Stijd der culturen

Sid Lukkassen betoogt bij ThePostOnline dat: “De existentiële uitdaging voor het Westen (…) niet (komt)  vanuit jihadisten. Die komt vanuit de subtiele culturele en demografische invloeden die worden toegepast vanuit de moslimgemeenschap om islamieten steeds rechter in de leer te duwen, wat gepaard gaat met een desecularisering en islamisering.”  Want er is in Europa en ook in Nederland een strijd aan de gang tussen culturen en: “een strijd tussen culturen is een strijd om welke cultuur zal voortbestaan.” Om die strijd te kunnen aangaan moet er: “een Leidcultuur op expliciet Europese leest worden gedefinieerd die ook beleidsmatig consequent moet worden uitgerold, opgelegd en afgedwongen.” Een bijzonder betoog.

Unknown

Foto: Flickr

De meeste ‘strijders’ tegen de islam hebben ook weinig op met Europa, dus zal het nog een flinke strijd worden om die Europese Leidcultuur te bepalen. Dit roept meteen ook de vraag op aan wie de ‘eer’ toekomt om mee te mogen bouwen aan die ‘Leidcultuur. Hoe groot is de kans dat het komen tot die Leidcultuur een lijdensweg wordt? Dat even terzijde.

Wat bijzonder is in zijn betoog is dat die andere cultuur in de strijd van Lukkassen maar één kant op lijkt te kunnen gaan, namelijk die van ‘desecularisering en islamisering’ veroorzaakt door: subtiele culturele en demografische invloeden die worden toegepast vanuit de moslimgemeenschap om islamieten steeds rechter in de leer te duwen.” Bijzonder omdat dit inhoudt dat de islam na Mohammed seculierder is geworden. Als dat niet was gebeurd, dan zou de islamitische cultuur nu niet in de richting van de echte leer van Mohammed geduwd hoeven te worden.

Dat er een seculiere of seculierdere versie van de islamistische cultuur mogelijk was, erkent Lukkassen als hij onderzoek aanhaalt: “dat de latere generaties militanter met hun geloof omgaan dan de gastarbeiders. Gek is dat niet want het Turkije van toen was meer seculier dan het hedendaagse Turkije.” Als de islamitische cultuur al eens eerder seculierder is geworden, zou dat nu of in de toekomst dan niet weer kunnen gebeuren? 

Zouden er dan niet ook nog andere mogelijkheden zijn om die ‘strijd der culturen’, als die er al is, aan te gaan? 

 

Party poopers

“Bijna driekwart van de professionals bij gemeenten geeft aan niet voldoende kennis in huis te hebben over smart city-toepassingen.”  Dit blijkt uit een onderzoek waarover de site binnenlandsbestuur.nl bericht. Omdat ik werkzaam ben bij gemeenten betrok ik die conclusie op mezelf: heb ik er voldoende kennis van?

big-brother-2783030_960_720

Illustratie: Pixabay

“Doel van een slimme stad is de levenskwaliteit te verhogen door de stad efficiënter te organiseren en de afstand tussen de inwoners en het bestuur te verkleinen,” zo is te lezen op wikipedia. Een prachtig doel of eigenlijk twee. Hoe moet dat doel worden bereikt? “Alle onderdelen van de stad zijn verbonden via een netwerk van sensoren, internet en hoogstaande technologische apparaten met als motor het internet der dingen.” Dus door nog meer te meten, gegevens te verzamelen. Via sensoren en camera’s worden gegevens verkregen. Mijn vuilnisbak geeft door als hij geleegd moet worden en rijdt automatisch naar de straat. Dan moet hij wel de tussenliggende poorten kunnen openen. Dat is technisch best te realiseren. Handig. De tech-bedrijven zullen de slimme stad met dergelijke mooie voorbeelden verkopen. “Een stad waarbij informatietechnologie en het internet der dingen gebruikt worden on de stad te beheren en besturen.” 

Is het ook zo handig dat wordt bijgehouden hoevaak mijn bak vol is? En ik er allemaal ingooi? Dat via de lantaarnpaal voor ons huis wordt bijgehouden wie er hoevaak op bezoek komt? Wikipedia stelt een cruciale vraag: “is het wel ethisch verantwoord om de macht te leggen bij een aantal technologische bedrijven?” Zeker omdat: “Het concept is ontstaan door de techindustrie. Doordat steden aan de grond liggen van economische ontwikkeling en dit in combinatie met de technologische revolutie, is de slimme stad een goudmijn met een miljardenomzet.” Staat dat ‘beheren en besturen’ echt centraal of draait het om geld?

Nu zijn er steden die een democratische ‘slimme stad’ willen zijn, Barcelona bijvoorbeeld, zo las ik op bij mo.be. Die willen: “‘technologische soevereiniteit’: dat er democratische controle moet komen over stedelijke technologie, met participatie van onder uit en data commons.” Een andere insteek die wellicht meer aanspreekt. Alleen is ‘democratie’ een rekbaar begrip. Poetin en Erdogan noemen zich ook democraat en zelfs in ons eigen land wordt de dividendbelasting afgeschaft terwijl een overgrote meerderheid van de mensen en politieke partijen tegen is. Dus welke garantie geeft ‘democratische controle’?

Welke insteek je ook kiest, een slimme stad zal het ‘beheren’ verbeteren, of het besturen verbetert is maar zeer de vraag. Dat de bestuurder veel meer gegevens van de inwoner heeft, zal wel, maar wordt daardoor de ‘afstand’ tussen beiden kleiner? Die zou ook zomaar groter kunnen worden als de inwoner het gevoel krijgt ‘bespied’ te worden. Dan verliest de inwoner het vertrouwen in die ‘systemen’ en in de overheid of de bedrijven die ze beheren en exploiteren. Dan zal die inwoner zoeken naar manieren om het systeem te ‘foppen’

Besturen is besluiten nemen, gegevens kunnen daarbij helpen maar ook hinderen. Je hebt niets aan gegevens alleen, het gaat om kennis: de verbanden tussen die gegevens. Meer informatie betekent niet automatisch betere besluiten. Zo zou je kunnen besluiten om de verkoop van ijs te verbieden omdat hoge ijsverkoop correleert met veel verdrinkingsdoden. Alleen zal dat geen effect hebben want mensen gaan het water in omdat ze verkoeling zoeken, niet omdat ze een ijsje aten. Daar komt bij dat gegevens iets zeggen over het verleden, ze zeggen niets over de toekomst. Als we vervolgens kijken naar de belangrijkste ontwikkelingen in de geschiedenis van de mensheid, dan zijn dat bijna allemaal breuken met het verleden. Als de uitvinder van het wiel, wie dat ook geweest is, alleen maar naar het verleden had gekeken, dan hadden we nu nog steeds geen wiel gehad. Dan waren we, om sneller te kunnen reizen, snellere paarden aan het fokken in plaats van de auto uit te vinden.

Weet ik nu voldoende over ‘smart city-toepassingen’? Geen idee, immers wat is voldoende en wie bepaalt dat? Weet je er voldoende van als je vrolijk meedoet aan het enthousiasme van de tech-bedrijven en bestuurders die op dit gebied willen scoren? Wat ik in ieder geval weet is dat we dit niet aan die techneuten en enthousiaste bestuurders alleen moeten overlaten. Zou het geen goed idee zijn om  naast die techneuten ‘filosofen’ in dienst te nemen? ‘Party poopers’ die vragen blijven stellen, die zaken ter discussie stellen, die niet meegaan in het ‘enthousiasme’ van het moment, die niet met de lemmingen meelopen? Zou dat niet tot betere besluitvorming leiden, niet alleen over de ’smart city’ trouwens. Zou het niet ‘smart’ zijn van de ‘city’ als zij dat deed?

Maar ja, welke organisatie neemt mensen in dienst die het feestje lijken te bederven? 

Habers, harten en herauten

“Wij hebben een vrije democratie, dit filmpje is weerzinwekkend.” De reactie van minister Grapperhaus op het filmpje waarin Wilders wordt bedreigd. Dat filmpje is op internet gezet door een Pakistaan die inmiddels is gearresteerd. Ik heb het filmpje niet gezien, ga het ook niet bekijken en geloof meteen dat het weerzinwekkend is. Iemand bedreigen is altijd weerzinwekkend. Bij een bericht er direct voor of erna, moest ik ook aan het woord weerzinwekkend denken.

lion_king_PNG51

Illustratie: pngimg.com

Een bericht over de Armeense kinderen Lilli en Howick die groot risico lopen om te worden uitgezet naar hun geboorteland Armenië. Een  geboorteland dat ze zich niet meer kunnen herinneren omdat ze nog geen vier waren toen ze met hun moeder naar Nederland vluchtten. Inmiddels zijn ze twaalf en dertien en hebben hun gehele bewuste jeugd doorgebracht in Nederland. Hun moeder is verleden jaar naar Armenie uitgezet en de kinderen willen hier niet weg en zouden het liefste hun moeder terug willen.

Ik moest aan het woord weerzinwekkend denken toen ik hoorde wat verantwoordelijk staatssecretaris Harbers te zeggen had. Habers laat weten dat er ‘in het dossier veel meer speelt dan mensen via de media vernemen’. Wat zouden die twee kinderen van twaalf en dertien doen of wat hebben ze gedaan dat zo erg is dat ze weg moeten? Voor welke zelf begane daden moeten ze verantwoording afleggen? Volgens de staatssecretaris zou dat oneerlijk zijn voor anderen die na een negatief besluit wel vertrekken. Bij niet eerlijk moet ik altijd aan een monoloog van Scar in de Lion King 1 denken als hij met een muisje speelt: “ Life’s not fair you see. For I will never be King and you will never see the light of another day.” Een zeer ware uitspraak omdat het leven niet eerlijk is. Want is het eerlijk dat ik in Nederland ter wereld ben gekomen en van alle voordelen die dit land biedt, kan genieten en Lilli en Howick in Armenië?

Volgens Habers is er: “geen reële oplossing zodat ik met de hand over mijn hart kan strijken.” Bovendien dringt de tijd: “Tot aan het moment van de uitzetting kan ik die zaak nog wegen, maar het ligt niet voor de hand dat we tot een ander oordeel gaan komen.”  Bijzonder dat hij zichzelf eerst ik noemt en daarna de majesteitelijke vorm ‘wij’ gebruikt, dat even terzijde. Waarom is over het hart strijken niet reëel? Iets reëels behoort tot de mogelijkheden en over het hart strijken behoort tot die mogelijkheden.

Gelukkig voor de muis in Scars klauwen, komt net Zazou, de heraut van de koning, binnen die Scar afleidt met de woorden: “Didn’t your mother tell you not to play with your food?” Waardoor de muis ontsnapt. Waar blijft de ‘heraut’ die Habers herinnert aan zijn moeder?

Van ‘rechtsmensen’ die ‘links’ voorbij gaan

Ja ik lees het goed, Jan Gajentaan schrijft het echt in zijn artikel bij Opiniez. In zijn artikel geeft hij een definitie van wat een ‘rechtsmens’ volgens hem is. De ‘linksmens’ is, volgens hem, het tegenovergestelde daarvan. Waaraan herken je die ‘linksmens’? Een ‘linksmens’: 1. wil een grote overheidsbemoeienis en een grote overheid; 2. betaalt liever teveel belasting dan te weinig; 3. is gesteld op onrecht en chaos; 4. wil de grenzen wagenwijd openzetten voor migranten; 5. heeft een gesloten houding tegenover andere culturen en vindt zijn normen en waarden ondergeschikt aan die van anderen. Dat is precies het tegenovergestelde van de omschrijving die Gajentaan geeft van de ‘rechtsmens’. Wie herkent zich hierin?

go-left-or-right-160713_1280

Illustratie: pixabay

Gajentaan noemt de vergelijking: “simpel en karikaturaal.” Al kun je je afvragen of hij dat meent want hij vervolg met: “maar zolang we in Nederland geen realo-linkse beweging zien van enige importantie zoals in Denemarken, denk ik dat we het grosso modo zo kunnen stellen.” Zo daar wordt even een deel van de Nederlandse samenleving afgeserveerd als niet realistische ‘Gekke Henkie’. 

Nu is Gajentaan ook niet zuinig voor zijn collega ‘rechtsmensen’. Want er zijn er die: “al dan niet met financiële stimulans van George Soros – zwaar overhellen naar links.” Bovendien weten die ‘rechtsmensenbroeders’ van Gajentaan elkaar maar niet te vinden: “door de polarisatie en het mechanisme van uitsluiting, is “rechts” onderling zo verdeeld geraakt.” Dit tot zijn grote spijt. Gajentaan pleit ervoor dat: “er aan de rechterkant van het politieke spectrum gewerkt moet worden aan bundeling door gematigde krachten.” Bij die bundeling van ‘realo rechtse’ kracht, bijzonder dat gebruik van het woord realistisch om de eigen positie te beschrijven, zullen partijen: “zich moet(en) inzetten om de verschillen tussen VVD, CDA en SGP enerzijds en PVV en FvD anderzijds te verkleinen of in ieder geval behapbaar te maken.” Is de hele rechterkant ineens gematigd?

Als dat niet gebeurt dan hebben: “D66 en in de nabije toekomst ook GroenLinks, de wippositie (…) overgenomen die vroeger in handen was van het CDA.” En is: “Linksradicalisme (…) bon ton geworden.” Net a;s in Duitsland waar: “Die Linke en de Groenen worden geprezen als coalitiepartners om aan samenwerking met de AfD te ontkomen.”

Kun je na zo’n verhaal constateren dat ‘rechtsmensen’ die van recht en orde houden, openstaan voor andere culturen, de eigen waarden hooghouden en die zo realistisch zijn, dat ze elkaar de tent uit vechten?

Psd2, weg ermee!

Bij Joop schrijft SP-kamerlid Mahir Alkaya over een Europese richtlijn die de markt op -rekening- en betaaldiensten vrij moet maken. Die richtlijn heet ‘payment service directive 2’, ofwel psd2. Als je van die diensten gebruik wilt maken, moet je ze toestemming geven om je rekeninggegevens in te zien. Alkaya wil aan die richtlijn wat waarborgen toevoegen om de consument te beschermen want: “de uitkomst mag niet zijn dat bedrijven als Google en Facebook nog meer gegevens van ons krijgen en daardoor nog machtiger worden.” Moet ik dan blij zijn met de aanvullingen die Alkaya wil?

SAMSUNG DIGITAL CAMERA

Illustratie: Wikipedia

Volgens Alkaya: “was (de richtlijn) aanvankelijk goed bedoeld en poogde de macht van banken te breken, die nu als enige naast jijzelf inzicht hebben in je bankrekening.” Het breken van de macht van banken, kan ook op mijn instemming rekenen, dus blij zijn met psd2?

Bij De Nederlandsche Bank meer informatie over psd2. “Met PSD2 kunt u nieuwe online betaal- en rekeningdiensten gaan gebruiken.” Dat is leuk, ik kan iets nieuws gaan gebruiken. Maar om er gebruik van te maken: “is het nodig dat u toegang geeft tot uw betaalrekening bij uw bank aan een derde partij (een andere financiële instelling).” Ben ik er blij mee als de Appie mijn rekeninggegevens kan inzien?

Nu is het niet zeker dat ik die nieuwe ‘betaaldienst’ overal kan gebruiken: “Als winkelier heeft u meer keuze tussen (aanbieders van) betaalmethoden. U bepaalt zelf welke betaalmethoden u aanbiedt.” Daar sta ik dan met mij Appie-app en kan niet betalen bij de Jumbo, die staat alleen de Jumbo-app toe en mijn bestelling via bol.com kan ik niet betalen met de Amazon-app. Ik word er steeds minder blij van. Ik kan kiezen, daarvoor moet ik delen en wordt ik uiteindelijk niet gedwongen?

De DNB gaat verder. Die nieuwe aanbieders: “komen online tussen u en uw bank, als een derde partij.” Die derde zal dat niet gratis doen. De kosten ervan zullen door iemand worden betaald. Wellicht betaal ik die ‘derde partij’ alleen met mijn betaalgegevens, de bank zal er ook iets voor moeten doen en dat iets wordt bij mij in rekening gebracht. Van allebei word ik helemaal niet blij. Zelfs niet met extra waarborgen.

Voor wie is zo’n ‘decentralisatie’ van het betaal verkeer nu werkelijk een oplossing? Niet voor mij als consument. Zou ik als consument niet veeleer gebaat zijn met centralisatie van het betaalverkeer? Met één door de overheid, maar los van de overheid georganiseerd betaalsysteem? Zo wordt de macht van de banken gebroken en voorkomen we dat: “Google en Facebook nog meer gegevens van ons krijgen en daardoor nog machtiger worden.”

Psd2: weg ermee!

Beste heer De Graaf,

“Klimaatracisme vraagt om een intersectionele klimaatpolitiek.” De titel van een artikel van BIJ1 duo-raadslid Jelle de Graaf bij Joop. Ik kan me zo voorstellen dat menigeen bij zo’n titel denkt: ‘laat dat maar aan mij voorbij gaan’. Mij vergaat dan de zin om verder te lezen. Maar, je bent Ballonnendoorprikker en dus lees ik door. Al verder lezend vraag ik me oprecht af wat voor u het belangrijkste is, uw eigen gelijk of aandacht voor maatregelen tegen de klimaatverandering. 

Feminism_without_intersectionality_is_just_white_supremacy

Foto: Wikipedia

U analyseert terecht dat de mensen die de grootste kans hebben om te worden geconfronteerd met de gevolgen van de klimaatverandering, anderen zijn dan degenen die het meeste bijdragen aan die verandering. Ook constateert u terecht dat het de taak is van de ‘profiteurs’ om de ‘slachtoffers’ te helpen. Wereldwijd maar ook in Nederland omdat het de slachtoffers aan middelen ontbreekt om zich te ‘wapenen’. Ook constateert u terecht dat het aanpakken van de economische oorzaken van de klimaatverandering prioriteit heeft. Of zoals u schrijft: “We moeten werken aan een economisch systeem dat wel in balans is met onze planeet, onze uitstoot dusdanig terugbrengen dat we niet alleen onze eigen toekomst veilig stellen, maar ook die van andere landen.”

Waarom ik toch twijfel aan wat voor u het belangrijkste is, is dat u met waardeoordelen gooit die mensen afschrikken. U spreekt over ‘klimaatracisme’, daarmee zegt u tegen “de witte directeuren in het hoofdkantoor van Shell in Den Haag” dat hij een racist is. Het voelt alsof u dat ook tegen mij zegt omdat het lot heeft bepaald dat ik in Nederland ter wereld kwam. Dat gevoel wordt opgeroepen door een zin als:: “Intersectionaliteit of kruispuntdenken gaat er vanuit dat onderdrukking en discriminatie ontstaan door een samenspel van factoren als economische status, etniciteit, gender, lichamelijke gezondheid, seksualiteit, geboorteplaats en leeftijd en dat je die bij het onderzoeken van ongelijkheden dus ook altijd in samenhang moet bekijken.” Als gezonde, blanke, in Nederland geboren man begrijp ik hieruit dat ik schuldig ben, want in het intersectioneel denken heeft de witte man het altijd gedaan. Hij wordt aangesproken op iets waaraan hij niets kan doen, namelijk zijn geslacht, kleur en geboorteplaats.

Beste meneer De Graaf, onderdrukking is een gevolg van machtsverschil en machtsverschil en discriminatie is een gevolg van onwetendheid. Tegen beiden wil ik strijden en ik denk dat er meer mensen zijn die dat willen. Alleen wordt dat lastig als ik het gevoel krijg dat ik er de ‘oorzaak’  van ben. 

Beste meneer De Graaf, als blijkt dat dat goede, eerlijke, internationale klimaatbeleid haalbaar is als er niet wordt gegooid met ronkende termen als klimaatracisme en verdeeldheid zaaiende theorieën als ‘intersectionaliteit’, klimaatbeleid waaraan zelfs ‘rechts’ mee wil doen, bent u dan tevreden? 

Schandelijk en walgelijk

Toen ik vandaag naar huis reed hoorde ik op de radio een bericht dat afgewezen asielzoekers in Hongarije geen eten kregen. ‘Dat heb ik vast verkeerd gehoord,’ was mijn eerste gedachte. Dat Hongarije onder Orbán niet erg vriendelijk is, of beter gezegd erg onvriendelijk is voor vluchtelingen was mij al bekend, maar mensen laten verhongeren, dat zouden zelfs de Hongaren niet doen. Volgens de site van de NOS is het toch echt waar: “In de Hongaarse transitzones op de grens met Servië hebben acht afgewezen asielzoekers dagenlang geen eten gekregen en ze hadden geen mogelijkheden om zelf aan eten te komen.” WAT???

barbwire-1765900_1920

Foto: pixabay

De Hongaarse regering geeft ze niet te eten: “zodat zij niet in beroep gaan tegen de afwijzing van hun asielverzoek en terugkeren naar Servië.” Daar blijft het niet bij: “Een pastoor die te hulp wilde schieten, werd niet toegelaten.” Zelf geld verdienen en eten kopen is er in die transitzones niet bij. Na tussenkomst van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens krijgen de acht weer te eten, maar dat gaat niet van harte. Bovendien: “zitten (er) nog 130 à 140 mensen, en er is alweer een andere Afghaan die nu geen eten krijgt.” 

Dit gebeurt in het hart van Europa. In een land dat lid is van de Europese Unie. Een Unie waarvan ook Nederland lid is. Tot op het moment dat ik dit schrijf, heb ik nog geen Europese of Nederlandse politici hun walging horen uitspreken. Zouden ze heimelijk blij zijn met de Hongaarse aanpak? Het doel van die aanpak komt immers overeen met het doel van het Europese beleid: door vluchtelingen en migranten schandalig te behandelen, voorkomen dat anderen ook naar hier komen. Het Europese beleid is schandelijk, de Hongaarse aanpak walgelijk.

Dit mag niet ongemerkt passeren. Daarom stel ik de volgende tegenmaatregelen voor. 1) Per direct sluiten de landen van de Europese Unie hun grenzen en luchtruim voor Hongaarse producten en staatsburgers, ook voor (Euro)parlementariërs en bestuurders uit het land. 2) Het lidmaatschap van, en alle betalingen aan Hongarije door de Europese Unie worden per direct beëindigd. Als het land dit schandalige beleid beëindigd, kan het opnieuw het lidmaatschap van de Unie aanvragen. Die aanvraag wordt dan opnieuw beoordeeld. 3) Hongaren in de andere landen van Unie kunnen kiezen: blijven of teruggaan. Blijven ze hier dan behouden ze alle rechten die ze nu hebben, gaan ze terug dan verliezen ze die rechten en komen ze de Unie niet meer in totdat de Hongaarse regering zich betert. Inderdaad wordt zo het hele Hongaarse volk, ook de onschuldigen, getroffen. Dat is jammer, maar helaas. 

Zou er een Nederlandse of andere Europese leider of politicus zijn die dit aandurft? 

Beleid of geen beleid, that’s the question

“De overheid is er voor haar inwoners, niet andersom,” zo luidt de kop boven een column in de Volkskrant van Amma Asante over de ‘participatiesamenleving. Zij constateert terecht dat: “Die vraagt namelijk om een overheid die loslaat, niet altijd het hoogste woord heeft, luistert en faciliteert.” Dat het woord participatiesamenleving geen gelukkige is, laat ik even buiten beschouwing, daarover schreef ik al eerder. Assante ziet goede voorbeelden: “Neem nu de gemeente Schagen. Die heeft een wethouder van Financiën en Geluk. Een wethouder die stuurt op het geluk van zijn inwoners: dat is toch fantastisch?! De gemeente ging de straat op en vroeg inwoners naar wat hen gelukkig maakt en gebruikte de uitkomsten voor het maken van beleid.” Is dit wel een goed voorbeeld?

Beleidscyclus_-_policy_cycle

Illustratie: Wikipedia

Als eerste die nadruk op geluk. Geluk meten is een lastige zaak, immers wat mij gelukkig maakt, maakt anderen wellicht ongelukkig. Zo zullen de Ajax-supporters overlopen van geluk na de ‘gelukkige’ zege op VVV. Bij mij ligt dat toch wat anders. 

Assante constateert terecht dat de overheid niet altijd het hoogste woord moet hebben, maar hoe verhoudt zich het niet hebben van het hoogste woord tot ‘sturen’? Als: “durven loslaten en vertrouwen in hun inwoners,” is wat gemeente moeten doen, zouden gemeenten dan geen beleid moeten maken? Door beleid te maken, trek je als overheid immers weer zaken naar je toe. Bepaal je, door beleid te maken, doelen te formuleren en de weg ernaar toe te beschrijven niet het ‘geluk’ voor een ander? Stuur je dan niet op zijn geluk, ook als dat hem ongelukkig maakt? 

Overheidsbeleid is er altijd op gericht om gelijke monniken een gelijke kap op te zetten, discriminatie is immers verboden. Beleid richt zich op de uitkomst, het resultaat. Vraagt ‘er zijn voor haar inwoners’ niet om een  overheid die niet is gericht op het resultaat maar op het proces om te komen tot dat resultaat? Het resultaat is immers van de inwoner of een groep inwoners. 

Van je geloof vallen …

“Hij was bepaald geen misdienaar, maar toch kreeg hij meer steun van de evangelische kiezers dan enige andere presidentskandidaat.” Hij waarover wordt gesproken is de Amerikaanse president Donald Trump en deze woorden worden in een artikel in de Volkskrant geciteerd uit een boek van de conservatief christelijke schrijver Stephen Strang. Een artikel met een ‘fantastische’ redenering van conservatieve christenen. Laten we die redenering eens bekijken.

Donald_J._Trump_at_Marriott_Marquis_NYC_September_7th_2016_04

Foto: Wikimedia Commons

Trump doet alles wat de conservatieve christenen verafschuwen. Hij is al aan zijn derde vrouw en ‘snabbelde’ tijdens die huwelijken nog wat bij zoals bijvoorbeeld de affaire met pornoactrice Stormy Daniels. Of zoals Strang het schreef: “Hij kreeg kinderen bij drie vrouwen, verdiende een deel van zijn fortuin met gokpaleizen en stond erom bekend dat hij de meest vulgaire en vernederende taal bezigde.” Dat alles laat onverlet dat: “Trump (…) het bovennatuurlijke antwoord (is) op onze gebeden, maar het kwam niet in de verpakking die wij verwachtten,” aldus een televisiedominee. Maar, en dan is Strang weer aan het woord: “Uit de Bijbel weten we dat God altijd niet-volmaakte mensen heeft gebruikt, zoals koning David en de apostel Paulus.” En het werk van god mag volgens een andere dominee niet ter discussie worden gesteld: “Het is God die een koning aan de macht brengt, het is God die hem afzet, dus wanneer je tegen Gods plan bent, vecht je tegen de hand van God.” 

Nu werden ook Obama en Clinton, om er twee te noemen, ‘koning’ en die konden op zeer veel verzet van conservatieve christenen rekenen. Bij Clinton gingen ze zelfs zo ver dat ze hem wilden afzetten. Waarom is het wel geoorloofd om je tegen die door god aan de macht gebrachte koningen te verzetten? Of was god tijdens hun verkiezing even tijdelijk met vakantie of even arbeidsongeschikt door bijvoorbeeld een burn-out en hadden zij hun ‘koningschap’ niet aan god te danken? Hoe weten de conservatieve christenen dan zo zeker dat Trump wel op gods zegen kan rekenen? 

Pragmatisme heeft de overhand: “Wij hechten nog steeds aan het gebod ‘Gij zult geen seks hebben met een pornoster’, maar of de president dit gebod heeft overtreden, is volstrekt irrelevant voor onze steun voor hem.” Was het dan wel in orde als Daniels een verpleegster was? Dat weten ze omdat hij gods werk verricht: “Ze zetten hun morele oordeel opzij en stemmen op de persoon van wie ze denken dat hij hun doelen zal dienen, en dan gaat het ze in de eerste plaats om het verbod op abortus.” God is dus alleen aan het werk als er iets gebeurt wat in hun straatje te pas komt. Zij weten wat god wil. God is dan wel vaak afwezig vanwege vakantie of ziekte.

Van zoveel cognitieve dissonantie val je toch van je geloof .

‘Scheefeten’

Als mensen zich dan toch druk maken over misbruik van voorzieningen: “dan zijn de scheefwoners toch een veel omvangrijker groep om je zorgen over te maken,” zo schrijft Matthias Pauw bij RTLZ. Scheefwoners zijn mensen met een sociale huurwoning die meer verdienen dan € 37.000, de grens waaronder je in aanmerking komt voor een sociale huurwoning. Alleen scheefwoners: “krijgen geen hoon naar hun hoofd. Geen maatschappelijke verontwaardiging. Geen mensen op Facebook die ze voor rotte vis en alles wat niet deugt uitmaken.” Dit in tegenstelling tot de asielzoekers: “Wie het waagt om reacties op internet te lezen, komt in een bedroevende wereld terecht van mensen die een angst voor het delen van wat publieke voorzieningen probleemloos weten te combineren met hartvochtigheid van peilloze diepten.” Laat ik voorop stellen, en dat zal mijn vaste lezers niet verbazen, dat ik asielzoekers niets verwijt. Dat laat onverlet, dat er bij Pauws ‘strijd’ tegen scheefwonen het nodige af is te dingen.

Aldi_Food_Market_Grocery_Store_(16251686541)

Foto: Wikimedia Commons

Het is goed dat Pauw aandacht vraagt voor de knellende woningmarkt. Maar zijn scheefwoners werkelijk de: “rasprofiteurs die de solidariteit in Nederland echt op het spel zetten en het systeem tot de laatste druppel uitwringen voor eigen gewin en misplaatste zuinigheid.” Pauw haalt een voorbeeld aan van iemand die € 5.000 verdient en maar € 250 huur betaalt, zou dat voorbeeld representatief zijn? Zou het grootste deel van de ‘scheefwoners’ niet bestaan uit mensen die net boven de inkomensgrens van een sociale huurwoning zitten en die met hun inkomen niet kunnen kopen noch huren op de particuliere markt zonder terug te gaan van hun kleine gezinswoning naar een veredelde kamer?

Is er trouwens een wet die bepaalt welk deel van je inkomen je aan woonlasten moet uitgeven? Als die er niet is, dan staat het mensen vrij om zelf te bepalen of zij hun ‘meerdere inkomen’ willen uitgeven aan wonen, een auto of vakantie. 

Diezelfde persoon met zijn inkomen van € 5.000 gaat zijn eten wellicht ook kopen bij de Aldi. Zo geeft hij maar een heel klein deel van zijn inkomen uit aan voedsel terwijl hij veel beter en luxer voedsel kan betalen. Draagt de ‘scheefeter’ bovendien niet bij aan veel dierenleed en het uitknijpen van de agrarische sector? Zullen we dit ‘scheefeten’ dan ook maar meteen aanpakken? Nu we toch bezig zijn, laten we het dan maar meteen op alle terreinen toepassen en een wet maken die bepaalt welk percentage van je inkomen je waaraan moet uitgeven.

Is de ‘scheefwoner’ niet gewoon de ‘zondebok’ voor het probleem dat er te weinig sociale huurwoningen en goedkope koopwoningen zijn? Dat niet de vraag de markt bepaalt maar het aanbod?