Proost!

GroenLinks politicus Kathalijne Buitenweg pleit voor het reguleren van xtc. Dit om de productie ervan van en de handel erin uit het criminele circuit te halen. Volgens Raoul du Pré moet de overheid niet aan de maatschappelijke realiteit voorbijgaan. “Waarom strikt vasthouden aan een wettelijk verbod op iets waarop in het sociaal verkeer het taboe al lang is verdwenen?” zo schrijft hij in het Commentaar van de Volkskrant. Alleen beginnen dan de problemen zo betoogt Du Pré.

Foto:Pixabay

Zo zullen zich: “onder overheidstoezicht (…) overdoses en andere ongelukken blijven voltrekken. Welke overheid wil daarvoor de verantwoordelijkheid nemen?” Een tweede probleem: “de criminele industrie is grotendeels gebouwd op export en zal dus gewoon blijven bestaan.” Du Pré concludeert: “Overheidsregulering van xtc klinkt logisch, maar het wietexperiment moet eerst wat ervaring brengen,” concludeert Raoul du Pré. Eerst experimenteren, dat klinkt logisch. Maar… . 

Loopt er niet al een experiment met een legaal verdovend middel? Een middel dat je zelfs in de supermarkt kunt kopen. Als je tenminste ouder bent dan achttien jaar. Sterven er aan dat middel niet ook jaarlijks mensen door een overdosis? Neemt de overheid daar niet ook haar verantwoordelijkheid voor? Een middel dat ook niet overal legaal is en in sommige landen schreeuwend duur.

Een middel waarmee de Verenigde Staten in de jaren twintig van de vorige  eeuw een omgekeerd experiment uitvoerde. Trouwens, niet alleen toen en daar. Een experiment dat niet voorkwam dat mensen het middel niet meer gebruikten. Een experiment waaraan Al Capone en zijn collega criminele kopstukken goud geld hebben verdiend. Verdiend met de productie en het verhandelen van dit middel. Een experiment dat tot veel doden leidde. Doden door crimineel geweld maar vooral ook doden door slechte varianten van dit middel. Een middel waarvan velen met de jaarwisseling een soort met bubbels openen en vervolgens proosten op het nieuwe jaar.

Ondermijning

Bestuurlijk Nederland maakt zich erg druk om ondermijning. Vooral burgemeesters zijn erg actief op dit vlak en hebben zelfs een ‘Proeve van wetgeving’ geschreven. Een advies aan de wetgever hoe verschillende wetten aan te passen om die ondermijning aan te pakken. 

Foto: Wikipedia

Wat is het probleem? “Er is grote zorg over de ontwikkeling van de aard en omvang van georganiseerde criminaliteit en de ondermijnende werking daarvan voor de samenleving en de rechtstaat.” Wat moeten we ons daarbij voorstellen? “Ondermijnende criminaliteit nestelt zich bij voorkeur in zwakke buurten van steden, in tal van kleine bedrijven zoals belwinkels, ijssalons, kapperszaken, maar breidt zich ook steeds verder uit tot het platteland en is te vinden bij noodlijdende vakantieparken, boerenbedrijven etc.” Het speelt dus vooral op plekken waar mensen het niet al te breed hebben. Die activiteiten zijn verleidelijk: “De georganiseerde criminaliteit biedt een “alternatieve kansenstructuur”; waarom zou je je inzetten voor een lang niet zekere respectabele en productieve carrière, wanneer je buurjongen met betrekkelijk geringe inspanningen over een mooie auto en dito vriendin beschikt?” Maar … .

Er zijn meer activiteiten die als ondermijnend gezien kunnen worden. Activiteiten waarbij met: “betrekkelijk geringe inspanningen” beschikt over veel meer dan die mooie auto en vriendin. Activiteiten waarbij: : “Mensen zien dat er veel geld wordt verdiend, zonder dat daar belasting over wordt betaald.” Die activiteiten spelen zich af in de ‘sterke buurten’ van steden met name in de zaken- en financiële centra. Activiteiten die zichtbaar worden tijdens formaties als ineens wordt besloten om een belasting af te schaffen. Activiteiten die zichtbaar worden als er zwarte busjes bij het Catshuis voorrijden en mannen in onberispelijk strakke pakken uitstappen. Activiteiten die zichtbaar worden als er een politicus zijn stekje verlaat voor een ‘carrièreperspectief’ bij Uber of een bank.  

Zouden die activiteiten wellicht nog ‘ondermijnender’ zijn dan die ondermijnende criminaliteit? Ondermijnender omdat ze het gevoel van rechtvaardigheid aantasten? Ondermijnender omdat de schade daarvan vooral landt in de ‘zwakke buurten’ van steden, bij al die kleine bedrijven, bij die noodlijdende vakantieparken en boerenbedrijven? Wie schrijft hiervoor een ‘Proeve van wetgeving’?

Gekozen formateur?

Deze week publiceerde de commissie Remkes haar eindrapport. Een kloek document van bijna 400 pagina’s. Ik heb ze nog niet allemaal gelezen. Wel heb ik de samenvatting, of zoals ze dat noemen de publieksversie, gelezen. De opdracht van de commissie was: “kijken of onze democratie nog goed werkt en ook te onderzoeken of die in de toekomst goed zal blijven werken. Ons politieke systeem is al honderd jaar bijna hetzelfde gebleven. De samenleving is in die honderd jaar natuurlijk wel enorm veranderd. Zijn er veranderingen of aanpassingen in onze democratie nodig?” Conclusie: er moet wat veranderen en daarvoor doet de commissie aanbevelingen. Over een van die aanbevelingen, de ‘gekozen formateur’, wil ik het hier hebben.

Foto: Flickr

“De commissie-Remkes vindt dat de kiezers op de dag van de Tweede Kamerverkiezingen ook zélf de formateur van het nieuwe kabinet moeten gaan kiezen. Daarmee kunnen ze duidelijk maken wie volgens hen het nieuwe kabinet moet gaan vormen. De kandidaat-formateurs kunnen dan vóór de verkiezingen duidelijk maken met welke partijen zij samen in een kabinet willen gaan zitten.” Ik ben benieuwd naar de verdere uitwerking van dit idee omdat het wat vragen oproept.

Nu is het gebruik dat de leider van de grootste regeringspartij uiteindelijk de formateur levert. Alleen komt die pas aan zet na een periode waarin de partijen in ‘achterkamertjes’ onderhandelen over een regeerakkoord. Als dat er is, formeert de formateur het kabinet. Betekent dit voorstel dat de ‘onderhandelingen’ over het regeerakkoord al voor de verkiezingen plaatsvinden? Dat zou betekenen dat partijen al voor de verkiezingen een regeerakkoord schrijven en dat wij als kiezer ons uit kunnen spreken over die verschillende regeerakkoorden. Dat betekent ook dat de partijen al voor de verkiezingen aangeven wie de leider van hun ‘coalitie’ is. Dat is vooruitgang, dan weten we tenminste waar we op stemmen.

Maar wat als er zo drie of vier ‘blokken’ zijn van partijen en geen van hen behaalt een meerderheid? Wie wordt dan ‘formateur’? Of moet er dan, net zoals nu, weer worden onderhandeld over een regeerakkoord en wie minister-president wordt? Dan schieten we er niets mee op.

Dat zou je natuurlijk kunnen voorkomen door de tweede verkiezingsronde tussen de twee grootste blokken. Dan is er een duidelijke winnaar. Of een andere oplossing, je voert een districtenstelsel in en hanteert het systeem dat degene die de meeste stemmen krijgt, al is het geen meerderheid, de kamerzetel krijgt.

Maar wacht eens. Waar kennen we die varianten van? Kent Frankrijk niet de eerste variant? En de Engelsen en de Amerikanen de tweede? Staat de democratie er in die landen zoveel beter voor?

Klimaat en klimaat

Ik schrijf al een paar jaar ‘Prikkers’ om mensen aan het denken te zetten. Prikkers die je kunt zien als kritiek op iets of iemand. Na het lezen van een artikel van Tim Engelbart bij DDS vraag ik me af of dat eigenlijk wel mag. Waarom? Wie ben ik om iemand de maat te nemen?

Illustratie: Pixabay

Volgens Engelbart mag ‘weerman’ Gerrit Hiemstra geen kritiek leveren op Thierry Baudet van het Forum voor Democratie. Engelbart: “klimaatverandering bestaat en wordt door de mens een weinig opbeurend handje geholpen. Dat zijn gewoon de feiten, en het is inderdaad onverantwoordelijk van Thierry Baudet dat hij zich tegen deze wetenschappelijke consensus keert.” Maar, zo beweert Engelbart: “het is niet de taak van de NOS om hele politieke partijen door het slijk te halen. Daarvoor zijn weer andere politieke partijen, maar niet de weermannen van het Achtuurjournaal. Schoenmaker, blijf bij je leest!” Gelukkig ben ik Ballonnendoorprikker die zichzelf de opdracht heeft gegeven om rammelend beargumenteerde standpunten aan de kaak te stellen. Dus bij deze.

Hiemstra mag geen kritiek leveren op de ‘klimaat en milieuanalyse’ van Baudet want hij is geen politieke partij. Sterker nog, hij is ‘de NOS’ en dat moet een ‘bolwerk van politieke neutraliteit zijn. Een vreemde redenering om drie redenen.

Als eerste wordt Hiemstra vereenzelvigd met de NOS. Dus iemand die voor een bedrijf werkt is dat bedrijf. Iemand die twee baantjes heeft is dus twee bedrijven. Een bijzondere redenering. Dit zou betekenen dat onze premier Nederland is. Onze koning trouwens ook, net als de koningin. 

Als tweede, omdat Hiemstra ‘de NOS’ is, moet hij zijn mond houden. De NOS moet immers neutraal zijn en dat betekent, als ik Engelbart goed begrijp, dat de mensen die er werken geen mening mogen uiten. Als zij hun mening uiten dan schenden ze de neutraliteit van de NOS. Neutraliteit is het hebben van geen mening? Zou neutraliteit niet ook kunnen betekenen dat je verschillende ‘meningen’ een platform geeft om met elkaar in gesprek te gaan? 

Dan het derde en belangrijkste punt. Volgens Engelbart mogen alleen politici andere politici de maat nemen en aanspreken op eventuele ‘onzin’ die ze uitkramen. Laten we het eens omdraaien. Mag Baudet zich dan wel uitspreken over klimaatverandering? Is klimaatverandering dan niet het exclusieve terrein van klimaatwetenschappers? De geschiedenis het exclusieve terrein van historici en stukadoren van stukadoors? Daarom vroeg ik mij af of ik eigenlijk wel stukjes mag schrijven.

Zijn de samenleving, het maatschappelijk klimaat, de wetenschap, het klimaat en vooral de politici er niet juist bij gebaat dat mensen van divers pluimage met elkaar in gesprek gaan? Dat een klimaatdeskundige, historicus of natuurkundige een politicus aanspreekt? Dat zij zich in het debat mengen en dit voorzien van de wetenschappelijke inzichten?

De waarheid en niets dan de waarheid

Frits Bosch verwijt bij DDS Leo Lucassen en Paul Scheffer dat ze feiten over de integratie van allochtonen verdoezelen en zo de waarheid geweld aandoen. Zo gaat het“volgens Lucassen uitstekend met de integratie. Helaas is het baarlijke nonsens,” concludeert Bosch. “De toenemende Jodenhaat, homohaat, Mocromaffia, vrouwenhaat, de aanslagen … Ze willen het niet weten, ze willen het niet zien, ze zijn er niet ontvankelijk voor, ze wenden hun hoofd af of ze steken het diep in de grond,” aldus Bosch en hij sluit af met een sneer naar de beide hoogleraren:, die: “worden ingehuurd om de maatschappij wetenschappelijk onderbouwd te informeren, niet om goedgelovige mensen op het verkeerde been te zetten.” Een stevig verwijt.

Foto: Wikimedia Commons

Volgens Bosch komt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid: “tot de conclusie dat het helemaal niet goed gaat met de integratie door import van armoede, import van criminaliteit, import van verdeeldheid. De sterk toegenomen diversiteit is slecht voor allen, inclusief allochtonen.” En dat is de schuld van de allochtoon. Nou ja, een deel van hen. Wat opvalt is dat het artikel eigenlijk over moslims gaat en dat iedereen moslim daarmee meteen een allochtoon is. Trouwens niet alleen een allochtoon, maar ook een probleem want volgens Bosch is de islam een probleem want: “Jongeren gaan de Koran écht bestuderen en ontdekken dus dat IS de échte islam vertegenwoordigt.” Even terzijde. Moeten we daaruit opmaken dat de islam eeuwenlang geen ‘ vertegenwoordiging’ had? Immers IS bestaat nog geen tien jaar.

Lucassen en Scheffer willen het niet zien: “de aanslagen gaan door, en door, en door, en door, en door en door. … Navrant is dat nog geen week na Scheffers hosanna-artikel een aanslag is gepleegd in Straatsburg, drie doden, twaalf gewonden, waarvan drie ernstig.”  Inderdaad gaan de aanslagen maar door en door en inderdaad werd er deze week nog eentje in Straatsburg gepleegd. Wat hierbij opvalt is dat het overgrote deel van de aanslagen wordt gepleegd in islamitische landen. Dat overgrote deel van de slachtoffers moslims zijn die de islam net wat anders zien. Zou het kunnen dat er verschillende interpretaties van de islam mogelijk zijn? Zouden er in de islam meerdere ‘waarheden’ zijn?

Nu ik het toch over ‘waarheden’ heb. Sluit succesvolle integratie aanslagen uit? Met andere woorden, zijn ‘aanslagen’ een maatstaf voor integratie? Zijn er op het gebied van integratie niet ook meerdere ‘waarheden’ naast elkaar mogelijk?

Afhankelijk of onafhankelijk

“Power to the people!” De laatste zin van een artikel van Maurits Kreijveld op de site Oneworld. Het is trouwens ook de kop erboven. Kreijveld breekt een lans voor de introductie van blockchain op de energiemarkt. Nu brak ik in mijn vorige Prikker een lans voor investeringen in nieuwe technologieën, zoals de battolyser. Dus eens even zijn redenering volgen. 

Illustratie: Pixabay

Kreijveld: “Blockchain maakt de energiemarkt transparant en toegankelijk voor kleinere spelers. Door de gedeelde boekhouding wordt het netwerk intelligenter. Hierdoor kunnen alle componenten in het energienetwerk beter op elkaar inspelen: wanneer energie schaars wordt, of juist overvloedig. De apparatuur aan het netwerk zou voortdurend met elkaar kunnen onderhandelen over levering op basis van een variabele prijs die voortdurend wordt vastgesteld op basis van vraag en aanbod.” Hij vervolgt: “Wil je de vele partijen die nu investeren allemaal een eerlijke vergoeding kunnen geven voor hun investering, dan heb je een enorme boekhouding nodig, waarin alles wordt bijgehouden: de geleverde als verbruikte stroom, hoe groen deze is, de batterijen en netwerken waar deze (tijdelijk) is opgeslagen en hoe zij is getransporteerd. Blockchain kan deze boekhouding verzorgen.” En concludeert: “Een systeem zoals de blockchain kan de essentiële katalysator zijn voor de energietransitie door ervoor te zorgen dat niet alleen enkele grote (steeds groter wordende) energieproducenten, maar ook heel veel kleinere producenten, zoals jij en ik, mee kunnen doen.” Interessant, maar … .

Zit ik te wachten op een enorme boekhouding van welke energie in welke batterij zit en door wie die is geproduceerd? Zit ik te wachten op een: “wasmachine die pas gaat wassen bij een bepaalde lage energieprijs?”  En op die apparaten die met elkaar gaan onderhandelen? Wat als mijn koelkast te duur inkoopt? Of de prijs waarbij mijn wasmachine gaat draaien nog vier weken op zich laat wachten? Zit ik te wachten op een boekhoudsysteem waar ik geen touw aan vast kan knopen en dat ik niet kan controleren?

Zit de werkelijke kracht van zonnecellen en windmolens niet juist in de mogelijkheid om los te komen van het net en dus de markt? Los als individu of als groep. In de mogelijkheid om mijn eigen energie op te slaan in batterijen of waterstofgas en dit te gebruiken als ik het zelf nodig heb? Zit de kracht in afhankelijkheid of onafhankelijkheid? 

Gekkigheid, mogelijkheid en werkelijkheid

Bij DDS een artikel van iemand die zich RPML noemt. In het artikel ergert deze persoon zich aan het gebrek aan beta’s in de politiek. “Gisteren werd bekend dat men in 2030 maar liefst 65% van het autoverkeer elektrisch wil hebben… een techneut gaat dan rekenen…. 65% van 9 miljoen auto’s zijn 5.850.000 voertuigen die vanaf dan gemiddeld 30 kWh per dag (133 km, 0,225 kWh per km) gaan gebruiken… dat is 175 miljoen kWh per dag… een gemiddeld huishouden verbruikt 4.400 kWh per jaar, 12 kWh per dag… 175 miljoen kWh staat dus voor een equivalent van 14.5 miljoen huishoudens. Er zijn in Nederland op dit moment 7 miljoen huishoudens (…) en we gaan het energieverbruik van twee keer zoveel huishoudens aan de elektrische auto hangen… en die stroom komt zeker allemaal van windmolens?”  ‘Totale gekkigheid’ aldus de kop boven het artikel. De rekensom klopt, maar klopt daarmee ook de conclusie dat het een onhaalbare missie is?

Illustratie: wikimedia commons

Een rekensom begint met de cijfers waarmee je rekent. Neem het gebruik van een elektrische auto, 0,225kWh per kilometer volgens de auteur. Dat is iets meer dan een Tesla Model S verbruikt. Er zijn echter auto’s die veel zuiniger zijn. Neem de Renault ZOE, die verbruikt gemiddeld 0,162 kWh per kilometer. reken je met dit verbruik, dan is er al een kwart minder elektriciteit nodig om die 65% te laten rijden. Het is niet uit te sluiten dat de beta’s erin slagen om dit verbruik nog verder terug te dringen.

Als we kijken naar de andere kant, de energieproductie, de windmolens en zonnecellen. De windmolens worden steeds groter en krachtiger. Eén molen wekt steeds meer energie op. En neem de zonnecellen. De eerste zonnecel uit 1883 kende een rendement van 1%. In 1954 was dat al 6% en tegenwoordig is dat zo’n 16,6% voor de gangbare zonnecellen. Er zijn er echter al met een rendement van 44,7%. Deze zijn nu nog onbetaalbaar zo ontdekte ik na wat googelen. Nu nog, maar ervaringen uit het verleden leren dat prijzen snel kunnen dalen. 

Resteert één probleem: de opslag van de gewonnen energie. De zon schijnt niet altijd en en het waait ook niet altijd. Hoe brengen we vraag en aanbod van elektriciteit voor al die auto’s in evenwicht? Dat kan door deze op te slaan in accu’s. Iets waar met namen Tesla flink in investeert. Een beproefde en efficiënte techniek. Zou het omzetten van opgewekte elektriciteit in waterstofgas niet een op termijn veel praktische oplossing zijn. Het maakt het opladen van je accu overbodig. Je gaat gewoon naar een tankstation en tankt waterstofgas net zoals je nu benzine tankt. De infrastructuur hiervoor ligt er al. Een veel belovende mogelijkheid? 

Elektrolyse, zoals dat heet, is lastig maar veelbelovend met interessante ontwikkelingen zoals de battolyser: “Deze kan elektriciteit opslaan of leveren op een manier die net zo efficiënt is als een batterij. Bovendien kan hij water splitsen in waterstof en zuurstof door elektrolyse.” Als de overheid iets kan doen, dan is het flink investeren in dergelijk onderzoek. Dan klopt de rekensom van RPML en wordt die wellicht  65% toch werkelijkheid.

Pijlen op het verkeerde doel

Het afgeven op de Europese Unie lijkt volkssport nummer één in Nederland. Vorige week schreef ik een ’Prikker’ naar aanleiding van een artikel van twee SP-ers. Deze week viel mijn oog op een artikel van Tomas Vanheste van De Correspondent. Volgen Vanheste lijkt de Europese Unie op het ‘Hotel California’ uit het lied van The Eagles: ‘ You can check out any time you like but you can never leave.’ Dit concludeert hij uit de Brexit-perikelen. Vanheste wil meer: “Verlost van lastpak VK zou de EU eindelijk de kans moeten grijpen voor het stichten van de Verenigde Staten van Europa.” Maar ja: “de EU (is) nog steeds te veel los zand”. Of dat zo is, daar gaat het mij nu niet om, of eigenlijk toch wel. 

Illustratie: Picryl.com

Volgens Vanheste is de EU van de ‘regelpolitiek’ terwijl we in een tijdperk leven van de gebeurtenissenpolitiek. De EU is: “vooral een machine geweest die regels uitspuwt voor de interne markt. Ze smoort politieke conflicten in juridische regelpolitiek. Regels stelt ze niet als de uitkomst van politieke keuzes voor, maar als de door experts uitgedokterde oplossingen voor technische problemen.”  Alleen worden we de laatste jaren niet geconfronteerd met ‘technische problemen’ maar met gebeurtenissen als de financiële – en de vluchtelingencrisis. Dan helpen technische oplossingen en regeltjes niet. Dan is visie en leiderschap gevraagd. Een zeer interessante analyse die veel verklaart.

Maar toch. Is het niet cru om dit de Europese Unie te verwijten? De Unie is een samenwerkingsverband van landen en kan alleen iets uitvoeren en ‘regels uitspuwen’ als die landen en hun regeringen het willen. Als die bevoegdheden overdragen aan de Unie. Op het gebied van de interne markt zijn bevoegdheden overgedragen en dan kun je een overheid niet verwijten dat ze op dat terrein haar werk doet en ‘regels uitspuwt’. Het ‘uitspuwen’ van regels om het verkeer tussen mensen te regelen is immers de kerntaak van elke overheid.

In de Nederlandse politiek is ‘geen bevoegdheden naar Brussel’ het adagium. Sterker nog, een flink deel wil liever bevoegdheden ‘terughalen’. In verschillende andere landen is het van hetzelfde laken een pak. Zit daar niet juist het probleem? Als je naar een politieke unie toe wilt, zoals Vanheste, dan zullen de leden die de unie moeten gaan vormen, wel eerst bevoegdheden aan die unie moeten overdragen. 

Is het niet vreemd om het samenwerkingsverband van landen te verwijten dat de landen niet willen samenwerken? Richt Vanheste zijn pijlen niet op het verkeerde doel?

Wij en de Hunnen

“Vermoeiend? Zeker. Maar ergens is het ook wel weer vermakelijk.” Zo betitelt Michael van der Galien het betoog dat David Attenborough hield voor de VN-klimaattop in Polen. Hoe Van der Galien tot die conclusie komt? Attenborough waarschuwde dat klimaatverandering kan leiden tot instorting van de beschaving, wellicht het uitsterven van een groot deel van onze natuurlijke wereld en betitelde de klimaatverandering tot de grootste bedreiging in duizenden jaren. Dat is tegen het zere been van Van der Galien: ” Jawel, een warmer klimaat betekent het einde van ons allemaal! We gaan dood jongens! Of onze cultuur tenminste…. Jawel, dit gaat een grotere ramp worden dan de twee wereldoorlogen die we overleefd hebben. De pest — waardoor in de Middeleeuwen zo’n 30 miljoen tot 50 miljoen mensen omkwamen, wat toen natuurlijk een enorm hoog percentage was van de hele mensheid — was er niets bij”  

Illustratie: wikipedia

Wat, tot nu toe de grootste bedreiging voor de mensheid  was, is arbitrair. Inderdaad vielen er vele doden en werd er veel verwoest tijdens de beide wereldoorlogen. In een toptien lijstje van conflicten met de meeste slachtoffers, neemt de eerste, met 17 miljoen doden, de vierde plek in en de tweede, met 75 miljoen, de eerste plek.  Bekijk je het als percentage van het aantal aardbewoners, dan vielen die beide oorlogen best wel mee. Tijdens de inval van de Mongolen, die tussen de 30 en 40 miljoen levens kostte, woonden er nog nog geen half miljard mensen op deze aardkloot. Of neem de rebellie in China tijdens de heerschappij van Wang Mang zo aan het begin van onze jaartelling; 10 miljoen doden op een wereldbevolking van zo’n 170 miljoen. De inval van de Mongolen en die rebellie betekende wel het einde van beschavingen en culturen.

Het klimaat verandert wel vaker, ook zonder echt ingrijpen van mensen. Echter wel met gevolgen voor die mensen en zeker voor beschavingen en culturen. Zo ook aan het begin van het eerste millennium voor onze jaartelling. Hierdoor raakten mensen op drift, dat leidde tot veel conflicten en betekende het einde van rijken en culturen. Of neem het grootste antieke rijk, het Romeinse. Dat kwam aan zijn einde door wat we nu de grote volksverhuizing noemen. Steppenvolken uit het diepe binnenland van Azië raakten op drift omdat de verandering van het klimaat hun leefgebied aantastte. Dit zorgde voor een cascade van volkeren op drift en dreef  de Hunnen het Romeinse rijk binnen. Dit betekende uiteindelijk het einde van dit rijk en de Romeinse beschaving. Europa belandde hierdoor in de ‘donkere’ Middeleeuwen. 

Een klimaatverandering. En ja, de mens overleefde. Veel mensen en de Romeinse beschaving niet. Ten tijden van die klimaatveranderingen, woonden er nog weinig mensen en toch vielen er vele doden. Hoe zal dat zijn als de ‘Hunnen’ nu op drift raken? Zou Van der Galien het dan nog steeds ‘vermoeiend maar ergens ook weer vermakelijk’ vinden?

Woede workshop

“Wij waren niet gewend om onze boosheid te uiten. Toen we dat voor het eerst wel deden bij één van die workshops, voelden we zo’n kracht en ontspanning. Dat was nieuw voor ons. We leerden om in onze kracht te staan, wat het betekent om man te zijn. Het was zo speciaal dat we het met anderen wilden delen.” We, dat zijn Peter Adema en Frits Duursma die de workshop ‘omgaan met woede en opgelegde mannelijkheid’ gaan geven, zo lees ik bij Oneworld. Mannen zijn het volgens hen verleerd om hun boosheid op een goede manier te uiten. Interessant.

Foto: Wikimedia Commons

 Waarom ze dat gaan doen? “Woede heeft een negatief imago in onze samenleving. Als je als kind boos bent willen je ouders dat zo snel mogelijk oplossen. Eigenlijk wordt ons dus geleerd om die emotie niet te laten zien. Daardoor gaat het vastzitten. Als je geen manier hebt om die boosheid in beweging te brengen, uit zich dat door stress, ziekte en pijn in je lichaam. Wat ook gebeurt is dat mensen gaan klagen. Ook dat is een uiting van lichamelijke stress. Het is een maatschappelijk probleem dat we met deze workshops op willen lossen.” 

Je kunt voor de cursus betalen, maar je kunt er ook gratis naar toe als je zegt dat je een pro-zwarte-piet-demonstrant bent: “We zijn heel erg geraakt door de intensiteit van de boosheid van de demonstranten. Het zou fantastisch zijn als we die groep kunnen bereiken, omdat zij met hun boosheid een grote impact op de maatschappij hebben.” Vreemd dat ze de workshop aanbieden aan mensen die juist geen problemen hebben met het uiten van hun woede. En ook weer niet. De heren leren mannen hun woede op een ‘veilige manier’ te uiten. Daar schort het bij een deel van de ‘pro-pieten’ aan.

Hoe gaan ze dat doen? “Bij onze workshop gaan we alle opgekropte woede eruit laten door middel van zwaardvechten. We gaan de woede herkennen, en zullen vervolgens accepteren dat het er is en dat het welkom is. We leren de deelnemers om op een positieve, constructieve manier om te gaan met woede, in plaats van het op te kroppen.” Zo worden de onvolwassen mannen, volwassen. Een onvolwassen man kenmerkt zich door: “competitief, machogedrag, breed en sterk zijn, geen gevoelens tonen, agressief zijn.” Een volwassen man: “is authentiek en laat zijn emoties zien. Hij is vastberaden, heeft richting en neemt initiatief.”

Wat ze uiteindelijk willen bereiken bij die ‘pro-pieten’: “We willen laten zien dat het uiten van die boosheid ook in een workshop kan, in plaats van op straat. … We hopen dat ze de woede in onze workshops uiten, in plaats van volgend jaar tijdens de intocht.” Nu begrijp ik het even niet meer. Het was toch de bedoeling om mannen te leren om op een constructieve manier met woede om te gaan? De goede manier van het uiten van woede is dus in de ‘beslotenheid’ van de workshop. Hoe constructief is dat? 

De enige manier om beiden te combineren is van de intocht van volgend jaar een ‘workshop’ te maken. Dan moeten ze, net als de sint, wel een beroep doen op ‘hulptrainers’.