De tragedie en de klucht

  “De Taliban hebben vanmiddag een akkoord gesloten met de Verenigde Staten over het terugtrekken van troepen uit Afghanistan. Daarmee komt het eind aan de langste militaire interventie in de Amerikaanse geschiedenis in zicht.” Zo is te lezen op nos.nl. Goed nieuws voor de Afghanen. Alhoewel, als ik lees dat: “Na dit vredesakkoord (…) de Taliban met de Afghaanse regering onderhandelen over hoe nu verder, maar daar trekt de VS de handen van af,” dan zou ik me als Afghaan en zeker als lid van die Afghaanse regering toch nog eens achter de oren krabben. 

Met als aanleiding het door de Amerikaans legertop over het optreden in Afghanistan opgestelde rapport  Lessons Learned, schreef ik een tijdje geleden een Prikker. In die Prikker vergeleek ik de Amerikaanse  bemoeienis in Afghanistan met die van de Britten en de Sovjets eerder, maar ook met de het Amerikaans wedervaren in Vietnam. Dit aan de hand van wat Max Hastings hierover schrijft in zijn boek Vietnam, een tragedie 1945-1975. Het beeld dat uit die vergelijking naar voren kwam, was dat in Afghanistan dezelfde fouten waren gemaakt als in Vietnam. Dat het ‘lerend vermogen’ redelijk beperkt is. 

Net zoals in Afghanistan, waren de Amerikanen de oorlog in Vietnam al lange tijd moe. Enige probleem was, net zoals nu in Afghanistan, het ‘beëindigen’ ervan met ‘opgeheven hoofd’. Of beter gezegd, hoe je ‘verlies’ te verkopen als een ‘soort van overwinning.’ Als ik nu lees hoe dat in Afghanistan gebeurt, dan kan ik een gevoel van déja vu niet onderdrukken. Ook in Vietnam sloten de VS een overeenkomst met de ‘vijand’, de Noord-Vietnamese communisten. De derde partij, de Zuid-Vietnamese regering, of wat daarvoor door moest gaan, zat niet aan tafel. Die kreeg de ‘vredesakkoorden van Parijs’ door de strot geduwd en moest het daarna maar zelf uitzoeken met de communisten uit het Noorden.

“De Verenigde Staten erkennen de huidige regering van de Republiek Vietnam (Zuid Vietnam) nog altijd als enige rechtmatige regering van Zuid-Vietnam. Binnen de voorwaarden van het akkoord zullen we hulp blijven verlenen aan Zuid-Vietnam en het Zuid-Vietnamese volk ondersteunen bij zijn pogingen voor het vinden van een vreedzame oplossing voor zijn problemen.” Deze woorden sprak president Nixon uit op 23 januari 1973 in een toespraak tot het Amerikaanse volk.  Zo is te lezen in Hastings boek op pagina 703.

Waar die hulp uit zou bestaan, is iets verderop op de bladzijde te lezen als zijn veiligheidsadviseur Kissinger zijn angst uitspreekt dat het communistische Noord-Vietnam al binnen het half jaar het Zuiden zal binnen vallen. Nixon zegt dan iets later tegen zijn stafchef Ben Haldeman: “Weet je Henry heeft helemaal gelijk. We moeten er voorlopig alles aan doen om ervoor te zorgen dat (de Parijse vredesakkoorden) voorlopig overeind blijven. Als we eenmaal een paar jaar verder zijn, zal het iedereen een rotzorg zijn wat er met dat verrekte Vietnam gebeurt.” Alleen liep het zo niet. De gevechten gingen vrijwel onmiddellijk door. De enige steun die Zuid-Vietnam kreeg was in de vorm van wapens en munitie. Alleen werd het bedrag dat de Amerikanen daaraan besteedden al in augustus 1973 teruggebracht van $1 miljard naar $ 700 miljoen. Dat in tijden van stevige inflatie.

‘l’Histoire se répète’, zeggen de Fransen de filosoof Georg Wilhelm Friedrich Hegel na. Karl Marx vulde Hegel aan met de woorden: eerst als tragedie en daarna als klucht’. Of zou Afghanistan de welbekende ‘uitzondering op de regel’ worden? 

Historische bijziendheid

Het einde van een jaar is voor veel ‘meningenmensen’ een moment om terug of vooruit te blikken. Nu eindigt er een decennium en is die verleiding nog groter. Eigenlijk loopt er geen decennium af, dat gebeurt pas aan het einde van 2020. We begonnen immers te tellen bij het jaar één en dan eindigt een decennium met een jaar met een nul aan het einde. Dit even terzijde. Bij Elsevier maakt columnist Afshin Ellian ook van de gelegenheid gebruik. Hij blikt terug op de eerste twee decennia van deze eeuw. Een terugblik met een bijzondere kijk op de geschiedenis. 

Bron: Wikipedia

“Het eerste decennium van deze eeuw verliep gewelddadig. Het terroristische geweld werd naar het westen gebracht.” Inderdaad was het eerste decennium niet vrij van geweld. Als we de geschiedenis van de mensheid bekijken, dan was er waarschijnlijk nog geen enkel decennium dat geweldloos verliep. Of het eerste decennium van de 21ste eeuw gewelddadiger was dan andere, daar valt het nodige over te zeggen. Daar kom ik later op terug. Nu eerst de tweede zin, het terroristische geweld dat naar het Westen werd gebracht. Bijzonder omdat terrorisme, zoals ik een Prikker van bijna een jaar geleden al schreef, de naam ontleent aan een periode uit Franse revolutie. Een periode met de naam la Terreur. In die Prikker beschreef ik de bijzondere omkering van het begrip terreur en terrorisme.  Van de staat als dader naar de staat als slachtoffer.

Sindsdien heeft terreur en terrorisme Europa en het Westen nooit verlaten. Zo vreest men dat het terroristische geweld  in Noord-Ierland na de Brexit weer hervat kan worden. Dat de tijden van The Troubles weer terugkeren.  In Spanje ligt het terrorisme van de ETA nog vers in het geheugen. Net als de RAF in Duitsland de Rode Brigades in Italië. Vanuit het Westen vond het terrorisme zijn weg naar de rest van de wereld. Al zal er ook in de rest van de wereld, net als in het Westen, wel terrorisme avant la Lettre zijn geweest. In eerste instantie vooral als verzet tegen de koloniale overheersing door het Westen. De strijders voor onafhankelijkheid kregen het stempel ‘terrorist’ opgeplakt. De neiging om iedereen die tegen het leiderschap van een land is ‘terrorist’ te noemen, bestaat nog steeds. Onder andere Erdogan, Poetin en Xi Jinping maken er nog graag gebruik van. 

Nee ‘terroristisch geweld’ werd niet naar het Westen gebracht. Wat er wel gebeurde is dat door fundamentalistische islamitische stromingen geïnspireerde ‘fanatici’ als een soort moderne ‘Zeloten’ geweld gingen gebruiken in hun strijd tegen ‘ongelovigen’ en om een islamitisch Kalifaat te stichtingen. Voor degenen die nog nooit van Zeloten hebben gehoord. Zeloot betekent ‘ijveraar’ en zo noemde zich een groep joden die geen ander gezag dan het goddelijke erkenden. De Zeloten verzetten zich met alle middelen tegen de Romeinse overheersing. Wat dat betreft staan de islamitische fanatici in een lange traditie.

Ellian vervolgt: “De aanslagen van 9/11 en wat daarop volgde, leidde tot twee grote oorlogen: Afghanistan en Irak. In beide landen is het niet gelukt om vrede en veiligheid te brengen.” Deze woorden suggereren dat de invallen in de beide landen tot doel hadden om vrede en veiligheid te brengen. Als dit de bedoeling was, dan zou je kunnen concluderen dat het gebruikte middel, de oorlog, de situatie zelfs flink heeft verslechterd. Nee, die oorlogen hadden geheel andere doelen. Doelen die heel weinig te maken hadden met vrede en veiligheid voor de Afghanen en Irakezen. In Afghanistan draaide het om Bin Laden. Die moest en zou koste wat het kost worden gepakt. De aanslagen van 11 september moesten worden vergolden en de Taliban liepen daarbij ‘in de weg’. Over wat er daarna zou moeten gebeuren, werd helemaal niet nagedacht. Dat gebeurde ook niet in het geval Irak. Daar moest Saddam weg. De jonge Bush wilde afmaken wat zijn vader had laten liggen. Omdat er geen aanleiding voor was, werd die gecreëerd. Hiervoor werd een verhaal ondersteund met vage beelden gefabuleerd dat wereld en vooral de Amerikaans bevolking moet overtuigen. Nee, nadenken over ‘na de oorlog’ gebeurde niet. De Amerikaanse troepen zouden immers makkelijk zegevieren en daarna zou als vanzelf een ‘liberale democratie’ uitbreken. Tenminste volgens het absurde neoconservatieve geloof van de regering Bush.

Bron: WikimediaCommons

Ellian gaat verder: “Wat niemand in het eerste decennium van deze eeuw voor mogelijk hield, dreigt nu werkelijkheid te worden: de rechtstreekse onderhandelingen tussen de politieke islam (Taliban) en het Westen. Wellicht komt er binnenkort nog een sharia-regime bij, wanneer Afghanistan met de instemming van het Westen aan terreurbeweging Taliban wordt overgedragen.” Nu waren de Taliban al eens aan de macht. Namelijk voordat de Amerikanen binnenvielen. Al vanaf 1996 regeerden ze in Afghanistan op een klein gebied in het Noorden van het land na. De Taliban maakten een einde aan de oorlogen die woedde tussen verschillende stammen die sinds het vertrek van Sovjets in 1989. Het streng islamitische karakter van de Taliban was ook toen al wijd en zijd bekend. Nee, de machtsovername door de Taliban in 1996 was hooguit goed voor een klein berichtje op pagina zes van die krant. Het Westen, de Verenigde Staten voorop, stemde niet expliciet in maar deed er ook niets aan om te voorkomen dat de Taliban aan de macht kwamen. Zelfs niet toen ze in maart 2001 de twee grote in steen uitgehouwen Boeddhabeelden van Bamyan vernietigden. De Verenigde Staten hadden na het vertrek van de Sovjets haar belangstelling voor het land verloren. Nee, het Westen had het  land allang ‘overgelaten aan terreurbeweging Taliban’. Wellicht was het in 2001 verstandiger geweest om te onderhandelen over de uitlevering van Bin Laden. Toen, in dat onderhandelingsproces, had het ‘Westen’ misschien nog iets voor de Afghanen kunnen betekenen. Nu staan de Taliban sterk in de onderhandelingen omdat het Westen niet de tijd, het geld en de wil heeft om er iets van te maken. Er wordt onderhandeld om van ‘het probleem’ af te komen.

Iets verderop in zijn betoog schrijft Ellian: “Het tweede decennium werd een bloedbad: de opkomst en bloei van Islamitische Staat (IS), de reorganisatie van Al-Qa’ida en aanverwante groepen liet ook een spoor van dood en verderf achter op straten van Europa: Parijs, Nice, Berlijn, Londen enzovoort. Wat een bloedbad, wat een slachting!” En daarmee kom ik terug op de ‘gewelddadigheid’ van decennia. Inderdaad dood en verderf in Europese steden. Als we het tweede decennium van vorige, de twintigste, eeuw nemen, dan zien we pas echt een bloedbad. Dat was het decennium van de zinloze slachtingen van de Eerste Wereldoorlog. Een oorlog waarvan al met Kerst in 1914 duidelijk was dat geen van de partijen hem op het slagveld zou kunnen winnen. Dat weerhield de betrokken landen echter niet om er nog drie jaar en miljoenen doden aan vast te plakken waardoor het aantal doden op zo’n 17 miljoen uitkwam. Qua bloedbad waren er echter nog ergere decennia in diezelfde eeuw. Neem het vierde decennium, de jaren dertig van de vorige eeuw. Het decennium van de tweede Japans-Chinese oorlog met tussen de 20 en 30 miljoen doden. Die vallen weer in het niet bij de 75 miljoen doden die een decennium later, tijdens de Tweede Wereldoorlog, vielen. Daarna werd het wat vreedzamer, maar toch nog steeds minstens zo bloedig als het nu aflopende decennium. Bij de oorlogen in de twintigste eeuw vallen oorlogen in Afghanistan en Irak in het niet.

De slag bij Borodino. Bron: Wikipedia

De twintigste eeuw stond daarin trouwens niet alleen. In de negentiende eeuw was het niet veel minder wreed en bloedig. Neem bijvoorbeeld het tweede decennium van die eeuw. Napoleon trok toen moest zijn Grande Armée door Europa en probeer Rusland te verslaan. In die eeuw vielen in China ook zo’n 12 miljoen slachtoffers in de Dungan Opstand en nog eens 20 miljoen in de Taiping Rebellie. In de jaren zestig van die eeuw werd de Amerikaanse burgeroorlog uitgevochten en in die gehele eeuw werden de Noord-Amerikaanse indianenvolken bijna uitgeroeid. Hierbij moeten we ons realiseren dat er in die tijd veel minder mensen op de aarde rondliepen.

Zo kunnen we doorgaan en verder de geschiedenis van de mensheid induiken. Dan kunnen we constateren dat die geschiedenis gewelddadig en bloederig was en dat de laatste twee decennia waarschijnlijk tot de minst bloederige en gewelddadige behoren. Maar ja, aangezien wij nu leven, lijkt alles wat er nu gebeurt altijd net iets groter, en belangrijker dan wat er vroeger is gebeurd. Wat dat betreft lijkt Ellian en met hem de gemiddelde mens op de Amerikaanse president Trump. Die plakt ook voor alle woorden als ‘greatest’ en ‘best’. De mens lijdt aan ‘historische bijziendheid’.

Lessons Learned? Not!

“We hadden geen idee wat we aan het doen waren.’ ‘Elk gegeven werd zo aangepast zodat we een zo gunstig mogelijk beeld konden schetsen.’ ‘We hebben duidelijk gefaald.’” Dit schijnen de conclusies te zijn van de evaluatie die de Amerikaanse legertop heeft gehouden over de oorlog in Afghanistan. Ten minste, dat valt te lezen in de Volkskrant. Lessons Learned schijnt de titel van het rapport te zijn. De hoofdlijnen uit het rapport, zo lees ik in de Volkskrant: “ Een gebrek aan strategie (na het verslaan van Al-Qaida), een gebrek aan begrip, een corruptie-bevorderende hoeveelheid geld en, allesoverkoepelend, een totaal gebrek aan eerlijkheid. Generaals, diplomaten en presidenten spraken allemaal in veel te rooskleurige termen over de oorlog, zozeer zelfs dat sommige geïnterviewden van ‘moedwillige misleiding’ spreken.”  Schokkend? Ja. Verrassend? Eigenlijk niet.

Bron: WikimediaCommons

Het machtigste en militair sterkste land van de wereld zou toch geen moeite moeten hebben met Afghanistan? Nu zijn de Amerikanen niet de eersten die zijn vastgelopen in het onherbergzame stammengebied. Als we een kleine 180 jaar terug gaan in de tijd, naar 1838, dan zien we dat het toen machtige Britse rijk een poging doet om het gebied onder haar controle te krijgen. De Britten vallen binnen om er een voor hen vriendelijker gezind staatshoofd aan de macht te krijgen. Dat leek even te lukken maar in 1841 brak over het gehele land de pleuris (opstanden) uit en een jaar later trokken de Britten zich terug. In 1878 waagden ze een tweede poging met min of meer hetzelfde verloop. De Britten zetten het hoofd van het land af en even is het rustig. In 1880 verlieten ze, na een forse nederlaag met de staart tussen de benen het land. Een volgende wereldmacht die zich op de taaiheid van de Afghanen verkeek, was de Sovjet Unie. Eind 1979 vielen de Sovjets Afghanistan binnen. Of, zoals ze het zelf zouden zeggen: schoten ze de bevriende communistische heerser te hulp nadat die erom had gevraagd. In 1989 verlieten ook zij met de staart tussen de benen het land.

In de negentiende eeuw was het Britse rijk het machtigste land van de wereld en eind jaren tachtig was de Sovjet Unie, op de Verenigde Staten na, het machtigste land. Beide machtige landen verslikten zich in de taaie Afghanen met hun sterke tribale inslag. ‘Eigenlijk niet’ dus omdat dit allemaal bekend is. Afghanistan staat bekend als het ‘kerkhof van wereldrijken’. Als de Verenigde Staten de geschiedenis hadden bestudeerd dan had dat hen misschien op andere gedachten gebracht. Als ze hun geschiedenislessen hadden geleerd, dan hadden ze kunnen weten dat ze zich in een wespennest gingen begeven.

Nu is er een connectie tussen de Amerikaanse poging om het land ‘verder te helpen’ van de afgelopen achttien jaar en de eerdere Sovjet inval. In deel drie van mijn vierluik met als titel Wat was en IS van begin dit jaar besteedde ik daar al aandacht aan. De Amerikanen steunden alle groepen die zich tegen de Sovjets verzetten. Dit met als adagium: de vijand van mijn vijand is mijn vriend. Een van die ‘vrienden’ was Osama Bin Laden. Na de terugtrekking van de Sovjets verloren de VS hun interesse in Afghanistan en lieten hun ‘vrienden’ vallen. Een deel van die vrienden onder leiding van Bin Laden beschouwden vervolgens de wereld als haar strijdtoneel voor de ‘ware islam’. Dit met de aanslagen van 11 september 2001 als gevolg. De aanslagen die leidden tot de Amerikaanse inval.

Afghanistan is niet de eerste keer dat de Verenigde Staten erop vertrouwden dat hun militaire macht ‘alles’ zou oplossen. “Als een dorp vijf of zes keer gewapenderhand wordt ingenomen, sneuvelen er een hoop burgers. Hun hele patroon van leven zal veranderen (…) Hoe langer de oorlog duurt, hoe meer we het doel vernietigen waar we voor vechten.”  Woorden van de Amerikaanse generaal James Gavin in 1968. Ik neem ze over uit het boek Vietnam een tragedie 1945-1975 van Max Hastings (pagina 774). Net voor dit citaat is de volgende passage te lezen: “De beslissingen van opeenvolgende Amerikaanse regeringen om het conflict te laten escaleren, zijn vooral achteraf verbijsterend, omdat de sleutelfiguren de onbekwaamheid erkenden van het regime in Saigon, dat ze slechts in stand hielden als de voor hen noodzakelijke Vietnamese façade van een Amerikaans bouwwerk.” En iets onder het eerste citaat: “De Amerikaanse beleidsmakers (…) hadden in de eerste plaats al geen oog voor de economische en culturele impact van een omvangrijk buitenlands leger op een Aziatische boerenmaatschappij. Een Vietnamese secretaresse in dienst van USAID verdiende meer dan een ARVN-kolonel (het Zuid-Vietnamese leger). Bulldozers en containers, antennes en pantservoertuigen, wachttorens, zandzakken en rollen prikkeldraad brachten al schade toe aan de omgeving nog voordat de kanonnen vuurden, de helicopters de lucht doorkliefden, de rijzige Amerikaanse soldaten de liefde kochten van de zoveel kleinere Vietnamese vrouwen. (…) De voetafdruk die zij (de communistische strijders van de Vietcong en het Noord-Vietnamese leger) achterlieten was licht in vergelijking met die van de Amerikanen, wier stappen vergeleken konden worden – en dat door ontwikkelde Vietnamezen ook werden – met die van een reus uit een of andere sciencefictionfilm die door het landschap dendert, de rust verstoort en alles op zijn pad wat kwetsbaar is gedachteloos vernietigt.”  De beschrijvingen van het rapport Lessons Learned in de Volkskrant lijken sprekend op de beschrijving die Hastings geeft van de manier waarop de Amerikanen in Vietnam opereerden en de bijna ‘moedwillige misleiding’ waarmee ze die oorlog aan de wereld en hun landgenoten in het bijzonder, verkochten.

Bron Pixabay

De historica Barbara Tuchman noemt ,in haar boek De mars der dwaasheid, de Vietnamoorlog als een voorbeeld van dwaasheid. Tuchman geeft drie criteria waaraan het handelen moet voldoen om voor haar dwaas genoemd te mogen worden. Als eerste moet de gevoerde politiek destijds ook als averechts zijn onderkend en niet pas achteraf. Het tweede criterium is dat er geschikte alternatieve gedragslijnen beschikbaar moesten zijn. Het laatste criterium is dat het de politiek van een groep moet zijn geweest die langer heeft geduurd dan een politieke levensduur en niet van een individuele heerser. Voldoet de Amerikaanse aanpak in Afghanistan niet ook aan deze criteria? 

“Lessons Learned” luidt zoals gezegd de titel van het Afghanistan-evaluatie. Het enige wat mij te binnen schiet is: NOT!


Wat was en IS (deel 3)

Vandaag deel 3 in de serie Wat was en IS. Wilt u eerst de andere delen lezen? klik hier voor deel 1 en hier voor deel 2

Wat er ook gebeurde

In 1979, hetzelfde jaar als de Iraanse revolutie maar dan aan het einde van dat jaar, viel de Sovjet Unie Afghanistan binnen. Of in de Sovjet beleving: ze werden gevraagd door een bevriende regering in moeilijkheden om een handje te komen helpen. In de nieuwe op Khomeini gebaseerde retoriek: de islamitische bevolking van een land kwam terecht in opstand tegen de ‘ongelovige’ regering; die regering heeft nu de steun van de ‘ongelovige’ Sovjets. Het is de plicht van de waarlijk gelovige om de broeders te helpen. Deze lokroep werd beantwoord door duizenden Arabieren (waaronder Osama Bin Laden) die zich in Afghanistan aansloten bij de Mujahedien. De Verenigde Staten ondersteunden de Mujahedien met training, wapens en inlichtingen, dit om hun aartsvijand de Sovjet Unie dwars te zitten. Dit onder het aloude adagium: de vijand van mijn vijand is mijn vriend.

De Sovjettroepen trekken zich terug. Bron Wikipedia

De Mujahedien waren succesvol, in 1989 trok de Sovjet Unie zich moegestreden terug. Dit succes werd mede veroorzaakt door de ineenstorting van de Sovjet economie en vervolgens de Sovjet invloedssfeer. Met de val van de Berlijnse muur eindigde de facto de invloedssfeer van de Sovjet Unie. Het succes voor de Mujahedien en hun Arabische medestrijders was er niet minder om. Maar wat te doen na het succes? Een zeer relevante vraag, zeker voor die Arabische medestrijders. Daarvoor bood Bin Laden een oplossing: de wereld als strijdtoneel en dan vooral gericht op het verdrijven van de buitenlandse invloed uit het islamitisch gebied. De vijand van de voormalig vijand keert zich tegen de vriend, trainer en tot dan belangrijkste financier. De opleiding is echter al genoten, de leerling is leraar geworden en nieuwe financiers zijn snel gevonden in de Arabische wereld. Al snel worden er aanslagen gepleegd. De eerste poging op het WTC in New York in 1993. De aanslagen op de Amerikaanse ambassades in Nairobi en Dar es Salaam in 1998. Het Amerikaans marineschip USS Cole in de haven van Aden (Jemen) in 2000. Deze aanslagen werden veelal beantwoord met het sturen van kruisraketten naar plekken waar Al Qaida-leden en vooral leiders zich bevonden. Kruisraketten met alle ‘collaterale damage’ van dien. En met kruisraketten en enkele bombardementen worden grote misdaden al beantwoord met oorlogsgeweld.

De lijnen komen samen

Een alternatief voor de regering Saddam stond niet klaar dus werd er een overgangsregering onder Amerikaanse leiding gevormd. Doel van deze regering was het land zo snel mogelijk klaarstomen voor vrije verkiezingen. Dan zou de macht aan een door het volk gekozen regering kunnen worden overgedragen en kon de Amerikaanse terugtocht zijn aanvang nemen. Iets wat de filosoof John Gray in zijn boek Zwarte Mis met recht en rede een utopisch experiment noemde. Zeker als dit gebeurt met als doel om terrorisme uit te roeien. Want democratisering en terreur en terrorisme gaan volgens hem hand in hand. Gray (p. 205): “De Verenigde Staten en andere landen lezen streng islamitische landen de les over de noodzaak tot ‘modernisering’ – dat wil zeggen: de herhaling van het ontwikkelingspatroon in westerse landen. Ze hebben buiten beschouwing gelaten dat overal waar een poging is ondernomen een westers ontwikkelingsmodel aan niet-westerse landen op te leggen, deze gepaard is gegaan met grootschalige terreur, terwijl het twintigste-eeuwse Europa zelf moorden van staatswege op ongekende schaal heeft meegemaakt. Terreur is een vast onderdeel van het moderne westen geweest. En waar moderne staten in het Midden-Oosten hebben bestaan – zoals in Irak onder Saddam, dat vóór de ontwrichting door economische sancties van dertien jaar lang en de daaropvolgende Amerikaanse invasie een van de hoogst ontwikkelde Arabische landen was – hebben deze ook steeds terreur uitgeoefend. Een groot aantal landen – Groot-Brittannië, Spanje, Italië, Duitsland, Japan, de Verenigde Staten bijvoorbeeld – is met ernstige dreiging geconfronteerd. In Rusland is het terrorisme verhevigd na de democratisering, terwijl het in China in bedwang wordt gehouden. Politieke processen kunnen helpen terrorisme aan te pakken, maar democratie is geen wondermiddel.”

Januari 2005 was het zover, de vrije verkiezingen werden gehouden voor een Assemblee. Die zorgden voor een verschuiving van de macht. Een baaierd aan partijen en kandidaten deden mee. De kandidaten mochten geen banden hebben met het oude leger en mochten ook geen hoge posities hebben bekleed binnen de oude Baath partij. Hierdoor werd het velen, meest Soennieten want die hadden de macht in het ‘oude’ Irak, onmogelijk om zich kandidaat te stellen. In een land waar families en clans een belangrijke rol spelen, betekende dit dat Soennieten ondervertegenwoordigd waren, zeker omdat de grootste populaire Soennitische partij vanwege bedreigingen uit de verkiezingen stapte en soennitische geestelijken opriepen de verkiezingen te boycotten. Een Assemblee die twee opdrachten had. Als eerste het met een 2/3e meerderheid benoemen van de presidentiële raad die uit een president en twee vice presidenten bestond. Die raad moest vervolgens de premier benoemen. De tweede taak bestond uit het opstellen van een definitieve grondwet. Die moest voor half augustus 2005 gereed zijn, zodat in december 2005 opnieuw kon worden gekozen en nu voor het nationaal parlement. De kiezers kozen vooral langs etnische en religieuze lijnen: Koerden op Koerden, Sjiieten op Sjiieten en Soennieten, als ze al stemden, op Soennieten. Het resultaat: “Het ziet ernaar uit dat de Assemblee vooral de sjiitische en Koerdische bevolking zal vertegenwoordigen. Het ontbreken van een soennitische stem bij het kiezen van de presidentiële Raad en het opstellen van de grondwet, kan echter grote gevolgen hebben voor de legitimiteit en de stabiliteit van de toekomstige Iraakse regering.” Zoals te verwachten, leverden de verkiezingen, en ook alle die nog zouden volgen, geen stabiele en alom gerespecteerde en gelegitimeerde regering op.

Verliezers en achtergestelden protesteerden en grepen naar de wapens. Ze pleegden aanslagen, startten gevechten met milities van andere groepen en met het door de Amerikanen opnieuw opgerichte en getrainde Iraakse leger. Een leger dat in ieder geval geen afspiegeling van de bevolking vormde. In het noorden stichtten de Koerden, met ‘goedkeuring’ van de VS, de facto een eigen staat. Een staat die nog wel bij Irak hoorde, maar de regering had er niets te zeggen. De grootste verliezers waren de Soennieten. Zij kwamen er in de nieuwe structuur bekaaid af en wat belangrijker was, hun belangrijkste leiders werden door de Amerikanen en de nieuwe regering gepasseerd, als ze al niet gevangen zaten in onder andere Abu Ghraib. Ze waren immers belangrijke leden van de Baath partij geweest en die werden overal geweerd. 

Chaos in Syrië op kaart. Bron: Wikimedia Commons

Resultaat: chaos en geweld. Als iets een goede voedingsbodem is voor terreur dan is het wel chaos en geweld, zoals Beatrice de Graaf in haar college aangeeft. De Franse en Russische revoluties zijn daar goede voorbeelden van. Daarbij moeten we ons bedenken dat de terrorisme, zoals Beatrice de Graaf het in haar DWDD-college noemde, iets is voor de ‘klunzen’ en de ‘losers van de geschiedenis die liever een short cut nemen dan gebruik te maken van de trage molens van de democratische besluitvormingsprocessen’. De Arabische ‘Afghanistan-veteranen’ en hun aanhangers trokken naar de de Iraakse puinhopen. Die boden hen een mogelijkheid om tegen de ‘grote Satan’ te vechten. Zij begonnen met waarvoor ze waren opgeleid: het zaaien van dood en verderf in Irak. 

Bovendien bevond de aartsvijand zich hier op ‘heilige’ islamitische grond. Irak werd zo een nieuw ‘oorlogsgebied’ voor deze strijders. Een strijd waarbij ze ook wel eens gevangen werden genomen en dan werden opgesloten in onder andere Abu Ghraib. Daar kwamen zij commandanten van Saddams oude leger tegen. Dat gebeurde ook met de latere leider van IS, Abu Bakr al-Baghdadi. En hoewel die commandanten ‘van nature’ geen fanatieke moslims waren, zagen zij een kans om samen met die fanatieke moslims te werken aan herstel van hun oude machtspositie. Eenmaal uit het gevang gingen zij gezamenlijk aan de slag om een machtsbasis te creëren. Een machtsbasis georganiseerd en gestructureerd door de oud commandanten en onder religieuze leiding van al-Baghdadi. Al-Baghdadi voegde een nieuw element toe aan het radicaal gewelddadig jihadisme. Hij riep het kalifaat uit, benoemde zichzelf tot kalief en plaatste zichzelf zo als rechtmatig opvolger van de profeet Mohammed en boven de sultans en koningen in de islamitische landen.

Toen eind 2010 de ‘Arabische Lente’ uitbrak, ontstond er een heel nieuw speelveld voor de ‘klunzen’ en ‘losers’. Vooral in Libië en Syrië bleken er kansen te liggen voor de fanaten. In Libië werd Khadafi verdreven met steun in de vorm van bombardementen van onder andere de NAVO. Net als in Irak ontbrak het aan een alternatief voor een regering waardoor het land in de stammenstrijd belandde waarin het zich nog steeds bevindt. In Syrië weigert leider Assad het veld te ruimen en breekt een burgeroorlog uit. Twee keer chaos en geweld en dus de plek voor terreur en terrorisme. Tot zover de grote lijnen van de geschiedenis van het geschiedenis van het Midden Oosten en Centraal Azië.

Morgen het vierde en laatste deel in de serie Wat was en IS.

Wit voetje?

“Het kabinet Rutte III overweegt een nieuwe militaire missie naar Afghanistan tegen de Taliban. Een select gezelschap van zo’n dertig commando’s en mariniers zouden Afghaanse special forces moeten gaan trainen in Mazar-i-Sharif.” Dit valt te lezen bij Joop. Deze: “Nederlandse plannen sluiten aan bij een Amerikaanse strategieverandering dat de focus verschuift van Irak en Syrië naar Afghanistan. De Amerikanen willen dat Europese Navo-bondgenoten 1.500 van de benodigde 3.000 extra militairen leveren.” 

Battle_in_Afghanistan

Illustratie: Wikimedia Commons

Even iets over Afghanistan. Dat land, of eigenlijk dat gebied, staat bekend als het kerkhof voor grootmachten. De Britten kunnen er verhalen over vertellen uit de oude, negentiende eeuwse doos. In die eeuw vielen ze het land twee keer binnen. Beide keren ‘om te voorkomen’ dat het gebied onder Russische invloed zou komen wat de Britse positie in Indië zou verzwakken. De eerste keer in 1838 en dat ging vrij vlot. Maar daarna begonnen de problemen en stelden de verliezen zich op. Daarom verlieten ze het land in 1842 weer. Veertig jaar later in 1878 volgde een nieuw poging. Ook die kende een vlotte start waarna de ellende begon en de verliezen zich opstapelden. Twee jaar later verlieten ze het land weer.

Ook de Russen, toen nog Sovjets, kunnen erover meepraten. In 1979 vielen zij het land binnen. Of zoals ze het zelf verkochten, ze werden gevraagd door het communistische bewind om een handje te te komen helpen. Ook die poging kende een vlot begin dat vervolgens verwaterde tot een zeer bloedige geschiedenis. In 1989 trokken de Sovjets zich, een ‘ervaring rijker’ en een ‘illusie armer’, met de staart tussen de benen terug.

Rustiger werd het er niet op in het land. De diverse bevolkingsgroepen clans en buitenlandse strijders gingen, nu de gemeenschappelijke vijand weg was, vrolijk verder met vechten, nu tegen elkaar. Zoals we weten brak in 2001 een nieuwe fase aan met de inval van de Amerikanen. En weer herhaalt zich de geschiedenis. Na een snelle eerste slag, bleek de oorlog taai en tot op heden niet te winnen. 

Nu breekt dus, voor de zoveelste keer, weer een nieuwe fase aan. En de Nederlandse regering wil er, wellicht om een wit voetje bij Trump te halen, aan mee gaan doen. Waarom zou deze nieuwe fase wel slagen? Mijn advies: DOE HET NIET! Dan maar geen wit voetje bij Trump.

Altuntas’ alternatieve feiten

Op de site Joop houdt Celal Altuntas een pleidooi voor deelname aan VN-vredesmissies.“Dat is in het belang van de getroffen landen, maar ook in het belang van Nederland,” schrijft Altuntas. Niet deelnemen aan dergelijke missies:

“Betekent nog meer vluchtelingen die naar Europa komen. Betekent nog meer armoede en onmenselijke omstandigheden in Afghanistan. Dat is nog niet alles, want je geeft terroristen ook ruimte om zich daar te verplaatsen. Dat geldt ook voor Mali.”

Afghanistan

Foto: Flickr

Altuntas bouwt zijn betoog op bijzondere ‘feiten’. Altuntas: “Zonder steun van de VN-vredesmissie had de Afghaanse regering moeilijk van de Taliban gewonnen. Weliswaar is de Taliban niet vernietigd, maar is ook lang niet meer zo sterk als in de jaren 90.” Een VN-vredesmissie in Afghanistan? Nu kan het zijn dat ik iets heb gemist, maar bij mijn weten is er  geen VN missie actief in Afghanistan. En ter geruststelling van mijn geheugen, volgens de VN zelf ook niet. De NAVO is er actief als vervolg op de Amerikaanse inval in dat land. De Amerikanen vielen binnen omdat Afghanistan onderdak bood aan het Al Qaida van Osama bin Laden dat kort de aanslagen van 11 september 2001 had gepleegd. De Taliban waren op dat moment de Afghaanse regering en die werd door de Amerikanen verjaagd. Aan wie verleenden de Amerikanen op dat moment dan steun?

Iets verderop in zijn betoog bespreekt Altuntas de situatie in het Midden-Oosten: “Zonder de inzet van de vredesmissie was ISIS nog steeds machtig in het Midden-Oosten en had het zeker nog duizenden slachtoffers meer gemaakt. Als de VN eerder via een vredesmissie had ingegrepen, had ISIS wellicht niet zo veel ellende kunnen aanrichten.” Ook hier was ik in de veronderstelling, en gelukkig geeft dezelfde VN me gelijk, dat er geen sprake is van een vredesmissie tegen ISIS. De strijd tegen ISIS wordt door vele partijen gevoerd. Partijen die ook nog eens onderling met elkaar in de clinch liggen. Partijen die ieder door andere ‘machten’ worden gesteund.

Herschrijft Altuntas de geschiedenis zodat deze zijn betoog ondersteunt?. Of moet je tegenwoordig zeggen dat hij zich op ‘alternatieve feiten’ baseert?

Patrouille in Tarin Kowt

In zijn column in Trouw probeert Stevo Akkerman zich te verdiepen in het brein van een terrorist. Eén zin in zijn betoog wekte mijn belangstelling:

“Eerder deze week betrapte ik mezelf erop dat ik het plein voor het Centraal Station in Amsterdam inspecteerde op obstakels tegen moorddadige voertuigen, en toen ik schreef over Afghanistan herinnerde ik me weer scherp hoe ik me daar, meelopend met een patrouille door Tarin Kowt, opeens had gerealiseerd dat er mensen waren die mij, als ze mij in handen zouden krijgen, dood wilden hebben, zonder dat ze me kenden.”

Akkerman stelt hier een interessante vraag, waarom wil je iemand doden die je niet kent? Je kunt je natuurlijk ook de vraag stellen waarom je überhaupt iemand wilt doden.

patrouille

Foto: Flickr

De zin van Akkerman roept bij mij een andere vraag op: Waarom lopen Nederlandse soldaten patrouille in Tarin Kowt? Die vraag wordt weer actueel nu de Amerikaanse president Trump de ‘bondgenoten’ aanpreekt om meer bij te dragen aan de strijd in Afghanistan. Waarom vechten Amerikanen in Afghanistan? ‘Het was een terroristisch broeinest en dat wordt het weer als we er niets aan doen,’ zo luidt het antwoord. Aangevuld met: ‘dan krijgen Al Qaida en IS het daar weer voor het zeggen en worden daar weer terroristen getraind’. Vervolgens kun je de vraag stellen, hoe het komt dat het zo’n chaos is in Afghanistan en dan kom je uiteindelijk bij de inval van de Sovjet Unie uit.

Een hele keten van oorzaak en gevolg die ons in het heden brengt. Een hele keten die wordt gekenmerkt door ‘je bemoeien met de zaken van een ander’. Russen die zich bemoeien met Afghanistan. Amerikanen die zich er vervolgens ook mee gaan bemoeien. Zeloten uit Arabische landen die zich ermee gaan bemoeien en die zich vervolgens met de Amerikanen en het westen gaan bemoeien. Amerikanen en het westen die zich met Irak, Syrië, Libië en andere landen gaan bemoeien.

Als ik naar mezelf kijk dan weet ik dat anderen zich niet te veel met mij moeten bemoeien. Als dat gebeurt dan ga ik me ergeren en word ik boos. Zou dat voor die anderen niet ook kunnen gelden? Is de vraag waarom anderen ons willen doden, niet de verkeerde? De verkeerde omdat we dan naar de ander kijken. Zouden we ons niet af moeten vragen of wij wel patrouille moeten lopen in Tarin Kowt?

Afzijdigheid

In het commentaar in de Volkskrant constateert Arnout Brouwers dat ook het niet militair ingrijpen door de Verenigde Staten in het Syrische conflict een prijs heeft. Hij constateert: “Obama mag goede redenen hebben gehad zich afzijdig te houden, de gaten die daarbij vallen worden gretig gevuld door andere landen met ambities, zoals Iran en Rusland. De onvermoeibare John Kerry ondervindt nu in Syrië hoe moeilijk diplomatie is die niet wordt geschraagd door militaire macht.”

syrie

Illustratie: www.nrc.nl

Natuurlijk behoorde een inval als in Irak tot de mogelijkheden. Een inval om president Assad af te zetten en democratie te brengen, net als in Irak en Afghanistan is geprobeerd. Of bombardementen op de troepen van Assad waardoor de troepen van het ‘vrije Syrische leger’ de regering wellicht hadden kunnen verdrijven zoals in Libië is gebeurd. Alleen zijn de resultaten in die landen niet om over naar huis te schrijven.

Maar toch, ben je afzijdig als je in woorden partij kiest voor een groep deelnemers aan het confilct en wilt dat een ander van het toneel verdwijnt? Ben je afzijdig als je verschillende gevechtsgroepen bewapend? Ben je afzijdig als je gevechtsgroepen traint? Ben je afzijdig als je gevechtgroepen ondersteunt tot en met meevechten toe? Ben je afzijdig als je gevechtsvliegtuigen hebt rondvliegen? Ben je afzijdig als je die gevechtsvliegtuigen gebruikt om gewapende groepen te bombarderen? Is er dan sprake van ‘afzijdig houden’? Niet volgens de definitie in de Van Dale: “zich afzijdig houden (a) niet meedoen; (b) zijn mening niet uiten.” Dat is geen afzijdig zijn, dat is meedoen. Niet op volle kracht maar wel meedoen.

Wellicht waren de verhoudingen anders geweest als er was gehandeld zoals in Afghanistan, Irak en Libië? Alleen zijn dat ook geen toonbeeld van veiligheid, vrede en/of stabiliteit. Ook daar sterven al jaren dagelijks mensen door oorlogsgeweld een aanslagen.

Wellicht is afzijdigheid een optie om eens uit te proberen? Geen partij kiezen, geen wapensleveren, geen ondersteuning, geen goederen en diensten van welk soort dan ook leveren. Geen humanitaire hulp in het betreffende land bieden. Niets van dat alles, dus gewoon niets doen. Helemaal niets, behalve het goed en menswaardig opvangen van mensen die de ellende ontvluchten. Het proberen waard?

Serious Request!

Een nieuwe ‘traditie’ van de laatste jaren is het Glazen Huis. Dit wordt Serious Request genoemd en er wordt geld ingezameld voor een goed doel. Ieder jaar zijn er veel steden die het Glazen Huis in hun stad willen hebben. Het levert veel publiciteit op en de middenstand een flinke omzet. Het huis staat dit jaar in Heerlen. Een drietal discjockeys van 3FM laten zich daar opsluiten in het Glazen Huis. De drie eten niet en draaien die plaatjes waarvoor luisteraars betalen. Dit jaar is het geld bestemd voor kinderen in oorlogs- en conflictgebieden.

Serious requestIllustratie: seriousrequest.3fm.nl

Op Kerstavond worden de drie ‘bevrijd’ en wordt de eindstand bekend gemaakt. Dan is er een minister present die namens het kabinet (en dus eigenlijk namens het Nederlandse volk) een extra duit in het zakje doet. Een nieuwe traditie waarmee mensen kunnen laten zien hoe goed ze het voorhebben met mensen die het minder hebben getroffen. Om extra geld op te halen, worden er de raarste dingen uitgehaald.

In Oostindisch doof schreef ik over rechtvaardigheid. Aanleiding hiervoor was een besluit van staatssecretaris Dijkhof om een doof driejarig Afghaans meisje een gehoorimplantaat te weigeren. Geen asiel, geen implantaat aldus de staatssecretaris. Ontegenzeggelijk zal zo’n implantaat het leven van dit meisje en de mensen in haar omgeving beïnvloeden. Hier in Nederland, maar zeker in oorlogs- en conflictgebied Afghanistan. Is dit niet wrang?

De staatssecretaris heeft dit besluit namens het kabinet en dus het Nederlandse volk genomen. Hetzelfde volk waarvan nu een deel zich de benen onder de kont uitloopt om geld op te halen voor dezelfde kinderen. Is dit niet wrang?

Het kabinet dat donderdagavond namens ons allen weer een duit in de zak zal doen. Zou het kabinet dit geld niet beter kunnen besteden aan  dit meisje en anderen zoals zij, die uit oorlogs- en conflictgebieden naar hier zijn gevlucht? En als het kabinet het niet doet, zou de opbrengst van Serious Request er niet deels voor gebruikt kunnen worden? Of die jongeren nu mogen blijven of niet, zou dat geen mooi cadeau zijn? Een serious request aan kabinet en Serious Request. Zou het niet wrang zijn als kabinet en Serious Request Oostindisch doof bleven?