Eerwraak: de splinter en de balk?

Bij ThePostOnline een uitgebreid artikel van Floris van den Berg over het feminisme in het algemeen en Anja Meulenbelt in het bijzonder. Meulenbelt kan op zeer veel bijval rekenen. Alleen op één punt heeft ze, volgens Van den Berg, ‘een joekel van een blinde vlek’ als het om de islam gaat: “dat Meulenbelt vergeet te vermelden is dat het verschil tussen de mate van geweld en het dreigen met geweld. In gezinnen met een Nederlandse achtergrond komt ‘eerwraak’ niet voor. Het gaat om zaken waarbij de vrouw wordt vermoord bij een in de ogen van de familie verkeerde huwelijkskeuze. Vanuit feministisch perspectief is elke inmenging in de vrije partnerkeuze uit den boze, ongeacht welke cultuur het is.” Ik kan met Van den Berg meevoelen maar toch, komt ‘eerwraak’ in Nederland niet voor?

crime passionelIllustratie: twitter.com

In zijn boek Met alle geweld vraagt Hans Achterhuis zich dit ook af: “Als een Nederlander zijn vrouw die hem voor een ander verlaten heeft, in razernij vermoordt, heet het al gauw een ‘crime passionel’, als een Turk of Marokkaan hetzelfde doet, luidt het verdict steevast ‘eerwraak’?” Hoe vaak zien we niet het bericht dat een man in woede zijn vrouw vermoord en soms ook zijn kinderen en zichzelf?  De kop luidt dan: ‘familiedrama in Kaatsheuvel’ of ‘Crime passioneel in Schagen’. Zou het kunnen dat er ook hier eer in het spel is en er dus eigenlijk sprake is van eerwraak? Omdat, zoals Achterhuis schrijft: “ die publieke verschijning (van iemand) belachelijk wordt gemaakt, waar onze naam door het slijk wordt gehaald, onze waardigheid wordt aangetast …”? En dan is het niet van belang of de persoon werkelijk belachelijk is gemaakt of door het slijk gehaald. Het gaat om het gevoel van degene die al dan niet belachelijk is gemaakt. Die moet iets met dat gevoel en als dat gevoel er is dan: “is ook voor de moderne westerse mens de wraak niet ver weg,” aldus Achterhuis.

Komt eerwraak werkelijk niet voor in Nederland of benoemen we het anders’? Of met andere woorden, zien we de splinter in het oog van de ander en de balk in ons eigen oog niet?

 

‘Het complot van Bert Brussen’

‘Pas op voor, en doorzie het complot!’ Dat is de boodschap van Bert Brussen bij ThePostOnline. Brussen fulmineert tegen de Nederlandse kranten en de publieke omroepen: “Kennelijk nemen de Nederlandse ‘kwaliteitscouranten’ de rol die de NPO normaal speelt over in de zomer. Iemand moet de burger blijven voeren met de juiste propaganda natuurlijk.” De kranten brengen kennelijk niet het nieuws waarop Brussen zit te wachten, of dat zijn goedkeuring kan dragen.

morozov

Sterker nog: “de Nederlandse agendajournalistiek, die sinds 1968 zo actieve innige verstrengeling tussen linkse politiek en moralistische journalistiek, is nog altijd springlevend.” En daarmee is ook het ‘meesterbrein’ achter het complot bekend: de linkse politiek. Bij zijn betoog een paravoorpagina’s van kranten. Een ervan, De Telegraaf, staat nu niet echt bekend als vrienden van die linkse politiek. Van de: “gewillige knipmessende policor journalisten, lakeien van het Grote Morele Gelijk, die straks allemaal een baantje als persvoorlichter bij een politieke partij willen,” zoals Brussen ze noemt. Daarom adviseert Brussen: “Laat je niets voorliegen: Lees geen kranten. Kijk geen NPO. Lees internet. Zoek je eigen nieuws. Omdat je recht hebt op de waarheid. De volledige, ongesluierde, onbewerkte, realistische, harde waarheid. En vanuit die waarheid kun je zelf je conclusies trekken en zelf je (politieke) richting bepalen.” Is het internet wel betrouwbaar?

Wie kan mij garanderen dat wat ik op internet lees en vind ‘de volledige, ongesluierde, onbewerkte, realistische, harde waarheid’ is? Iedereen kan er zijn ‘waarheid’ op vermelden en daarmee kan een gebeurtenis tot meerdere ‘volledige enzovoorts’ waarheden leiden. En op basis van ieder van die ‘waarheden’ kan ik ‘conclusies trekken en mijn (politieke) richting bepalen’. Alleen kunnen die verschillende waarheden tot tegenstrijdige conclusies leiden. De IS waarheid leidt tot een andere conclusie dan de CIA-waarheid.

Maakt het bovendien niet nogal wat uit of een ‘waarheid’ op de eerste pagina van Google staat of op de honderdzevenendertigste?

Hoe bepaalt Google die volgorde? De meest aangeklikte ‘waarheid’, hoeft niet de meest betrouwbare te zijn. In het boek The Net Dillusion laat Evgeny Morozov zien dat het internet een goed instrument kan zijn voor dictators. Een instrument om hun versie van de ‘waarheid’ te promoten en andere versies te onderdrukken. Dit boek biedt, zoals terecht op de kaft staat vermeld: “a rare note of wisdom and common seance, on an issue overwhelmed by digital utopians.”

 

Ik ben de elite!

In de Volkskrant is een hele discussie losgebarsten over een artikel van NIOD onderzoeker Ton Zwaan. Zwaan betoogt dat een referendum een vorm van volksverlakkerij is. Dit leidde tot veel ingezonden brieven en reacties. Een van die reacties is van Frank van Dalen, de voorzitter van de stichting Politieke Academie. Volgens Van Dalen slaat Zwaan de plank volledig mis en kunnen burgers heel goed met referenda omgaan.

eliteIllustratie: jaar2011.middendelfland.net

Volgens Van Dalen is Zwaan door zijn artikel: “… de verpersoonlijking van de elite die schande spreekt dat het volk soms het heft in eigen hand neemt.” Het gaat mij nu niet om het middel referendum, maar om deze opmerking. Van Dalen gebruikt ‘elite’ op eenzelfde manier als Zwaan de woorden ‘namaakjournalisten, neppolitici en pseudo-intellectuelen’. Beide heren zijn niet de enigen die dergelijke woorden gebruiken. Ook Kamerleden zoals bijvoorbeeld Wilders (‘nepparlement’ ) maken zich hieraan schuldig.

Wanneer ben je een pseudo-intellectueel? En wie hoort er bij de elite? Is Wilders bijvoorbeeld een pseudo-intellectueel die, ondanks zijn bijna twintigjarig Kamerlidmaatschap niet bij de elite hoort?

Is het effect van dergelijke woorden niet dat degene die ervan wordt beschuldigd, in een hoek wordt gezet? Dat zijn redeneringen en argumenten er niet meer toe doen? Dat je er dus niet meer op in hoeft te gaan? Dat je er niet meer naar hoeft te luisteren? Dat inleven in de positie van de ander niet meer hoeft? De elite moet immers worden verafschuwd. Wat pseudo-intellectuelen zeggen telt immers niet mee. Voor anderen telt wat intellectuelen zeggen niet mee.

Is dat niet een verarming en verenging van het gesprek en het debat? Want is het maatschappelijk debat er niet bij gebaat dat alle standpunten en argumenten aan bod komen? Is het maatschappelijk debat niet gebaat bij het inleven in de leefwereld, standpunten en argumenten van de ander? Is deze manier van debatteren niet schadelijk voor de samenleving als geheel? Schadelijk omdat er zo groepen ontstaan die niet meer met elkaar praten en die langs elkaar heen leven? Groepen die steeds onverschilliger en wellicht zelfs vijandig tegenover elkaar komen te staan?

Daarom, in navolging van Kennedy. ‘Ik ben de:

  • pseudo-intellectueel
  • intellectueel
  • namaakjournalist
  • neppoliticus
  • …, en
  • elite!

Kunstgras

Een EK zonder Nederland is even wennen. Zeker als de gemiddelde wedstrijd niet het kijken waard is. Maar ja, dat weet je pas als je zit te kijken. Toch zijn er ook lichtpuntjes. En wat opvalt is dat die lichtpuntjes vooral teams zijn en geen individuen. Neem Italië, het heeft goede spelers, geen bijzondere. Zo werd de spits, Graziano Pelle, een paar jaar geleden door Feyenoord bij de ‘voetbaldump’ gevonden. Er speelt geen van de spelers bij een Spaanse of Engelse topclub. Italië is een tactisch sterk team waarbij iedereen weet wat hij moet doen en dit met meer dan 100% inzet doet. Neem Wales, een goed team met een topspeler die in dienst van het team speelt en daardoor exceleert. En vooral IJsland, geen enkele ster, zelfs niet van het tweede garnituur. Wel een ijzersterk collectief met een berenconditie en eveneens tactisch sterk. Het bewijs dat je met conditioneel sterke, modale voetballers en een goede tactiek, ver kunt komen.

Ijsland

Foto: www.nu.nl

Bij het zoeken naar oorzaken voor dit succes komt de Volkskrant met het volgende: “Het ging IJsland economisch zo goed dat de overheid vanaf 2000 ruimhartig investeerde in de bouw van indoor voetbalhallen. Nog voordat de voorspoed uit elkaar klapte in de zeepbel die Icesave heette, was het hele eiland een verwarmd walhalla van kunstgras.” Begrijpelijk, de IJslanders konden zo het hele jaar door voetballen en trainen, terwijl er vroeger maar een paar maanden gevoetbald kon worden.

Maar toch, kunstgras? Nog niet zolang geleden presenteerde de KNVB het rapport Winnaars van morgen. Een van de onderwerpen in het rapport, het voetbal op kunstgras dat in Nederland flink groeit. In de Volkskrant zei KNVB-manager Jelle Goes hierover het volgende: “Het is totaal ander voetbal. De bal stuitert en rolt anders op kunstgras. De aanname is anders. We moeten hier kritisch naar kijken.” Goes is niet de enige die kritisch kijkt naar kunstgras. Aan de ‘biertoog’ van het nationale voetbal, laten ‘goeroe’ Johan Derksen en Rene van der Gijp zich geregeld denigrerend uit: de achterstand komt door het kunstgras.

Zou het Nederlandse falen dan toch ergens anders aan liggen dan aan kunstgras?

Big Brother

Het uitschakelen van de tussenpersoon is een gekende manier van bedrijven om meer winst te maken. Hoe minder schakels tussen de producent en consument, hoe meer winst er voor de producent overblijft. Dat is in ieder geval de theorie, de praktijk is soms wat weerbarstiger.

OrwellIllustratie: blog.booklikes.com

Ook in de politiek is iets dergelijks gaande. Met een website, Facebookpagina, Twitteraccount en andere mogelijkheden, kan een partij zich makkelijk rechtstreeks tot haar aanhang richten. Er hoeft niet meer gestreden te worden om de schaarse ruimte in een krant, op radio of televisie. Wat voor partijen geldt, geldt ook voor individuele politici die hierdoor ‘onafhankelijker’ van hun partij kunnen opereren. Volkskrant-columnist Ariejan Korteweg noemt DENK als voorbeeld. Een partij van twee voormalig PvdA-kamerleden: “Denk bespeelt de sociale media. Een strategie die door hun achterban wordt herkend en de klassieke media minder belangrijk maakt.”

In dezelfde Volkskrant een artikel van Hans de Zwart van Bits of Freedom. De Zwart wijst op de segregerende en ‘etnisch profilerende’ mogelijkheden van Facebook: “Facebook is met zijn 1,6 miljard ‘inwoners’ het grootste land ter wereld. Het bedrijf heeft een gigantische database, waarmee het zijn populatie op elke mogelijke manier in stukjes kan verdelen.” En dat doet het bedrijf ook. Op verzoek van ‘klanten’ worden boodschappen per doelgroep gemaakt. De Zwart noemt een voorbeeld waarbij Universal Pictures voor haar film Straight Outta Compton geholpen werd door en via Facebook: “het potentiële publiek in drieën gedeeld: Afro-Amerikanen, latino’s en het ‘algemene publiek’ (daar hoorden de Afro-Amerikanen en latino’s dus niet bij). Voor elk van de drie groepen maakten ze een andere trailer.” Op basis van de informatie van Facebook krijg je dus een ‘voor jou passende’ trailer.

Marketingmensen zullen staan te juichen. Hun ‘natte droom’ komt steeds dichterbij: precies bij de persoon passende reclame. Is dit wel een ontwikkeling om toe te juichen? Hoe ontwikkel je je als persoon als alle informatie die je krijgt je alleen maar bevestigt in je opvattingen en standpunten? Wordt ontwikkeling, vernieuwing en innovatie niet juist gestimuleerd door contact met het vreemde? Met de andere opvattingen?

De Turkse en Russische presidenten kunnen op veel kritiek rekenen omdat ze de media onder controle brengen en alleen maar hun welgevallige boodschappen laat verkondigen. Dat ze als een soort ‘Big Brother’ erover waken dat iedereen hetzelfde denkt en doet. Iets dat tot een gesloten samenleving leidt met mensen die allemaal overtuigt zijn van het eigen (Poetins of Erdogans) gelijk.

Leidt de ‘natte droom niet tot eenzelfde resultaat? Tot mensen die overtuigt zijn van het gelijk van hun eigen big brother? Tot vele gesloten samenlevingen die in een samenleving naast elkaar leven?

Kortsluiting in het hoofd

Een verschrikkelijke gebeurtenis in Orlando. Een man schiet 49 mensen dood, verwondt velen en wordt uiteindelijk zelf doodgeschoten. Een Amerikaan, een ‘moslim van Afghaanse afkomst’ wordt er dan snel achter geplakt. Had hij de honderd meter op de Olympische Spelen gewonnen, dan was dat er waarschijnlijk niet achter geplakt. Nu schijnt dat belangrijk te zijn, want zo kan hij buiten de groep worden gezet. Buiten de groep van ‘echte’ Amerikanen. het was immers een Afghaan en dat verklaart al veel en dan ook nog een moslim. En daarmee is al snel bijna alles verklaard: het is weer die vervloekte radicale islam. Zeker als IS laat weten dat ‘een van hen’ weer een ‘gloriedaad’ heeft verricht.

kortsluiting

Illustratie: www.gerrievanwelij.nl

Politici en ‘meningenmannetjes’ gaan dan weer helemaal los in tirades tegen IS, tegen de islam en sommigen ook tegen moslims. Neem presidentskandidaat Trump: “duizenden en duizenden mensen (die) de Verenigde Staten binnenstromen met anti-Amerikaanse meningen. Islamitische vluchtelingen proberen onze kinderen af te nemen en die kinderen voor Islamitische Staat te ronselen. We moeten de waarheid durven zeggen over hoe de radicale islam op onze kusten komt.” Makkelijk scoren maar zouden er ook andere verklaringen kunnen zijn?

Uit de beschrijvingen die zijn voormalig collega’s en zijn ex-vrouw van hem geven, komt naar voren dat de man geestelijk niet helemaal in orde leek te zijn. Verwarde mensen zijn er meer. Denk aan Tristan van der Vlis die in een winkelcentrum in Alphen aan de Rijn om zich heen schoot. Of aan de Karst Tates die op koninginnedag 2009 met zijn auto op mensen inreed. Gewone Nederlanders met kortsluiting in hun hoofd. Zou het kunnen dat Omar Mateen ook kortsluiting in zijn hoofd had? Dat daar de ware oorzaak van zijn daad is te vinden? Dat hij het radicale islamisme erbij heeft gesleept om zichzelf en zijn daad, belangrijker te maken? Om ergens ‘bij te horen’?

Als dat het geval was, zou er dan extra ingezet moeten worden op het werk van veiligheidsdiensten? Natuurlijk moeten die hun werk doen omdat er ook terroristen ‘van beroep’ zijn. Zou extra inzetten op de geestelijke gezondheidszorg dan niet ook veel ellende kunnen voorkomen? Had de FBI Mateen wellicht niet beter kunnen doorverwijzen naar een goede psychiater?

Wat zou Nederland hiervan kunnen opsteken? Door de bezuinigingen van de afgelopen jaren, zijn steeds meer psychiatrische patiënten ‘ge-extramuraliseerd’ (uit inrichtingen ontslagen), een risico? Gelukkig is de wapenwetgeving in Nederland wat strenger. Alhoewel, liet het geval Van der Vlist niet zien dat er ook hier nog wat te verbeteren viel?

Etnisch profileren

Op de de site JOOP is een interessante bijdrage te lezen van Mitchell Esajas in het racisme-debat. Esajas vraagt terecht aandacht voor de nadelen die gekleurde mensen ondervinden in Nederland. Schade niet alleen door: “PVV-klootjesvolk’ en extreemrechtse gekken,” maar ook door: “goedbedoelende witte mensen.” 

Die laatste bagatelliseren de ernst van het racisme in Nederland door bijvoorbeeld zwarte piet te vergoelijken ondanks de pijn die ‘piet’ bij gekleurde mensen veroorzaakt. “Het wordt tijd dat ‘goedbedoelende keurige witte mensen’ als van der Horst zich meer gaan verdiepen in het koloniale verleden en de betekenis van institutioneel racisme en minder whitesplainen. Dat is een term dat gebruikt worden om aan te duiden wanneer, wellicht goed bedoelende, witte mensen op een paternalistische manier aan een zwart persoon uitleggen wat wel en wat niet als racisme beschouwd dient te worden. Alsof zwarte mensen, na 400 jaar slavernij, kolonialisme en discriminatie, niet weten wat racisme is en hoe ze er tegen moeten vechten,” aldus Esajas. Daarom pleit hij voor: “een publieke campagne over het koloniale verleden en migratiegeschiedenis in combinatie met verandering van het curriculum zodat er van het basis- tot het hoger onderwijs meer aandacht komt voor de relatie tussen het koloniale verleden en het heden.” Als historicus kan ik die extra aandacht voor de geschiedenis alleen maar toejuichen want een mens is een product van zijn verleden.

RacismeIllustratie: personanongrata.nl

Alleen zit ik met een probleem. Ik weet niet wat Esajas van mij verwacht. Ik ben redelijk op de hoogte van het koloniale verleden, de migratiegeschiedenis, de effecten van twee wereldoorlogen, de ontstaansgeschiedenis van Nederland, de kruistochten, de veroveringstochten van de Mongolen, de invloed van het Romeinse rijk en de Griekse beschaving.  Alles weet ik er niet van, maar wie wel? Ik ga me er niet voor verontschuldigen, want ik heb er geen schuld aan. Ik moet het ook maar doen met de gevolgen ervan en voor wat ik ermee doe, daarvoor ben ik verantwoordelijk.

Ik stoorde me enorm aan het aanroepen van de VOC-mentaliteit door toenmalig premier Balkenende. Ik erger me rot als ik Wilders over moslims hoor praten. Als wordt ‘vergeten’ welke rol het Westen in het Midden-Oosten speelde en speelt. Net zoals ik me rot erger aan ‘gekleurde jongeren’ die een witte vrouw in een rokje hoer noemen.

Ik voel me niet aangesproken als er over racisme wordt gesproken al weet ik dat de Nederlandse maatschappij wel dergelijke trekken heeft. Die stel ik aan de kaak. Zo schreef ik over de uitsluitende werking van taal. Dat mensen liever ‘klonen van zichzelf’ aannemen weet ik, daar kan iedereen het slachtoffer van worden alleen met een kleurtje ben je dat sneller.

Ik weet dat je tegenwoordig alleen maar aandacht krijgt, als je schreeuwt en overdrijft. Dat maakt het echter wel heel lastig om na te gaan of iets gemeend is of alleen zwaar aangezet. Zo voel ik me ‘etnisch geprofileerd’ door zinnen als: “Het omvat een dominante manier waarop de Nederlanders over zichzelf denken, als een klein doch rechtvaardig, ethisch, kleurenblind, vrij van racisme, dus een baken van licht voor andere volkeren en naties,” die Esajas van professor Gloria Wekker heeft overgenomen als er wordt geschreven over het Nederlandse zelfbeeld. Ik voel me in een hoek gezet, waarin ik me niet thuis voel en waarin ik niet thuis hoor. Alleen weet ik niet hoe ik uit die hoek kan komen. Want wie weet schaad ik, als ‘goed bedoelende witte mens’, dan wel iemand door mijn ‘paternalisme’ en dat wil ik ook niet.

Beste meneer Esajas, al maak ik het niet zelf mee, ik kan met u meevoelen en wil eraan meewerken dat die gevoelens verdwijnen. Voelt u ook met mij mee als ik me in de hoek gezet voel door de manier waarop u en de uwen het debat voeren?

Invictus

Race can be erased,” is de conclusie van Mark van Vugt in Trouw. Hij haalt hiervoor een onderzoek aan waarbij mensen zich moesten herinneren wie wat zei over een basketbalwedstrijd. Het antwoord: ja, mensen wisten of het een man of vrouw was en welke huidskleur de persoon had. Toen de sprekers een shirt aantrokken van een van de twee clubs, wisten zij alleen nog van welke club de persoon was, het geslacht of de huidskleur was niet meer relevant. “Trek een oranje shirt aan en je huidskleur doet er niet meer toe, aldus Van Vugt: “Sport verbroedert, letterlijk. Jammer dat we er niet bij zijn op het EK voetbal!”

Jonah Lomu

Foto: www.1eyedeel.com

Toen ik dit las moest ik denken aan de documentaire The Sixteenth Man. Een documentaire over Zuid-Afrika dat bij het aantreden van Nelson Mandela als president in 1994, dreigde te vervallen in een bloedige burgeroorlog. Mandela zag het wereldkampioenschap rugby van 1995, dat in Zuid-Afrika werd gehouden, als een grote kans om blank en zwart te verzoenen en te verbroederen.

Rugby was in die jaren de sport van de blanken. Zwarten waren bij wedstrijden van de Springboks (de nationale ploeg) altijd voor de tegenstander. De ‘Bokken’ waren immers van de blanke vijand. Een vrijwel hopeloze uitgangssituatie die nog werd verergerd door de staat van het rugbyteam dat in de aanloop naar het WK een hopeloze indruk maakte. Toch werden de Springboks in 1995 wereldkampioen en het land schaarde zich als één man achter het team en de president. Die eenheid werd goed verwoord door aanvoerder Francois Pienaar toen hij direct na de wedstrijd antwoord gaf op de vraag: ‘Was dit onmogelijk geweest zonder de steun van de 63.000 fans?’ Pienaar antwoordde: “we werden niet gesteund door 63.000 Zuid-Afrikanen, maar door 43 miljoen.’  Voor de filmliefhebbers, de film Invictus geeft een iets geromantiseerd beeld van dezelfde gebeurtenis. De voice-over van de documentaire, Morgan Freeman, speelt Mandela.

En nu we het over die film hebben. Als Mandela te horen heeft gekregen dat de sportraad heeft besloten om het shirt en de naam Springboks af te schaffen, komt hij in actie. Zijn politiek assistente waarschuwt hem dat het volk (het zwarte deel) de Springboks haat en dat dit besluit goed zal vallen bij de achterban. Daarop antwoordt hij: “In this instance the people are wrong. And it is my duty as their elected leader to show them that.”  Waarop zijn assistente hem eraan herinnert dat hij zo het vertrouwen van zijn achterban verliest en zijn toekomst als leider op het spel zet. Waarop hij haar antwoordt: “The day that I‘m afraid to do that, is the day that I’m no longer fit to lead.”  Missen we dergelijk leiderschap? Zou de rassendiscussie dan anders verlopen?

Enige minpunt aan film en documentaire, is dat mijn favoriete rugby-speler de wedstrijd verloor en nooit wereldkampioen werd. De legendarische, helaas te vroeg overleden Nieuw-Zeelander Jonah Lomu. Vandaar zijn foto als eerbetoon.

 

Aan Jan Dijkgraaf

Beste Meneer Dijkgraaf,

Iedereen moet kunnen zeggen wat hij wil ook als iemand zich er door beledigd voelt. “Je moet tegen cartoons kunnen over voor jou belangrijke zaken. Je moet spot, hoon en kritiek kunnen verdragen,” aldus ThePostOnline-columnist (TPO) Annabel Nanninga in een interview met de Volkskrant. Nanninga kreeg natuurlijk kritiek op haar interview. Kritiek van onder andere Arnon Grunberg in zijn Voetnoot in dezelfde krant. Dat je mag zeggen wat je wil, wil natuurlijk niet zeggen dat je dat ook moet doen en dat het verstandig is, een punt dat ik al eerder maakte.

JanD

Foto: media.tpo.nl

Toch geldt die vrijheid van meningsuiting niet voor iedereen. Althans niet voor jou, Jan Dijkgraaf, de vaste TPO-briefjesschrijver in je briefje aan minister Bert Koenders. De voetnoot van Grunberg werd gesteund door diverse mensen zoals NRC-hoofdredacteur Peter Vandermeersch, Peter R. de Vries en door André Haspels. André wie? André Haspels, een hoge ambtenaar bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Het ministerie waarvan Koenders de minister is. “Dát, meneer Koenders, kan een topambtenaar dus niet maken. En u weet wie er verantwoordelijk is voor wat ambtenaren de buitenwereld melden, toch?” zo schrijf je. Hoe kom je erbij dat een topambtenaar van Buitenlandse Zaken, niet mag laten weten dat hij het eens is met Grunberg?

Waarom zouden ambtenaren hun mening niet mogen uiten? Welk zwaarwegend nationaal belang is ermee gemoeid dat hen verbiedt hun mening te uiten? Vroeger was het heel normaal dat ambtenaren (ook topambtenaren) deelnamen aan het publieke debat. “Decennialang waren Haagse topambtenaren big characters,” aldus Tom-Jan Meeus in zijn boek Haagse invloeden. Personen met vaak meer kennis en gezag dan de minister. Personen die op de ministeries tegenwicht boden tegen de waan van de dag. Dat was weleens lastig voor een minister en dat is ook een van de redenen waarom inhoudelijk krachtige en kleurrijke personen veel minder als (top)ambtenaar worden benoemd.

Waarom zou Koenders verantwoordelijk zijn voor deze mening van Haspels? Is de minister niet alleen verantwoordelijk voor de uitspraken van de koning (ministeriële verantwoordelijkheid) en voor de daden van het departement? Wordt een minister zo niet extra kwetsbaar en de ambtenaar gestript van een belangrijk recht?

Zou het onze democratie en de besluitvorming misschien ten goede komen, als ambtenaren aan het debat deelnamen en hun mening gaven. Zeker inhoudelijk krachtige en kleurrijke onder hen? En als die er niet meer zijn, zouden die er dan niet als de wiedeweerga moeten komen?

Groet,

de Ballonnendoorprikker  

Een bus met gekleurde agenten

De politie staat de afgelopen dagen weer volop in het nieuws. Rapper Typhoon werd staande gehouden vanwege ‘etnisch profileren’: een jonge, donkere man in een SUV.  Sander van Walsum schrijft in het commentaar in de  Volkskrant: “Voor gekleurde Nederlanders – bekend of minder bekend – is het vernederend om zonder deugdelijke reden staande te worden gehouden door de politie. Zeker als zoiets vaak gebeurt en zeker als de betrokken agent blank is.” Daarom moet de politie qua samenstelling veel meer een afspiegeling zijn van de samenleving.

politie

Foto: powervrouwen.blog.nl

Natuurlijk is het vervelend als je door de politie staande wordt gehouden, zeker als andere mensen hiervan getuige zijn. Er is dan iets waardoor de ‘politiebellen’ gingen rinkelen, iets waardoor je ‘verdacht’ werd. Zou staande worden gehouden voor een ‘gekleurde’ Nederlander anders zijn dan voor een ‘ongekleurde’ Nederlander? Beiden worden immers even ‘verdacht’? Je voldoet aan een profiel.

Wanneer is een reden voor het staande houden deugdelijk? Is dat alleen als blijkt dat de persoon die staande is gehouden daadwerkelijk in overtreding is? Als Typhoon daadwerkelijk een kilo heroïne bij zich had of de auto had gestolen? Dat zou het politiewerk erg lastig maken want wanneer ben je honderd procent zeker. Hoe zou de politie zonder profielen moeten werken? Profielen zijn ‘voor-oordelen’ op basis van ervaringen uit het verleden, zonder welke het leven en zeker politiewerk, onmogelijk is. Na staande houding wordt het voor-oordeel getoetst en komt de politie tot een oordeel.

Zou het hierbij wat uitmaken welke ‘kleur’ de betrokken agent heeft? Is het minder erg als een agent met eenzelfde ‘kleur’ als Typhoon hem had staande gehouden op basis van hetzelfde profiel dat nu de ‘blanke’ agent gebruikte? Als dat het criterium is, dan wordt politiewerk nog lastiger. Dat wordt patrouilleren in een bus met agenten van alle mogelijke ‘kleuren’ en de juiste kleur de aanhouding laten verrichten. Natuurlijk zou het goed zijn als de politie een goede ‘afspiegeling’ is van de bevolking. Maar ook dan zal er met profielen moeten worden gewerkt en zal een agent van de ene kleur iemand van een andere kleur aanhouden en zal dat vaak onterecht zijn. Ook dat voorkomt niet dat in de ene buurt meer mensen worden staande gehouden dan in de andere.

Handelde de agent die Typhoon aanhield niet correct? Staande houden op basis van een profiel. En in deze fase al op een vriendelijke manier het waarom vertellen, dus het profiel uitleggen. Onderzoeken en komen tot een oordeel. Is er niets aan de hand, dan excuses en fijne dag verder. Zou die agent niet ten voorbeeld moeten worden gehouden aan zijn collega’s?