Ja ik wil … niet met die partij

De ene partij die niet met een andere wil samenwerken in een regering, de afgelopen Tweede kamerverkiezingen ging het er over. De VVD, het CDA en vele andere partijen sloten de PVV op voorhand al uit. De SP deed hetzelfde met de VVD. Met name aanhangers van de door de meeste partijen uitgesloten PVV, schreeuwden daar moord en brand over. Nu wil de PVV in diverse gemeenten meedoen aan de gemeenteraadsverkiezingen van volgend jaar en begint het circus weer.

Uitsluiten partijen

Illustratie: De Kwestie

Bij Dagblad de Limburger lezen we dat historicus Ad Knotter oproept tot een lokale boycot van deze partij: “De PVV heeft antidemocratische en racistische standpunten en maakt onderscheid op grond van afkomst. Wat mij betreft is het volkomen terecht als politieke partijen die PVV dus niet betrekken bij beleidsvorming, zoals nu in Den Haag gebeurt. Hier ligt ook een taak voor democraten in Maastricht en omgeving. Het is gewoon niet wenselijk dat deze partij in de raad van bijvoorbeeld Maastricht komt.” Dit is tegen het zere been van Anne Adema van De Dagelijkse Standaard: “Het uitsluiten van partijen zou uitgesloten moeten zijn in een democratie. Op basis van verkiezingen wordt beslist welke partijen deelnemen in de gemeenteraad. Door de PVV-kiezer buiten te willen sluiten laat de historicus zien dat hij eigenlijk de democratie wil afschaffen.”

Een wat vreemde redenering van Adema. VVD’er Rutte en vooral PvdA’er Samsom kregen na de vorige verkiezingen het verwijt dat ze de kiezer min of meer hadden bedrogen. Voor de verkiezingen voerden ze hard campagne en maakten ze de verschillen ‘enorm’ groot. Er kropen ze snel bij elkaar en vormden als een razende een kabinet. Je koos immers voor de een om de ander ‘uit de regering’ te houden en na de verkiezingen kreeg je die ander er toch gewoon bij, als je dat te voren had geweten, dan .… Kiezersbedrog! Nu zijn er partijen die van te voren aangeven een andere van samenwerking uit te sluiten en is het weer niet goed. Waarom zou dat de democratie afschaffen? Is het voor het vertrouwen in de democratie niet juist gebaat bij duidelijkheid vóór de verkiezingen? En niet alleen duidelijkheid oer het verkiezingsprogramma, maar ook over mogelijke partners en partijen waarmee zeker niet wordt samengewerkt?

En beste meneer Adema, maken verkiezingen duidelijk of partijen samen een regering of college vormen? Of maken verkiezingen duidelijk hoeveel zetels een partij krijgt en beginnen daarna onderhandelingen om een nieuwe regering of college te vormen? Speelt daarbij of ze inhoudelijk tot overeenstemming kunnen komen en of ze elkaar vertrouwen niet een belangrijke rol?

Mogen of moeten?

Vaste Joop-columnist Han van der Horst behandelt in een van zijn columns het begrip politieke correctheid. Dit doet hij in de vorm van een soort recensie van een aflevering van Opiniemakers van WNL waarin Wierd Duk verdedigt dat er sprake is van politieke correctheid. Van der Horst is het daar niet mee eens en sluit af met: “Hoe dan ook, politieke correctheid is net zo’n hersenschim als Allah zelf.”

Hans TeeuwenFoto: Nu

Het gaat mij er niet om wie van de twee er nu ‘gelijk’ heeft. Het gaat mij om de reactie van ene harry (27 april at 08:06). Hij, ik neem aan dat harry een hij is, schrijft: “Er bestaat zelfcensuur, dat geven artiesten en cartoonisten zelf toe. Dat dit een schande is, in een vrije samenleving mag Wierd Duk toch laten zien?” Hij reageert op de volgende passage van Van der Horst: “Koning kijkt liever niet voor aanvang de zaal in omdat hij bang is te harde grappen over Erdogan te maken als er bijvoorbeeld vijf Turken in het publiek zijn. Ook Hans Teeuwen wees op de gevaren die de maker van harde grappen over de islam bedreigen. Dat komt omdat de moslims dit soort humor niet accepteerden, terwijl de christenen – door Freek de Jonge zo heftig aangepakt – hierover geëmancipeerd glimlachen. Als je een grap over Allah maakte, zo wilde hij maar zeggen, ben je tegenwoordig je leven niet meer zeker en daarom doen cabaretiers aan zelfcensuur, doet iedereen aan zelfcensuur.”

Zelfcensuur mag niet, iedereen moet kunnen zeggen wat hij wil. Zo betoogt harry. Inderdaad moet iedereen kunnen zeggen wat hij wil en, beste harry, volgens mij mag ook iedereen zeggen wat hij wil. Maar, beste harry, is er niet een verschil tussen mogen en moeten? Dat je alles mag zeggen, betekent dat ook meteen dat je alles maar moet zeggen? Als ik iemand een verschrikkelijke idioot vind, maar die persoon is wel een directe collega, zou het dan helpen als ik hem een idioot noem omdat het mag? En al is die persoon geen collega moet ik hem dan een idioot noemen, omdat het kan.” 

Beste harry, is het werkelijk een schande als ik rekening houd met de ander en mijn boodschap daarop aanpas, als ik zelfcensuur toepas? Zou dat voor een cabaretier anders zijn? Zegt een cabaretier trouwens altijd wat hij denkt en omgekeerd zou hij ook werkelijk ‘denken’ (beter is vinden) wat hij zegt? Zou Hans Teeuwen werkelijk menen wat hij over de toenmalige koningin Beatrix zei? Of zou het kunnen dat hij rekening houdt met het effect dat zijn boodschap heeft? Is dat niet juist de kern van het cabaretier zijn?

Het milieu en de parochie

Een vraag, naar wie gaat u als uw auto kapot is? Grote kans dat u, net als de Ballonnendoorprikker, naar een garagebedrijf gaat met goed opgeleide monteurs. Die hebben verstand van auto’s, de erin gestopte techniek en kunnen het defect goed en vakkundig verhelpen. Logisch toch?

louche-autoverkoper

Foto: Automotive Import BV

Volgens columnist Simon Rozendaal van Elsevier maak je dan toch echt een verkeerde keuze. De enige reden dat die monteurs zeggen dat ze monteur zijn is: “omdat u dan onder de indruk bent en denkt dat deze mensen veel van (defecte auto’s) afweten. .. en hun mening daarom zwaarder zou moeten wegen.” U moet hen, volgens Rozendaal toch echt niet vertrouwen, u kunt beter luisteren naar een elektrotechnicus, fietsenmaker of verwarmingsmonteur. Vindt u deze redenering belachelijk? Ik geef u groot gelijk, dat vindt de Ballonnendoorprikker ook.

Wat als het niet de auto is die kapot is, maar het milieu, want dat is het onderwerp van de column van Rozendaal? Rozendaal reageert op een open brief van een negentigtal hoogleraren die het kabinet oproepen om flink te investeren in groene economie om het klimaat te redden. Zou je de brief van die negentig serieus moeten nemen? Rozendaal denkt van niet: “van de negentig hoogleraren zijn er tachtig, die niet meer van het klimaatprobleem afweten dan de gemiddelde burger dan wel kunnen worden gerekend tot de categorie wc-eend-hoogleraar: wij van wc-eend bevelen wc-eend aan.” De hoogleraren duurzaamheid en milieu behoren tot de categorie wc-eend: ze pleiten voor meer geld omdat ze ervan leven. Dan zijn er onder andere hoogleraren politieke wetenschappen, economie en kunst en wat weten die nu van het milieu af? Blijven over de: “vijf tot tien chemici, computerwetenschappers, techniekmanagers en waterdeskundigen, van wie we de mening over duurzaamheid, klimaat en energie wellicht iets serieuzer kunnen nemen.”

Dus, als het om het milieu gaat, is er niemand die met enig gezag iets kan vertellen. De specialisten zijn verdacht, want die hebben belangen en preken voor eigen parochie. Degenen die er geen specialist in zijn, kun je niet serieus nemen want het zijn immers geen specialisten. En als ze specialist waren, dan zouden ze voor eigen parochie preken…

J’accuse

In de auto onderweg naar huis van de honkbalwedstrijd van mijn zoon, luisterde ik naar Radio1. Daar werd journalist Arnold Karskens kort geïnterviewd omdat hij verschillende politici, waaronder Eurocommissaris Frans Timmermans, aanklaagt voor dood door schuld via zijn stichting Onderzoek Oorlogsmisdaden. En niet alleen politici, ook non-gouvernementele organisaties (NGO) kunnen een aanklacht tegemoet zien. De reden: de in de Middellandse Zee verdrinkende vluchtelingen en migranten. Karskens is begaan met het lot van de verdronken stakkers. Volgens Karskens zou Europa voor het Australische beleid moeten kiezen: grenzen hermetisch gesloten en nul vluchtelingen toelaten.

Afrika landbouw

Foto: PlattelandsPost

Thuisgekomen zocht ik even en kwam het bericht tegen op de site van omroep WML die Karskens citeert: “Het is uitlokken. Sommige mensen moet je gewoon tegen zichzelf beschermen. Veel Afrikanen zien Europa nog steeds als het paradijs: je krijgt een gratis huis en uitkering.” Door de grenzen niet hermetisch te sluiten, maar ook door niet te waarschuwen voor de gevaren van de overtocht per rubberen bootje, zijn politici als Timmermans medeplichtig. De NGO’s die vluchtelingen uit het water vissen, zijn medeplichtig omdat zij mensen uitlokken tot de gevaarlijke overtocht. Omdat de regeringen en politici er niets aan doen, zoekt Karskens zijn heil bij de rechter.

Het siert Karskens dat hij zich bekommert om het lot van de verdrinkende vluchtelingen en inderdaad als ze niet op die bootjes stappen, kunnen ze ook niet verdrinken. Dus de grenzen toch maar dichtgooien? Dan heeft de tocht per bootje geen zin en verdrinkt er niemand meer en moet de vluchteling in ‘de regio’ worden opgevangen. De economische migrant kan dan zijn energie steken in de opbouw van zijn land. Iedereen blij.

Of toch niet? Is de vluchteling geholpen? De opvang in ‘de regio’ blinkt niet echt uit in kwaliteit en al die Europese en Nederlandse politici die de vluchteling in ‘de regio’ willen opvangen, leveren er niet het benodigde geld bij. Ook bekommeren ze zich (bijna) niet om de oorzaken van de conflicten waarvoor mensen vluchten net zoals ze niets doen aan de oorzaken achter de economische migratie. Oorzaken zoals de vrijhandelsverdragen die in het nadeel van de Afrikaanse landen zijn (zoals de gesubsidieerde export van melk- en pluimveeproducten naar Afrika die de boeren daar brodeloos maakt), de economische plundering van de rijkdommen van die landen, de economische ongelijkheid en de klimaatverandering.

Beste meneer Karskens, als u werkelijk begaan bent met het lot van de vluchteling, klaag de politici dan aan omdat ze niets doen aan die oorzaken.

All Lives Matter!

Gelukkig behoor ik niet tot de doelgroep van Patrisse Cullors, een van de oprichters van Black Lives Matter. “Het is volgens Cullors sowieso onverantwoordelijk om je als vrouw, etnische minderheid of LHBTQIA níet in te zetten in de strijd voor gelijkheid,” zo valt te lezen in een interview dat Vera Mulder van de Correspondent heeft met Cullors. Ik heb namelijk een hekel aan mensen die vinden dat ik iets moet en me onverantwoordelijkheid verwijten als ik dat niet doe.

Nu strijd ik al mijn hele leven voor de gelijkwaardigheid van alle mensen, dus eigenlijk zou ik me thuis moeten kunnen voelen bij mensen als Cullors. Juist die dwingende of verwijtende toon maakt echter dat ik me niet thuis voel bij haar en haar medestrijders. Ik ben een man, blank, boerenzoon, echtgenoot, vader, Venlonaer, VVV supporter (een leuke bezigheid dit seizoen), speel softbal, vier Vastelaovend, ben historicus, hetero, schrijf graag prikkelende stukjes en zo zijn er nog veel meer zaken die bij mij horen, die mij vormen. Ik ben ze allemaal en ook nog eens allemaal tegelijk. In al die hoedanigheden kan ik me met mensen identificeren en me van hen onderscheiden, want dat is de spiegel van identificeren.

Cullors en met haar vele andere zoals Sunny Bergman en Gloria Wekker reduceren of simplificeren me tot alleen ‘blanke’, ‘man’ of ‘VVV supporter’. Zo maken zij een karikatuur van mij. Juist die veel-, of beter heelheid maakt mij tot de mens die ik ben en juist vanuit die heelheid kan ik strijden voor gelijkwaardigheid. Is het elkaar als ‘heel’ zien en elkaar als ‘heel’ behandelen niet een belangrijke voorwaarde om tot elkaar te komen en gelijkwaardigheid te bereiken? We behoren immers allemaal tot een minderheid. En ook nog wel de kleinst mogelijke minderheid van één persoon.

Vanuit die heelheid zie ik dat niet alleen ‘black’, maar ‘all lives matter’. Mulder mag dat een slechte tegenwerping vinden: “Natuurlijk, in een ideale wereld zou iedereen achter laatstgenoemde staan, maar puur de noodzaak van het oprichten van de beweging bewijst dat onze wereld zover nog niet is.” Zeg je door de nadruk te leggen op één kleur niet dat de andere kleuren er niet toe doen?

Die tegenwerping van Mulder berust trouwens op een vreemde redenering: omdat we onszelf hebben opgericht, kan de wereld niet zonder ons.

Pestprotocol

In een passage uit de column bij Jalta bespreekt Rik de Jong de rechtszaak die Sylvana Simons heeft aangespannen tegen mensen die haar op de sociale media bedreigden of beledigden. Volgens De Jong dient bedreiging gestraft te worden, “uitspraken die geen directe bedreiging of smaad en laster behelzen,” niet: “Ook platte, domme, achterlijke en bovendien verwerpelijke uitlatingen die iemand geen aantoonbare schade toebrengen, moeten in een publiek debat besproken kunnen worden.”

pesten

Illustratie: Moed

Een redelijk betoog van De Jong, we kennen immers de vrijheid van meningsuiting. In dat vrije debat moet je elkaar goed de maat kunnen nemen en dat is niet iets voor watjes. Maar toch…

Kinderen die worden gepest, een gruwel en bron van zorg voor ouders en opvoeders. Scholen zijn er alert op, hebben ‘pestbeleid’ en een pestprotocol. Terecht want er is niets zo vervelend voor een kind dan gepest worden. Niet alleen op school wordt gepest, ook bij de sportvereniging of op het werk worden mensen gepest. Google op pesten en je vindt vele sites en berichten (3.550.000 in 0,44 seconden op het moment dat ik googelde) over pesten.“Platte, domme, achterlijke en bovendien verwerpelijke uitlatingen,” brengen de kinderziel wel schade toe.

Zouden die “platte, domme, achterlijke en bovendien verwerpelijke uitlatingen” de volwassen ziel geen schade toebrengen, net als aan de kinderziel? Kun je dit ook zien als een vorm van pesten? Pesten op scholen en het werk krijgt terecht veel aandacht. Moeten we ‘pesten’ in het publieke debat dan wel zo normaal vinden?

Bespreken in het publieke debat klinkt mooi, maar heeft dat effect als de ene helft niet naar de ander luistert? Als de ene helft uitlatingen toejuicht die de andere helft verfoeit? Misschien toch een ‘pestprotocol’ voor het publieke debat opstellen?

 

Wat de kiezer wil

De PVV gaat lokaal! De komende gemeenteraadsverkiezingen gaat de PVV in een zestigtal gemeenten meedoen aan de verkiezingen. In een interview in het AD kondigt partijleider en enigst lid Wilders dit aan. In de Volkskrant ligt PVV-europarlementariër Olaf Stuger toe waarom de partij die stap waagt: “Zo komen we in de haarvaten van de samenleving, van stratenmaker tot medisch specialist. De partij is er aan toe.”  Dat zou kunnen, alleen kan de Ballonnendoorprikker dit niet beoordelen en moet dit dan maar aannemen van Stuger.

De kiezer

Illustratie: Managementboeken

De lokale afdelingen mogen hun eigen programma’s opstellen, daar bemoeit Wilders zich niet mee. Al geeft hij in het AD wel wat richting: “Al zal het niet gebeuren dat er een stedenband met Ramallah wordt bepleit. Het blijft wel de PVV.” De Nieuwe raadsleden moeten zich wel realiseren dat ze het, volgens Stuger, niet makkelijk krijgen: “We zijn politieke commando’s, vaak opererend op vijandelijk terrein. Daar moet je tegen bestand zijn.”

Echt interessant wordt het als het over die programma’s gaat. Daar waar de klassieke partijen hun programma’s door de leden laten vaststellen, ontbreken die bij de PVV. Geen nood: “Ons referentiekader is wat de kiezers willen.” Wat willen die kiezers dan en hoe komt de partij dat te weten?

Wat ‘het volk’ wil dat wordt pas na de verkiezingen duidelijk. Dan heeft ‘het volk’ immers gesproken. Dat moet uitermate lastig zijn voor een partij die ‘wat de kiezer wil’ als referentiekader heeft. Afgelopen 15 maart hebben de kiezers weer gesproken en laten weten wat ze willen. Het resultaat is een kamer met dertien partijen in grootte variërend van twee tot drieëndertig zetels. En wat weet je als je die uitslag weet? Weet je dan waarom iedere kiezer heeft gekozen zoals hij heeft gekozen?

Of wil de PVV nog een stap verder dan GeenPeil? U weet wel de partij die per peiling onder haar leden wilde bepalen wat de Kamerleden zouden moeten stemmen. De PVV lijkt nu iedereen, die kiezer is, te willen peilen.

Beste mevrouw Wijs

Bij ThePostOnline een open brief van u, een teleurgestelde en zeer verontruste burger van Nederland. U richt uw schrijven aan Mark Rutte en Siebrand Buma. “Ik kan sinds 15 maart het idee niet van me afzetten, dat wij in een ‘bananendictatuur’ wonen!,” zo schrijft u. Een ‘bananendictatuur’ omdat: “Meteen om 21:15 uur kwam er een prognose en die was, zoals later zou blijken, behoorlijk definitief. Het is één van de mysteries van deze verkiezingen, evenals alle blijken van fraude, wegraken van stemmen, etc. op verschillende stembureaus.” Beste mevrouw Wijs, die eerste prognose voorspelt de uitslag altijd op een paar zetels na. En waar zijn uw bewijzen van fraude en het wegraken van stemmen? Bent u misschien het slachtoffer van een complottheorie?

Zelfreflectie

Illustratie: Tekeningenbank

Ook de manier waarop de PVV buiten buiten het kabinet wordt gehouden, stoort u: “De PVV is monddood gemaakt al van te voren: “Wij gaan niet met hem regeren dus stem maar op ons.” Is dát democratisch? En dan het lek in de beveiliging wat toevallig nét voor de verkiezingen (heel goed) uitkwam, waardoor Wilders zijn campagne moest staken.”  En iets verderop in haar brief: “Jullie weigering tot samenwerking en demonisering van de PVV is het bewijs. Zo aan het pluche gebakken, dat zelfs een partij als GroenLinks in aanmerking komt om te regeren.” Beste mevrouw Wijs, zetels winnen wil niet zeggen dat een partij in het kabinet moet. Net zoals het geen ‘wet’ is dat de grootste partij de premier levert. Waarom is vooraf een partij uitsluiten niet democratisch?  Het maakt zaken duidelijk, wat zou daar tegen kunnen zijn? Zou het niet kunnen dat Wilders het spel na de verkiezingen slecht heeft gespeeld en nu weer speelt? Het is makkelijk om de schuld van iets altijd bij anderen te leggen. Een beetje zelfreflectie zou geen kwaad kunnen. En waarom zouden die ruim achthonderdduizend GroenLinksstemmers niet mogen worden vertegenwoordigd in een kabinet?

“Sinds kort ‘zit’ ik op Twitter en wat je daar allemaal leest…deze doodswensen en daden van geweld worden geschreven door ‘linkse’ Nederlanders (die zichzelf graag omschrijven als ‘antifascisten’), waar ook enkele zeer bekende Nederlanders tussen zitten. Ik vraag u beide of dat normaal is.” Beste Mevrouw Wijs, nee, dat is niet normaal. Net zomin als veel lezerscommentaar en sommige schrijfsels die bij ThePostOnline of De Dagelijkse Standaard worden gepubliceerd. Doet u trouwens niet hetzelfde door GroenLinks te betitelen als: “de partij van de communisten en terroristen”? is een keus, u kunt er ook voor kiezen niet te Twitteren is immers een medium dat gemaakt is voor ongenuanceerde uitspraken. Nuance in honderdveertig tekens is immers lastig.

Nog een alternatieve werkelijkheid

Twee keer kwam ik deze week een interview tegen met Mustafa Aslan de campagneleider van de AK-partij in Nederland. De eerste keer in de Volkskrant en op vrijdag 24 maart in Dagblad de Limburger.  Twee keer krijgt Aslan de gelegenheid om zijn werkelijkheid te schetsen. In Dagblad de Limburger wordt hem gevraagd naar de duizenden mensen met een afwijkende mening die vastzitten. Aslan: “ Jij bekijkt Turkije door een Nederlandse bril. Dat snap ik. Maar als je wilt begrijpen moet je de situatie in Turkije kennen. Dit is een land dat bijna dagelijks wordt getroffen door aanslagen. Dat haalt het nieuws hier niet, maar het gebeurt wel. Ik wil de aanslagen in Frankrijk en België niet relativeren, maar in Turkije zijn vorig jaar 1.000 mensen gestorven bij aanslagen. En we grenzen aan IS gebied. Dan moeten er andere maatregelen worden genomen dan hier in Europa.”

Beste meneer Aslan, laten we even teruggaan naar het jaar 2015. In dat jaar werden er in Turkije twee maal verkiezingen gehouden. De eerste keer leed uw AK-partij een overwinningsnederlaag, vergelijkbaar met die van de VVD afgelopen verkiezingen. Uw partij kreeg veertig procent van de stemmen, maar verloor de absolute meerderheid. Grote winnaar was de van oorsprong Koerdische HDP. Uw partij moest een coalitie vormen, maar dat lukte met geen enkele van de andere partijen. Daarom schreef de president Erdogan, nieuwe verkiezingen uit voor november. Uw AK-partij kreeg toen wel een meerderheid van de stemmen en kon alleen verder regeren. Tot zover niets bijzonders.

Nou ja, niets bijzonders, internationale waarnemers concludeerden dat die tweede verkiezingen niet geheel democratisch waren verlopen. Bovendien was er nog iets. In de periode tussen de twee verkiezingen begon uw geliefde president deel te nemen aan de strijd tegen het terrorisme, iets waar hij zich voor die tijd niet mee bemoeide. Het was echter niet het door u genoemde IS dat de Turkse klappen kreeg, maar de Koerden. Die reageerden hierop en dit leidde ertoe dat uw president Erdogan het vredesproces met de Koerden beëindigde en de strijd hervatte. De strijd tegen de Koerden in Turkije en buurland Syrië. Iets wat de Koerdische PKK en andere strijdgroepen, niet zomaar lieten gebeuren. Zij sloegen terug door aanslagen op vooral leger en politie te plegen.

Resultaat van deze oorlog: uw president Erdogan kon allerlei maatregelen nemen om het de oppositie lastig te maken, de Koerden ‘verketteren’ en als ‘sterke man’ de verkiezingen winnen. Voeg daarbij de manier waarop nu inderdaad duizenden mensen het leven onmogelijk wordt gemaakt en het geschreeuw van de afgelopen weken en dan vraag ik u, meneer Aslan, wilt deze man waar u van houdt de bijna absolute macht geven, ga uw gang. Het valt mij trouwens op dat alleen in autocratisch of dictatoriaal geregeerde landen, mensen van de machthebber houden. Ik hoor Duitsers niet roepen dat ze van Merkel houden, of Nederlanders van Rutte.

De landende kiezer

Vandaag kunnen we gaan stemmen voor een nieuwe Tweede Kamer. Bij de uitslag zal de landing  van de ‘zwevende kiezer’ de doorslag geven. Welk vakje zal hij rood kleuren? Om die ‘zwevende kiezer’ te helpen zijn er diverse kies- en stemwijzers. Je vult in wat je van een stelling vindt en welke thema’s je belangrijk vindt en je krijgt een lijstje met de meest passende partij bovenaan.

SigmundIllustratie: http://www.volkskrant.nl

Er is meer. In de Volkskrant gaf Frank Kalshoven afgelopen zaterdag ‘landingslessen’: in vier stappen je keuze maken zonder de programma’s te lezen. Twee procesmatige: besluiten om te gaan stemmen en afspreken om uiterlijk de dag voor de verkiezingen de keuze te maken. Gevolgd door twee inhoudelijke: de eerste is het grove snoeiwerk en de tweede het fijne snoeiwerk. Als die laatste stap te lastig is, “kun je dinsdagavond met een dobbelsteen bepalen op welke van de drie of vier partijen je gaat stemmen. Je zit sowieso ongeveer goed.” 

Als je toch wat inhoudelijker wilt kiezen, kun je altijd kijken naar vergelijkingen van programma’s op diverse thema’s. Rob Wijnberg heeft dat bij De Correspondent ook gedaan. Op  verschillende thema’s zoals Zorg, Vluchtelingen, Veiligheid, Europa, en nog een aantal andere geeft hij per partij een waardeoordeel: Goed, Medium en Slecht. Een duidelijk en op het eerste gezicht handig overzicht. Zoek de thema’s die je belangrijk vindt, kijk welke partij het beste scoort op deze thema’s en je hebt je keus. Handig toch?

Toch een klein knelpunt. Wat is goed en wat is slecht? Neem bijvoorbeeld het thema Europa, wanneer scoor je daar goed? Wat de ene goed vindt, vindt de ander slecht. Is bijvoorbeeld meer Europese samenwerking goed? Een PVV-er zal dat slecht vinden, een D66-er goed. Of het thema Drugs beoordeel je het legaliseren ervan als goed of als slecht? Met argumenten kun je beide standpunten onderbouwen.

Zijn goed of slecht niet waardeoordelen die afhankelijk zijn van de opvattingen van de persoon met wie je spreekt?