar wat als de manipulatie al begint bij GeenPeil, de initiatiefnemers voor dit referendum?

Doet de rest er echt niet toe? Wat doen we dan met Jantje, Thierryke, Emieleke, Alexandertje, Geertje, Markie, Diederikje en al die anderen in binnen en buitenland die hun eigen draai  geven aan de uitslag? Die omstandig gaan uitleggen wat de kiezer heeft bedoeld met JA of NEE. Hierbij driftig gebruikmakend van peilingen van Maurice de Hond cumsuis.

Wat moeten onze regering en parlement dan met de uitslag? Hoe moet zij die interpreteren en vertalen in vervolgacties? Is de vraag waarom iemand JA of NEE zegt niet van belang? Wat als je een deel van de afspraken in het associatieakkoord wel ziet zitten? Bijvoorbeeld de rechten en plichten voor de burgers. En een deel niet? Bijvoorbeeld de afspraken rond de economie omdat die van neoliberale snit zijn en multinationals bevoordelen? JA, maar … of NEE, tenzij… stemmen is niet mogelijk. Terwijl het voor de vervolgstappen wel van belang is om dit te weten.

Een referendum is toch het toppunt van democratie, zal de voorstander van het referendum zeggen. Toen vorig jaar bekend werd dat dit referendum zou worden gehouden, schreef ik er al een column over, waarin ik me afvroeg of besturen via referenda wel tot een prettige en rechtvaardige samenleving leidt. Hoe we voorkomen: “dat we de dag na het ‘feest van de democratie’ wakker worden met een stevige kater?”

De bevolking meer betrekken door in gesprek te gaan is een goede zaak en dat gebeurt veel te weinig, of een referendum daarvoor het juiste middel is? Zou ‘meer democratie’ veel vroeger in de besluitvorming niet beter zijn, dan achteraf JA of NEE zeggen?

Niet in mijn naam!

Artsen zonder Grenzen (AzG) en de VN vluchtelingenorganisatie UNHCR werken niet langer mee aan het vervoer van aangekomen vluchtelingen naar ‘detentiecentra’. Centra die, volgens AzG, eerder een gevangenis lijken omdat de mensen de centra wel in mogen, maar niet meer uit. En niet alleen daarom: “We staan het niet toe dat onze hulp wordt aangewend voor een grootschalige uitzettingsoperatie en we weigeren deel uit te maken van een systeem dat lak heeft aan de humanitaire noden van vluchtelingen”, zo citeert de Volkskrant landencoördinator Marie Elisabeth Ingres van AzG. De UNHCR noemt het zelfs interneringskampen.

Kamp MoriaFoto: www.trouw.nl

AzG en de UNHCR spreken niet over centra in Noord-Korea, bij onze ‘koninklijke’ vrienden uit Saoudi-Arabië of een Russische Goelag. Nee de centra waar deze gerespecteerde organisaties over spreken, zijn de ‘Europese’ centra waarin vluchtelingen worden ‘opgevangen’. Verlaten die mensen niet hun huis en haard omdat dat huis, die haard én hun leven wordt bedreigd door oorlogsgeweld? Is het niet wrang om deze mensen op te sluiten en te ‘interneren’ om de woorden van de UNHCR te gebruiken?

Zijn westerse landen, waaronder Nederland, niet medeschuldig aan dat oorlogsgeweld? Medeschuldig omdat zij nu bombarderen? Medeschuldig omdat zij eerst onder de vlag van het ‘brengen van democratie’, en later de ‘oorlog tegen terrorisme’ ingrijpen waar en wanneer ze maar willen? Medeschuldig omdat ze zich met woorden inzetten voor vrijheid en democratie, maar met hun daden en geld een andere boodschap verkondigden en verkondigen? Een boodschap waarbij toevoer van grondstoffen zoals aardolie en verkoop van wapens, een belangrijke rol speelden en spelen? Medeschuldig omdat niet het belang van de mensen in die landen centraal stond en staat, maar dat wat zij denken dat in hun economisch belang is? Maakt dat het ‘interneren’ en gevangenzetten van vluchtelingen niet extra wrang?

Is dit niet een vrije, open, inclusieve, democratische samenleving onwaardig? Voor de Ballonnendoorprikker in ieder geval veel, veel, veel te wrang en veel, veel, veel te onwaardig. Hij schaamt zich voor de handelwijze van de Europese landen! Hij schaamt zich voor de Europese leiders die dit hebben afgesproken! Hij schaamt zich voor de Nederlandse regering die hiermee heeft ingestemd! Hij schaamt zich voor de Nederlandse minister-president die een belangrijke rol heeft gespeeld bij het tot stand komen van deze ‘oplossing’! Hij schaamt zich voor Nederlandse volksvertegenwoordigers en bestuurders die dit vol trots staat te verdedigen en te promoten! Hij schaamt zich diep en roept uit: NIET IN MIJN NAAM!

En aan de vluchtelingen biedt hij zijn welgemeende excuses aan voor hetgeen hen wordt aangedaan.

Nederland gidsland

Nederland als gidsland en dus voorbeeld voor de wereld. Nederland het meest progressieve land van de wereld dat zich altijd en overal druk maakte om de mensenrechten, om abortus, euthanasie. Het land met het meest liberale softdrugsbeleid en zo zijn er vast nog meer voorbeelden te noemen. Dat is, sinds het begin van deze eeuw, iets van het verleden. Of niet?

De TegenpartijIllustratie: tweedekamer.blog.nl

De Duitse deelstaatverkiezingen hielden de journalistieke gemoederen flink bezig. Zo ook die van Afshin Ellian. In Elsevier schrijft hij over de titanenstrijd tussen twee Duitse vrouwen. Aan de ene kant bondskanselier Angela Merkel en aan de andere kant Frauke Petry van de AfD. Hij vergeet voor het gemak dat het Duitse politieke spectrum ook nog andere partijen bevat. Partijen die ook verkiezingen wonnen en verloren. Al houdt Ellian een slag om de arm omdat de AfD eerst maar eens moet bewijzen een blijvertje te zijn.

Eén zin in zijn column viel op: “De Duitse media moeten nog veel leren van wat in Nederland sinds de opkomst van Pim Fortuyn is gebeurd.” Dit naar aanleiding van de oproep van Petry aan de Duitse media om etiketten ‘rechts-nationalistisch’ of ‘rechts-populistisch’ niet meer voor haar partij te gebruiken, omdat de AfD een gewone volkspartij is net als alle andere. Hij adviseert de Duitse media om ‘te leren’ van Nederland na Fortuyn. Stelt Ellian hier Nederland ten voorbeeld aan Duitsland? Nederland weer als gidsland?

Wat moeten de Duitse media, en in het verlengde van de media, de Duitsers leren? Dat dergelijke etiketten niet geplakt moeten worden? Dan is Nederland een erg slecht voorbeeld. Want is Nederland vrij van het plakken van deze en andere etiketten? Populist, extreem rechts, fascist ze vallen geregeld.

Moeten ze de gespeelde verontwaardiging die er vaak op volgt, onder de knie krijgen? De oproep om de uitspreker van de f-woord te ontslaan? Of moeten ze aan de slag met de vertaling van woorden als nep-parlement, demoniseren, theedrinkende knuffelaar of minder, minder, minder? Moeten ze op zoek naar ministers die niet links, niet rechts, maar recht door zee zijn?

Of moeten ze hiervan leren dat dit een heilloze weg is? Dat ze alles moeten doen om de Nederlandse weg niet in te slaan en om te keren als dat nog kan? Dus Nederland als gidsland hoe het niet moet? Wat moeten de Duitse media en de Duitsers leren van Nederland?

Stem blanco

“Er resteert nog een jaar om die burgers te overtuigen én te mobiliseren. Werk aan de winkel dus.” Met deze woorden eindigt politiek filosoof Jurriën Hamer zijn betoog in de Volkskrant waarin hij oproept om in opstand te komen. In opstand om: “oude idealen, van mensenrechten, van gelijkwaardigheid en van tolerantie … ,” uit te venten, omdat deze idealen dreigen te worden verkwanseld. Als voorbeelden hiervoor haalt hij de vluchtelingencrisis en de milieucrisis aan. De ‘vijanden’ van deze idealen weten zich in de media goed te profileren en domineren het debat en met de verkiezingen van volgend jaar in aantocht, wordt het hoog tijd dat ook de aanhangers van deze idealen zich gaan roeren.

ik-stem-blancoIllustratie: www.bndestem.nl

Maar hoe mobiliseer je mensen voor deze idealen? Welke van de huidige politieke partijen kan deze idealen nog geloofwaardig en met verve uitdragen, omdat zij niet  ‘besmet’ is door het verleden? Of toch maar een nieuwe partij? Vervolgens, waar is die dito partijleider, een soort ‘Bernie Sanders’?  En als die partij en leider er zijn, hoe breng je een genuanceerde boodschap in een ongenuanceerde ‘sloganwereld’? En dan nog de vraag wat die partij kan bereiken in onze veelpartijendemocratie? Nopen die vragen daarom niet tot realistische verwachtingen? Zal succes daarmee niet iets van lange adem zijn? En geldt tegenwoordig niet het adagium dat Queen bezong? “I want it all, I want it all and I want it now!”

Een cynicus zou zeggen, begin er maar niet aan. En dat zou jammer zijn. Want zouden de aanhangers van deze, door Hamer genoemde, idealen zich niet juist nu moeten roeren? Ook de ballonnendoorprikker heeft zich, in diverse prikkers, uitgesproken voor deze waarden. Dus zijn steun heeft hij. Want is de slinger de afgelopen twee decennia niet vervaarlijk ver doorgeschoten naar de kant van de ‘vijanden’ van deze waarden? Zover dat veel voormalige aanhangers van deze waarden, van hun ankers zijn geslagen? En zou een partij of groep die deze waarden aanhangt, voor het broodnodige tegenwicht kunnen zorgen, zodat er weer een goed ankerpunt is?

Zou het ook anders kunnen? Zouden de aanhangers van deze waarden gebruik kunnen maken van een kans die de tegenstanders bieden? Zou het komende ‘Oekraïne-referendum’ zo’n kans kunnen zijn? Zou dat kunnen door de blanco-stem te bestempelen als een stem vóór deze waarden? Voor het verdrag stemmen hoeft niet, als de meerderheid maar niet tegen stemt en die meerderheid kan best blanco stemmen. Zou het mogelijk zijn om de beeldvorming zo te framen dat deze waarden gediend zijn bij een blanco-stem? Zou het mogelijk zijn om dit frame via de digitale media in heel korte tijd geaccepteerd te krijgen?

De illusionist

De kosten voor massamigratie zijn veel hoger dan de kosten van grenscontroles:“Een realistische raming van de kosten komt uit op een jaarlijks bedrag van twee tot vijf miljard euro. … De kosten van de opvang en verzorging van asielzoekers werd onlangs op 20 miljard euro per jaar geschat.” Een Duits instituut voor economisch onderzoek heeft deze berekening voor Duitsland gemaakt. Zo valt te lezen in Elsevier. Die 5 miljard euro steken schril af tegen de ‘alarmistische’ geluiden dat gesloten grenzen, zeer duur zouden zijn.

mindfuckIllustratie: www.burovoormuziek.nl

Nu komen er ieder jaar vluchtelingen, maar niet ieder jaar evenveel. In 2015 zullen de kosten verbonden met asielzoekers voor Duitsland best 20 miljard euro zijn geweest. Maar hoe hoog waren ze in 2014 en hoe hoog zullen ze in 2020 zijn? Het gaat mij niet om de bedragen en of die kloppen of niet. Zet twee economen in een ruimte en laat ze hiervoor een berekening maken en je krijgt drie verschillende uitkomsten.

De vraag die dit artikel oproept is van een andere orde. Met welk doel ‘vergelijk’ je de kosten van grenscontroles met die van de opvang en verzorging van asielzoekers? Welke suggestie wil je hiermee wekken? Zeker omdat het Duitse ‘berekeningen’ betreft en voor Nederland kan en zal dat heel anders liggen.

Wat is de relatie tussen het sluiten van grenzen en de opvang en verzorging van vluchtelingen? Willen grenscontroles zeggen dat vluchtelingen het land niet meer inkomen? Want dat is wat het artikel lijkt te suggereren. Nu hebben we na de Tweede Wereldoorlog een lange periode met grenscontroles gehad. In die tijd kwamen er ook vluchtelingen, denk onder andere aan de Hongaarse, de Tsjechoslowaakse en de Vietnamese.

Is het niet veeleer zo dat de kosten van grenscontroles bovenop die voor de opvang en verzorging van vluchtelingen komen? Tenzij we géén vluchteling meer toelaten. Dan moeten wel de internationale verdragen rondom de omgang met vluchtelingen worden opgezegd en onze wetgeving daaromtrent worden aangepast. En als alle landen dit doen, dan zit iedereen vast in het eigen land? Wat doen we dan als de dijken breken?

“Wahn ist kurz, die Reu ist lange,(kort is de illusie, lang de spijt)” aldus de Duitse dichter Friedrich von Schiller. Hoe lang en groot zou de spijt zijn als blijkt dat na het sluiten van de grenzen er ook vluchtelingen blijven komen. We moeten immers iedereen die zich aan de grens meldt en asiel aanvraagt, gewoon in procedure nemen. Dus ook worden opgevangen en verzorgd. Dan zitten we met dubbele kosten. Wat zou Elsevier willen bereiken met een dergelijk artikel? Toch oppassen voor de illusie die Elsevier lijkt te suggereren?