In nevelen hullen

Het is weer herfst en dat betekent dat de kans op mist weer groter is. Als het fenomeen optreedt, dan lijkt het meteen drukker op de weg en zijn er meer files. Mist belemmert je visuele waarnemingsvermogen. Je bent op de letterlijke manier in nevelen gehuld. Je kunt je ook figuurlijk ‘in nevelen hullen’ en hieraan moest ik denken toen ik het bericht over het hoger beroep tegen Geert Wilders in de ‘minder-Marokkanen’ zaak in de Volkskrant las.

MistFoto: Pixabay

Wilders in de rechtszaal tegen de voorzitter van het gerechtshof: “Klopt het dat u er een privé-stichting op na houdt?’, wil Wilders van de raadsheer weten. ‘De stichting Gascaria? En dat die stichting, met u als juryvoorzitter, een scriptieprijs heeft uitgereikt aan een linkse activiste? Een activiste die mijn politieke tegenpool is? Iemand die actief is in de krakerswereld? Een dame die een anti-Wilders en een anti-Trumpdemonstratie heeft georganiseerd?’, vervolgt Wilders.” 

En inderdaad is de voorzitter van het gerechtshof ook voorzitter van de betreffende stichting Gascaria. Een stichting met: “als doelstelling het bevorderen van de studie naar het recht in relatie tot de humaniora en al hetgeen hiermee verband houdt of bevorderlijk kan zijn.” En geeft een scriptieprijs uit: “ter bekroning van de beste masterscriptie in Nederland op het interdisciplinaire gebied van het verband tussen het recht en de humaniora. Deze prijs is mede bedoeld als aanmoedigingsprijs voor studenten met belangstelling voor rechtswetenschappelijk onderzoek en wordt tweejaarlijks uitgereikt.” Een nobel streven en in 2016 is deze prijs toegekend aan een scriptie van Sinaed Wendt omdat: “Haar werk is niet alleen van een hoog academisch niveau, het getuigt ook van een persoonlijke betrokkenheid bij deze groep mensen. De jury vond het bijzonder dat de persoonlijke inzet op geen enkele manier afdeed aan de scherpte van de theoretische analyse.” 

Maakt dit de betreffende rechter ongeschikt om te oordelen in de zaak Wilders, want dat is wat Wilders lijkt te suggereren? Is de prijs niet uitgereikt voor een scriptie en niet voor de andere activiteiten van de ontvanger? Nu zal het heel lastig zijn om ook maar één rechter te vinden die niet ergens een connectie heeft met iets of iemand waar Wilders anders over denkt of een tegenpool van is. Dat zou betekenen als we Wilders’ redenering volgen, dat hij niet vervolgd kan worden.

Creëert Wilders hier mist? Probeert hij anderen in nevelen te hullen om zo zelf aan het zicht te ontsnappen?

(On)democratisch

Struinend langs de diverse digitale media op zoek naar bijzondere berichten en redeneringen, kwam ik op de site Novini terecht. Een site voor The bigger picture, zoals haar ondertitel luidt. Een artikel met de kop We ‘knuffelen’ radicalisten de jihad in’, geschreven door David Pinto, trok mijn aandacht. Pinto schrijft over het ‘falende cultuurmarxistische’ Amsterdamse beleid om radicalisering te voorkomen, iets wat Pinto de pas overleden burgemeester Van der Laan verwijt. En via Van der Laan komt hij bij Martin Bosma terecht die hij graag als Amsterdamse burgemeester zou zien: “Bosma is een intellectueel, een voortreffelijk politicus, een buitengewoon kundig lid van het presidium van de Tweede Kamer en bovendien een aimabel mens.”

MEDION DIGITAL CAMERA

Foto: Wikimedia Commons

Het gaat mij niet over de persoon Bosma, ik ken hem niet, het enige wat ik erover zeg is dat hij een eenmanspartij vertegenwoordigt die zeer ver van mij af staat. Het gaat mij over de redenering van Pinto: “Bovendien, de PVV is de tweede partij in grootte van ons land. En vreemd genoeg, er is nog niet één burgemeester afkomstig van deze partij, terwijl de PvdA met haar magere 9 zetels, twee van de vier grote steden gijzelt. Hoe democratisch is dit eigenlijk?”  Pinto schetst hier een beeld van een partij die wordt achtergesteld en een andere partij die wordt bevoordeeld. Het beeld van Pinto komt er in het kort op neer dat de traditionele partijen (het ‘partijkartel’ van Thierry Baudet) de bestuursposten onder elkaar verdeelt, een ondemocratische bedoeling.

Is het zo vreemd dat er nog geen PVV-burgemeester is? Om burgemeester te worden, moet je als eerste solliciteren op een vacante burgemeesterspositie. Als er geen PVV-er solliciteert, kan er geen PVV-er worden benoemd. Als de PVV burgemeesters wil, dan zullen ze eerst moeten solliciteren, daar begint het. Vervolgens kiest een vertegenwoordiging van de gemeenteraad in de betreffende gemeente enkele sollicitanten uit die op gesprek mogen komen. Als er al een politieke keuze wordt gemaakt, dan gebeurt dat door de partijen in de gemeenteraden. De PVV ontbreekt op lokaal niveau waardoor ze de boot hier kunnen missen. Wie kun je dat verwijten?

Als laatste het woord gijzelen. Wie houdt de PvdA gevangen? De betreffende burgemeesters hebben normaal gesolliciteerd en zijn benoemd. Dit is op de democratisch vastgestelde manier gebeurd. Inderdaad is de PVV de tweede partij en heeft de PvdA maar negen zetels. Een klein jaar geleden, had de PvdA er nog achtendertig en was zij de tweede partij van het land, iets wat de afgelopen vijftig jaar redelijk gebruikelijk was. Burgemeestersbenoemingen staan los van kamerzetels.

Pleit Pinto ervoor dat na iedere Tweede Kamerverkiezing alle burgemeesters ontslag moeten nemen en de burgemeestersposten vervolgens naar rato over de partijen worden verdeeld? Als hij dat wil, dan moet hij ervoor zorgen dat er voldoende kamerleden in beide kamers hem steunen om de Grondwet te wijzigen. Dat is democratie meneer Pinto.

Angels or demons?

Deze week viel Raqqa de hoofdstad van het IS-Kalifaat. Nou ja vallen, de gebouwen die de stad vormden, waren de stad al voorgegaan. Als we de beelden moeten geloven, staat er niet veel meer overeind en dat wat er nog staat, staat op instorten. Toch is de val reden voor tevredenheid. Maar niet alleen tevredenheid, ook zorgen. In de Volkskrant vraagt Rob Vreeken zich af wie in het vacuüm springt dat IS achterlaat. Of de vijand van ‘mijn’ nu verslagen vijand nog steeds ‘mijn vriend’ is? Een interessante vraag en de toekomst zal het uitwijzen.

Cavalier_d'Arpino_-_Archangel_Michael_and_the_Rebel_Angels

Illustratie:  https://commons.wikimedia.org

In dezelfde Volkskrant maakt Arnout Brouwers de balans op: “Maar als je nu naar de regio kijkt, valt vooral de tanende westerse invloed op. Het gecombineerde effect van de Amerikaanse interventie in Irak en de non-interventie tegen Assads bewind in Syrië is groeiende invloed voor Iran en de succesvolle terugkeer in de regio – militair, politiek én economisch – van Rusland.” Het westen heeft dus niet de beste kaarten om van het vacuüm te profiteren om het zacht uit te drukken, zo lijkt Brouwers bezorgt te constateren. En binnen het westen, staat Europa er nog slechter voor:

“Europa, als altijd afwezig in de internationale machtspolitiek, moet nu hopen dat diplomaat Trump de negatieve gevolgen in Syrië en Irak kan beperken – voorwaar geen riante positie.”

De hoop van Europa gevestigd op de diplomatieke vaardigheden van een ‘olifant in een porseleinkast’, dan ziet het er slecht uit. Zeker als die ‘olifant’ slechts één belang kent, het Amerikaanse en dan ook nog in een zeer smalle variant, namelijk het eigen belang van hem en zijn rijke ‘soortgenoten’ in de kudde. Als je het zo beziet dan moeten we de zorgen van Brouwers over de tanende westerse invloed delen.

Zou een andere strategie meer op kunnen leveren? Een strategie die niet is gebaseerd op invloed en macht? Een strategie van afzijdige menselijkheid waarbij  Europa haar eigen waarden hoog houdt? De waarden die zijn verankerd in een democratische rechtstaat die de mensenrechten hoog in het vaandel heeft staan. Een strategie die uitgaat van eerlijke handel, handel die voor de bevolking van beide zijden meerwaarde oplevert, meerwaarde die niet altijd in geld of economische groei uitgedrukt hoeft te worden? Een strategie waarbij de (politiek) vervolgden veiligheid vinden in Europa. Een strategie zonder machtspolitiek en wapengekletter.

“Er zullen weer veel analyses passeren waarin eraan wordt herinnerd dat het Westen eigenlijk deels zijn eigen monsters creëerde, inclusief IS, met zijn interventies in het Midden-Oosten,” aldus Brouwers die lijkt te denken dat we daarmee niet veel opschieten. Maar meneer Brouwers, heeft juist die machtspolitiek en dat wapengekletter uit het verleden niet de huidige ellende veroorzaakt? Zouden we niet daarvan moeten leren en daarom juist kiezen voor een andere aanpak in de hoop daarmee ‘engelen te creëren?

Lenen, lenen, lenen, betalen, betalen, betalen

Wil je weten wat het nieuwe kabinet eraan gaat doen, lees dan pagina 27 van het regeerakkoord. Niet voldoende vinden de opstellers van het manifest voor meer actie tegen de schuldenproblematiek dat je via De Correspondent kunt ondertekenen.

“Uit het regeerakkoord spreekt goede wil, maar het moet beter en het kan beter. Daarom doet Schuldvrij! vijf aanbevelingen aan de landelijke politiek,”

zo schrijven ze. De vijf aanbevelingen zijn: stop met het beboeten van schulden, stop de wanpraktijken van incassobureaus, heroverweeg de marktwerking voor deurwaarders, zorg voor samenhang binnen de overheid en bied meer mensen een perspectief op een schuldenvrij bestaan (een schone lei). Goede aanbevelingen want met recht constateren de opstellers van het manifest dat het regeerakkoord tekortschiet.

schulden

Illustratie: https://pixabay.com

Goed zo’n manifest dat oproept tot verdergaande actie tegen de schuldenproblematiek van mensen. Is het niet jammer dat zowel de regerende partijen als de opstellers van het manifest niet verder komen dan ‘curatieve maatregelen’, maatregelen die je helpen als het fout is gegaan? Dus maatregelen gericht op het redden van dat wat er nog te redden valt. Zou er niet veel meer op ‘preventieve maatregelen’, maatregelen gericht op het voorkomen van schulden?

Zo blijft het nieuwe kabinet vasthouden aan de studielening. Hierdoor starten jongeren hun leven al met een schuld. Zou hier niet iets aan moeten gebeuren? Zo kun je nog steeds bij diverse postorderbedrijven producten kopen op afbetaling, tegen een hoge rente. Zou dit niet een stuk moeilijker moeten worden?

Het aangaan van een lening is een tweezijdige daad van de lener en degene die de lening verstrekt. Zou de verantwoordelijkheid van de verstrekker niet moeten worden vergroot? Zou hij zich er niet van moeten vergewissen dat de lener ook de mogelijkheid heeft om de schuld terug te betalen? En zou zijn aanspraak op terugbetaling niet moeten worden verminderd als hij zich onvoldoende van deze taak kwijt?

Nog een stapje verder. Zouden we onze schulden gedreven economie niet grondig moeten herzien? Van een economie die draait op: ‘Lenen, lenen, lenen, betalen, betalen, betalen,’ zoals Youp van ’t Hek het al in de jaren tachtig van de vorige eeuw treffend omschreef. Zou dat een manifest waard zijn? Zou dat een volgend regeerakkoord kunnen halen?

 

 

Uit-geïntegreerd

“Omdat werk een zeer belangrijke onderdeel is van integratie, moet de arbeidsmarktpositie van Nederlanders met een migratieachtergrond –nieuwkomers én oudkomers– worden verbeterd.”

Deze zin is te vinden op de grens van de pagina’s 26 en 27 van het regeerakkoord waarover ik al eerder schreef. En net zoals de passage waar ik toen over schreef, lijkt er ook niet veel mis met deze tekst. Het verbeteren van de arbeidsmarktpositie van mensen is nooit verkeerd. Toch is er iets met deze zin.

einde

Illustratie: Pixabay

Het succes, maar vooral het falen van de integratie van mensen die nieuw zijn in Nederland, is vaak onderdeel van discussie, gesprek en heftige meningsverschillen in de politiek en de media. Kijk om je heen, bekijk statistische informatie en je kunt zowel voor het succes als het falen van de integratie voldoende onderbouwing vinden. In deze passage uit het regeerakkoord gebeurt dat ook. Mensen met een migratieachtergrond hebben klaarblijkelijk een achterstand op de arbeidsmarkt wat duidt op gebrek aan integratie.

Deze deze zin roept de vraag op wanneer de integratie is voltooid? Wanneer hoor je erbij? Ben je als vierde generatie Marokkaan met werk, lid van en vrijwilliger bij de sportclub en mantelzorger van je buurvrouw geïntegreerd? Wanneer ben je geen migrant, nieuwkomer of oudkomer meer? Wanneer ben je ‘gewoon’ Nederlander? Met andere woorden, is integratie eindig en zo ja, wanneer is die dan beëindigd? Als vervolg daarop ben je dat als nieuw- of oudkomer nog steeds als je plotsklaps werkloos raakt? 

Als niet duidelijk is wanneer iemand geïntegreerd is, dan kunnen er tot in den treuren of in het oneindige eisen worden gesteld waaraan iemand moet voldoen. Dan kunnen belachelijke cursussen en examens worden opgelegd. Dan kan iemand steeds worden buitengesloten: jij hoort er niet bij want … en dan volgt er iets waaruit moet blijken dat die persoon er nog niet bijhoort.

Moet zonder een duidelijk eindpunt iemand niet steeds maar blijven integreren en raakt hij dus nooit uit-geïntegreerd want hij wordt nooit als geïntegreerd gezien en behandeld?

Uitzonderingen en de regels

Het is jullie vast niet ontgaan dat er de afgelopen weken naarstig werd gezocht naar een jonge vrouw en dat zij om het leven is gebracht. Een ‘resocialiserende gedetineerde’ lijkt in dat laatste een belangrijke rol te hebben gespeeld en dat zorgt ervoor dat velen roepen om ‘grondige herziening’ van onze wetten en straffen om zoiets te voorkomen. Je kunt zelfs een petitie tekenen waarmee je een onderzoekt eist: “naar het falend rechtssysteem

… Wij eisen een verandering van de wet op het gebied van zedendelicten zodat dit NOOIT meer kan gebeuren.”

Ook de roep om strengere straffen ontbreekt niet.

vrouwe justitiaFoto: Pixabay

Als een gedetineerde zijn straf heeft uitgezeten, moet hij vrijkomen en kan dat niet beter met begeleiding hierin, resocialisering, dan door iemand na het uitzitten van zijn straf, de gevangenis uit te zetten en hem dan maar aan zijn lot over te laten? Natuurlijk is het goed, zoals in elk geval dat er iets fout gaat, om te onderzoeken en te kijken wat er beter kan. Echter, een samenleving zonder misdaden, dat lijkt mij niet mogelijk of Minority Report moet werkelijkheid worden. In die film worden potentiële misdadigers opgepakt, zonder dat ze iets gedaan hebben en zelfs zonder dat ze weten dat ze potentiële misdadiger zijn. Vervolgens worden deze ‘potentiële misdagers’ in permanente slaap gebracht. Alleen werkt ook dat systeem niet perfect, zo blijkt uit de film.

Iemand die een zedenmisdrijf of een moord begaat levenslang opsluiten, dat zou recidive voorkomen. Dat ontneemt echter degenen die niet recidiveren en dus de kranten niet halen, hun leven. Bovendien voorkomt dit fouten ‘de andere kant op’, onschuldig veroordeelden? Iets wat ook in Nederland voorkomt, denk maar aan Lucia de B. en de Puttense moordzaak.

De mens uit het systeem halen en vervangen door een ‘robot’? Die vraag stelt Laurens Verhagen in de Volkskrant en de ‘experts’ zien voor- en nadelen. “Zo werd Eric Loomnis uit Wisconsin veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf, deels op basis van een softwarepakket genaamd Compas van het bedrijf Northpointe. Uit de analyse van die software bleek dat Loomnis een verhoogd risico op herhaalgedrag vertoonde. Loomnis stelde daarna dat hij geen eerlijk proces heeft gehad omdat de rechter zijn oordeel baseerde op de geheime algoritmes van die software.”  Een algoritme dat een zaak beoordeelt, want een ‘robot’ is een algoritme. Een algoritme dat zich baseert op statistieken, heel veel statistieken. “ Lies, damned lies, and statistics,” van wie de uitspraak is, wordt betwist, de uitspraak zelf niet. Niets is subjectiever dan de interpretatie van objectieve statistieken. Bovendien zijn statistieken gemiddelden die niets hoeven te zeggen over het individuele geval.

Ik begrijp en voel de emotie van de opstellers en ondertekenaars van de petitie, maar geldt niet ook in de rechtspraak dat uitzonderingen de regel bevestigen? Dat het meestal goed gaat en soms goed fout, zoals in dit geval? Dat we geen regels moeten maken ter voorkoming van die uitzondering, omdat dan de uitzondering de regel wordt wat tot meer slachtoffers leidt.

Gelijke behandeling

Geachte informateur van het volgende kabinet,

misschien ben ik een beetje vroeg, er is immers net een nieuw regeerakkoord en Mark Rutte is aan de slag als formateur. Bovendien weet ik nog niet wie u bent, u bent immers nog niet benoemd. Sterker nog er zijn nog geen Kamerverkiezingen in aantocht.

belastingenFoto: Flickr

Toch wil ik even van de gelegenheid gebruikmaken om iets bij u onder de aandacht te brengen en er zijn twee goede redenen om dat nu te doen. U heeft vast de titel van het regeerakkoord gelezen en uit die titel spreekt weinig zelfvertrouwen. Dus voor je het weet, is het nog niet geformeerde kabinet al weer gevallen en zijn er nieuwe verkiezingen. Dan zit mijn brief mooi als eerste in uw dossier. Mocht het kabinet, ondanks dat gebrek aan vertrouwen, toch de hele rit uitzitten, dan voorkom ik zo dat ik vergeet u een brief te sturen. Ik heb hem dan immers al gestuurd én, net als in het eerste geval, zit mijn brief als eerste in uw dossier.

Zo nu terzake, wat is er zo dringend dat ik onder uw aandacht wil brengen, zodat u het met de partijen in de formatie kunt delen? Voor mij als inwoner van dit land is het gewenst om te komen tot substantiële verlaging van mijn inkomstenbelasting en uiteindelijk de volledige afschaffing ervan. Ik ga u niet vervelen met dertien pagina’s tekst zoals de lobby van MKB en LTO Nederland bij de net afgelopen informatie heeft gedaan. Ik hou het bij een kort briefje van nog geen a-viertje.

Het is niet dat ik niet mee wil betalen aan al die mooie collectieve voorzieningen. Integendeel, ik betaal daar graag aan mee omdat ik er profijt van heb. Ik kan over de wegen rijden, de sociale voorzieningen voorkomen dat de straat vol ligt met zwervers en bedelaars, al worden dat er de laatste tijd weer meer. Het vuilnis wordt opgehaald en zo zou ik nog wel even door kunnen gaan.

Nu zult u zich afvragen waarom stuurt die Ballonnendoorprikker mij een brief waarin hij mij vraagt om afschaffing van zijn belastingbetaling als hij geen bezwaar heeft tegen het betalen van belastingen? Dat zal ik u kort uitleggen. Ik ben voor het betalen van belastingen naar draagkracht, zowel door inwoners als door bedrijven en met name deze laatsten is het via uw voorganger Zalm gelukt om zich aan hun maatschappelijke verantwoordelijkheid te onttrekken. In een brief van dertien pagina’s waar ik al over sprak, schreven zij, zo las ik bij Joop: “ voor ondernemers is gewenst te komen tot substantiële verlaging van het vennootschapsbelasting-tarief en (uiteindelijk afschaffing van) dividendbelasting … .” Omdat zij van het kabinet dat nu wordt geformeerd hun zin hebben gekregen, vraag ik u om mijn gelijke behandeling te bepleiten en  dit in het regeerakkoord vast te leggen.

Ik laat het aan u om deze gelijke behandeling in te vullen. Als u een andere manier vindt om die gelijkheid vorm te geven, ben ik ook tevreden.

Met vriendelijke groet, de Ballonnendoorprikker

Ben/Ken de geschiedenis

“We vinden het belangrijk de kennis over onze gedeelde geschiedenis, waarden en vrijheden te vergroten. Deze maken ons tot wat we samen zijn. In Nederland is iedereen gelijkwaardig, ongeacht geslacht, seksuele geaardheid of geloof. Tolerantie naar andersdenkenden is de norm en kerk en staat zijn gescheiden. In Nederland kun je kiezen welk geloof je wilt belijden, of om niet te geloven. Dit zijn waarden waar we trots op zijn en die ons maken tot wie we zijn. Het is van groot belang dat we die historie en waarden actief uitdragen. Het zijn ankers van de Nederlandse identiteit in tijden van globalisering en onzekerheid. Op school leren kinderen daarom het Wilhelmus, inclusief de context ervan.” 

Deze passage is te vinden op pagina 19 van het regeerakkoord met als titel Vertrouwen in de toekomst.

VOC

Illustratie: Wikimedia Commons

Zo op het oog prachtige zinnen, toch knaagt er iets. Als historicus ben ik een groot voorstander van het vergroten van de kennis van het verleden. De genoemde vrijheden en waarden kan ik onderschrijven. Waarom knaagt het dan? Het knaagt vanwege een paar zinnen. Als eerste de zin: “Dit zijn waarden waar we trots op zijn en die ons maken wie we zijn.” Moet ik als Nederlander trots zijn op die waarden en tolerant naar andersdenkenden of anders geaarden? Als dat zo is, hoe komt het dan dat er zoveel intolerante mensen rondlopen? Maken die waarden mijn identiteit of geven ze mij de ruimte om te zijn wie ik ben? Beschermen die waarden en de rechtsstaat die erop is gebouwd ons juist niet tegen gewelddadige uitingen van intolerantie?

Een tweede zin: “Het is van groot belang dat we die historie en waarden actief uitdragen.” Die waarden heb ik in de vorige alinea al besproken, nu het actief uitdragen van die geschiedenis. Wat moet ik me daarbij voorstellen? Wat moet ik dan uitdragen, de trotse VOC mentaliteit van Balkenende, de anti-guerrillatactiek van Van Heutz? Trots zijn op wat we nu als wandaden zouden betitelen? Ik begrijp hoe iemand in die tijd tot dergelijke daden zou komen. Als Van Heutz of Jan Pieterszoon Coen nu nog zouden leven dan zouden ze waarschijnlijk zeggen dat ze ‘met de kennis van nu’ anders zouden hebben gehandeld. Moet ik trots zijn op de prachtig geschilderde ‘selfie’ van de Amsterdamse Nachtwacht, of de prachtige voetbalacties van Johan Cruyff? Hun daden bewonderen ja, maar trots zijn op de prestaties van een ander dat gaat me toch iets te ver.

Nog zo’n zin: Het zijn ankers van de Nederlandse identiteit in tijden van globalisering en onzekerheid.” De waarden opgenomen in de grondwet en wetten zijn de ankers van het samenleven in dit land, daar moet iedereen zich aan houden. Worden Nederlanders met een andere geschiedenis zo niet buitengesloten? Zij liggen immers niet vast aan het ‘historische anker’ en dat wordt hen extra duidelijk gemaakt via de ‘Wilhelmuskunde’. Wordt hier niet gezegd: ‘als ‘ons’ kunnen jullie nooit worden want toen waren jullie er niet.’ Dat die ‘ons’ er toen ook niet waren, wordt voor het gemak even vergeten.

Her wordt gesuggereerd: ‘Ben deze geschiedenis en waarden’. Zou dat niet ‘Ken deze geschiedenis en waarden’ moeten zijn. Eén letter, maar wel een wereld van verschil.

Waldorf and Statler

De samenleving zélf is een opstandige puber geworden. De jeugd regeert. Voor je het weet beland je als bakvis bij Zomergasten of krijg je als blaag het predicaat “een van de spraakmakendste denkers van onze tijd” opgeplakt.”

De kern van het bijzondere  leesbaar artikel van Joris van Os bij TPO. De samenleving als een opstandige puber. Ook vroeger waren er opstandige pubers, net als nu, maar die van tegenwoordig worden op een voetstuk geplaatst en krijgen aandacht, zo betoogt Van Os. Hij haalt hierbij Anne Fleur Dekker en ‘tuigvlogger’ Ismail Ilgun als voorbeelden aan die te pas en te onpas in tv-shows verschijnen. Nostalgisch naar een voorbeeld uit zijn jeugd verzucht hij: “Soms verlang ik opeens heel erg naar meneer Stuifkens. We zitten met z’n allen in zijn rozentuin te pielen en het wordt hoog tijd dat hij tevoorschijn springt om ons een knalharde corrigerende schop voor ons hol te verkopen.”

waldorf and statler

Illustratie: Flickr

De samenleving als puber, een mooie metafoor. Ik zet er een andere tegenover. Zou je de samenleving niet ook een beetje als een lichtelijk dementerende oudere kunnen zien? Een dementerende oudere die knorrend merkt dat hem steeds meer ontglipt met soms nog heldere momenten. In die eerste staat reageert hij boos en verongelijkt als hij niet meer begrijpt wat er om hem heen gebeurt. Dan deugd er niets van de samenleving en zet hij zich af tegen alles wat hem in zijn dementerende staat, niet bekend voorkomt.

Als hij iets meer meekrijgt, dan kijkt hij met jaloezie maar ook een klein beetje plezier naar die vrolijke en bezige jongeren die hem herinneren aan zijn eigen jeugd toen hij, om Van Os te parafraseren, ‘met zijn crossfiets door de rozentuin van de buurman ploegde’. Met jaloezie omdat de jeugd hem is ontglipt en met plezier als hij aan zijn eigen kattenkwaad denkt.

Is hij volkomen helder, dan begrijpt hij dat de tijden zijn veranderd, dat er plek moet zijn voor nieuwe mensen en nieuwe ideeën, dat hij langzaam plek moet maken en dat die ideeën niet van meer van hem zullen komen. Dan realiseert hij zich dat die verandering goed is. Dat de wereld constant verandert en dat je niet in het verleden, zijn verleden, kunt blijven hangen.

Een beetje zoals Waldorf en Statler?

Vertrouwen in …

Vertrouwen: “met zekerheid hopen,”

aldus de Vandale. Karl Marx had ook een rotsvast vertrouwen in de uitkomst van de geschiedenis. Volgens Marx drijft die ons onwrikbaar en onvermijdelijk naar een modern communisme, een klassenloze heilstaat. De uitkomst van de klassenstrijd stond vast, het was een wetmatigheid. Tot op heden is die wet nog niet uitgekomen, maar dat wil niet zeggen dat Marx ongelijk heeft. Wellicht is het nog niet zover.

Ook gelovigen hebben een rotsvast vertrouwen in de uitkomst van het leven. Voor de katholieken is het duidelijk dat je uiteindelijk in de hemel aan Gods zijde of de hel bij de duivel beland. Wat het wordt hangt af van je handelen in het hier en nu. Moslims gaan naar het hiernamaals, sommigen met de zekerheid dat daar 72 maagden op hen wachten. De protestanten wachten op de wederkering van van de Heer die hen, de doden en de levenden, opneemt in zijn eeuwigdurende rijk. Boeddhisten en hindoes keren weder in een andere gedaante.

bus VVVFoto: Flickr

Ik heb er vertrouwen in, hoop het tenminste al is de zekerheid niet absoluut, dat mijn favoriete cluppie VVV (zonder Venlo erachter want de eerste V staat voor Venlose) zich handhaaft in de eredivisie en ik hoop er op (weer ietsjes minder zekerheid) dat komend weekend PSV aan de zegekar wordt gebonden. Dat vertrouwen en die hoop is gebaseerd op de inzet en werklust van de spelers en het strijdplan van coach Maurice Steijn.

Waar vertrouw je op als je op de toekomst vertrouwt, zoals de partijen die gaan regeren doen getuige de titel van het regeerakkoord Vertrouwen in de toekomst? Waar hoop je dan met zekerheid op? Dat de toekomst komt, daar hoef je niet op te hopen, die komt, dat is een zekerheid. Een zekerheid die je hebt totdat je sterft en als je gelooft zelfs ook nog daarna. Een beetje zelfbewust kabinet vertrouwt op het positieve effect van de maatregelen die het neemt. Dit kabinet Rutte III lijkt dat niet te doen, dan zouden ze de toekomst met vertrouwen tegemoet zien.

Zouden ze vanwege juist het gebrek aan vertrouwen in de maatregelen in het regeerakkoord met zekerheid hopen dat zij snel worden verlost van elkaar? Zouden ze dat bedoelen met vertrouwen in de toekomst?