Positieve innovatie

D66 is een optimistische partij, zo blijkt uit het artikel van Tweede Kamerlid Kees Verhoeven bij ThePostOnline. De partij ziet de uitdagingen en de grote werkloosheid en andere ellende. Ze verschilt, van andere partijen omdat: “D66 kijkt naar de toekomst en kiest naast optimisme voor innovatie. Innovatie is goed voor onze economie, zorgt voor nieuwe banen en leidt tot oplossingen voor de grote vragen van onze tijd.” Dit terwijl andere partijen, volgens Verhoeven met het vingertje gaan wijzen: “Zo beschimpt de PVV de islam en de Europese Unie. Zo beschouwt het CDA de ‘individualisering’ als het moderne kwaad. Zo legt de SP alle schuld bij de markt en zo doet GroenLinks alsof de wereld ten onder gaat aan vrijhandel.”

innovatie

Foto: www.motor-talk.de

Inderdaad leidt innovatie tot nieuw werk en dus tot andere banen. Webdisigners bestaan zo’n vijfentwintig jaar. Van een App-ontwikkelaar hadden we vijftien jaar geleden nog nooit gehoord. En zo zijn er vele soorten werkzaamheden die pas van recente datum zijn. Werkzaamheden mogelijk gemaakt door innovatieve ontwikkelingen zoals het internet en de computer. Dit is de rooskleurige, optimistische kant van de innovatiemedaille.

De andere, minder rooskleurige kant van die medaille is dat innovatie ook tot vernietiging van werk en dus tot het verlies van oude banen leidt. Door innovatieve ontwikkelingen zoals de mechanisering van de landbouw is de productie flink verhoogd terwijl het aantal mensen werkzaam in die sector is verschrompeld. Door de automatisering en robotisering in bijvoorbeeld de metaalindustrie zijn veel oude banen verloren gegaan en nam het aantal mensen werkzaam in die sector af. De PC leidde tot het verdwijnen van de typekamer en dus de functie van typist.

Twee kanten van de innovatie-medaille waarbij het aantal nieuwe banen kleiner is dan het aantal banen dat verloren gaat. Dan maar geen innovatie meer? Of zou er van uit een heel ander frame naar innovatie moeten worden gekeken? Een frame waarin de mens centraal staat en innovatie het leven vergemakkelijkt? Een frame waarin economie en de rol die werk inneemt een heel andere is? Is, met andere woorden, het denken over werk en economie niet toe aan een innovatie?

‘By your command’

Volgens het CDA valt de samenleving langzaam uit elkaar: “Mensen leven langs elkaar heen en er ontstaan nieuwe scheidslijnen: tussen hoog- en laagopgeleiden, tussen jong en oud, tussen oorspronkelijke en nieuwe Nederlanders. We wonen in andere wijken en gaan naar andere scholen. We ontmoeten elkaar niet meer en begrijpen elkaar daarom steeds minder.” Dit valt te lezen in haar verkiezingsprogramma.  Daarom wil de partij de samenleving versterken en zet in op burgerschap. Wat is burgerschap? Daarover wordt geen uitsluitsel gegeven. Als inwoner van een stad of land ben je een burger van die stad of dat land, je hebt het burgerschap ervan. Dat betekent dat je alle plichten (houden aan de wetten en het betalen van belastingen) nakomt en aanspraak mag maken op de geldende rechten, bijvoorbeeld de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van godsdienst.

Cylon.png

Illustratie: Keep Calm-o-Matic

Het CDA lijkt er van alles aan toe te willen voegen: “Burgerschap vraagt om een gedeeld besef van waarden en normen,” en daarmee zijn we er nog niet: “…de bereidheid om verantwoordelijkheid te nemen voor de mensen om je heen en om te zien naar elkaar. Het gaat om de inzet voor anderen die het eigen belang overstijgen.” En als klap op de vuurpijl: “Burgerschap vraagt om een brede acceptatie van onze kernwaarden en tradities, zoals die in symbolen als het Koninklijk Huis en het volkslied tot uitdrukking komen. Historisch besef, de beleving van tradities en het respect voor hetgeen onze voorouders met elkaar hebben opgebouwd, bevorderen het gevoel van saamhorigheid en identiteit, ook voor nieuwkomers in onze samenleving. Daarbij zorgen gemeenschappelijke nationale en religieuze feestdagen voor een gevoel van herkenning en verbinding.”

Sinterklaas, kerst vieren en op tweede kerst- en paasdag naar de meubelboulevard, het Wilhelmus zingen en trots zijn op het koningshuis. Ik begin me toch wat zorgen te maken of ik wel aan de burgerschap-eisen van het CDA kan en wil voldoen. Ik heb niets met het koningshuis. ‘Onze voorouders’ hebben goede en ook slechte dingen op hun kerfstok. Voor veel wat ze hebben gedaan, heb ik respect, voor veel ook niet. Zo kan ik geen respect opbrengen voor het slavernij- en koloniale verleden. Ik kan wel begrijpen hoe het zo is gekomen, dat de normen, waarden en gebruiken in het verleden anders waren. Is er trouwens ook plek voor een islamitische feestdag of voor een ‘dag van de atheïst’?

Fundamenteler wordt het als het gaat over het nemen van verantwoordelijkheid voor elkaar, of je inzetten voor een ander. Daarmee is niets mis, het overgrote deel van de mensen zal dat ook al doen: op het kind van de buren passen, de tuin van een vriend in orde maken, leider zijn van een jeugdelftal of het schrijven van columns op een website. Wordt het niet een ander verhaal als de overheid dit gaat ‘afdwingen’ en die richting lijkt het CDA op te willen gaan? ’Afdwingen’ via morele druk? Zou de overheid zich daar niet verre van moeten houden?

Oei, ik groei!

Zou ‘evenwichtige groei in balans met de wereld om ons heen’ mogelijk zijn? De econoom Tim Jackson denkt in zijn boek Prosperity without Growth van niet: “To resist growth is to risk economic and social collaps. To persue it relentlessly  is to endanger the ecosystems om which we depend for long-term survival.”

groene-groei

Foto: ESB

D66 denkt daar in haar  verkiezingsprogramma anders over. De partij wil naar een ‘toekomstbestendige’ economie en die: “is schoon en gebouwd op de grote kansen die duurzaamheid biedt.” De partij is niet tevreden met de verwachte economische groei: “Meer en schonere groei, met al haar voordelen voor iedereen, ligt binnen handbereik.” Want: “Wij (D66) zijn ervan overtuigd dat er geen grenzen aan de groei zijn, maar wel aan wat de aarde aankan.” 

Economische groei is belangrijk, volgens D66: “Groei geeft zuurstof. Een samenleving zonder groei bloeit niet. Groei zorgt voor dynamiek en voor kansen. Kansen op werk, op zelfstandigheid en zelfverwezenlijking. En heel basaal: groei zorgt voor de middelen om te investeren in onderwijs, in zorg, in elkaar. Wij willen schone groei. Groei die houdbaar is, evenwichtig en in balans met de wereld om ons heen. Een toekomstbestendige economie is schoon en gebouwd op de grote kansen die duurzaamheid biedt.”

Inderdaad, in onze op schulden gebaseerde economie is groei van essentieel belang. Die groei zorgt er namelijk voor dat de aangegane schulden betaalbaar blijven. Op de in de toekomst te verwachten groei kun je vooruitlopen door te lenen. Een lening waarvan je de rente en aflossing betaalt, uit die te verwachten groei. De economische crisis maakte duidelijk hoe kwetsbaar dit een samenleving maakt. Valt de groei weg, dan moet de lening even goed worden betaald en het geld dat daarvoor nodig is, moet ergens anders vandaan komen. Er moet dan worden bezuinigd. Bezuinigingen remmen vervolgens de groeimogelijkheden en zo raak je van de regen in de drup.

Volgens de filosoof Peter Sloterdijk (in zijn boek Sferen band 2 III Schuim) is onze samenleving de schaarste voorbij en is groeien om schaarste tegen te gaan en armoede te bestrijden, niet nodig. Volgens Jackson is de mens bang voor zijn eigen leegheid of onbeduidendheid. Die leegheid maskeert hij met producten. Producten als een manier om je als mens te onderscheiden van de groep, of er juist bij te horen.

Ons wereldbeeld is echter gebaseerd op schaarste en: “bedient zich van scherp ingestelde schaarste-optieken om zichzelf te observeren,” aldus Sloterdijk. Met andere woorden, we zien de wereld door een ‘schaarste-bril’ en de enige schaarste die we niet zien is de schaarste aan schaarste. Zou hij gelijk hebben?

Een fundamentele vraag aan D66: met welk doel moet de economie groeien?

 

Wat ben ik?

Nog iets naar aanleiding van het verkiezingsprogramma van het CDA. Na het lezen van het programma, kwam de vraag bij mij op of je als vluchteling ook een ‘inburgeringsplicht’ hebt?

wie-is-wieIllustratie: Upcoming

Deze vraag kwam bij me op omdat het programma verwarring oproept. Een vluchteling, of ik moet eigenlijk zeggen ‘werkelijke vluchteling’ want alleen die zijn nog welkom in Nederland, krijgt: “een ontheemdenstatus” Wat het verschil is tussen een vluchteling, die in de regio moet worden opgevangen, en een ‘werkelijke vluchteling’, daarover laat de partij zich niet uit. Zo’n onderscheid roept als vanzelf de vraag op wat er moet gebeuren als er ineens te veel ‘werkelijke vluchtelingen’ voor de deur staan? Komt er dan een nieuwe definitie de ‘echt werkelijke vluchteling’? Maar ik dwaal af, of eigenlijk ook niet, want naast vluchtelingen, ‘werkelijke vluchtelingen’, zijn er asielzoekers, nieuwkomers, reguliere migranten, wat meteen impliceert dat er ook niet-reguliere migranten zijn.

Want voor: “reguliere migranten geldt een strikt beleid van toelating en inburgering.”  Voor niet-reguliere migranten dan niet? Zijn die gewoon welkom of juist niet? Nieuwkomers: “die hier mogen blijven zijn via de inburgeringsplicht als eerste zelf verantwoordelijk voor hun integratie.” Omdat zowel de ‘reguliere migrant’ als de ‘nieuwkomer’ moet inburgeren zou je kunnen concluderen dat een nieuwkomer een reguliere migrant is. De inburgering eindigt met het Nederlanderschap: “Als kroon op de integratie hechten wij een groot belang aan een plechtige inburgeringsceremonie om de naturalisatie tot Nederlander te markeren.”

De ‘werkelijke vluchteling’ krijgt dus een ontheemdenstatus: “ waarbij enerzijds de vluchteling de ruimte krijgt om zich via opleiding of (vrijwilligers)werk te ontwikkelen, maar anderzijds vanaf het begin af aan eerlijk en duidelijk wordt vermeld dat het verblijf hier tijdelijk is” ‘Werkelijke vluchtelingen’ mogen hier niet blijven, ze zijn slechts tijdelijk welkom en dat tijdelijk kan ieder moment eindig zijn. Zijn ‘werkelijke vluchtelingen’ dan een vorm van niet-reguliere migranten? Die komen zeker niet in aanmerking voor die ‘kroon’. Daarmee ook geen plicht tot inburgering? Want moet de ‘werkelijke vluchteling’ zich niet voorbereiden op terugkeer?

Veel gegoochel met woorden dat het er helaas niet duidelijker op maakt. En wat gebeurt er trouwens met hier geboren kinderen van ‘werkelijke vluchtelingen’ die al jaren hier verblijven, als hun ouders terug moeten?

‘Aflaten’ en ‘afpersen’

Het CDA wil: “een stevig debat over onze gedeelde waarden, de betekenis van burgerschap of rechtvaardigheid in onze samenleving.” Gisteren besteedde ik aandacht aan de gedeelde normen en waarden en  vroeg mij af of de partij een debat wilde of les wilde geven in ‘burgerschap’. Laten we vandaag eens kijken naar een debat over rechtvaardigheid. Een van mijn favoriete onderwerpen, waarover ik al eerder schreef.

aflaat

Foto: CuBra

Wat voor het CDA rechtvaardig is, wordt niet duidelijk. Het verkiezingsprogramma geeft geen definitie en haakt niet aan bij het rechtvaardigheidsdebat in de wetenschap. Jammer, want dan zou de positie van de partij in het debat duidelijk worden.

Dan maar op een indirecte manier, via de vluchteling. “Het huidige vluchtelingenverdrag is op deze problematiek en omvang niet geschreven en moet daarom worden aangepast, om meer opvang in de regio en tijdelijke opvang elders mogelijk te maken.” De regio was al vaag, elders is nog vager en biedt slechts één zekerheid: het is niet hier. Wordt het probleem zo niet bij andere landen gelegd? Landen  die er ook niet om hebben gevraagd. Landen die er zelf veelal niet al te best voor staan, alleen met de opvang van vluchtelingen op te zadelen en als rijk en welvarend land alleen wat geld over te maken? Landen ‘in de regio’ die trouwens al het overgrote deel van alle vluchtelingen opvangen. Is dat een van die:  “… solide en houdbare oplossingen nodig om nieuwe drama’s te voorkomen”? Is dit afkopen via ‘aflaten’ de nieuwe manier waarop de christelijke naastenliefde wordt vormgegeven? Nog belangrijker, hoe rechtvaardig is dit afkopen via ‘aflaten’?

Als er in een land waaruit veel mensen zijn gevlucht eindelijk vrede is, dan moet het verplicht alle vluchtelingen uit Nederland terugnemen. Want: “landen die niet meewerken krijgen geen ontwikkelingshulp en komen niet in aanmerking voor handelsverdragen of andere vormen van samenwerking.” Het CDA volgt hier de VVD. Hoe rechtvaardig is deze neokoloniale vorm van ‘afpersen’?

Gelukkig blijft de deur op een kiertje staan voor vluchtelingen die ‘werkelijk in nood verkeren.’ De Syriër hoort daar waarschijnlijk niet bij. De ‘werkelijke vluchteling’ krijgt: “een ontheemdenstatus, waarbij … vanaf het begin af aan eerlijk en duidelijk wordt vermeld dat het verblijf hier tijdelijk is.” Als er vrede is in het land van herkomst, moet hij weer terug om dat land mee op te bouwen. Hoe menselijk is die onzekere ‘ontheemdenstatus? Onzeker omdat die ieder moment kan worden ingetrokken. Hoe rechtvaardig is het om zo iemands leven moeilijk tot onmogelijk te maken?

 

Waarden en burgerschap

Na enkele artikelen te hebben besteed aan het verkiezingsprogramma van de VVD, nu over naar het CDA. Volgens het CDA loopt: “Het politieke debat(…) vast in managementtaal, doorrekeningen en vastgeroeste standpunten.” De partij wil wat anders, zij wil: “een stevig debat over onze gedeelde waarden, de betekenis van burgerschap of rechtvaardigheid in onze samenleving.” Dat is nodig: “In de ik-samenleving van vandaag hebben we onvoldoende besef van het belang van gedeelde waarden en de onderlinge spelregels die nodig zijn om met elkaar samen te leven. We zijn te veel gaan geloven in een vrijheid zonder verantwoordelijkheid, in een wereld van rechten zonder plichten.” 

normen-en-waarden

Illustratie: normenenwaarden.org

Een debat over gedeelde waarden. Waarom is een debat over door iedereen ‘gedeelde waarden’ nodig? Een debat is een uitwisseling van gedachten, van de voors- en tegens. Wil ‘gedeeld’ niet zeggen dat het debat, die uitwisseling, al heeft plaatsgevonden en er consensus is bereikt? Het CDA lijkt daar wel van uit te gaan: want het zijn: “de waarden waarop onze samenleving is gebouwd.” Of zijn de waarden die het CDA noemt niet gedeelde, maar CDA waarden?

Net als de VVD, komt het CDA met: “onze handelsgeest en onze openheid naar de wereld,” dit samen met gemeenschapszin, het vreedzaam met elkaar leven in een samenleving van: “mensen met verschillende religieuze en culturele achtergronden en botsende politieke overtuigingen… Waar democratie en recht altijd het laatste woord hebben.” Want, aldus het CDA: “het zijn precies die waarden en tradities die nu onder druk staan.”

Het CDA laat, net als de VVD, na de negatieve kanten van die ‘handelsgeest’ en ‘openheid naar de wereld’ te benoemen. Zou dit bevorderlijk zijn voor het, volgens de partij, benodigde historische besef? De: “… beleving van tradities en het respect voor hetgeen onze voorouders met elkaar hebben opgebouwd, bevorderen het gevoel van saamhorigheid en identiteit, ook voor nieuwkomers in onze samenleving,” zoals de partij historisch besef definieert.

Als een debat eraan bijdraagt dat de negatieve kanten van die ‘waarden’ een plek krijgen in de gedeelde waarden en als het bijdraagt aan het historisch besef van alle Nederlanders, dan is een debat zinvol.

Zou het CDA dit bedoelen of is debat een verkeerd woord en bedoelt het CDA een les ‘burgerschap’? Want: “Burgerschap vraagt om een brede acceptatie van onze kernwaarden en tradities, zoals die in symbolen als het Koninklijk Huis en het volkslied tot uitdrukking komen,” Een goede vraag voor de lijsttrekker.

Neokolonialisme

Al eerder besteedde ik aandacht aan het verkiezingsprogramma van de VVD. Eerst aan het gebrek aan vertrouwen op de kracht en de vrijheden van de liberale democratie en vervolgens aan de manier waarop de partij streeft naar werkzekerheid. Nu aandacht voor het denken over ontwikkelingshulp in het programma.

neokolonialisme

Illustratie: Pinterest

Nieuwsgierigheid en handelsgeest, dat zijn volgens de VVD belangrijke kenmerken van de Nederlander. Kenmerken die het land de koloniën bezorgden. Koloniën waar je de baas kunt spelen en waar je de mensen kunt laten doen wat jij wilt. Niks van dat liberale geneuzel over zelfbeschikking en vrijheid, gewoon werken en doen wat wij willen. Dat koloniale rijk is inmiddels opgedoekt, de Indonesiërs wilden toch ook graag zelf beslissen en zichzelf besturen.

De nieuwsgierige handelaren van de VVD gaan een nieuwe poging wagen. Nu niet door kanonneerboten te sturen en een expeditieleger. Nee, dat is iets van de oude stempel en iets om terroristen te bestrijden. Nee, deze keer gebruiken we de macht van het geld.“Ontwikkelingshulp mag geen vrijblijvend cadeautje zijn. Er mag van hulpontvangende landen een inspanning worden terugverwacht. Wij willen daarom dat ontwikkelingssamenwerking voorwaardelijk is: als landen actief meewerken, kunnen als tegenprestatie extra voordelen in het vooruitzicht worden gesteld. Denk bijvoorbeeld aan het wegnemen van handelsbeperkingen. Als landen niet meewerken of Nederlands beleid zelfs actief ondermijnen – bijvoorbeeld door uitgeprocedeerde asielzoekers niet terug te nemen of door niet mee te werken aan het inrichten van opvang in de regio – moeten daar gerichte dwangmaatregelen tegenover staan. Bijvoorbeeld het wegnemen van hulp, het opleggen van handelsbeperkingen of zelfs het instellen van sancties.”

Wij geven jullie ‘ontwikkelingshulp en daarvoor moeten jullie vluchtelingenkampen inrichten voor mensen uit jullie buurt. Doen jullie dat niet, dan kunnen jullie naar het geld fluiten. Sterker nog, we maken het jullie nog wat lastiger door handelsbeperkingen op te leggen of zelfs sancties. Waar zit het voordeel voor deze landen?

De VVD kiest voor neokolonialisme, het streven naar nieuw streven naar (koloniale) overheersing. Hoe liberaal is dat?

Arbeidsrechtenjurist: stem VVD!

Gisteren vroeg ik mij af of de VVD wel gelooft in de kracht van onze vrije democratische samenleving. Dit naar aanleiding van een passage in het VVD-verkiezingsprogramma. Iets verder in het verkiezingsprogramma wil de VVD bereiken dat meer mensen een vaste baan krijgen, werk moet zekerder worden. Een goed streven en:  “Daarvoor is nodig dat cao’s niet meer algemeen verbindend worden verklaard. Bedrijven die niet betrokken zijn bij de totstandkoming van een cao, vallen niet verplicht onder die cao. Dit geeft ruimte om zelf afspraken te maken over jouw contract,” aldus de VVD. Dit komt neer op het afschaffen van Collectieve Arbeidsovereenkomsten (CAO) en het breken van het kleine beetje macht dat vakbonden nog hebben. Dit is volgens de partij nodig: “ Want door starre wet- en regelgeving worden steeds minder vaste banen aangeboden.”

caoFoto: van ANP bij www.bnr.nl

Welke werkende kent zijn arbeidscontract en de onderliggende CAO tot in detail? Als er geen CAO meer is om op terug te vallen, moet over alle onderdelen in het contract worden onderhandeld. Welke werknemer is daartoe in staat? Wie is er voldoende juridisch onderlegd om een dergelijk gesprek met een bedrijf of instelling aan te gaan? En van diegenen die dat zijn, wie zou er hetzelfde resultaat als in een CAO uit kunnen slepen?  Welke horeca-medewerker met een MBO niveau drie diploma of universitair geschoolde natuurkundige kan dit? Wie beschikt er over voldoende juridische kennis, onderhandelingsvaardigheden en positie om hier een succes van te maken? Met positie bedoel ik dat er geen tien of meer anderen in de rij staan voor die baan.

Voor een werkzoekende die het zich kan veroorloven, kan een jurist arbeidsrechten wellicht uitkomst bieden. Die zorgt in ieder geval voor de juridische kennis en dan moet jezelf alleen de onderhandelingsvaardigheden (wellicht ook in te huren) en de positie hebben. Je kunt je dan afvragen hoe je binnenkomt als je een jurist en een onderhandelaar meeneemt naar je sollicitatiegesprek.

Zou dit werkelijk leiden tot meer vaste contracten? Wellicht wel. Want zou dat niet leiden tot ‘vaste’ contracten zonder zekerheid? Een beetje werkgever heeft een jurist arbeidsrechten in dienst of huurt deze in. In het overgrote deel van de gevallen zal dat voldoende zijn om een vast contract op te stellen dat zonder meerkosten voor de werkgever eenvoudig kan worden opgezegd. Brengt deze ‘flexibele wetgeving’ ook de door VVD gewenste werkzekerheid?

Oh ja, het zal ook leiden tot meer werk en wellicht vaste banen, voor juristen arbeidsrecht. Of zouden die als ZZP’er aan de slag gaan?

Bange liberalen

Met de kamerverkiezingen in aantocht, presenteren de politieke partijen hun plannen en ideeën. Voor een stukjesschrijver zijn dat gouden tijden. Vorige week verscheen het verkiezingsprogramma van de VVD. Op pagina 21 in de paragraaf Integratie, de volgende zin: “Onze kernwaarden mogen niet onder druk komen te staan door aanvallen vanuit islamitisch- extremistische hoek. Daarom willen we haatpredikers van binnen en buiten de Europese Unie weren uit Nederland.” Een interessante zin die om verduidelijking vraagt.

extremisme

Foto: aff.skynetblogs.be

Wat zijn die ‘kernwaarden’ die niet onder druk mogen komen te staan? In het programma wordt heel vaak verwezen naar ‘onze waarden’ en komt het woord kernwaarden twee keer voor, maar wat die waarden zijn, wordt niet duidelijk. Hoe moet ik nu als ‘potentiële kiezer’ beoordelen of de VVD het over dezelfde waarden heeft als waaraan ik denk? Als die niet overeenkomen, dan is er geen sprake van ‘onze waarden’.

Dan het tweede deel van de zin, dat de waarden niet onder druk mogen komen te staan vanuit islamitisch-extremistische hoek. Is dat de enige hoek van waaruit de kernwaarden onder druk kunnen of worden gezet? Of zijn er ook andere hoeken? Zoals door aanvallen vanuit christenlijk-extremistische, facistisch-extremistische of wilderiaans-extremistische hoek en zijn die wel toegestaan? Zouden kernwaarden niet ook onder druk kunnen komen te staan door aanvallen vanuit gematigde hoek?

Zijn die kernwaarden de grondwettelijke vrijheden? Bedoelt de VVD hier bijvoorbeeld de gelijke rechten voor homo’s en hetero’s waarnaar in de inleiding wordt verwezen? Dan is het goed om te weten dat die waarde net als vele andere bejubelde vrijheden, juist zijn ontstaan door het onder druk zetten van eertijdse kernwaarden. Zou een zich liberaal noemende partij niet juist moeten vertrouwen op de kracht, de vrijheden, van de liberale democratie? Zou zij ‘druk op die waarden door aanvallen’ van welke extremisten dan ook niet met vertrouwen tegemoet moeten zien? Vertrouwen dat is gebaseerd op de kracht van die vrijheden?