Waarden en burgerschap

Na enkele artikelen te hebben besteed aan het verkiezingsprogramma van de VVD, nu over naar het CDA. Volgens het CDA loopt: “Het politieke debat(…) vast in managementtaal, doorrekeningen en vastgeroeste standpunten.” De partij wil wat anders, zij wil: “een stevig debat over onze gedeelde waarden, de betekenis van burgerschap of rechtvaardigheid in onze samenleving.” Dat is nodig: “In de ik-samenleving van vandaag hebben we onvoldoende besef van het belang van gedeelde waarden en de onderlinge spelregels die nodig zijn om met elkaar samen te leven. We zijn te veel gaan geloven in een vrijheid zonder verantwoordelijkheid, in een wereld van rechten zonder plichten.” 

normen-en-waarden

Illustratie: normenenwaarden.org

Een debat over gedeelde waarden. Waarom is een debat over door iedereen ‘gedeelde waarden’ nodig? Een debat is een uitwisseling van gedachten, van de voors- en tegens. Wil ‘gedeeld’ niet zeggen dat het debat, die uitwisseling, al heeft plaatsgevonden en er consensus is bereikt? Het CDA lijkt daar wel van uit te gaan: want het zijn: “de waarden waarop onze samenleving is gebouwd.” Of zijn de waarden die het CDA noemt niet gedeelde, maar CDA waarden?

Net als de VVD, komt het CDA met: “onze handelsgeest en onze openheid naar de wereld,” dit samen met gemeenschapszin, het vreedzaam met elkaar leven in een samenleving van: “mensen met verschillende religieuze en culturele achtergronden en botsende politieke overtuigingen… Waar democratie en recht altijd het laatste woord hebben.” Want, aldus het CDA: “het zijn precies die waarden en tradities die nu onder druk staan.”

Het CDA laat, net als de VVD, na de negatieve kanten van die ‘handelsgeest’ en ‘openheid naar de wereld’ te benoemen. Zou dit bevorderlijk zijn voor het, volgens de partij, benodigde historische besef? De: “… beleving van tradities en het respect voor hetgeen onze voorouders met elkaar hebben opgebouwd, bevorderen het gevoel van saamhorigheid en identiteit, ook voor nieuwkomers in onze samenleving,” zoals de partij historisch besef definieert.

Als een debat eraan bijdraagt dat de negatieve kanten van die ‘waarden’ een plek krijgen in de gedeelde waarden en als het bijdraagt aan het historisch besef van alle Nederlanders, dan is een debat zinvol.

Zou het CDA dit bedoelen of is debat een verkeerd woord en bedoelt het CDA een les ‘burgerschap’? Want: “Burgerschap vraagt om een brede acceptatie van onze kernwaarden en tradities, zoals die in symbolen als het Koninklijk Huis en het volkslied tot uitdrukking komen,” Een goede vraag voor de lijsttrekker.

Bange liberalen

Met de kamerverkiezingen in aantocht, presenteren de politieke partijen hun plannen en ideeën. Voor een stukjesschrijver zijn dat gouden tijden. Vorige week verscheen het verkiezingsprogramma van de VVD. Op pagina 21 in de paragraaf Integratie, de volgende zin: “Onze kernwaarden mogen niet onder druk komen te staan door aanvallen vanuit islamitisch- extremistische hoek. Daarom willen we haatpredikers van binnen en buiten de Europese Unie weren uit Nederland.” Een interessante zin die om verduidelijking vraagt.

extremisme

Foto: aff.skynetblogs.be

Wat zijn die ‘kernwaarden’ die niet onder druk mogen komen te staan? In het programma wordt heel vaak verwezen naar ‘onze waarden’ en komt het woord kernwaarden twee keer voor, maar wat die waarden zijn, wordt niet duidelijk. Hoe moet ik nu als ‘potentiële kiezer’ beoordelen of de VVD het over dezelfde waarden heeft als waaraan ik denk? Als die niet overeenkomen, dan is er geen sprake van ‘onze waarden’.

Dan het tweede deel van de zin, dat de waarden niet onder druk mogen komen te staan vanuit islamitisch-extremistische hoek. Is dat de enige hoek van waaruit de kernwaarden onder druk kunnen of worden gezet? Of zijn er ook andere hoeken? Zoals door aanvallen vanuit christenlijk-extremistische, facistisch-extremistische of wilderiaans-extremistische hoek en zijn die wel toegestaan? Zouden kernwaarden niet ook onder druk kunnen komen te staan door aanvallen vanuit gematigde hoek?

Zijn die kernwaarden de grondwettelijke vrijheden? Bedoelt de VVD hier bijvoorbeeld de gelijke rechten voor homo’s en hetero’s waarnaar in de inleiding wordt verwezen? Dan is het goed om te weten dat die waarde net als vele andere bejubelde vrijheden, juist zijn ontstaan door het onder druk zetten van eertijdse kernwaarden. Zou een zich liberaal noemende partij niet juist moeten vertrouwen op de kracht, de vrijheden, van de liberale democratie? Zou zij ‘druk op die waarden door aanvallen’ van welke extremisten dan ook niet met vertrouwen tegemoet moeten zien? Vertrouwen dat is gebaseerd op de kracht van die vrijheden?

Slimme Hongaren

De Hongaren konden gisteren naar de stembus. De regering van premier Orban vond het nodig dat het Hongaarse volk zich uitsprak over de vraag: “Wilt u dat de EU Hongarije kan verplichten om een bindend aantal allochtone burgers op te vangen, zelfs zonder toestemming van het parlement?” De kiezers konden JA of NEE antwoorden. Om tot een geldige uitslag te komen moest de opkomst vijftig procent plus één kiezer bedragen. Dit aantal werd niet gehaald. Slechts vijfenveertig procent van de Hongaren nam de moeite om naar de stembus te gaan. De kiezers die wel kwamen opdagen, beantwoordden de vraag in overgrote meerderheid met NEE, 3,2 miljoen tegen slechts 168.000 JA-stemmers.

Hungary Referendum

Foto: www.volkskrant.nl

De vicepresident Gergely Gulas interpreteert de uitslag als een ‘verpletterende overwinning’ voor het NEE-kamp. En als je naar het aantal JA, en NEE stemmers kijkt, dan lijkt hij een punt te hebben.

Je zou echter ook kunnen spreken van een verpletterende nederlaag. Iemand van het JA-kamp kon op twee manieren zijn keuze duidelijk maken. De eerste manier was om, zoals 168.000 Hongaren hebben gedaan, JA te gaan stemmen. De tweede manier was door niet te gaan stemmen en te hopen dat de opkomstdrempel niet werd gehaald. Welke mogelijkheid zou de JA-stemmer de grootste kans op winst geven?

Bij welke verkiezingen dan ook, komt een deel van de kiezers niet opdagen. Stel dat dit vijftien procent is. Waarom zou je als slimme JA-man of vrouw komen opdagen? En als met jou minstens vijfendertig procent van de andere potentiele JA-stemmers ook niet komt, haal ik met vijfendertig procent mijn doel. Dan maakt het niets uit of alle NEE-stemmers komen opdagen, de opkomstdrempel wordt immers niet gehaald. Wat zeggen die aantallen? Kun je dan spreken van een ‘verpletterende overwinning?

Kunnen we concluderen dat het Hongaarse JA-kamp het spel slimmer heeft gespeeld dan het Nederlandse JA-kamp bij het Oekraïnereferendum? Als alle Nederlanders die JA hebben gestemd tijdens dat referendum niet waren komen opdagen, was de drempel van dertig procent niet gehaald.

 

Cognitieve dissonantie

Volgens Sietske Bergsma, zo schrijft ze bij ThePostOnline, heeft een groot deel van Nederland last van cognitieve dissonantie. Wat? “Het ongemakkelijke gevoel dat we hebben als iets wat we geloven of hopen wordt tegengesproken door de feiten, of als ons gedrag niet overeenkomt met het positieve beeld dat we van onszelf hebben.” Omdat onze hersenen niet kunnen leven met dergelijke tegenstrijdigheden, wordt de waarneming of tegenspraak aangepast of ‘in overeenstemming gebracht’ met het geloof of eigen beeld. De roker die de gezondheidsschade van roken bagataliseert door te  verwijzen naar zijn opa die met twee pakjes sigaren honderdenvijf is geworden.

cognitieve-dissonantieIllustratie: www.kennislink.nl

Terecht wijst Bergsma erop dat cognitieve dissonantie gevaarlijk kan zijn omdat: “Door een vertrouwd wereldbeeld (en niet de mens zelf) in bescherming te nemen, hoeven de nieuwe feiten niet echt bij mensen binnen te komen, en zo hoeft niemand ergens actie op te nemen.”

Volgens Bergsma leidt een groot deel van Nederland hieraan. Welk deel? De wandelaars van de ieder1-mars bijvoorbeeld. De aanhangers van: “het nieuwe, activistische geloof in het behoud van een vrij, blij, vredig en divers Nederland.” Een geloof dat steeds meer: “in een wanverhouding (komt) te staan ten opzichte van de feiten: onrustige wijken, terreurdreiging, groeiend anti-semitisme, overbevolking, een stuurloze EU, Trump, steeds meer islam in de publieke ruimte en -hoewel dat allerminst een feit is, noem het een stevig gerucht- het algehele gevoel dat Nederland zijn identiteit verliest.” De ‘gelovigen’ passen deze werkelijkheid aan: “Dan krijg je na een aanslag ‘feiten’ over bijvoorbeeld de kans dat zo’n noodlot jou treft, dat die klein is en dat er in de middeleeuwen ook vreemdelingen naar ons land kwamen.”

Ook bij ThePostOnline krijgt zij bijval van Sid Lukkassen. Hij ziet Nederland uiteen vallen in vier zuilen: de Kosmopolitisch/Postmodern/Progressief; de Islam; de Biblebelt/SGP/ChristenUnie, en de Soevereine patriotten/humanistisch realisme/post-progressieven. Ronkende beschrijvingen. Alleen de laatste groep, waartoe: “geaarde mensen die bespiegelingen als die van Bergsma serieus nemen en met interesse lezen” behoren, leidt niet aan cognitieve dissonantie. De groep waartoe Lukkassen zelf behoort. Vandaar natuurlijk ook de woorden realist en soeverein in de omschrijving, dan zijn de andere groepen immers irreëel.

Nu lees ook ik de bespiegelingen van Bergsma en de verhalen van Lukkassen en ik ken het begrip cognitieve dissonantie daarom stel ik ook overal vragen bij. Dus ook bij de analyse van Bergsma. Zou het werkelijk zo zijn dat alleen deze mensen, die het niet met Bergsma en Lukkassen eens zijn, aan cognitieve dissonantie leiden? Zouden Bergsma en Lukkassen er zelf niet ook last van kunnen hebben?

De dood van de ‘links -rechtsschaal’

“Extreemlinkse Jeremy Corbyn herkozen als Labour-leider,” de kop boven een artikeltje bij ThePostOnline waarin melding wordt gemaakt van de herverkiezing van Jeremy Corbyn als leider van de Britse Labour Party. Extreem links, links, centrum links, centrum rechts, rechts, extreem rechts, allemaal woorden waarmee de spreker iemand wil duiden.

links-rechtsIllustratie: www.slideshare.net

Wanneer is iets links en wanneer rechts? Volgens TPO is Corbyn extreem links, zouden anderen hem links kunnen noemen en weer anderen zelfs rechts? Wat zeggen dergelijke woorden dan en over wie zeggen ze wat?

Even een uitstapje naar de filosofie. In zijn boek Globes. Macrosferologie schrijft Peter Sloterdijk over de rol van een god. Een belangrijke functie van een god is, volgens hem, het onderscheid tussen binnen en buiten bewaken: wie hoort er wel bij en wie niet? God als grensbewaker, de alomvattende. Een tweede rol van god is die van ‘verlichter’: hij laat zijn licht schijnen op zijn volgelingen. Bij beide rollen moet Sloterdijk aan een bol denken. God is dan de buitenkant die alles omvat, maar ook het centrum van waaruit het licht alle kanten op straalt. Dit beeld paste goed bij het wereldbeeld waarbij de aarde het centrum van het universum vormde. Toen dit wegviel, moesten religieuze denkers god opnieuw definieren en ze kwamen onder andere met: ‘god is een oneindige bol, waarvan het centrum overal en de omtrek nergens is.’ Sloterdijk laat duidelijk zien dat dit onmogelijk te combineren is met de twee rollen (grensbewaker en centrum) van god. Uiteindelijk verklaarde Nietzsche het ‘model god’ voor dood.

Waarom dit uitstapje? Als we nu naar de politiek kijken en het model van de links-rechtsschaal: een lijn met duidelijke uitersten en een middelpunt. Door anderen werd die lijn gebogen tot een hoefijzer. Wordt dit model niet onbruikbaar als het niet eenduidig is wat centrum, links en rechts is? Ontstaat er zo niet een oneindige lijn zonder duidelijk middelpunt met hetzelfde probleem als de oneindige godbol zonder duidelijk middelpunt? Zullen we de diverse modellen van de links-rechtsschaal ook dood verklaren?

In het land der blinden…

Aan de vooravond van de Amerikaanse verkiezingen trekken programmamakers weer naar de overkant van de plas. Zo trekt Eva Jinek dwars door de Verenigde Staten om met ‘de gewone man’ te praten. Ook Eelco Bosch van Rosenthal bezoekt Droomland Amerika en doet verslag. Het is immers ook voor Nederlanders van belang om te weten hoe Amerikanen denken. De afgelopen jaren heeft Jelle Brand Corstius al enkele mooie documenairereeksen gemaakt over het leven in Rusland en in Langs de oevers van de Yangtze leerden we China en de Chinezen nader kennen.

droomland-amerikaFoto: www.nrc.nl

De programmamakers kunnen en konden op veel lof rekenen. Ze laten en lieten de ‘gewone’ Amerikaan, Rus en Chinees zien en dat bleken heel gewone mensen te zijn. Eigenlijk net Nederlanders alleen spraken ze een andere taal. Een deel van de wereld dat er bekaaid vanaf komt en dat we bijna alleen maar lijken te kennen van oorlogen, opstanden en vluchtelingen, is de Arabische wereld. Bij de NPO dachten ze: laten we eens aandacht besteden aan de gewone Arabier. Laten we eens kijken wat hen beweegt. De NPO wil laten zien dat het Midden-Oosten: “een enorm veelzijdige regio met de meest uiteenlopende verhalen en personen”, is. Eigenlijk precies hetzelfde doel als Jinek, Bosch van Rosenthal, Brandt Corstius en de makers van de Yangtze. Waarbij de regimes in Rusland en China ook niet uitblinken in vrijheden, democratie en mensenrechten.  Een goed idee want hoe beter het beeld is dat mensen van elkaar hebben, hoe beter we elkaar kunnen begrijpen. En begrip kan de angst voor elkaar verminderen toch?

Nou, dat is buiten PVV-kamerlid Martin Bosma gerekend, zo valt te lezen bij Elsevier “Waarom zouden we geen angst mogen hebben voor de Arabische dictaturen gezien de totalitaire islam, het gebrek aan democratie en het hardnekkige verlangen van die landen in de middeleeuwen te blijven steken?”  Volgens de partij is het niet aan de NPO om ‘reclame te maken voor Arabische dictaruren’ zo tweet hij. Hij heeft daarom Kamervragen gesteld om te achterhalen: “‘waarom de mening van de Nederlanders inzake de Arabische dictaturen volgens de NPO niet deugt.” Het kan zijn dat Bosma niet verder heeft gelezen dan de kop boven het artikel op mediacourant.nl. Die spreekt over angst wegnemen, iets wat in het hele artikel niet terugkomt.

Zou Bosma en zijn PVV bang zijn dat er wel eens begrip zou kunnen ontstaan voor vluchtelingen en migranten? Zou hij een genuanceerder beeld van het Midden-Oosten vrezen omdat dan de ‘vijand’ een menselijk gezicht zou kunnen krijgen? Zou hij bang zijn dat begrip de PVV stemmen gaat kosten? Zou hij kennis vrezen omdat in het land der blinden eenoog immers koning is?

Vernieuw de democratie: geen partij

“Een zetel? Begin Partij Eigenbelang.” Met dit als kop stelt Lex Oomkes in Trouw de ‘belangenpolitiek’ aan de kaak. “Daar hadden we tot voor kort belangenorganisaties voor, die de politiek bewerkten. De politiek woog die belangen vervolgens allemaal tegen elkaar af en hakte een knoop door. Maar zo werkt het niet meer. Het eigen gelijk en het eigen belang zijn tegenwoordig te absoluut om nog te kunnen bedenken dat er wellicht andere belangen zijn.” Met deze zinnen vat hij zijn eigen betoog kort samen.

tegen-verkiezingen

Als we echter allemaal een eigen partij beginnen, dan is de Tweede Kamer te klein. Zeventienmiljoen mensen krijg je niet op 150 zetels. Hoe lossen we dat op? Referendum! Zal dan menigeen roepen, dan kan iedereen zijn mening geven. Alleen kleven er aan een referendum flinke nadelen. Het wordt bovendien een heel circus als voor ieder besluit een referendum moet worden uitgeschreven. Zijn er andere alternatieven?

Zou het afschaffen van partijen een alternatief kunnen zijn? Nu hoor ik u denken: waar moet ik dan op stemmen? U hoeft niet te stemmen, zou een antwoord gebaseerd op David van Reybrouck (lees zijn boek Tegen verkiezingen) kunnen zijn. U wordt al dan niet uitgeloot om in het parlement zitting te nemen. Volgens Van Reybrouck is loting een democratisch alternatief voor verkiezingen. Dan komt er een einde aan de huidige dunne  spoeling kandidaten (partijleden) en vervalt de verlammende profileringsdrang voor kamerleden, profileringsdrang om herkozen te worden. Dat zou, door de hype uit de politiek te halen, voor rust zorgen die nodig is voor goede besluitvorming.

Helemaal niet meer stemmen? We zouden wel de leider van de regering (of colleges op gemeentelijk en provinciaal niveau) kunnen kiezen. Die stelt zijn eigen regering samen en voert het programma uit waarop hij is gekozen. Voor geld en nieuwe wetten moet hij de gelote volksvertegenwoordiging overtuigen. Een volksvertegenwoordiging die niet gebonden is aan welke verkiezingsbelofte of regeerakkoord.

Zou dat een alternatief kunnen zijn? De moeite van het proberen waard? En als het voor nu een stap te ver is, een proef in een twintigtal gemeenten?

Directe verkiezingen!?

“Alle grote problemen van deze tijd worden veroorzaakt of versterkt door ongrijpbaar wanbeleid. Zowel op lokaal, nationaal als EU-niveau. Zonder drastisch ingrijpen leidt deze ondemocratische bestuurswijze onherroepelijk tot maatschappelijke onrust en volksopstand.” Zo betoogt Uri van As op de site Opniez. De oorzaak volgens Van As: “Onze overheidsbestuurslagen zitten boordevol incompetente functionarissen. Bestuurders die in het bedrijfsleven acuut zouden mislukken. Mensen die hun functie en promoties niet danken aan kennis, inzicht en daadkracht maar aan de baantjescarroussel van hun partij.” En de oplossing: “Schaf indirecte verkiezingen af. Geef burgers een volwaardige stem.” Want: “Zouden Nederlanders in staat zijn geweest hun eigen bestuurders te kiezen dan had niemand ooit gehoord van PvdA-burgemeester Geke Faber. Dan bestond er geen kloof tussen de elite en het volk.”

falende-politici

Foto: speld.nl

Beste heer Van As, ik kan een heel eind met u meegaan. Veel problemen worden beïnvloed door beleid. En de resultaten van beleid worden door de ene groep als wenselijk gezien en door de andere als onwenselijk. Inderdaad zijn er naast competente en daadkrachtige bestuurders ook incompetente functionarissen. Inderdaad kan het zijn dat beiden, zowel de competente als de incompetenten in het bedrijfsleven zouden kunnen mislukken, maar ook slagen. Net zoals succesvolle bestuurders uit het bedrijfsleven in ‘overheidsdienst’ kunnen mislukken en mislukkelingen uit het bedrijfsleven kunnen slagen.

Beste meneer Van As, uw oplossing om fucntionarissen rechtstreeks te kiezen, zal dit probleem niet oplossen. Wellicht zouden we dan inderdaad nooit gehoord hebben van Geke Faber. Daarvoor in de plaats zouden we anderen kennen. Dwaallichten met charisma en mooie verhalen die mensen wisten te overtuigen van hun ‘kwaliteiten’ en die er in de praktijk niets van zouden bakken. Kijk eens naar het land waar zo ongeveer iedere publieke functie middels verkiezingen wordt verdeeld, de Verenigde Staten. Is er in dat land geen sprake van een ‘kloof tussen elite en het volk’? De Amerikaanse geschiedenis kent naast vele competente ook veel incompetente en corrupte publieke bestuurders die vervolgens nog worden herkozen. En daarnaast vele politici die dansen naar de pijpen van mensen met geld.

Beste meneer Van As, u heeft een hoge pet op van Nederlanders bij het kiezen van eigen bestuurders. Waarom denkt u dat Nederlanders dit beter zouden kunnen dan Amerikanen?

Zorgen over betaalbare zorg

Met de Tweede Kamerverkiezingen in aantocht komen de politieke partijen met hun plannen voor de toekomst. Een onderwerp dat veel voorkomt is de zorg en dan vooral het eigen risico. Diverse partijen (PVV, 50-plus, SP en GroenLinks) pleiten voor afschaffing van het eigen risico. Kees Kraaijeveld bepleit in Vrij Nederland juist voor het behoud van het eigen risico. Kraaijeveld: “Als Nederlanders zich zorgen maken over de betaalbaarheid van de zorg, is het schrappen van het eigen risico dan een goed idee? Natuurlijk niet. Het eigen risico is in 2008 juist ingevoerd om de zorg betaalbaar te houden.” Bovendien maakt het eigen risico mensen bewust van de kosten: “Het eigen risico is een manier om mensen die zorg consumeren te laten voelen dat zorg geld kost. Dat helpt. Zelfs een eenvoudig en relatief laag eigen risico als het onze voorkomt al ruim een half miljard euro per jaar aan zorguitgaven. ‘Remgeld’ noemen economen dat.” 

eigen-bijdrage

Illustratie: www.bbtk.org

Op enkele punten kunnen vragen worden gesteld bij het betoog van Kraaijeveld. Als eerste een aantal vragen bij de economische redenering. Economische redeneringen zijn valide als mensen een keus hebben: koop ik brood bij de bakker of de supermarkt? Hoeveel keus heb ik als ik een been breek? Heb ik dan de keus om niet naar de dokter te gaan? Is gezondheid niet té belangrijk om zo’n economische redenering op los te laten?

De ‘economische redenering’ is gebaseerd op de aanname dat mensen voor iedere scheet naar de dokter gaan en er zo veel kostbare tijd en geld wordt besteed aan mensen die eigenlijk niets mankeren, behalve dan misschien aandachtstekort. Klopt die aanname wel? En zouden er voor dat aandachtsprobleem geen andere oplossingen zijn?

Weegt het ‘remgeld’ en dus het niet of later naar een dokter gaan op tegen de mogelijke vervolgschade ervan? ‘Remgeld’ zou effectief zijn als het bij de toegangspoort wordt geheven, dus bij de huisarts, dat zou ook de ‘aandachtszoeker’ kunnen remmen. Een bezoek aan de huisarts is echter vrij van eigen bijdrage. Een eigen bijdrage is pas aan de orde als de huisarts doorverwijst naar een specialist of iets voorschrijft. Dus als er iets is geconstateerd en als ik die specialist niet bezoek of het medicijn niet haal, omdat ik de eigen bijdrage niet kan betalen. Vervolgschade omdat ik de penicillinekuur tegen de tekenbeet niet afhaal vanwege de eigenbijdrage en ik vervolgens ten prooi val aan lyme? Weegt die schade op tegen de extra inkomsten van de eigen bijdrage?

Als laatste vragen over de zorgen om de betaalbaarheid. In de zorg zijn er twee soorten betaalbaarheid. Kraaijeveld maakt zich zorgen om de macro-betaalbaarheid: kunnen we als land, de totale kosten van de zorg nog wel blijven betalen, de vijfduizend euro per hoofd van de bevolking waar Kraaijeveld het over heeft en waarvan het eigen risico maar een klein deel is, de rest is premie- en vooral belastinggeld. Zouden bij deze betaalbaarheid draagkracht en rechtvaardigheid centraal moeten staan?

De andere betaalbaarheid is de micro-betaalbaarheid. Kan ik als burger de vezekeringspremie en vooral de eigen bijdrage betalen? Als ik chronisch ziek ben en van een klein inkomen moet rondkomen, dan is driehondervijfentachtig euro, ruim dertig euro per maand, veel geld. Zeker omdat ik al van tevoren weet dat ik ze moet betalen en er dus van ‘remmen’ geen sprake is. Om welke betaalbaarheid zouden mensen zich het meeste zorgen maken?

’t Kan verkeeren

Als ik aan spionnen denk, dan denk ik aan James Bond. Een onkwestbare ladykiller die met moderne snufjes techniek en onderkoelde humor de strijd aangaat met het kwaad. Nu is Bond een grove overdrijving van de werkelijkheid, die is veel minder spectaculair en de gemiddelde spion verzamelt informatie en dat is soms lastig. Zeker als die informatie wordt versleuteld zoals nu bij WhatsApp en andere digitale communicatiemiddelen.

james-bond

De baas van de Nederlandse spionnenorganisatie AIVD wil dan ook dat zijn dienst de mogelijkheid krijgt die versleuteling ongedaan te maken. Dan kan de dienst de appjes van potentiële terroristen lezen. Alleen: “van diegenen die een bedreiging vormen.” aldus opperspion Rob Bertholee in de Volkskrant “bij al die andere mensen willen we niet meekijken,”. Nu ben ik niet wantrouwend van aard en geloof Bertholee op zijn blauwe ogen dat hij rechtsorde wil beschermen en: “Dat betekent dat we gecontroleerd bevoegdheden inzetten. Bij mensen die geen gevaar zijn, mag dat niet.” Dit natuurlijk tot het tegendeel is bewezen. Alleen is het dan te laat, dan hebben de spionnen die bevoegdheid al.

Want ‘diegenen die een bedreiging vormen’ is een rekbaar begrip en dat kan veranderen. In de jaren vijftig werden communisten als een bedreiging gezien. In de jaren zeventig zou je als Molukker een grote kans hebben gelopen om als ‘bedreiging’ gezien te worden.  Nu zal menigeen meteen denken aan moslimterroristen en loop je als moslim een grotere kans om als bedreiging gezien te worden. Mochten de Fortuynaanhangers eens aan de macht komen dan zullen veganisten en dierenrechtenactivisten een bedreiging zijn en dan kom je al snel bij donateurs van bijvoorbeeld Wakker Dier. Mocht een verwarde columnist volgende week een politicus vermoorden, zou dan de Ballonnendoorprikker ook een ‘bedreiging’ vormen?

’t Kan verkeeren, aldus Bredero, wie weet tegen wie die bevoegdheid gebruikt kan worden? Bevoegdheden hebben de neiging om opgerekt te worden en ook gebruikt te worden voor zaken waarvoor ze niet bedoeld zijn. Diverse klokkenluiderszaken laten dit zien. Alleen is het lastig om je te verweren tegen een spionnendienst.