Vertegenwoordigd en afgespiegeld?

In Apeldoorn is iets gebeurd wat in deze tijd niet kan, zo lees ik bij Joop. In een artikel beklagen de fractievoorzitters van de SP en de Partij voor de Dieren zich. Niet over het beleid van de gemeente, nee over: “de nieuwe coalitie deze week, die (wederom) vijf witte mannen voordraagt als wethouders.” De beide dames, Sunita Biharie en Maaike Moulijn vragen zich af of: “dat een afspiegeling (is) van Apeldoorn? Waar zijn onder anderen de vrouwen, mensen met een andere culturele achtergrond en mensen met een beperking?” Het antwoord op de ‘afspiegelingsvraag’ is natuurlijk NEE.

spiegelbeeld

Foto: Gratis foto: Kat, Afspiegeling, Zwart, Witte – Gratis afbeelding op …

Nu kwam kortgeleden een andere gemeente, Gemert-Bakel, in het nieuws. Vier van de vier wethouders zijn vrouw, zo meldde het Eindhovens Dagblad. Dit leidde tot mooie berichten en positieve geluiden. Niemand stelde de vraag of dat nieuwe college wel een afspiegeling is van Gemert Bakel. Geen vragen naar waar de mannen, mensen met een andere culturele achtergrond (het zijn immers vier ‘witte’ vrouwen) of mensen met een beperking zijn. Geen woorden als: “Laten we voorop stellen dat elke inwoner zich in het bestuur zou moeten kunnen herkennen als voorwaarde om samen met bestuurders een inclusieve samenleving te vormen. Afspiegeling is daarom belangrijk. Het is daarnaast van belang dat bestuurders mensen kunnen verbinden van verschillende achtergronden en met verschillende perspectieven. Zij moeten hiervoor veel verschillende groepen inwoners kunnen bereiken en de taal van die inwoners kunnen spreken.” Waarom is ‘oververtegenwoordiging’ in de Apeldoornse casus een probleem en in de Gemert-Bakelse niet? 

Fundamenteler, waarom moet ‘elke inwoner zich kunnen herkennen’ in een college of regering? Als dat een voorwaarde of een vereiste is voor een college of regering, dan is er tot op heden geen enkele regering geweest waarin me herken of dat mij afspiegelt. Ten eerste omdat het wel erg druk zou worden in een college of regering, maar ook in een gemeenteraad of Kamer als die het spiegelbeeld, want dat is de letterlijke betekenis van afspiegeling, zouden moeten zijn van het land. 

Ten tweede, en dan neem ik ‘afspiegelen’ minder letterlijk, dat in die colleges blanke mannen van middelbare leeftijd de boventoon voeren, wil dat zeggen dat ik me, blanke man van middelbare leeftijd, vertegenwoordigd of afgespiegeld voel? Draait het in de politiek niet om de inhoud om iemands kijk op het leven en de toekomst? Voor mij in ieder geval wel en als iemand, blank, zwart, man, vrouw, in een rolstoel of de honderd meter lopend in acht seconde, mij op die punten weet te raken, dan vertegenwoordigd die persoon mij, dan voel ik mij afgespiegeld. 

K(any)en (West) uw geschiedenis

RTLZ columnist Roderick Veelo beklaagt zich over zwakke ruggen van mensen aan de top van de samenleving. Een van de topmensen die een standje krijgt, is Kasper Rørsted de topman van Adidas omdat hij het sponsorcontract met Kanye West verbrak vanwege diens uitlatingen over slavernij. Die zwakke rug laat ik even links liggen, het gaat mij om de uitspraak van West: “Als je hoort dat de slavernij 400 jaar duurde, 400 jaar! Dat klinkt als een keuze.” Een om twee redenen bizarre uitspraak.

Boulanger_Gustave_Clarence_Rudolphe_The_Slave_Market

Illustratie: Der Sklavenmarkt – Wikipedia

Natuurlijk is slavernij geen vrijwillige keuze, de eerste reden waarom deze uitspraak bizar is. West deed deze uitspraak, zo lees ik in het AD, in een interview en de interviewer Van Lathan reageerde als volgt op deze opmerking: “Jij leidt misschien het luxeleven van een zanger, maar wij, de rest van de samenleving, worden nog steeds gemarginaliseerd door de gevolgen van 400 jaar slavernij.” Een, om de tweede reden, eveneens een bizarre uitspraak. Bizar omdat het denken en het historisch besef van beiden erg beperkt lijkt, zowel in tijd als in schaal. 

Zowel West als Lathan doelen op de slavernij van Afrikanen die naar Amerika werden vervoerd om daar te werk te worden gesteld op vooral plantages, de Atlantische slavenroute. Die slavernij besloeg een periode van bijna vierhonderd jaar, grofweg van 1500 tot de afschaffing van de slavernij in het derde kwart van de negentiende eeuw. Bizar is dat beide heren, en in het kielzog daarvan de vele reageerders op de uitspraken, niet op het idee lijken te komen dat slavernij een veel langere geschiedenis kent en dat het niet alleen Afrikanen waren die slaaf waren of het risico liepen het te worden. 

Iedereen met een beetje kennis van de geschiedenis weet dat slavernij niet beperkt was in kleur en tijd. Heel veel van onze Europese voorouders leidden een leven als horige (mensen die aan de grond waren gebonden) of nog erger lijfeigene. Het Romeinse rijk, net als alle andere oude rijken, steunde op slavernij. Slavernij die in aantallen de Atlantische route vaak overtroffen. 

Iedereen met een beetje kennis van het heden weet dat met de afschaffing van de slavernij, de slavernij niet tot het verleden behoort. Ook nu leven er nog vele mensen in slavernij of in een moderne vorm van ‘horigheid’. 

De domheid van de uitspraak van West is stuitend. Hoe zit het met de kennis van de geschiedenis van West en zijn vele criticasters? Is het gebrek daaraan niet nog veel stuitender? Want zou zo’n uitspraak niet voort kunnen komen uit een gebrek aan kennis?

‘Wij, zij en antisemitisme’

Migranten, islam en antisemitisme, met die woorden begon een prikker een dikke week geleden. Nu begin ik er weer mee. De aanleiding: het door Hans Wansink geschreven Commentaar in de Volkskrant. Volgens Wansink worden joden: “Overal in Europa (…) geconfronteerd met haat, geweld, intimidatie en vijandigheid.” En: (manifesteert) Het antisemitisme (…) zich in Europa in allerlei varianten.” Dat kan, aldus Wansink: “niet los worden gezien van de immigratie uit het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Moslims zijn sterk oververtegenwoordigd bij geweld tegen Joden.” En dan in het bijzonder het salafisme, want: “de verderfelijke rol van het salafisme bij het ontwikkelen van vijandbeelden, mag niet worden weggemoffeld.” Een duidelijk betoog. Maar … 

identiteit

Illustratie: Pixabay

Zoals Wanssink aangeeft zijn er meer ‘bronnen’ van antisemitisme” “Op sociale media verspreiden radicalen uit extreemlinkse en extreemrechtse hoek de klassieke complottheorie dat een Joodse elite wereldwijd aan de touwtjes trekt.” Die worden met het stoppen van het salafisme niet van een weerwoord voorzien. Volgens Wansink wordt: “ De populariteit van antisemitische complottheorieën (…) wel in verband gebracht met de behoefte zondebokken te zoeken in tijden van maatschappelijke polarisatie, economische stagnatie en identiteitspolitiek.” Zouden we de oorzaak van het oplaaiende antisemitisme net als van die maatschappelijke polarisatie, niet veeleer moeten zoeken bij die ‘identiteitspolitiek’? 

Bij het benadrukken van een ‘wij’ die automatisch ook een ‘zij’ creëert die er niet bijhoort. Bij politici die maar blijven hameren op het ‘joods-christelijke’ van ‘onze samenleving’? Leidt dat hameren niet ertoe dat er mensen zijn die daar niet bijhoren en nooit bij kunnen horen? Mensen die vervolgens een ‘eigen identiteit’ opgedrongen krijgen? Een identiteit die vooral wordt gedefinieerd ten opzicht van die ‘wij’?

Zou het kunnen dat mensen zich, als er maar lang genoeg op die opgedrongen identiteit wordt gehamerd, ook met die identiteit gaan identificeren en die identiteit versterkt gaan uitdragen? Sterker nog, dat ‘zij’ die vervolgens trots gaan uitdragen en zich gaan afzetten tegen de ‘wij’? Dat zij die ‘joods-christelijke wij’ naar beneden halen, stigmatiseren en zelfs gaan discrimineren? Zou dat niet een van de oorzaken van het oplaaiende antisemitisme kunnen zijn? 

Baudet en gelijkwaardigheid

“Precies wat Gerard Joling zegt in dit interview met @Playboy: mensen die hierheen komen moeten zich houden aan ons rechtssysteem en onze normen en waarden respecteren. Zo simpel is het! “ Een tweet van Thierry Baudet die te lezen is bij ThePostOnline. Inderdaad moet iedereen in dit land zich aan de wet houden. En ja, ook normen en waarden dienen te worden gerespecteerd, niet alleen de ‘onze’ (wie dat ook mogen zijn) van Baudet maar ook die van anderen dan die ‘onze’. Zou Baudet dat ook bedoelen? 

gelijk

foto: Wikimedia Commons

Vijf minuten na deze tweet, gooide Baudet er een volgende tegenaan: “Om daarop ook daadwerkelijk te handhaven heeft #FVD de “tolerantiewet” gepresenteerd: vijf Nederlandse kernwaarden waarmee niet gemarchandeerd mag worden en die ook de islamitische gemeenschap nu moet gaan onderschrijven in dit land.” Nu gaat het bij die vijf kernwaarden om zaken die allang bij wet zijn geregeld en waar dus iedereen zich al aan moet houden. Een wet om andere wetten te bevestigen een overbodige actie? Hoe verhoudt deze tweet zich tot de vierde van de vijf kernwaarden: “Alle mensen zijn fundamenteel gelijkwaardig, ongeacht geslacht, ras of seksuele geaardheid?”

Het venijn van deze tweet zit hem in het laatste stukje van die tweede tweet: de islamitische gemeenschap die iets moet gaan onderschrijven. Nu kun je je afvragen wie dat dan namens die islamitische gemeenschap zou moeten gaan doen? Zou er iemand zijn die hiertoe het mandaat heeft of krijgt? Je kunt je zelfs de vraag stellen of dé islamitische gemeenschap wel bestaat. Belangrijker is de vraag welke gemeenschappen die kernwaarden nog meer moeten gaan onderschrijven. Zou dat ook aan de christenen, hindoes, joden of aanhangers van de wicca worden gevraagd? 

Ik kan me niet herinneren dat ik ze ooit heb moeten onderschrijven terwijl het niet zeker is dat iemand die in Nederland wordt geboren zich automatisch aan deze ‘waarden’ houdt. De enigen die zoiets moeten onderschrijven, zijn nieuwkomers als ze de ‘participatieverklaring’ ondertekenen. Iets wat ik als geboren Nederlander niet hoef terwijl het niet zo hoeft te zijn dat ik me houdt aan wat daarin wordt genoemd en wat dus als ‘Nederlands’ wordt gezien. Sterker nog, onze eigen overheid houdt zich er niet aan, zij wil immers mensen met een beperking minder dan het minimumloon betalen terwijl de verklaring toch aangeeft dat er bij werk tenminste minimumloon hoort. 

Hoe fundamenteel gelijkwaardig zijn mensen in Baudets Wereld?

‘Dictatuur van de minderheid’

Op de site Opiniez pleit YorienvdH voor een nieuwe onafhankelijkheidsverklaring. De eerste onafhankelijkheidsverklaring, het Plakkaat van Verlatinghe, is volgens de auteur wat op de achtergrond geraakt. Een bijzondere constatering omdat het document recentelijk nog is uitgeroepen tot pronkstuk van Nederland. Tot een paar jaar geleden werd er, behalve onder enkele historici, helemaal niet over het Plakkaat gesproken, is dat niet een signaal dat het juist op de voorgrond is geraakt? Dat even terzijde.

Plakkaat_van_Verlatinghe_KB

Foto: Wikimedia Commons

YorienvdH vindt dat er een nieuwe onafhankelijkheidsverklaring moet komen, niet om van onze koning af te komen, maar, om het kort samen te vatten ‘de macht terug te geven aan de burger’. Nu kun je je afvragen of de burger ooit de macht had, maar dat is een ander verhaal. Het gaat mij om een van de argumenten die YorienvdH aanvoert: “In verschillende plaatsen wordt de winnaar van de gemeenteraadsverkiezingen bewust buitengesloten van de formatiebesprekingen, zoals in Barendrecht, Rotterdam, Tilburg, Ede, Roermond, Oss, Sint Anthonis.”  

Maar wie is winnaar? Laten we eens een voorbeeld uitwerken: de gemeente Venlo. Bij de laatste verkiezingen werd de nieuwe partij, EenLokaal, de grootste met zeven zetels. Een winnaar! Of toch niet? De partij is een samenraapsel van verschillende partijen die in de vorige raad samen tien zetels hadden. Is er dan sprake van winst? Dan de PVV, die deed voor het eerst mee en heeft nu vier raadszetels, een duidelijke winnaar. Of toch niet? De partij behaalde net geen tien procent van de stemmen, bij de laatste verkiezingen voor de Tweede Kamer waren dat er meer dan twintig. 50Plus deed ook voor het eerst mee en kreeg drie zetels, maar geldt daar niet, net als voor alle nieuwkomers, dat ze altijd winnen ook al krijgen ze maar één stem? 

Crucialer, waarom zou de grootste partij niet gewoon buiten de boot mogen vallen? Gaat het er in onze lokale, maar ook landelijke, democratie niet om dat er een college of regering wordt gevormd die op een meerderheid van de zetels in raad of Kamer kan rekenen? Betekent dat niet ook dat die coalitie een meerderheid van de stemmen heeft behaald? 

Zuur voor de ‘buitengesloten’ grootste partij, maar niet ondemocratisch of oneerlijk. Zeker geen reden om een ‘onafhankelijkheidsverklaring’ voor op te stellen. Sterker, zou het het meer rechten of nog sterker het verplicht mee moeten doen van de grootste partij niet een soort ‘dictatuur van de minderheid’ zijn?

Beste Sid Lukkassen

“Wat ik wil, is rationaliteit tot de basis maken van discussies. Om ook de nuances te kunnen onderzoeken.” Die ik dat bent u, Sid Lukkassen, in een artikel bij ThePostOnline. Hier is de Ballonnendoorprikker het helemaal mee eens. Dus beste meneer Lukkassen, we kunnen elkaar op dit punt de hand geven en samen optrekken. Toch moet me iets van het hart over uw pleidooi. Iets waarbij ik me afvraag of u werkelijk het gesprek aan wilt gaan en wilt onderzoeken wat de ander drijft. Hoe dat komt?

framing

Foto: Geograph

De hierboven geciteerde zin wordt gevolgd door: “Een nationalistische jongere haat echt niet elke moslim maar ziet wel cultuurverschillen oprukken. En voor wie goed luistert zijn er ook in de moslimgemeenschap kritische stemmen te horen.”  Tot zover niets verkeerds. Iets verder: Een denken in termen van tegenstellingen (zoals ‘witte mensen’ versus ‘mensen van kleur’) wordt klakkeloos overgenomen uit het Anglo-Amerikaanse discours” Ook deze vorm van framing herken ik en ik stel me ertegen teweer. Op deze site kunt u er vele voorbeelden van aantreffen, neem bijvoorbeeld mijn brieven aan Sunny Bergman, Anousha Nzume of mijn reactie op de leer van Gloria Wekker. 

Waarom dan toch een brief aan u? Omdat er iets in uw betoog is waaruit mij blijkt dat u bent als de pot die de ketel verwijt dat hij zwart ziet. Dat blijkt mij uit zinnen zoals: “Deze genuanceerde discussies worden totaal kapotgeslagen op het aambeeld van politiek-correcte frames die vanuit een Randstedelijke en Grachtengordeliaanse perceptie over de rest van Nederland en Vlaanderen worden uitgerold.” Is dat geen frame van de bovenste plank? Of het volgende frame: “Dit zullen de mainstream media echter niet doen want er zouden politiek-incorrecte conclusies kunnen bovenkomen die het dominante linksliberale wereldbeeld aantasten.”  Neem het stukje waar u iemand citeert die u parafraseert en waar u het mee eens bent: “Eentje waarin journalistieke en opiniefora als ThePostOnline, Café Weltschmerz en andere nieuw-realistische internetpublicaties en -uitzendingen de krachten kunnen bundelen.” Door het woord realistisch te gebruiken, wordt de ‘waarheid’ voor de eigen club geclaimd en worden anderen als niet realistische dromers weggezet. Een zin als: “Het linkerdeel van het politiek spectrum praat weliswaar over ‘verbinding’: in de praktijk is dit niet hoe zij opereren.” Ook hier veegt u allerlei groeperingen en stromingen op één hoop en verwijt hen nogal wat. Neem de volgende zin: “Degenen die dit spel met nuchterheid bekijken, zij zien inmiddels in: dit is trekken aan een dood paard.” Betekent dit dan dat iedereen die het anders ziet dan u, dronken is?

Allemaal voorbeelden van framing en stigmatisering. Voorbeelden waardoor ik de indruk krijg dat de rationaliteit die voor u de basis van discussie zou moeten zijn, uw rationaliteit is en dat mensen die er anders over denken niet realistisch of beter gezegd irreële dromers zijn. Het kan natuurljk dat ik u verkeerd heb begrepen en dat kan dan aan mij liggen. Toch zou ik, als ik u was, dan ook eens kritisch naar uzelf kijken, want dan is uw boodschap wellicht toch niet duidelijk. 

Raad van Raadgevende Adviseurs

In de Volkskrant pleit Dave Ensberg-Kleijkers voor de herintroductie van de Raad voor Economische Adviseurs. Herintroductie omdat deze raad, die bestond uit hoogleraren economie en (overheids)financiën en de Kamer gevraagd en ongevraagd advies gaf, al eerder bestond. De raad hief zichzelf op omdat haar adviezen werden gezien als: “‘te columnachtig’, ‘borrelpraat’ en ‘te politiek’.” En haar werk: “de rapporten matig onderbouwd of ‘technocratisch’,”  Ensbergen-Kleijkers wil de raad weer ‘heroprichten’ omdat de Kamer voor haar werk leunt op: “enkele beleidsmedewerkers, sta­giaires en de Algemene Rekenkamer. De beleidsmedewerkers zijn doorgaans jonge, pas afgestudeerde mensen met een te brede portefeuille en (te) veel politieke ambities.” Niet voldoende aldus Ensbergen-Kleijkers. 

Aanbieding_koffertje_Tweede_Kamer_Prinsjesdag_2015_07

Foto: Wikimedia Commons

Zou zo’n raad uitkomst bieden als Kamerleden geen verstand van economie hebben? Nu is er iets vreemds met economen, ze kunnen alle besluiten onderbouwen. Hun ‘advies’ hangt af van hun ‘kijk’ op de samenleving. De ene econoom zal je haarfijn, vanuit zijn ‘kijk’ op de wereld, kunnen uitleggen waarom de afschaffing van de dividendbelasting slecht is. Zijn collega met een andere ‘kijk’ waarom je het juist zou moeten doen. Nu zijn er ook economen, zoals Ha-Joon Chang, die je zullen zeggen dat; “Economie voor 95 procent gezond verstand’” is, “dat ingewikkeld is gemaakt.” En dat: “zelfs voor de resterende 5 procent geldt dat de essentie van de redenering in eenvoudige termen kan worden uitgelegd.” 

Dat zouden zelfs ‘eenvoudige’ Kamerleden moeten kunnen begrijpen. Daar zou geen aparte Raad voor nodig moeten zijn. Waarin verschilt economie trouwens van andere zaken die ‘ingewikkeld en lastig’ zijn? Zou er dan niet ook een Raad van Ethici moeten komen om de Kamerleden te adviseren over ethische kwesties? Een Raad van Historici om te adviseren over historische kwesties? De zaken in het regeerakkoord over ‘Wilhelmuskunde’ tonen de noodzaak daartoe wel aan en dan zat er met Rutte nog wel een historicus aan tafel. Of waarom geen Raad van Informatiedeskundigen om te adviseren over ‘internettrollen’, of een Raad van Automonteurs, Bakkers enzovoorts?    

Vervolgens zou je ook nog de ‘metavraag’ kunnen stellen. Zou er dan niet ook een Raad van Raadgevende Adviseurs moeten komen?

Moslims, knikkers, wetenschap en profetie

Migranten, islam, antisemitisme, woorden die vaak in combinatie voorkomen. Zo ook in een artikel van Robert Bor bij Opiniez. Bor: “Als je weet hoe mensen in moslimlanden over Joden denken, dan heb je een goed beeld welke overtuigingen men meeneemt van het thuisland naar het gastland.” Wat Bor zegt lijkt op het eerste gezicht logisch. Als je een pot met 1.000 knikkers hebt waarvan er 40% zwart en 60% wit zijn en ze zijn goed gemengd, dan zal een willekeurige greep uit de pot ongeveer 40% zwarte knikkers bevatten. Zou dat ook opgaan voor mensen?

marbles-3275438_960_720

Illustratie: Pixabay

Is het per definitie zo dat een deelverzameling (de vluchtelingen) dezelfde overtuigingen meenemen dan de totale verzameling (het thuisland) waaruit ze wordt gehaald? Wat als er regionale of culturele verschillen in opvattingen zijn en vluchtelingen vooral uit een specifieke regio of cultuur komen? Wat als met name de mensen die gruwen van antisemitisme vluchten? Een land met mensen en opvattingen is niet te vergelijken met een pot levenloze knikkers. 

Bor reageert op een rapport waaraan onder andere de Leidse hoogleraar migratiegeschiedenis Leo Lucassen heeft meegewerkt. Lucassen ziet dat anders  en concludeert dat de huidige islamitische vluchtelingen niet de oorzaak zijn van de vermeende toename van antisemitisme. Bor hierover: “Voor degenen die gehoopt hadden dat de sociale wetenschappen op klip en klare wijze nu eindelijk hebben aangetoond hoe het echt zit, zal dit rapport een teleurstelling zijn.” Wetenschap die ‘klip en klaar’ aantoont hoe het echt zit en dan vooral sociale wetenschappen? Wetenschap als een soort god, die zekerheid geeft?

Wetenschap levert kennis, laat licht schijnen op zaken, maar zekerheid? Kan de wetenschapper en vooral een sociale wetenschapper, die bieden? Als wetenschap ‘klip en klaar’ zou aantonen hoe iets zit, als ze zekerheid zou geven, dan zou ze zich niet ontwikkelen. Dan zou de uitdrukking ‘voortschrijdend inzicht’ niet bestaan. Vooral in de sociale wetenschappen beïnvloedt het beweerde het onderzochte, heb je te maken met zichzelf bevestigende en ontkennende beweringen en uitspraken.

De enige zekerheid die een wetenschapper, zeker een sociale wetenschapper, kan geven is dat niets zeker is. Beweert de wetenschapper andere zekerheid te geven, dan is het een ‘profeet’ en moet je met ‘profeten’ niet uitkijken? 

Talent en/of oneerlijk voordeel

Wil je als vrouw weten of je werkelijk vrouw bent? Doe dan een bloedonderzoek“De IAAF heeft gekozen voor een limiet van 5 nanomol testosteron per liter bloed.” Scoor je hoger dan mag je van internationale atletiekfederatie niet deelnemen bij de vrouwen, zo valt te lezen in de Volkskrant. Testosteron bevordert de spiergroei. Dat hoge testosterongehalte is volgens andere atletes niet eerlijk: “minder gespierde atletes uitten openlijk hun frustratie over de naar hun idee oneerlijke concurrentie.” Zij krijgen nu de steun van de IAAF want die stelt na onderzoek: “dat vrouwen met hyperandrogenisme, de hormonale afwijking waardoor veel testosteron wordt aangemaakt, wel degelijk voordeel hebben.” Wil je wel bij de vrouwen meedoen, dan moet je maar medicijnen nemen om onder die limiet te komen. Wil je dat niet of lukt dat niet dan kun je nog altijd bij de mannen meedoen. 

atletiek

Illustratie: Wikimedia Commons

Wacht eens, is dat wel eerlijk? “De meeste vrouwen hebben een waarde tussen 0,12 en 1,79, bij mannen varieert het van 7,7 tot 29,4 nanomol.”  Met je 5 of 6 nanomol scoor je ‘te laag’ om een man te zijn. Maar wacht eens even, draait sport niet juist om het uitbuiten van aangeboren voordelen? Als jeugdige voetballer profiteerde ik van mijn aangeboren sprint-kwaliteiten. In vergelijking met Usain Bolt stelden die niets voor, maar een voetballer met goede wendbaarheid, een redelijke techniek en balgevoel, en vooral veel inzet had ik flink voordeel van snelheid. Om het tot prof te schoppen was dat echter niet voldoende daarvoor waren de ‘aangeboren voordelen’ van anderen veel groter. Basketbal vond ik ook een leuke sport en inzet, de wil om te winnen en balgevoel waren aanwezig, wat ontbrak was lengte. Een ‘ontbreken’ dat mij ook in het volleybal zou hebben opgebroken. 

Waarom mogen Bolt en Messi hun aangeboren voordeel wel benutten? Want is dat niet wat talent is, een aangeboren voordeel? Natuurlijk, met alleen talent waren Bolt en Messi niet zover gekomen, maar geldt dat niet ook voor Caster Semenya, Francine Niyonsaba en Margeret Wambui? Wat maakt dat het ene talent is en het andere een oneerlijk voordeel?

In de sterren geschreven

Een artikel in de Volkskrant over de lancering van Tess (Transit Exoplanet Survey Satellite) zorgde voor een leuke serie van lezersbrieven. Tess is opvolger van Kepler en: “Tess volgt een andere strategie bij zijn speurtocht. (…) Kepler had een relatief grote telescoop waarmee hij diep het heelal in kon turen. De sterren die Kepler bestudeerde, stonden ver weg – honderden lichtjaren. Vanwege zijn grote telescoop kon Kepler maar een klein deel van de hemel bekijken. (…) Tess is kleiner en gaat de complete hemel bestuderen, zowel het noordelijk als zuidelijk halfrond. Maar liefst 200 duizend sterren zal Tess de komende jaren in zijn vizier krijgen, op enkele tot honderd lichtjaren.” Rond die sterren wordt gezocht naar planeten en vooral naar planeten waar leven zou kunnen zijn.

andromeda-galaxy-755442_960_720

Foto: pixabay

De brievencorrespondentie begon met een brief van Uri Lavy. Lavy vindt de miljarden die aan Tess en andere dergelijke zaken worden uitgegeven, verspild geld. Dat er planeten zullen zijn met leven, is voor Lavy een statistisch gegeven. “Maar even duidelijk is dat de mensheid absoluut niets aan het identificeren van zo’n planeet kan hebben – zeker niet zolang we niet met ten minste de snelheid van het licht kunnen reizen. En dan nog, bij aankomst kan blijken dat de moederster intussen allang uitgedoofd is.” Dus verspilling van geld, aldus Lavy.

Een duidelijke redenering waar lastig een speld tussen is te krijgen. Alleen zijn conclusie dat dergelijke investeringen zinloos zijn, wordt betwist door sterrenkundige Lucas Ellerbroek in de Volkskrant. Die investeringen zijn niet zinloos: “Die kennis kunnen we verkrijgen door in eerste instantie de aarde te observeren (onder andere door observatie met  dure! satellieten) en onze plek in het heelal te vergelijken met zijn soortgenoten. (…)  Kennis heeft de mensheid gebracht waar zij nu is. Alleen door meer kennis te verkrijgen en daar wijs mee om te gaan, waarborgen we een gezonde toekomst voor ons nageslacht.” Ook een duidelijke redenering waarbij je wel de vraag kunt stellen of kennis wijs wordt gebruikt? Immers techniek kan ook ten kwade worden aangewend.

Met die opmerking kom ik bij de reactie van Frank Rijckaert. Hij is het volledig eens met Lavy” “maar niet met zijn bewering dat het statistisch duidelijk is dat het aantal planeten waar intelligent leven bestaat naar oneindigheid zal neigen. Er is slechts één waarneming van een planeet waarop intelligent leven voorkomt. Daarmee valt geen statistiek te bedrijven.” En daar heeft Rijckaert een punt, met één waarneming kun je geen statistiek bedrijven. Sterker nog, en dat punt mist Rijckaert, je kunt er zelfs niet de conclusie aan verbinden dat op die ene planeet, de aarde, intelligent leven voorkomt. Wat is immers de schaal waaraan je intelligentie op planeten afmeet? 

Dat er andere sterren met planeten zijn, lijkt zeker. Dat er planeten met leven zullen zijn ook. Of er intelligent leven is en of het leven op aarde intelligent is, dat staat … in de sterren geschreven.