Zelfredzame overheid

Zelfredzaamheid. Een woord dat tegenwoordig een centrale rol vervult in overheidsland. We zijn een ‘participatiesamenleving’ een samenleving waarin iedereen meedoet en zichzelf moet redden. Eigen verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid zijn woorden die hierin centraal staan. Zijn er ook samenlevingen waarin niet iedereen meedoet? Dat er aan die zelfredzaamheid het een en ander schort blijkt uit de vele mensen die aanspraak maken op de schuldhulpverlening. In een artikel in de Volkskrant pleit WRR-onderzoeker Will Tiemeijer voor overheidsbeleid dat rekening houdt met  mensen die niet aan de: “veel te hoge verwachtingen heeft van de financiële zelfredzaamheid van mensen,” die de overheid heeft, voldoen.

Sennett

Een prachtig woord zelfredzaam, wie wil het niet zijn? Wie wil er afhankelijk zijn van de goedertierenheid van anderen? Net zoals eigen verantwoordelijkheid, wil er niet zelf verantwoordelijk zijn? Toch wringt er iets.

Laatst las ik het boek De cultuur van het nieuwe kapitalisme van Richard Sennett weer eens. Een boek waarin Sennett, zoals de achterkaft vermeldt: “een haarscherp en genadeloos beeld (geeft) van hoe de nieuwe economie ingrijpt in ons dagelijks leven.” Hij beschrijft hoe bedrijven veel verwachten van hun medewerkers. Werk is gefragmenteerd, veel losstaande activiteiten en dat vraagt veel van medewerkers. De bedrijven verwachten ‘zelfdiscipline zonder afhankelijkheid’. Klinkt dat niet verdacht naar ‘zelfredzaamheid’ en ‘eigen verantwoordelijkheid’? De cultuur van ‘het nieuwe kapitalisme’ is ook de cultuur achter het overheidsbeleid.

Sennett ziet een risico en waarschuwt op pagina 52: “Maar het is helemaal niet zo onschuldig de zelfredzaamheid te prijzen. Het bedrijf hoeft dan niet meer na te denken over zijn eigen verantwoordelijkheid jegens de werknemer.” Cru geformuleerd, de bedrijven nemen hun ‘eigen verantwoordelijkheid’ niet. Zou dat dan ook opgaan voor de overheid? Neemt de overheid haar verantwoordelijkheid in onvoldoende mate en is zij daarom niet zelfredzaam? Een interessante vraag.

In de retoriek legt de overheid de nadruk op wat zij van de burgers verwacht. Net zoals de bedrijven aangeven wat zij van werknemers verwachten. Zou de overheid niet haar verantwoordelijkheid moeten nemen en zelfredzaamheid moeten tonen door duidelijk aan te geven wat zij doet en wat de burgers van haar kunnen verwachten?

Om John F. Kennedy te parafraseren: “Ask not what your citizens can do for you, but what you do for your citizens!”

Ik ben de elite!

In de Volkskrant is een hele discussie losgebarsten over een artikel van NIOD onderzoeker Ton Zwaan. Zwaan betoogt dat een referendum een vorm van volksverlakkerij is. Dit leidde tot veel ingezonden brieven en reacties. Een van die reacties is van Frank van Dalen, de voorzitter van de stichting Politieke Academie. Volgens Van Dalen slaat Zwaan de plank volledig mis en kunnen burgers heel goed met referenda omgaan.

eliteIllustratie: jaar2011.middendelfland.net

Volgens Van Dalen is Zwaan door zijn artikel: “… de verpersoonlijking van de elite die schande spreekt dat het volk soms het heft in eigen hand neemt.” Het gaat mij nu niet om het middel referendum, maar om deze opmerking. Van Dalen gebruikt ‘elite’ op eenzelfde manier als Zwaan de woorden ‘namaakjournalisten, neppolitici en pseudo-intellectuelen’. Beide heren zijn niet de enigen die dergelijke woorden gebruiken. Ook Kamerleden zoals bijvoorbeeld Wilders (‘nepparlement’ ) maken zich hieraan schuldig.

Wanneer ben je een pseudo-intellectueel? En wie hoort er bij de elite? Is Wilders bijvoorbeeld een pseudo-intellectueel die, ondanks zijn bijna twintigjarig Kamerlidmaatschap niet bij de elite hoort?

Is het effect van dergelijke woorden niet dat degene die ervan wordt beschuldigd, in een hoek wordt gezet? Dat zijn redeneringen en argumenten er niet meer toe doen? Dat je er dus niet meer op in hoeft te gaan? Dat je er niet meer naar hoeft te luisteren? Dat inleven in de positie van de ander niet meer hoeft? De elite moet immers worden verafschuwd. Wat pseudo-intellectuelen zeggen telt immers niet mee. Voor anderen telt wat intellectuelen zeggen niet mee.

Is dat niet een verarming en verenging van het gesprek en het debat? Want is het maatschappelijk debat er niet bij gebaat dat alle standpunten en argumenten aan bod komen? Is het maatschappelijk debat niet gebaat bij het inleven in de leefwereld, standpunten en argumenten van de ander? Is deze manier van debatteren niet schadelijk voor de samenleving als geheel? Schadelijk omdat er zo groepen ontstaan die niet meer met elkaar praten en die langs elkaar heen leven? Groepen die steeds onverschilliger en wellicht zelfs vijandig tegenover elkaar komen te staan?

Daarom, in navolging van Kennedy. ‘Ik ben de:

  • pseudo-intellectueel
  • intellectueel
  • namaakjournalist
  • neppoliticus
  • …, en
  • elite!

Airbus op de A2

In de economie is het financiële systeem, de infrastructuur. En een infrastructuur moet betrouwbaar zijn. Ik vertrouw erop dat het geld op mijn bankrekening veilig is en dat ik het kan overmaken om er zaken mee te betalen. De afgelopen jaren hebben we gezien wat er gebeurt als dat vertrouwen wordt geschaad. Dan wordt de financiële infrastructuur onbetrouwbaar. Dan vertrouwen banken elkaar niet en bedrijven al helemaal niet meer. Gevolg: economische crisis of nog erger een economische depressie en veel maatschappelijke ellende.

AirbusFoto: barrieaircraft.com

De oorzaak: banken en financiële instellingen die producten op de markt brengen waar hun topmanagers, net als toezichthouders geen touw aan vast kunnen knopen. De handel die zover is gecomputeriseerd dat er sprake is van flitshandel die het menselijk oog en brein niet kunnen volgen. Producten die ontwikkeld konden worden omdat de markt gedereguleerd moest worden, die moest zo vrij mogelijk zijn. Vrije markten brengen groei en welvaart, aldus deze adepten van de vrije markt.

Een andere infrastructuur. Onze spoor-, water-, auto- en luchtwegen zijn samen met de gewonen wegen, fietspaden en voetpaden onmisbaar in onze samenleving. Waren ze er niet dan beperkte ons leven zich tot de eigen stad of dorp. Natuurlijk zijn er verbeteringen mogelijk en zijn er wellicht ook overbodige verkeersregels.

Wat zou er gebeuren als ook hier heel drastisch gedereguleerd zou worden? Als, zoals vrije markt aanhangers het liefst willen, alle regels zouden worden afgeschaft? Dan is het een stuk lastiger om van A naar B te reizen. Je moet dan op alles bedacht zijn, een vrachtwagen op het fietspad die ook nog eens links rijdt. Een rotonde waar auto’s zowel links als rechtsom rijden. Een vliegtuig dat  op de A2 landt. Zonder verkeersregels is het allemaal mogelijk. Dit zou tot grote en zware ongelukken leiden.

Na het Brexitreferendum lijkt er een race te ontstaan tussen Europese steden om Londen op te volgen als financieel centrum. Om de kansen daarop te vergroten wees premier Rutte er al op dat de wet op de bonussen interessante mazen biedt. De toch al magere regulering van, en controle op de financiële infrastructuur lijkt daarvan de dupe te worden. Moeten we dergelijke financiële, economische en in het vervolg daarop maatschappelijke risico’s wel willen lopen? Willen we werkelijk dat een Airbus op de A2 landt?

Meerdere vliegen

Normaal legt de Ballonnendoorprikker zijn vinger op rammelde redeneringen en stelt vragen die tot andere oplossingen kunnen leiden. Vandaag geen rammelende redenering, maar wel een mogelijke oplossing voor een probleem: de huisvesting van statushouders in Venlo. Wat is er aan de hand?

blerickFoto:bler.jpg

Twee flats in Blerick, die klaar waren om te worden gesloopt, moesten gaan dienen om zo’n tweehonderd statushouders te huisvesten. Statushouders zijn vluchtelingen die asiel hebben gekregen. De Venlose gemeenteraad viel over dit plan van het college van burgemeester en wethouders heen, zo valt te lezen in Dagblad de Limburger van 13 juli 2016. “Een onzalig plan … je moet zorgen voor spreiding … grote zorgen over het stadsdeel Blerick waarin drie van de vijf wijken onder druk staan … vreemd dat flats waarvan eerder is gezegd dat ze gesloopt worden, plots toch weer geschikt gemaakt kunnen worden.” En daarbij woorden als geschokt, verontrust enzovoort. Het plan gaat niet door en het college moet met betere alternatieven of scenario’s komen, aldus de raad.

Alle bezwaren van de raadsfractie en -leden zijn goed te begrijpen. Welke alternatieven zijn er? In ieder geval geen alternatief dat tegemoet komt aan de ambitie van de burgemeester: “het eerste deel van dit jaar 300 statushouders opvangen.” Die ambitie is sowieso al mislukt want de tweede helft van het jaar is al een halve maand oud.

Zouden de twee flats toch niet een rol kunnen spelen? Nou ja de flats, de plek waar ze staan. Zou het kunnen om op die plek over maximaal één jaar een gelijk aantal nieuwe huizen te bouwen? In Tilburg is het gelukt om een appartementencomplex in 75 werkdagen te bouwen en woonhuizen in 25 werkdagen, zou dit in Blerick ook kunnen? Met voorbereidingen en het maken van de voorfabricatie van de woningen, zouden er over een jaar mensen kunnen wonen.

Zouden er zo niet meerdere vliegen in één klap geslagen kunnen worden? De woningen, op een enkele na, voor het grootste deel te laten bewonen door niet-statushouders die verspreid over de stad een woning achterlaten. Die vrijkomende woningen vooral toewijzen aan statushouders. Daardoor ontstaat de gewenste spreiding. En stadsvernieuwing: de sloop van oude, versleten woningen die worden vervangen door eigentijdse. Alleen niet in het eerste halfjaar van 2016, maar dat is toch al voorbij. Een werkbare oplossing?

Maken en kraken

Op de ‘Smart Services Campus’ in Heerlen gaan onderzoekers werken aan: “niet te kraken, digitale en financiële  technologie.” Het gaat om de zogenaamde ‘blockchain-technologie’. Hoe het werkt, weet ik niet. Google het woord en je krijgt 256.000 verwijzingen die allemaal een uitleg geven. Wat het ook is, de verwachtingen zijn hoog gespannen. Nu zijn verwachtingen dat vaker.

kraken

Illustratie: oceans11.wikia.com

Wie herinnert zich de paspoortaffaire uit 1988 nog. Daarbij ging van alles fout, er werd een parlementaire enquête over gehouden en er viel een staatssecretaris over. Die fouten betroffen echter niet het doel: een ‘fraudebestendig’ paspoort. Inmiddels zijn we dertig jaar verder en zijn paspoorten nog steeds niet fraudebestendig.

Een decennium later, de dot-com hype. De nieuwe economie zou voor ‘eeuwigdurende economische groei’ zorgen. De tijden van crises waren voorbij en het Walhalla was bereikt. Met dank aan die feilloze nieuwe internettechnologie. Het bleek een grote luchtbel die knapte en een economische crises veroorzaakte. Inmiddels zijn we alweer enkele economische crises verder. Het Walhalla bleek toch verder weg te liggen.

In 2002 kregen we de fysieke Euro. De modernste beveiligingstechnieken waren erin verwerkt. Net zoals er vroeger met het goud- of zilvergehalte in munten werd gesjoemeld, bleken ook deze technieken ‘vervalst’ of ‘nagemaakt’ te kunnen worden.

Zou de blockchain niet eenzelfde leven beschoren kunnen zijn? Leren de ervaringen uit het verleden niet dat alles wat gemaakt wordt ook gekraakt kan worden? Van paspoort tot bankkluis, van geld tot software, alles heeft een zwakke plek. En die zwakke plek wordt altijd gevonden. Soms door de ‘goeden’ maar vaak ook door de ‘kwaden’.

Als, en daar geloof ik niet in, deze technologie echt niet te kraken is, zou de mens niet ook een zwakke plek kunnen zijn? Werd de banken-crisis niet mede veroorzaakt door ‘financiële producten’ gebaseerd op algoritmes die een computer uitvoerde? Algoritmes die alleen de makers ervan doorzagen. Zij, en hun opdrachtgevers, zijn er rijk van geworden en hebben de schade op de samenleving afgewenteld. Met geld werd het geweten afgekocht. Zou dat bij deze nieuwe ‘niet te kraken, digitale en financiële technologie’ ook kunnen gebeuren? Hoe betrouwbaar zijn de makers ervan?

 

Klijnsma’s pensioenprobleem

Pensioenen, ze houden de gemoederen flink bezig en met de verkiezingen van volgend jaar in aantocht zal er alleen maar meer aandacht voor komen. In de Volkskrant valt te lezen dat staatssecretaris Klijnsma twee problemen ziet in het huidige stelsel: Eén: jongeren subsidiëren in feite de pensioenopbouw van ouderen. Zij krijgen te weinig pensioen toegekend voor hun premie, ouderen teveel. … .Twee: Laagopgeleiden subsidiëren door hun lagere levensverwachting hoger opgeleiden die een langere levensverwachting hebben en daardoor langer pensioen krijgen.” Het eerste lijkt op het eerste gehoor logisch. Is het echter wel zo logisch?

PensioenIllustratie: beleggenopdegolven.blogspot.com

Krijgen jeugdigen te weinig pensioen toegekend voor hun premie en ouderen teveel? De basis van het pensioen is dat je spaart voor je oude dag. Je betaalt een premie, die wordt belegd en van de inleg en het resultaat krijg je na je pensionering in delen uitbetaald. Hierbij wordt gerekend met gemiddelden voor bijvoorbeeld de levensverwachting en rendementen op beleggingen. Die gemiddelden worden geregeld bijgesteld op basis van de laatste ervaringen. Je spaart voor jezelf. Als je vroeg sterft heb je pech, je hebt veel betaald en weinig ‘genoten’. Word je oud, heb je geluk. Bij de AOW is dit anders, daar betaal je premie waarmee de huidige AOW-ers worden betaald.

Hoe kan een jongere dan voor de oudere betalen? Klijnsma: “De honderd euro die een 20-jarige aan pensioenpremie betaalt, kan nog bijna 50 jaar belegd worden voordat het als pensioen wordt uitbetaald. In de praktijk krijgt de 20-jarige uiteindelijk te weinig pensioen toegekend voor zijn inleg. De 100 euro van een 60-jarige werknemer kan nog maar 7 jaar belegd worden, maar toch krijgt deze werknemer onevenredig veel pensioen toegekend voor dit bedrag.” Dat klopt, op ieder moment, maar toch klopt het ook niet. Die twintigjarige blijft geen twintig. Subsidieert hij als eenentwintigjarige dan niet ook al een nieuwe twintigjarige? Als hij niet sterft wordt hij uiteindelijk ook zestig.

De premie die een twintigjarige betaalt en die bijna vijftig jaar kan worden belegd, compenseert de premie die hij als vierenzestigjarige betaalt en die maar een paar jaar kan worden belegd. Subsidieert de nu twintigjarige niet zichzelf als zestigjarige en niet een huidige zestigjarige? Krijgt iedereen zo over zijn hele leven gezien niet zijn gelijke deel?

Ziet Klijnsma problemen waar er geen zijn of moet dit zogenaamde probleem een ander probleem verdoezelen?

Some animals are more equal

‘All animals are equal, but some animals are more equal than others.’ Een beroemde quote uit Animal farm van George Orwell. Hieraan moest ik denken toen ik las over de ‘cursus participatieverklaring’ voor nieuwkomers in Nederland. Een cursus die wordt afgesloten met het tekenen van een ‘Participatieverklaring’ die een verplicht onderdeel wordt van de inburgering van nieuwkomers. “Via dit traject laten gemeenten nieuwkomers kennis maken met de rechten en plichten en de fundamentele waarden van de Nederlandse samenleving,” zo valt te lezen op de site van de Rijksoverheid.

OrwellIllustratie: babalublog.com

Benieuwd naar die kernwaarden, ben ik in de ‘cursus’ gedoken. De waarden komen aan bod in het onderdeel ‘het muurtje’. De ‘waarden’ staan op stenen waarvan een muurtje moet worden gebouwd. ‘Andere culturen leren kennen’ is zo’n kernwaarde net als ‘samen delen’ en ‘tradities’, maar ook ‘vrijheid’, en er zijn er nog meerZijn dit allemaal waarden en als het waarden zijn, zijn het dan ook de waarden van alle Nederlanders?

Verwarrend wordt als ik in de ‘docentengids’ het volgende leest: “Het kan zijn dat deelnemers een andere interpretatie hebben bij sommige begrippen. Dat is voor deze werkvorm niet erg. Een begrip als vrijheid kan voor de ene deelnemer een hele andere betekenis hebben dan voor een ander.” Gaat het er niet juist om dat waarden gedeeld worden en kan dat delen niet alleen als we er allemaal hetzelfde onder verstaan?

Uiteindelijk moet de nieuwkomer de ‘Participatieverklaring’ ondertekenen en die luidt: “Ik verklaar dat ik kennis heb genomen van de waarden en spelregels van de Nederlandse samenleving en dat ik deze respecteer. Ik verklaar dat ik actief een bijdrage wil leveren aan de Nederlandse samenleving en reken erop dat ik daarvoor ook de ruimte krijg van mijn medeburgers.” Vreemd omdat de verklaring ook de volgende zin bevat: “In Nederland worden alle burgers gelijkwaardig behandeld. Discriminatie naar geslacht, geloof, afkomst of seksuele geaardheid wordt niet geaccepteerd.” Een nieuwkomer moet verklaren dat hij, zich aan de ‘waarden en spelregels’ houdt en dat hij ‘actief bijdraagt’. Een Nederlander hoeft dat niet. Hoe verhoudt zich dit tot het gelijk behandelen van alle burgers? Zijn onze ‘waarden en spelregels’ niet vervat in onze wet- en regelgeving?  Moet niet iedereen, die zich op het Nederlandse grondgebied bevindt, zich daaraan houden? Daarvoor is een verklaring niet nodig.

De nieuwkomer ‘rekent erop dat hij de ruimte krijgt’ van zijn medeburgers. Waarop kan hij ‘rekenen’ als de ander, de Nederlander, een dergelijke verklaring niet hoeft te tekenen? Zijn sommige dieren meer gelijk dan anderen?

Wat als …

Tarot kaarten, een glazen bol, koffiedik kijken, er zijn mensen die zeggen hiermee de toekomst te kunnen voorspellen. Of dat zo is, betwijfel ik.

Wat als je terug zou kunnen naar het verleden? Dan zou je mensen kunnen behoeden voor grote vergissingen. Dan zou je bijvoorbeeld Hitler als baby vermoorden. Alleen, hoe weet je dan wat de gevolgen zijn van die moord? Zou de Tweede Wereldoorlog dan niet zijn uitgevochten? Of zou er dan wellicht later een nog veel vernietigendere oorlog zijn uitgevochten? Wat als …?

Tarot

Foto: www.inzicht-in-je-leven.nl

Er zijn mensen die kunnen voorspellen hoe de toekomst had kunnen zijn als zij anders  zouden hebben gehandeld. De voormalige Britse premier Tony Blair is er zo een. Blair reageerde met de volgende woorden op het onderzoeksrapport naar de oorlog in Irak: ”De wereld was en is een betere plaats zonder Hoessein. Als we hem aan de macht hadden gelaten, dan zou hij met dezelfde dodelijke gevolgen als we zien in Syrië, aan kop staan tijdens de Arabische revoluties.” Dus als Sadam er nu nog zat, dan zou hij voor veel meer doden hebben gezorgd dan er nu in Syrië zijn gevallen?

Hoe weet Blair dat? Inderdaad was Saddam een wreed heerser. Hij stortte zijn land in een vernietigende oorlog met Iran. Als tegenstander van zijn regime, was je je leven niet zeker. Hij schroomde niet om gifgas te gebruiken tegen de Koerden. Dus een opstand in Irak zou vast tot vele doden hebben geleid. Maar toch.

Wellicht was er dan geen Arabische lente uitgebroken? Misschien is die Arabische lente wel een gevolg van de inval in Irak? Als dat zo zou zijn, kun je dan niet alle Syrische doden optellen bij de Irakoorlog en komen ze dus dan niet mede op het conto van Blair? Misschien was er dan wel plotseling vrede uitgebroken. Vrede gesticht door iemand die nu een bombardement op Bagdad of Basra niet heeft overleefd. Wat als … .  Daarover is geen zinnig woord te zeggen, want  je kunt het nooit bewijzen. Het is een non-argument.

Of zoals mijn moeder dan altijd antwoordde: ‘As den hemel velt, valle alle musse doeëd.’

‘Bountykeurslijf’

In de Volkskrant een uitgebreid artikel over de strategie van de partij Denk. Je moet het ze nageven, de twee mannen van Denk, ze komen goed in het nieuws. Sterker nog, voor hun achterban maken ze zelf het nieuws. Als volleerde Vloggers geven ze zelfs Rutger Castricum van Powned een koekje van eigen deeg.

BountyIllustratie: www.youtube.com

In het artikel in de Volkskrant komt het woord ‘bountykeurslijf’ voor dat de twee kamerleden van Denk hanteren. En de bounty die zij bedoelen, is niet het schip van de muiterij maar de reep: chocola van buiten en witte kokos van binnen. En ‘gekleurde’ kamerleden van andere partijen voldoen hier ook aan: ze zijn gekleurd maar handelen ‘in strijd’ met wat je, in de ogen van Denk, van die kleur mag verwachten. Moet je, zoals in het voorbeeld in het artikel, als moslim instemmen met een voorstel om de dag dat de ramadan afloopt geen stemmingen in de Tweede Kamer te houden?

Het ‘bountykeurslijf’ is van eenzelfde orde als de ‘witte onschuld’. Het zijn beschuldigingen waartegen je je niet kunt verdedigen. Hoe kun je het ‘bountykeurslijf’ afleggen? Wanneer heb je geen last meer van ‘witte onschuld’? Wie bepaalt wat het juiste handelen is bij een kleur als dat er al is? Hoe kun je aantonen dat je mening niets met je kleur te maken heeft? Heeft Denk het monopolie op het bepalen welk gedrag en welke opvattingen bij welke kleur horen? Wie bepaalt of je als ‘witte’ de ‘witte onschuld achter je hebt gelaten?

Is het niet heel gemakkelijk om dergelijke begrippen te gebruiken? Gemakkelijk omdat je dan een inhoudelijk gesprek uit de weg gaat? Is het niet een voorbeeld van luiheid en goedkope scoringsdrift? Of nog sterker, getuigt het niet van intellectuele armoede?

Wordt de democratie en de samenleving niet een slechte dienst bewezen door deze manier van mensen in de hoek zetten?

Worden we ouder?

De AOW-leeftijd moet weer worden verlaagd naar 65 jaar. Dat betoogt Jelle Visser in de Volkskrant. Werk is er voor ouderen niet en door de herstellende economie en het ‘goed begroten’ is er voldoende ruimte om de AOW leeftijd te verlagen naar 65 jaar. Wellicht is er nog een reden om hier eens goed naar te kijken.

Ouderen

Foto: www.gezondheidenco.nl

Toen de AOW werd ingevoerd was de gemiddelde levensverwachting bij geboorte ongeveer 72,5 jaar. Nu is dat negen jaar meer. Dat we steeds ouder en gezonder ouder worden was een van de argumenten voor verschuiving van de pensioen- en dus AOW leeftijd. Klopt die redenering wel?

Op het eerste gezicht wel, negen jaar is negen jaar. Maar dat er meer mensen oud worden en dus de gemiddelde levensverwachting bij geboorte hoger wordt, wil niet zeggen dat we ook ouder worden.  De Amerikaanse econoom Robert J. Gordon heeft in zijn boek The Rise and Fall of American Growth een interessante tabel opgenomen. In die tabel de toename van de levensverwachting op zes momenten in een mensen leven (pagina 211). Het jaar 1870 is hierbij het basis jaar. Zo is de levensverwachting van een boreling sinds 1870 toegenomen met zo’n 33 jaar. Ben je eenmaal zeventig, dan wordt je nu gemiddeld zes jaar ouder dan je leeftijdgenoot uit 1870. En nemen we de invoering van de AOW, dan leeft de zeventigjarige een schrale drie jaar langer dan zijn leeftijdgenoot in de jaren vijftig.

De stijging van de gemiddelde leeftijd is, zo laat Gordon zien, vooral een gevolg van betere hygiëne, riolering, waterleiding en de bestrijding van dodelijke kinderziektes. Dit heeft ervoor gezorgd dat er veel minder baby’s en jonge kinderen sterven. Vervolgens hebben de betere arbeidsomstandigheden ervoor gezorgd dat er minder volwassenen een dodelijk arbeidsongeluk krijgen. Kortom, de gemiddelde leeftijd is gestegen, niet omdat we zoveel ouder worden, maar omdat er veel minder mensen jong sterven. Ben je eenmaal zeventig, dan wordt je gemiddeld maar drie jaar ouder dan in de jaren vijftig.

Die drie jaren zijn vooral een gevolg van het medische kunnen dat levensverlengend werkt. Levensverlengend bij de grootste doodsoorzaken van tegenwoordig: kanker en hart- en vaatziekten. Zijn deze drie jaar, waarvan een deel als patiënt, voldoende reden om de pensioenleeftijd te verhogen en te blijven verhogen?