De Ballonnendoorprikker schrijft korte prikkelende columns, waarin kromme redeneringen, verhullend taalgebruik en rammelend beargumenteerde standpunten aan de kaak worden gesteld
De formerende partijen lijken er bijna uit te zijn en dat betekent dat een nieuw kabinet aan de slag kan. Steeds meer onderhandelingsresultaten lekken uit. Zo ook over de belastingplannen van het nieuwe kabinet. In de Volkskrant las ik hierover het volgende:
“Bronnen bevestigen dat er op termijn een stelsel komt met twee belastingschijven, waarbij de hoogste belastingschijf omlaag gaat. Daar staat tegenover dat onder meer het laagste btw-tarief (gaat) stijgen. Ook komt er bijvoorbeeld een kilometerheffing voor vrachtvervoer en is er gesproken over hogere belastingen op energie.”
Dit allemaal om de middeninkomens te steunen zo valt op te maken uit de berichten in de diverse media.
Als er iemand gesteund moet worden, dan zal er ook iemand moeten betalen. Nu schijnt dat laatste mee te vallen omdat er door de economische groei, meer te besteden is. Of, als het over belastingen gaat, minder opgehaald hoeft te worden. Laten we er eens wat dieper induiken: wie betaalt de veerman?
Als eerste de hogere inkomens, Die profiteren van het verlaagde hoge tarief en hoe hoger je inkomen, hoe groter het bedrag is wat je minder aan belastingen hoeft te betalen. Van de verhoging van het laagste btw-tarief merken zij wel wat. Dit tarief wordt onder andere berekend over voedingsmiddelen, water, genees en hulpmiddelen. Dus hun eten wordt duurder net als trouwens de energie, deze vanwege de geplande hogere belastingen. Alleen wonen zij vaak in de beste en energiezuinigste huizen en hebben zij de mogelijkheid om hun huis energiezuinig te maken of te investeren in de opwekking van eigen energie.
Dan de middeninkomens. Die betalen in ieder geval meer voor eten en energie. Van een verlaging van het hoogste tarief zullen zij niet profiteren. Of en hoeveel zij profiteren van het verdwijnen van de huidige tweede schijf, hangt af van de hoogte van het tarief van de nieuwe eerste schijf en hun inkomen. In ieder geval hebben zij minder financiële mogelijkheden om hun huizen energiezuiniger te maken of hun eigen energie op te wekken.
Zouden de laagste inkomens profiteren van een stelsel met maar twee schijven waarbij het tarief van de hoogste schijf wordt verlaagd? De laagste inkomens komen niet aan het hoogste tarief, dus van de verlaging van dat tarief merken zij niets. Van de verhoging van het laagste btw-tarief merken zij wel wat. Hun eten wordt duurder net als trouwens de energie, deze vanwege de geplande hogere belastingen. Bij deze groep geen voordelen alleen maar nadelen. Daarmee is duidelijk wie in ieder geval de veerman betaalt.
“Mensen mogen van alles vinden, maar ik mag ook zeggen dat de islam niet onder de grondwettelijke vrijheid zou mogen vallen.”
Een uitspraak van Geert Wilders zo valt te lezen bij Elsevier. De islam zou volgens Wilders verboden moeten worden omdat het geen religie is maar een ideologie. Als ik het goed begrijp wil Wilders eerst vastleggen dat de islam geen religie is, maar een ideologie. Als het dan een ideologie is, dan moet die ideologie vervolgens worden verboden. Kun je een ideologie wel verbieden? Is er een verschil tussen een ideologie en een religie?
Een religie of godsdienst is: “het geheel van plechtigheden en leerstellingen van een godsverering.” Kijken we naar de betekenis van ideologie dan lezen we in de Van Dale: “het geheel van beginselen en denkbeelden van een stelsel.” Aan de ene kant ‘plechtigheden en leerstellingen’ en aan de andere kant ‘beginselen en denkbeelden’. Een ideologie wordt ook wel eens een ‘leer’ genoemd. Zo wordt het Marxisme ook wel de leer van Marx genoemd en die leer heeft leerstellingen. Het christendom is gebaseerd op de leer van Christus. Beiden beroepen zich op iets bovenmenselijks. Marx op een ‘wetmatigheid’ in de geschiedenis, het christendom op een groot en onkenbaar iets genaamd god. Beiden beroepen zich op iets ‘bovenmenselijks’ waar je in gelooft of niet. Een marxist gelooft in de geschiedkundige wetmatigheid, een christen in god. Beiden zijn overtuigingen om het leven te bezien of een levensovertuiging de: “beginselen waarnaar je je leven inricht.”
Als we onze grondwet erop naslaan dan lezen we in artikel 6 eerste lid: “Ieder heeft het recht zijn godsdienst of levensovertuiging, individueel of in gemeenschap met anderen, vrij te belijden, behoudens ieders verantwoordelijkheid voor de wet.” Beschermt de grondwet hiermee niet ook levensovertuigingen die Wilders ideologie noemt? Zijn religie en ideologie niet twee zijden van dezelfde medaille?
Vakantie betekent voor mij nog meer lezen dan normaal. Gisteren een eergisteren besteedde ik aandacht aan Sandel en zijn boek Politiek en moraal. Filosofie voor het publieke debat, dat in mijn koffer zat. Vandaag moest ik denken aan een ander boek van Sandel, Niet alles is te koop. De morele grenzen van marktwerking dat ook in mijn koffer zat. Ik moest aan dit boek denken toen ik over de problemen bij zorginstelling Careyn las. Bij het AD las ik dat de kamer bezorgd was over de situatie bij deze organisatie en dat de SP en PVV hierover vragen hebben gesteld aan staatssecretaris Van Rijn.
“Waarom zouden we er een probleem van maken dat we op weg zijn naar een maatschappij waarin alles te koop is?, vraagt Sandel zich in de inleiding af. Direct erachteraan: “ Om twee redenen: de eerste heeft te maken met ongelijkheid en de tweede met corruptie. (…) In een maatschappij waarin alles te koop is, hebben mensen met weinig middelen het moeilijk. Hoe meer er voor geld te koop is, hoe belangrijker geld (of een gebrek daaraan) wordt.”
Wat dit met het geval Careyn te maken heeft? Is Careyn niet gewoon een voorbeeld van een bedrijf dat slecht draait omdat het te groot is geworden? PVV-kamerlid Fleur Agema denkt dat ook: “Dit is vooral heel verdrietig voor de bewoners en medewerkers die er alles aan doen om de dag door te komen. De bedrijfsvoering is verziekt. Groter is niet beter. Careyn moet worden opgeknipt in kleine locaties en opnieuw beginnen.’’ Slechte bedrijfsvoering kan best een reden zijn.
Laten we eens inzoomen op die bewoners en medewerkers waarvoor het verdrietig is. Sandel: “Maar aangezien er voor geld steeds meer te koop is – politieke invloed, goede medische zorg, verblijf in een veilig buurland in plaats van in een door misdaad geteisterde natie, toelating tot elitescholen in plaats van slecht presterende scholen – legt ook de verdeling van inkomen en rijkdom steeds meer gewicht in de schaal. (…) Dit verklaart waarom vooral gezinnen uit de lagere en de middenklasse het de laatste decennia zo moeilijk hebben gehad. De kloof tussen arm en rijk is dieper geworden en de commercialisering van het maatschappelijke leven heeft de pijn daarvan nog eens verscherpt.”
Is de zorg niet een voorbeeld van die commercialisering van het maatschappelijke leven? Zouden de bewoners en het personeel aan de rijke kant van de kloof staan? Zou die rijke kant van de kloof ook de dupe worden van een eventuele ondergang van Careyn?
Vandaag is het le Quatorze Juillet, de Franse nationale feestdag. Op deze dag in 1789 bestormde een woedende menigte Parijzenaars de Bastille, de Parijse gevangenis. Die bestorming leidde de Franse revolutie in. De revolutie van liberté, egalité, fraternité of op z’n Nederlands vrijheid, gelijkheid en broederschap. Begrippen die hun vertaling kregen in de universele verklaring van de rechten van de mens en die werden vertaald in de grondwet, ook de Nederlandse.
Aan die grondwet moest ik denken toen ik in de Volkskrant een bericht las over de uitzetting van criminele vreemdelingen. “Criminele vreemdeling wordt maar zelden uitgezet, rechters bemoeilijken intrekken verblijfsstatus,” zo luidt de kop boven het artikel. In deze krant ook het verhaal van de zevenentwintig jarige Ibrahim uit Gouda die na vierentwintig jaar in Nederland te hebben gewoond, wordt uitgezet vanwege een roofoverval en een zware mishandeling. Het is de laatste jaren regeringsbeleid om criminele vreemdelingen sneller uit te zetten. Alleen werkt de rechter, zo valt in het artikel te lezen, niet mee. Het Europese hof heeft in een uitspraak bepaald dat de overheid moet: “motiveren dat een vreemdeling een ‘daadwerkelijk en actueel gevaar’ vormt. Een veroordeling op zich is (…) onvoldoende bewijs.” Menigeen zal nu denken, waar bemoeit die Europese rechter zich mee, uitzetten die criminelen! Advocaten denken daar anders over, die: “ betwijfelen of het zinvol is verblijfsvergunningen in te trekken als vreemdelingen al tientallen jaren in Nederland zijn. In de praktijk verdwijnen zij dan vaak hier in de illegaliteit.”
Ik moest, zoals gezegd, aan de Nederlandse grondwet denken toen ik dit las en dan vooral aan artikel 1: “Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.” Wordt de criminele Ibrahim met een Marokkaans paspoort gelijk behandeld met de criminele Henk die dezelfde feiten heeft gepleegd en in het bezit is van een Nederlands paspoort? Henk kan niet het land worden uitgezet, zoals nu wel met Ibrahim dreigt te gebeuren. Moet Ibrahim niet, net als Henk, gewoon het Nederlandse gevang in?
Jammer voor Ibrahim dat hij zich bij het gerecht niet kan beroepen op de grondwet, dat is in Nederland immers onmogelijk. Hij wordt ongelijk behandeld en daarmee gediscrimineerd.
Beste meneer Vanenburg, met veel belangstelling las ik uw artikel bij Joop. Alleen vraag ik, blanke Nederlander, mij af wat u van mij verwacht? Wanneer bent u tevreden? En veel belangrijker, realiseer u zich dat u het grote risico loopt dat op te roepen wat u probeert te bestrijden?
Als ik het einde van uw stuk mag geloven, dan bent u tevreden als: “de mentaliteit van de ‘ik ben geen racist, maar-Nederlander’ verandert.” Begrijp ik het goed dat u pas tevreden bent als ik zeg dat ik een racist ben? Want dat is volgens mij het enige dat die ‘mentaliteit’ kan veranderen. Wel beste meneer Vanenburg, dan kunt u lang wachten, dat zal ik nooit zeggen, dan zou ik namelijk iets beweren wat niet klopt. Ik zal u dus blijven teleurstellen en daarom, zo beweert u: “kunnen echte veranderingen (niet) in gang gezet worden,”. Echte veranderingen kunnen volgens u immers pas ingang worden gezet, als ik zou zeggen dat ik een racist ben.
Jammer meneer Vanenburg, want ik denk dat als wij met elkaar in gesprek gaan, zal blijken dat we veel voor elkaar kunnen betekenen. Ook ik zie dat er groepen in de samenleving zijn die het moeilijk hebben. Voor die groepen wil ik mij liefst samen met u, inzetten. U wijt die moeilijkheden aan racisme, ik zie het eerder als gewenning aan elkaar. Het is mensen, van welke kleur, religie of welk ander onderscheid je ook kunt maken, immers eigen om zich eerder verwant te voelen met hen die op hen lijken. Die gewenning kost tijd, veel tijd. Dat gezegd hebbende, wil het niet zeggen dat we dan maar moeten afwachten. verre van dat zelf, je kunt die tijd namelijk verkorten door een handje te helpen. Natuurlijk zullen er ook mensen zijn die echt racistisch zijn, die moeten we samen en met hulp van de rechter, bestrijden. Met eenieder die dit ook wil, werk ik graag samen. Alleen moet mij niet worden gevraagd, zoals u doet, eerst iets te verklaren.
Realiseert u zich dat u het risico loopt juist dat op te roepen wat u bestrijdt? Door uw manier van opereren, en u staat hierin niet alleen zoals ik al aan Anoucha Nzume schreef. Door steeds te blijven roepen dat de ‘witte Nederlander racistisch is en dat er in Nederland een: “racistische beerput is (die) een paar jaar geleden al wijd (is) opengetrokken en die (…) voorlopig ook niet meer dicht (gaat),” loopt u het risico dat u mensen zo van u gaat vervreemden. Dat zij het gedrag dat u aan hen toeschrijft gaan vertonen.
“Als je een hamer hebt, gaat alles op een spijker te lijken.” Beste meneer Vanenburg, kent u dit gezegde. Zou het kunnen dat u een hamer in handen hebt? Misschien is het dan verstandig om die hamer eens neer te leggen. Wellicht bestaat de wereld dan uit meer dan alleen spijkers.
Jullie hebben het, als volgers van de actualiteit, vast ook wel in de gaten. Wat? Nou dat de ondervertegenwoordiging van vrouwen in de muziekwereld een belangrijk thema is. Muzikanten zijn voor het overgrote deel mannelijk net als discjockeys en ook in de industrie eromheen zijn vrouwen een zeldzaamheid. Radio’s draaien voor het overgrote deel muziek gemaakt door mannen. Dat laatste lijkt mij dan weer een logisch gevolg van het voornamelijk mannelijk zijn van muzikanten. Volgens Rufus Kain van de Correspondent leeft: “Dit thema (…) de laatste tijd zo sterk, dat het lijkt alsof de ongelijke verhoudingen voor het eerst worden opgemerkt.” Leven is één, het veranderen is twee en daarom moet het op de agenda blijven en: “Op de agenda houden’ is meer dan een herhalingsoefening. Het is ook een zoektocht naar nieuwe perspectieven.”
Dat het thema voor Kain zo ‘sterk leeft’ zou een gevolg kunnen zijn van zijn eigen focus op dat thema. Als Kain zich had gefocust op de ‘scheve’ man-vrouwverhouding bij advocaten of kraanmachinisten, zou dat ‘thema’ dan de laatste tijd niet veel meer lijken te ‘leven’? Immers als je je op iets focust, dan neem je het ook waar. Als je bijvoorbeeld een Citroen Cactus wilt kopen, dan zie je er ineens veel meer over straat rijden. Leeft het thema dan, of leeft het thema dan alleen bij jou?
Nu zijn er veel meer beroepen waar er sprake is van een ‘scheve’ man-vrouwverhouding. Zo zijn verpleegkundigen, jeugdhulpverleners en leerkrachten op het basisonderwijs voor het overgrote deel vrouwelijk. Hoogleraren zijn dan weer voor het grootste deel mannelijk, net als stukadoors, metselaars en bosbouwers. Dus een dergelijke ‘scheefheid’ komt meer voor. Die staat op de agenda en wordt erop gehouden met ‘oude’ en ‘nieuwe’ perspectieven. De meest scheve verhouding betreft trouwens het moederschap en als spiegel daarvan, het vaderschap.
Kain legt de nadruk op een scheve man-vrouwverhouding in beroepen. Hij lijkt te pleiten voor een gelijke verdeling tussen mannen en vrouwen in beroepen. Ik vraag me af of het streven naar een gelijke man-vrouwverhouding wel een doel moet zijn. Zou het doel niet veeleer gelijke kansen voor mannen en vrouwen moeten zijn? Of nog beter, gelijke eisen en behandeling, want zoals Judith Sluiter het in de Volkskrant zegt over een test waaraan brandweermensen moeten voldoen: “Als een collega van 80 kilo boven in een brandend gebouw op de grond ligt en weggedragen moet worden, kun je niet zeggen: het gaat niet, ik roep een ander. Daar is geen tijd voor.” De test behelst het met veertig kilo op de rug honderd traptreden beklimmen.
Dagblad de Limburg besteedde de afgelopen weken veel pagina’s aan de onopgeloste moord op Nicky Verstappen. Net als in de zaak rond Marianne Vaatstra vindt er een DNA-onderzoek plaats. In Dagblad de Limburger van vrijdag 23 juni 2017 reageert briefschrijver Henk Peters op dit onderzoek: “Van mij mogen ze iedereen DNA afnemen, gewoon al bij de geboorte. Iedereen moet verder gevraagd worden dit af te staan.” Peters ziet vele voordelen: “Een grote DNA-databank heeft onder andere het voordeel dat een misdrijf sneller wordt opgelost, maar ook heeft het een preventieve werking. De crimineel zal wel twee keer nadenken voor hij iets doet.” Voor de meeste mensen verandert er niets: “Doe je niets verkeerd, dan is er niks aan de hand en je DNA komt verder niet in beeld.”
Het lijkt mij verschrikkelijk om als ouder je kind te moeten begraven. Vreselijk als het kind door een misdrijf om het leven is gekomen en extra vreselijk als de dader maar niet wordt opgespoord en berecht. Inderdaad zou een DNA-databank bij kunnen dragen aan het oplossen van zo’n en andere misdaden en het vervolgens berechten en bestraffen van de daders. Dus maar doen die DNA-databank, als je niets verkeerd doet, heb je immers niets te vrezen. Doen, maar dan natuurlijk wel met goede waarborgen zoals wanneer er in de bank mag worden gegrasduind. bijvoorbeeld alleen bij bepaalde soorten misdrijven. En die digitale gegevens moeten natuurlijk goed worden beveiligd. Het mag niet zo zijn dat de eerste de beste hacker de bank kan ‘beroven’.
Wacht eens even, goede waarborgen kun je die wel garanderen? Ja, je kunt in wetten vastleggen wat de overheid er wel en niet mee mag doen. Laat de praktijk niet zien dat overheden en overheidsdiensten zich niet altijd aan die wetten houden? Inlichtingendiensten die tegen de wet in gegevens aftappen, opslaan en ‘verhandelen’ aan hun collega’s uit andere landen? Zelfs als de overheid zich wel aan die wetten houdt, wie garandeert mij dat die wetten niet worden aangepast en de bank vervolgens ook voor andere doeleinden wordt gebruikt? Hoe zouden de opgeslagen gegevens worden gebruikt als uit onderzoek zou blijken dat mensen met een bepaalde genen-combinatie vijftig procent kans hebben om crimineel te worden? Zouden we dan de aandrang kunnen weerstaan om iedereen te onderzoeken op de aanwezigheid van die genen-combinatie en wat zou er vervolgens gebeuren met degenen die positief worden bevonden op de aanwezigheid van die genen-combinatie? Laten de ervaringen uit het verleden niet zien dat gebruik en misbruik van bepaalde uitvindingen en technieken hand in hand gaan? Is zo’n databank dan nog steeds een goed idee?
Daar komt bij dat de eerste ‘bankroverproof’ bank nog gemaakt moet worden, net als de eerste hack-vrije gegevensbank.
Sinds het voor de tweede keer klappen van de formatie van een kabinet tussen VVD, CDA, D66 en GroenLinks op hetzelfde punt, het migratiebeleid, staan de kranten vol met stukken over dit onderwerp. Vooral vertegenwoordigers van de PvdA roeren zich, zo steekt minister Timmermans de loftrompet over de Turkije deal en geeft hij aan hoe het verder zou moeten en doet minister en fractieleider Asscher met wat co-auteurs het nog eens dunnetjes over.
Hun pleidooien komen erop neer dat ‘we’ ‘solidair’ moeten zijn met andere landen: “Door veel meer te investeren in ontwikkelingssamenwerking, het tegengaan van de opwarming van de aarde, defensie en vredesmissies kunnen we voorkomen dat mensen op de vlucht slaan. Europa moet stabiliteit exporteren, in plaats van instabiliteit importeren.” ‘We’ moeten zorgen voor ‘regie’: “De situatie dat mensen een levensgevaarlijke reis hierheen moeten maken om bescherming te krijgen is onwenselijk. Dat wij niet weten of er hier volgend jaar tienduizend of honderdduizend vluchtelingen aankomen, is dat ook.” Als laatste moeten ‘we’ vluchtelingen die hiernaartoe komen ook volwaardig mee laten doen: “ Vluchtelingen krijgen alle rechten en plichten die een Nederlander ook heeft.” Centraal in deze aanpak staan ‘afspraken met veilige derde landen’ in de regio en in ieder geval niet in Europa.
Als je al die bijdragen leest, dan lijkt het een logisch verhaal. ‘Wij’ moeten: “rekening houden met draagvlak, met de beschikbaarheid van woningen, banen en onze sociale zekerheid,” en daarom kunnen wij maar een beperkt aantal vluchtelingen opvangen en dan nog het liefst vluchtelingen die iets op ons lijken, want vluchtelingen uit: “patriarchale, onvrije en conservatief religieuze culturen. Dat leidt tot spanning.” Dus moeten we afspraken maken met die ‘veilige derde landen’ zodat zij vluchtelingen niet verder door laten, opvangen en de onverlaten die toch naar ‘ons’ komen, terugnemen.
Zouden die ‘veilige derde landen’ geen rekening moeten houden met: “draagvlak, met de beschikbaarheid van woningen, banen en (hun) sociale zekerheid?” Zijn die landen wel in staat om onbeperkt vluchtelingen op te vangen? Zouden vluchtelingen uit: “patriarchale, onvrije en conservatief religieuze culturen,” daar niet tot spanningen leiden? Als dat het geval zou zijn, zouden onze politici en deskundigen daar dan niet moeten gaan kijken hoe dat komt en wat ‘wij” daarvan kunnen leren?
Als dat niet het geval is, is het dan niet erg makkelijk van ‘ons’ rijke Westerse landen om die landen te vragen tegen een ‘kleine vergoeding’ hun draagvlak, woningen en sociale zekerheid onder druk te laten zetten en de spanning te laten oplopen door hen vluchtelingen uit patriarchale, onvrije en conservatief religieuze culturen op te laten vangen?
Op Joop een artikel van Anousha Nzume waarin zij het ‘witte culturele superioriteitsgevoel’ aan de kaak stelt. Overdreven gezegd komt het erop neer dat alle ellende in de wereld een gevolg is van de ‘witte mensen’. In haar artikel waarin het denken over ‘witte onschuld’ en ‘witte superioriteit’ waarover ik al eerder schreef op de achtergrond een belangrijke rol speelt, viel mij één passage op. Nzume: “Ik zie het in de ogen van journalisten tijdens interviews over mijn boek. “Hoe durf je de vrijspraak van OJ Simpson te omschrijven als een overwinning op het systeem?” Omdat het waar is. Een zwarte man wint terecht of onterecht van een corrupt en racistisch systeem omdat hij rijk genoeg en populair genoeg is. Naar goed westers gebruik.”
OJ Simpson ‘versloeg een corrupt en racistisch systeem en werd vrijgesproken terwijl alles erop wees dat hij schuldig was aan de moord op zijn ex-vrouw Nicole Brown en haar vriend. In een latere civiele procedure werd Simpson wel verantwoordelijk gehouden voor die moorden. Nzume is blij dat iemand niet wordt veroordeeld voor moorden die hij heeft gepleegd. Zij is blij omdat de ‘zwarte’ Simpson zoveel geld had, dat hij zijn ‘onschuld’ kon kopen en zo als ‘zwarte’ het ‘corrupte, racistische, witte systeem’ versloeg.
Toont de casus Simpson aan dat het systeem racistisch is? Dat: “Wij allen (…) nog steeds (praten) in dezelfde witte ruimtes waar diezelfde culturele aannames en codes leidend zijn,” dat: “Racisme (…) een tool (was) in de koloniale tijd en het (…) nog steeds een tool (is) in het huidige kapitalistische neoliberale systeem,” of dat: “witte westerse dominantie,” in stand wordt gehoudenzoals Nzume schrijft?
Laat de de casus niet juist zien dat in het ‘kapitalistische neoliberale systeem’ vrouwe Justitia kleurenblind’ is? ‘Kleurenblind’ maar wel ‘te koop’ met geld en macht? Want won met OJ Simpson niet het geld en de macht? Is dergelijk machtsmisbruik niet iets van alle tijden, alle culturen en alle ‘kleuren’? Hoe beoordeelt Nzume het Zuid-Afrika van Zuma, het Zimbabwe van Mugabe, het Egypte van Al Sisi, het Rusland van Poetin, het Turkije van Erdogan, het Saoedi-Arabië van Salman en zo zijn er veel meer te noemen? Hoe beoordeeld zij de manier waarop multinationals invloed kopen in Den Haag, Brussel, Washington, Lagos of Johannesburg? De manier waarop China invloed koopt in Afrika, maar ook in Europa, denk bijvoorbeeld aan de haven van Piraeus?
Allemaal praktijken waar mensen van alle kleuren de dupe van zijn. Mensen die het aan geld en macht ontbreekt om tegenwicht te bieden. Is het niet jammer dat Nzumes strijd juist verdeeldheid zaait tussen mensen die alleen tegenwicht kunnen bieden als ze eensgezind optrekken? Bestrijdt Nzume niet de verkeerde vijand?
Als het over twerken of blubbling gaat, dan sla ik een artikel over. Dat zegt vast iets over mij. Soms mis je dan een interessant artikel. Zo stuitte ik dit weekend bij de Correspondent op een artikel met de titel Waarom je Kendrick Lamar serieus moet nemen en niet zomaar kunt twerken op Byoncé, geschreven door Anoucha Nzume. Aanleiding voor dit artikel was het verschijnen van Nzume’s boek Hallo witte mensen. Nzume schreef over culturele toe-eigening, een begrip waarover ik al eerder schreef.
Een interessant artikel omdat het in vier stappen uitlegt hoe culturele toe-eigening werkt: “
Eerst vat hebben op privilege. Als je niet snapt dat er machtsverhoudingen zijn in onze maatschappij, dan zal je culturele toe-eigening nooit begrijpen. Zonder machtsverhoudingen zou er namelijk ook geen sprake zijn van culturele toe-eigening, maar van culturele uitwisseling.
Vervolgens moeten de machtsverhoudingen gespecificeerd worden: je moet begrijpen dat er in een land als Nederland heel veel niet-westerse culturen gemarginaliseerd zijn. Als je op een mondiaal niveau kijkt, zie je hetzelfde.
Dan kun je zien dat witte Nederlanders culturele gebruiken, symbolen, eten, et cetera, klakkeloos overnemen, badend in hun machtspositie en enorme verlangen naar de exotische supermarkt van cultuur. Voordat het culturele aspect zich door witte mensen was toegeëigend, werd het vaak als een beetje infantiel, ridicuul, extreem, te etnisch, of inferieur beschouwd. Maar als witte mensen gebruik gaan maken van zo’n aspect, is het opeens oké, cool, gezellig of spannend.
Vervolgens wordt er status, eer of geld mee verdiend door die witte mensen.”
Een interessante theorie die niet onweersproken kan blijven omdat het een grote ballon lijkt met gebakken lucht. Met iedere stap wordt er meer van die lucht in geblazen.
De eerste stap, de machtsverhoudingen, ik weet dat die er zijn. Die zijn er in iedere samenleving en tussen alle mensen. Als ik het goed begrijp is er alleen sprake van culturele uitwisseling als er geen machtsverhouding is. Als je het zo stelt, kan er dan ooit sprake zijn van culturele uitwisseling? Want is er niet altijd sprake van machtsverhoudingen tussen mensen?
Dan de tweede stap, de gemarginaliseerde niet-westerse culturen tegenover, ja tegenover wat eigenlijk? De dominante westerse cultuur? Of de dominante Nederlandse cultuur? “De Friese, of Groningse cultuur is anders dan de Brabantse of de Limburgse,” las ik zo’n anderhalf jaar geleden in het commentaar van een Limburgse krant. Commentaar dat me verleidde tot een reactie. Waaruit bestaat die ‘dominante cultuur’? Zijn er niet ook gemarginaliseerde ‘westerse culturen’? Nzume schets een beeld van een grote homogene westerse of Nederlandse cultuur en zo’n homogeen blok is er nu niet, is nooit geweest en zal er ook nooit zijn.
De derde stap, het overnemen van, gebruiken, symbolen, eten etcetera. Zijn het alleen ‘witte Nederlanders’ die zich om een voorbeeld van Nzume aan te halen, tooien met Samoaanse tatoeages zonder te weten waar Samoa ligt? Zijn het alleen ‘witte Nederlanders’ die ‘zomaar twerken op Byoncé. Daarmee zijn we er nog niet. Deze stap is de kern van de theorie van culturele toe-eigening en er zijn veel vragen bij te stellen.
Om te beginnen zijn het alleen ‘witte mensen’ die zich iets toe-eigenen? Rijden alleen witte mensen auto? Zijn er geen ‘gekleurde mensen’ die gebruik maken van de trein van elektriciteit? Die weleens naar een verre bestemming vliegen? Zijn het alleen ‘witte mensen die gebruikmaken van de vrijheid van meningsuiting en de democratische rechten? Allemaal resultaten van de ‘witte westerse cultuur’. Ook deze culturele uitingen worden gebruikt binnen machtsverhoudingen en niet alleen machtsverhoudingen tussen ‘witte’ en ‘niet witte’ mensen, ook machtsverhoudingen tussen ‘witte mensen’ die deel uitmaken van ‘gemarginaliseerde westerse culturen’.
Neem de titel van Nzume’s artikel. Ik geloof best dat ik Kendrick Lamar serieus moet nemen, ik neem iedereen serieus totdat de persoon er blijk van heeft gegeven dat dit niet nodig is. Lamar is, net als Nzume, ‘niet wit’, alleen komt Lamar uit Compton, een heel andere ‘cultuur’ dan Nzume’s. Dan Byoncé Knowles, waar we niet zomaar op mogen twerken, afkomstig uit Texas, weer een heel andere cultuur dan die van Lamar en Nzume. Maakt de overeenkomstige huidskleur van Nzume, Lamar en Knowles dat ze een zelfde ‘culturele achtergrond’ hebben? Maakt de uitvinding van de verbrandingsmotor door de Duitser Benz, dit tot een ‘witte’ uitvinding, een ‘Europese’ een ‘Duitse’ of was het een uitvinding van het individu Benz? Is Twerken ‘zwart’ of is het van … (geen idee wie het heeft uitgevonden). Vindt een cultuur uit of een individu? Wie eigent zich iets toe en dan niet van cultuur, maar van iemands prestaties?
Hangt het dagelijkse leven niet aan elkaar van het gebruik van ‘uitvindingen’ van anderen. Ontwikkelt de mens zich niet juist omdat hij of zij gebruik maakt van wat anderen die hen voorgingen hebben verzonnen en ontwikkelt hij of zij dit zo verder? Zo heeft Benz voortgebouwd op hen die aan hem vooraf gingen. Wil Nzume dit stopzetten? Of moeten we ons bij alles waar we over praten, wat we doen en gebruiken realiseren van wie het afkomstig is en vooral tot welke ‘cultuur’ de persoon behoorde? Dan kunnen we het autorijden wel vergeten. Niet omdat we Benz niet meer kennen, maar omdat de naam en de cultuur van de uitvinder van het wiel geheel onbekend is, net als de eerste ijzersmelter.
Of zijn het alleen mensen van eenzelfde kleur als de ‘uitvinder’ die er iets mee mogen doen? Als dat zo is, hoe bepaal je dan iemands kleur? Wat is dan de kleur van iemand met een blanke en een zwarte ouder? Is die blank of zwart? En als we dan enkele generaties verder zijn en er zijn verder alleen nog maar witte partners in het spel, welke kleur heeft de verre nazaat met éénvierenzestigste zwart in zich? Lijkt dit niet ook een doodlopende weg?
Is het werkelijk zo dat iets pas cool en hip wordt als ‘witten’ er iets mee doen? Nzume noemt het voorbeeld: “Döner bij Donnies. Twee witte Nederlanders die döner zo hebben ‘verwit’ dat ook Het Parool vindt dat döner nu eindelijk noemenswaardig is. Of, zoals het in de recensie werd beschreven, eindelijk meer is dan ‘ordinair katervoedsel.’ De recensie opent met een quote van de witte eigenaar van het restaurant: ‘We komen een beetje uit het verdomhoekje.” Döner is nu pas salonfähig? Wat een onzin, zonder al die ‘witte Nederlanders’ waren er nooit zoveel dönerzaken in Nederland. Ja, nu zijn er twee ‘hipsters’ met goede journalistieke contacten en gevoel voor marketing die er wat geitenkaas, kikkererwten en pompoenpitten en vooral veel gebakken lucht aan toevoegen en zich op een ‘andere markt’ richten. Döner wordt er niet anders door en blijf van eenzelfde categorie als de gyros en de shoarma die eraan vooraf gingen. Trouwens, een flinke stap boven de ‘witte’ hamburger van de bekende keten.
Daarmee zijn we bij de laatste stap van Nzume aanbeland: wie verdient ergens geld mee. Volgens Nzume zijn dat ‘witte mensen’ die zich iets toe-eigenen. Ja, Miley Cyrus vond twerken niet uit, deed het twintig jaar na dato en het werd hip. Kun je dat haar verwijten? Werd twerken bekend door Cyrus of Cyrus door twerken? Was het wel oké geweest als Byoncé ervoor had gezorgd dat twerken bekend werd? Byoncé zat en zit in eenzelfde machtspositie als Miley Cyrus. Zou dat voor Nzume verschil uitmaken? Zou dat voor de uitvinder verschil uitmaken? Ja, het komt helaas heel vaak voor dat de werkelijke uitvinder niet de credits krijgt, die krijgen uitvinders zelden. Net zoals ze de grootste verdiensten aan hun neus voorbij zien gaan. Dat is niet iets waar alleen ‘gekleurde’ mensen tegenaan lopen. Dat gebeurt ‘witte mensen’ net zo veel en vaak. Want ook het overgrote deel van de ‘witte mensen’ ontbeert de vaardigheid, de mogelijkheid en de middelen om iets tot een succes te maken. Geld is immers het enige in de wereld dat zich niet aan de zwaartekracht houdt, het valt niet naar de ‘have not’s’ beneden, maar naar de ‘have’s’ boven. Of zoals mijn moeder altijd zei: ‘den duvel schiet altied op de groeëtste haup’.
Daarmee kom ik op het belangrijkste punt. Een punt waar Nzume en de Ballonnendoorprikker elkaar vinden zoals ik al concludeerde naar aanleiding van een interview met Nzume in de Volkskrant. De machts- en middelenverdeling in Nederland en de wereld. Die is behoorlijk scheef en is extra in het nadeel van mensen met een kleurtje omdat er weinig ‘kleur’ te bekennen is in de ‘powers that be’. Het kost tijd en dan moeten we niet in jaren maar in generaties denken, om tot dat ‘machtscentrum’ door te dringen.
Een proces dat kan worden versneld, door dat ‘machtscentrum’ onder druk te zetten en daarvoor hebben we elkaar nodig. Die strijd wil ik graag samen met Nzume aangaan, maar dan hindert een slordige ‘culturele toe-eigeningstheorie, of die van de ‘witte onschuld’ waarover ik al eerder schreef in een brief aan Sunny Bergman. Deze theorieën hinderen omdat ze niet onweersproken mogen blijven. Dat weerspreken kost energie en tijd die anders kon worden ingezet. Belangrijker is echter dat er zo verdeeldheid ontstaat en als het ‘machtscentrum’ ergens van profiteert, dan is het wel verdeeldheid. Of om een bekend Nederlands gezegde (verdeel en heers) wat te verhaspelen: ‘verdeel en verlies’.