Wie maakt schoon bij de schoonmaker?

“De stijgende welvaart van de afgelopen decennia heeft een nieuwe vorm van armoede gecreëerd: tijdarmoede. Overal in de westerse wereld rapporteren mensen met hogere inkomens meer tijdschaarste.”

Aldus Heleen Mees in haar column in de Volkskrant. Gelukkig heeft Mees de oplossing: “Versimpel je leven door vijf dagen per week te werken. Geef het extra inkomen uit aan dingen waarmee je tijd bespaart; een schoonmaakster, kant-en-klaarmaaltijden en een oppas die de kinderen ook naar muziekles en sportvereniging brengt.” 

schoonmaken

Foto: https://pxhere.com/nl/

Ja, als je als goed verdienende hogeropgeleide vijf in plaats van drie dagen gaat werken, kun je het extra geld gebruiken om een schoonmaker in te huren of een kinderoppas. Die verdienen minder dan jij, dus houd je geld en tijd over. Die schoonmaker of oppas verdient dan ook geld en dat is goed voor hem of haar. Zij een inkomen jij iets meer inkomen en vrije tijd. Duidelijk een geval van win-win.

Alhoewel. Laten we eens naar die schoonmaker of oppas kijken. Zou die ook hetzelfde kunnen doen? Als schoonmakers of oppassers vijf in plaats van drie dagen gaan werken, welke werkzaamheden kunnen zij dan uitbesteden om vrije tijd te kopen? Om iets te doen aan hun tijdarmoede?

Het schoonmaakwerk of het oppassen op de kinderen uitbesteden? Zou de schoonmaker van de schoonmaker genoegen nemen met minder salaris dan de schoonmaker waarvoor wordt schoongemaakt? Waarschijnlijk niet, want dan hadden die hogeropgeleide, goed verdienende de schoonmaker van de schoonmaker ingehuurd. Zij kunnen geen ‘werk’ uitbesteden want daar schieten ze financieel niets mee op en hun tijdschaarste neemt erdoor toe.

Mees: “Waren in de jaren ’80 laagopgeleiden nog het drukst, sinds de jaren ’90 zijn dat de hoogopgeleiden. Het tekort aan tijd ontstaat niet omdat mensen zoveel meer moeten doen, maar vooral omdat ze meer kunnen doen.” Leidt het pleidooi van Mees er niet toe dat de hoogopgeleiden zo meer ‘kunnen’ gaan doen en de lager opgeleiden meer ‘moeten’ doen zonder er iets mee op te schieten?

 

Rationeel in irrationele tijden?

“Ten overstaan van verbijsterde politici heeft de Britse minister voor Brexit David Davis verklaard dat de regering geen flauw idee heeft van de economische gevolgen van de uittreding uit de EU. De voorzitter van de commissie die zich over de Brexit buigt wilde van de minister weten of er onderzoek is gedaan naar de gevolgen. Nee, antwoordde David Davis, Geen enkel.” Dit las ik bij Joop en ik hoorde het eerder al op de radio. Verbazing alom hierover. Is die verbazing wel terecht?

Brexit.jpg

Illustratie: Brexit Panic | frankieleon | Flickr

Welke onderzoeker geloof je? In de aanloop naar het Brexitreferendum verscheen het ene na het andere onderzoek en rapport naar de economische gevolgen van een Brexit. Onderzoeken die economische ‘hel en verdoemenis’ voorspelden of een terugkeer van het ‘stenentijdperk werden afgewisseld met rapporten die voorspelden dat het tot de ‘hemel op aarde’ of een ‘brave new world’ zou leiden. Zo ongeveer te vergelijken met het onderzoek dat de PVV liet doen naar een Nexit, volgens dat onderzoek zou ieder huishouden er tienduizend euro op vooruitgaan bij een Nexit. Hoe de Brexit werkelijk uit zal vallen, weet nu nog niemand.

Een slagje verder. Onderzoek je niet iets als je wilt weten welke effecten dat iets zal hebben. Als je wilt weten of die handeling verstandig is, of je die handeling wel moet verrichten. Als ik wil overstappen van energieleverancier of bank, dan onderzoek ik welke voor- en nadelen de verschillende opties met zich meebrengen. Op basis van dat onderzoek neem ik dan een besluit waarbij ik weeg of bijvoorbeeld het milieu zwaarder weegt dan een klein financieel voordeel. Waarom zou je een onderzoek doen naar de gevolgen van een besluit als het besluit toch al is genomen? Er is immers al tot een Brexit besloten. Welke zin heeft onderzoek dan nog?

‘Om je voor te bereiden op de gevolgen,’ zou het antwoord kunnen zijn. Maar ja, welke gevolgen? Die van de zwartkijkers of de jubelaars? Zou het immers niet vreemd zijn als er nu wel een voor zowel voor- als tegenstanders geloofwaardige onderzoeker te vinden is?

Hoe verbaasd de reacties ook zijn, zou je, op grond van de genomen besluiten en omstandigheden, het handelen van minister Davis niet als rationeel kunnen noemen? Hij accepteert immers het voldongen feit en verspilt geen tijd en geld aan onderzoeken naar gevolgen van een genomen besluit dat niet terug wordt gedraaid. Hoe irrationeel het genomen besluit wellicht ook is.

Homeopathie en economie

“Hierdoor krijgt de aanvullende verzekering steeds meer het karakter van een ‘abonnement’ waarin de premie overeenkomt met de gemaakte zorgkosten. Het verzekeringsprincipe komt daardoor onder druk te staan.”

Een uitspraak van De Nederlandsche Bank als ik de Volkskrant mag geloven. Door dat shopgedrag is het rendement dat de verzekeraars op een aanvullende verzekering maken, erg laag, slechts 0,6 procent. “DNB spoort de zorgverzekeraars aan nieuwe manieren te vinden om tegemoet te komen aan de wensen van de klant en er tegelijkertijd geld aan te blijven verdienen,” zo valt te lezen.

homeopathieFoto: Pixabay

Omdat de verzekeringsnemer steeds kritischer wordt en alleen dat afneemt wat op enig moment nodig is, komt het verzekeringsprincipe onder druk te staan. De oorzaak van dit probleem wordt in de schoenen geschoven van de verzekeringsnemer. Zou het werkelijk zo zijn gegaan of zou er ook een andere verklaring kunnen zijn? Zou de oorzaak hiervan niet bij de verzekeraars zelf kunnen liggen?

Een voorbeeld. Sinds enkele jaren is er een verzekeraar die zich profileert met de slogan: ‘de verzekering voor hoger opgeleiden’. Cijfers wijzen uit dat de gemiddelde hoger opgeleide gezonder is en leeft dan een lager opgeleide. Een aparte verzekering voor hoger opgeleiden kan goedkoper aan deze groep worden aangeboden omdat de duurdere lager opgeleiden erbuiten vallen. Willen die zich vervolgens tegen hetzelfde verzekeren, dan moeten ze naar een andere verzekeraar. Een verzekeraar waar lager opgeleiden oververtegenwoordigd zijn en dat leidt tot een hogere premie voor deze groep.

Een tweede voorbeeld: kraamzorg en babyzorg. Als je de keuze hebt, dan neem je dat als man of vrouw zonder kinderwens dus niet af. Alleen vrouwen met een directe kinderwens zullen zich daartegen verzekeren en de premie zal daarmee flink stijgen. Immers de kans dat een van de verzekerden zwanger wordt is zeer groot. Daar merk je echter alleen wat van als je dat in je pakket neemt.

Zouden de verzekeraars werkelijk aan de verzekerden hebben gedacht toen zij deze en andere ‘producten’ uitvonden? Zouden er bijvoorbeeld werkelijk hoger opgeleiden zijn die vroegen om een specifieke verzekering voor hen? Als dat zo is, dan is het ‘abonnement-karakter’ waar de DNB het over heeft te wijten zijn aan de verzekerden.

Of zou ook hier de economische wet dat aanbod vraag creëert opgeld doen? Als dat zo is, zou dan ‘nieuwe manieren te vinden om tegemoet te komen aan de wensen van de klant en tegelijkertijd geld te verdienen,” een goed advies zijn? Zou meer van hetgeen dat de kwaal heeft veroorzaakt werkelijk bijdragen aan de genezing? Zou homeopathie hier wel werken?

Gouden dwangbuis

“Ze wordt uitgehold door de globalisering. Na de financiële en economische crisis willen burgers de excessen van de globalisering bestrijden. Maar ze zien niet goed meer hoe ze dat via de democratie kunnen doen. Dus hebben ze de democratie gelaten voor wat ze was en zijn ze achter Trump en Farage aangelopen, die de natiestaat tegen de globalisering zijn gaan inzetten. Dit is een machtig wapen. Overal in Europa. In Groot-Brittannië en Amerika kon de democratie er weinig tegen doen.”

Dit antwoord geeft de filosoof Dieter Thomä bij NRC op de vraag waarom de democratie hapert.

Rodrik

Illustratie: Dani Rodrik’s weblog – Typepad

Toen ik dit las moest ik denken aan het boek The Glabalization Paradox van de econoom Dani Rodrik. Thomä beschrijft hier in het kort de paradox van Rodrik. Het spanningsveld tussen extreme globalisering (Rodrik noemt het hyperglobalisering), democratisch bestuur en de natiestaat.

Een al dan  niet democratische natiestaat alleen, gaat dat niet lukken, zo betoogt Rodrik. Wat er zonder samenwerking gebeurt, laat bijvoorbeeld het ‘dossier vennootschapsbelasting’ zien. Dan hoor je zinnen als ‘Om onze concurrentiepositie te behouden’, signalen dat je in een, zoals Rodrik het noemt, ‘gouden dwangbuis’ wordt genaaid door het geglobaliseerde bedrijfsleven. Een gouden dwangbuis omdat de vruchten van de globalisering kunnen worden geplukt zonder ook maar iets zelf te beslissen of sturen. Als je je niet in die ‘gouden dwangbuis’ wilt laten naaien, dan rest je een positie zoals Noord-Korea of ietsjes beter als je een wat groter land bent.

De enige manier die Rodrik ziet waarop natiestaten zich kunnen verweren tegen de globalisering is door samenwerken met en tussen de natiestaten, want alleen in samenwerking is de globalisering te beteugelen. Maar ja, samenwerking met andere landen, dat ligt gevoelig want de aanhangers van die natiestaat, Trump, Farage maar ook Wilders en Baudet, propageren vooral de ‘eigen kracht’ en de ‘alleingang’ want we kunnen het best alleen af. Een andere dan deze twee mogelijkheden ziet Rodrik voor een al dan niet democratische natiestaat niet.

Geen opbeurend bericht voor de  aanhangers van een Brexit, Nexit of welke alleingang dan ook. Of Rodrik moet iets over het hoofd zien.

Vestigingsklimaat

“Een beter vestigingsklimaat en het binnenboord houden van met name de Brits-Nederlandse bedrijven Shell en Unilever.”

Van alle voornemens van het kabinet Rutte III kan het afschaffen van de dividendbelasting op het meeste onbegrip rekenen. Bijna iedere week gaat het er in de Kamer over en ook de kranten en hun digitale variant staan er bol van. Door die afschaffing loopt het Rijk 1,4 miljard euro mis. Geld dat in de zakken verdwijnt van aandeelhouders van grote multinationals. Dat is dus nodig voor dat vestigingsklimaat, want die bedrijven zorgen voor werkgelegenheid.

chefkokFoto: Pixabay

Wie de kranten en hun multimediale varianten wat dieper uitspit leest ook het volgende: “Er dreigt een groot personeelstekort in de Nederlandse technologische industrie. De komende jaren heeft de sector vooral hoogopgeleide technici nodig om de economische groei te kunnen bijbenen.”  Want die technologie industrie draait op volle toeren en: “telt op dit moment in totaal 286 duizend voltijdbanen. Tussen nu en 2030 gaan er 70 duizend medewerkers met pensioen. Bovendien zullen er tot 2030 circa 50 duizend banen bij komen in de bedrijfstak .”

“Er staan vrachtwagens stil, omdat er geen chauffeurs zijn,” zo valt te lezen. De economie groeit zo sterk dat de transporteurs het niet vervoert krijgen. De “Banen liggen voor het oprapen” in deze sector, zo bericht het AD. Er zijn alleen niet genoeg mensen om ze op te rapen.

Ook kun je het volgende lezen of zien: “Er staan duizenden vacatures open en in de komende jaren hangt Nederland een personeelstekort van 125.000 mensen boven het hoofd.” Die vacatures en dat tekort aan personeel bedreigt onze zorgsector. Een Zeeuws ziekenhuis richt zich hierin op Vlaamse zorgmedewerkers, dit tot groot ongenoegen van de Vlamingen omdat er ook daar een tekort aan personeel is.

Of: “Er dreigt een nijpend tekort aan juffen en meesters. Daarvoor waarschuwt de PO-raad, de koepelorganisatie van het basisonderwijs en speciaal basisonderwijs. Over tien jaar is er een tekort van zo’n zevenduizend basisschoolleraren.”  En niet alleen in het primair onderwijs dreigt een tekort aan leraren: “Ook het voortgezet onderwijs kampt met een oplopend lerarentekort, maar daartegen blijkt het nieuwe kabinet niets extra’s te doen.”

Sectoren waar het personeel niet ‘aangesleept kan worden’. Hierbij kunnen we nog de horeca noemen alwaar een tekort aan koks en ander personeel dreigt, defensie dat soldaten zoekt en de overheid zelf die politieagenten en andere functionarissen zoekt. Zou het dan werkelijk nodig zijn om het ‘vestigingsklimaat’ te stimuleren?

Vergrijzen

“Dat de Amerikaanse president naar Azië is gegaan om de Amerikaanse economische problemen op te lossen, is voor Europa een teken aan de wand. Het economische potentieel is er gigantisch, in tegenstelling tot het vergrijzende ‘oude continent’.”

ouderen

Foto: vergrijzing | Marina Noordegraaf | Flickr

De eerste zinnen van een artikel van Robbert de Witt op de site van Elsevier. Daar waar in vroeger jaren Europa de belangrijkste Amerikaanse handelspartner was, is dat nu Azië en dus wordt dat continent ook als eerste bezocht als er economische ‘stront aan de knikker’ is en die ‘stront’ is er. De Amerikaanse handelstekorten met Aziatische landen zijn enorm: “En dus hamert Trump vandaag in de Vietnamese havenstad Da Nang opnieuw op de nadelige effecten hiervan voor de Verenigde Staten. Amerika, waarschuwde Trump, zal ‘chronisch handelsmisbruik’ niet langer tolereren.”

Het gaat mij er nu even niet om dat de Verenigde Staten bijna met ieder land een handelstekort hebben. Sterker nog het gaat mij helemaal niet om de economie. Het gaat mij om ‘het vergrijzende ‘oude continent’. Door op deze manier over Europa te spreken en dit af te zetten tegen Azië lijkt het alsof Azië bruisend en jong is.

Inderdaad, de bevolking van Europa vergrijst. Klik op de link en de komende links voor de bevolkingspiramide. Maar wacht eens, gaat dat niet ook op voor bijvoorbeeld Japan, een land waarvan de bevolking krimpt? En laten we eens naar China kijken, ‘vergrijst’ dat land niet in bijna hetzelfde tempo? Net als trouwens Zuid-Korea, buurland Noord-Korea en Thailand. India en Indonesië laten een ietsjes ander beeld zien, maar ook daar heeft de piramide niet echt de vorm van een piramide. Het zal economisch best bruisen in Azië, vergrijzen doet het echter ook, net als Europa.

Het economische potentieel zal in Azië best groter zijn dan in Europa, er wonen immers ook veel meer mensen en de economische ontwikkeling is in vele Aziatische landen nog minder gevorderd dan in Europa. Vele landen in Azië vergrijzen echter net zo hard en een enkel land (Japan) zelf sneller dan Europa. Voor echte jeugdige samenlevingen Moet Trump toch echt in Afrika, bijvoorbeeld Nigeria, Kameroen, Mali of Kenia of het Midden-Oosten, bijvoorbeeld Egypte, Irak en Jordanië, zijn. Bovendien is daar het economische potentieel nog groter dan in Azië omdat de economische ontwikkeling nog veel minder is dan in de meeste Aziatische landen.

Bubbels

“Nee, een kredietcrisis zoals die van tien jaar geleden zouden we nooit meer krijgen. Want we hebben ons lesje geleerd en maatregelen genomen. En toch zijn er volop signalen dat de geschiedenis zich aan het herhalen is.”

Een van de eerste zinnen van een artikel van Jochem van Staalduine in de Volkskrant.

Bubbels

Illustratie: Pixabay

Van Staalduine signaleert dat er, met name in de Verenigde Staten weer volop riskante leningen worden verstrekt. De kans bestaat dat dit jaar het ‘record’ riskante leningen uit 2007 wordt verbroken. Ook worden risico’s weer verdoezeld, de collateralized debt obligations (CDO) zijn weer terug onder een andere naam, de D is vervangen door de L van ‘loan’. Inhoudelijk is het nog steeds een onoverzichtelijke bundeling van leningen. De strenge bankenregulering in de VS wordt alweer teruggedraaid en het toezicht op de sector wordt verminderd. De huizenprijzen schieten de hoogte in waarbij vooral opvalt dat beleggers huizen kopen. Als laatste stromen er weer bakken geld naar ‘techstart-ups’ die nog niets hebben gepresteerd. Van Staalduine concludeert: “Economen zijn het erover eens dat mensen weinig geleerd hebben van het vorige falen van de economie en stellen zelfs dat dit collectieve geheugenverlies normaal is.”

Zorgelijk dat het lijkt of er weer niet wordt geleerd van het verleden. In mijn ‘bubbel’ gaat dit verhaal erin als koek, geen speld tussen te krijgen. Als ik buiten mijn ‘bubbel’ ga buurten zouden er dan heel ander verhalen mogelijk zijn? Bijvoorbeeld een ‘bubbel’ met een verhaal waarbij we tot de conclusie komen dat er juist veel is geleerd van de crisis. In dat verhaal was de crisis geen falen van de markt, maar van de overheid. Al dat toezicht en die controle is in dat verhaal overbodig, de markt zorgt immers altijd voor evenwicht en tevredenheid. Die bemoeide zich nog veel te veel met de economie. Hoge prijzen voor huizen en techstart-ups zijn geen probleem, als iemand die hoge prijs wil betalen en het risico wil lopen, laat hem dan zijn gang gaan. In dat verhaal gaat het nu weer de goede kant op. Zou deze libertaire visie niet leidend kunnen zijn in de kringen van politiek en bestuur?

Wellicht nog een andere ‘bubbel’ met een ander verhaal. Ook eentje waarbij de les goed is geleerd. De bankencrisis is immers opgelost door overheidsingrijpen. Die heeft slechte financiële producten opgekocht en zo goed geld gegeven aan investeerders. Goed geld voor slechte producten. Niets wijst erop dat overheden in een volgende crisis anders zullen handelen, dus waarom je gedrag veranderen? De les is immers: neem individueel risico het collectief draait op voor de kosten. Zou deze cynische bubbel niet leidend kunnen zijn in de financiële wereld?

Zou het kunnen dat de libertaire visie en de cynische visie dominant zijn in de kringen van de ‘powers that be’? Zou de waarschuwing van Van Staalduine indruk maken op deze twee bubbels?

Ponzifraude

Een briefje van twintig euro. Een klein papiertje met een blauwe opdruk, de ramen van een gotische kerk en op de andere kant een kaartje van Europa. Ik kan ermee naar de winkel gaan en dan kan ik er brood, pasta of een kratje bier voor kopen. In vroeger tijden werkten schelpen ook. Eigenlijk vreemd dat ik zoiets belangrijks als eten of drinken krijg voor iets zo onbelangrijks als dat gekleurde snippertje papier. Maar omdat iedereen erin gelooft kan het.

Dat is de kracht van geld. Geld maakt het economische verkeer makkelijk. Ik hoef nu niet iedere keer meer om te rekenen hoeveel ‘advies’ ik moet geven voor een brood. En als de bakker geen advies nodig heeft en ik wel brood, dan hoef ik niet op zoek naar iemand die wel behoefte heeft aan ‘advies’ en die iets heeft wat de bakker wel wil zodat we een ruilketen kunnen maken.

geld

Illustratie: Public Domain Pictures

De afgelopen jaren schijnt er een nieuwe vorm van geld bij te zijn gekomen, de bitcoin: “… revolutionair, decentraal, neutraal en vrijwillig. Om het simpel te stellen: bitcoins zijn digitaal geld en je kan ze dus gebruiken net zoals je dat met Euro’s of Dollars zou doen. Je kan er goederen mee kopen, ze onderling uitwisselen, ze ontvangen in ruil voor een dienst, ermee speculeren of ze weer omruilen voor bijvoorbeeld Euro’s. En dat zijn nog maar een paar van de bijna ontelbare toepassingen.” Die nieuwe munt is een wonder der technologie en bestaat alleen maar virtueel, dus bij een grote langdurige stroomstoring kan er niet meer worden betaald. Dan wordt het bij de andere munten ook lastig omdat het grootste deel van de ‘handel’ ook virtueel wordt betaald, maar die bieden dan het reële alternatief van briefjes en munten.

Wat ik het meest bijzondere aan deze ‘nieuwe munt’ vind, is dat er reclame voor moet worden gemaakt. Zo las ik in de Volkskrant dat beroemde Amerikanen en ‘beroemde’ Nederlanders er reclame voor maken. ‘Beroemde’ tussen aanhalingstekens omdat ik nog nooit heb gehoord van Joel Beukers en Nipsey Hussle. Is er niet iets goed mis met geld waarvoor ‘reclame’ moet worden gemaakt? Als geld wordt vertrouwd, is reclame immers niet nodig, dan accepteert iedereen het als vanzelf.

Nu is er met die bitcoin en andere ‘virtuele munten’ want er zijn er meer, iets bijzonders aan de hand. Die munt is het afgelopen halfjaar ongeveer vijfduizend euro in waarde gestegen en meer dan vijf keer zo veel waard geworden. Sinds zijn uitvinding in augustus 2010 is hij 12.681.660% in waarde gestegen. Dat is mooi voor degene die de eerste bitcoin in omloop bracht. Stel hij bracht er honderd in omloop en gaf er tien niet uit, dan heeft hij met die tien die hij in bezit heeft gehouden een kapitaal vergaard van meer dan 126 miljoen euro.

Iets wat allemaal is betaald door de latere instappers. Lijkt dat niet verdacht veel op een Ponzifraude of een piramidespel? Dat kan de reclame verklaren. Er is immers nieuwe inleg in euro’s, dollars en andere echte valuta nodig om de oude investeerder uit te betalen in die euro’s, dollars en andere echte valuta.

Lenen, lenen, lenen, betalen, betalen, betalen

Wil je weten wat het nieuwe kabinet eraan gaat doen, lees dan pagina 27 van het regeerakkoord. Niet voldoende vinden de opstellers van het manifest voor meer actie tegen de schuldenproblematiek dat je via De Correspondent kunt ondertekenen.

“Uit het regeerakkoord spreekt goede wil, maar het moet beter en het kan beter. Daarom doet Schuldvrij! vijf aanbevelingen aan de landelijke politiek,”

zo schrijven ze. De vijf aanbevelingen zijn: stop met het beboeten van schulden, stop de wanpraktijken van incassobureaus, heroverweeg de marktwerking voor deurwaarders, zorg voor samenhang binnen de overheid en bied meer mensen een perspectief op een schuldenvrij bestaan (een schone lei). Goede aanbevelingen want met recht constateren de opstellers van het manifest dat het regeerakkoord tekortschiet.

schulden

Illustratie: https://pixabay.com

Goed zo’n manifest dat oproept tot verdergaande actie tegen de schuldenproblematiek van mensen. Is het niet jammer dat zowel de regerende partijen als de opstellers van het manifest niet verder komen dan ‘curatieve maatregelen’, maatregelen die je helpen als het fout is gegaan? Dus maatregelen gericht op het redden van dat wat er nog te redden valt. Zou er niet veel meer op ‘preventieve maatregelen’, maatregelen gericht op het voorkomen van schulden?

Zo blijft het nieuwe kabinet vasthouden aan de studielening. Hierdoor starten jongeren hun leven al met een schuld. Zou hier niet iets aan moeten gebeuren? Zo kun je nog steeds bij diverse postorderbedrijven producten kopen op afbetaling, tegen een hoge rente. Zou dit niet een stuk moeilijker moeten worden?

Het aangaan van een lening is een tweezijdige daad van de lener en degene die de lening verstrekt. Zou de verantwoordelijkheid van de verstrekker niet moeten worden vergroot? Zou hij zich er niet van moeten vergewissen dat de lener ook de mogelijkheid heeft om de schuld terug te betalen? En zou zijn aanspraak op terugbetaling niet moeten worden verminderd als hij zich onvoldoende van deze taak kwijt?

Nog een stapje verder. Zouden we onze schulden gedreven economie niet grondig moeten herzien? Van een economie die draait op: ‘Lenen, lenen, lenen, betalen, betalen, betalen,’ zoals Youp van ’t Hek het al in de jaren tachtig van de vorige eeuw treffend omschreef. Zou dat een manifest waard zijn? Zou dat een volgend regeerakkoord kunnen halen?

 

 

Alles van waarde …

Deze week las ik een stuk van een blogger. Deze blogger schreef over haar ervaringen als taaldocent voor nieuwkomers. Zij lijkt haar hart te hebben verpand aan deze groep mensen en wil iets voor ze doen. Eén klein probleem:

“Als ik het internet afstruin op zoek naar werk met vluchtelingen, worden buiten de betaalde docenten haast alleen vrijwilligers gevraagd. Zelfs voor banen met een HBO werk- en denkniveau. Dus dan zou ik als hoog opgeleide niets verdienen met een baan als maatschappelijk begeleider of coördinator taalcoach. Belachelijk!”

Hier moest ik aan denken toen ik las over een ‘geweldig’ plan van het aanstaande kabinet.

Lucebert

Foto: Wikimedia Commons

Welk plan? Nou, dat jeugdigen maatschappelijke dienst kunnen gaan vervullen. “Jongeren die vrijwillig een ‘maatschappelijke diensttijd’ doorlopen, krijgen een certificaat dat voorrang biedt bij sollicitaties bij de overheid,” zo valt te lezen in Dagblad de Limburger en diverse andere media. Geweldig plan? Als je aanhanger van de beide christelijke partijen bent dan zul je het wellicht geweldig vinden en jammer dat het geen plicht is. Hoe zou het bij een plicht trouwens moeten werken met die voorrang bij sollicitaties? Dan zou immers iedere jeugdige zo’n certificaat hebben. In hun zoektocht naar werk zijn veel jongeren al als vrijwilliger actief via onbetaalde werkervaringsplaatsen, stages waar afgestudeerden echt werk verrichten zonder betaling om werkervaring op kunnen doen. Zou dat ook meetellen?

Ik moest aan het artikel van de blogger denken omdat bij de maatschappelijke dienst wordt gedacht aan: “werken in de zorg, met vluchtelingen of in wijkcentra.” Nee, het is niet de bedoeling dat de werkzaamheden die met deze dienst worden vervuld, gaan concurreren met betaald werk. Als je het mensen vraagt dan zullen velen dit werk belangrijk en waardevol vinden. Belangrijk en waardevol, maar als samenleving besteden we er geen geld aan. Dat moet allemaal vrijwillig, want geld mag het niet kosten.

…is het niet vreemd dat alles van waarde niets mag kosten en dat er belachelijke bedragen worden betaald voor eigenlijk waardeloze zaken zoals een mobieltje.” Zo reageerde ik op het artikel van de blogger. Het nieuwe kabinet kiest voor het mobieltje, niet voor het waardevolle.