Homeopathie en economie

“Hierdoor krijgt de aanvullende verzekering steeds meer het karakter van een ‘abonnement’ waarin de premie overeenkomt met de gemaakte zorgkosten. Het verzekeringsprincipe komt daardoor onder druk te staan.”

Een uitspraak van De Nederlandsche Bank als ik de Volkskrant mag geloven. Door dat shopgedrag is het rendement dat de verzekeraars op een aanvullende verzekering maken, erg laag, slechts 0,6 procent. “DNB spoort de zorgverzekeraars aan nieuwe manieren te vinden om tegemoet te komen aan de wensen van de klant en er tegelijkertijd geld aan te blijven verdienen,” zo valt te lezen.

homeopathieFoto: Pixabay

Omdat de verzekeringsnemer steeds kritischer wordt en alleen dat afneemt wat op enig moment nodig is, komt het verzekeringsprincipe onder druk te staan. De oorzaak van dit probleem wordt in de schoenen geschoven van de verzekeringsnemer. Zou het werkelijk zo zijn gegaan of zou er ook een andere verklaring kunnen zijn? Zou de oorzaak hiervan niet bij de verzekeraars zelf kunnen liggen?

Een voorbeeld. Sinds enkele jaren is er een verzekeraar die zich profileert met de slogan: ‘de verzekering voor hoger opgeleiden’. Cijfers wijzen uit dat de gemiddelde hoger opgeleide gezonder is en leeft dan een lager opgeleide. Een aparte verzekering voor hoger opgeleiden kan goedkoper aan deze groep worden aangeboden omdat de duurdere lager opgeleiden erbuiten vallen. Willen die zich vervolgens tegen hetzelfde verzekeren, dan moeten ze naar een andere verzekeraar. Een verzekeraar waar lager opgeleiden oververtegenwoordigd zijn en dat leidt tot een hogere premie voor deze groep.

Een tweede voorbeeld: kraamzorg en babyzorg. Als je de keuze hebt, dan neem je dat als man of vrouw zonder kinderwens dus niet af. Alleen vrouwen met een directe kinderwens zullen zich daartegen verzekeren en de premie zal daarmee flink stijgen. Immers de kans dat een van de verzekerden zwanger wordt is zeer groot. Daar merk je echter alleen wat van als je dat in je pakket neemt.

Zouden de verzekeraars werkelijk aan de verzekerden hebben gedacht toen zij deze en andere ‘producten’ uitvonden? Zouden er bijvoorbeeld werkelijk hoger opgeleiden zijn die vroegen om een specifieke verzekering voor hen? Als dat zo is, dan is het ‘abonnement-karakter’ waar de DNB het over heeft te wijten zijn aan de verzekerden.

Of zou ook hier de economische wet dat aanbod vraag creëert opgeld doen? Als dat zo is, zou dan ‘nieuwe manieren te vinden om tegemoet te komen aan de wensen van de klant en tegelijkertijd geld te verdienen,” een goed advies zijn? Zou meer van hetgeen dat de kwaal heeft veroorzaakt werkelijk bijdragen aan de genezing? Zou homeopathie hier wel werken?

Beste Sylvana Simons

“Ik beweer dat identiteitspolitiek iets van de afgelopen honderden jaren is. Alleen het was één dominante identiteit dus niemand had er een probleem mee.”

Een uitspraak van u, Sylvana Simons, in een gesprek met De Correspondent. Volgens u valt de identiteitspolitiek nu pas op omdat er andere identiteiten ‘on the scene’ zijn verschenen.

identiteit

Illustratie: Pixabay

Beste mevrouw Simons, onder welke steen heeft u gelegen? Was er in de voorgaande eeuwen werkelijk maar één dominante identiteit in Nederland en wat breder in Europa? Wellicht zijn de vele godsdienstoorlogen aan uw aandacht ontsnapt. Oorlogen met vele slachtoffers. Die godsdienststrijd vormde ook een belangrijk onderdeel van de Opstand tegen de ‘Spanjaard’. Een ‘Opstand’ die voor de streek en plaats waar ik woon, heel andere gevolgen had, dan voor Amsterdam en Holland. Het huidige Limburg en een groot deel van Brabant werden ‘generaliteitslanden’ genoemd, een soort kolonie avant la lettre. Godsdienst is zelfs tot ver in de twintigste eeuw en voor sommigen zelfs nog steeds een belangrijk onderdeel van hun identiteit. Iets waarmee ze zich onderscheiden van mensen met een andere of geen godsdienst.

Voor mij, als Venlonaer, is de Vastelaovend, een belangrijk onderdeel van mijn identiteit. Niet die van Maastricht of van de Brabantse Carnaval, nee de Venlose Vastelaovend. Ik zie mijn identiteit daarom als anders dan iemand uit Maastricht of Brabant en zeker dan van een Hollander. Waarbij ik met de Mestreechter op dit punt meer affiniteit heb dan met de Brabander en zeker dan met de Hollander. Op andere gebieden heb ik misschien weer meer gemeen met u of een Hollander dan met de anderen en misschien wel dan mijn mede Venlonaeren. Ik zou me zo kunnen voorstellen dat de waardering voor de politicus Wilders zo’n punt is.

Het valt me tegen dat iemand die terecht aandacht vraagt voor de geschiedenis en positie van de voormalige koloniën en haar inwoners, die aandacht vraagt voor diversiteit, die diversiteit in de geschiedenis van het gebied waar we nu wonen, niet lijkt te kennen. Sterker nog, die diversiteit lijkt te ontkennen.

Beste mevrouw Simons, het lijkt erop dat u ‘identiteit’ versmalt tot de kleur van iemands huid. Vindt u niet dat dit een wel erg smalle definitie is? Zijn er niet veel meer zaken die iemands identiteit bepalen dan alleen de huidskleur?

 

Met de kennis van straks …

“Onderzoekers hebben lijsten aangetroffen met namen en achtergronden van 1.500 sollicitanten; aan 225 van hen werd een baan bij de gemeente ontzegd omdat er vermoedens bestonden van homoseksualiteit. Ook als een sollicitant een homo in familie- of vriendenkring had, kon dat reden zijn die persoon te weren.”

De eerste alinea uit een artikel in de Volkskrant. Schande! Discriminatie! En: “het COC (vindt) nieuwe excuses op zijn plaats.” De uitspraken schande en discriminatie worden, net als de vraag om excuses, in het heden gedaan. De lijsten komen uit het verleden, ze zijn tijdens archiefonderzoek gevonden en hebben betrekking op de jaren vijftig van de vorige eeuw.

heksen

IllustratiePixabay

Als we even verder zoeken dan komen we ook lijsten tegen van mensen met echte of vermoede communistische sympathieën die geweerd moesten worden. Bij het doorzoeken van de archieven komen we wellicht ook de brieven tegen waarmee vrouwen ontslag werd aangezegd op het moment dat ze in het huwelijk traden. Gaan we iets verder terug dan zullen er vast ook wel ‘ketterlijsten’ te vinden zijn van de inquisitie of heksenlijsten. Allemaal activiteiten die ‘met de kennis van nu’ anders hadden gemoeten, daar zullen veel mensen het over eens zijn. Veel, niet allemaal want ook nu zijn er veel mensen die nog denken met de ‘kennis van toen’.

Aan die lijsten van ‘toen’ die met de ‘kennis van nu’ anders hadden gemoeten, kunnen we heel veel aandacht besteden. We kunnen gezagsdragers van nu er excuses voor laten maken of parlementaire onderzoeken aan wijden. Dat kan allemaal, het verandert echter niets aan het gegeven dat de ‘kennis van nu’, er ‘toen’ niet was. Dat men het ‘toen’ met de ‘kennis van toen’ moest doen. Alhoewel niet was? In sommige gevallen was de ‘kennis van nu’ er ‘toen’ ook, alleen was die kennis nog geen gemeengoed. Was die ‘kennis’ bekend bij een groep die men toen wellicht ‘extremisten’ noemde of ‘nieuwlichters’ die tegen de ‘traditie’ dachten en handelden.

Dat brengt mij bij iets ander. Zouden we van die lijsten kunnen leren, dat we eens goed moeten kijken naar de ‘lijsten van nu’? Of iets breder, naar zaken die nu voor ‘normaal’ doorgaan om dat ze met de ‘kennis van nu’ normaal lijken, maar waarvoor met de ‘kennis van straks’ straks excuses aangeboden moeten worden?

Hoe zal met de ‘kennis van straks’ gekeken worden naar bijvoorbeeld de ‘opvang in de regio’, het ‘inburgeringsexamen‘ of de ‘participatieverklaring’? Zaken waarbij je met de ‘kennis van nu’ al kunt zeggen dat men er in de toekomst schande van gaat spreken, alleen word je nu als ‘niet goed snik’ of ‘dromer’ weggezet als je er iets van zegt.

Onwetendheid is macht!?

‘Het is nooit goed of het deugd niet’, een uitspraak die mijn moeder vaker bezigde, maar dan in het Veldense dialect uitgesproken. Aan die uitspraak moest ik denken tijdens het lezen van de column van Asha ten Broeke in de Volkskrant. Ten Broeke schrijft over de reacties in de media op de bijdrage van Arjen Lubach aan de zwarte-pietendiscussie. Aan de ene kant bijval en aan de andere kant krijgt hij het verwijt dat hij zich op het schild hijst ten koste van ‘zwarte activisten’ die worden bedreigd. Het woord culturele toe-eigening wordt nog niet genoemd, maar daar lijkt het wel op.

Wekker

Wat moet je als blanke, al mag ik dat woord niet gebruiken omdat ik me dan een neutrale positie toedeel, dan doen? Ten Broeke geeft advies en dat advies haalt ze bij Gloria Wekker: “… het zich teweerstellen tegen witte onschuld, het zichzelf positioneren als wit, als een machtige raciale/etnische positie bezettend, het cognitief en emotioneel kennisnemen van de Nederlandse geschiedenis van imperialisme, van de vele vormen van wit privilege en dat privilege gebruiken om machtsverschillen te doorbreken…”  Kennis nemen van de geschiedenis, welke dan ook, is altijd goed. Ook ben ik me er terdege van bewust dat er machtsverschillen zijn die doorbroken moeten worden. Dat kost tijd en gezamenlijke strijd en inzet.

Meer moeite heb ik met de term witte onschuld. Die komt er volgens Wekker (pagina 31 van haar boek Witte Onschuld) op neer: “dat de epistemologie van de onwetendheid deel uitmaakt van een witte superieure staat waarbij het menselijk ras raciaal is verdeeld in volledige en onvolledige personen. Hoewel- of beter gezegd: juist doordat – ze de neiging hebben de racistische wereld waarin ze leven niet te begrijpen, zijn witte mensen in staat volledig te profiteren van deze raciale hiërarchieën , ontologieën en economieën.” Ja, er zijn mensen die zich superieur achten aan anderen, die anderen ‘onvolledig’ vinden. Die heb je echter in alle kleuren en religies. Om dit iedere blanke te verwijten, gaat mij veel te ver.

Meestal leidt kennis tot inzicht en tot een positie waarin de bezitter van die kennis de mogelijkheid heeft om te profiteren van het inzetten van die kennis. Vandaar de uitspraak kennis is macht. Wekker beweert het omgekeerde, onwetendheid is macht. Zou dat werkelijk zo zijn? Zou het werkelijk zo zijn dat de ‘witte’ het ‘spel winnen’ omdat ze het niet begrijpen?

Legers en vertrouwen in democratie

“De vrede in Europa, die we intussen al onwaarschijnlijk lang beleven, zou dus met een Europees leger nog meer worden veilig gesteld en extreem nationalistische of fascistische elementen weten zich bij voorbaat kansloos.”

Met die zin sluit Henk Witte zijn artikel bij Joop af. Witte pleit voor een Europees leger en dat kan en mag. Hij zal tegen- en medestanders op zijn weg vinden.

Leger

Foto: Pixabay

Of zo’n leger er wel of niet moet komen, daar gaat het mij niet om. Het gaat mij om een van de argumenten die Witte gebruikt: “Noch van de Russen, noch van de moslimwereld behoeven we, op wat individuele dwaallichten na, werkelijk bang te zijn. Het zijn vooral de ontwikkelingen binnen Europa zelf die op gespannen voet met onze vrije democratieën staan.” Dat Europese leger zou met name een rol moeten krijgen in het bestrijden van die extreem nationalistische of facistische elementen. Een rol die al begint met de afschrikking die uitgaat van zo’n leger. De afschrikking zou die elementen al de moed in de schoenen moeten doen zakken.

Lees ik het goed? Pleit Witte ervoor om dat leger met name binnenlands in te zetten? Pleit hij ervoor het leger in te zetten tegen binnenlandse politieke partijen en bewegingen? Wordt het leger zo geen speelbal van de politiek? Als we dit naar de Nederlandse situatie vertalen, dan zou het kunnen betekenen dat de vier partijen die het kabinet vormen, besluiten het leger in te zetten tegen het Forum voor Democratie. Je zou die partij immers ‘extreem nationalistisch’ kunnen noemen, net als trouwens de PVV en afhankelijk van je eigen ‘denkframe’ zou je ook het CDA, de VVD onder die noemer kunnen scharen. Lastig hierbij is dat die mede de regering vormen. Leiden Witte’s ideeën er niet toe dat het leger een binnenlandspolitiek instrument wordt? Zou het werkelijk verstandig zijn om die weg op te gaan?

Witte lijkt vooral te denken aan het inzetten van dat leger in andere Europese landen: “Sommige landen in Europa maken al een aardige beweging in de richting van een staat waarin democratie een ondergeschikte rol lijkt te gaan spelen.” Gaan dan de andere landen dat leger de opdracht geven om bijvoorbeeld Hongarije of Polen binnen te vallen om de regering aldaar af te zetten?

Is een van de kenmerken van een vrije democratie niet dat politieke meningsverschillen in het publieke domein worden bediscussieerd? Als iemand hierbij de wet overtreedt is het dan niet de taak van de politie en justitie om op te treden en van de rechter om recht te spreken? Zou een kenmerk van de Europese samenwerking niet moeten zijn dat een land dat de Europese democratische grondregels schendt, uit de EU wordt gezet en dus ook niet meer de vruchten van die samenwerking kan plukken? Getuigt het pleidooi van Witte niet van een gebrek aan vertrouwen in de kracht van de vrije democratie?

Gouden dwangbuis

“Ze wordt uitgehold door de globalisering. Na de financiële en economische crisis willen burgers de excessen van de globalisering bestrijden. Maar ze zien niet goed meer hoe ze dat via de democratie kunnen doen. Dus hebben ze de democratie gelaten voor wat ze was en zijn ze achter Trump en Farage aangelopen, die de natiestaat tegen de globalisering zijn gaan inzetten. Dit is een machtig wapen. Overal in Europa. In Groot-Brittannië en Amerika kon de democratie er weinig tegen doen.”

Dit antwoord geeft de filosoof Dieter Thomä bij NRC op de vraag waarom de democratie hapert.

Rodrik

Illustratie: Dani Rodrik’s weblog – Typepad

Toen ik dit las moest ik denken aan het boek The Glabalization Paradox van de econoom Dani Rodrik. Thomä beschrijft hier in het kort de paradox van Rodrik. Het spanningsveld tussen extreme globalisering (Rodrik noemt het hyperglobalisering), democratisch bestuur en de natiestaat.

Een al dan  niet democratische natiestaat alleen, gaat dat niet lukken, zo betoogt Rodrik. Wat er zonder samenwerking gebeurt, laat bijvoorbeeld het ‘dossier vennootschapsbelasting’ zien. Dan hoor je zinnen als ‘Om onze concurrentiepositie te behouden’, signalen dat je in een, zoals Rodrik het noemt, ‘gouden dwangbuis’ wordt genaaid door het geglobaliseerde bedrijfsleven. Een gouden dwangbuis omdat de vruchten van de globalisering kunnen worden geplukt zonder ook maar iets zelf te beslissen of sturen. Als je je niet in die ‘gouden dwangbuis’ wilt laten naaien, dan rest je een positie zoals Noord-Korea of ietsjes beter als je een wat groter land bent.

De enige manier die Rodrik ziet waarop natiestaten zich kunnen verweren tegen de globalisering is door samenwerken met en tussen de natiestaten, want alleen in samenwerking is de globalisering te beteugelen. Maar ja, samenwerking met andere landen, dat ligt gevoelig want de aanhangers van die natiestaat, Trump, Farage maar ook Wilders en Baudet, propageren vooral de ‘eigen kracht’ en de ‘alleingang’ want we kunnen het best alleen af. Een andere dan deze twee mogelijkheden ziet Rodrik voor een al dan niet democratische natiestaat niet.

Geen opbeurend bericht voor de  aanhangers van een Brexit, Nexit of welke alleingang dan ook. Of Rodrik moet iets over het hoofd zien.

Kat in de zak

Het vormen van een nieuwe Duitse regering duurt nu al meer dan twee maanden en de eerste optie is mislukt. Er wordt nu gewerkt aan een tweede optie en dat gaat, net zoals in Nederland het geval was, niet van harte bij de deelnemende partijen. De Duitse sociaal-democraten van de SPD willen nu, tenminste als de achterban ermee instemt, met veel tegenzin in gesprek met Merkels CDU en de Beierse variant ervan de CSU. Volgens Elsevier toonde Merkel zich gretig, de krant citeert haar:

“We zijn bereid om serieuze en eerlijke gesprekken te voeren.”

kat in de zak

Foto: Flickr

Mooi zou je zo zeggen. Ze gaan serieus aan de slag en zijn eerlijk tegen elkaar. Dat is niet meer dan normaal. Het land moet immers geregeerd worden. Het duurt nog wel even, want net als in Nederland is het op dit moment even belangrijker om kerstvakantie te vieren. “Ze spraken de verwachting uit dat pas na de jaarwisseling serieuze gesprekken kunnen worden gevoerd,” zo valt te lezen.

Toch is er iets met dat ene zinnetje: “We zijn bereid om serieuze en eerlijke gesprekken te voeren.” Dat je aangeeft bereid te zijn om ‘serieuze en eerlijke’ gesprekken te voeren, betekent dat niet ook meteen dat je ook ‘niet-serieuze en oneerlijke’ gesprekken voert? Sterker nog, als je daar zo de nadruk op legt, zou het dan kunnen dat het voeren van ‘serieuze en eerlijke’ gesprekken eerder uitzondering is dan regel?

Nu heeft de SPD de afgelopen jaren met de CDU en de CSU geregeerd. De wrange vruchten daarvan plukte de partij tijdens de verkiezingen: een fors verlies. Trouwens ook de twee C-partijen leden grote verliezen. Zouden die verliezen een gevolg zijn van de gesprekken die tot die regering hebben geleid? Verliezen als gevolg van oneerlijke en niet serieuze gesprekken?

Als Merkel dat zo zegt zou de SPD dan die vakantie periode niet heel goed kunnen gebruiken om haar knopen te tellen? Om het aantal vingers aan haar hand te controleren? Om te kijken hoe knollen en citroenen er ook al weer uitzien? Dit om te voorkomen dat ze uiteindelijk weer een kat in de zak hebben ‘gekocht’?

“We are the Borg”

Bij de Volkskrant trekt historicus Willem Melching parallellen tussen het populisme van nu en het populisme van de jaren zestig van de vorige eeuw van D’66, de Boerenpartij en Provo. Zijn conclusie, de huidige ‘elite’ zou wat kunnen opsteken van de toenmalige elite door wat zaken over te nemen. Hij ziet twee punten waarop dat zou kunnen, Europa en de multi-culturele samenleving. Over die laatste schrijft hij:

“De multi-culturele samenleving is grotendeels mislukt, zelfs de optimist Merkel moest dat toegeven. Maar niemand in Europa zet deze kwestie op de agenda.”  

The Borg

Foto: Flickr

Mislukt? Is dat niet een wat vreemde constatering? “Met elementen uit verschillende culturen,” deze definitie geeft de Van Dale voor het woord multicultureel. Als we naar Nederland kijken dan zien we dat de Nederlandse samenleving bestaat uit elementen uit verschillende culturen. Dat er ‘elementen uit verschillende culturen’ in Nederland wonen is niet nieuw. Dat is altijd al zo geweest. De Friese cultuur is anders dan de Hollandse of de Limburgse. De ‘Limburgse cultuur’ bestaat niet, de Venlose cultuur is immers anders dan de Maastrichtse. Net zo bestaan de Hollandse of de Friese cultuur ook niet. 010 en 020, allebei Hollands en toch heel anders. Hierover schreef ik al eerder. Met andere woorden, is die ene Nederlandse cultuur niet een illusie?

Met de komst van mensen uit andere streken is de diversiteit nog verder toegenomen, is de samenleving nog diverser geworden. Er zijn nog meer elementen van verschillende culturen en is de samenleving als geheel nog multicultureler geworden. Is die multiculturele samenleving daarmee niet een feitelijke constatering? Hoe kan een feitelijke constatering mislukt zijn?

Wat er niet is gebeurd, is dat er één stamppot is ontstaan. Eén geheel van mensen die allemaal precies hetzelfde zijn, denken en doen. Als Melching dat bedoelt met een multiculturele samenleving, dan heeft hij gelijk, dat is mislukt. Als hij dat bedoelt, dan kun je je afvragen of dat ooit het doel van iemand is geweest? Een soort Borg uit de serie Star Trek:“We are the Borg. You will be assimilated. Resistance is futile. You’re biological and technoligical distinctiveness will be added to our own. Resistance is futile.” Als het van niemand een doel was, is het niet ontstaan ervan dan een mislukking?

Preken voor eigen parochie

“GroenLinks wil namelijk ‘de gewone man’ bereiken, want ‘identiteitspolitiek betekent in Nederland meestal het opsluiten van mensen in hun eigen groep’. Alsof al dat gepamper van de ‘gewone’, ‘hardwerkende’ en ‘bezorgde burger’ iets anders is dan identiteitspolitiek gericht op de dominante, witte meerderheid. … Terwijl GroenLinks dus haar hengel uitgooit in de drukste electorale vijver van Nederland vol gewone, witte vissen, wordt de blijkbaar abnormale, niet-witte kiezer in de netten van Denk en BIJ1 gedreven.”  Woorden van Joyce Brekelmans bij Joop als reactie op een interview met Jesse Klaver in de NRC. En dan vooral op de volgende passage:

“Als het alleen maar gaat over identiteit, migratie en andere sociaal-culturele thema’s, wint rechts. Wij willen vanaf nu de nadruk leggen op geld, werk en de macht van het bedrijfsleven.”

Mark Lilla

Als ik Brekelmans goed begrijp, dan betekent aandacht vragen  voor geld, werk en macht dat je je pijlen richt op ‘gewone witte vissen’. Dan laat je de ‘niet-witte kiezer’ aan zijn lot over of erger, je drijft ze in de netten van Denk en BIJ1. Zouden die ‘niet-witte kiezers’ niets met geld, werk en macht hebben?

In Nederland is er geen enkele ‘minderheid’ die de meerderheid heeft. De ‘niet-witte kiezer’, als die al als één blok te zien is, wat ik ten zeerste betwijfel, heeft zeker geen meerderheid. Betekent dit niet dat om iets te bereiken die ‘niet-witte kiezer’, altijd de samenwerking moet zoeken met ‘witte’ kiezers? Is een kenmerk van samenwerking niet dat er gegeven moet worden om te kunnen nemen? Dat er naar overeenkomsten gezocht moet worden in plaats van naar verschillen? Dat er gezamenlijke grond moet worden gezocht?

Dat zullen Denk en BIJ1 ook moeten doen, net zoals VVD, CDA, D66 en de ChristenUnie dat nu ook hebben gedaan. Met alleen maar blijven hameren op anders zijn, op de eigen identiteit, het eigen gelijk en de verschillen met anderen, bereik je niets. Want zoals Mark Lilla zich op bladzijde 120 van het boek The Once and Future Liberal. After Identity Politics afvraagt: “Why should non-Xers give a damn about Xers, unless they believe they share something with them? Why should we expect them to feel anything at all?”

Beste mevrouw Brekelmans, net als de ‘niet-witte kiezers’ bestaat ook die  ‘dominante witte meerderheid’ niet. Roept u zo niet een schijntegenstelling op? Zou strijdt voor een een beter samenleving voor alle inwoners van dit land echt worden bereikt door te focussen op verschillen in ‘identiteit’? Leidt politiek gericht op ‘identiteit’ niet tot het failliet van een samenleving omdat het gericht is op het uitsluiten in plaats van het insluiten van mensen?

‘Mijn Ballonnendoorprikker’

“De meeste informatie over uw hypotheek, zoals uw jaaropgave, ontvangt u digitaal van ons. Wel zo handig en overzichtelijk. Staat er een document voor u klaar? Dan informeren wij u per mail. U vindt uw digitale post via Mijn …. bij ‘Mijn documenten’. Zo kunt u het later altijd eenvoudig terugvinden. Wij breiden deze service steeds verder voor u uit.”

Dit las ik in een brief van mijn hypotheekverstrekker. Jullie hebben vast ook wel eens zo’n soort brief ontvangen. Bedrijven die een ‘Mijn …’ beginnen en alleen maar op die manier willen communiceren. De overheid wil ook die kant op met ‘Mijn Overheid’, daar schreef ik al eens eerder een prikker over, dus daar ga ik het niet over hebben.

postbode

Foto: Wikimedia Commons

Ik wil het hebben over de geciteerde passage uit de brief. Dat ik alle informatie digitaal ontvang, is wel zo handig en overzichtelijk. Beste schrijvers, ik vind het per post ontvangen jaaropgaven net zo handig. Die berg ik dan netjes op in een map en als ik het wil inzien dan kan ik de map pakken en die heel eenvoudig raadplegen. Dat vind ik wel zo handig en overzichtelijk. Ook kan ik zo alles later eenvoudig terugvinden.

Ja, via jullie ‘Mijn…’ kan dat ook. Alleen moet ik dan een gebruikersnaam en wachtwoord onthouden en niet alleen voor jullie, ook voor al jullie collega’s die ook een ‘Mijn …’. Die kan ik echt niet allemaal onthouden, dat vind ik niet zo ‘eenvoudig’. Bovendien is die informatie, mijn gegevens, verbonden met het Internet en er verschijnen geregeld berichten van gehackte bedrijven. Zelfs van ‘tech-bedrijven’, zo bleek Uber laatst gehackt. Is het niet veiliger om die gegevens los te koppelen van het Internet en alleen maar via papieren post te communiceren?

In de laatste zin geven jullie aan dat jullie ‘deze service’ steeds uitbreiden en dat jullie dat voor mij doen. Alleen kan ik me niet herinneren dat ik om deze service heb gevraagd. Misschien ben ik iets vergeten, dan hoor ik het graag.

Is het niet eerder dat jullie deze ‘service’ voor jullie zelf uitbreiden? Dat jullie digitaliseren om jullie bedrijfsprocessen te automatiseren en uiteindelijk om kosten te besparen? Een goede en legitieme reden, maar doe het dan niet voorkomen alsof jullie dat voor mij doen.