Waarden en burgerschap

Na enkele artikelen te hebben besteed aan het verkiezingsprogramma van de VVD, nu over naar het CDA. Volgens het CDA loopt: “Het politieke debat(…) vast in managementtaal, doorrekeningen en vastgeroeste standpunten.” De partij wil wat anders, zij wil: “een stevig debat over onze gedeelde waarden, de betekenis van burgerschap of rechtvaardigheid in onze samenleving.” Dat is nodig: “In de ik-samenleving van vandaag hebben we onvoldoende besef van het belang van gedeelde waarden en de onderlinge spelregels die nodig zijn om met elkaar samen te leven. We zijn te veel gaan geloven in een vrijheid zonder verantwoordelijkheid, in een wereld van rechten zonder plichten.” 

normen-en-waarden

Illustratie: normenenwaarden.org

Een debat over gedeelde waarden. Waarom is een debat over door iedereen ‘gedeelde waarden’ nodig? Een debat is een uitwisseling van gedachten, van de voors- en tegens. Wil ‘gedeeld’ niet zeggen dat het debat, die uitwisseling, al heeft plaatsgevonden en er consensus is bereikt? Het CDA lijkt daar wel van uit te gaan: want het zijn: “de waarden waarop onze samenleving is gebouwd.” Of zijn de waarden die het CDA noemt niet gedeelde, maar CDA waarden?

Net als de VVD, komt het CDA met: “onze handelsgeest en onze openheid naar de wereld,” dit samen met gemeenschapszin, het vreedzaam met elkaar leven in een samenleving van: “mensen met verschillende religieuze en culturele achtergronden en botsende politieke overtuigingen… Waar democratie en recht altijd het laatste woord hebben.” Want, aldus het CDA: “het zijn precies die waarden en tradities die nu onder druk staan.”

Het CDA laat, net als de VVD, na de negatieve kanten van die ‘handelsgeest’ en ‘openheid naar de wereld’ te benoemen. Zou dit bevorderlijk zijn voor het, volgens de partij, benodigde historische besef? De: “… beleving van tradities en het respect voor hetgeen onze voorouders met elkaar hebben opgebouwd, bevorderen het gevoel van saamhorigheid en identiteit, ook voor nieuwkomers in onze samenleving,” zoals de partij historisch besef definieert.

Als een debat eraan bijdraagt dat de negatieve kanten van die ‘waarden’ een plek krijgen in de gedeelde waarden en als het bijdraagt aan het historisch besef van alle Nederlanders, dan is een debat zinvol.

Zou het CDA dit bedoelen of is debat een verkeerd woord en bedoelt het CDA een les ‘burgerschap’? Want: “Burgerschap vraagt om een brede acceptatie van onze kernwaarden en tradities, zoals die in symbolen als het Koninklijk Huis en het volkslied tot uitdrukking komen,” Een goede vraag voor de lijsttrekker.

Gelijke rechten

Er woedt een flinke storm in de (digitale) media naar aanleiding van het boek Heilige identiteit van Machteld Zee. Ik heb het boek (nog) niet gelezen en ga me er dan ook niet over uitlaten. Waarom dan toch deze eerste zin? Om een passage in de column die Roderick Veelo bij RTL Z besteedt aan deze storm: “De acceptatie van de dominantie (in de moslimcultuur) van mannen over vrouwen staat haaks op de individuele rechten en vrijheden van vrouwen in het Westen. Moslimvrouwen behoren hier dezelfde rechten en vrijheden te hebben als alle andere vrouwen. ‘One law for all’.” 

vrouwenrechtenFoto: Quote

Veelo heeft gelijk, dominantie van mannen over vrouwen staat haaks op de individuele rechten en vrijheden in het westen. Nu is dit niet altijd zo geweest. Het opheffen van de dominantie van mannen over vrouwen in het Westen is van recente datum en is nog steeds niet volledig voltooid. Zie bijvoorbeeld het aantal vrouwen in hoge functies zoals premier of wat wranger, de positie van de vrouw in de SGP.

Veelo heeft ongelijk als hij spreekt over de ‘moslimcultuur’. Die is namelijk niet over die ene patriarchale kam van Veelo te scheren. Inderdaad in Saoedi-Arabië is de situatie van vrouwen dramatisch. Dat neemt niet weg dat Pakistan in 1988 al een vrouwelijke premier had, Benazir Bhutto. Bangladesh kent nu mevrouw Sheikh Hasina als vrouwelijke premier terwijl Nederland nog steeds wacht op de eerste en de VS nu voor het eerst een vrouwelijke presidentskandidaat kennen. De wereld is niet zo zwart wit als Veelo haar schetst.

Belangrijker, hebben moslimvrouwen in Nederland dan niet dezelfde rechten als alle andere vrouwen? Kan hij mij dan de wetten of wetsartikelen aanwijzen waar dat onderscheid wordt gemaakt? Bij mijn weten hebben alle vrouwen in Nederland dezelfde rechten en dat zijn trouwens ook dezelfde rechten als dat er voor mannen gelden. Met wellicht één uitzondering en dat is het recht op zwangerschapsverlof, dat voor vrouwen uitgebreider is.

Dat sommige moslims, maar ook christenen dat anders zien en dat er in de praktijk, door bijvoorbeeld werkgevers, vaak anders wordt gehandeld, dat zal ik niet ontkennen. Dat er daar dus nog een wereld is te winnen voor wat betreft de gelijke behandeling van mensen evenmin. Dat doet er echter niets aan af dat voor iedereen dezelfde wet geldt en die wet geen onderscheid maakt tussen moslimvrouwen en niet moslimvrouwen of tussen mannen en vrouwen, behalve dan bij zwangerschap. Al ligt daar een lichamelijke oorzaak aan ten grondslag: de vrouw draagt en baart immers.

Zo waarlijk helpe mij ….

De islamitische oproep tot gebed moet worden verboden. Een uitspraak van Geert Wilders? Nee, een voorstel in het verkiezingsprogramma van de SGP, zo valt te lezen in het AD. Door de oproepen tot gebed toe te staan werkt de overheid islamisering van de publieke ruimte in de hand. “Dat is kwalijk,” zo vindt lijsttrekker Van der Staaij. De SGP is hiertoe gekomen omdat er lokaal weerstand is tegen de oproepen van de imam. Die worden volgens de partij gezien als intimiderend en geassocieerd met terrorisme.

godsdienst

Foto: Montesquieu Instituut

Nu kent Nederland in de grondwet vastgelegde godsdienstvrijheid en daar wil hij niet aan tornen. Nee, hij wil het via een achterdeur regelen, via een andere wet. Waarom niet via de voordeur? Misschien omdat dan ook de positie van vrouwen binnen de SGP in de discussie wordt getrokken? Dit terzijde.

De overheid moet, volgens de SGP, optreden tegen islamisering van de openbare ruimte. Beste ‘mannenbroeders’, bent u bang voor de concurrentie? Aan kerkklokken wilt u niet tornen en dat is ook een oproep tot gebed die  velen stoort. Dat is immers onderdeel van het ‘Nederlands cultuurpatroon’. Zou dat trouwens niet kunnen veranderen door gewijzigde omstandigheden zoals een afname van het aantal kerkbezoekers? Door de verwijdering van grote delen van de bevolking van dat ‘cultuurpatroon’? En zou dat cultuurpatroon niet aangevuld kunnen worden met nieuwe zaken? Culturen die zich niet aanpassen aan gewijzigde omstandigheden, hebben de neiging om uit te sterven.

Begrijp me niet verkeerd, dit is geen pleidooi om de roep van de imam op te nemen in het ‘cultuurpatroon’. Nee, nu de SGP toch begint over het ‘vergodsdienstigen’ van de openbare ruimte door een andere godsdienst en overheidsoptreden daartegen. Hoe zit het met de ‘verchristende’ openbare ruimte en het optreden van de overheid daartegen?

Nee, niet tegen kerkklokken, maar tegen god in de overheid. ’Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.,’ wordt het niet eens tijd om deze eerste zin van iedere wet te veranderen en god weg te laten? Wordt het niet eens tijd om het ‘zo waarlijk helpe mij god almachtig’ bij het inzweren van politici te wijzigen? En om de koning (en dus de premier) te vragen om de troonrede met een andere zin af te sluiten dan met “U mag zich gesteund weten door het besef dat velen u wijsheid toewensen en met mij om kracht en Gods zegen voor u bidden”? En de ‘kerk’ definitief van de staat te scheiden?

Common sense

In de Volkskrant maakt Derk Jan Eppink zich zorgen over de Brexit. Hij concludeert dat de personen die, zowel aan Britse als aan Europese kant, een belangrijke rol gaan spelen, niet van ‘onbesproken’ gedrag zijn. Dat vergroot zijn vrees dat het ‘gezond verstand’ het onderspit gaat delven tegen de rancune. Hij vreest “dat het interne markt-concept – vrij verkeer van goederen, diensten, werknemers en kapitaal – uit elkaar valt.” Dit kan voor Nederland slecht uitpakken: “Een economische breuk staat haaks op het Nederlands belang. Dat vereist nieuwe, inventieve vormen van samenwerking die verbinden.” 

gezond-verstandIllustratie: Iris Papilio – WordPress.com

Daarom ziet Eppink wel wat in: “het voorstel van een ‘Noordzee Unie’.  … Landen aan de Noordzee, zoals Nederland, België, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Denemarken en Noorwegen, bespreken gemeenschappelijke aspecten van de Noordzee. Neem: scheepvaart, veiligheid, milieu, (wind)energie, havens.” Begrijp ik het goed?  Ja, dat is waar Eppink voor pleit: “de Noordzee moet een baken van vrijhandel blijven, met de maritieme blik op de wereld. Er is geen enkele economische reden om eeuwenoude handelstradities rond de Noordzee te ontwrichten, alleen omdat Brussel boos is.” 

Zou deze Noordzee-Unie, naast de Europese Unie moeten bestaan? Dan zouden alle lidstaten lid zijn van twee unies behalve de Britten. Welk voordeel zou dat bieden? Hoe verhoudt dit zich trouwens tot de afspraak dat handelsverdragen alleen gezamenlijk worden afgesloten?

Of stelt Eppink voor om de Europese Unie, dat ‘interne markt-concept’, op te heffen ten faveurs van een Noordzee Unie? Een Unie die vooral de Nederlandse handelsbelangen lijkt te dienen. Waarom zou Duitsland uit de EU treden en in deze Noordzee Unie zonder Frankrijk? Ja, de Britten zijn een belangrijke Duitse handelspartner, dat zijn de Fransen ook, zelfs nog een grotere. Een Unie zonder Oostenrijk, Polen Tsjechië, Hongarije, allemaal belangrijke handelspartners van Duitsland die wel bij de EU horen en niet bij Eppink’s Noordzee Unie. Waarom zou België kiezen voor een nieuwe unie zonder haar belangrijkste Europese handelspartner Frankrijk?

Beste meneer Eppink, u vreest dat de andere landen de: “Britten straffen om uittreding van andere EU-landen af te schrikken.” Zijn het niet de Britten zelf die zich hebben ‘gestraft’ door, als handel zo belangrijk is, met hun’gezonde verstand’ ervoor te kiezen de Europese Unie, het ‘interne markt-concept’, te verlaten? Een Unie waar zeven van hun tien belangrijkste handelspartners deel van uitmaken.

Arbeidsrechtenjurist: stem VVD!

Gisteren vroeg ik mij af of de VVD wel gelooft in de kracht van onze vrije democratische samenleving. Dit naar aanleiding van een passage in het VVD-verkiezingsprogramma. Iets verder in het verkiezingsprogramma wil de VVD bereiken dat meer mensen een vaste baan krijgen, werk moet zekerder worden. Een goed streven en:  “Daarvoor is nodig dat cao’s niet meer algemeen verbindend worden verklaard. Bedrijven die niet betrokken zijn bij de totstandkoming van een cao, vallen niet verplicht onder die cao. Dit geeft ruimte om zelf afspraken te maken over jouw contract,” aldus de VVD. Dit komt neer op het afschaffen van Collectieve Arbeidsovereenkomsten (CAO) en het breken van het kleine beetje macht dat vakbonden nog hebben. Dit is volgens de partij nodig: “ Want door starre wet- en regelgeving worden steeds minder vaste banen aangeboden.”

caoFoto: van ANP bij www.bnr.nl

Welke werkende kent zijn arbeidscontract en de onderliggende CAO tot in detail? Als er geen CAO meer is om op terug te vallen, moet over alle onderdelen in het contract worden onderhandeld. Welke werknemer is daartoe in staat? Wie is er voldoende juridisch onderlegd om een dergelijk gesprek met een bedrijf of instelling aan te gaan? En van diegenen die dat zijn, wie zou er hetzelfde resultaat als in een CAO uit kunnen slepen?  Welke horeca-medewerker met een MBO niveau drie diploma of universitair geschoolde natuurkundige kan dit? Wie beschikt er over voldoende juridische kennis, onderhandelingsvaardigheden en positie om hier een succes van te maken? Met positie bedoel ik dat er geen tien of meer anderen in de rij staan voor die baan.

Voor een werkzoekende die het zich kan veroorloven, kan een jurist arbeidsrechten wellicht uitkomst bieden. Die zorgt in ieder geval voor de juridische kennis en dan moet jezelf alleen de onderhandelingsvaardigheden (wellicht ook in te huren) en de positie hebben. Je kunt je dan afvragen hoe je binnenkomt als je een jurist en een onderhandelaar meeneemt naar je sollicitatiegesprek.

Zou dit werkelijk leiden tot meer vaste contracten? Wellicht wel. Want zou dat niet leiden tot ‘vaste’ contracten zonder zekerheid? Een beetje werkgever heeft een jurist arbeidsrechten in dienst of huurt deze in. In het overgrote deel van de gevallen zal dat voldoende zijn om een vast contract op te stellen dat zonder meerkosten voor de werkgever eenvoudig kan worden opgezegd. Brengt deze ‘flexibele wetgeving’ ook de door VVD gewenste werkzekerheid?

Oh ja, het zal ook leiden tot meer werk en wellicht vaste banen, voor juristen arbeidsrecht. Of zouden die als ZZP’er aan de slag gaan?

Bange liberalen

Met de kamerverkiezingen in aantocht, presenteren de politieke partijen hun plannen en ideeën. Voor een stukjesschrijver zijn dat gouden tijden. Vorige week verscheen het verkiezingsprogramma van de VVD. Op pagina 21 in de paragraaf Integratie, de volgende zin: “Onze kernwaarden mogen niet onder druk komen te staan door aanvallen vanuit islamitisch- extremistische hoek. Daarom willen we haatpredikers van binnen en buiten de Europese Unie weren uit Nederland.” Een interessante zin die om verduidelijking vraagt.

extremisme

Foto: aff.skynetblogs.be

Wat zijn die ‘kernwaarden’ die niet onder druk mogen komen te staan? In het programma wordt heel vaak verwezen naar ‘onze waarden’ en komt het woord kernwaarden twee keer voor, maar wat die waarden zijn, wordt niet duidelijk. Hoe moet ik nu als ‘potentiële kiezer’ beoordelen of de VVD het over dezelfde waarden heeft als waaraan ik denk? Als die niet overeenkomen, dan is er geen sprake van ‘onze waarden’.

Dan het tweede deel van de zin, dat de waarden niet onder druk mogen komen te staan vanuit islamitisch-extremistische hoek. Is dat de enige hoek van waaruit de kernwaarden onder druk kunnen of worden gezet? Of zijn er ook andere hoeken? Zoals door aanvallen vanuit christenlijk-extremistische, facistisch-extremistische of wilderiaans-extremistische hoek en zijn die wel toegestaan? Zouden kernwaarden niet ook onder druk kunnen komen te staan door aanvallen vanuit gematigde hoek?

Zijn die kernwaarden de grondwettelijke vrijheden? Bedoelt de VVD hier bijvoorbeeld de gelijke rechten voor homo’s en hetero’s waarnaar in de inleiding wordt verwezen? Dan is het goed om te weten dat die waarde net als vele andere bejubelde vrijheden, juist zijn ontstaan door het onder druk zetten van eertijdse kernwaarden. Zou een zich liberaal noemende partij niet juist moeten vertrouwen op de kracht, de vrijheden, van de liberale democratie? Zou zij ‘druk op die waarden door aanvallen’ van welke extremisten dan ook niet met vertrouwen tegemoet moeten zien? Vertrouwen dat is gebaseerd op de kracht van die vrijheden?

Collectieve energie

Neoliberalen en libertariers hebben een grenzenloos vertrouwen in de werking van de vrije markt. Bemoei je niet met de markt, laat iedereen zijn eigen belang najagen en dan krijg je het beste resultaat. Dat resultaat is het algemeen belang en dat is de optelling van die individuele belangen. Hieraan moest ik denken toen ik in de Volkskrant las dat stroomproducent Engie enkele gascentrales sluit. “Omdat het productieproces in gascentrales kostbaarder is dan dat van kolengestookte centrales raken die centrales steeds meer marktaandeel kwijt aan de meer vervuilende kolencentrales.” Schonere gascentrales worden gesloten en vervuilende kolencentrales blijven open?

cassidy

“Als we de ware functie van het prijsmechanisme willen begrijpen, moeten we dit zien als een (…) mechanisme waarmee informatie wordt gecommuniceerd. … Het wonder bestaat erin dat in het geval van schaarste van een bepaalde grondstof, zonder dat er een bevel wordt gegeven, zonder dat meer dan misschien een handvol mensen de oorzaak weet, tienduizenden mensen wier identiteit ook door maandenlang onderzoek niet achterhaald kan worden, ertoe worden aangezet deze grondstof of de hieruit vervaardigde producten spaarzamer te gaan gebruiken; dat wil zeggen dat ze zich in de goede richting bewegen.” Zo omschreef Friedrich Hayek, een van de grondleggers van dit denken, de werking van de vrije markt. In zijn boek Wat als de markt faalt?, waaruit dit citaat afkomstig is, noemt John Cassidy dit ‘het telecommunicatiesysteem van Hayek’. Dient de stroommarkt het algemeen belang?

De overheid is al actief, zij stimuleert de opwekking van duurzame vormen van elektriciteit (wind- en zonne-energie). Hayek zou foei zeggen en dat lijkt energiedeskundige Sjak Lomme te beamen als hij zegt dat dit de markt verstoort. Een verstoring die wel bijdraagt aan het algemene belang, minder vervuiling. Nu is het overschot aan stroom niet alleen een gevolg van de verstoring door zonne- en windenergie. Stroomproductie was tot het eind van de vorige eeuw een publieke taak. Lokale en provinciale energiebedrijven zorgden voor voldoende stroom voor hun inwoners. Onder neoliberale druk is op Europees niveau besloten er een markt van te maken waarop bedrijven met elkaar concurreren. Bedrijven die zoeken naar maximaal rendement. Als de verwachtingen zijn dat de vraag naar stroom groeit met bijvoorbeeld tien procent, dan gaan al die bedrijven bijbouwen. Ieder bedrijf wil het grootste deel van die groei krijgen en dat heeft tot gevolg dat de capaciteit met meer dan tien procent toeneemt. Er worden dus teveel centrales gebouwd. En omdat kolenstroom het goedkoopste in productie is, bouwen traditionele stroombedrijven kolencentrales want die leveren het meeste winst op. De stroombedrijven handelen op dezelfde manier als de Amerikaanse ziekenhuizen die de econoom Robert J. Gordon in zijn boek The Rise and Fall of American Growth beschrijft.

Engie handelt in het eigen belang, net als de andere stroomproducenten. Kolenstroom is goedkoper, dus produceren we die en maken we meer winst, logisch toch. Toch leidt dit najagen van het eigen belang niet tot het gewenste maatschappelijk belang, namelijk minder luchtvervuiling. Cassidy noemt dit rationele irrationaliteit: “Een situatie waarin handelen uit rationeel eigen belang op de markt tot resultaten die maatschappelijk gezien irrationeel en inferieur zijn.” De stroomproducent die het maatschappelijk belang najaagt en zijn kolencentrales sluit, ziet zijn winst verdampen en waarschijnlijk zijn klanten weglopen. Weglopen omdat hij een hogere prijs voor stroom moet rekenen dan de andere producenten. De producenten zitten gevangen in een prisoners dilemma.

In zijn boek geeft Cassidy een voorbeeld van zo’n dilemma. Een voorbeeld dat, heel toepasselijk, gaat over stroom en kolen. In dit voorbeeld strijden twee bedrijven A en B met een kolencentrale om de plaatselijke energiemarkt. Ze maken allebei jaarlijks 20 miljoen winst. In het stadje is echter verzet tegen de uitstoot van rook door de twee centrales. Dit leidt tot veel juridische procedures waardoor de winst daalt van 20 naar 10 miljoen. Nu maakt de techniek het mogelijk om de uitstoot van de rook te voorkomen. Het installeren van deze techniek verlaagt de winst van 20 naar 15 miljoen, maar de elektriciteitsprijs moet dan wat worden verhoogd.

Wat moeten de bedrijven doen, wat is de rationele keuze? Is dat de techniek te installeren, dat zorgt immers voor meer winst. Maar het ene bedrijf weet niet wat het andere doet. Als A het wel doet en B niet dan kan B tegen een lagere prijs leveren en zal daarmee een groter markt aandeel krijgen en dus meer winst maken. In het voorbeeld daalt dan de winst van A tot 5 miljoen en B maakt meer winst, 20 miljoen. Rationeel handelend vanuit hun eigen belang zouden beide bedrijven kiezen voor niet installeren. Je weet dat je winst 10 is en hebt kans op 20, terwijl je bij installeren weet dat je winst 5 bedraagt en je hebt kans op 15. Lijkt de werkelijkheid van de stroombedrijven niet sprekend op dit voorbeeld? Hoe uit dit dilemma te komen?

Een mogelijkheid. De betreffende bedrijven gaan met elkaar aan tafel zitten en spreken af om alleen kolencentrales te sluiten en ook welke. Hierdoor neemt de winstgevendheid van alle stroombedrijven af, maar verandert hun concurrentiepositie ten opzichte van elkaar niet. ‘Kartelvorming! Dan maken ze meteen afspraken om de stroomprijs te verhogen om de winst op peil te houden,’ hoor ik u roepen. Inderdaad, dat is een risico. Zou die tafel trouwens niet geleid kunnen worden door de overheid?

Willen we dat risico niet lopen dan moet de overheid optreden. Als kolenstroom goedkoper is dan gasstroom, zou dan het duurder maken van kolenstroom door extra belasting, niet ook kunnen helpen? Dan betaalt de vervuiler en is de kans groot dat kolencentrales sluiten omdat er minder kolenstroom wordt gekocht. Sluiting van kolencentrales kan ook worden afgedwongen door ‘kolenstroom’ te verbieden.

Of zou voortzetten van het stimuleren van zonne- en windenergie een oplossing kunnen zijn? Een overheid die individuen, groepen burgers en zelfs gemeenten stimuleert om selfsupporting te worden door ook flink te investeren in de ontwikkeling van elektriciteitsopslag. Individuen en collectieven die onafhankelijk worden van de markt. Maar wacht eens, lijkt dat niet op vroeger?

Prijskaartje van het leven

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) heeft onderzocht wat alcoholgebruik de Nederlandse samenleving kost: jaarlijks zo’n 2,3 tot 2,9 miljard euro, zo is bij Trouw te lezen. Belangrijkste kostenposten zijn de vroegtijdige sterfte (2,1 miljard), productiviteitsverlies (1,9 miljard), verlies in kwaliteit van leven (1,1 miljard), de inzet van politie en justitie (1,5 miljard) en nog wat posten. Om die kosten wat te verlagen, zijn drie beleidsmaatregelen doorberekend, het verdubbelen van de accijns, een kwart minder verkooppunten en een totaal verbod op alcoholreclame. Het verbieden van alcohol is niet onderzocht. Indrukkenwekkende cijfers van een gerenomeerd instituut, maar toch.

alcoholFotot: www.veelzijdigmaleisie.nl

Neem de vroegtijdige sterfte. Wanneer is sterfte vroegtijdig? En hoe bereken je de kosten van één jaar korter leven? Als sterven geld kost, maakt het dan wat uit wanneer iemand sterft? Is de sterfte van een achttienjarige duurder dan iemand van veertig of tachtig?

Het productiviteitsverlies komt vooral door: “de tien uren per jaar waarin Nederlanders er als gevolg van alcohol op hun werk de aandacht niet bij hebben, of helemaal niet kunnen werken, zorgen hiervoor.” Inderdaad maakt een ‘houten kop’ het lastiger om je te concentreren op je werk. Hoeveel leveren de contacten die je hebt opgedaan tijdens dat met alcohol besprenkelde bedrijfsfeest, die verenigingsavond, het concert van Beyoncé of een avondje uit in de kroeg op? Uit ervaring weet ik dat er onder het genot van alcohol hele mooie initiatieven en ideeën kunnen ontstaan. Hoe tel je de opbrengsten van deze lastig in geld uit te drukken zaken mee

Wellicht spreek je de man of vrouw van je dromen aan, iets wat je zonder die vijf glazen bier niet zou hebben gedaan en geeft de erop volgende verliefdheid je een hele tijd vleugels? En ook de drankavonden met vrienden die je in je verdere leven blijven helpen en steunen. Is hiermee bij het bepalen van de gevolgen voor de ‘kwaliteit van leven’ ook rekening gehouden?

En ja, de inzet van politie en justitie kost geld. Die inzet levert de direct en indirect betrokken mensen wel inkomen op. Inkomen dat ongeveer even groot is als deze kosten.

Nee, ik hou hier geen pleidooi om flink te gaan borrelen, verre van dat zelfs. Waar het mij om gaat is het omrekenen van alles in geld en economische gevolgen. Wordt de wereld er beter van als aan alles een prijskaartje hangt? Zeker als aan veel belangrijke zaken, geen prijskaartje kan worden gehangen. Bestaat het leven niet uit meer dan alleen de economische kosten en baten van iets?

 

Slimme Hongaren

De Hongaren konden gisteren naar de stembus. De regering van premier Orban vond het nodig dat het Hongaarse volk zich uitsprak over de vraag: “Wilt u dat de EU Hongarije kan verplichten om een bindend aantal allochtone burgers op te vangen, zelfs zonder toestemming van het parlement?” De kiezers konden JA of NEE antwoorden. Om tot een geldige uitslag te komen moest de opkomst vijftig procent plus één kiezer bedragen. Dit aantal werd niet gehaald. Slechts vijfenveertig procent van de Hongaren nam de moeite om naar de stembus te gaan. De kiezers die wel kwamen opdagen, beantwoordden de vraag in overgrote meerderheid met NEE, 3,2 miljoen tegen slechts 168.000 JA-stemmers.

Hungary Referendum

Foto: www.volkskrant.nl

De vicepresident Gergely Gulas interpreteert de uitslag als een ‘verpletterende overwinning’ voor het NEE-kamp. En als je naar het aantal JA, en NEE stemmers kijkt, dan lijkt hij een punt te hebben.

Je zou echter ook kunnen spreken van een verpletterende nederlaag. Iemand van het JA-kamp kon op twee manieren zijn keuze duidelijk maken. De eerste manier was om, zoals 168.000 Hongaren hebben gedaan, JA te gaan stemmen. De tweede manier was door niet te gaan stemmen en te hopen dat de opkomstdrempel niet werd gehaald. Welke mogelijkheid zou de JA-stemmer de grootste kans op winst geven?

Bij welke verkiezingen dan ook, komt een deel van de kiezers niet opdagen. Stel dat dit vijftien procent is. Waarom zou je als slimme JA-man of vrouw komen opdagen? En als met jou minstens vijfendertig procent van de andere potentiele JA-stemmers ook niet komt, haal ik met vijfendertig procent mijn doel. Dan maakt het niets uit of alle NEE-stemmers komen opdagen, de opkomstdrempel wordt immers niet gehaald. Wat zeggen die aantallen? Kun je dan spreken van een ‘verpletterende overwinning?

Kunnen we concluderen dat het Hongaarse JA-kamp het spel slimmer heeft gespeeld dan het Nederlandse JA-kamp bij het Oekraïnereferendum? Als alle Nederlanders die JA hebben gestemd tijdens dat referendum niet waren komen opdagen, was de drempel van dertig procent niet gehaald.

 

Ruttes liberalisme

Het verleden is een mooie winkel om snoepjes uit te plukken die in de eigen kraam te pas komen. Het afschuiven van alle ellende op ‘links’ is tegenwoordig een favoriete bezigheid. Links heeft de ‘gastarbeiders’ naar Nederland gehaald, was de uitvinder van het multiculturalisme, de verzorgingsstaat, de afbraak ervan en nog veel meer. Dit terwijl links nooit een meerderheid heeft gehad. Die politiek werd in die tijd gesteund door de overgrote meerderheid van de bevolking en de politieke partijen. Zo ook historicus Geerten Walink in de Volkskrant: “Links’ staat sindsdien juist voor gelijkheid en democratie – tot aan de guillotine en het strafkamp aan toe – en ‘rechts’ staat voor monarchie en aristocratie en de handhaving van de bestaande orde. Zelfs het nationalisme is een van oorsprong linkse hobby: het was het antwoord van 19de-eeuwse radicalen en liberalen op de traditionele standen- en klassenmaatschappij.”

01 Mr.P.W.A. Cort. van der Linden  Min. Pres. en Min. v. Binnenl. Zaken 1913

Foto: www.geheugenvannederland.nl

Zo omschreven bestaat er geen ‘rechts’ meer. Ja, we hebben een monarchie en nog iets wat op aristocratie lijkt, maar dat is slap aftreksel, een karikatuur van wat het ooit was? Er is geen partij in Nederland die pleit voor het invoeren van de absolute monarchie en het weer invoeren van de feodale, aristocratische standenmaatschappij. Die de individuele vrijheid wil afschaffen, behalve dan een enkele partij voor moslims.

Laten we het eens omdraaien en met de ogen van iemand uit het verleden naar het heden kijken. Het huidige kabinet van VVD en PvdA, zich liberaal en sociaal-democratisch noemend, heeft de afgelopen jaren flink hervormd. De arbeidsmarkt is ‘geflexibiliseerd, de zorg(kosten) zijn ‘beheersbaar’ gemaakt’, via ‘rulings’ hoeven multinationals bijna geen belasting te betalen, banken zijn ‘gered’ ten koste van de belastingbetaler en vervolgens nogmaals ten koste van de Griek, uitkeringsgerechtigden moeten een ‘tegenprestatie’ leveren. Hoe zou iemand uit het verleden naar deze ‘prestaties kijken?

Zou die iemand dan het volgende kunnen concluderen: “Men is getuige geweest van beursmanoeuvres waardoor in korte jaren speculanten miljoenen samenraapten. … Men heeft gezien hoe industrieëlen en planters door lage lonen, door armoede en ellende van duizenden arbeiders tot machtige kapitalisten zijn geworden. Op zulke wijze wordt in onzen tijd (…) het gevoel onrecht geprikkeld en levend gehouden.” Vast een uitspraak van een socialist, Karl Marx bijvoorbeeld. Nee, dit schreef Cort van der Linden, de laatste liberale premier voor Rutte. De man waarmee premier Rutte verwantschap voelt. Zou Cort van der Linden die verwantschap ook voelen of zou hij, zoals Rutger Bregman en Jesse Frederik in hun boekje Waarom vuilnismannen meer verdienen dan bankiers schrijven: “zich omdraaien in zijn graf bij het zien van Ruttes liberalisme”?