Uitgelicht

Moral high ground

“Either you are with us or you are with the terrorists.” Die keuze legde president George Bush de jongere op 20 september 2001 voor aan de naties van de wereld. Een simpele en eenvoudige keuze, zo op het eerste gezicht want wie wil er nu bij ‘de terroristen’ horen? Ik in ieder geval niet. Toch was die keuze niet zo eenvoudig want ondanks de tragedie van negen dagen eerder, was ook een keuze voor de ‘us’ van Bush allerminst voor de hand liggend. Dit omdat niet duidelijk was wat ‘with us’ zijn precies inhield. Ik moest hieraan denken bij enkele berichten die ik recentelijk voorbij zag komen.

Calvin and Hobbes | taking the moral high ground | J Mark Dodds | Flickr
Bron: Flickr

Zo kwam het bijgevoegde bericht via mijn tijdlijn op LinkedIn voorbij: “Mijn naam is Wesley en vanaf 25 september zijn ik en mijn kinderen niet meer welkom in horeca, de culturele sector, bij evenementen en een bezoek aan professionele sportwedstrijden. En dit allemaal omdat ik weiger mee te doen aan deze QR maatschappij. Gelukkig heb ik al deze dingen niet nodig om gelukkig te zijn maar ik wil mijn kids ook nog zoveel meegeven. Wat een verschrikkelijke tijd leven we in en bizar dat dit demissionair kabinet dit soort beslissingen tegen alle soorten protest in doorvoert. Ik accepteer dit niet en ik ben benieuwd wie in mijn netwerk dit normaal vindt. Die wil ik vragen mij als connectie te verwijderen. Ik bouw graag een netwerk waar verbinding een rol speelt en waar we met respect met elkaar om gaan. Liefdevol. Dus nogmaals, zie je mij en mijn kinderen liever buiten staan omdat ik moet meedoen, het mijn eigen schuld is óf omdat ik jou kan besmetten? Ik neem graag afscheid van je. Het liefst per direct. Wil je samen met mij iets gaan bouwen om elkaar te motiveren en te inspireren en elkaar te respecteren dan hoor ik graag van je. Dat doe ik met alle respect en alle liefde (1).” Dit vergezeld van een foto van Wesley met zijn kinderen.

Nee, de maatregelen zijn niet ‘normaal’, daar ben ik het meteen mee eens en ik denk dat dit voor bijna iedereen geldt. Het is ‘niet normaal’ dat je een vaccinatiebewijs moet tonen om een voetbalwedstrijd te bezoeken. Ondanks dat ik het ‘niet normaal’ vind, doe ik het toch. Afgelopen vrijdag nog, toen ik de wedstrijd tussen VVV en FC Den Bosch bezocht. De omstandigheden zijn echter ‘niet normaal’ en zoals de Engelsen zeggen ‘desperate times call for desperate measures’. Om een ontwrichting van onze samenleving door Covid-19 te voorkomen moet er wat gebeuren. Wat daarbij precies de juiste maatregelen zijn, daar kun je over discussiëren. Om ze te nemen moet er uiteindelijk een besluit worden genomen door het daartoe bevoegde orgaan en dat is de regering. De status van die regering, missionair of demissionair, doet daarbij niet ter zake.

Een van die maatregelen is dat bezoekers van professionele sportwedstrijden, theaters enzovoorts een vaccinatiebewijs of een recent negatief testresultaat moeten overleggen voordat ze binnen mogen. Een maatregel om de maatschappelijke ontwrichting door het vastlopen van onze ziekenhuizen te voorkomen. Die maatregel biedt iedereen de mogelijkheid om het voetbalstadion, theater, de horeca of een evenement te bezoeken. Iedereen heeft die gelegenheid en niemand wordt ervan uitgesloten. Wesley en zijn kinderen zijn van harte welkom alleen wil hij niet aan de voorwaarden voldoen. Dat is zijn eigen keuze en zoals de Engelsen het zo mooi zeggen ‘actions have consequences’. De reden dat hij niet meer naar de horeca, het theater of voetbalstadion kan, is het gevolg van zijn eigen keuze. Dus nee, ik zie hem en zijn kinderen niet graag ‘buiten staan’. Hij besluit echter zelf om ‘buiten’ te blijven staan. Om dan degenen die ‘binnen zitten’ min of meer de schuld te geven van zijn ‘buiten staan’ is vreemd. Maar dat is nog tot daaraantoe.

Het wordt bijzonder als Wesley aangeeft te willen bouwen aan een netwerk van respect en verbinding. Daarmee lijkt hij te suggereren dat mensen die het anders zien dan hij, niet werken aan een netwerk van respect en verbinding, dat ze respectloos en verdelend zijn. Hij lijkt, om de Engelse term te gebruiken: ‘the moral high ground’ te claimen voor zijn positie. De ene positie is moreel echter niet beter of slechter dan de andere, ze is alleen anders. Hij zegt in navolging van Bush: als je voor mij bent, dan behoor je tot de goeden en werk je vanuit ‘respect en verbinding’, ben je het niet met mij eens dan ben je respectloos en verdelend. In feite zegt hij met veel worden hetzelfde als Hans Christiaanse die de volgende twee zinnen in een LinkedIn-post boven een filmpje van de demonstratie van 5 september jongstleden plaatste waarover ook mijn vorige Prikker handelde: “Gevaccineerd of niet: sluit je aan! Of sluit je liever mensen uit?”  

In een reactie onder zijn post gaf Wesley aan dat hij zijn zorgen uit met deze post. Dat doe ik ook. Daarom schrijf ik Prikkers. Dergelijke reacties baren mij om twee redenen zorgen. Als eerste omdat ze verdelen: je bent voor ons of tegen ons! Het hebben van een andere opvatting is reden om je uit te sluiten van de groep, dan hoor je er niet meer bij. Als we tweedeling willen voorkomen dan moeten we ons onthouden van dergelijke redeneringen en uitspraken. Als tweede maak ik me zorgen omdat je van mening kunt verschillen of de genomen maatregelen de juiste zijn. We hebben in dit land echter afgesproken op welke manier we maatregelen nemen en wie het uiteindelijke besluit voor ons allemaal neemt. Als deze maatregelen conform die afspraken tot stand zijn gekomen, dan hebben we het ermee te doen. Omdat ik dat systeem hooglijk waardeer, accepteer ik ook maatregelen waarmee ik het niet eens ben. Dat systeem vind ik belangrijker dan welke coronamaatregel dan ook. Immers de nemers van die maatregelen kunnen we bij volgende verkiezingen daarop afrekenen. Dit systeem afbreken is geen kunst en heel snel gedaan, zo’n systeem of iets beters opbouwen niet. Het heeft eeuwen gekost om tot dit systeem te komen. Dergelijke uitspraken ondermijnen dit systeem en dat baart mij meer zorgen dan welke coronamaatregel dan ook.

(1) Ik ben benieuwd of de link bij jullie werkt. Een paar uur na het schrijven van deze Prikker liep de link dood en kon ik het bericht niet meer vinden.

‘Hij zij mevreer tegen mij’

‘Misgenderen’. Ik had er nog nooit van gehoord. Nu komt dat wel vaker voor. Ik wist ook niet dat ik ‘cis’ was en toch schijn ik het te zijn. Je wordt, zo lees ik bij OneWorld ‘gemisgenderd’: “als je aangesproken wordt met het verkeerde persoonlijk voornaamwoord.” Dat overkomt mij ook weleens omdat ik, anders dan veel van mijn sexe- en leeftijdsgenoten, nog een flinke bos haren heb, dan word ik weleens als ‘mevrouw’ aangesproken. Als die persoon zich bewust wordt van het feit dat hij, om dat voor mij nieuwe woord te gebruiken, ‘misgendert’ dan zorgt dat voor ongemak bij die persoon. Tot zover geen probleem. Een nieuw woord geleerd. Maar … .

Bron: Wikipedia

Het wordt een probleem als ik lees: “Dit kan bij trans personen veel pijn en trauma veroorzaken ‘omdat mensen weigeren je te zien zoals jij gezien wilt worden’.” Het wordt nog een groter probleem als ik een zin verder lees dat: “Anderen corrigeren als ze de mist in gaan is volgens Nudwanje ook belangrijk omdat het hun de kans geeft om te groeien, te leren en respectvollere mensen te worden.”  Het wordt nog vreemder als je bij dat corrigeren: “altijd (moet) letten op je eigen veiligheid en die van anderen. Is een trans vriend die gemisgenderd wordt in deze groep bijvoorbeeld al ‘uit de kast’, of nog niet? Een belangrijke regel daarbij is: ‘Je wilt iemand, die zelf nog niet voor hun identiteit uitkomt, niet outen.’” Dit gaat wel erg ver.

Laten we er eens naar kijken met het klassieke ‘zender-ontvanger communicatiemodel’ in het achterhoofd. De boodschap begint bij een ‘zender’ die iets wil overbrengen. In dit geval de trans persoon. Die wil zijn ‘genderkeuze’ overbrengen. Of soms ook niet, want als die nog ‘in de kast’ zit, ligt het weer anders. De boodschap van de zender kan bij de ontvanger anders aankomen dan bedoeld. Dan is er sprake van ruis. Ruis kan worden veroorzaakt door de zender, omdat de zender geen heldere boodschap formuleert of niet goed codeert? Het kan aan de ontvanger liggen, die mist signalen van de boodschap of begrijpt de boodschap niet. Zeker als de ‘trans persoon’ nog ‘in de kast zit’ zou het zomaar eens kunnen zijn dat die persoon de boodschap niet duidelijk codeert. Maar ook als de persoon ‘uit de kast’ is, kunnen er misverstanden ontstaan. Hoe kan de ontvanger weten dat er sprake is van een ‘kast’ en of die persoon er al dan niet ‘in zit’ en vervolgens van welke ‘kast’? Weigert’ de persoon die mij met ‘mevrouw’ aanspreekt mij te zien zoals ik gezien wil worden?

Laten we als voorbeeld een ober in een restaurant nemen. Die ziet een persoon met nog een andere persoon binnen komen en schat in: man en vrouw. Wat hij niet weet en niet kan zien is dat de man zich vrouw voelt. De ober spreekt hen aan met dag mevrouw en dag meneer. De ober ziet een van beiden niet zoals die persoon zelf gezien wil worden. Ter verduidelijking. Enkele jaren geleden won Oostenrijk het Eurovisie songfestival. Namens dat land nam Conchita Wurst deel. Conchita stond met een volle baard op het podium. Baarden zijn een signaal voor mannelijkheid. Wurst droeg een jurk. Die jurk zond ‘vrouw’ uit. Stel zo’n persoon loopt je restaurant binnen en als ober wil je de gast beleefd en respectvol welkom heten, wat zeg je dan? Stel je zegt ‘meneer’ en het is een ‘mevrouw’ wie veroorzaakt dan de ruis in de communicatie? Je kunt het proberen op te lossen door te vragen ‘moet ik u meneer of mevrouw noemen’? Maar als het ‘verkeerd’ aanspreken al wordt gezien als iemand ‘weigeren te zien zoals die gezien wil worden’, geldt dat dan niet ook voor het stellen van die vraag? Natuurlijk kun je het proberen met ‘goede middag ‘Mevreer’. 

Dat het voor een trans persoon lastig is of kan zijn, dat kan ik heel goed beredeneren. Maar om de pijn die je voelt, een eventuele trauma dat je oploopt te verwijten aan iemand die je per ongeluk verkeerd aanspreekt en deze persoon vervolgens niet respectvol te noemen dat gaat mij echter veel te ver.

Black Hawk down

“De man heeft een totaal op hol geslagen moreel kompas.” Dit schrijft Tim Engelbart bij De Dagelijkse Standaard. De man met dat ‘op hol geslagen morele kompas’ is oud-commandant der strijdkrachten Peter van Uhm, de zoals Engelbart hem noemt, “geflipte generaal”. Engelbart reageer op het optreden van Van Uhm bij De Wereld Draait Door. 

Highway of Death Mogadishu. Bron: Wikipedia

Wat had Van Uhm dan gedaan? Van Uhm zei: “Wij hoeven ons niet te laten gaan zoals IS dat doet met de publicaties. Dus stel je nou gewoon een beetje sober op en ook al heb je geen respect voor wat IS en IS aanhangers doen, kun je nog steeds met respect met de doden omgaan.” Dat was tegen het zere been van Engelbart: “Een massamoordenaar. Een genocidepleger. Een verkrachter. Een slavendrijver. Een mensenhandelaar. Een oorlogsmisdadiger. Te weinig respect. Tijd om even tegen je voorhoofd te tikken, ja.”  Waarschijnlijk zal Van Uhm de kwalificaties die Engelbart aan de dode IS-leider toedicht onderschrijven. Van Uhms pleidooi richt zich op het respectvol omgaan met de doden. 

Ik moest denken aan een gebeurtenis uit de jaren negentig van de vorige eeuw in Mogadishu, de hoofdstad van Somalië. Deze gebeurtenis is verfilmd in de film Black Hawk Down. Een Amerikaanse missie om twee hooggeplaatste Somalische spionnen te ontvoeren, liep uit op een fiasco met vele doden. De meeste aan de kant van de Somalische krijgsheer Aidid, het eigenlijke doelwit van de actie. Beelden van dode Amerikaanse soldaten die door de stad werden gesleept, leiden er uiteindelijk toe dat de Amerikanen zich terugtrekken uit Somalië. De Amerikanen waren er een jaar eerder, in 1992, met veel bombarie geland. Bij die landing troffen ze vooral cameraploegen die de landing kwamen filmen. Het voor ‘propagandadoelen’ slepen met de gedode Amerikaanse soldaten werd van alle kanten terecht veroordeeld. Zo zonder respect ging je niet met doden om. 

Ook moest ik denken aan een van de eerste Prikkers die ik schreef. Dat was vlak na aanslag op de Bataclan en het Stade de France in Parijs in 2015. Een Prikker met als titel Ontmenselijking. In die Prikker vroeg ik me af of het verstandig is om mensen te ontmenselijken. Dat vroeg ik me af nadat premier Rutte sprak over ‘idiote barbaren en griezels’ die de aanslagen hadden gepleegd. En de toenmalige Britse premier Cameron die terrorist Jihad John een ‘menselijk dier’ noemde. Ik vroeg me af of: “we zo mensen buiten de gemeenschap van mensen plaatsten? Vernietigen we zo niet alle bruggen? Bruggen die een mogelijkheid bieden voor de ‘IS-aanhangers om terug te keren op hun schreden? Bruggen die ons de mogelijkheid bieden om IS-aanhangers te beïnvloeden?” Nu wil ik daar nog een vraag aan toevoegen. Blijkt beschaving niet juist, zoals Van Uhm betoogt, uit de manier waarop je omgaat met mensen die haar niet delen?

Beste minister Slob,

Wat vindt u van het voorstel, zowel van de voorgestelde wettekst als de memorie van toelichting?” Die vraagt stelt de overheid, minister Slob van Onderwijs aan ons op de internetpagina waarop wij, inwoners van dit land, kunnen reageren op het wetsvoorstel verduidelijking burgerschapsopdracht in het funderend onderwijs. Beste minister Slob, van die gelegenheid maak ik graag gebruik. 

Internetconsultatie

Beste minister Slob, ik heb het wetsvoorstel en de toelichting erop met belangstelling gelezen. “Met dit wetsvoorstel is het voor scholen duidelijker waar burgerschapsonderwijs in ieder geval over moet gaan. Leerlingen krijgen hierdoor beter burgerschapsonderwijs en verwerven meer kennis en vaardigheden op dit gebied. Scholen hebben buiten deze kern de ruimte voor eigen invulling van het burgerschapsonderwijs.” Dat is het doel wat u met het wetsvoorstel wilt bereiken. Bijzonder omdat ik in de veronderstelling was dat het doel van het onderwijs altijd altijd al was om samen met ouders en andere opvoeders de kinderen voor te bereiden op het zelfstandig functioneren in de Nederlandse samenleving? Als dat het doel van het onderwijs is, is het dan niet vreemd dat er een apart vak ‘burgerschap’ zou moeten zijn? 

In de artikelen lees ik dat het gaat om “het bijbrengen van respect voor en kennis van de basiswaarden van de democratische rechtsstaat,” Hoe moet dat, respect bijbrengen. Voor mij is respect iets wat je een andere persoon geeft, het is een vrijwillige daad. Past een dergelijke formulering niet veel meer bij een dictator, potentaat en wellicht zelfs de huidige Amerikaanse president? Die eisen dat ze worden gerespecteerd, die willen respect afdwingen en dat kan leiden tot veel, maar leidt zelden tot respect. 

Dan een slagje dieper. Gelooft u in de kracht van basiswaarden van onze democratische samenleving? Ik stel u die vraag omdat als u werkelijk gelooft in de kracht van deze waarden, ‘respect afdwingen’ niet nodig is, dan krijgen ze respect. Om de Amerikaanse onafhankelijkheidsverklaring te citeren: “ We hold these truths to be self evident.” Deze tekst straalt weinig vertrouwen in die basiswaarden uit

Als laatste, als het actieve burgerschap en die sociale cohesie waar u in de toelichting over spreekt werkelijk een probleem zijn, is er dan niet wat anders nodig? Is er dan niet beleid op andere terreinen nodig. Beleid dat erkent dat de ‘onafhankelijkheid’ van het individu veel te ver is doorgeschoten? Beleid dat erkent dat een individu zonder een groep niets is. Beleid dat ‘werk, werk en nog eens werk’ wat minder belangrijk maakt en dat werk ziet als een middel tot een doel en niet als een doel op zich. Als cohesie het doel is dan is het ‘staand zingen van het Wilhelmus’, het kunnen ‘uitleggen waar dat lied over gaat’ en ‘een bezoek aan het Rijksmuseum’ gepruts en gerommel in de marge. Zonde van de tijd en het geld.