Gelijke behandeling

Geachte informateur van het volgende kabinet,

misschien ben ik een beetje vroeg, er is immers net een nieuw regeerakkoord en Mark Rutte is aan de slag als formateur. Bovendien weet ik nog niet wie u bent, u bent immers nog niet benoemd. Sterker nog er zijn nog geen Kamerverkiezingen in aantocht.

belastingenFoto: Flickr

Toch wil ik even van de gelegenheid gebruikmaken om iets bij u onder de aandacht te brengen en er zijn twee goede redenen om dat nu te doen. U heeft vast de titel van het regeerakkoord gelezen en uit die titel spreekt weinig zelfvertrouwen. Dus voor je het weet, is het nog niet geformeerde kabinet al weer gevallen en zijn er nieuwe verkiezingen. Dan zit mijn brief mooi als eerste in uw dossier. Mocht het kabinet, ondanks dat gebrek aan vertrouwen, toch de hele rit uitzitten, dan voorkom ik zo dat ik vergeet u een brief te sturen. Ik heb hem dan immers al gestuurd én, net als in het eerste geval, zit mijn brief als eerste in uw dossier.

Zo nu terzake, wat is er zo dringend dat ik onder uw aandacht wil brengen, zodat u het met de partijen in de formatie kunt delen? Voor mij als inwoner van dit land is het gewenst om te komen tot substantiële verlaging van mijn inkomstenbelasting en uiteindelijk de volledige afschaffing ervan. Ik ga u niet vervelen met dertien pagina’s tekst zoals de lobby van MKB en LTO Nederland bij de net afgelopen informatie heeft gedaan. Ik hou het bij een kort briefje van nog geen a-viertje.

Het is niet dat ik niet mee wil betalen aan al die mooie collectieve voorzieningen. Integendeel, ik betaal daar graag aan mee omdat ik er profijt van heb. Ik kan over de wegen rijden, de sociale voorzieningen voorkomen dat de straat vol ligt met zwervers en bedelaars, al worden dat er de laatste tijd weer meer. Het vuilnis wordt opgehaald en zo zou ik nog wel even door kunnen gaan.

Nu zult u zich afvragen waarom stuurt die Ballonnendoorprikker mij een brief waarin hij mij vraagt om afschaffing van zijn belastingbetaling als hij geen bezwaar heeft tegen het betalen van belastingen? Dat zal ik u kort uitleggen. Ik ben voor het betalen van belastingen naar draagkracht, zowel door inwoners als door bedrijven en met name deze laatsten is het via uw voorganger Zalm gelukt om zich aan hun maatschappelijke verantwoordelijkheid te onttrekken. In een brief van dertien pagina’s waar ik al over sprak, schreven zij, zo las ik bij Joop: “ voor ondernemers is gewenst te komen tot substantiële verlaging van het vennootschapsbelasting-tarief en (uiteindelijk afschaffing van) dividendbelasting … .” Omdat zij van het kabinet dat nu wordt geformeerd hun zin hebben gekregen, vraag ik u om mijn gelijke behandeling te bepleiten en  dit in het regeerakkoord vast te leggen.

Ik laat het aan u om deze gelijke behandeling in te vullen. Als u een andere manier vindt om die gelijkheid vorm te geven, ben ik ook tevreden.

Met vriendelijke groet, de Ballonnendoorprikker

Ben/Ken de geschiedenis

“We vinden het belangrijk de kennis over onze gedeelde geschiedenis, waarden en vrijheden te vergroten. Deze maken ons tot wat we samen zijn. In Nederland is iedereen gelijkwaardig, ongeacht geslacht, seksuele geaardheid of geloof. Tolerantie naar andersdenkenden is de norm en kerk en staat zijn gescheiden. In Nederland kun je kiezen welk geloof je wilt belijden, of om niet te geloven. Dit zijn waarden waar we trots op zijn en die ons maken tot wie we zijn. Het is van groot belang dat we die historie en waarden actief uitdragen. Het zijn ankers van de Nederlandse identiteit in tijden van globalisering en onzekerheid. Op school leren kinderen daarom het Wilhelmus, inclusief de context ervan.” 

Deze passage is te vinden op pagina 19 van het regeerakkoord met als titel Vertrouwen in de toekomst.

VOC

Illustratie: Wikimedia Commons

Zo op het oog prachtige zinnen, toch knaagt er iets. Als historicus ben ik een groot voorstander van het vergroten van de kennis van het verleden. De genoemde vrijheden en waarden kan ik onderschrijven. Waarom knaagt het dan? Het knaagt vanwege een paar zinnen. Als eerste de zin: “Dit zijn waarden waar we trots op zijn en die ons maken wie we zijn.” Moet ik als Nederlander trots zijn op die waarden en tolerant naar andersdenkenden of anders geaarden? Als dat zo is, hoe komt het dan dat er zoveel intolerante mensen rondlopen? Maken die waarden mijn identiteit of geven ze mij de ruimte om te zijn wie ik ben? Beschermen die waarden en de rechtsstaat die erop is gebouwd ons juist niet tegen gewelddadige uitingen van intolerantie?

Een tweede zin: “Het is van groot belang dat we die historie en waarden actief uitdragen.” Die waarden heb ik in de vorige alinea al besproken, nu het actief uitdragen van die geschiedenis. Wat moet ik me daarbij voorstellen? Wat moet ik dan uitdragen, de trotse VOC mentaliteit van Balkenende, de anti-guerrillatactiek van Van Heutz? Trots zijn op wat we nu als wandaden zouden betitelen? Ik begrijp hoe iemand in die tijd tot dergelijke daden zou komen. Als Van Heutz of Jan Pieterszoon Coen nu nog zouden leven dan zouden ze waarschijnlijk zeggen dat ze ‘met de kennis van nu’ anders zouden hebben gehandeld. Moet ik trots zijn op de prachtig geschilderde ‘selfie’ van de Amsterdamse Nachtwacht, of de prachtige voetbalacties van Johan Cruyff? Hun daden bewonderen ja, maar trots zijn op de prestaties van een ander dat gaat me toch iets te ver.

Nog zo’n zin: Het zijn ankers van de Nederlandse identiteit in tijden van globalisering en onzekerheid.” De waarden opgenomen in de grondwet en wetten zijn de ankers van het samenleven in dit land, daar moet iedereen zich aan houden. Worden Nederlanders met een andere geschiedenis zo niet buitengesloten? Zij liggen immers niet vast aan het ‘historische anker’ en dat wordt hen extra duidelijk gemaakt via de ‘Wilhelmuskunde’. Wordt hier niet gezegd: ‘als ‘ons’ kunnen jullie nooit worden want toen waren jullie er niet.’ Dat die ‘ons’ er toen ook niet waren, wordt voor het gemak even vergeten.

Her wordt gesuggereerd: ‘Ben deze geschiedenis en waarden’. Zou dat niet ‘Ken deze geschiedenis en waarden’ moeten zijn. Eén letter, maar wel een wereld van verschil.

Waldorf and Statler

De samenleving zélf is een opstandige puber geworden. De jeugd regeert. Voor je het weet beland je als bakvis bij Zomergasten of krijg je als blaag het predicaat “een van de spraakmakendste denkers van onze tijd” opgeplakt.”

De kern van het bijzondere  leesbaar artikel van Joris van Os bij TPO. De samenleving als een opstandige puber. Ook vroeger waren er opstandige pubers, net als nu, maar die van tegenwoordig worden op een voetstuk geplaatst en krijgen aandacht, zo betoogt Van Os. Hij haalt hierbij Anne Fleur Dekker en ‘tuigvlogger’ Ismail Ilgun als voorbeelden aan die te pas en te onpas in tv-shows verschijnen. Nostalgisch naar een voorbeeld uit zijn jeugd verzucht hij: “Soms verlang ik opeens heel erg naar meneer Stuifkens. We zitten met z’n allen in zijn rozentuin te pielen en het wordt hoog tijd dat hij tevoorschijn springt om ons een knalharde corrigerende schop voor ons hol te verkopen.”

waldorf and statler

Illustratie: Flickr

De samenleving als puber, een mooie metafoor. Ik zet er een andere tegenover. Zou je de samenleving niet ook een beetje als een lichtelijk dementerende oudere kunnen zien? Een dementerende oudere die knorrend merkt dat hem steeds meer ontglipt met soms nog heldere momenten. In die eerste staat reageert hij boos en verongelijkt als hij niet meer begrijpt wat er om hem heen gebeurt. Dan deugd er niets van de samenleving en zet hij zich af tegen alles wat hem in zijn dementerende staat, niet bekend voorkomt.

Als hij iets meer meekrijgt, dan kijkt hij met jaloezie maar ook een klein beetje plezier naar die vrolijke en bezige jongeren die hem herinneren aan zijn eigen jeugd toen hij, om Van Os te parafraseren, ‘met zijn crossfiets door de rozentuin van de buurman ploegde’. Met jaloezie omdat de jeugd hem is ontglipt en met plezier als hij aan zijn eigen kattenkwaad denkt.

Is hij volkomen helder, dan begrijpt hij dat de tijden zijn veranderd, dat er plek moet zijn voor nieuwe mensen en nieuwe ideeën, dat hij langzaam plek moet maken en dat die ideeën niet van meer van hem zullen komen. Dan realiseert hij zich dat die verandering goed is. Dat de wereld constant verandert en dat je niet in het verleden, zijn verleden, kunt blijven hangen.

Een beetje zoals Waldorf en Statler?

Vertrouwen in …

Vertrouwen: “met zekerheid hopen,”

aldus de Vandale. Karl Marx had ook een rotsvast vertrouwen in de uitkomst van de geschiedenis. Volgens Marx drijft die ons onwrikbaar en onvermijdelijk naar een modern communisme, een klassenloze heilstaat. De uitkomst van de klassenstrijd stond vast, het was een wetmatigheid. Tot op heden is die wet nog niet uitgekomen, maar dat wil niet zeggen dat Marx ongelijk heeft. Wellicht is het nog niet zover.

Ook gelovigen hebben een rotsvast vertrouwen in de uitkomst van het leven. Voor de katholieken is het duidelijk dat je uiteindelijk in de hemel aan Gods zijde of de hel bij de duivel beland. Wat het wordt hangt af van je handelen in het hier en nu. Moslims gaan naar het hiernamaals, sommigen met de zekerheid dat daar 72 maagden op hen wachten. De protestanten wachten op de wederkering van van de Heer die hen, de doden en de levenden, opneemt in zijn eeuwigdurende rijk. Boeddhisten en hindoes keren weder in een andere gedaante.

bus VVVFoto: Flickr

Ik heb er vertrouwen in, hoop het tenminste al is de zekerheid niet absoluut, dat mijn favoriete cluppie VVV (zonder Venlo erachter want de eerste V staat voor Venlose) zich handhaaft in de eredivisie en ik hoop er op (weer ietsjes minder zekerheid) dat komend weekend PSV aan de zegekar wordt gebonden. Dat vertrouwen en die hoop is gebaseerd op de inzet en werklust van de spelers en het strijdplan van coach Maurice Steijn.

Waar vertrouw je op als je op de toekomst vertrouwt, zoals de partijen die gaan regeren doen getuige de titel van het regeerakkoord Vertrouwen in de toekomst? Waar hoop je dan met zekerheid op? Dat de toekomst komt, daar hoef je niet op te hopen, die komt, dat is een zekerheid. Een zekerheid die je hebt totdat je sterft en als je gelooft zelfs ook nog daarna. Een beetje zelfbewust kabinet vertrouwt op het positieve effect van de maatregelen die het neemt. Dit kabinet Rutte III lijkt dat niet te doen, dan zouden ze de toekomst met vertrouwen tegemoet zien.

Zouden ze vanwege juist het gebrek aan vertrouwen in de maatregelen in het regeerakkoord met zekerheid hopen dat zij snel worden verlost van elkaar? Zouden ze dat bedoelen met vertrouwen in de toekomst?

Leven in Allenistan

De Nederlandse staat doet er alles aan om mijn mijn recht als volk op zelfbeschikking te ontnemen. Ze blijft mij lastigvallen met blauwe brieven. Als ik volhoud en deze niet betaal, dan valt Nederland mijn land binnen en ontvoert mij naar een gevang in Nederland. Ik ben dan wel maar een heel klein volk, maar toch. Als volkeren recht hebben op zelfbeschikking, dan geldt dat voor alle volkeren dus ook voor mij als volk. Dit kwam bij me op toen ik het artikel van Ewout van den Berg bij Joop las.

karl marx

Foto: Flickr

“De Spaanse staat doet er alles aan om de Catalanen hun recht op zelfbeschikking te ontnemen.” Aldus de eerste zin van zijn artikel waarin hij beweert dat een socialist het recht op zelfbeschikking van de Catalanen wel moeten erkennen, neutraal blijven in dit conflict is niet mogelijk. Maar dit betekent niet dat: “socialisten illusies koesteren in een eigen staat. De Catalanen kunnen breken met Rajoy en de Spaanse staat, maar zolang er niet gebroken wordt met het kapitalisme zullen publieke voorzieningen in Catalonië evengoed geprivatiseerd worden als dit is wat nodig is om de winsten van het ‘eigen’ bedrijfsleven te verhogen.” 

Nu zijn er goede redenen om publieke voorzieningen niet te privatiseren en de huidige vorm van kapitalisme eens grondig op de schop te gooien. Iets wat de Ballonnendoorprikker al veel langer wil. Zou ik dan op de steun van Van den Berg mogen rekenen als ik me morgen onafhankelijk verklaar? Als ik gebruik maak van mijn recht als volk op zelfbeschikking? Dan kan ik immers ‘breken met het kapitalisme’ en mijn eigen samenleving inrichten. Nou ja samenleving, meer een ‘alleenleving’ omdat mijn samenleving uit mij alleen bestaat en als jullie dat ook allemaal doen, dan bestaat de hele wereld uit individuen met zelfbeschikking en onafhankelijkheid.

Absurd? Waarschijnlijk wel. Toch is dit een logische conclusie uit de redenering van Van den Berg. Want als de Catalanen of de Limburgers recht hebben op zelfbeschikking, dan hebben de Barcelonezen en Venlonaeren dat ook, en zo kun je doorgaan tot op het individuele niveau. Zou dat wenselijk zijn? Iedereen zijn Allenistan?

In de Volkskrant concludeerde de Amerikaanse hoogleraar: “waarschijnlijk worden absolute eisen tot zelfbeschikking een bron van geweld.” Zouden we niet precies de andere kant op moeten, niet zelfbeschikking maar ‘samenbeschikking’? Naar een post nationale samenleving? Een samenleving voorbij de natiestaat? Zou dat socialisten niet meer aan moeten spreken dan zelfbeschikking, dan worden immers de proletariërs aller landen verenigd? Dit schrijvend, realiseer ik me dat de wind de andere kant opwaait. Zie bijvoorbeeld het nieuwe kabinet dat juist ‘nationale trots’ wil aankweken via bijvoorbeeld ‘Wilhelmuskunde’.

Culturele toedeling

“Tegenstanders van de traditionele Zwarte Piet wijzen op het racistische uiterlijk, de stereotypische karikatuur van de zwarte mens, het gebruik van ‘blackface’ in een kinderfeest. Fans van Zwarte Piet buitelen vervolgens over elkaar heen om die vergelijkingen te ontkennen: nee hoor, is niet hetzelfde, dit komt van de schoorsteen. Doe me even een lol. Zoek een plaatje van zwarte piet en zoek vervolgens een plaatje van een blackface minstrel uit de VS,”

Aldus Pascal Vanenburg bij Joop. Na het lezen van dit citaat moest ik denken aan het begrip culturele toe-eigening, het door de dominante ‘witte’ cultuur overnemen van zaken uit de cultuur van een minderheid. Bijvoorbeeld de Maori-tatoeage op een blanke Amsterdamse arm.

nandi

Illustratie; Wikimedia Commons

Als er sprake kan zijn van culturele toe-eigening, zou er dan ook sprake kunnen zijn van culturele toedeling? Het aan een bepaalde cultuur koppelen van zaken uit een andere cultuur en daarmee het importeren van argumenten uit die ene cultuur voor jou zaak in de andere? Zo kom ik bij Vanenburg, hij legt een verband tussen de Amerikaans, Engelse ‘blackface’ en ‘Zwarte Piet’. Iets wat Sunny Bergman in haar documentaire Zwart als roet’ ook doet. Wordt door een koppeling te leggen tussen twee ‘culturele uitingen’ die niets met elkaar te maken hebben, niet de beleving, de verontwaardiging en afschuw over de ene uiting aan de andere toebedeeld?

Zo is er veel te zeggen over de wreedheid van het stierenvechten, het doden van een dier voor het plezier. Zouden die argumenten worden versterkt door ze in India te laten zien en de Indiër zijn afschuw te laten uitspreken over deze barbaarse behandeling van dit heilige vervoermiddel van de god Shiva? Deel je dan de Spaanse stierengevecht cultuur niet iets toe dat er geen onderdeel van uitmaakt?

Een ander voorbeeld. De Vastelaovend, een traditie waarbij mensen zich verkleden en zo de bestaande orde op de kop zetten. De bestaande orde op de hak te nemen. Als je deze context niet begrijpt of weglaat, dan zie zou je stereotypen die je als belediging of zelfs als racistisch kunt ervaren kunnen zien. Deel je de Vastelaovescultuur zo niet iets toe dat er geen deel vanuit maakt?

Moeten we niet heel voorzichtig zijn met ‘culturele toedeling’? Voorzichtig omdat zo argumenten en sentimenten in de strijd worden gegooid die er eigenlijk geen plaats in hebben. Argumenten en sentimenten die  mensen verdelen en ons verder van huis brengen. Om bij Zwarte Piet te blijven, dat er mensen zijn die zich niet prettig voelen bij Piet is voldoende aanleiding om naar de ‘vorm en kleur’ van piet te kijken. Daar hebben we de Amerikaans, Engelse blackface niet voor nodig.

Alles van waarde …

Deze week las ik een stuk van een blogger. Deze blogger schreef over haar ervaringen als taaldocent voor nieuwkomers. Zij lijkt haar hart te hebben verpand aan deze groep mensen en wil iets voor ze doen. Eén klein probleem:

“Als ik het internet afstruin op zoek naar werk met vluchtelingen, worden buiten de betaalde docenten haast alleen vrijwilligers gevraagd. Zelfs voor banen met een HBO werk- en denkniveau. Dus dan zou ik als hoog opgeleide niets verdienen met een baan als maatschappelijk begeleider of coördinator taalcoach. Belachelijk!”

Hier moest ik aan denken toen ik las over een ‘geweldig’ plan van het aanstaande kabinet.

Lucebert

Foto: Wikimedia Commons

Welk plan? Nou, dat jeugdigen maatschappelijke dienst kunnen gaan vervullen. “Jongeren die vrijwillig een ‘maatschappelijke diensttijd’ doorlopen, krijgen een certificaat dat voorrang biedt bij sollicitaties bij de overheid,” zo valt te lezen in Dagblad de Limburger en diverse andere media. Geweldig plan? Als je aanhanger van de beide christelijke partijen bent dan zul je het wellicht geweldig vinden en jammer dat het geen plicht is. Hoe zou het bij een plicht trouwens moeten werken met die voorrang bij sollicitaties? Dan zou immers iedere jeugdige zo’n certificaat hebben. In hun zoektocht naar werk zijn veel jongeren al als vrijwilliger actief via onbetaalde werkervaringsplaatsen, stages waar afgestudeerden echt werk verrichten zonder betaling om werkervaring op kunnen doen. Zou dat ook meetellen?

Ik moest aan het artikel van de blogger denken omdat bij de maatschappelijke dienst wordt gedacht aan: “werken in de zorg, met vluchtelingen of in wijkcentra.” Nee, het is niet de bedoeling dat de werkzaamheden die met deze dienst worden vervuld, gaan concurreren met betaald werk. Als je het mensen vraagt dan zullen velen dit werk belangrijk en waardevol vinden. Belangrijk en waardevol, maar als samenleving besteden we er geen geld aan. Dat moet allemaal vrijwillig, want geld mag het niet kosten.

…is het niet vreemd dat alles van waarde niets mag kosten en dat er belachelijke bedragen worden betaald voor eigenlijk waardeloze zaken zoals een mobieltje.” Zo reageerde ik op het artikel van de blogger. Het nieuwe kabinet kiest voor het mobieltje, niet voor het waardevolle.

Slavernij en rassenleer

Als historicus kijk ik uit naar de bijdragen die bij De Correspondent gepubliceerd gaan worden in het kader van de door dit medium uitgeroepen ‘Maand van de Verzwegen geschiedenis’. De Correspondent gaat: “onderzoekers en schrijvers die een groter podium verdienen,” dit podium bieden met als uitdaging om: “meer perspectieven op de geschiedenis,” in de schoolboeken te krijgen.

slavernij

Illustratie: Flickr

Niets mis mee, meerdere perspectieven. Zeker niet omdat geschiedenis meestal door de ‘overwinnaars’ en de ‘powers that be’ wordt geschreven en daarbij worden negatieve aspecten van die overwinnaars vaak ‘vergeten’. Onder het aankondigende artikel werd al flink gediscussieerd door lezers en de betreffende onderzoekers en schrijvers. Het thema slavernij kwam hierbij al vrij snel en veel aan bod. Een van de onderzoekers en schrijvers, Miguel Heilbron, nam met name deel aan de discussie omtrent het slavernij verleden en schreef het volgende: “Maar hierbij lijkt wel vergeten te worden dat de transatlantische slavernij door Europeanen een nieuw element introduceerde, namelijk een rassenleer over superieure witte mensen en inferieure zwarte mensen, en het dehumaniseren van zwarte mensen om slavernij te legitimeren. Ideologieën hieromheen zijn honderden jaren verder ontwikkeld en gereproduceerd en werken door tot op de dag van vandaag. Het lijkt me belangrijk de link te leggen met hedendaags racisme en te zien waar dit vandaan komt.” Een redenering die je tegenwoordig vaak hoort en door menigeen wordt verkondigd.

Toch knelt er iets aan deze redenering. De transatlantische slavenhandel kreeg vanaf begin zestiende eeuw de wind in de zeilen en ging door tot het moment dat de slavernij werd afgeschaft in 1867 en kende haar hoogtepunt in de achttiende en begin negentiende eeuw. Een handel waarbij Europese kooplui, waaronder Nederlanders, slaven kochten op de markt in Afrika, hen verscheepte naar de andere kant van de Atlantische oceaan en ze daar weer verkocht aan plantagehouders. Aan deze handel werd flink verdiend en dat was dan ook de drijfveer achter deze handel.

Volgens Heilbron werd dit ideologisch ondersteund door een rassenleer over superieure witte mensen en inferieure zwarte mensen’. Bekijken we echter het ontstaan van de rassenleer, dan zien we dat deze eind negentiende eeuw pas werd ontwikkeld door Duitse en Franse wetenschappers. Niet in verband met slavenhandel, de Duitsers namen daar niet aan deel. Nee, in verband met het opkomend nationalisme.

Hoe kan een leer die pas na de afschaffing van de slavernij ontstond, een nieuw element zijn in de transatlantische slavenhandel? Ik ben benieuwd naar Heilbrons ‘alternatief’ voor dit feit.

‘Alternatieve, krachtige’ liberalen

“Een voorstander van een zo groot mogelijke vrijheid op economisch en cultureel gebied, van een zo gering mogelijke overheidsbemoeienis,”

De betekenis die de Van Dale geeft aan het woord liberaal. Zo helder als deze definitie is de politieke betekenis van liberaal niet. Centraal in deze definitie staat het begrip vrijheid en zoals Isaiah Berlin in zijn boek Twee opvattingen over vrijheid liet zien kun je vrij zijn ‘van’ (negatieve vrijheid) en vrij zijn ‘om’ (positieve vrijheid).

liberaal

Illustratie: Liberale verkiezingsaffiche, 1958 | Campaign poster, Belgi… | Flickr

Vrij ‘van’ dwang en inmenging door anderen waaronder een overheid. Vrij ‘om’ dat te doen wat iemand wil. Iemand kan vrij zijn van dwang en inmenging maar toch niet vrij om dat te doen wat hij of zij wil. Zo kan het hem of haar aan de middelen (geld, voedsel) ontbreken om dat te doen wat hij wil. Dat zijn zoals Berlin schrijft: “twee sterk afwijkende, onverenigbare houdingen ten opzichte van de doeleinden van het leven.” 

Vanwaar deze uitwijding over het liberalisme en vooral vrijheid? Omdat het verkiezingsprogramma van Leefbaar Rotterdam (LR) samen met het Forum voor Democratie (FvD) komende gemeenteraadsverkiezingen de slogan: “het krachtvoer voor echte liberalen,” draagt, zo is bij de NOS te lezen.

Wie zijn die ‘echte’ liberalen’ die de beide partijen van krachtvoer willen voorzien? En hoe ziet dat krachtvoer eruit? Daarvoor zou het programma moeten worden bestudeerd. Het jammere is dat dit nog niet te vinden is op het Net. Wel al enige eerste punten. Zo zijn straten ‘voor veel mensen onherkenbaar. Er zit geen groenteboer meer maar wel een Marokkaanse slager. Om daar wat aan te doen moet er een vestigingswet komen. Een wat? Een wet die het mogelijk moet maken om die Marokkaanse slager te weren, zo valt te lezen bij De Dagelijkse Standaard.

Krachtig ‘voer’ maar wat is er liberaal aan? Hoe bevordert dit idee de vrijheid op economisch en cultureel gebied? Wordt de Marokkaanse slager zo niet belemmerd in zijn economische mogelijkheden? Worden de Marokkaanse slager en zijn klanten niet belemmerd in hun culturele vrijheid? Verkleint het niet de vrijheid ‘van’ dwang en inmenging, de negatieve vrijheid? Om over de positieve vrijheid, de vrijheid ‘om’ maar te zwijgen.

Er zijn politici die er ‘Alternatieve feiten’ op na houden. Zouden LR en het FvD er een nog onbekende ‘alternatieve’ versie van het liberalisme op na houden? Een versie die de vrijheid vergroot door ze te verkleinen?

Data or Utopia

Wanneer we echt willen verbinden, wanneer we écht samen met kiezers oplossingen willen realiseren voor de problemen waar ze mee zitten, dan moeten we werken aan een progressief alternatief voor de ‘big data boeven’ van deze wereld. Dan moeten we juist digitale bruggen bouwen. Een brug van de politiek naar de samenleving, en van de samenleving naar de politiek. Zo willen wij data inzetten om mensen weer te verbinden. Het is tijd voor ‘data for good’.”

Dit schrijven de duo-kandidaten voor het PvdA voorzitterschap Astrid Oosenbrug en Frans van der Sluijs bij Joop en zij constateren dat nu met name rechtspopulisten data gebruiken om kiezers te trekken. ‘Data for good’ moet hieraan tegenwicht bieden volgens de schrijvers.

Utopia Thomas More

Foto: Wikimedia Commons

Data, de panace van alles zo lijkt het. Bedrijven die data verzamelen om precies op maat in je behoeften te voorzien, of eigenlijk te voorzien in behoeften waarvan je niet wist dat je ze had. Het meest recente voorbeeld hiervan is de PSD2 richtlijn van de Europese Unie. Die richtlijn verplicht banken om bankgegevens te delen met bedrijven. Gegevens bij wie je op welk moment wat koopt. De belangrijkste vraag, van wie deze gegevens zijn van de bank of van de klant van de bank, wordt niet gesteld. “Brussel wil allerlei start-ups de kans geven zelf slimme diensten voor consumenten te ontwerpen. Hoe meer partijen er innoveren, hoe sneller de financiële technologie (fintech) vooruitgaat en dat zal leiden tot meer betaalgemak voor consumenten en tot lagere prijzen, is de gedachte.” Zo valt te lezen in de Volkskrant. Via de bedrijven komen deze gegevens uiteindelijk ook bij de politieke partijen die, aldus Oosenbrug cs, gebruiken voor micro-politiek: “een op maat gemaakte boodschap in elkaar (…) zetten. Eentje die inspeelt op jouw zorgen, op jouw angsten en op wat jij belangrijk vindt.” Oosenbrug cs. willen hier goede micro-politiek tegenover stellen, micro-politiek die ‘verbindt’.

Zou dat lukken, verbindende micro-politiek? Moet je, juist als je mensen wilt verbinden, niet het micro niveau verlaten? Een supporter van Ajax en Feyenoord krijg je op clubniveau niet met elkaar verbonden. Dat lukt wellicht wel op een hoger niveau: de liefde voor het voetbal. Zou het met politiek en verbinden niet precies zo zijn? Zouden Oosenbrug cs niet op zoek moeten naar dat hogere niveau?

In haar meest recente boek No is not enough komt Naomi Klein tot een soortgelijke conclusie. Voor werkelijke verbinding en tegenwicht tegen de ‘Trumps’ van deze wereld, is nee zeggen niet voldoende, er moet een positief ideaal tegenover staan. Een ideaal dat mensen bindt en verbindt. Zij haalt hierbij Oscar Wilde aan die dit op de volgende manier treffend onder woorden bracht:

“A map of a world that does not include Utopia is not worth even glancing at, for it leaves out the one country at which Humanity is always landing. And when Humanity lands there, it looks out, and, seeing a better country, sets sail.”