Punk en het neoliberalisme

“Right now ha, ha, ha, ha, ha. I am an anti-Christ. I am an anarchist. Don’t know what I want, but I know how to get it. I want to destroy the passerby.”  De eerste zinnen van de song Anarchy in the UK van de Sex Pistols, de legendarische Engelse punkband van de jaren zeventig. Punk, die losgeslagen extreem linkse anarchisten die niets moesten hebben van de kapitalistische samenleving. Punkmuziek, je hoefde geen instrument te kunnen bespelen om in een band te spelen, kon je dat wel dan was het meegenomen en leverde het verrassende muziek op, zoals bij The Clash.

In de tijd dat de Sex Pistols dit zongen, veranderde het kapitalisme waartegen de punks zich afzetten. Het veranderde omdat het neoliberalisme dominant werd. Het economische denken dat de vrije markt heilig verklaart en de rol van de overheid zo klein mogelijk wil hebben. Het denken dat ervoor zorgde dat de kapitaalmarkten en de handel werden geliberaliseerd en dat belastingen flink werden verlaagd. Dit alles met als resultaat dat de winsten van bedrijven, en daarmee het dividend voor hun eigenaren, de lucht in schoten. Dit ten koste van de zekerheid en lonen van de arbeiders en met vele nadelige gevolgen voor het milieu. Het denken dat de mens als kapitaal en productiemiddel aan de ene kant en als willoze consument aan de andere kant. Zou je het neoliberalisme als de punk van het economisch denken kunnen zien? Als de anarchist die lak heeft aan de mensheid?

dead-kennedysIllustratie: www.youtube.com

Het resultaat van dit neoliberale beleid werd al in 1981 toegelicht door de Californische punkband Dead Kennedys in hun song We’ve got a bigger problem now met de woorden: “You’ll go quitely to boot camp. They’ll shoot you dead, make you a man. Don’t you worry, it’s for a cause Feeding global corporations’ claws.”  En zijn nu in 2016. Zijn de ‘claws’ van de ‘Global corporations’ niet weldoorvoed en net als iedere extreme eter, willen ze steeds meer en in steeds grotere porties? De slachtoffers van het neoliberale beleid roeren zich. Ze stemmen voor een Brexit. Maken Trump president van de Verenigde Staten en hopen dat hij, dit boegbeeld van neoliberaal beleid, hun lot verandert. Zou hij als president doen, wat hij als ondernemer naliet?

Zou dat gebeuren in een wereld die wordt gedomineerd door die ‘global corporations’? Of moeten we luisteren naar Kill the Poor van weer de Dead Kennedys: “The sun beams down on a brand new day. No more welfare tax to pay. Unsightly slums gone up in flashing light. Jobless millions whisked away. At last we have more room to play. All systems go to kill the poor tonight”? Beloven de woorden die Trump sprak over Latino’s en de moslims niet weinig goeds? Zouden zij het eerste het door de Dead Kennedys bezongen lot van de ‘poor’ ondergaan?

Nieuwe voorspellende punk zal er helaas niet meer komen. “Punk’s not dead, It just deserves to die When it becomes another stale cartoon,” zoals de Kennedys in Chickenshit Conformist zongen toen ze zagen dat ook in de punkscene ‘a hairstyle’  de plaats innam van een ‘lifestyle’. Met als zichtbare uitwassen de t-shirts van de godfathers van de punk, de Ramones bij de Primark in het rek.

Verkiezingsfeest

Jacques Monasch is, net als vele anderen binnen de diverse partijen die niet hun zin kregen, uit de partij gestapt en zit voorlopig op eigen titel in de kamer. Monasch wilde invloed hebben op het partijprogramma en die wilde de partij hem niet geven. “Het fenomeen van de gekozen partijleider valt niet meer terug te draaien. Het hoort ook bij de tijdgeest. Alleen al de illusie van meer democratie is beter dan de zogenaamde elitepolitiek van een tijd geleden. Het is een belangrijk middel bij het enthousiasmeren van de partijachterban. Als één man achter het stemmenkanon.” Dit betoogt Lex Oomkes in Trouw naar aanleiding van het afhaken van Monasch.

verkiezingenIllustratie: YouTube

Oomkes noemt de keuze van Monasch een logische en gaat nog een stapje verder: “Vreemd genoeg trekt hij echter niet de tweede logische conclusie: volgens deze redenering zou ook de kandidatenlijst een product dienen te zijn van de gekozen lijsttrekker.” Trekken we dit door dan krijgen we eerst voorverkiezingen waarbij een partijleider wordt gekozen op basis van zijn programma en een lijst met ‘vriendjes’.

Dit begint verdacht veel te lijken op de Amerikaanse voorverkiezingen. Zeker als ook niet partijleden of ‘flitsleden’ mee mogen doen aan die ‘voorverkiezingen’ ontstaat er een flink circus aan verkiezingen. En als we naar het ‘voorland’ de Verenigde Staten kijken, is de kans groot dat dit met flinke en vooral dure campagnes gepaard zal gaan.

Alleen is er een verschil met de Verenigde Staten. Daar kiezen ze zo de president, het hoofd van de uitvoerende macht. Een functie die we in Nederland niet kennen. De Amerikaanse president is een combinatie van ons staatshoofd (de koning) en de minister-president, de leider van de regering. geen van beide wordt door het volk gekozen. Voor koning moet je in de ‘wieg gelegd’ zijn en de minister-president wordt niet gekozen, maar uitonderhandeld.

Al die ‘gekozen’ partijleiders met hun eigen programma en hun ‘vriendjes’ komen in de Tweede kamer. Wat let trouwens de verliezende ‘partijleiders’ om met hun eigen lijst aan de verkiezingen mee te doen? Iets wat uitgetreden partijleden, zoals Wilders en nu de Denk-mensen ook al hebben gedaan en doen.

Zou onze democratie gebaat zijn bij nog meer verkiezingsfeesten?

Europese ‘Risk opdracht’

“West-Europese landen hebben eeuwen deelgehad aan een algemeen Europees ethos – een ‘cultureel archief,’ zoals Edward Said het noemt in zijn boek. Lees hier Edward Saids boek. Culture and Imperialism (1993) – waarbinnen ze de plicht hadden om zich buiten hun eigen gebied te begeven en andere volkeren aan zich te onderwerpen.” Een zin uit een artikel van Gloria Wekker bij de Correspondent van begin dit jaar, waaraan ik een artikel wijdde. ‘Oud nieuws’ dat weer actueel werd toen ik voor het schrijven van mijn brief aan Sunny Bergman Wekkers artikel nog eens las.

riskFoto: eBay

Begin dit jaar legde ik hier de link naar het imperialisme, het bouwen van grote rijken. Iets wat niet specifiek Europees is. Nu viel me iets anders op in deze zin. Europese landen ‘die de plicht hadden om zich buiten hun eigen gebied te begeven en volkeren te onderwerpen’. Waaruit blijkt dat dit ‘een plicht’ was?

Dat West-Europeanen de wereldzeeën bevoeren, valt niet te ontkennen. Dat hierbij gebieden onder Spaanse, Portugese, Hollandse, Engelse, Franse controle werden gebracht evenmin. Avonturiers en handelslieden uit de genoemde landen, gingen op zoek naar de bron van ‘Oosterse’ producten. Dat deden zij waarschijnlijk om minder afhankelijk te zijn van Italiaanse steden die de handel tot die tijd domineerden als laatste schakel in de ‘zijderoute’. Zij wilden de ‘tussenpersoon’ uitschakelen en zelf meer winst maken.

Belangrijke voorwaarde voor dit zoeken van een andere route naar Indië en China, was het geloof (dat een feit is geworden) dat de aarde rond was, zo beweert de Duitse filosoof Peter Sloterdijk in zijn boek Het kristalpaleis. Een filosofie van de globalisering. Volgens Sloterdijk ligt de periode van globalisering achter ons. Voor Sloterdijk is globalisering het in kaart brengen en verbinden van de gehele wereld. Een proces onder Europese dominantie. Die periode begon met de tocht van Columbus in 1492 en eindigde in 1945. De hele wereld was immers ontsloten en de Europese dominantie beëindigd.

Redenerend vanuit het heden, zou je, zoals Wekker doet, kunnen beweren dat de Europeanen een op een plan gebaseerde plicht hadden om de volkeren te onderwerpen. Wil er werkelijk sprake zijn van plan en plicht, dan moet er ergens een bijna zeshonderdjarig ‘Risk-opdrachtkaartje’ opduiken dat ondertekend is door alle toenmalige Europese heersers met een verhaal dat alle Europeanen moest inspireren. Sloterdijk hierover: “op geen enkel moment is er zoiets geweest als een gemeenschappelijk plan voor een Europese verovering van de wereld, zodat er in actu ook nooit behoefte is geweest aan een gecentraliseerd inspirerend verhaal over het handelen van een veroverend collectief.” 

Wekker lijkt de geschiedenis aan te willen passen aan haar huidige mening over het heden. Totdat het ‘risk opdrachtkaartje er is, hou ik me vast aan Sloterdijk.

Hyperinflatie

Economische en financiële beleidsmakers zien twee procent inflatie als ideaal. Dan is er sprake van prijsstabiliteit. Het is zelfs een van de hoofddoelstellingen van de Europese Centrale Bank om de inflatie op die twee procent te houden. Omdat de inflatie nu bijna nul is, zijn er deskundigen die willen dat de ECB inflatie bevordert. Bijna honderd jaar geleden werd Duitsland geteisterd door hele hoge inflatie, ook wel hyperinflatie genoemd. Bankbiljetten van tien miljard Reichsmark werden de ene dag gedrukt en de volgende dag was het papier waarop ze waren gedrukt, bij wijze van spreken, al meer waard dan het bedrag wat erop stond.

fiets

Foto: Zaplog

Waarom dit uitstapje? Op het hoofdkwartier van Hearst-uitgevers in Amsterdam is een terroristische aanslag gepleegd. Onverlaten hebben het slot vernield. Door er lijm in te gieten, kan het niet meer worden geopend en op de deur is een sticker geplakt met het woord ‘misogynie’ (vrouwenhaat). Een van de bladen van de uitgever, Quote, publiceerde enige tijd geleden een lijst die nu niet uitblinkt door vrouwvriendelijkheid (31 typen vrouwen waarmee u als man wellicht eens het bed deelde). Een lijst die eerder op de site van het blad Esquire werd gepubliceerd en na protest weer werd verwijderd. Esquire is ook een blad van Hearst.

Het dichtlijmen van een slot en een sticker op de deur is natuurlijk niet leuk. Het slot moet worden vervangen en de sticker verwijderd. Een dergelijke actie is niet goed te praten, zelfs niet als een onsmakelijke lijst de aanleiding is. Quote zelf noemt het dichtgelijmde slot een ‘aanslag’ en de daders ‘terroristen’. Is het niet erg zwaar om een dichtgelijmd slot en een sticker terrorisme te noemen?

Terrorisme is “het onder druk zetten van een regering of bevolking door daden van terreur.”  En terreur is: Georganiseerd politiek geweld.” Een actie waarbij een redactie onder druk wordt gezet. Niet door bedreiging met geweld. Nee door, het mag niet en is niet goed te praten, het dichtlijmen van een slot en het plakken van een sticker. 

Voldoet dit aan de definitie van terrorisme? Is dit een daad van terreur? Nog even en het niet uitsteken van je hand bij het afslaan met je fiets is ook een terroristische daad. Is het woord terreur dan niet onderhevig aan hyperinflatie?

Beste Sunny Bergman

Ik heb u hoog zitten als documentairemaakster. Uw werk raakt de tijdgeest en roept op tot discussie en gesprek omdat het een vaak andere invalshoeken biedt om naar zaken te kijken. Waarschijnlijk trekt mij dat, omdat ook ík zoek naar andere invalshoeken, omdat alternatieven en het gesprek erover ons verder helpen. Na het lezen van de ingekorte versie van uw Van der Leeuwlezing in de Volkskrant moet mij echter iets van het hart.

Ik mis in uw lezing de uitnodiging om het gesprek aan te gaan. Ik zal u proberen uit te leggen waarom. Ik krijg uit uw betoog namelijk het gevoel dat het niet uitmaakt wat ik zeg of inbreng. Wat ik zeg zult u, zo maak ik uit uw betoog op, altijd als een bevestiging van uw gelijk opvatten. Enkele voorbeelden.

handen

foto: Regina Coeli

Als ik zeg dat ik, in tegenstelling tot wat u schrijft, als blanke (volgens u witte), hoogopgeleide man, mijzelf niet als fragiel zie en als wel behorende tot een raciale categorie, dan loop ik het risico dat u zult antwoorden dat ik door zo te reageren blijk geef van ‘boosheid en verontwaardiging’, dat ik mij aangevallen voel omdat ik word beschuldigd van racisme en dat zijn nu precies de kenmerken van ‘white fragility’ dat u leent van Robin DiAngelo.

Het begrip ‘witte superioriteit’ dat u leent van Gloria Wekker. Ik beken, ik vind menig Wildersaanhanger ‘dom’, maar dat heb ik ook met VVD’ers, GroenLinksers, PvdA’ers, CDA’ers enzovoorts. Die opvatting baseer ik niet op hun politieke voorkeur, maar op de manier waarop ze hun meningen, plannen en opvattingen onderbouwen. Als iemand op een vraag op onderbouwing antwoordt: ‘dat heb ik gelezen op Facebook’ of ‘dat heeft …. gezegd’ of nog platter: ‘dat vind ik gewoon’, dan houdt het voor mij op. Als politieke partijen bijvoorbeeld het vluchtelingenprobleem willen oplossen via opvang in de regio en daarbij helemaal voorbij gaan aan het probleem van de vluchteling, dan houdt het op. Betekent dat meteen dat ik mezelf superieur vind en het daardoor moeilijker vind om mijn ‘witte’ superioriteit’ te onderzoeken?

Dan de vraag of ik ‘witte superioriteit’ heb, als ik het zo tenminste goed omschrijf? Heb je het, lijdt je eraan of wordt je erdoor verblind? Ik ben er in ieder geval nooit van uitgegaan dat ik wel die ‘neutrale scheidsrechter’ kon spelen. Ik identificeer mij en Nederland niet met een zelfbeeld van ‘klein, onschuldig land’. Als historicus ben ik me er terdege van bewust dat er in het verleden verschrikkelijke zaken gebeurden en dat ook mensen die uit het gebied dat nu Nederland heet, zich daaraan schuldig hebben gemaakt. Slavernij is echter geen blanke uitvinding. Het is een menselijke uitvinding waaraan alle kleuren mensen zich schuldig maakten en het slachtoffer van waren. Ik weet niet of u nog weet van het Europese feodale stelsel, een stelsel met vele horigen en dat is een andere naam voor ‘slaaf’. Zo waren er ook vele blanke slaven in de Arabische wereld en werden vele donkere mensen door andere donkere mensen gevangen of ontvoerd en tot slaaf gemaakt. Ik weiger echter om de complexiteit van het verleden te vereenvoudigen tot ‘zwart’ tegen ‘wit’ met ‘wit’ als bij voorbaat fout. Want dat is wat ik proef in het denken van u en Gloria Wekker.

Ik weiger mee te gaan in een dergelijke, zoals ik het zie, oversimplificering van de werkelijkheid. In een artikel bij de Correspondent zette Gloria Wekker haar denken begin dit jaar uiteen en in een reactie daarop heb ik mijn vragen erbij verwoord. Dat mensen mensen bevoordelen die veel op hen lijken, is niet iets wat alleen licht gekleurde mensen hebben. Denk maar eens aan de donker gekleurden die over hun kleurgenoten spreken als ‘brothers en sisters’. Dergelijk taalgebruik sluit ook mensen uit. Dat bevoordelen soms te ver gaat en tot discriminatie leidt, daar ben ik me terdege van bewust. Daarvoor wil ik mijn ogen niet sluiten en daar wil ik tegen strijden. In die strijd kunnen we ons vinden, maar niet als dat betekent dat ik mee moet in het denken van u en Wekker. Dat weiger ik. Ik weiger om, u te citeren, te: “accepteren dat we in mindere of meerdere mate gesocialiseerd zijn met witte superioriteit,” en dat wij ‘witte mensen’ dat moeten accepteren. Al denk ik dat dit u waarschijnlijk zal bevestigen in uw denken. Want net als het zetten van kanttekeningen bij  ‘white fragility’ zal ook het stellen van vragen en het ter discussie stellen van ‘witte suprematie’ worden gezien als een bevestiging van het hebben van, lijden aan of verblind zijn door die ‘witte suprematie’.

Mocht ik het mis hebben en u wilt toch het gesprek aangaan, neem contact met mij op.

Met vriendelijke groet,

de Ballonnendoorprikker

Zwarte Pieten met zwarte Piet

Op de opiniesite Joop een interessant artikel van docent Toegepaste Psychologie Henk Verhoeven. Verhoeven betoogt dat de Westerse cultuur superieur is en dan bedoelt hij niet: “klompen, oranje, Sinterklaas – met of zonder zwarte Piet – molens, nederwiet, ons gedoogbeleid of de Elfstedentocht. Evenmin dekken de Joodse of Christelijke elementen de lading. Oppervlakteverschijnselen of toevallige uitingsvormen bepalen niet de kern van die cultuur.” Voor hem blijkt de superioriteit van een cultuur uit: een samenleving zonder armoede, geweld en uitbuiting, goede gezondheidszorg en onderwijs voor je kinderen, individuele vrijheid, harmonieuze relaties met mensen om je heen en de mogelijkheid je leven zelf vorm te geven.”  Hij onderscheidt vier cultuurelementen: “het vermogen negatieve emoties te remmen, de kunst positieve emoties te activeren, rationaliteit en decentrale besluitvorming.”

zwarte-pietIllustratie: Catawiki

In opdracht van De Telegraaf is een onderzoek naar zwarte Piet uitgevoerd met als uitkomst: “driekwart van de mensen (is) niet voor aanpassing van het uiterlijk.” De Telegraaf lijkt te suggereren dat het eenvoudig is, een ruime meerderheid wil Zwarte Piet behouden en dan behouden we hem, democratisch toch? Dat er mensen zijn die zich diep gekwetst voelen, doet dan niet ter zake.

Nu behoort zwarte Piet, daar heeft Verhoeven het gelijk aan zijn zijde, niet tot de cultuur. Maar toch. Wat zien we als we het debat over zwarte Piet langs de vier cultuurelementen van Verhoeven leggen? Zien we dan niet heel veel mensen, zowel voor- als tegenstanders, die hun negatieve emoties moeilijk tot niet kunnen remmen? Overheersen die nu niet de positieve emoties: “creativiteit, initiatief, ondernemerschap, vooruitdenken en het optimistische geloof problemen aan te kunnen en projecten te realiseren”?

En dan de rationaliteit die: “impliceert ook humanisme; namelijk dat samenwerking verstandig is en geen zero-sum game is,” aldus Verhoeven. Aan de ene kant zijn er mensen die vinden dat zwarte Piet een belangrijk onderdeel van een sinterklaastraditie is die heeft niets met racisme heeft te maken. Aan de andere kant mensen voor wie zwarte Piet een kwetsend symbool van racisme en slavernij is. Hebben ze, vanuit hun perspectief bekeken niet allebei gelijk en kunnen ze alleen niet voorbij het eigen gelijk kijken? Zien ze het als een zero-sum game?

Wat zegt het als democratie wordt teruggebracht tot het JA of NEE zeggen? Is dat de beste manier van decentrale besluitvorming: “de overtuiging dat er niet één persoon is die onder alle omstandigheden, op alle momenten, alle soorten problemen kan oplossen, maar dat de hiervoor benodigde kwaliteiten verspreid zijn over veel mensen, en die dus op een georganiseerde manier in de besluitvorming betrokken moeten worden”?

Verhoeven concludeert als hij culturen langs deze maatstaf legt dat: “onze cultuur beter (is) dan alle andere culturen die ik ken (…en, o ja, Trump en Wilders zijn net zo slecht geïntegreerd in die cultuur als moslims die vrouwen besnijden of homo’s van flatgebouwen willen gooien..). Hoe geïntegreerd zijn de deelnemers aan het zwarten Pieten met zwarte Piet?

Lijden

De opiniepeiler Maurice de Hond ziet dat het onderwijs kinderen steeds meer nieuwe dingen moet aanleren. “Met grote regelmaat hoor ik uit de politiek en van anderen wat men allemaal op school nog méér zou moeten gaan doen. Méér bewegen, méér muziek, méér programmeren, méér Engels, méér ondernemerschap, méér dit en méér dat. Maar wat ik dan nooit erbij hoor, wat er dan minder geleerd hoeft te worden. Waaraan minder tijd op school besteed hoeft te worden. De ongeveer duizend uur die leerlingen in Nederland naar school gaan, is al relatief hoog.”

montaigneIllustratie: PHILOSOPHY – Montaigne – YouTube

Met zijn artikel in de Volkskrant wil hij de discussie over dat ‘minder’ aanzwengelen. Hij doet dit door voor te stellen de spelling te vereenvoudigen: ‘ei’ vervangen door ‘ij’ en ‘ou’ door ‘au’. “Maak mij opiniepijler” zo luidt de titel boven zijn artikel. Nu is spelling niet mijn sterkste punt en weet ik niet hoeveel tijd ermee wordt bespaard. In dezelfde krant een voorstel van Bert Wagendorp in zijn ‘kollum’ met de titel “De Honts foorstel vurdient parlementère ankètu” om nog veel verder te gaan’.

Dat er zo veel woorden zullen ontstaan met een dubbele betekenis, hoeft geen probleem te zijn. ‘Nu zit de vorst ook al in de grond’ om Wim Daniels bij Pauw te parafraseren. En dan weet iedereen dat het niet over Willem-Alexander gaat. En als Maurice gaat ‘pijlen’, dan zal er niemand zijn die denkt dat hij gaat darten of boogschieten. Je kunt natuurlijk vinden dat de ‘ij’ weg moet en juist de ‘ei’ moet worden behouden. Voor het antwoord op de vraag van een toerist ‘waar is ’t ei (of ij), maakt het niets uit. Die kun je als Amsterdammer nog steeds naar de eierboer (of ijerboer) sturen.

Zou De Honds voorstel voor één soort mensen niet uitkomst bieden? Daar voorkomt het veel verwarring en onbegrip. Daarvoor moet dan wel de betekenis van het oude (ei) woord één op één over naar het nieuwe (ij) woord. Welk soort mensen? De leiders, of naar De Hond’s voorstel de lijders. Want of je nu partijlijder of rijslijder (met dubbele ij volgens de nieuwe spelling) bent, geeft het huidige begrip lijder niet de passende betekenis? Iemand die lijdt, of te wel iemand die smart en ellende ondergaat. Want om te lijden (het oude leiden) moet je tegenwoordig veel geestelijke en soms ook lichamelijke smart en ellende ondergaan.

Dat is bovendien nodig om ook dan de uitspraak ‘wie vreest te lijden, lijdt reeds datgene wat hij vreest’ van Michel de Montaigne nog te kunnen begrijpen.

Iedereen zijn eigen land!

De partij VNL wil, nadat het Nederlandse volk zich eerst in een referendum heeft mogen uitspreken over het al dan niet lid blijven van de Europese Unie, het Europees Parlement afschaffen. De controle op die unie kan het beste door de nationale parlementen, aldus de partij in haar verkiezingsprogramma. Ook kandidaat lijsttrekker Jacques Monasch wil die kant op. En zij zijn niet de enige die terug willen naar de natiestaat Nederland. Dan kunnen we tenminste weer volop voor het Nederlandse belang gaan.

venloFoto: commons.wikimedia.org

Wat is eigenlijk dat Nederlandse belang? Is dat de ongebreidelde groei van mainports Rotterdam en Schiphol? Is dat vol inzetten op de ‘Eindhovense’ hightech? Is dat zoveel mogelijk economische groei? Wat is dat en wie bepaalt dat? VNL en vele andere partijen zijn voorstander van besluiten per referendum dus dat belang maar per referendum bepalen?

Wat als dat referendum iets oplevert wat niet goed uitpakt voor mijn woonplaats Venlo? Kan Venlo dan een referendum houden om uit Nederland te stappen? En voorstellen om het Nederlandse parlement af te schaffen? De Venlose gemeenteraad kan, net als de gemeenteraden van de andere gemeenten, de controlerende rol vervullen. Daarvoor is een nationaal parlement niet nodig. Zo kan iedere gemeente volop voor haar eigen belang gaan? Dat zou kunnen. Nederland is immers ook maar een vrij recente constructie waar ‘het volk’ zich niet over heeft kunnen uitspreken.

Maar wat is eigenlijk dat Venlose belang. Is dat vol inzetten op het trekken van Duitse kooptoeristen naar Venlo? Is dat de ongebreidelde ontwikkeling van de logistieke bedrijvigheid? Is dat de ontwikkeling van winkelhart Blerick? Is dat het uitbaten van het religieuze verleden van kloosterdorp Steyl? Wat is dat en wie bepaalt dat? Doen we dat ook weer via een referendum? Want tja, ook de gemeente Venlo is een vrij recente constructie waar ‘het volk’ zich niet over heeft kunnen uitspreken?

Wat als dat referendum iets oplevert dat niet goed uitpakt voor mijn geboortedorp Velden? Kan Velden dan per referendum besluiten uit de gemeente Venlo te stappen? Zo kunnen we nog wel even verder gaan. Het einde van het liedje is dat iedereen zijn  ‘eigen’ land heeft. Zou dat werkelijk de beste manier zijn om de klimaatproblematiek aan te pakken? Om multinationals tegenspel te bieden?

Iedereen met pensioen!

“Toen ik 51 jaar werd (en werkzaam was in het onderwijs) kon ik zeggen: Over 10 jaar kan ik met pensioen. Toen ik 55 jaar werd kon ik zeggen: Over 10 jaar kan ik met pensioen. Toen ik 57 jaar werd kon ik zeggen: Over 10 jaar kan ik met pensioen.’Als ik volgend jaar 58 word, kan ik nog steeds zeggen: Over 10 jaar kan ik met pensioen. Toch?” Dit schrijven van Ietje Lentink uit Stroe is te lezen in de brievenrubriek in de Volkskrant.

pensioenIllustratie: OP DE KORREL – WordPress.com

Zij is niet de enige die reageert op het verder verhogen van  de AOW-leeftijd. Zo pleit Joop van Well in dezelfde krant ervoor om de pensioenleeftijd afhankelijk te stellen van de zwaarte van het werk en het aantal gewerkte jaren. Zowel Lentink als Van Well stellen impliciet de vraag hoe eerlijk of rechtvaardig dit is? Lentink met betrekking tot de vergelijking met collega’s die het geluk hadden en hebben ietsjes ouder te zijn, soms zelfs maar één dag. Van Well met betrekking tot de lichamelijke zwaarte van werk. Je kunt natuurlijk ook de vraag stellen naar de geestelijke zwaarte van werk en dan kan het werk van een ambtenaar achter een bureau waar Van Well over schrijft ook zwaar en slopend zijn.

Diverse politieke partijen willen, wellicht om grijze kiezers te trekken, de pensioenleeftijd weer terugbrengen naar 65 jaar. Dus zal dit een belangrijk thema worden in de verkiezingscampagne. Ouderen en jongeren zullen hun belangen bepleiten net als kantoorklerken en bouwvakkers. Oudere werklozen zullen inbrengen dat zij door verschuiving van de pensioendatum in een hopeloos parket komen te zitten. En iedereen zal een punt hebben. En iedere groep zal binnen de politieke partijen ook gehoor vinden.

Met het hebben van een punt en het vinden van gehoor, is het probleem niet opgelost. Alleen hoe doe je al deze punten recht? Zou dit kunnen binnen het huidige denkmodel over leven en werken? Een model waarin werk de belangrijkste rol inneemt, terwijl dat voor steeds minder mensen zekerheid biedt?

Zou het mogelijk zijn om iedereen ‘met pensioen’ te sturen? Een basisinkomen en het dan aan het individu laten wanneer en hoe hij dit aanvult?

Utopische inspiratie

“Ik ben vandaag Parlermitaan op een andere manier dan gisteren en waarschijnlijk ook dan morgen,” een uitspraak van Leoluca Orlando de burgemeester van Palermo in de documentaire Tegenlicht van zondag 30 oktober 2016. Een documentaire over een bijzondere man die een bijzondere boodschap verkondigd. Een boodschap die lijkt te vloeken met de tijdgeest. Hij pleit voor mobiliteit als mensenrecht, een recht waardoor iedere wereldburger kan gaan en staan waar hij wil.

9789047708742

Een bijzondere uitspraak omdat die uitspraak ontwikkeling laat zien. De dynamiek van het leven. Dat overtuigingen van vandaag, morgen achterhaald kunnen zijn. Nu waren er in het verleden meer mensen de overtuiging toegedaan dat morgen er anders uit zou zien dan vandaag. Voor de een stond vandaag in het teken van de communistische heilstaat van morgen, voor de andere in het duizendjarige rijk en voor weer anderen in de absolute vrijheid van de markt.

Bij het zien van de documentaire moet ik denken aan De koning van Utopia. Nieuw licht op utopisch denken, het laatste boek van Hans Achterhuis. Na een jarenlang onderzoek naar grote, alles omvattende utopieën stond Achterhuis afwijzend tegen alles wat ook maar naar utopie rook. In dit boek komt hij daar een beetje op terug. Ik moest vooral aan de laatste passage uit het boek denken: “Deels gaat het hierbij om een herovering en verdediging van traditionele ruimtes en activiteiten, deels ook om de verovering van nieuwe vormen van gemeenschap. Vooral voor dat laatste is utopische inspiratie onmisbaar. Laten we niet alleen vasthouden aan de belangrijke waarden uit de traditie, maar ons ook richten op de toekomstige vernieuwing daarvan.” Een idee dat in schril contrast staat met de de diverse verkiezingsprogramma’s die vooral aan de traditie willen vasthouden. Programma’s die veelal pleiten voor het fysiek sluiten van grenzen en het emotioneel laten vallen van de luiken voor de noden elders.

Zou het recht op mobiliteit waarvoor Orlando pleit, niet een belangrijke vernieuwing kunnen zijn? Een utopische inspiratie? Alhoewel, met Schengen heeft Europa laten zien dat het kan. Een vernieuwing die iedereen de mogelijkheid geeft om te doen wat nu alleen aan de rijken is voorbehouden? Omdat: “Welcome is the best guaranty for safety,” zoals Orlando zegt? Of tonen we Orlando’s gelijk aan, dat ‘de rijken egoïsten zijn en de armen genereus’. Houden we grenzen en luiken gesloten en is morgen gelijk aan vandaag en liever nog aan gisteren?