Leven in Allenistan

De Nederlandse staat doet er alles aan om mijn mijn recht als volk op zelfbeschikking te ontnemen. Ze blijft mij lastigvallen met blauwe brieven. Als ik volhoud en deze niet betaal, dan valt Nederland mijn land binnen en ontvoert mij naar een gevang in Nederland. Ik ben dan wel maar een heel klein volk, maar toch. Als volkeren recht hebben op zelfbeschikking, dan geldt dat voor alle volkeren dus ook voor mij als volk. Dit kwam bij me op toen ik het artikel van Ewout van den Berg bij Joop las.

karl marx

Foto: Flickr

“De Spaanse staat doet er alles aan om de Catalanen hun recht op zelfbeschikking te ontnemen.” Aldus de eerste zin van zijn artikel waarin hij beweert dat een socialist het recht op zelfbeschikking van de Catalanen wel moeten erkennen, neutraal blijven in dit conflict is niet mogelijk. Maar dit betekent niet dat: “socialisten illusies koesteren in een eigen staat. De Catalanen kunnen breken met Rajoy en de Spaanse staat, maar zolang er niet gebroken wordt met het kapitalisme zullen publieke voorzieningen in Catalonië evengoed geprivatiseerd worden als dit is wat nodig is om de winsten van het ‘eigen’ bedrijfsleven te verhogen.” 

Nu zijn er goede redenen om publieke voorzieningen niet te privatiseren en de huidige vorm van kapitalisme eens grondig op de schop te gooien. Iets wat de Ballonnendoorprikker al veel langer wil. Zou ik dan op de steun van Van den Berg mogen rekenen als ik me morgen onafhankelijk verklaar? Als ik gebruik maak van mijn recht als volk op zelfbeschikking? Dan kan ik immers ‘breken met het kapitalisme’ en mijn eigen samenleving inrichten. Nou ja samenleving, meer een ‘alleenleving’ omdat mijn samenleving uit mij alleen bestaat en als jullie dat ook allemaal doen, dan bestaat de hele wereld uit individuen met zelfbeschikking en onafhankelijkheid.

Absurd? Waarschijnlijk wel. Toch is dit een logische conclusie uit de redenering van Van den Berg. Want als de Catalanen of de Limburgers recht hebben op zelfbeschikking, dan hebben de Barcelonezen en Venlonaeren dat ook, en zo kun je doorgaan tot op het individuele niveau. Zou dat wenselijk zijn? Iedereen zijn Allenistan?

In de Volkskrant concludeerde de Amerikaanse hoogleraar: “waarschijnlijk worden absolute eisen tot zelfbeschikking een bron van geweld.” Zouden we niet precies de andere kant op moeten, niet zelfbeschikking maar ‘samenbeschikking’? Naar een post nationale samenleving? Een samenleving voorbij de natiestaat? Zou dat socialisten niet meer aan moeten spreken dan zelfbeschikking, dan worden immers de proletariërs aller landen verenigd? Dit schrijvend, realiseer ik me dat de wind de andere kant opwaait. Zie bijvoorbeeld het nieuwe kabinet dat juist ‘nationale trots’ wil aankweken via bijvoorbeeld ‘Wilhelmuskunde’.

Culturele toedeling

“Tegenstanders van de traditionele Zwarte Piet wijzen op het racistische uiterlijk, de stereotypische karikatuur van de zwarte mens, het gebruik van ‘blackface’ in een kinderfeest. Fans van Zwarte Piet buitelen vervolgens over elkaar heen om die vergelijkingen te ontkennen: nee hoor, is niet hetzelfde, dit komt van de schoorsteen. Doe me even een lol. Zoek een plaatje van zwarte piet en zoek vervolgens een plaatje van een blackface minstrel uit de VS,”

Aldus Pascal Vanenburg bij Joop. Na het lezen van dit citaat moest ik denken aan het begrip culturele toe-eigening, het door de dominante ‘witte’ cultuur overnemen van zaken uit de cultuur van een minderheid. Bijvoorbeeld de Maori-tatoeage op een blanke Amsterdamse arm.

nandi

Illustratie; Wikimedia Commons

Als er sprake kan zijn van culturele toe-eigening, zou er dan ook sprake kunnen zijn van culturele toedeling? Het aan een bepaalde cultuur koppelen van zaken uit een andere cultuur en daarmee het importeren van argumenten uit die ene cultuur voor jou zaak in de andere? Zo kom ik bij Vanenburg, hij legt een verband tussen de Amerikaans, Engelse ‘blackface’ en ‘Zwarte Piet’. Iets wat Sunny Bergman in haar documentaire Zwart als roet’ ook doet. Wordt door een koppeling te leggen tussen twee ‘culturele uitingen’ die niets met elkaar te maken hebben, niet de beleving, de verontwaardiging en afschuw over de ene uiting aan de andere toebedeeld?

Zo is er veel te zeggen over de wreedheid van het stierenvechten, het doden van een dier voor het plezier. Zouden die argumenten worden versterkt door ze in India te laten zien en de Indiër zijn afschuw te laten uitspreken over deze barbaarse behandeling van dit heilige vervoermiddel van de god Shiva? Deel je dan de Spaanse stierengevecht cultuur niet iets toe dat er geen onderdeel van uitmaakt?

Een ander voorbeeld. De Vastelaovend, een traditie waarbij mensen zich verkleden en zo de bestaande orde op de kop zetten. De bestaande orde op de hak te nemen. Als je deze context niet begrijpt of weglaat, dan zie zou je stereotypen die je als belediging of zelfs als racistisch kunt ervaren kunnen zien. Deel je de Vastelaovescultuur zo niet iets toe dat er geen deel vanuit maakt?

Moeten we niet heel voorzichtig zijn met ‘culturele toedeling’? Voorzichtig omdat zo argumenten en sentimenten in de strijd worden gegooid die er eigenlijk geen plaats in hebben. Argumenten en sentimenten die  mensen verdelen en ons verder van huis brengen. Om bij Zwarte Piet te blijven, dat er mensen zijn die zich niet prettig voelen bij Piet is voldoende aanleiding om naar de ‘vorm en kleur’ van piet te kijken. Daar hebben we de Amerikaans, Engelse blackface niet voor nodig.

Aluhoedje

Jan Roos, de oud verslaggever van PowNews die verkleed als ‘Pepi (of Kokki) streed voor een NEE tegen het associatieverdrag met de Oekraïne en vervolgens als lijsttrekker van de partij VNL jammerlijk faalde, is bang. Bij De Dagelijkse Standaard schrijft hij:“Het zou me heerlijk lijken om me veilig te voelen. Maar ik voel het me niet. Of liever gezegd, we zijn het niet.” Hij voelt zich niet veilig vanwege de deplorabele staat en de grootte van het Nederlandse leger:

“Het leger bestaat nog maar uit 52.000 personen, waarvan 24% uit burgerpersoneel. Het aantal militairen is nog geen halve Kuip vol. Een half stadion met mensen die over ons en onze democratie moeten waken.”

Dat waken moet ook nog eens met ouwe en kapotte meuk en zonder goede training en oefening.

aluhoedje

Foto: Flickr

Na deze opsomming van de staat van het Nederlandse leger, voel ik me ineens een stuk minder veilig. Ik voel me minder veilig omdat ik lees dat het leger de democratie moet beschermen. Dan begin ik me meteen af te vragen wanneer het leger moet ingrijpen in het democratische proces. Is dat als de Partij voor de Dieren, Denk of het Forum voor Democratie onverhoopt in de regering zouden komen? Of als een formatie te lang gaat duren? Liepen we nu al bijna het risico op militair ingrijpen? Immers, wie bepaalt wat te lang is? Wat voor de ene te lang is, is voor een ander te kort. Gelukkig stelt de grootte van het leger, de deplorabele staat van het materieel en de gebrekkige staat van training en oefening mij enigszins gerust. Als de spullen niet werken, dan is die ‘halve Kuip’ er wel onder te krijgen mochten ze onverhoopt vinden dat de democratie in gevaar is en een ‘staatsgreep’ plegen.

Zijn gevoel van onveiligheid wordt nog versterkt omdat: “een miljoen moslims in ons land wonen die vanuit religieus en cultureel oogpunt weinig met onze Westerse waarden hebben en, en dat is misschien nog wel het gevaarlijkste, heeft de EU laten zien weinig problemen te hebben met geweld tegen ongehoorzame burgers, zoals in Catalonië.” Zo daar sta je dan als moslim, hoor je er ineens niet meer bij en mag je van geluk spreken dat het leger zo gammel is. Bovendien hoef je als ‘ongehoorzaam burger’, je hebt immers niet op met de Westerse waarden, ook al niet op de EU te rekenen.

Die slechte staat van het leger kon weleens vanuit Brussel gestuurd zijn: “Noem me een aluhoedje, maar ik denk dat het niet voor niks is dat we nauwelijks nog een leger hebben. Want als we ons straks onveilig genoeg voelen gaan we vanzelf hunkeren naar een EU-leger. Dan heeft het ondemocratische moloch Brussel z’n eigen stormtroepen. Moet je eens kijken wat er dan gebeurt als een volk zich wil afscheiden, een referendum wil houden, of uit de EU wil stappen.”

Gelukkig is de wereld anders dan Roos voorspiegelt en hebben we een leger om de landsgrenzen en niet de democratie te verdedigen. Gelukkig hebben we een democratische rechtsstaat waarbij je andere culturele en religieuze waarden mag hebben dan je buurman. En misschien mogen we wel het meest gelukkig zijn dat er te weinig mensen op VNL hebben gestemd om het in complottheorieën denkende ‘aluhoedje’ in de Kamer te brengen. Alleen jammer, dat andere ‘hoedjes’ dat geluk wel hadden

Alles van waarde …

Deze week las ik een stuk van een blogger. Deze blogger schreef over haar ervaringen als taaldocent voor nieuwkomers. Zij lijkt haar hart te hebben verpand aan deze groep mensen en wil iets voor ze doen. Eén klein probleem:

“Als ik het internet afstruin op zoek naar werk met vluchtelingen, worden buiten de betaalde docenten haast alleen vrijwilligers gevraagd. Zelfs voor banen met een HBO werk- en denkniveau. Dus dan zou ik als hoog opgeleide niets verdienen met een baan als maatschappelijk begeleider of coördinator taalcoach. Belachelijk!”

Hier moest ik aan denken toen ik las over een ‘geweldig’ plan van het aanstaande kabinet.

Lucebert

Foto: Wikimedia Commons

Welk plan? Nou, dat jeugdigen maatschappelijke dienst kunnen gaan vervullen. “Jongeren die vrijwillig een ‘maatschappelijke diensttijd’ doorlopen, krijgen een certificaat dat voorrang biedt bij sollicitaties bij de overheid,” zo valt te lezen in Dagblad de Limburger en diverse andere media. Geweldig plan? Als je aanhanger van de beide christelijke partijen bent dan zul je het wellicht geweldig vinden en jammer dat het geen plicht is. Hoe zou het bij een plicht trouwens moeten werken met die voorrang bij sollicitaties? Dan zou immers iedere jeugdige zo’n certificaat hebben. In hun zoektocht naar werk zijn veel jongeren al als vrijwilliger actief via onbetaalde werkervaringsplaatsen, stages waar afgestudeerden echt werk verrichten zonder betaling om werkervaring op kunnen doen. Zou dat ook meetellen?

Ik moest aan het artikel van de blogger denken omdat bij de maatschappelijke dienst wordt gedacht aan: “werken in de zorg, met vluchtelingen of in wijkcentra.” Nee, het is niet de bedoeling dat de werkzaamheden die met deze dienst worden vervuld, gaan concurreren met betaald werk. Als je het mensen vraagt dan zullen velen dit werk belangrijk en waardevol vinden. Belangrijk en waardevol, maar als samenleving besteden we er geen geld aan. Dat moet allemaal vrijwillig, want geld mag het niet kosten.

…is het niet vreemd dat alles van waarde niets mag kosten en dat er belachelijke bedragen worden betaald voor eigenlijk waardeloze zaken zoals een mobieltje.” Zo reageerde ik op het artikel van de blogger. Het nieuwe kabinet kiest voor het mobieltje, niet voor het waardevolle.

Wie betaalt de veerman?

De formerende partijen lijken er bijna uit te zijn en dat betekent dat een nieuw kabinet aan de slag kan. Steeds meer onderhandelingsresultaten lekken uit. Zo ook over de belastingplannen van het nieuwe kabinet. In de Volkskrant las ik hierover het volgende:

“Bronnen bevestigen dat er op termijn een stelsel komt met twee belastingschijven, waarbij de hoogste belastingschijf omlaag gaat. Daar staat tegenover dat onder meer het laagste btw-tarief (gaat) stijgen. Ook komt er bijvoorbeeld een kilometerheffing voor vrachtvervoer en is er gesproken over hogere belastingen op energie.”

Dit allemaal om de middeninkomens te steunen zo valt op te maken uit de berichten in de diverse media.

veerboot

Foto: Wikimedia Commons

Als er iemand gesteund moet worden, dan zal er ook iemand moeten betalen. Nu schijnt dat laatste mee te vallen omdat er door de economische groei, meer te besteden is. Of, als het over belastingen gaat, minder opgehaald hoeft te worden. Laten we er eens wat dieper induiken: wie betaalt de veerman?

Als eerste de hogere inkomens, Die profiteren van het verlaagde hoge tarief en hoe hoger je inkomen, hoe groter het bedrag is wat je minder aan belastingen hoeft te betalen. Van de verhoging van het laagste btw-tarief merken zij wel wat. Dit tarief wordt onder andere berekend over voedingsmiddelen, water, genees en hulpmiddelen. Dus hun eten wordt duurder net als trouwens de energie, deze vanwege de geplande hogere belastingen. Alleen wonen zij vaak in de beste en energiezuinigste huizen  en hebben zij de mogelijkheid om hun huis energiezuinig te maken of te investeren in de opwekking van eigen energie.

Dan de middeninkomens. Die betalen in ieder geval meer voor eten en energie. Van een verlaging van het hoogste tarief zullen zij niet profiteren. Of en hoeveel zij profiteren van het verdwijnen van de huidige tweede schijf, hangt af van de hoogte van het tarief van de nieuwe eerste schijf en hun inkomen. In ieder geval hebben zij minder financiële mogelijkheden om hun huizen energiezuiniger te maken  of hun eigen energie op te wekken.

Zouden de laagste inkomens profiteren van een stelsel met maar twee schijven waarbij het tarief van de hoogste schijf wordt verlaagd? De laagste inkomens komen niet aan het hoogste tarief, dus van de verlaging van dat tarief merken zij niets. Van de verhoging van het laagste btw-tarief merken zij wel wat. Hun eten wordt duurder net als trouwens de energie, deze vanwege de geplande hogere belastingen. Bij deze groep geen voordelen alleen maar nadelen. Daarmee is duidelijk wie in ieder geval de veerman betaalt.

I have a dream, of toch niet?

Aan het begin van dit millennium waren de aandelen van de grote energiebedrijven nog in handen van gemeenten en provincies. Logisch omdat deze bedrijven via fusies van lokale energie bedrijven naar provinciale en vervolgens boven provinciale waren ontstaan. In het eerste decennium van deze eeuw werden twee energiebedrijven, NUON en Essent door de overheidsaandeelhouders verkocht aan respectievelijk Vattenfall en RWE. De verkopende overheden bulkten vervolgens van het geld. Naast het kleine Zeeuwse energiebedrijf Delta is Eneco nog steeds in handen van overheden. Dat laatste bedrijf dreigt nu ook te worden ‘geprivatiseerd’.

energie

Foto: Pixabay

Marc Chavannes van de Correspondent adviseert de 53 gemeentes om het bedrijf niet te verkopen:

“Beste raadsleden van Den Haag, Rotterdam en andere gemeentes, laat u niets wijsmaken door mensen met modieuze commerciële praatjes en beloftes over kopers die zij niet kennen en niet kunnen dwingen. Maak met Eneco nieuwe afspraken en ga samen aan de slag.”

Via hun aandelen kunnen de gemeentes het bedrijf immers in de goede duurzame richting duwen. Die macht verliezen ze bij een verkoop, en duurzame voorwaarden afdwingen bij verkoop is, volgens Chavannes een illusie: “Er zijn weinig bedrijfsovernames bekend waarbij de koper zich veel gelegen laat liggen aan bijzondere, niet-afdwingbare voorwaarden waar hij later geen zin in heeft.”  

Een helder betoog van Chavannes, niet veel op af te dingen en inderdaad worden bij een verkoop gemaakte afspraken heel makkelijk bij het permanente afval gegooid in plaats van duurzaam gekoesterd. Toch zou het vanuit een andere invalshoek wel eens heel interessant zijn om de aandelen voor goed geld te verkopen. Een kans die de verkopende overheden een decennium geleden hebben laten liggen. Welke invalshoek?

Zou de toekomst niet een kleinschalige, particuliere energie voorziening kunnen zijn? Zelfvoorzienend op energiegebied? Op de eigen daken en het eigen terrein gewonnen zonne-energie die vervolgens in eigen batterijen wordt opgeslagen om te worden gebruikt wanneer die energie nodig is?

Als dat de toekomst is, dan zou het heel interessant kunnen zijn om die aandelen nu te verkopen. Het geld kan dan worden gebruikt om de inwoners van hun gemeente te stimuleren om deze omslag te maken. Om zo het geld dat uit de zakken van de koper is geklopt, te gebruiken om het product dat de koper levert, overbodig te maken. Eigenlijk om hem dubbel te laten betalen. Zou dat een mogelijkheid kunnen zijn of droom ik?

Slavernij en rassenleer

Als historicus kijk ik uit naar de bijdragen die bij De Correspondent gepubliceerd gaan worden in het kader van de door dit medium uitgeroepen ‘Maand van de Verzwegen geschiedenis’. De Correspondent gaat: “onderzoekers en schrijvers die een groter podium verdienen,” dit podium bieden met als uitdaging om: “meer perspectieven op de geschiedenis,” in de schoolboeken te krijgen.

slavernij

Illustratie: Flickr

Niets mis mee, meerdere perspectieven. Zeker niet omdat geschiedenis meestal door de ‘overwinnaars’ en de ‘powers that be’ wordt geschreven en daarbij worden negatieve aspecten van die overwinnaars vaak ‘vergeten’. Onder het aankondigende artikel werd al flink gediscussieerd door lezers en de betreffende onderzoekers en schrijvers. Het thema slavernij kwam hierbij al vrij snel en veel aan bod. Een van de onderzoekers en schrijvers, Miguel Heilbron, nam met name deel aan de discussie omtrent het slavernij verleden en schreef het volgende: “Maar hierbij lijkt wel vergeten te worden dat de transatlantische slavernij door Europeanen een nieuw element introduceerde, namelijk een rassenleer over superieure witte mensen en inferieure zwarte mensen, en het dehumaniseren van zwarte mensen om slavernij te legitimeren. Ideologieën hieromheen zijn honderden jaren verder ontwikkeld en gereproduceerd en werken door tot op de dag van vandaag. Het lijkt me belangrijk de link te leggen met hedendaags racisme en te zien waar dit vandaan komt.” Een redenering die je tegenwoordig vaak hoort en door menigeen wordt verkondigd.

Toch knelt er iets aan deze redenering. De transatlantische slavenhandel kreeg vanaf begin zestiende eeuw de wind in de zeilen en ging door tot het moment dat de slavernij werd afgeschaft in 1867 en kende haar hoogtepunt in de achttiende en begin negentiende eeuw. Een handel waarbij Europese kooplui, waaronder Nederlanders, slaven kochten op de markt in Afrika, hen verscheepte naar de andere kant van de Atlantische oceaan en ze daar weer verkocht aan plantagehouders. Aan deze handel werd flink verdiend en dat was dan ook de drijfveer achter deze handel.

Volgens Heilbron werd dit ideologisch ondersteund door een rassenleer over superieure witte mensen en inferieure zwarte mensen’. Bekijken we echter het ontstaan van de rassenleer, dan zien we dat deze eind negentiende eeuw pas werd ontwikkeld door Duitse en Franse wetenschappers. Niet in verband met slavenhandel, de Duitsers namen daar niet aan deel. Nee, in verband met het opkomend nationalisme.

Hoe kan een leer die pas na de afschaffing van de slavernij ontstond, een nieuw element zijn in de transatlantische slavenhandel? Ik ben benieuwd naar Heilbrons ‘alternatief’ voor dit feit.

‘Alternatieve, krachtige’ liberalen

“Een voorstander van een zo groot mogelijke vrijheid op economisch en cultureel gebied, van een zo gering mogelijke overheidsbemoeienis,”

De betekenis die de Van Dale geeft aan het woord liberaal. Zo helder als deze definitie is de politieke betekenis van liberaal niet. Centraal in deze definitie staat het begrip vrijheid en zoals Isaiah Berlin in zijn boek Twee opvattingen over vrijheid liet zien kun je vrij zijn ‘van’ (negatieve vrijheid) en vrij zijn ‘om’ (positieve vrijheid).

liberaal

Illustratie: Liberale verkiezingsaffiche, 1958 | Campaign poster, Belgi… | Flickr

Vrij ‘van’ dwang en inmenging door anderen waaronder een overheid. Vrij ‘om’ dat te doen wat iemand wil. Iemand kan vrij zijn van dwang en inmenging maar toch niet vrij om dat te doen wat hij of zij wil. Zo kan het hem of haar aan de middelen (geld, voedsel) ontbreken om dat te doen wat hij wil. Dat zijn zoals Berlin schrijft: “twee sterk afwijkende, onverenigbare houdingen ten opzichte van de doeleinden van het leven.” 

Vanwaar deze uitwijding over het liberalisme en vooral vrijheid? Omdat het verkiezingsprogramma van Leefbaar Rotterdam (LR) samen met het Forum voor Democratie (FvD) komende gemeenteraadsverkiezingen de slogan: “het krachtvoer voor echte liberalen,” draagt, zo is bij de NOS te lezen.

Wie zijn die ‘echte’ liberalen’ die de beide partijen van krachtvoer willen voorzien? En hoe ziet dat krachtvoer eruit? Daarvoor zou het programma moeten worden bestudeerd. Het jammere is dat dit nog niet te vinden is op het Net. Wel al enige eerste punten. Zo zijn straten ‘voor veel mensen onherkenbaar. Er zit geen groenteboer meer maar wel een Marokkaanse slager. Om daar wat aan te doen moet er een vestigingswet komen. Een wat? Een wet die het mogelijk moet maken om die Marokkaanse slager te weren, zo valt te lezen bij De Dagelijkse Standaard.

Krachtig ‘voer’ maar wat is er liberaal aan? Hoe bevordert dit idee de vrijheid op economisch en cultureel gebied? Wordt de Marokkaanse slager zo niet belemmerd in zijn economische mogelijkheden? Worden de Marokkaanse slager en zijn klanten niet belemmerd in hun culturele vrijheid? Verkleint het niet de vrijheid ‘van’ dwang en inmenging, de negatieve vrijheid? Om over de positieve vrijheid, de vrijheid ‘om’ maar te zwijgen.

Er zijn politici die er ‘Alternatieve feiten’ op na houden. Zouden LR en het FvD er een nog onbekende ‘alternatieve’ versie van het liberalisme op na houden? Een versie die de vrijheid vergroot door ze te verkleinen?

Data or Utopia

Wanneer we echt willen verbinden, wanneer we écht samen met kiezers oplossingen willen realiseren voor de problemen waar ze mee zitten, dan moeten we werken aan een progressief alternatief voor de ‘big data boeven’ van deze wereld. Dan moeten we juist digitale bruggen bouwen. Een brug van de politiek naar de samenleving, en van de samenleving naar de politiek. Zo willen wij data inzetten om mensen weer te verbinden. Het is tijd voor ‘data for good’.”

Dit schrijven de duo-kandidaten voor het PvdA voorzitterschap Astrid Oosenbrug en Frans van der Sluijs bij Joop en zij constateren dat nu met name rechtspopulisten data gebruiken om kiezers te trekken. ‘Data for good’ moet hieraan tegenwicht bieden volgens de schrijvers.

Utopia Thomas More

Foto: Wikimedia Commons

Data, de panace van alles zo lijkt het. Bedrijven die data verzamelen om precies op maat in je behoeften te voorzien, of eigenlijk te voorzien in behoeften waarvan je niet wist dat je ze had. Het meest recente voorbeeld hiervan is de PSD2 richtlijn van de Europese Unie. Die richtlijn verplicht banken om bankgegevens te delen met bedrijven. Gegevens bij wie je op welk moment wat koopt. De belangrijkste vraag, van wie deze gegevens zijn van de bank of van de klant van de bank, wordt niet gesteld. “Brussel wil allerlei start-ups de kans geven zelf slimme diensten voor consumenten te ontwerpen. Hoe meer partijen er innoveren, hoe sneller de financiële technologie (fintech) vooruitgaat en dat zal leiden tot meer betaalgemak voor consumenten en tot lagere prijzen, is de gedachte.” Zo valt te lezen in de Volkskrant. Via de bedrijven komen deze gegevens uiteindelijk ook bij de politieke partijen die, aldus Oosenbrug cs, gebruiken voor micro-politiek: “een op maat gemaakte boodschap in elkaar (…) zetten. Eentje die inspeelt op jouw zorgen, op jouw angsten en op wat jij belangrijk vindt.” Oosenbrug cs. willen hier goede micro-politiek tegenover stellen, micro-politiek die ‘verbindt’.

Zou dat lukken, verbindende micro-politiek? Moet je, juist als je mensen wilt verbinden, niet het micro niveau verlaten? Een supporter van Ajax en Feyenoord krijg je op clubniveau niet met elkaar verbonden. Dat lukt wellicht wel op een hoger niveau: de liefde voor het voetbal. Zou het met politiek en verbinden niet precies zo zijn? Zouden Oosenbrug cs niet op zoek moeten naar dat hogere niveau?

In haar meest recente boek No is not enough komt Naomi Klein tot een soortgelijke conclusie. Voor werkelijke verbinding en tegenwicht tegen de ‘Trumps’ van deze wereld, is nee zeggen niet voldoende, er moet een positief ideaal tegenover staan. Een ideaal dat mensen bindt en verbindt. Zij haalt hierbij Oscar Wilde aan die dit op de volgende manier treffend onder woorden bracht:

“A map of a world that does not include Utopia is not worth even glancing at, for it leaves out the one country at which Humanity is always landing. And when Humanity lands there, it looks out, and, seeing a better country, sets sail.”

Discriminatie! Of niet?

“Dat je dus serieus tegen de grondwet in gaat om een bestaande ongelijkheid op te lossen, wat voor signaal geef je hiermee af?”

Die vraagt stelt Annabel Nanning bij TPO. Zij stelt die vraag omdat het Amsterdamse college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad alleen werkloze jongeren van allochtone afkomst mee op werkbezoek neemt. De Amsterdamse bestuurders doen dit omdat: “Het percentage werkloze Nederlandse jongeren in de stad (…)  rond de 5 procent.(ligt). Bij de Turkse jongeren is 16 procent werkloos, Marokkaanse jongeren spannen de kroon met 21 procent.”  De werkbezoeken met de stadsbestuurders zijn bedoeld om hier wat aan te doen.

Monikken

Foto: Pixabay

Nanninga: “Discriminatie betekent zo veel als ‘onderscheid maken’. Dat mag de overheid dus niet doen, op basis van afkomst. Doen ze toch, in open inrichting Amsterdam.” Ze heeft gelijk, discriminatie op basis van afkomst is verboden, de overheid dient iedereen in gelijke gevallen gelijk te behandelen: gelijke monniken, gelijke kappen. Foei Amsterdam alle werkloze jongeren moeten mee op werkbezoek, ze zijn immers allemaal werkloos! Nu is het onmogelijk om alle werkloze jongeren met een bestuurder mee op werkbezoek te laten gaan. Ik kan me niet voorstellen dat de bezochte zit te wachten op busladingen jongeren die de wethouder begeleiden bij diens bezoek. Er moet dus onvermijdelijk geselecteerd worden wie er mee mag en op basis waarvan kies je wie er mee mag? Op welke manier je ook selecteert, er ontstaan altijd twee groepen, zij die mee mogen en zij die niet mee mogen, er wordt ‘onderscheid gemaakt’ en dus gediscrimineerd.

Belangrijker is of al die werkloze jonge Amsterdamse ‘monniken” wel gelijke kappen hebben. Is die werkloze Turkse of Marokkaanse gelijk aan de ‘autochtone’ jongere? Als deze ‘monniken’ gelijk zouden zijn, zou er dan verschil zijn in het werkloosheidspercentage? Toont het veel hogere werkloosheidspercentage niet juist aan dat deze monniken verschillende kappen hebben en dat er daarmee geen sprake is van discriminatie?

Nanninga lijkt dit ook te voelen als ze schrijft: “Wacht even hoor. Dus het College gaat er van uit dat de ‘niet-westerse achtergrond’ van de jongeren de oorzaak is van de ‘structurele achterstand op de arbeidsmarkt.’ Is dat zo? Nogal een veronderstelling. De Amsterdamse allochtone jeugd is inmiddels veelal derde of vierde generatie qua niet-westerse achtergrond. Dit werkt nog steeds door? Misschien is er dan toch wat mis met die ‘achtergrond’ en het vasthouden daaraan, maar iets zegt mij dat zulks onbespreekbaar is in de Amsterdamse raad.” Als er ‘wat mis is met die achtergrond’ zou is er dan nog steeds sprake van discriminatie bij een andere behandeling? Zou het niet ook kunnen dat er wat mis is met de ‘autochtone achtergrond’ en zou dat niet ook een reden kunnen zijn om mensen anders te behandelen?