Letters van een geest of geest van de letters

In de Verenigde Staten moet een nieuwe opperrechter worden benoemd voor het Hoog Gerechtshof. Die worden voor het leven benoemd en dat betekent dat het land mogelijk nog jaren lang met de nu te benoemen persoon en de manier waarop die in het leven staat, te maken heeft. De opperrechter wordt door de president voorgedragen en vervolgens na goedkeuring door de senaat benoemd. Trumps kandidaat, Kavanaugh is van conservatieve snit en: “een aanhanger van “originalism” en “textualism”, die een letterlijke interpretatie van de Amerikaanse grondwet voorstaan,” zo meldt NOS.nl. Hij wil leven naar de letter.

caution-sign-to-auto-drivers-to-be-on-the-lookout-for-amish-horses-and-buggies-1024

Foto: Picryl

De Amerikaanse grondwet is zo tegen het einde van de Achttiende eeuw geschreven. Een tijd waarin slavernij nog welig tierde. Sterker nog Thomas Jefferson, een van de ‘founding fathers’, de opstellers van de grondwet, was zelf slavenhouder. Die opstellers leefden in een heel andere tijd met heel andere normen en waarden. Letterlijk interpreteren, betekent leven naar de letter van de tijdgeest van vroeger. Willen de aanhangers van die ‘letterlijke’ interpretatie dan ook alle amendementen wegnemen, die zijn immers later toegevoegd?

Zo werd bijna een eeuw later, in 1865, een amendement (nummer dertien) aangenomen dat slavernij verbood. Een halve eeuw later, 1919, het achttiende amendement, dat alcoholische drank verbied, aangenomen en begon de drooglegging. Een amendement dat in 1933 weer werd ingetrokken door het eenentwintigste amendement. Tussendoor, in 1920, werd het vrouwenkiesrecht bezegeld met het negentiende amendement. Laat de reeks amendementen niet zien dat tijden soms om aanpassing van de grondwet vragen? Dat de letter geïnterpreteerd moet worden naar de geest van nu?

Letterlijk interpreteren betekent al deze amendementen opzij schuiven en vrouwen het kiesrecht afnemen en slavernij weer invoeren. Alleen voor de drinkers onder de Amerikanen verandert er niets. Waarin verschilt deze letterlijke interpretatie van religieus fundamentalisme van bijvoorbeeld groepen moslims? Ook die willen nu de letter naleven naar de geest van toen.

Zou het prettiger zijn te leven naar de letters van een geest of naar de geest van de letters? 

Stijd der culturen

Sid Lukkassen betoogt bij ThePostOnline dat: “De existentiële uitdaging voor het Westen (…) niet (komt)  vanuit jihadisten. Die komt vanuit de subtiele culturele en demografische invloeden die worden toegepast vanuit de moslimgemeenschap om islamieten steeds rechter in de leer te duwen, wat gepaard gaat met een desecularisering en islamisering.”  Want er is in Europa en ook in Nederland een strijd aan de gang tussen culturen en: “een strijd tussen culturen is een strijd om welke cultuur zal voortbestaan.” Om die strijd te kunnen aangaan moet er: “een Leidcultuur op expliciet Europese leest worden gedefinieerd die ook beleidsmatig consequent moet worden uitgerold, opgelegd en afgedwongen.” Een bijzonder betoog.

Unknown

Foto: Flickr

De meeste ‘strijders’ tegen de islam hebben ook weinig op met Europa, dus zal het nog een flinke strijd worden om die Europese Leidcultuur te bepalen. Dit roept meteen ook de vraag op aan wie de ‘eer’ toekomt om mee te mogen bouwen aan die ‘Leidcultuur. Hoe groot is de kans dat het komen tot die Leidcultuur een lijdensweg wordt? Dat even terzijde.

Wat bijzonder is in zijn betoog is dat die andere cultuur in de strijd van Lukkassen maar één kant op lijkt te kunnen gaan, namelijk die van ‘desecularisering en islamisering’ veroorzaakt door: subtiele culturele en demografische invloeden die worden toegepast vanuit de moslimgemeenschap om islamieten steeds rechter in de leer te duwen.” Bijzonder omdat dit inhoudt dat de islam na Mohammed seculierder is geworden. Als dat niet was gebeurd, dan zou de islamitische cultuur nu niet in de richting van de echte leer van Mohammed geduwd hoeven te worden.

Dat er een seculiere of seculierdere versie van de islamistische cultuur mogelijk was, erkent Lukkassen als hij onderzoek aanhaalt: “dat de latere generaties militanter met hun geloof omgaan dan de gastarbeiders. Gek is dat niet want het Turkije van toen was meer seculier dan het hedendaagse Turkije.” Als de islamitische cultuur al eens eerder seculierder is geworden, zou dat nu of in de toekomst dan niet weer kunnen gebeuren? 

Zouden er dan niet ook nog andere mogelijkheden zijn om die ‘strijd der culturen’, als die er al is, aan te gaan? 

 

Party poopers

“Bijna driekwart van de professionals bij gemeenten geeft aan niet voldoende kennis in huis te hebben over smart city-toepassingen.”  Dit blijkt uit een onderzoek waarover de site binnenlandsbestuur.nl bericht. Omdat ik werkzaam ben bij gemeenten betrok ik die conclusie op mezelf: heb ik er voldoende kennis van?

big-brother-2783030_960_720

Illustratie: Pixabay

“Doel van een slimme stad is de levenskwaliteit te verhogen door de stad efficiënter te organiseren en de afstand tussen de inwoners en het bestuur te verkleinen,” zo is te lezen op wikipedia. Een prachtig doel of eigenlijk twee. Hoe moet dat doel worden bereikt? “Alle onderdelen van de stad zijn verbonden via een netwerk van sensoren, internet en hoogstaande technologische apparaten met als motor het internet der dingen.” Dus door nog meer te meten, gegevens te verzamelen. Via sensoren en camera’s worden gegevens verkregen. Mijn vuilnisbak geeft door als hij geleegd moet worden en rijdt automatisch naar de straat. Dan moet hij wel de tussenliggende poorten kunnen openen. Dat is technisch best te realiseren. Handig. De tech-bedrijven zullen de slimme stad met dergelijke mooie voorbeelden verkopen. “Een stad waarbij informatietechnologie en het internet der dingen gebruikt worden on de stad te beheren en besturen.” 

Is het ook zo handig dat wordt bijgehouden hoevaak mijn bak vol is? En ik er allemaal ingooi? Dat via de lantaarnpaal voor ons huis wordt bijgehouden wie er hoevaak op bezoek komt? Wikipedia stelt een cruciale vraag: “is het wel ethisch verantwoord om de macht te leggen bij een aantal technologische bedrijven?” Zeker omdat: “Het concept is ontstaan door de techindustrie. Doordat steden aan de grond liggen van economische ontwikkeling en dit in combinatie met de technologische revolutie, is de slimme stad een goudmijn met een miljardenomzet.” Staat dat ‘beheren en besturen’ echt centraal of draait het om geld?

Nu zijn er steden die een democratische ‘slimme stad’ willen zijn, Barcelona bijvoorbeeld, zo las ik op bij mo.be. Die willen: “‘technologische soevereiniteit’: dat er democratische controle moet komen over stedelijke technologie, met participatie van onder uit en data commons.” Een andere insteek die wellicht meer aanspreekt. Alleen is ‘democratie’ een rekbaar begrip. Poetin en Erdogan noemen zich ook democraat en zelfs in ons eigen land wordt de dividendbelasting afgeschaft terwijl een overgrote meerderheid van de mensen en politieke partijen tegen is. Dus welke garantie geeft ‘democratische controle’?

Welke insteek je ook kiest, een slimme stad zal het ‘beheren’ verbeteren, of het besturen verbetert is maar zeer de vraag. Dat de bestuurder veel meer gegevens van de inwoner heeft, zal wel, maar wordt daardoor de ‘afstand’ tussen beiden kleiner? Die zou ook zomaar groter kunnen worden als de inwoner het gevoel krijgt ‘bespied’ te worden. Dan verliest de inwoner het vertrouwen in die ‘systemen’ en in de overheid of de bedrijven die ze beheren en exploiteren. Dan zal die inwoner zoeken naar manieren om het systeem te ‘foppen’

Besturen is besluiten nemen, gegevens kunnen daarbij helpen maar ook hinderen. Je hebt niets aan gegevens alleen, het gaat om kennis: de verbanden tussen die gegevens. Meer informatie betekent niet automatisch betere besluiten. Zo zou je kunnen besluiten om de verkoop van ijs te verbieden omdat hoge ijsverkoop correleert met veel verdrinkingsdoden. Alleen zal dat geen effect hebben want mensen gaan het water in omdat ze verkoeling zoeken, niet omdat ze een ijsje aten. Daar komt bij dat gegevens iets zeggen over het verleden, ze zeggen niets over de toekomst. Als we vervolgens kijken naar de belangrijkste ontwikkelingen in de geschiedenis van de mensheid, dan zijn dat bijna allemaal breuken met het verleden. Als de uitvinder van het wiel, wie dat ook geweest is, alleen maar naar het verleden had gekeken, dan hadden we nu nog steeds geen wiel gehad. Dan waren we, om sneller te kunnen reizen, snellere paarden aan het fokken in plaats van de auto uit te vinden.

Weet ik nu voldoende over ‘smart city-toepassingen’? Geen idee, immers wat is voldoende en wie bepaalt dat? Weet je er voldoende van als je vrolijk meedoet aan het enthousiasme van de tech-bedrijven en bestuurders die op dit gebied willen scoren? Wat ik in ieder geval weet is dat we dit niet aan die techneuten en enthousiaste bestuurders alleen moeten overlaten. Zou het geen goed idee zijn om  naast die techneuten ‘filosofen’ in dienst te nemen? ‘Party poopers’ die vragen blijven stellen, die zaken ter discussie stellen, die niet meegaan in het ‘enthousiasme’ van het moment, die niet met de lemmingen meelopen? Zou dat niet tot betere besluitvorming leiden, niet alleen over de ’smart city’ trouwens. Zou het niet ‘smart’ zijn van de ‘city’ als zij dat deed?

Maar ja, welke organisatie neemt mensen in dienst die het feestje lijken te bederven? 

‘Krachtige democraten’

“Het beschermen van democratie in digitale tijden is niet eenvoudig.” Dit constateert D66-Europarlementariër Marietje Schaap in de VolkskrantZij ziet hierbij niets in “Snelle maatregelen die de vrije meningsuiting inperken, of technologiebedrijven de sleutels van vrije meningsuiting geven.” Wel moet er iets ondernomen worden tegen geautomatiseerde internet-accounts die zich als mensen voordoen en het denken proberen te beïnvloeden en tegen: “politieke advertenties op basis van micro-targeting.” Want, zo beweert Schaap: “Alleen op basis van transparantie en verantwoording kunnen we onze democratie ook online bewaken.” Een logisch verhaal?

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Foto: Wikipedia

Schaap heeft gelijk dat maatregelen die de vrijheid van meningsuiting aantasten ons verder van huis brengen. Ook het geven van de ‘sleutels aan technologiebedrijven’ door: “bedrijven zoals Facebook en Twitter verantwoordelijk te maken voor het stoppen van de verspreiding van nepnieuws.” is geen goed idee. Laten we eens naar haar oplossing kijken. Transparantie en verantwoording als oplossing, dat klinkt mooi. Maar ….

Was de democratie in tijden voor de komst van het Internet zo transparant? Waren we toen gevrijwaard van ‘nepnieuws’? Was er toen niemand die de mening van mensen wilde beïnvloeden? Was toen precies duidelijk wie ons op welke manier probeerde te beïnvloeden? Was in die tijd alles transparant en legde iedereen eerlijk verantwoording af over het handelen? Laten we eens een recent analoog voorbeeld nemen: de afschaffing van de dividendbelasting. Nu, achteraf wordt er gereconstrueerd en worden de lijntjes duidelijk, alleen legt niemand verantwoording af. Als we Schaaps oplossing volgen, dan zouden die lijntjes ook al vooraf duidelijk moeten zijn, want dat is wat transparantie inhoudt. 

Zou de democratie niet beter af zijn met ‘krachtige democraten’? Met weerbare en nieuwsgierige burgers? Burgers die niets meteen voor ‘waar’ aannemen? Burgers die hun eigen denken ter discussie stellen? Burgers die met elkaar in gesprek gaan, die de dialoog met elkaar aangaan? Zouden we de democratie maar vooral onszelf als mensen niet een geweldige dienst bewijzen door onderwijs dat veel meer is gericht op het ontwikkelen van kritisch denkvermogen en veel minder op ‘arbeidsmarktvaardigheden’? Zou die arbeidsmarkt daar trouwens niet ook baat bij hebben?  

#geenvrouwopstraat, ookgeenman

“Wie de geschiedenis niet kent is gedoemd ze te herhalen,” een bekende uitspraak die we te danken hebben aan de Spaans-Amerikaanse schrijver, dichter en filosoof George Santayana. Het kennen van de geschiedenis is echter geen garantie dat ze niet wordt herhaald. Sterker nog, er zijn mensen die de geschiedenis willen herhalen om haar recht te zetten. Bregje Hofstede Correspondent Nieuw Feminisme bij De Correspondent lijkt zo iemand.

In een artikel doet zij verslag van een actie van haar actiegroep #meervrouwopstraat: “Om die scheve verhouding aan te kaarten, plakten we als symbolische eerste zet een E achter het bordje van De Dam om er een Dame van te maken, en waaierden vervolgens uit om Serafina en Jansie, Raden Adjeng Kartini, Suze Groeneweg, Beyoncé en acht andere vrouwen een plek te geven. Bij bewustwording begint het.” Want wat blijkt: “88 procent van de naar een mens genoemde straten in Amsterdam heeft een mannennaam.” Er niets mis met bewustwording alleen zullen er weinig  mensen zijn die zich er niet van bewust zijn dat de koek nog steeds niet eerlijk is verdeeld tussen man en vrouw. Sterker nog, ook binnen die groepen is de koek niet eerlijk verdeeld. 

Dan moeten er heel veel straten worden aangelegd om die scheefheid recht te trekken zo schreef ik haar. Alle straten die de komende jaren worden aangelegd moeten dan een ‘vrouwennaam’ krijgen. Als dat de bedoeling is ben je dan niet net zo eenzijdig bezig als onze voorouders? Hoe eerlijk ben je in het heden als je nu alle straten naar vrouwen gaat noemen? Er worden dan geen straten meer vernoemd naar recente ‘mannen’ die ook iets bijzonders hebben betekend. Zouden toekomstige ‘gelijkheidstrijders’ dan niet kunnen concluderen dat mannen in deze tijd ernstig werden gediscrimineerd? 

Gelukkig ziet Hofstede een alternatief: “Een mogelijkheid die weinig genoemd is tot nu toe: het meerendeel van de straten is helemaal niet naar een mens genoemd. Er zijn nogal wat eiken-, linden- en acacialanen, bijvoorbeeld. Wil je dus de bestaande mensennamen houden maar meer aandacht hebben voor tot nu toe vergeten mensen (met name vrouwen), dan zijn er veel opties.” Als die gelijkheid dan toch moet worden bereikt, is er nog een andere optie. Laten we dan alle straten die naar personen zijn vernoemd een andere naam geven. Hoeft er niet over gediscussieerd te worden of een persoon wel ‘voldoende’ heeft gedaan om een straatnaam te verdienen. Lopen we niet het risico dat onze nakomelingen ons over honderd jaar beschuldigen van het vereren van de verkeerde. En mannen, vrouwen, LHBTQIA en van welke kleur ook, worden gelijk behandeld en kunnen aanspraak maken op procentueel gezien evenveel straten, namelijk NUL.

Holland, Michigan

Toen ik Willem Melchings pleidooi in de Volkskrant voor een ‘Leitkultur’ las, moest ik denken aan Holland in Amerikaanse staat Michigan. In die plaats ‘spelen’ ze het Nederland uit vroeger jaren na compleet met bouwstijl, klederdracht en tulpenfestival. Een stadje gesticht door naar de Verenigde Staten geëmigreerde Hollanders.

Dutch_Dancers,_Holland,_Michigan_(81444)

Illustratie; Wikimedia Commons

Volgens Melching is die ‘Leitkultur’ nodig omdat een multiculturele samenleving: “op termijn hun samenhang verliezen door het ontbreken van gemeenschappelijke waarden en normen.”  Volgens Melching zou die ‘Leitkultur’ moeten bestaan uit: “kernwaarden die sinds 1945 typerend zijn voor de Europese politieke cultuur. Om de belangrijkste te noemen: democratie en tolerantie, scheiding van kerk en staat, gelijkwaardigheid van vrouwen en seksuele minderheden.” Volgens Melching zijn Canada en de Verenigde Staten voorbeelden van landen die hier heel goed in slagen. Een op het eerste gezicht logisch betoog. Maar hoe zit het met met het tweede gezicht? 

Als we naar de kernwaarden van Melchings ‘Leitkultur’ kijken dan valt op dat die allemaal zijn verwerkt in onze wet- en regelgeving. Alleen op het gebied van de scheiding tussen kerk en staat is er nog wat werk aan de winkel. Als die kernwaarden een voorwaarde voor een succesvolle multiculturele samenleving en voor een succesvolle inburgering van nieuwkomers, waarom spreken zovelen dan van een mislukking? Zou het dan misschien aan het overbrengen van die kernwaarden op nieuwkomers liggen? Dan zou de inburgeringscursus anders moeten. 

Zou het gevoel van ‘mislukken’ een andere oorzaak hebben? Zou dat gevoel van mislukken niet een gevolg kunnen zijn van het nooit kunnen voltooien van de ‘inburgering’? Wat zou het met iemand doen die de inburgeringscursus heeft gevolgd, het inburgeringsexamen heeft gehaald, de participatieverklaring in het bijzijn van de burgemeester heeft ondertekend en betaald werk heeft en maar één koekje bij de thee of koffie serveert en dan nog steeds te horen krijgt dat hij een buitenlander is en er niet bijhoort? 

Zonder die ‘leitkultur’: “zullen de nieuwkomers zich opsluiten in zelf gecreëerde getto’s.” aldus Melching, die zich baseert op een theorie van de Duits-Syrische politicoloog Bassam Tibi. Nu zijn ook de Verenigde Staten ook niet vrij van gebieden waar mensen met eenzelfde land van herkomst samenklonteren, daarom mijn gedachte aan Holland in Michigan. Het is daarom maar de vraag of een ‘Leitkultur’ dat hier gaat voorkomen.

Die ‘Hollanders’ in Michigan horen er nu bij met behoud van hun eigen ‘oud Hollandse cultuur’ en hun stadje is toeristische attractie. Zo zie je maar dat een ghetto ook tot iets moois kan uitgroeien.

Afhankelijkheidsdag

Het Plakkaat van Verlatinghe, een oud documenten uit 1581, staat de laatste tijd weer in de belangstelling. In de Volkskrant roept de historicus Geerten Waling de Staten-Generaal, wiens naamgenoot en voorganger het document opstelde, op om hiertoe het initiatief te nemen. Volgens Waling zou het een prominente plek moeten krijgen in de aanstaande verbouwing van het Binnenhof: “Opdat iedereen kan zien wat gezien mag worden: dat in 1581 in Den Haag een mijlpaal werd geslagen op de lange en kronkelige weg die ons voerde tot die mooie democratische rechtsstaat van vandaag.” Anderen, zoals de historicus Anton Van Hooff willen de dag van ondertekening, 26 juli, het liefst uitroepen tot een nationale feestdag, een soort ‘onafhankelijkheidsdag’ analoog aan Independence Day in de Verenigde Staten. 

Nicolas_Sarkozy_Bastille_Day_2008_n1

Foto: Wikipedia

Het bijzondere aan het plakkaat is dat het formuleerde dat een volk dat door een heerser slecht wordt behandeld, het recht heeft de heerser af te zetten. Dit terwijl de heersende opvatting in die tijd was dat de macht van de koning van God kwam. Nu moeten we bij het volk denken aan de wat lagere edellieden verenigd in de Staten Generaal. Wat verder bijzonder is, is dat de opstellers zich een leven zonder ‘koning’ niet konden voorstellen. Zij wilden Phillips II liefst inwisselen voor Frans van Valois, de hertog van Anjou en broer van de Franse koning.

Wat bijzonder is aan de redenering van Waling is dat hij het document ziet als een mijlpaal. Dit woordgebruik suggereert een plan met een begin, tussenstappen zoals het Plakkaat en met die ‘mooie democratische rechtstaat van vandaag’ als einddoel. Wat de Staten Generaal ook sloegen in 1581, het was geen mijlpaal op weg naar die ‘mooie democratische rechtsstaat van vandaag’. Het was een stap in een strijd tussen opstandelingen en de vorst. Een stap waarbij de Staten Generaal gebruik maakte van de nieuwe ‘contractredenering’ om zo hun strijdt van rechtmatigheid te voorzien. Rechtmatigheid tegenover toen gebruikelijke redenering dat de koning zijn rechten van god kreeg. Wellicht een belangrijke stap, maar niet meer dan dat.

Is het meest opmerkelijke niet dat het Plakkaat vierhonderd jaar later ineens een centrale plek moet krijgen? Een plek om het ‘bijzondere’ van Nederland te benadrukken. Nadruk op die ‘eigen plek’  en ‘eigenheid’ in een wereld waarin mensen steeds meer met elkaar zijn en worden verbonden. 

De beroemde econoom John Maynard Keynes zei dat ontwikkelen van nieuwe ideeën niet zozeer de moeilijkheid is, maar het ontsnappen aan de oude. Zouden we het oude idee van het ‘nationaal eigene, niet eens achter ons moeten laten? Zou het niet beter zijn om te pleiten voor een afhankelijkheidsdag? Een dag waarop we erbij stilstaan dat we allemaal met elkaar zijn verbonden op deze wereld? Dat wat wij hier doen, gevolgen heeft voor mensen elders op de wereld?

Middelmaat

Het advies van TPO-baas Bert Brussen aan de schrijvers van de brief in de Volkskrant naar aanleiding van de uitspraken van minister Blok: “Beste BN’ers, wij verzoeken u dringend om uw verantwoordelijkheid te nemen. Stop met het inspelen op het alsmaar groeiende moralisme en de door subsidie in leven gehouden hang naar middelmaat in onze samenleving. Stop met het uithollen van meningen op social media. Stop met het voeden van een tweedeling tussen een fictief ‘wij’ (de goeden die in de grachtengordel wonen) en ‘zij’ (extreem rechtse racisten die fout zijn want Baudet of Wilders stemmen).”  Volgens Brussen moeten de BN’ers stoppen omdat: “De effecten hiervan op onze samenleving zijn ontwrichtend, polariserend, en hebben reële effecten op echte mensen. Op Nederlanders, die net zo normaal en gewoon zijn als alle anderen. Nederlanders die het verdienen met respect vertegenwoordigd te worden door hun BN’ers.” Beste meneer Brussen, waarom houdt u en uw platform TPO zich niet aan uw eigen advies?

Bert Brussen

Foto: Flickr

Zouden er geen: “middelmatige maar uiterst hinderlijke moralisten in onze maatschappij zich gesterkt,” voelen door uw en andere berichten op uw platform? Berichten die: “onze vreedzame samenleving onder druk,” zetten? Berichten die: “vele andere ‘geëngageerde’ talentlozen op social media hun hetze tegen iedereen die anders is en wel geld verdient door er hard voor te werken,” legitimeren. Leest u de reacties op berichten op uw site wel eens? Het lijkt wel alsof u en iedereen die bericht op uw platform: “niet doorheeft dat die mening daardoor steeds waardelozer wordt en steeds verder raakt uitgehold. Steeds waardelozer naar de kant van grijsheid, middelmaat en humorloosheid.”  

Beste meneer Brussen op uw platform mag u schrijven wat u wilt. U mag iedereen, bekendere, zoals Jan Dijkgraaf en kamerlid Ronald van Raak, en onbekende Nederlanders een podium bieden om hetzelfde te doen. U mag afgeven op die andere ‘BN-ers’. U en de uwen mogen geloven dat: “Om te beginnen (…) minister Blok niets anders dan de waarheid (heeft) gesproken,” zoals u ‘conculega-BN-er’ Jan Roos bij De Dagelijkse Standaard beweert. Dat mag u allemaal. U mag ook vinden dat u en de uwen boven de middelmaat uitsteken. Dat u en de uwen de enigen zijn die ‘Nederlanders met respect vertegenwoordigen’ en zo depolariserend werken. Die ‘andere BN-ers’ mogen echter op andere kanalen hun mening verkondigen waarvan zij vinden dat die hoogwaardig is en hun versie van de waarheid geven. 

Maar, beste meneer Brussen, zou het niet beter zijn als u en uw ‘BN-ers’ in gesprek zouden gaan met die andere ‘BN-ers’? In gesprek om weg te komen van die door u verafschuwde ‘middelmaat’? Zou dat niet een goed voorbeeld zijn voor die: ‘middelmatige maar uiterst hinderlijke moralisten in onze maatschappij’ en die ‘geëngageerde’ talentlozen op social media’? Zou dat niet een reëel, verbindend en depolariseren effect hebben om echte mensen? Worden de Nederlanders dan niet met respect vertegenwoordigd door ‘hun BN-ers’? Misschien leidt dat gesprek wel tot hoogwaardige middelmaat tussen de uitersten.

 

Zonder wrijving geen glans

De commotie rond een toespraak van minister Blok ging bijna aan mij voorbij omdat ik een weekje in de vallei van de Loire verbleef. “Noem mij één voorbeeld van een geslaagde multi-etnische of multi-culturele samenleving?” Dat was volgens Henk Strating de centrale vraag die minister Blok stelde. Volgens Strating kwam de: “zaal met tachtig (!) ‘specialisten’ – werkzaam bij internationale organisaties,” niet verder dan Suriname en Singapore. Dat eerste land is volgens Blok ‘mislukt’ en dat tweede, tja wat daarmee is? Conclusie van Blok en in zijn kielzog Strating: de multi-etnische of multi-culturele samenleving is een utopie.” Ik ben dan wel geen ‘specialist bij een internationale organisatie, maar wil toch wel een antwoord geven en dat ook onderbouwen: NEDERLAND.

SA_4911-Anno_1581._De_afzwering_van_Filips_II

Illustratie: SA_4911-Anno_1581._De_afzwering_van_Filips_II.jpg

Nederland kent een lange geschiedenis van samenleven van mensen met verschillende achtergronden. Vanwege de relatieve vrijheid van denken. Een vrijheid die zich al manifesteerde in het ‘Plakkaat van Verlatinghe’, zoals historicus Anton van Hooff toelicht in De Volkskrant: “De opstellers van het Plakkaat beroepen zich op een vrijheid van geweten. Slechts God heeft wat te zeggen over hoe zij denken.” Dat document moet Blok toch bekend voorkomen. Het moet immers de Nederlandse ‘onafhankelijkheidsverklaring’ worden.

Die relatieve vrijheid maakte dat Portugezen, Hugenoten, Joden, Antwerpenaren en vele anderen naar de Nederlanden trokken en zo bijdroegen aan de welvaart. Immers, net zoals vroeger waren het ook toen de meer welvarenden die het makkelijkste konden vluchten. Die welvaart trok weer anderen aan, zoals ‘economische vluchtelingen’ uit de Duitse landen op zoek naar werk. Dat werk vonden zij onder andere op de vele schepen. Allen te samen vormden zij een multiculturele samenleving waarin het soms knelde en knalde, maar waar toch steeds een weg werd gevonden. 

Die weg werd in de negentiende en twintigste eeuw zelfs gevonden met de verafschuwde ‘katholieken’ in het Zuiden. In Brabant en Limburg, de voormalige ‘generaliteitslanden’, een andere naam voor wingewest of kolonie, die na de Belgische afscheiding bij Nederland bleven horen. Verafschuwde katholieken met een ‘orthodox’ geloof die trouw waren aan een soort ‘imam’, de paus van Rome. 

Die weg werd ook gevonden met de Italianen en Spanjaarden die eind jaren vijftig en begin jaren zestig  naar hier werden gehaald om te werken in de industrie en de mijnen. Die weg vinden we ook met de huidige nieuwkomers, welke kleur of religie ze ook hebben. Net zoals vroeger knelt en knalt het nu en dat zal het ook blijven doen en dat is maar goed ook want, zoals het Nederlandse spreekwoord zegt: ‘zonder wrijving geen glans.’ 

A propos glans, laat het Franse voetbalelftal niet al wat van die glans zien? Net als trouwens ook de vorige wereldkampioen Duitsland? Zouden dat dan ook antwoorden op de vraag van Blok kunnen zijn? 

Collateral (damage)

“What’s you’re reaction to the overnight news that Asif wasn’t in fact an asylum seeker? Oké so he turned out to be an economic migrant. But that doesn’t mean he deserves the full protection of the law. But it is different, isn’t it? Can’t we just say he was an human being. who was shot down on a British street. It doesn’t matter where he came from.” Een scene uit het derde deel van de serie Collateral. Een Britse Labour politicus wordt er ondervraagt door een journalist over de moord op Asif. Deze scene schoot mij te binnen na het lezen van het interview met staatssecretaris van Justitie Mark Habers in de Volkskrant.

collateral

Foto: Telly Binge

Habers: “De trendbreuk is de concrete uitwerking van plannen die een paar jaar geleden onbespreekbaar waren: de opvang van migranten in Afrika, het serieus bewaken van de Europese buitengrenzen.” Het gemak waarmee vluchtelingen, migranten worden en vervolgens ‘gelukzoekers’. Het volledig negeren van het feit dat de meeste vluchtelingen al altijd in de regio worden opgevangen. 

Habers: “Forse hulp van de EU daarbij is onontbeerlijk, anders steekt geen enkel Afrikaans (land) zijn hand op als gastland. Landen die categorisch weigeren hun onderdanen terug te nemen, moeten door de EU worden aangepakt: ‘meer voor meer en minder voor minder’, de wortel en de stok.” Je verantwoordelijkheid afkopen of is omkopen niet toepasselijker? Rijkdommen en grondstoffen uit bijvoorbeeld Afrika moeten onbelemmerd deze kant op kunnen komen en onze nieuwe en tweedehandse producten moeten we daar onbelemmerd kunnen dumpen. Behalve het enige ‘product’ dat er werkelijk toedoet, de mens.  

Habers: “Voor mensen die wel asiel krijgen, wil dat niet automatisch zeggen dat ze ook naar Europa mogen. Opvang in de regio krijgt voorrang, alleen de echt kwetsbaren kunnen direct naar een EU-land.” Europees asiel krijgen maar dan wel in een ‘ontschepingsplatform’ in Afrika. Habers met een lichte vorm van trots: “Eigenlijk heeft Nederland al zo’n centrum: Ter Apel. In feite is dat een aanlandingsplek, een groot deel van de mensen daar was niet eerder in de EU geregistreerd.” En dan als antwoord op de vraag of Nederland Ter Apel aanbiedt voor dit nieuwe beleid: “Nee”. De journalist schrijft er tussen haakjes nog ‘lachend’ voor. Zucht…

Of om de Labourpoliticus uit de genoemde scene verder te citeren: “We really are turning in to a nasty little country. And isn’t it time we had an immigration policy that isn’t crass xenophobia? I’ve been arguing for some time that we need to fulfil our obligations and I’m not just talking about moral obligations, I’m talking about legal obligations. Promises that were made that we seem conveniently to have forgotten. Now I believe that when the history of this time comes to be written we will feel ashamed of how few refugees we let into this country and how badly we treated them when they where here.”