Landbouwsubsidies

“Dat zijn de prioriteiten van 30, 40 jaar geleden.” Een uitspraak van minister Blok van Buitenlandse Zaken naar aanleiding van de conceptbegroting van de Europese Commissie. De commissie wil de Europese begroting met €200 miljard laten stijgen en dat is zeer tegen het zere been van minister Blok en premier Rutte, zo valt te lezen bij nos.nl. Tegen het zere been omdat de inkomsten met het Britse vertrek teruglopen en dan zouden de uitgaven dat ook moeten doen aldus Blok en Rutte. Beide heren zijn ook tegen het schrappen van de korting die Nederland krijgt. Daarnaast vindt minister Blok dat er minder geld naar landbouw moet en daarom sprak hij de openingszin van deze prikker. Het gaat mij nu niet om die toename van de begroting, het schrappen van de korting of het verzet van de beide bestuurders, maar om die openingszin.

agricultural-2935273_960_720

Foto: Pixabay

Na te zijn gestart als gemeenschap voor kolen en staal werd landbouwbeleid al snel speerpunt van het Europees beleid en dat is het nog steeds. Na de steun voor de armere regio’s gaat het grootste deel van de  begroting op aan landbouwsubsidies. Je zou, zoals Blok, kunnen betogen dat dit nu maar eens afgelopen moet zijn en dat de landbouwsector maar eens op eigen benen moest gaan staan. Als je kijkt naar de reguliere landbouw, dan is dat een redelijk terecht punt. 

Dus dan de prioriteiten maar verleggen naar andere sectoren dan de landbouw, bijvoorbeeld naar hightech start-ups? Hightech start-ups steunen kan best een goed idee zijn. De successen van de techbedrijven in Silicon Valley is immers ook gebaseerd op overheidsinvesteringen (subsidies) zoals Mariana Mazzucato in haar boek De ondernemende staat laat zien.  

Toch even terug naar die goede oude landbouw. Of eigenlijk niet die goede oude, maar innoverende duurzame nieuwe. Die goede oude draagt immers flink bij aan de vervuiling van het milieu en moet worden vervangen door innoverende nieuwe klimaatneutrale en diervriendelijke landbouw. Zou die vernieuwende landbouw niet ook een goed doel zijn om de subsidie van de ‘oude landbouw’ aan te besteden? 

 

 

Raad van Raadgevende Adviseurs

In de Volkskrant pleit Dave Ensberg-Kleijkers voor de herintroductie van de Raad voor Economische Adviseurs. Herintroductie omdat deze raad, die bestond uit hoogleraren economie en (overheids)financiën en de Kamer gevraagd en ongevraagd advies gaf, al eerder bestond. De raad hief zichzelf op omdat haar adviezen werden gezien als: “‘te columnachtig’, ‘borrelpraat’ en ‘te politiek’.” En haar werk: “de rapporten matig onderbouwd of ‘technocratisch’,”  Ensbergen-Kleijkers wil de raad weer ‘heroprichten’ omdat de Kamer voor haar werk leunt op: “enkele beleidsmedewerkers, sta­giaires en de Algemene Rekenkamer. De beleidsmedewerkers zijn doorgaans jonge, pas afgestudeerde mensen met een te brede portefeuille en (te) veel politieke ambities.” Niet voldoende aldus Ensbergen-Kleijkers. 

Aanbieding_koffertje_Tweede_Kamer_Prinsjesdag_2015_07

Foto: Wikimedia Commons

Zou zo’n raad uitkomst bieden als Kamerleden geen verstand van economie hebben? Nu is er iets vreemds met economen, ze kunnen alle besluiten onderbouwen. Hun ‘advies’ hangt af van hun ‘kijk’ op de samenleving. De ene econoom zal je haarfijn, vanuit zijn ‘kijk’ op de wereld, kunnen uitleggen waarom de afschaffing van de dividendbelasting slecht is. Zijn collega met een andere ‘kijk’ waarom je het juist zou moeten doen. Nu zijn er ook economen, zoals Ha-Joon Chang, die je zullen zeggen dat; “Economie voor 95 procent gezond verstand’” is, “dat ingewikkeld is gemaakt.” En dat: “zelfs voor de resterende 5 procent geldt dat de essentie van de redenering in eenvoudige termen kan worden uitgelegd.” 

Dat zouden zelfs ‘eenvoudige’ Kamerleden moeten kunnen begrijpen. Daar zou geen aparte Raad voor nodig moeten zijn. Waarin verschilt economie trouwens van andere zaken die ‘ingewikkeld en lastig’ zijn? Zou er dan niet ook een Raad van Ethici moeten komen om de Kamerleden te adviseren over ethische kwesties? Een Raad van Historici om te adviseren over historische kwesties? De zaken in het regeerakkoord over ‘Wilhelmuskunde’ tonen de noodzaak daartoe wel aan en dan zat er met Rutte nog wel een historicus aan tafel. Of waarom geen Raad van Informatiedeskundigen om te adviseren over ‘internettrollen’, of een Raad van Automonteurs, Bakkers enzovoorts?    

Vervolgens zou je ook nog de ‘metavraag’ kunnen stellen. Zou er dan niet ook een Raad van Raadgevende Adviseurs moeten komen?

Moslims, knikkers, wetenschap en profetie

Migranten, islam, antisemitisme, woorden die vaak in combinatie voorkomen. Zo ook in een artikel van Robert Bor bij Opiniez. Bor: “Als je weet hoe mensen in moslimlanden over Joden denken, dan heb je een goed beeld welke overtuigingen men meeneemt van het thuisland naar het gastland.” Wat Bor zegt lijkt op het eerste gezicht logisch. Als je een pot met 1.000 knikkers hebt waarvan er 40% zwart en 60% wit zijn en ze zijn goed gemengd, dan zal een willekeurige greep uit de pot ongeveer 40% zwarte knikkers bevatten. Zou dat ook opgaan voor mensen?

marbles-3275438_960_720

Illustratie: Pixabay

Is het per definitie zo dat een deelverzameling (de vluchtelingen) dezelfde overtuigingen meenemen dan de totale verzameling (het thuisland) waaruit ze wordt gehaald? Wat als er regionale of culturele verschillen in opvattingen zijn en vluchtelingen vooral uit een specifieke regio of cultuur komen? Wat als met name de mensen die gruwen van antisemitisme vluchten? Een land met mensen en opvattingen is niet te vergelijken met een pot levenloze knikkers. 

Bor reageert op een rapport waaraan onder andere de Leidse hoogleraar migratiegeschiedenis Leo Lucassen heeft meegewerkt. Lucassen ziet dat anders  en concludeert dat de huidige islamitische vluchtelingen niet de oorzaak zijn van de vermeende toename van antisemitisme. Bor hierover: “Voor degenen die gehoopt hadden dat de sociale wetenschappen op klip en klare wijze nu eindelijk hebben aangetoond hoe het echt zit, zal dit rapport een teleurstelling zijn.” Wetenschap die ‘klip en klaar’ aantoont hoe het echt zit en dan vooral sociale wetenschappen? Wetenschap als een soort god, die zekerheid geeft?

Wetenschap levert kennis, laat licht schijnen op zaken, maar zekerheid? Kan de wetenschapper en vooral een sociale wetenschapper, die bieden? Als wetenschap ‘klip en klaar’ zou aantonen hoe iets zit, als ze zekerheid zou geven, dan zou ze zich niet ontwikkelen. Dan zou de uitdrukking ‘voortschrijdend inzicht’ niet bestaan. Vooral in de sociale wetenschappen beïnvloedt het beweerde het onderzochte, heb je te maken met zichzelf bevestigende en ontkennende beweringen en uitspraken.

De enige zekerheid die een wetenschapper, zeker een sociale wetenschapper, kan geven is dat niets zeker is. Beweert de wetenschapper andere zekerheid te geven, dan is het een ‘profeet’ en moet je met ‘profeten’ niet uitkijken? 

In de sterren geschreven

Een artikel in de Volkskrant over de lancering van Tess (Transit Exoplanet Survey Satellite) zorgde voor een leuke serie van lezersbrieven. Tess is opvolger van Kepler en: “Tess volgt een andere strategie bij zijn speurtocht. (…) Kepler had een relatief grote telescoop waarmee hij diep het heelal in kon turen. De sterren die Kepler bestudeerde, stonden ver weg – honderden lichtjaren. Vanwege zijn grote telescoop kon Kepler maar een klein deel van de hemel bekijken. (…) Tess is kleiner en gaat de complete hemel bestuderen, zowel het noordelijk als zuidelijk halfrond. Maar liefst 200 duizend sterren zal Tess de komende jaren in zijn vizier krijgen, op enkele tot honderd lichtjaren.” Rond die sterren wordt gezocht naar planeten en vooral naar planeten waar leven zou kunnen zijn.

andromeda-galaxy-755442_960_720

Foto: pixabay

De brievencorrespondentie begon met een brief van Uri Lavy. Lavy vindt de miljarden die aan Tess en andere dergelijke zaken worden uitgegeven, verspild geld. Dat er planeten zullen zijn met leven, is voor Lavy een statistisch gegeven. “Maar even duidelijk is dat de mensheid absoluut niets aan het identificeren van zo’n planeet kan hebben – zeker niet zolang we niet met ten minste de snelheid van het licht kunnen reizen. En dan nog, bij aankomst kan blijken dat de moederster intussen allang uitgedoofd is.” Dus verspilling van geld, aldus Lavy.

Een duidelijke redenering waar lastig een speld tussen is te krijgen. Alleen zijn conclusie dat dergelijke investeringen zinloos zijn, wordt betwist door sterrenkundige Lucas Ellerbroek in de Volkskrant. Die investeringen zijn niet zinloos: “Die kennis kunnen we verkrijgen door in eerste instantie de aarde te observeren (onder andere door observatie met  dure! satellieten) en onze plek in het heelal te vergelijken met zijn soortgenoten. (…)  Kennis heeft de mensheid gebracht waar zij nu is. Alleen door meer kennis te verkrijgen en daar wijs mee om te gaan, waarborgen we een gezonde toekomst voor ons nageslacht.” Ook een duidelijke redenering waarbij je wel de vraag kunt stellen of kennis wijs wordt gebruikt? Immers techniek kan ook ten kwade worden aangewend.

Met die opmerking kom ik bij de reactie van Frank Rijckaert. Hij is het volledig eens met Lavy” “maar niet met zijn bewering dat het statistisch duidelijk is dat het aantal planeten waar intelligent leven bestaat naar oneindigheid zal neigen. Er is slechts één waarneming van een planeet waarop intelligent leven voorkomt. Daarmee valt geen statistiek te bedrijven.” En daar heeft Rijckaert een punt, met één waarneming kun je geen statistiek bedrijven. Sterker nog, en dat punt mist Rijckaert, je kunt er zelfs niet de conclusie aan verbinden dat op die ene planeet, de aarde, intelligent leven voorkomt. Wat is immers de schaal waaraan je intelligentie op planeten afmeet? 

Dat er andere sterren met planeten zijn, lijkt zeker. Dat er planeten met leven zullen zijn ook. Of er intelligent leven is en of het leven op aarde intelligent is, dat staat … in de sterren geschreven.

Monniken en kappen

Via een nieuwsflits van een bedrijf las ik over het begrip ‘ de omgekeerde toets’. Wat het is? “Bij de omgekeerde toets worden – kort gezegd – de Participatiewet, de Jeugdwet, de Wet maatschappelijke ondersteuning en de Wet schuldhulpverlening zó uitgevoerd dat niet de bepalingen in die wetten voorop staan, maar de doelen van die wetten en de doelen van de maatwerkoplossing die iemand nodig heeft. Vervolgens wordt bezien of die maatwerkvoorziening kan worden geleverd op grond van genoemde wetten.” Volgens de auteur van het artikel, Guido le Noble, een nieuwe omschrijving voor ‘maatwerk’ en daar heeft hij een punt. 

monniken

Illustratie: Flickr

U schiet vast in de lach als ik beweer dat er geen sector zo vernieuwend is als de overheid. Immers, als er één sector bekend staat als star en behoudend, dan is het de overheid. Behalve dan op het terrein van ‘oude wijn in nieuwe zakken’: een nieuw woord voor iets ouds. Meestal een term die het doet voorkomen alsof het een ‘fris nieuw product’ betreft. Neem het woord ‘ombuigen’ als vervanger voor bezuinigen. Klinkt lang niet zo pijnlijk. Dat even terzijde.

Onder het artikel een reactie van een lezer Corné Stoop die eindigt met: Mijn taak is te toetsen aan wet- en regelgeving waaronder onze verordeningen en beleidsregels. Echter voel ik vanuit de organisatie en collega’s een toenemende druk om buiten deze wettelijke kaders te denken. Ik weet soms niet meer waaraan ik moet toetsen, aan wet- en regelgeving of aan bepaalde standpunten van bijvoorbeeld onze managers of medewerkers. Ik vind het een gevaarlijke ontwikkeling, al dat gemarchandeer met regelgeving. Het werkt willekeur in de hand en de rechtsongelijkheid in de casuïstiek zal alleen maar toenemen.” Begrijpelijk die vrees van een uitvoerder. 

Of toch niet? Inderdaad leidt het selectief omspringen, of marchanderen met regels tot onduidelijkheid of willekeur. Nu is er iets vreemds met regels en maatwerk. Is maatwerk wel te leveren via ‘regels’? Zoals ik begrepen heb, beoogt de wetgever met de  Jeugdwet en de Wmo maatwerk te leveren. Zouden die regels voor de uitvoering dan niet  moeten worden afgeschaft? Of begint het leveren van maatwerk en het voorkomen van ‘willekeur’ niet ergens anders? Niet bij de regels maar bij de persoon die ondersteuning nodig heeft? Als die persoon, zijn levensomstandigheden en zijn vraag uniek zijn en dat wordt als uitgangspunt genomen, kan een oplossing voor zijn vraag dan leiden tot rechtsongelijkheid? Is er dan een ‘precies gelijke monnik die vervolgens kan claimen recht te hebben op precies dezelfde ‘kap’?

 

 

Do the math…

Volgens filosoof Sid Lukkassen is het Westen verdoemd. Lukkassen speelt ook een rol in het artikel in de Volkskrant waarover ik gisteren schreef. De blanke man krijgt het erg lastig: “Zij (hoog opgeleide vrouwen) gaan over de vorming van de jeugd, kunnen jongens zich daar nog in herkennen? … Daarnaast willen deze vrouwen niet downdaten, maar ze willen ook geen saaie accountant, ze wil een ervaring” Vervolgens komt migratie in beeld en dat zorgt ervoor dat: “De westerse beschaving () de verliezer (is). De netto-instroom van migranten uit Noord-Afrika en het Midden-Oosten creëert extra aanbod van jonge, viriele mannen. Zij trouwen wel jong en krijgen wel veel kinderen. Do the math.”

math

Illustratie: Flickr

‘Do the math’. Ik weet niet of de protestanten die uitdrukking in de negentiende en de eerste helft van de twintigste eeuw ook gebruikten. Want toen was de ‘Nederlandse beschaving’ zoals de protestanten het zagen, in gevaar. Wie zorgde er voor dat gevaar? De vermaledijde katholieken. Voor katholieken gold de leus ‘god en vaderland’ immers niet, die liepen aan de leiband van de paus van Rome. En omdat die ‘viriele katholieken’ zich voortplantten als ‘ratten’ zou het niet lang duren voordat ze een meerderheid vormden in dit land. Als dat zou gebeuren dan zou de ‘Nederlandse beschaving’ ten ondergaan.

Wat bleek, die viriele katholieken bleken toch niet zo viriel als gedacht. De roep van de paus en zijn lokale hulp de pastoor om ‘heen te gaan en te vermenigvuldigen’, bleek een stuk minder aanlokkelijk. De geboortecijfers van de katholieken zakten terug tot het niveau van de protestanten of zelfs nog lager. De ontkerkelijking zette in en de paus, ‘popie Jopie’, werd bij zijn bezoek aan Nederland behoorlijk belachelijk gemaakt. Inmiddels hoeft de rest van Nederland die ‘katholieken’ niet meer te vrezen. ‘The math’ bleek ineens heel anders te zijn.

Zou het met die ‘viriele’ mannen uit het Midden-Oosten en Noord-Afrika niet hetzelfde kunnen gebeuren? Hebben die ‘viriele mannen’ geen vrouwen nodig om zich voort te planten? Zouden die hoog opgeleide Nederlandse vrouwen zich hiervoor lenen? Een radicalere variant, niet Lukkassens redenering, die ook in het artikel wordt genoemd, denkt van wel: “ de ‘blanke man’ zal letterlijk verdwijnen door een desastreus verbond van sjw’s, feministen, moslims en Afrikanen.” Een bijzonder verbond waarbij er vanuit wordt gegaan dat alle blanke westerse vrouwen in een dergelijk ‘complot’ meegaan. 

Het meest opmerkelijke is dat Lukkassen er vanuit lijkt te gaan dat de nieuwkomers een uniform ‘waarden blok’ vormen en dat de ‘westerse waarden’ in deze ‘clash of civilisations’ het onderspit gaan delven. 

Sperjesveld

In de Volkskrant houdt Eveline Wagenaar een pleidooi voor meer begeleiding van asielzoekers. Die worden nu veel te veel aan hun lot over gelaten. Dat moet anders: “vluchtelingen klaar (stomen) voor werk met intensieve aandacht voor de taal, een in de betreffende sector gepaste werkhouding, gevolgd door een praktijk-opleiding en vakinhoudelijke en mentale begeleiding tijdens het werk. Hierdoor zouden vluchtelingen binnen zes maanden taalvaardig kunnen zijn, voor werk beschikbaar en uit de bijstand.” Dat zou volgens Wagenaar zo’n 10 mille per deelnemer kosten en: “voldoende kunnen zijn om meer dan 140 mille aan bijstandskosten te besparen.”

asperges steken

Illustratie: Flickr

In haar bijdrage geeft ze een opsomming van knelpunten die ervoor zorgen dat vluchtelingen niet verder komen. Het eerste knelpunt:“Als je twee keer per week drie uur les hebt, zakt de kennis snel weg als je de stof niet oefent.” Vervolgens constateert zij: “Als je slaagt voor het inburgeringsexamen, is het de vraag of je kennis van Nederland voldoende is om werkelijk te participeren in onze samenleving.” Als derde: “Nederlanders en ook vluchtelingen van 30 jaar en ouder hebben geen recht meer op studiefinanciering, dus gesubsidieerd (bekostigd) onderwijs is voor hen niet toegankelijk. Zij kunnen vaak alleen participeren als zij zelf een baan vinden. Als er niets wordt ondernomen, blijft deze groep ‘gevangen’ in de bijstand.”Knelpunten die ervoor zorgen dat de vluchteling zijn weg niet vindt: “Toegang tot de arbeidsmarkt is niet mogelijk zonder beheersing van de taal en aanvullende opleidingen.”

Meer aandacht en begeleiding voor vluchtelingen is iets wat de Ballonnendoorprikker onderschrijft. Toch is er iets aan de redenering van Wagenaar dat knelt. Is het werkelijk zo dat de arbeidsmarkt alleen toegankelijk is als je de taal beheerst en een aanvullende opleiding hebt genoten? Hoe komt het dan dat Oost-Europese arbeiders massaal aan de slag zijn in Nederland? In productiebedrijven, de logistiek en de tuinbouw zijn er velen actief. Zeker in die laatste sector die veel seizoensarbeid kent zoals het aspergesteken waarvoor het nu weer het seizoen is? Velen van hen spreken geen woord Nederlands en zijn toch aan de slag.

Trouwens over dat asperges steken door Poolse arbeidsmigranten gesproken.  Dat wordt door de Venlose muzikant Frans Pollux mooi bezongen in Sperjesveld. Een Venlose vertaling van het nummer Erie Canal, te vinden op zijn prachtige cd Pollux duit Springsteen.

Buitenspelgoal

Wie bepaalt in deze wereld of een land ‘straf’ verdient omdat het iets heeft gedaan wat niet door de beugel kan? Dat zouden de Verenigde naties moeten zijn, zo concludeert ook de Volkskrant in haar Commentaar. Alleen door: “de muur van Russische veto’s tegen pogingen de VN een grotere rol te geven, is het begrijpelijk dat westerse landen buiten de Veiligheidsraad om naar een weg zoeken om Assad te straffen voor het gebruik van verboden ­wapens.” Dat straffen is nu dus weer gebeurd. Syrië is bestookt met een aantal raketten. De Amerikanen, Britten en Fransen straffen het land zo voor het gebruik van chemische wapens. 

buitenspel

Foto: Flickr

Daarmee is ook de vraag beantwoord wie bepaalt welk land straf verdient. Dat zijn landen met macht en invloed. Die kunnen straf uitdelen en, en dat is de spiegel van straf uitdelen, redelijk ongestraft hun gang gaan en regels overtreden. Die kunnen landen binnenvallen, regimes omverwerpen en vervolgens een puinhoop achterlaten. Die kunnen, zoals Saoedi Arabië in Jemen vele slachtoffers maken. Niet met chemische wapens maar met conventionele ‘precisiebombardementen’. Geen haan die er naar kraait, geen vergadering van de veiligheidsraad, geen vergeldingsraket zet ervoor koers naar Riaad, Mekka of welke Saoedische stad dan ook. Sterker nog, het land kan rekenen op flinke wapenleveranties.

Die kunnen, zoals Israel, een heel gebied min of meer van de buitenwereld afsluiten en de mensen die er wonen in feite gevangen houden. Als die mensen zich verzetten en te dicht bij het hek van de ‘gevangenis’ komen of met een steen gooien naar de ‘bewakers’ die ze nooit kunnen bereiken, dan worden ze door sluipschutters of met een tankgranaat uitgeschakeld. Ook hier ‘de muur van’, in dit geval Amerikaanse, ‘veto’s tegen pogingen de VN een grotere rol te geven. Alleen een verschil met Syrië, er zijn geen landen die ‘buiten de Veiligheidsraad om een weg zoeken om Netanyahu te straffen’. Dit terwijl de door een tankgranaat getroffen boer en de door sluipschutters neergeschoten demonstranten net zo dood zijn als de gifgasslachtoffers.  

De Volkskrant: “Ongewild ­signaleren de westerse machten vooral hoezeer ze inzake Syrië buitenspel zijn komen te staan.” Hoezo buitenspel? Als je als voetballer buitenspel staat en je scoort, dan wordt de goal afgekeurd en begint het spel met een vrije trap. Voor de slachtoffers van de buitenspel staande Westerse machten ligt dat anders, die worden niet tot leven gewekt.

Wit voetje?

“Het kabinet Rutte III overweegt een nieuwe militaire missie naar Afghanistan tegen de Taliban. Een select gezelschap van zo’n dertig commando’s en mariniers zouden Afghaanse special forces moeten gaan trainen in Mazar-i-Sharif.” Dit valt te lezen bij Joop. Deze: “Nederlandse plannen sluiten aan bij een Amerikaanse strategieverandering dat de focus verschuift van Irak en Syrië naar Afghanistan. De Amerikanen willen dat Europese Navo-bondgenoten 1.500 van de benodigde 3.000 extra militairen leveren.” 

Battle_in_Afghanistan

Illustratie: Wikimedia Commons

Even iets over Afghanistan. Dat land, of eigenlijk dat gebied, staat bekend als het kerkhof voor grootmachten. De Britten kunnen er verhalen over vertellen uit de oude, negentiende eeuwse doos. In die eeuw vielen ze het land twee keer binnen. Beide keren ‘om te voorkomen’ dat het gebied onder Russische invloed zou komen wat de Britse positie in Indië zou verzwakken. De eerste keer in 1838 en dat ging vrij vlot. Maar daarna begonnen de problemen en stelden de verliezen zich op. Daarom verlieten ze het land in 1842 weer. Veertig jaar later in 1878 volgde een nieuw poging. Ook die kende een vlotte start waarna de ellende begon en de verliezen zich opstapelden. Twee jaar later verlieten ze het land weer.

Ook de Russen, toen nog Sovjets, kunnen erover meepraten. In 1979 vielen zij het land binnen. Of zoals ze het zelf verkochten, ze werden gevraagd door het communistische bewind om een handje te te komen helpen. Ook die poging kende een vlot begin dat vervolgens verwaterde tot een zeer bloedige geschiedenis. In 1989 trokken de Sovjets zich, een ‘ervaring rijker’ en een ‘illusie armer’, met de staart tussen de benen terug.

Rustiger werd het er niet op in het land. De diverse bevolkingsgroepen clans en buitenlandse strijders gingen, nu de gemeenschappelijke vijand weg was, vrolijk verder met vechten, nu tegen elkaar. Zoals we weten brak in 2001 een nieuwe fase aan met de inval van de Amerikanen. En weer herhaalt zich de geschiedenis. Na een snelle eerste slag, bleek de oorlog taai en tot op heden niet te winnen. 

Nu breekt dus, voor de zoveelste keer, weer een nieuwe fase aan. En de Nederlandse regering wil er, wellicht om een wit voetje bij Trump te halen, aan mee gaan doen. Waarom zou deze nieuwe fase wel slagen? Mijn advies: DOE HET NIET! Dan maar geen wit voetje bij Trump.

Kameradschaft

“Je kunt niet ondermijning een bedreiging van de rechtsstaat noemen en tegelijk menen dat je op festivals je pillen moet kunnen pakken en je lijntjes coke moet kunnen snuiven.” Een uitspraak van Wilbert Paulissen chef van de landelijke recherche. Volgens Paulissen is de strijd tegen drugs niet te winnen als de gebruiker niet stopt met gebruiken. Bovendien zijn de kosten van gebruik hoog en is de ‘onwetendheid’ van de gebruiker stuitend: “Ik verbaas me erover dat mensen niet het directe verband onderkennen tussen hun gebruik en het verschijnsel van ondermijning. Ze hebben zorgen over de verstrengeling van belangen tussen onder- en bovenwereld, ze maken zich boos over het chemisch afval dat op grote schaal in de natuur wordt gedumpt, ze schrikken van de liquidaties in het criminele milieu.” Paulissen concludeert dat de gebruiker moet beseffen dat hij hieraan medeplichtig is.

Deutsche Soldaten mit Panzerfäusten

Foto: Wikipedia

Een beetje gebruiker en misschien ook wel veel niet-gebruikers, zullen antwoorden: legaliseer het! Dan ben je van al die negatieve effecten af.

Nu woonde ik vandaag een overleg bij waar een collega eenzelfde verhaal vertelde en aangaf dat de gebruiker of eigenlijk iedereen, moest weten hoe hoog de kosten hiervan wel niet zijn en welk een schade dat dit aanricht. Zou de gebruiker dat trouwens echt niet weten? Toen ik dit hoorde moest ik denken aan een artikel van Rutger Bregman bij De Correspondent. Bregman haalt Amerikaans onderzoek door de Psychological Warfare Division uit de Tweede Wereldoorlog aan. Dat onderzoek moest antwoord geven op de vraag: “Waarom vochten de Duitsers zo hard door? Waarom gooiden niet veel meer soldaten de handdoek in de ring?” 

Ja, waarom? “Misschien, dachten de onderzoekers, had de gemiddelde Duitser niet door hoe slecht ze ervoor stonden. Of misschien waren ze totaal gehersenspoeld en bleven ze daarom doorvechten tot de laatste snik.” Om daar wat aan te doen werden er massaal folders gedropt waarin de Duitse soldaten werd verteld hoe slecht de nazi’s waren en hoe hopeloos de posities van de Duitse troepen. Allemaal tevergeefs. Pas toen Parijs werd bevrijd en de onderzoekers Duitse krijgsgevangenen te spreken kregen, kregen ze een antwoord: “Uiteindelijk vochten ze voor hun makkers, die ze niet in de steek wilden laten.” Tegen deze Duitse ‘Kameradschaft’ werkte geen foldertje. Een beetje onderzoek onder de eigen troepen leerde dat die er hetzelfde over dachten.

Terug naar Paulissen en mijn collega die gebruikers willen voorlichten over de ‘maatschappelijke schade’. Zouden ze meer succes hebben dan de ‘folders uit vliegtuigen’ die de Duitsers moesten overtuigen?