Delen met wie?

“De deeleconomie heeft zijn onschuld verloren,” de kop boven een artikel van Elisa Hermanides in Trouw. Aanleiding voor het artikel is de actie van de gemeente Amsterdam om ‘deelfietsen’ die in de stad rondslingeren te verwijderen en naar het gemeentelijk depot te brengen. De ‘zwerfdeelfietsen’ zijn volgens Hermanides het zoveelste voorbeeld van wantoestanden in  de ‘deeleconomie’. Eerder hadden we immers al de uitgebuite Uberchauffeur en de overlast veroorzakende Airbnb-ers.

LeenfietsFoto: Flickr

‘Eerlijk zullen we alles delen’ aldus een regel uit een Sinterklaasliedje dat duidelijk maakt waar het bij delen om gaat. Bij delen gaat het erom dat een kind haar chocoladereep deelt met een ander kind. Of een goede vriendin die tijdens het laatste Zomerparkfeest met een bakje frieteieren aankwam, die we vervolgens gezamenlijk hebben opgegeten. Voor de niet ‘Venlonaeren’ onder ons, een friet-ei is dé culinaire innovatie en traktatie uit Venlo. Aan dat gevoel appelleert het begrip ‘deeleconomie’.

Is er in de deeleconomie wel sprake van delen? Gedeeld wordt er als iets “zo (wordt gesplitst) dat ieder zijn deel krijgt,” aldus de Vandale. Het is lastig om een fiets op een dergelijke manier te delen. Dan zou je hem in stukken moeten zagen en heeft iedereen een stukje oud ijzer. Wel kun je een fiets door iemand anders laten gebruiken, dan laat je hem delen in het genot dat jij hebt van je fiets.

Met de fietsen die Amsterdam weghaalt en in het depot plaatst, ligt dat echter anders. De eigenaar van die fiets, fietst er nooit op. Hij laat jou niet delen in het genot van zijn fiets. Hij laat jou betalen voor het huren van een van zijn fietsen. Het is te vergelijken met de auto die ik tijdens onze vakantie op Lesbos huurde. Of de parketschuurmachine die ik huurde toen de plankenvloer opnieuw gelakt moest worden. Het friet-ei van die vriendin gaf mij een veel ander, beter gevoel dan die auto of parketschuurmachine.

Is die deelfiets niet gewoon een huurfiets? Zouden we delen niet moeten bewaren voor zaken waar geen geld mee is gemoeid? Dus ‘deeleconomie’ reserveren voor een economie zonder geld of tegenprestatie?

Marktwerking in de zorg

Vakantie betekent voor mij nog meer lezen dan normaal. Gisteren een eergisteren besteedde ik aandacht aan Sandel en zijn boek Politiek en moraal. Filosofie voor het publieke debat, dat in mijn koffer zat. Vandaag moest ik denken aan een ander boek van Sandel, Niet alles is te koop. De morele grenzen van marktwerking dat ook in mijn koffer zat. Ik  moest aan dit boek denken toen ik over de problemen bij zorginstelling Careyn las. Bij het AD las ik dat de kamer bezorgd was over de situatie bij deze organisatie en dat de SP en PVV hierover vragen hebben gesteld aan staatssecretaris Van Rijn.

marktwerking

Illustratie: Flickr

“Waarom zouden we er een probleem van maken dat we op weg zijn naar een maatschappij waarin alles te koop is?, vraagt Sandel zich in de inleiding af. Direct erachteraan: “ Om twee redenen: de eerste heeft te maken met ongelijkheid en de tweede met corruptie. (…) In een maatschappij waarin alles te koop is, hebben mensen met weinig middelen het moeilijk. Hoe meer er voor geld te koop is, hoe belangrijker geld (of een gebrek daaraan) wordt.”

Wat dit met het geval Careyn te maken heeft? Is Careyn niet gewoon een voorbeeld van een bedrijf dat slecht draait omdat het te groot is geworden? PVV-kamerlid Fleur Agema denkt dat ook: “Dit is vooral heel verdrietig voor de bewoners en medewerkers die er alles aan doen om de dag door te komen. De bedrijfsvoering is verziekt. Groter is niet beter. Careyn moet worden opgeknipt in kleine locaties en opnieuw beginnen.’’ Slechte bedrijfsvoering kan best een reden zijn.

Laten we eens inzoomen op die bewoners en medewerkers waarvoor het verdrietig is. Sandel: “Maar aangezien er voor geld steeds meer te koop is – politieke invloed, goede medische zorg, verblijf in een veilig buurland in plaats van in een door misdaad geteisterde natie, toelating tot elitescholen in plaats van slecht presterende scholen – legt ook de verdeling van inkomen en rijkdom steeds meer gewicht in de schaal. (…) Dit verklaart waarom vooral gezinnen uit de lagere en de middenklasse het de laatste decennia zo moeilijk hebben gehad. De kloof tussen arm en rijk is dieper geworden en de commercialisering van het maatschappelijke leven heeft de pijn daarvan nog eens verscherpt.” 

Is de zorg niet een voorbeeld van die commercialisering van het maatschappelijke leven? Zouden de bewoners en het personeel aan de rijke kant van de kloof staan? Zou die rijke kant van de kloof ook de dupe worden van een eventuele ondergang van Careyn?

Vrije markt, of toch niet?

Volgens Alexander Sassen van Elsloo staan we aan de vooravond van een ‘enorme ramp’, zo valt te lezen bij Opiniez. Een economische ramp waarbij de crisis van 2008 in het niet zal vallen. De oorzaak van die ramp: “een elite (die) zich met van alles en nog wat bemoeit, zo ook met de economie.” Dat zou die elite (de overheid) niet moeten doen, want: “Als mensen met rust worden gelaten (staat is er voor bescherming van lijf en eigendom), dan is er een vrije markt waaruit juiste prijzen voortkomen. Deze prijzen geven weer impulsen om meer of minder te consumeren, dan wel meer of minder te investeren. Over- of onderproductie komt nauwelijks voor (wordt gelijk afgestraft) en alleen de meest solide projecten krijgen daarvoor financiering.”

Hayek

Omdat de overheid zich wel met de economie bemoeit, loopt alles in het honderd. De reden, omdat: “de overheid handelt (…) met onvolledige dan wel onjuiste informatie.”  De markt kent dit falen niet, die heeft alle informatie in zich vervat. De Oostenrijker Friedrich Hayek , de belangrijkste grondlegger van het neoliberale denken, zou het niet beter kunnen verwoorden. En, overheidsbemoeienis leidt tot slavernij, zo betoogt Hayek in zijn boek Road to Serfdom. De ‘schuldensamenleving’ die ook Sassen van Elsloo constateert, zou je kunnen zien als die moderne vorm van slavernij. Sassen van Elsloo heeft een punt.

Of toch niet. Kwam de grote ‘verschulding’ niet juist op gang toen de overheid de regels voor het bankwezen versoepelde? Toen de overheid bankiers en verzekeraars de ruimte gaf om ‘innovatieve’ maar vooral ondoorzichtige producten op de markt te brengen. Producten zoals beleggen met geleend geld en ‘collaterized mortgage obligations’. De ruimte om tophypotheken te verstrekken aan mensen zonder een inkomen om de erbij horende lasten te kunnen betalen. De ruimte om grote sommen geld zonder enige belemmering te verschuiven van de ene naar de andere kant van de wereld. Toen de overheid dat deed waar Sassen van Elsloo voor pleit: geen overheidsbemoeienis?

De overheid moet zich niet met de economie bemoeien, alles moet vrij zijn. Nou ja alles? Wijkt hij in een tweede artikel niet van af: “Dat arbeid maar vrij moeten kunnen bewegen en dat het pensioenstelsel demografisch ondersteund moet worden, kan dan economisch in eerste instantie kloppen, de secondaire effecten zullen desastreus zijn voor maatschappij en dus ook voor de economie.”  Als vrije migratie schadelijk is, zouden er dan niet meer schadelijke effecten kunnen zitten aan een vrije markt? Zou de overheid dan niet ook op andere punten moeten ingrijpen? Zou ook te weinig overheidsbemoeienis tot een economische crisis kunnen leiden?

Om de parallel van Hayek met slavernij door te trekken. Hoe zijn de slavernij of de kinderarbeid aan hun einde gekomen? Was het een gevolg van ‘marktwerking’ dat de slaven hun vrijheid verkregen? Of was het de overheid die het verbood?

Verkeerde vijand

Op Joop een artikel van Anousha Nzume waarin zij het ‘witte culturele superioriteitsgevoel’ aan de kaak stelt. Overdreven gezegd komt het erop neer dat alle ellende in de wereld een gevolg is van de ‘witte mensen’. In haar artikel waarin het denken over  ‘witte onschuld’ en ‘witte superioriteit’ waarover ik al eerder schreef op de achtergrond een belangrijke rol speelt, viel mij één passage op. Nzume: “Ik zie het in de ogen van journalisten tijdens interviews over mijn boek. “Hoe durf je de vrijspraak van OJ Simpson te omschrijven als een overwinning op het systeem?” Omdat het waar is. Een zwarte man wint terecht of onterecht van een corrupt en racistisch systeem omdat hij rijk genoeg en populair genoeg is. Naar goed westers gebruik.”

SimpsonIllustratie: Daily Mail

OJ Simpson ‘versloeg een corrupt en racistisch systeem en werd vrijgesproken terwijl alles erop wees dat hij schuldig was aan de moord op zijn ex-vrouw Nicole Brown en haar vriend. In een latere civiele procedure werd Simpson wel verantwoordelijk gehouden voor die moorden. Nzume is blij dat iemand niet wordt veroordeeld voor moorden die hij heeft gepleegd. Zij is blij omdat de ‘zwarte’ Simpson zoveel geld had, dat hij zijn ‘onschuld’ kon kopen en zo als ‘zwarte’ het ‘corrupte, racistische, witte systeem’ versloeg.

Toont de casus Simpson aan dat het systeem racistisch is? Dat: “Wij allen (…) nog steeds (praten) in dezelfde witte ruimtes waar diezelfde culturele aannames en codes leidend zijn,” dat:  Racisme (…) een tool (was) in de koloniale tijd en het (…) nog steeds een tool (is) in het huidige kapitalistische neoliberale systeem,” of dat: “witte westerse dominantie,” in stand wordt gehouden zoals Nzume schrijft?

Laat de de casus niet juist zien dat in het ‘kapitalistische neoliberale systeem’ vrouwe Justitia kleurenblind’ is? ‘Kleurenblind’ maar wel ‘te koop’ met geld en macht? Want won met OJ Simpson niet het geld en de macht? Is dergelijk machtsmisbruik niet iets van alle tijden, alle culturen en alle ‘kleuren’?  Hoe beoordeelt Nzume het Zuid-Afrika van Zuma, het Zimbabwe van Mugabe, het Egypte van Al Sisi, het Rusland van Poetin, het Turkije van Erdogan, het Saoedi-Arabië van Salman en zo zijn er veel meer te noemen? Hoe beoordeeld zij de manier waarop multinationals invloed kopen in Den Haag, Brussel, Washington, Lagos of Johannesburg? De manier waarop China invloed koopt in Afrika, maar ook in Europa, denk bijvoorbeeld aan de haven van Piraeus?

Allemaal praktijken waar mensen van alle kleuren de dupe van zijn. Mensen die het aan geld en macht ontbreekt om tegenwicht te bieden. Is het niet jammer dat Nzumes strijd juist verdeeldheid zaait tussen mensen die alleen tegenwicht kunnen bieden als ze eensgezind optrekken? Bestrijdt Nzume niet de verkeerde vijand?

Naar de bron

“Occupy heeft inderdaad niet de neoliberale wereldorde omver geworpen, maar Bernie Sanders, Syriza, Jeremy Corbyn en Podemos zijn ondenkbaar zonder het voorwerk van Occupy.” Dit schrijft Hassan Bahara in de Volkskrant bij zijn bespreking van het boekje Ik kom in opstand van Eva Rovers. Volgens Bahara, ik heb het boekje nog niet gelezen,  handelt het boek over de kracht, of eigenlijk de zwakte, van opstanden via sociale media. Bij deze ‘digitale opstanden’ ontbreekt de onderlinge verbondenheid die, volgens Rovers, nodig is voor succesvolle sociale veranderingen. Rovers onderbouwt haar betoog met het Occupy voorbeeld, de Egyptische opstand tegen Mubarak en Black Lives Matter. Bij Occupy en Black Lives Matter vindt Bahara de voorbeelden van Rovers niet overtuigend.

bronFoto: Woon & Leven

Of de voorbeelden het betoog van Rovers versterken, kan ik niet beoordelen, ik heb haar boek niet gelezen. Dat weerhoudt mij niet om kanttekenen bij de redeneringen van Bahara te plaatsen. Zou Syriza in Griekenland er werkelijk niet zijn geweest zonder Occupy? Dat zou betekenen dat Syriza haar visie op de wereld aan Occupy te danken heeft, dat Sanders, Corbyn en Podemos putten uit het gedachtegoed van Occupy. Dat zou betekenen dat het denken ingrijpend is gewijzigd door Occupy en dat Occupy een nieuwe visie op de wereld heeft geformuleerd.

Een vreemde gedacht omdat diverse auteurs de ‘Occupy’ boodschap al vóór 2011 brachten. Neem John Cassidy en Wat als de markt faalt” uit 2009, Benjamin Barber en zijn Cunsumed uit 2007, Naomi Klein in No Logo uit 1999 en Hans Achterhuis en zijn Het rijk van de schaarste uit 1988 om er slechts een paar te noemen. Een oude boodschap trouwens, in de negentiende eeuw bracht Karl Marx deze al. Trouwens niet alleen ‘schrijvers’, ook demonstranten zoals de Indignados in Spanje vlak voor het eerste Occupy tentenkamp op Wallstreet of bij de diverse bijeenkomsten van de Wereld Handelsorganisatie zoals in 1999.

Zou het kunnen dat Occupy niet de bron is maar dat het uit dezelfde bron put als Corbyn, Sanders, Syriza en Podemos?

Schuldeneconomie in schuldsanering

Mensen en gezinnen in nood omdat zij in de schulden zitten, je kunt er een tv-serie over maken en je kunt er kranten over vol schrijven. Dat laatste doet bijvoorbeeld Hanne Obbink in Trouw. Obbink beschrijft het relaas van Karin Welgraven. Een triest relaas dat laat zien hoe makkelijk het is om in de schulden te komen en hoe lastig het vervolgens is om eruit te komen. Instanties die elkaar tegenwerken, hoe de schulden worden opgedreven met kosten van aanmaningen, in beslagnames enzovoorts die de schuldeisers moeten maken. Gemeenten die verantwoordelijk zijn voor de hulp bij schuldsanering en tegelijk ook schuldeiser zijn.

schuldenIllustratie: FietsUniek

Vorige maand adviseerde  bestuurskundige Roel in ’t Veld in opdracht van het kabinet de Tweede Kamer over verbeteringen in de aanpak van de schuldenproblematiek.  “Het aantal voorschriften is enorm terwijl het hier gaat om een categorie mensen die niet is uitgerust om met bureaucratie om te gaan. Er is geen andere groep in Nederland die aan zoveel regels moet voldoen,” aldus In ’t Veld. Zijn conclusie en dus de aandachtspunten: door het teveel aan regels schiet de hulpverlening zijn doel voorbij en het systeem van toeslagen: “als mensen hun inkomen te laag inschatten, en dus meer toeslag krijgen dan waar ze achteraf bezien recht op hadden, moeten zij vaak grote bedragen terugbetalen, terwijl dat geld al is uitgegeven.”  Natuurlijk volgt ook het advies aan overheidsdiensten om beter samen te werken zodat hulpverleners sneller kunnen optreden.

Een gedegen advies waar een nieuwe regering mee aan de slag kan en waarmee overheidsdiensten hun voordeel kunnen doen. Minister Klijnsma zegt er ook al veel aan te hebben gedaan, zo is er extra geld om de kwaliteit van de hulpverlening te verbeteren, alleen werkt het tij tegen. Door de crisis zijn veel mensen in de schulden geraakt en is de problematiek complexer geworden.

Toch zit er iets niet helemaal lekker. Er ontbreekt iets. Als je die mobiel niet ineens kunt betalen, dan koop je hem toch op afbetaling, 14% kredietvergoeding bij de Wehkamp. Een toestel van € 250  af te betalen in 39 maanden kost je dan uiteindelijk meer dan € 300. Wie doet er trouwens nog meer dan drie jaar met een toestel? Om te kunnen studeren, moeten vele jongeren zich in de schulden steken en hopen dat ze dat later terug kunnen betalen. Kopen op afbetaling, consumptief krediet, credit card, allemaal zeer makkelijk te verkrijgen. ‘Geld lenen kost geld’, een kreet die geldverstrekkers verplicht aan iedere reclameboodschap moeten plakken. Zou het geld lenen niet aan banden moeten worden gelegd? Zouden we die schulden gedreven economie niet moeten aanpassen?

Moet de schulden gedreven economie niet in de schuldsanering?

Punk en het neoliberalisme

“Right now ha, ha, ha, ha, ha. I am an anti-Christ. I am an anarchist. Don’t know what I want, but I know how to get it. I want to destroy the passerby.”  De eerste zinnen van de song Anarchy in the UK van de Sex Pistols, de legendarische Engelse punkband van de jaren zeventig. Punk, die losgeslagen extreem linkse anarchisten die niets moesten hebben van de kapitalistische samenleving. Punkmuziek, je hoefde geen instrument te kunnen bespelen om in een band te spelen, kon je dat wel dan was het meegenomen en leverde het verrassende muziek op, zoals bij The Clash.

In de tijd dat de Sex Pistols dit zongen, veranderde het kapitalisme waartegen de punks zich afzetten. Het veranderde omdat het neoliberalisme dominant werd. Het economische denken dat de vrije markt heilig verklaart en de rol van de overheid zo klein mogelijk wil hebben. Het denken dat ervoor zorgde dat de kapitaalmarkten en de handel werden geliberaliseerd en dat belastingen flink werden verlaagd. Dit alles met als resultaat dat de winsten van bedrijven, en daarmee het dividend voor hun eigenaren, de lucht in schoten. Dit ten koste van de zekerheid en lonen van de arbeiders en met vele nadelige gevolgen voor het milieu. Het denken dat de mens als kapitaal en productiemiddel aan de ene kant en als willoze consument aan de andere kant. Zou je het neoliberalisme als de punk van het economisch denken kunnen zien? Als de anarchist die lak heeft aan de mensheid?

dead-kennedysIllustratie: www.youtube.com

Het resultaat van dit neoliberale beleid werd al in 1981 toegelicht door de Californische punkband Dead Kennedys in hun song We’ve got a bigger problem now met de woorden: “You’ll go quitely to boot camp. They’ll shoot you dead, make you a man. Don’t you worry, it’s for a cause Feeding global corporations’ claws.”  En zijn nu in 2016. Zijn de ‘claws’ van de ‘Global corporations’ niet weldoorvoed en net als iedere extreme eter, willen ze steeds meer en in steeds grotere porties? De slachtoffers van het neoliberale beleid roeren zich. Ze stemmen voor een Brexit. Maken Trump president van de Verenigde Staten en hopen dat hij, dit boegbeeld van neoliberaal beleid, hun lot verandert. Zou hij als president doen, wat hij als ondernemer naliet?

Zou dat gebeuren in een wereld die wordt gedomineerd door die ‘global corporations’? Of moeten we luisteren naar Kill the Poor van weer de Dead Kennedys: “The sun beams down on a brand new day. No more welfare tax to pay. Unsightly slums gone up in flashing light. Jobless millions whisked away. At last we have more room to play. All systems go to kill the poor tonight”? Beloven de woorden die Trump sprak over Latino’s en de moslims niet weinig goeds? Zouden zij het eerste het door de Dead Kennedys bezongen lot van de ‘poor’ ondergaan?

Nieuwe voorspellende punk zal er helaas niet meer komen. “Punk’s not dead, It just deserves to die When it becomes another stale cartoon,” zoals de Kennedys in Chickenshit Conformist zongen toen ze zagen dat ook in de punkscene ‘a hairstyle’  de plaats innam van een ‘lifestyle’. Met als zichtbare uitwassen de t-shirts van de godfathers van de punk, de Ramones bij de Primark in het rek.