De landende kiezer

Vandaag kunnen we gaan stemmen voor een nieuwe Tweede Kamer. Bij de uitslag zal de landing  van de ‘zwevende kiezer’ de doorslag geven. Welk vakje zal hij rood kleuren? Om die ‘zwevende kiezer’ te helpen zijn er diverse kies- en stemwijzers. Je vult in wat je van een stelling vindt en welke thema’s je belangrijk vindt en je krijgt een lijstje met de meest passende partij bovenaan.

SigmundIllustratie: http://www.volkskrant.nl

Er is meer. In de Volkskrant gaf Frank Kalshoven afgelopen zaterdag ‘landingslessen’: in vier stappen je keuze maken zonder de programma’s te lezen. Twee procesmatige: besluiten om te gaan stemmen en afspreken om uiterlijk de dag voor de verkiezingen de keuze te maken. Gevolgd door twee inhoudelijke: de eerste is het grove snoeiwerk en de tweede het fijne snoeiwerk. Als die laatste stap te lastig is, “kun je dinsdagavond met een dobbelsteen bepalen op welke van de drie of vier partijen je gaat stemmen. Je zit sowieso ongeveer goed.” 

Als je toch wat inhoudelijker wilt kiezen, kun je altijd kijken naar vergelijkingen van programma’s op diverse thema’s. Rob Wijnberg heeft dat bij De Correspondent ook gedaan. Op  verschillende thema’s zoals Zorg, Vluchtelingen, Veiligheid, Europa, en nog een aantal andere geeft hij per partij een waardeoordeel: Goed, Medium en Slecht. Een duidelijk en op het eerste gezicht handig overzicht. Zoek de thema’s die je belangrijk vindt, kijk welke partij het beste scoort op deze thema’s en je hebt je keus. Handig toch?

Toch een klein knelpunt. Wat is goed en wat is slecht? Neem bijvoorbeeld het thema Europa, wanneer scoor je daar goed? Wat de ene goed vindt, vindt de ander slecht. Is bijvoorbeeld meer Europese samenwerking goed? Een PVV-er zal dat slecht vinden, een D66-er goed. Of het thema Drugs beoordeel je het legaliseren ervan als goed of als slecht? Met argumenten kun je beide standpunten onderbouwen.

Zijn goed of slecht niet waardeoordelen die afhankelijk zijn van de opvattingen van de persoon met wie je spreekt?

Dad’s Army

De Adviesraad Internationale Veiligheid vindt het: “Hoog tijd dat defensie een issue wordt in de campagne.” Namens de raad bepleiten Joris Voorhoeve en Marcel Urlings dit in de Volkskrant. Door jarenlange bezuinigingen is de staat van het leger dramatisch: ” Nederland nog 913 Leopard II-tanks. Nu zijn het er nog maar een paar.” Die paar schijnen ook nog geleased te worden. Het klinkt een beetje als ‘Dad’s Army’. Hoe het Nederlandse leger ervoor staat, kan ik niet beoordelen. Als deze experts zeggen dat het dramatisch is gesteld met ons leger, dan zal er toch wel iets aan de hand zijn.

Dad's ArmyFoto: UKTV Gold

De Raad heeft ook de oplossing paraat: “we moeten de komende vier jaar eerst naar dat Europese gemiddelde. Om op dat niveau te komen moet er de komende vier jaar jaarlijks ongeveer drie miljard euro bij. Maar de daaropvolgende vier jaar moet je echt naar die 2 procent van het nationaal inkomen.” Als de staat van het leger werkelijk deplorabel is, dan zal er geld bij moeten om de zaak op niveau te krijgen. Toch knelt er iets bij dit pleidooi voor meer geld en voor het besteden van 1,43 en later 2 procent van het nationaal inkomen aan defensie.

Waarom kost een goede defensie 2 procent van het nationaal inkomen? Ja, dit percentage is in NAVO verband min of meer afgesproken. Maar, moet het verbeteren van de staat van het leger en wat breder, de militaire capaciteit van de NAVO, niet beginnen bij de inhoud? Moet het niet beginnen met een analyse welke gevaren er dreigen? Vervolgens wat er nodig is om die gevaren het hoofd te bieden? Zijn daarvoor tanks, vliegtuigen, schepen et cetera nodig en zo ja, welke soort en hoeveel? Pas als dat bekend is, kan er worden berekend hoeveel kosten hiermee gemoeid zijn en hoe die kosten over de landen van de NAVO worden verdeeld. Eerst de inhoud, dan pas het geld. Als dat vervolgens 1,43 of 2 procent van het nationaal product is, dan is dat zo. Het zou echter ook kunnen dat hiervoor minder geld nodig is.

Want zou het niet jammer zijn als we ‘meer leger hebben dan nodig’ terwijl er nog vele andere zaken zijn die om aandacht en geld vragen?

Ajax en de onderwijzer

Tijdens het autorijden luister ik vaak naar Radio 1. Een bericht dat mij niet losliet, handelde over het dreigende basisschoollerarentekort In de Randstad. Om dat dreigende tekort te bestrijden, zijn er meer studenten voor de pabo nodig. Daarom krijgen mbo’ers die naar de pabo willen een krijgen extra een steun in de rug. De toelatingstoetsen vormen nu een drempel en door die steun, een extra ‘training’ van een half jaar, moet die drempel genomen kunnen worden. In dat half jaar moet ze de kennis die ze op het mbo niet aangeboden krijgen, tot zich nemen en kunnen ze wennen aan de andere manier van leren die op een hbo wordt gevraagd.

Ajax en de onderwijzer

Foto: Ajax

Goed dat er maatregelen worden genomen om te zorgen dat er ook in de toekomst voldoende leraren zijn voor de kinderen in het basisonderwijs. Op die basisschool wordt immers de basis gelegd voor de toekomst van onze kinderen. Toch bleef er iets knagen.

Als Ajax, net als trouwens andere voetbalclubs, jeugdigen selecteert voor hun jeugdopleiding, dan halen ze de meest talentvolle spelers eruit, de toppers. Natuurlijk zijn er minder talentvolle spelers of soms zelfs laatbloeiers die ook de top halen via een omweg. De club zal haar selectiesysteem er niet op aanpassen. De kans dat een talent slaagt is immers groter dan dat een minder talentvolle speler de top haalt.

Als het onderwijzen van onze kinderen zo belangrijk is, dan moeten daar onze beste mensen voor worden gezocht? Moet het systeem er dan niet op gericht zijn om juist die toppers voor de klas te krijgen en niet op het verleiden van minder talentvolle jeugdigen? Natuurlijk moet er ruimte zijn voor die minder talentvolle jeugdigen om onderwijzer te worden, maar gaat het systeem erop aanpassen niet wat te ver?

In Nederland gaat inmiddels ruim veertig procent van de kinderen naar een havo of vwo? Daar zitten de toppers tussen, die moeten worden geselecteerd of beter gezegd verleid. En zit dat verleiden niet veeleer in de materiele maar vooral ook de immateriele waardering van het onderwijzersvak? In beloning en maatschappelijk aanzien? Zouden de inspanningen niet daar op gericht moeten worden? Zijn we dat niet verplicht aan onze toekomstige kinderen?

Fietsenband, blinde darm en hartklep

In zijn wekelijkse column in de Volkskrant bespreekt Frank Kalshoven de gezondheidszorg en dan vooral de pogingen om de kosten ervan te beheersen. Hij verzet zich tegen het collectiviseren van de zorg, iets wat enkele linkse partijen lijken te willen en breekt een lans voor de eigen bijdrage.

lekke-band

Foto: Alles Over Fietsen

Om zijn punt helder te maken, vergelijkt hij de zorg met een fietsenmaker: Mensen kiezen er niet voor om ziek te worden. Mensen kiezen er niet voor een lekke band te krijgen. Mensen gaan niet voor hun lol naar de dokter. Mensen gaan niet voor hun lol naar de fietsenmaker. Het gaat wel om hun gezondheid. Het gaat wel om hun mobiliteit.” Twee keer pech en toch  betalen we de dokter, op een kleine eigen bijdrage na, collectief en de fietsenmaker niet. Kalshoven: “ Als we alles wat we niet voor onze lol betaalden, zouden collectiviseren, leefden we hier binnenkort in het paradijs, het Noord-Koreaanse wel te verstaan.” De dokter is, net als de fietsenmaker geen publiek goed: “de diensten van de dokter zijn net zo uitsluitbaar en rivaliserend als die van de fietsenmaker. We zouden zorg net zo kunnen organiseren als de fietsenmakersbranche: afrekenen voor geleverde diensten, pinnen per consult, operatie, medicijn. Bij een echt publiek goed, pakweg Defensie, kan dat niet: we kunnen niemand in Nederland uitsluiten van de bescherming en de bescherming van u rivaliseert niet met die van mij.” Nu leert de geschiedenis dat mensen ook uitgesloten kunnen worden van bescherming door het leger. Zo werd de oostkant van de Maas in de verdedigingsplannen van het Nederlandse leger tijdens de Tweede Wereldoorlog zonder slag of stoot opgegeven, de Maas was de eerste verdedigingslinie. Dat terzijde.

Terug naar Kalshovens vergelijking. Een lekke band is hooguit hinderlijk, een lekkende blinde darm of hartklep dodelijk. De band kan ik zelf plakken, de blinde darm of hartklep niet. Daar heb ik toch echt een arts voor nodig. Eerst om de diagnose te stellen en vervolgens voor de operatie. Bovendien zijn er voor een fiets alternatieven: je kunt lopen, steppen, met de scooter, auto, trein, bus, vliegtuig. Wat zijn de alternatieven voor mijn blinde darm of hartklep?

Het is alsof we voor 50 cent bij de fietsenmaker onze band konden laten plakken. Als mensen dan zouden zeggen: nou, dan ga ik fietsenmaker mijden hoor, dan zouden we zeggen: wat jij wil. Als je zelf niet eens 50 cent wilt betalen voor een dienst die ons allemaal 10 euro kost, is blijkbaar met jouw lekke band goed te leven.” Zo vergelijkt Kalshoven de fietsenband met de doktersbehandeling. Inderdaad is het goed leven met een lekke band. Is dat ook zo met een lekkende blinde darm of hartklep?

Gaat Kalshovens vergelijking niet mank?

Trollenballon of Ballonnentroll?

Moet ik me als Ballonnendoorprikker nu zorgen gaan maken? Zorgen dat ik slachtoffer word van Operatie Gladio van ThePostOnline? TPO is die operatie gestart om ‘Operatie Libero-trollen op te brengen: “Met aangeleverd IP-adres of emailadres kan de trol gemakkelijk worden geband en zo virtueel naar het Oosten worden gedeporteerd zodat wij onze teerbeminde internetfora van vreemde smetten kunnen vrijhouden en het vrije woord, wederom, zal zegevieren.” 

troll

Illustratie: wpmu.mah.se

Ik kan me voorstellen dat u nu de draad dreigt kwijt te raken, daarom even wat uitleg. Eerst Operatie Libero. Het Parool bericht over een groep activisten die hun tegenstanders online willen ontmoeten: “Op ‘rechtse’ fora als GeenStijl en De Dagelijkse Standaard treden zij op als ‘verstandige reageerders’”. Ze noemen zichzelf geen trollen want een troll: “is een alias van een niet bestaand persoon.” 

TPO ziet dit anders: In verkiezingstijd anoniem in gecoördineerde groeps-acties de publieke opinie trachten te beïnvloeden, dat noemt men trolling.” TPO zet de ‘tegenaanval’ in en lanceert Operatie Gladio. Een bijzondere naam trouwens omdat het ook de naam was van het Italiaanse deel van een ‘stay-behind-netwerk’ opgezet door de NAVO en de CIA. Netwerken die bij een Sovjetbezetting het verzet moesten coördineren en in normale tijden de invloed van socialistische en communistische groepen moest beperken. TPO zit niet te wachten op mensen met een andere mening, die moeten ‘virtueel naar het Oosten worden gedeporteerd’.

De mensen achter Operatie Libero geven op hun site wat tips hoe je het beste kunt reageren, voor TPO zijn dit de signalen waaraan je een troll kunt herkennen: “Wees zuinig met CAPSLOCK en UITROEPTEKENS!!! Dat komt schreeuwerig en agressief over. Blijf vriendelijk en beleefd en beledig niemand. Maak ook eens een grap. Blijf bij het onderwerp van de discussie. Blijf positief. Blijf bij de inhoud en ga niet wijzen op spel- en taalfouten. Probeer de strategie van het OMDENKEN.”

Dit lijkt verdacht veel op de manier waarop de Ballonnendoorprikker opereert. Ben ik dan  een troll? Of wil TPO, net als Opiniez, mensen uit een andere ‘bubbel’ weren? De woorden ‘van vreemde smetten vrij’ lijken wel in die richting te wijzen.

Verdwalen in een lachspiegel

Dobberneger, een woord waarmee vluchtelingen en migranten in bootjes op de Middellandse Zee worden bedoeld. Het woord wordt meestal gebruikt door mensen die vluchtelingen en migranten liever naar elders zien vluchten of migreren. Ik wil het hier niet hebben over het al dan niet smakeloos zijn van dit woord en of het wel of niet gebruikt mag worden. Ik wil het hebben over mensen die lijken te verdwalen in de lachspiegel.

theo-maessen

Foto: Omroep Brabant

Want het lijken niet alleen de Duitse studenten in Fulda, waarover ik gisteren schreef, te zijn die verdwalen in hun eigen gelijk. De studenten verdwalen omdat zij het verschil niet kunnen zien tussen Vastelaovend en de werkelijkheid. Ook Bert Brussen, de grote man van ThePostOnline, lijkt te verdwalen in zijn eigen gelijk.

Brussen bekritiseert cabaretier Theo Maassen. Maassen haalde het in zijn hoofd om te reageren op een uitspraak van Carine Crutzen. Zij had verontwaardiging over het woord ‘dobberneger’ stompzinning genoemd omdat het woord slechts een situatie beschrijft. Maassen beweert in zijn ingezonden brief dat het woord meer doet dan een neutrale situatie beschrijven. Tot zover de ‘dobberneger’.

Brussen: “Kijk vijf minuten naar Theo Maassen op een podium en besef: dit is nou iemand die zichzelf superieur waant. En dan lekker zeiken over de superioriteit van anderen. Nogmaals: verschillig! Laf, hypocriet, bescheten, geëngageerd’ moralisme.” De Duitse studenten kijken met hun bril van de werkelijkheid naar de Vastelaovend, een lachspiegel van de werkelijkheid. Zij nemen dat wat zij in de lachspiegel zien, serieus.

Doet Brussen niet precies het omgekeerde? Maassen is een cabaretier, ook iemand die mensen met een lachspiegel naar de werkelijkheid laat kijken. Dit met de bedoeling een serieuze boodschap over te brengen. Dat Maassen cabaretier is, wil dat zeggen dat hij altijd met de lachspiegel werkt?

Beste meneer Brussen, zou het niet kunnen dat Maassen in zijn ingezonden brief met een normale spiegel werkt? Verwart u de cabaretier hier niet met de mens? Verdwaalt u, net als die Duitse studenten, niet ook in een lachspiegel?

Logica van de koude grond

Bij Trouw een kritisch artikel over de zorg voor onze kinderen. Sinds 2015 zijn de gemeenten hiervoor verantwoordelijk en verschillende belangenorganisaties hangen de kat de bel aan. Gemeenten maken er een potje van en steken: “vooral veel tijd en geld in randzaken en controle, oftewel bureaucratie.”  De belangenorganisaties krijgen bijval van kinderombudsman Margrite Kalverboer die een flinke toename ziet van crisisplaatsingen in de gesloten jeugdzorg en onder toezichtstellingen. Volgens Kalverboer is dit een gevolg van bezuinigingen die aanbieders dwingen om voor lagere prijzen te werken. Vreemd is dan wel dat die bezuinigingen juist tot hogere zorguitgaven leiden. Een gesloten plaatsing van een kind is immers een van de duurste vormen van jeugdzorg.

logica

Daar wil ik het echter niet over hebben. Waar ik het over wil hebben is de logica achter de decentralisatie van de jeugdzorg naar de gemeente. Al eerder schreef ik dat die decentralisatie is gebaseerd op aannames, deze keer over een bijzondere vorm van logica.

Vóór 2015 waren de verantwoordelijkheden verdeeld onder gemeenten de provincies, de ministeries van Veiligheid en  Justitie en Volksgezondheid Welzijn en Sport en de zorgverzekeraars. Dit zorgde voor verdeelde verantwoordelijkheden en gecompliceerde, uit achttien stromen bestaande financiering. De Kamerwerkgroep Toekomstverkenning Jeugdzorg  rapporteerde in 2010 over stand van zaken in de jeugdzorg en deed aanbevelingen. een van die aanbevelingen luidde: “Er moet één financieringsstroom komen voor het huidige preventieve beleid, de huidige vrijwillige provinciale jeugdzorg, de jeugd LVG en jeugd GGZ. De komende jaren moeten worden benut om de gescheiden geldstromen te bundelen. De werkgroep realiseert zich dat het bijeenbrengen van de financieringsstromen voor de verschillende sectoren geen sinecure zal zijn, maar acht dit desalniettemin van groot belang.” In eenvoudig Nederlands staat hier: er moet één opdrachtgever zijn, één baas.

Eén overheid moest verantwoordelijk worden en dat werd de gemeente, de overheid die het ‘dichtst bij de burger staat’ want die zou dat het beste op maat kunnen doen, de aanname waarover ik al eerder schreef. En iedere gemeente kreeg grote vrijheid bij het inrichten van die zorg. Maar, zijn er in Nederland niet ongeveer driehonderdtachtig van die overheden? Werd zo achttien niet één maar driehonderdtachtig financiële stromen, opdrachtgevers, inkopers, administratiekantoren en werkwijzen? Welke logica hanteerde de wetgever?

‘Nep-president’?

Ik schreef al eerder over de muur tussen de Verenigde Staten en Mexico. Een muur bedoeld om illegale migranten en ‘slechteriken’ tegen te houden. De regering Trump wil die muur afbouwen en wil dat de Mexicanen de kosten ervan voor hun rekening nemen. Ook de maatregel om mensen uit een zevental landen voorlopig de toegang tot het land te ontzeggen, is bedoeld om ‘slechteriken’ tegen te houden.

al-sahaf

Foto: Scholieren.com forum

Helaas voor de regering Trump, heeft een federale rechter in Seattle dit ‘inreisverbod’ ongrondwettelijk verklaard, zo valt bij Joop te lezen. Trump en de zijnen zijn hier niet blij mee. De ‘Mohammad Saïd al-Sahaf’ van de Amerikaanse regering, voorlichter Sean Spicer noemde het op zijn wilderiaans krankzinnig. Voor degenen die vergeten zijn wie Mohammad Saïd al-Sahaf is, hij was de persvoorlichter van Saddam Hoessein. De man op tv stond te verkondigen dat er niets aan de hand was omdat de Amerikaanse troepen overal aan de verliezende hand waren.

Ook de grote baas zelf liet zich niet onbetuigd. Trump reageerde per tweet: “The opinion of this so-called judge, which essentially takes law-enforcement away from our country, is ridiculous and will be overturned!” En: “We must keep “evil” out of our country!” Ook reacties die zo uit het repertoire van Wilders kunnen komen. Nog even en de Mexicanen betalen graag voor de muur om het  Amerikaanse ‘evil out of their country’ te houden.

Is het niet vreemd dat mensen die het niet eens zijn met Trump en Wilders, ‘nep’ zijn. De Nederlandse nep-parlementariërs zijn op dezelfde manier verkozen als Wilders. Maakt hem dat dan niet ook een nep-parlementariër? De rechters die Trump (en ook Wilders) nep noemt, zijn geheel volgens de regels van het systeem rechter geworden.

Als de regels van het spel ertoe kunnen leiden dat er nep-parlementariërs of nep-rechters een plek krijgen, zou het dan ook kunnen dat er geheel volgens de regels van het Amerikaanse spel een nep-president tot president verkozen wordt?

En voor degenen die Saïd al-Sahaf willen zien en horen:

 

 

 

Feiten en fictie

In de Volkskrant pleit Jannet Vaessen, directeur van WOMEN Inc., ervoor dat mediaprofessionals erkennen dat ze niet neutraal zijn. Mediaprofessionals hebben ook denkbeelden en vooroordelen die doorsijpelen in hun berichtgeving. Vaessen: “Het wordt tijd dat mediamakers naast hoor- en wederhoor en het checken op feiten ook het controleren op onbewuste vooroordelen – noem het een ‘bias-check’ – tot een cruciaal onderdeel van de journalistieke gereedschapskist maken.” Een terecht pleidooi als de media en mediapersoonlijkheden of neutraal en objectief beweren te zijn. De meeste media en mediapersoonlijkheden beweren gelukkig niet dat ze neutraal een objectief zijn.

hannah-arendt

 Illustratie: AZ Quotes

In haar betoog doet Vaessen een heel bijzondere uitspraak: “Feiten zijn belangrijker dan meningen, klinkt het dan. Maar ook feiten zijn niet neutraal. Alleen gedegen duiding maakt feiten interessant en relevant voor een verhaal. Duiding door mensen die, met al hun onbewuste vooroordelen, juist allesbehalve neutraal zijn.” Hier moest ik toch even een paar keer met mijn ogen knipperen. Het staat er echt: ‘feiten zijn niet neutraal’.

Beste mevrouw Vaessen, feiten zijn en blijven juist wel neutraal. Bij het door u aangehaalde voorbeeld van de bezoekersaantallen bij de inauguratie van Trump, kun je allerlei redeneringen uit de kast halen die verklaren waarom er op foto’s minder mensen stonden dan bij Obama. U schrijft: “Is het nou écht het meest interessant om de focus te leggen op de aantallen bezoekers op het plein? Misschien waren er wel voor het eerst heel veel laagopgeleide bezoekers die hiervoor nooit eerder kwamen? En bleven de mensen eigenlijk langer of korter dan vier jaar geleden? Hadden ze meer of minder contact met de andere bezoekers? Media buitelen de afgelopen dagen over elkaar heen met feiten en berekeningen over volkstellingen en metroverkeer om zo hun eigen betrouwbaarheid en neutraliteit te tonen. Maar over het waarom achter de keuze om de bezoekersaantallen zo uit te lichten, gaat het maar weinig.”

In antwoord op de eerste vraag, nee dat is niet interessant. Het werd interessant door reactie erop van Trump, door Trumps duiding. Daarmee creëerde hij een ander feit. In antwoord op al de andere vragen en opmerkingen, het kan allemaal waar zijn en iets verklaren net als de meest eenvoudige verklaring dat er werkelijk minder mensen waren. Feit blijft dat er op de foto’s minder mensen staan dan bij Obama. Dat verandert niet. Feiten zijn en blijven neutraal, de duiding is subjectief.

De muur

Als je het in mijn jeugd over de muur had, dan werd de Berlijnse bedoeld. De, in mijn ogen, beste beschrijving van die muur is Harrie Jekkers van ’t Klein Orkest. In het lied Over de Muur schetst hij het spanningsveld van die Berlijnse muur. De Oost-Duitse, communistische kant die de muur had gebouwd: “Oost-Berlijn, Unter den Linden: er wandelen mensen langs vlaggen en vaandels. Waar Lenin en Marx nog steeds op een voetstuk staan. En iedereen werkt, hamers en sikkels, terwijl in parade-pas de wacht wordt gewisseld. 40 Jaar socialisme er is in die tijd veel bereikt… Maar wat is nou die heilstaat, als er muren omheen staan? Als je bang en voorzichtig met je mening moet omgaan? Ach, wat is nou die heilstaat, zeg mij wat is ie waard, wanneer iemand die afwijkt voor gek wordt verklaard?” Een muur om mensen binnen te houden. Om te voorkomen dat ze naar een beter leven zouden vluchten.

mmuur-mexico

Foto: commons.wikimedia.org

Alleen was het aan de andere kant, in het vrije kapitalistische West-Berlijn ook niet je van het: “West-Berlijn: de Kurfurstendamm!
Er wandelen mensen langs porno en peepshow. Waar Mercedes en Cola, nog steeds op een voetstuk staan. En de neonreclames, die glitterend lokken: Kom dansen! Kom eten! Kom zuipen! Kom gokken! Dat is nou 40 jaar vrijheid, er is in die tijd veel bereikt… Maar wat is nou die vrijheid, zonder huis, zonder baan? Zoveel Turken in Kreutzberg die amper kunnen bestaan.
Goed… je mag demonstreren, maar met je rug tegen de muur en alleen als je geld hebt, dan is de vrijheid niet duur.”

“En de vogels vliegen van West- naar Oost-Berlijn. Worden niet teruggefloten, ook niet neergeschoten. Over de muur, over het IJzeren Gordijn, omdat ze soms in het oosten soms ook in het westen willen zijn. Omdat er brood ligt soms bij de Gedachtniskirche, soms op het Alexanderplein!” Een muur die een Amerikaanse president deed uitroepen: “Ich bin ein Berliner” en een andere riep: “mr. Gorbatshov tear down this wall.” 

Als er nu, begin 2017, over de muur wordt gesproken, dan wordt de muur die president Trump op de grens van de VS met Mexico wil bouwen, bedoeld. Aan de ene kant van de muur de kapitalistische heilstaat. Maar wat is nou die heilstaat, als er muren om heen staan? Als iemand die afwijkt, voor illegaal wordt verklaard. Aan de andere kant het ontwikkelingsland Mexico. Waar je bang en voorzichtig moet zijn om niet het slachtoffer te worden van de oorlog tussen de verschillende drugskartels.

Aan beide zijden van de muur staan ‘ Mercedes en Cola’ op een voetstuk en lokken de neonreclames glitterend om te komen zuipen, gokken en drugs te gebruiken. Goed…. je mag er demonstreren, maar met je rug tegen de muur en alleen als je geld hebt, is de vrijheid niet duur. Want alleen de rijken vliegen van Mexico naar de VS en omgekeerd en ‘worden niet teruggefloten ook niet neergeschoten’.

Een muur om te voorkomen dat arme mensen naar een beter leven vluchten.