Vluchtelingen en vrijheid

In de Volkskrant een bijdrage van schrijver Arthur Umbgrove. Umbgrove heeft zich voor het schrijven van een roman verdiept in de vluchtelingenproblematiek. Volgens Umbgrove is het de vraag: “wat we belangrijker vinden: het lijden van homo’s en vrouwen, of het lijden van vluchtelingen. Dat is een afschuwelijk dilemma, maar het kan niet worden ontkend. Er is, vrees ik, geen beschaafde oplossing voor een barbaars probleem.”

sunset-3122491_960_720Illustratie: pixabay.com

Dat barbaarse probleem is dat het opnemen van vluchtelingen uit het Midden-Oosten en Noord-Afrika leidt tot: “vrouwen die voor de voeten worden gespuugd en uitgescholden als ze een kort rokje dragen; homo’s die niet meer hand in hand over straat durven.” Want: “Het is een utopie om te denken dat vluchtelingen deze denkbeelden bij de grens achterlaten.” Dit heeft dus: “onherroepelijk gevolgen voor de vrijheid van vrouwen en homo’s in Nederland.” Het alternatief, opvang in de regio maakt dat de vluchtelingen: “onder erbarmelijke omstandigheden verdwijnen in kampen in Libië, Libanon, Jordanië en Turkije.” Als je het zo schetst dan is een beschaafde oplossing inderdaad niet mogelijk. Maar, is die schets wel correct?

Vluchtelingen die onder erbarmelijke omstandigheden voor ons in de vergetelheid verdwijnen, dat is inderdaad een gevolg van ‘opvang in de regio’. Dat mensen hun opvatting achterlaten bij het oversteken van een grens, daar heeft Umbgrove een punt. Tenminste, op de korte termijn. Op de langere termijn kan het best dat die andere omgeving leidt tot andere opvattingen. Als een andere omgeving opvattingen van mensen kan doen veranderen, zouden dan ook opvattingen over vrouwen of homo’s kunnen veranderen?

Mochten die opvattingen niet veranderen, dan toch tenminste de manier waarop ze worden geuit. Over dat uiten en vooral de manier waarop dat gebeurd, gesproken, daar hebben we in Nederland wetten en regels voor. Wetten en regels die voor iedereen in dit land gelden, ook voor vluchtelingen. Als iemand zich niet aan die regels houdt moet er een waarschuwing of straf volgen. Als iemand een vrouw voor de voeten spuugt omdat zij een rokje draagt, dan moet zij, en iedereen die het ziet, de ‘spuger’ aanspreken op dit verkeerde gedrag, op zijn slechte manieren. Vrijheid verdwijnt alleen als we haar niet verdedigen.

Zijn het wel (alleen) vluchtelingen die vrouwen beschimpen en homo’s angst aanjagen?

Hellend vlak?

Onopgeloste misdrijven houden de gemoederen bezig. Peter R. de Vries vulde er televisieprogramma’s mee waarin hij poogde om een vastgelopen zaak vlot te trekken. Een nooit opgeloste moordzaak is moeilijk, en voor de nabestaanden vaak niet te verteren. Sinds een paar jaar is er een ultieme manier om zo’n zaak toch vlot te trekken en wellicht op te lossen: het dna-verwantschapsonderzoek. En wat voor een middel: “Volgens onderzoekers van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) kunnen door het dna-verwantschapsonderzoek in deze zaak langs de mannelijke familielijn ‘1 op de 8 Nederlandse mannen in beeld komen’, circa een miljoen mannen.”  Zo zegt een onderzoeker van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) in de Volkskrant naar aanleiding van het grootste dna-verwantschapsonderzoek tot nu toe waarbij 21.500 mannen worden uitgenodigd. Mooi als een misdaad zo kan worden opgelost.

hellend vlakFoto: pixabay.com

Waar komt dan mijn unheimisch gevoel vandaan? Voor een deel misschien uit beweringen zoals: “Mannen die niet komen opdagen zijn niet per se verdacht. Maar de politie zal die groep wel onderzoeken. Eerst wordt gekeken of iemand anders in de familielijn dna heeft afgestaan. Als dat niet het geval is, dan gaan we zo iemand wel benaderen?” Niet verdacht maar wel nader onderzocht doordat we de ‘familielijn’ extra gaan bestuderen en niet verdacht, maar wel benaderen? Waarom al die extra moeite als iemand niet verdacht is?

Zouden opmerkingen zoals: “Ook jongens van 18- en 19 jaar zijn opgeroepen, hoewel die in 1998 nog niet eens waren geboren. Maar hun dna kan wel een match maken, waardoor de politie in de familielijn verder kan speuren,” dit gevoel voeden? Onderzoek doen naar op voorhand onschuldigen?

Zou dit gevoel gevoed worden door het feit dat zeer veel mensen onderdeel worden van een crimineel onderzoek zonder dat er sprake is van een verdenking? Een verdenking die normaal toch aan de basis staat van onderzoek naar iemand? Mensen inzetten als middel om een doel te bereiken? Dna-verwantschapsonderzoek kan wellicht misdrijven oplossen en een einde maken aan de onzekerheid van de nabestaanden. En zoals velen zullen tegenwerpen: wat heb je te vrezen als je niets te verbergen hebt?

Maar toch een unheimisch gevoel. Begeven we ons niet op een hellend vlak?

Moreel ver plassen

De campagne voor de komende gemeenteraadsverkiezingen is nogal surrealistisch. De kranten staan vol met uitspraken van politici die verkiesbaar zijn en dan ook nog partijen waar het grootste deel van Nederland niet op kan stemmen. Baudet, Wilders, Buma en Pechtold zijn niet verkiesbaar. Het Forum voor Democratie, NIDA, de PVV, Denk en Bij1 doen slecht in een handvol en soms maar één gemeente mee. In de Volkskrant reageert Martin Sommer op een ‘klacht’ van politicoloog Tom van der Meer dat er te weinig over waarden wordt gediscussieerd: “Me dunkt, in Amsterdam en Rotterdam gaat het alleen maar over waarden. Racisten buiten de deur houden, is er iets hogers? Dat begon al bij het debat van de landelijke lijsttrekkers in De Balie. Het was een potje moreel verplassen tussen Pechtold, Klaver en Asscher.”

manneken-pis-1535118_960_720

Foto: pixabay.com

Nu is Nederland veel groter dan Amsterdam en Rotterdam en de rest van Nederland komt er nogal bekaaid vanaf. Als inwoner van welke plaats dan ook hoef je niet echt moeite te doen om niets te merken van de komende gemeenteraadsverkiezingen.

Terug naar Sommer. Inderdaad als het over racisme gaat, dan gaat het over waarden. Racisme raakt aan waarden als vrijheid, rechtvaardigheid, gelijkwaardigheid en broederschap. Een debat over racisme biedt een goede mogelijkheid om te bekijken hoe partijen en politici deze waarden interpreteren en invullen. Hoe breed of smal zien zij vrijheid? Hoe vullen zij rechtvaardigheid in? Daar kun je een aardige boom over opzetten. Hoe wordt gelijkwaardigheid ingevuld en wat betekent dat voor het samen leven, voor broederschap?

Gaat de discussie, het debat, daar ook over? Als deze waarden conflicteren, welke waarde weegt voor een politicus het zwaarste? Voor een VVD-er zal vrijheid belangrijk zijn. Een GroenLinkser zal daarin bijvallen, alleen hebben ze het over hetzelfde als ze het over vrijheid hebben? Vrijheid kun je immers, in navolging van de filosoof Berlin, positief en negatief uitleggen. Gaat de discussie hierover of blijft het debat hangen in het elkaar beschuldigen en het jij-bakken?

Als je het zo bekijkt, heeft Van der Meer dan niet ook een punt en wordt er niet over waarden gesproken?

Christelijk Europa?

Volgens enkele politici in ons land, ik zal geen namen noemen maar een ervan heeft ‘waterstof geperoxideerd’ haar, moet Europa worden gered door de Hongaarse president Orbán. In Elsevier lees ik dat, volgens Orbán: “Onze ergste nachtmerries kunnen waarheid worden. Het Westen kan vallen als het niet ziet dat Europa onder de voet wordt gelopen.”  Vooral met West Europa gaat het de verkeerde kant uit: “In tegenstelling tot Oost-Europa is het ‘een immigrantenzone, met een gemengde bevolking dat een andere richting in slaat dan de onze.” Het gevaar komt van: “politici uit Brussel, Parijs en Berlijn,” die zijn verantwoordelijk voor het: “verdwijnen van de christelijke cultuur en de islamitische expansie”. De oplossing? “Het christendom is onze laatste hoop,” aldus Orbán.

mural-539817_960_720

Foto: pixabay.com

Als het christendom Orbáns laatste hoop is, wil ik dan in het Europa van Orbán wonen? Sterker nog, ik wil nergens wonen waar de hoop is gevestigd op een religie? Zijn dat niet bijna altijd behoorlijk intolerante landen? Ondanks de ’vrede’ en medemenselijkheid’ die iedere religie zegt te prediken, mondt het toch heel vaak uit in wrede onmenselijkheid. De Europese geschiedenis is behangen met godsdienstoorlogen en wreedheden tussen diverse ‘christelijke sekten. De laatste ervan (Noord-Ierland) is pas een kleine twintig jaar geleden beëindigd in een nog behoorlijk koude vrede. De diverse facties binnen de islam zijn, geen haar beter. De meeste aanslagen worden immers gepleegd door islamieten op andere islamieten. Het hindoeïsme laat in India inmiddels ook al vervelende gewelddadige en intolerante trekjes zien. Ook het Boeddhisme kent zo zijn intolerante en enge kanten, zo liet Arjen Lubach zien. Dit nog afgezien van de oorlogen tussen verschillende godsdiensten.

Natuurlijk zijn er vreedzame christenen, islamieten, hindoes en boeddhisten. Sterker nog, de overgrote meerderheid van hen zal dat zijn. Maar wordt het niet een probleem als gelovigen hun geloof, hun normen en hun waarden aan anderen gaan opdringen? Als een land of in Orbáns geval de Europese Unie, christenlijk moet zijn? Christenen in Europa, ja! Naast islamieten, boeddhisten, hindoes en alle andere religies, zelf de aanhangers van het ‘vliegende spaghettimonster’. Een christelijk Europa, NEE!

Doel, middel en mens

Vandaag nogmaals een prikker met statushouders als aanleiding. Gisteren vroeg ik me af of je van ‘falen’ kunt spreken als er mensen in het algemeen en statushouders in het bijzonder, gebruik maken van de bijstand. In het Commentaar in de Volkskrant borduurt Sander van Walsum voort op ‘inburgering’ van statushouders. Voor hem is het duidelijk: “Voormalige vluchtelingen inzetten op plaatsen waar zij in een economische en maatschappelijke behoefte voorzien: dat zou de kern van inburgeren moeten zijn.” Menigeen zal nu JA knikken. Zet statushouders daar in waar er economisch of maatschappelijk behoefte aan is. Goed voor de statushouder en goed voor de economie en de samenleving.

doel

Illustratie: Pixabay

Toch wat kanttekeningen of beter gezegd wat vragen bij deze redenering. Is inburgering geslaagd als iemand een bijdrage levert aan de economie? Betekent dat dan dat iemand die geen betaald werk verricht niet ‘ingeburgerd’ kan zijn? Zijn Nederlanders zonder betaald werk dan ook niet ‘ingeburgerd’?

Een slagje dieper. Mensen inzetten daar waar de economie en de samenleving hen nodig heeft? Wie bepaalt dan wat de economie of de samenleving, waar nodig heeft? Als die ‘wie’ dat voor statushouders kan, bepalen, mag die ‘wie’ dat dan ook voor Nederlanders bepalen? Zoudt u het accepteren als iemand anders voor u gaat bepalen dat u vuilnisman of verpleger moet worden? Dat is, zo betoogt Van Walsum, wat statushouders zouden moeten accepteren.

Verwordt een mens zo niet tot een middel dat kan worden ingezet voor ‘hoger doel’? Een doel dat door anderen wordt bepaald. Zoudt u een middel willen zijn, een middel dat kan worden ingezet? Hoe vrij is een mens als hij een middel is?

Van de muis en de olifant

“De situatie in Afrin is vreselijk, maar een veroordeling zal niets oplossen. Het klinkt misschien prachtig maar de moraal werkt hier contraproductief. Wij zijn een muis die praat tegen een olifant. Erdogan veroordelen zou geen effect hebben. Militair maken Erdogan en Rusland daar de dienst uit.” En uitspraak van Arend Jan Boekestijn in de Volkskrant. Boekestijn geeft de Minister van Buitenlandse Zaken Zijlstra gelijk dat hij Turkije niet scherp veroordeelt. Immers: “Er zit achter dat iedereen met Erdogan in gesprek wil blijven in de hoop hem te bewegen om niet nog meer gebied te bestoken. Het helpt dan niet als je hem eerst veroordeelt. Dat is een diplomatieke wet. Als de VS en de EU vanuit een moreel standpunt zeggen: wij veroordelen dit, dan heb je geen enkele invloed meer op Erdogan.”

mouse-1974360_960_720

Foto: pixabay.com

Een muis die een olifant aanspreekt, ja waarom zou die olifant luisteren? Eén tikje met zijn slurf en de muis ligt een paar honderd meter verderop. Eén poot van de olifant op de muis en de muis is een dooie muis. Waarom zou de olifant in een gesprek de muis wel serieus nemen als het weet dat de muis toch niet van zich afbijt als de olifant zich misdraagt? Waarom zou het Turkije van Erdogan zonder een veroordeling wel naar ons luisteren en verdere gebieden meer binnenvallen?

Boekestijn iets verderop in het artikel: “Ik heb het gevoel dat Erdogan weer een betere relatie met Nederland wil. Turkije heeft namelijk belangrijke economische handelsbetrekkingen met Nederland, er wonen veel Turken in ons land en bovendien heeft Erdogan bondgenoten nodig. Zijn buitenlandse politiek in het Midden-Oosten is namelijk vastgelopen nu Assad aan de winnende hand is.” De olifant die de muis nodig heeft? Als die olifant bondgenoten nodig heeft, zou hij zich dan niet anders, meer ‘muiselijk’ moeten gaan gedragen? Als dat zo is, zou de muis dan geen ‘eisen’ kunnen stellen, harde voorwaarden waaraan de olifant moet voldoen voordat hij van de diensten en de steun van de muis gebruik kan maken? Het citaat lezen kun je je zelfs afvragen of de muis aan het groeien is en de olifant aan het krimpen?

Wat fundamenteler. Zou de muis niet duidelijk moeten aangeven dat een bondgenootschap met de olifant er niet inzit zolang die olifant zijn ‘eigen kinderen’ terroriseert en opsluit omdat ze vragen stellen en zijn handelen ter discussie stellen?

Economische schade door discriminatie?

Arbeidsmarktdiscriminatie stond de afgelopen week weer hoog op de ‘media-agenda’. De oorzaak: een reportage van het tv-programma Radar waaruit bleek dat bijna de helft van de arbeidsbemiddelaars meewerken aan discriminatie op afkomst. In zijn Het spel en de knikkers in de Volkskrant, gaat Frank Kalshoven in op de economische kant van de zaak: “Als we weten wat discriminatie kost en hoe die kosten veroorzaakt worden, kunnen we scherper nadenken over manieren om die kosten terug te dringen. Het lijkt niet zo gek om te denken dat die kosten gauw in de miljarden lopen. Denk even mee.” Van die oproep van Klashoven maak ik graag gebruik.

coins-1726618_960_720

Illustratie: pixabay.com

Een woord vooraf, ik verafschuw discriminatie. Toch zou de uitkomst van die kostenberekening wel eens heel anders uit kunnen vallen dan Kalshoven denkt. Kalshoven onderscheidt drie groepen gediscrimineerden: mensen die door discriminatie geen werk vinden, mensen die hierdoor werk onder hun opleidingsniveau vinden en mensen die worden gediscrimineerd op hun werk. Deze mensen leiden ‘schade’. Eerste probleem bij het berekenen van de schade is dat het lastig is om aan te tonen dat de situatie van een individu het gevolg is van discriminatie. De schade bestaat uit: inkomensschade, ‘uitkeringsschade’ en psychische schade. En dan de berekening: “Laat honderdduizend mensen geen werk vinden door discriminatie. Stel dat ze zonder discriminatie een modaal salaris bij elkaar zouden werken à 37 duizend euro per jaar. Vermenigvuldig: 3,7 miljard euro per jaar. De orde van grootte van de discriminatiekosten is miljarden per jaar (en tientallen miljarden op langere termijn).”

Vergeet Kalshoven niet iets, en dan bedoel ik niet de psychische en uitkeringskosten? De baan die iemand niet krijgt, of een baan op lager niveau omdat hij wordt gediscrimineerd, gaat naar iemand anders. Die krijgt die € 37.000 per jaar en had die anders niet gekregen. Dan was die persoon werkloos geweest of had wellicht onder zijn niveau gewerkt. Van bijvoorbeeld twintig sollicitanten kan er maar één de functie krijgen en als ze allemaal even geschikt zijn, maakt het dan voor de economie iets uit wie de baan krijgt? Voor A en B maakt het wat uit wie de baan en dus die € 37.000 krijgt, voor de economie telt alleen het getal. Ook voor de ‘uitkeringsschade’ maakt het niets uit, A of B krijgt een uitkering dus de kosten zijn gelijk.

Resteert de psychische schade. Alleen kent ook die psychische schade een keerzijde, psychische problemen betekent namelijk ook werk voor psychologen en therapeuten. Discriminatie is, zoals gezegd, afschuwelijk en moet worden bestreden. Zullen we ons voor de bestrijding ervan toch maar bij de ethische en juridische argumenten houden?

Morele saus

Dat Turkije buurland Syrië is binnengevallen, zal u niet zijn ontgaan. Turkije wil, zo lees ik bij NRC, een ‘veiligheidszone’ creëren van zo’n dertig kilometer. Onze minister van Buitenlandse Zaken, Halbe Zijlstra zo lees ik bij Elsevier, wil er geen oordeel over vellen, maar wil wel bewijs zien dat het een actie van zelfverdediging is. Kind van de rekening zijn de Koerden en: “De Koerden kennen een lange geschiedenis van verraad,” zoals Arnon Grunberg het in een Voetnoot in de Volkskrant schrijft. Grunberg eindigt met het cynisch definiëren van samenwerken: “degenen helpen die je morgen zal tegenwerken.”

Koerdistan

Illustratie: Wikimedia Commons

De wereldgeschiedenis zit vol van dergelijk verraad. De Koerden zijn hierin niet de enigen. Inderdaad riep, zoals Grunberg schrijft, president Bush de Eerste de Koerden op om in opstand te komen tegen Saddam Hoessein. Toen zij dat deden liet Bush hen aan hun lot en vooral aan Saddams ‘terreur’ over. Trouwens Saddam Hoessein zou, als hij nog leefde, ook een boekje open kunnen doen over ‘helpen en tegenwerken’. Net als buurland Iran en vele andere landen en volkeren. Bekend is ook het verhaal van Osama Bin Laden. De ‘nuttige idioot’ in de strijd in Afghanistan tegen de Sovjet Unie. Alleen zette hij zijn strijd voort tegen zijn oude ‘vrienden’ en leveranciers van trainingen wapens. Dit geheel volgens de definitie van Grunberg.

Nu is ‘konkelen’ en het ‘de-vijand-van-mijn-vijand-is-mijn-vriend-denken’ iets van alle tijden. Wat knelt er dan? Waarom hebben volkeren en landen dan zo’n hekel aan het westen en veel minder aan konkelende Russen, Chinezen of Arabieren? Zou dat te maken kunnen hebben met de morele lading of ‘saus’ die het weten over haar gekonkel gooit? Het refereren aan idealen van vrijheid, democratie en zelfbeschikking? referenties die worden ‘vergeten’ zodra er financieel of enig ander gewin om de hoek komt kijken?

Zou dat het antwoord zijn op de bekende vraag  ‘why do they hate us so much?’ Zou die morele saus ‘maken dat “degene helpen die je morgen zal tegenwerken,” westerse landen zo wordt aangerekend?

Bouwen aan de samenleving?

Volgens historicus Willem Melching in de Volkskrant, wil ‘de kiezer’ weten waaraan hij toe is. En als ze dat weten dan zijn: “Mensen (…) in staat tot grote opofferingen om een bepaald doel te bereiken.”  Melching geeft enkele voorbeelden: “het Britse volk tijdens de Tweede Wereldoorlog, de krachttoer van de Delta-werken of de boycot van Zuid-Afrika ten tijde van de apartheid. Maar in al deze gevallen ging het om projecten met een duidelijk en concreet einddoel: de ondergang van Hitler, de aanleg van dijken en de afschaffing van een verfoeilijk politiek systeem.” Ontbreekt dat einde dan vervalt de ‘opofferingsbereidheid’: “In de gevallen ‘Europa’ en ‘multi-kulti’ bestaat er een groot psychologisch probleem. Deze projecten hebben namelijk geen concreet einddoel en zo blijft volstrekt onduidelijk wanneer ze af zijn. Daarom zijn veel kiezers zo ontevreden.” 

bouwen aanFoto: Pixabay

Klinkt logisch: schets een helder doel en ga aan de slag! Net zoals je een huis bouwt. Een goede bouwtekening en dan kunnen de bouwvakkers aan de slag. Er zijn ‘ideologieën’ die een ideale samenleving voor ogen hebben. Ideologieën die het heden en alle mensen die er nu leven, zien als middel om die ‘ideale samenleving’ te bereiken.

Werkt dat wel zo met een samenleving? Is een samenleving ooit af? Als dat zo is, wat moeten de mensen die deze samenleving vormen dan doen nadat die samenleving af is? Hebben we dan het Walhalla bereikt en slaat dan het grote niets doen toe? Met welk doel moet je dan ’s morgens opstaan?

Werk of bouw je echt aan de samenleving net zoals je aan een huis bouwt? Verandert de samenleving omdat mensen eraan werken? Of is een samenleving dynamisch en verandert zij constant? Ligt het net wat anders en verandert een samenleving omdat de mensen die samen een samenleving vormen, samen leven, samen dingen doen?

Moeten we niet oppassen voor mensen die een ‘ideale samenleving’ voor ogen hebben en daaraan willen bouwen? Samenlevingen die naar zo’n ideaal toewerken, zijn niet de meest prettige om in te wonen. Die zien mensen als een middel dat kan worden ingezet om een doel te bereiken.

Moeten we niet kiezen voor ‘leven in’ in plaats van ‘bouwen aan’ de samenleving?

Klein pikje

“Deze man zou moeten worden ontslagen.”

Een tweet van de fractievoorzitter en partijleider van Forum voor Democratie, Thierry Baudet. De man die ontslagen moet worden is Gerrit Hiemstra, de weerman. “Eén tweet met 4 keer onzin. Wie kan hier overheen?”  Zo reageerde Hiemstra op de volgende tweet van Baudet: “Welnee, die film van Gore slaat echt werkelijk helemaal nergens op. Er is geen toename in extreme weersomstandigheden. Het klimaat warmt veel minder op dan altijd voorspeld. Meer CO2 heeft geweldig positief effect op plantengroei. Smog in India heeft niets met CO2 te maken. Etc.” Dit alles las ik bij Joop.

BaudetFoto: Wikimedia Commons

Ik ben benieuwd naar wat Baudet op de plek van et cetera nog had willen zeggen, maar daar gaat het mij niet om. Ik wil het ook niet hebben over wie er gelijk heeft in de klimaatdiscussie. Daar denk ik het mijne van en het mijne ligt iets meer in de lijn van Hiemstra, maar daar wil ik het nu ook niet over hebben. Het gaat mij om Baudets tweet dat Hiemstra ontslagen zou moeten worden. Dit is al de tweede keer in korte tijd dat Baudet oproept om iemand te ontslaan. Een maand of twee geleden moest een leraar Nederlands het ontgelden. Baudet is niet de enige politicus die roept om het ontslag van mensen. Zij conculega Wilders riep ook al vaker op tot het ontslag van deze of gene ambtenaar, politieman of rechter als die iets deden of beweerden waar hij het niet mee eens was.

In tegenstelling tot Wilders ‘presenteert Baudet zich als ‘intellectueel’ of eigenlijk als ‘dé intellectueel’. Boeken schrijven, pianospelen, Latijns spreken in de Kamer. Kranten zegt hij niet te lezen en een TV heeft hij niet, zo beweerde hij onlangs. Geef hem maar Shakespeare en Puccini. Gesprekken met de omstreden Amerikaan Jared Taylor voert hij: “om zich te verdiepen in het gedachtegoed van de extreem-rechtse Amerikaanse ‘Alt-right’ beweging.” Maar hij en zijn partij willen met “dergelijke denkbeelden niets te maken hebben.” 

Hoe komt het dan over als je, als groot intellectueel, om het ontslag roept van een weerman of een leraar die het wagen om iets te zeggen wat je niet bevalt? Een groot intelectueel met een ‘klein pikje’ waar hij ook nog eens zeer snel op is getrapt?