Herstelbetalingen

Met een boekwerk van 1.300 bladzijden als ‘Unterlagen’, plaatst de Poolse regering, bij monde van staatssecretaris Arkadiusz Mularczyk, een verzoek of eis om Duitse herstelbetalingen voor de door de Duitsers aangerichte schade in de periode 1939-1945 weer op de agenda. De staatssecretaris denkt aan een bedrag van € 1,3 biljoen dat is € 1.300.000.000.000. En dit is, zo betoogt hij: “Een conservatieve schatting.” Dit om de: “Poolse verliezen in de Tweede Wereldoorlog: vernietigde steden, geroofde kostbaarheden en vooral onvoorstelbaar veel verloren mensenlevens. Meer dan vijf miljoen mensen (bijna een vijfde van de bevolking) werden gedood, onder wie drie miljoen Poolse Joden,” te dekken. Een bijzonder betoog met een behoorlijke kronkel dat is te lezen in de Volkskrant.

Een afbeelding van de slag bij Zama waar Chartago onder leiding van Hannibal werd verslagen door de Romeinen onder leiding van Publius Cornelius Scipio. Na die slag voegde deze Africanus toe aan zijn naam. Bron: flickr  

Centraal in het betoog van Mularczyk, al wordt het in het krantenartikel niet genoemd, staat de redenering die ook onder de excuses door premier Rutte voor het slavernijverleden ligt. Rutte zei het als volgt: “het klopt ook dat de Nederlandse Staat in al zijn historische verschijningsvormen verantwoordelijkheid draagt voor het grote leed dat tot slaaf gemaakten en hun nazaten is aangedaan.” De redenering dat de huidige regering, als opvolger van die eerdere, de verantwoordelijkheid draagt voor de acties van die vorige regeringen. De huidige Duitse regering draagt de verantwoordelijkheid voor de misdaden begaan door nazi-Duitsland. De herstelbetalingen zijn dan een manier om die verantwoordelijkheid vorm en inhoud te geven.

Bijzonder is dat Mularczyk die historische verantwoordelijkheid wel voor de huidige Duitse regering ziet en niet voor zijn eigen Poolse regering. De Poolse regering heeft in 1953 afgezien van eventuele herstelbetalingen, een standpunt dat in 2004 nog eens is bevestigd door de toenmalige premier Marek Belka. Mularczyk vind echter dat zijn regering niet verantwoordelijk is voor de daden van die eerdere regeringen: “Als je opnieuw iets bevestigt wat ongeldig is, wat is dat dan waard?”  Daarmee zegt hij dat er in 1953 geen rechtmatige Poolse regering zat en daarbij geeft hij de volgende vergelijking: “Toen ik onlangs in Berlijn was, vroeg ik aan de Duitse staatssecretaris: ‘Erkennen jullie soms ook het referendum op de Krim? Of in Cherson? Waarom erkennen jullie dit Poolse nepakkoord dan wel?’” Een nepakkoord omdat, zo betoogt de huidige Poolse regering, dit akkoord onder druk van de Sovjet Unie tot stand kwam. Een recente voorganger, de regering onder leiding van premier Belka, zag dat in 2004 kennelijk anders.

Als de Poolse regering een breuk in die verantwoordelijkheidsketen ziet, waarom zou de Duitse regering zich daar dan niet ook op kunnen beroepen? Zoiets van: Hitler mag dan volgens de regels van het spel Rijkskanselier zijn geworden, wat hij daarna deed was echter volledig in strijd met de spelregels en dus ongeldig. Die ongeldigheid maakt dat wij (de huidige Duitse regering) geen verantwoordelijkheid dragen voor alle acties die na die ongeldigheid door Nazi-Duitsland zijn ondernomen en dus ook niet aansprakelijk zijn voor de schade als gevolg van deze acties.

Voor Mularczyk stopt het niet bij Duitsland: “Overigens willen we na de oorlog ook herstelbetalingen van Rusland eisen voor de misdaden van de Sovjet-Unie in Polen.” De Poolse staatssecretaris is optimistisch: “het is een kwestie van tijd. De Duitse positie is moeilijk vol te houden, de regering heeft geen enkel goed argument om het niet te doen. Namibië krijgt wel herstelbetalingen voor het Duitse kolonialisme. En in Nederland praten jullie nu over excuses en herstelbetalingen voor de slavernij, een debat dat ik met grote interesse volg. De Tweede Wereldoorlog is korter geleden. Dit is een wereldwijde discussie. Duitsland moet inzien hoe belangrijk deze zaak is in internationaal opzicht, het gaat niet alleen om Polen. Ik hoop dat de Duitsers de dialoog willen aangaan.” Dit allemaal omdat Polen: “nog steeds de gevolgen, in demografisch en economisch opzicht,” voelt.

En daarmee zijn we beland in een oneindige keten van eisen voor herstelbetalingen. Dan zal de discussie over hoe Chinees de Mongools de veroveraar Dzjengis Khan is, een heel andere wending krijgen omdat er vanuit Oezbekistan een verzoek om herstelbetaling komt vanwege de vernietiging van Urgench, de hoofdstad van het Chorasmische rijk waaraan Dzjengis een einde maakte. Daarna werd de stad wel weer opgebouwd maar het ‘demografische en economische verlies’ was toch aanzienlijk en dat moet hersteld worden. En niet alleen vanuit Oezbekistan want er zijn nog veel meer huidige landen die ‘demografische en economische schade’ hebben geleden tijdens de Mongoolse kolonisatie van de wereld. Dan kan de Italiaanse regering een Tunesisch verzoek om herstelbetalingen verwachten vanwege de vernietiging van Carthago in 146 voor onze jaartelling door de Romeinse troepen onder leiding van Scipio Aemilianus. Inderdaad een nakomeling van Scipio Africanus die Hannibal versloeg in de slag bij Zama. Voor de filmliefhebbers, die slag bij Zama wordt nagespeeld in een gladiatorgevecht in de film Gladiator. Alleen winnen in dat gladiatorgevecht de ‘barbarians’, de Carthagers, en niet de Romeinen. Italië kan er trouwens ook eentje vanuit Griekenland voor de vernietiging van de stad Corinthe door Romeinse troepen onder Mummius in datzelfde jaar, verwachten. De gevolgen van die vernietigingen werken in demografisch en economisch opzicht nog steeds door. Al die gesneuvelde en vermoorde inwoners van die welvarende steden hebben zich immers niet meer kunnen voorplanten.

Het lijkt mij een vruchteloze exercitie om alle historisch leed via herstelbetalingen te ‘vergoeden’.

Ik zie, ik zie, wat jij niet ziet

Premier Rutte: “wees met name op 1 juli 2023, als het officieel 150 jaar geleden is dat de slavernij in het koninkrijk werd afgeschaft. ‘Maar het proces is pas echt klaar als de discriminatie van mensen vanwege hun huidskleur is gestopt,” zo lees ik in de Volkskrant. Een bijzondere soap rond excuses voor het slavernijverleden. Dat bijzondere is gelegen in het oorzakelijk verband dat er wordt gelegd tussen verschillende feitelijke constateringen.

De eerste feitelijke constatering is dat het begrip racisme een steeds ruimer wordt ingevuld. Volgens de Van Dale is racisme de: “opvatting dat mensen met een bepaalde huidskleur beter zouden zijn dan mensen met een andere kleur, gebruikt als rechtvaardiging om mensen met een andere kleur slecht te behandelen.” Racisme is daarmee een handeling, een actie op basis van een bewuste gedachte. Hier schreef ik al eens een prikker over naar aanleiding van een bijzonder gesprek onder een artikel van Vera Mulder bij De Correspondent met als titel Nog een blik, weer een opmerking: racisme is één plus één plus één. Een gesprek waarin ik Mulder vroeg naar haar definitie van racisme en die niet kwam, want: voor één alomvattende definitie is het onderwerp, het systeem, de ervaring te complex, maar het betrekken van systemisch en onbedoeld racisme in dit gesprek is onontbeerlijk in het ontmantelen ervan” Zonder een duidelijke definitie van is een zinvol gesprek onmogelijk omdat iedereen dan iets anders bedoeld. Dan wordt het zoiets als het partijtje ‘bunkertrefbal’ dat mijn aspiranten honkballers laatst speelden. Op mijn vraag wat ze het laatste half uur wilden doen, kwam het antwoord bunkertrefbal. Ik had geen idee wat het was, maar zij wisten precies wat er werd bedoeld. Totdat ze gingen spelen en er boze gezichten kwamen. Wat bleek, ze speelden met verschillende regels.

Feitelijke constatering twee: als jezelf, je ouders of grootouders van elders naar Nederland gekomen zijn, dan heb je niet dezelfde mogelijkheden als iemand bij wie dat wel het geval is. Als nieuwkomer mis ontbreekt het je aan kennis van de samenleving waar te naartoe migreert. Maar belangrijker dan het ontbreken van die kennis is het ontbreken van kennissen. Je mist een netwerk waardoor het zeer lastig wordt om een plek te vinden die bij je capaciteiten past. Dat laatste heb ik in een eerdere prikker ‘nieuwkomers nadeel’ genoemd. Het gebrek aan kennis is daarbij makkelijker op te lossen dan het gebrek aan die kennissen. Het ‘opklimmen in de rangen’ na migratie kost meerdere generaties tijd

Dan de vierde feitelijke constatering het feit dat Nederland koloniën had. Een feit dat niet is te ontkennen. Het woord kolonie kent een oud Griekse geschiedenis. Werd het te druk in een stad of gebied, dan trok een deel van de inwoners weg naar een leeg stuk land en stichtte daar een onafhankelijke ‘zusterstad’. Als er tegenwoordig over koloniaal verleden wordt gesproken, dan wordt vooral de periode na 1500 waarin Europa economisch en militair de wereld steeds meer ging overheersen[1]. Het streven naar een zo groot mogelijk rijk, was echter niets nieuws. Het enige nieuwe eraan was dat het op wereldschaal gebeurde. De diverse Chinese dynastieën, de Perzen, het Egypte van de farao’s, de Romein, de Magadha, de Olmeken, Inca’s, Azteken, het Islamitische rijk, de Mongoolse horden, allemaal streefden ze naar ‘werelddominantie’ in de hun bekende wereld. Dat Mongoolse rijk wordt qua omvang in de geschiedenis trouwens alleen overtroffen door het Britse Rijk. Tot de Russische inval in Oekraïne waren velen ervan overtuigd dat het veroveren van gebieden tot het verleden behoorde. Wat niet wil zeggen dat het streven naar ‘werelddominantie’ en als je die hebt het behoud ervan, tot het verleden behoort.

Als vijfde het feit dat slavernij is eeuwenlang een algemeen aanvaard maatschappelijk gebruik was. Wat hierbij onder invloed van het christendom en de islam ook geleidelijk algemeen gebruik werd, was dat je geloofsgenoten niet tot slaaf mocht maken. Algemeen aanvaard maar niet door iedereen. Vanaf het midden van de achttiende en versneld in de negentiende eeuw komt daar verandering in. Een bijzondere periode in de West-Europese geschiedenis. Bijzonder omdat heel veel zaken die tot de mores in vroeger eeuwen behoorden, ter discussie werden gesteld. Het is de periode dat Adam Smith zijn Theory of Moral Sentiment waarin hij de emoties en hoe die zich tot elkaar verhouden onderzocht en het beroemdste The Wealth of Nations waarin hij de economische ontwikkeling beschrijft. Met daarin de beroemde passage van de onzichtbare hand. De tijd waarin Immanuel Kant zijn drie ‘kritieken’ schreef[2] en Zum ewigen Frieden. Het tijdperk van de Verlichting, door diezelfde Kant omschreven als: “het uittreden van de mens uit zijn onmondigheid waaraan hij zelf schuldig is. Onmondigheid is het onvermogen gebruik te maken van zijn verstand zonder leiding van een ander. Aan deze onmondigheid is men zelf schuldig wanneer de oorzaak ervan niet ligt in gebrek aan verstand maar ligt in het gebrek aan beslissing en moed het verstand te gebruiken zonder leiding van een ander. ‘Sapere aude!’: ‘Heb de moed te weten’ (d.i. gebruik te maken van uw eigen verstand), is derhalve het devies van de Verlichting’.[3] De leiding van de ander waar de mens het zonder zou moeten doen, betrof vooral de religieuze dogma’s.

Dat ‘gebruik maken van het eigen verstand’ bleef niet zonder gevolgen. Smith, Kant en vele anderen schreven daardoor hun boeken. Het ‘door god gegeven recht’ van heersers werd ter discussie gesteld. Sterker nog, ze konden worden afgezet. Democratie’ werd onderdeel van het gesprek. Nadenken leidde tot de ‘stoommachine’ en ander uitvinding en via Smith tot het nadenken over en proberen te verklaren van iets wat we nu ‘de economie’ noemen. De verlichting leidde ertoe dat er zoiets als een ‘publieke ruimte’ ontstond alwaar over van alles en nog wat gedebatteerd kon worden, dat er kranten ontstonden. De Verlichting leidde tot het ter discussie stellen van god en de godsdienst. De Verlichting leidde er toe dat er allerlei emancipatie- en burgerrechtenbewegingen ontstonden en dus ook een beweging die de slavernij wilde beëindigen. Aan de andere kant leidde de Verlichting ook tot het nadenken over overeenkomsten en verschillen tussen mensen. Ze stond daarmee ook aan de wieg van wat we nu racisme noemen. Want zelf nadenken en willen weten, wil niet automatisch zeggen dat er hetzelfde wordt gedacht en dat voor fenomenen eenzelfde verklaring ‘gedacht’.

De Verlichting was een westers verschijnsel. Het deed zich niet voor in China, India of het Perzische Rijk. Dat slavernij nu in theorie overal is afgeschaft, is daarmee te danken het westen. Slavernij was geen ‘westerse’ uitvinding al zijn er mensen die lijken te geloven dat Europeanen slavernij uitvonden. Sterker nog, als je via google zoekt, kun je de bevestiging zien van die feitelijk onjuiste opvattingen zoals ik een klein half jaar geleden al schreef. Afrikanen, Arabieren, Chinzeen, Indiërs, authentieke Amerikanen, slavernij kwam overal voor. Het oudste ‘wetboek’ de Codex Hammurabi van zo’n 38 eeuwen geleden, spreekt op verschillende plekken over slaven. In de periode van 800 tot 1900 vonden minstens zoveel tot slaaf gemaakte Afrikanen hun weg naar de Arabische wereld. En nee, met die Codex werd slavernij niet ingevoerd. De Codex reguleerde de bestaande praktijk en gaf aan welke straf er op overtreding van die praktijk stond. De afschaffing ervan begon in Europa door het in wetboeken te verbieden en door het verbod ervan vervolgens ook in andere delen van de wereld af te dwingen.

Het wordt bijzonder als deze feitelijke constateringen worden gecombineerd tot een alles verklarende theorie. Die combinatie werd in 2021 beschreven door Fati Benkaddour in een artikel bij Joop: “Racisme is niet een gevolg van historische, militaristische, kapitalistische en economische bewegingen die door de tijd heen at random gebeurden en die de politieke status quo, tegenovergestelde culturele waarden en scheve machtsverhoudingen tussen bevolkingsgroepen, in Nederland hebben veroorzaakt. Racisme ís er de oorzaak van. En dat niet alleen, racisme is een vorm van antisociale persoonlijkheidsproblematiek: narcisme.”  Racisme is in Nederland de oorzaak van historische, militaristische, kapitalistische en economische beweging, aldus Bendakkour. Dus zonder racisme geen ‘geschiedenis’ in Nederland en ook geen kapitalisme, militarisme en economie. Zonder racisme zou het hier stilstaan. Zou dat alleen voor Nederland gelden? Zou er in andere delen van de wereld wel historische, militaristische, kapitalistische en economische beweging mogelijk zijn zonder racisme? Nederland als een soort uitzondering op de regel? Ik probeer me een voorstelling te maken van hoe Nederland er dan uit zou hebben gezien, maar een echt beeld kan ik me er niet bij voor de geest halen. Zouden we hier dan nog in de Middeleeuwen leven? Zou een deel van het land dan nog steeds door de Romeinen bezet zijn? Allebei zou erg lastig zijn als Nederland die uitzondering was. Het Romeinse Rijk zou dan immers nog alleen in Nederland bestaan en alleen Nederland zou dan nog last hebben van invallen van Noormannen. Alhoewel, dat zou niet kunnen, die Noormannen hebben immers wel een geschiedenis, militarisme, kapitalisme en economische ontwikkeling. Dit lijkt mij een heel onwaarschijnlijk scenario.

Een andere mogelijkheid is dat Nederland geen uitzondering op de regel is. Dat zou betekenen dat racisme de oorzaak is van ‘historische, militaristische, kapitalistische en economische bewegingen.’ Dat zou betekenen dat racisme de motor is achter alle menselijke ontwikkeling. Dan waren de Romeinen racisten net als de Qing-dynastie, de oude Egyptenaren, de Maya’s en de Azteken. Maar wacht eens, als we nog wat verder teruggaan in de geschiedenis van de homo sapiens dan zijn onze verre voorvaderen uit oost-Afrika weggetrokken en hebben ze zich over de hele wereld verspreid vanwege racisme. Ook dat lijkt mij heel onwaarschijnlijk want als we teruggaan naar de eerste afsplitsing van de eerste groep homo sapiens, dan was het familie die zich afsplitste. Zou racisme werkelijk ten grondslag liggen aan die eerste afscheiding? Ik was er, net als Benkaddour niet bij, maar ik waag het ernstig te betwijfelen.  Als Nederland geen uitzondering op de regel is en als de regel zelf vastloopt, dan rest er maar één andere mogelijkheid: Benkaddour verkoopt grote onzin. Haar bewering slaat als de welbekende tang op het varken.

Toch zijn er velen die deze tang toch in meer of mindere mate op een varken vinden lijken. Die noemen ‘racisme’ als verklaring voor het eerder behandelde nieuwkomers nadeel. Die zien slavernij doorwerken in de huidige sociale ongelijkheid in Nederland. Die zien overal racisme en institutioneel racisme en zien daarin een voorzetting van de ‘koloniale verhoudingen’. Die zijn als de welbekende hamer die in alles een spijker ziet. Die beweren in navolging van Gloria Wekker dat: West-Europese landen hebben eeuwen deelgehad aan een algemeen Europees ethos – een ‘cultureel archief,’ zoals Edward Said het noemt in zijn boek – waarbinnen ze de plicht hadden om zich buiten hun eigen gebied te begeven en andere volkeren aan zich te onderwerpen.”  Die betogen zoals Angélique Duindam in de Volkskrant dat er een: “systeem bedacht (is) waarin we andere mensen konden ontmenselijken.” Het ‘Risk- kaartje met Saids opdracht’ waar Wekker het overheeft en Duindams ‘bedenken’ verwijzen naar een ‘voorbedachte rade’ waarover mijn vorige prikker handelde. De feiten laten zien dat Europeanen zich over de wereld verspreidden, zich dus buiten hun ‘gebied’ begaven en daarbij volkeren aan zich onderwierpen. Wat Wekker hier doet, is vanuit het heden een ‘voorbedachte rade’ opleggen aan voorouders: ze bezitten koloniën en hebben de daar aanwezige mensen onderworpen dus dat zal dan wel de reden zijn dat ze de wijde wereld introkken. Een ‘voorbedachte rade’ waarvoor elk bewijs ontbreekt. Ze bevoeren de zeeën om de ‘tussenpersoon’ in de handel uit te schakelen en zoveel mogelijk rechtstreeks met de Chinese en Indische bron te handelen, niet omdat ze wilden ‘veroveren’. Dat veroveren en onderwerpen kwam er later bij en was in eerste instantie gericht op het uitschakelen van de ‘West-Europese concurrent’. Het bedachte ‘systeem’ van Duindam is een achterafverhaal om iets te beschrijven. Een achteraf verhaal waarin gebeurtenissen en keuzes van verschillende van onze voorouders op verschillende momenten in de tijd met elkaar in verband gebracht worden en worden gepresenteerd als een logische beschrijving en verklaring van iets. Deze verhalen zijn, om Tom Phillips aan te halen, het gevolg van problemen die ontstaan door short cuts in onze hersenen en dan vooral van de heen short cut  die altijd zoekt naar patronen. “Het probleem daarmee is dat onze hersenen daar zo op zijn gebrand dat ze overal patronen gaan zien, zelfs waar ze helemaal niet zijn.[4]


[1] Bij ‘Europa’ hoorden, na de onafhankelijkheid van Engeland, ook de Verenigde Staten

[2] Kritik der reinen Vernunft (1781), Kritik der praktischen Vernunft (1788) en Kritik der Urteilskraft (1790).

[3] Uit Immanuel Kant, Was ist Aufklärung. Geciteerd bij Historiek.net.

[4] Tom Phillips, De mens. Een kleine geschiedenis van onze allergrootste fuck-ups, pagina29

De onvermijdelijke toekomst

Zucht … . Voor mijn vaste lezers geen origineel begin van een prikker want ik ben al vaker met dit woord begonnen. Toch kon ik een zucht, of eigenlijk meerdere, niet onderdrukken bij het lezen van een artikel van Serv Wiemers in de Volkskrant. “Het vloeit allemaal rechtstreeks voort uit de Nederlandse kolonisatiedrang,” aldus Wiemers en dat ‘het’ is dat: “Die kolonie groeide uit tot de Verenigde Staten; het Nederlandse stempel bleef. Twee Amerikaanse presidenten van Nederlandse komaf spanden de kroon wat betreft de indiaanse genocide. Martin van Buren (1837-1841) liet indianen deporteren via de beruchte Trail of Tears; zeker tienduizend kwamen daarbij om het leven. Theodoor Roosevelt (1901-1909) stelde dat de enige goede indiaan een dode indiaan is.”  Dus, zo betoogt Wiemers, ook daarvoor moeten excuses volgen.

Het beroemde wandtapijt dat de slag bij Hatstings afbeeld. Bron:WikimediaComons

Waarom die zucht? Wiemers hanteert een wel zeer mechanisch beeld van de geschiedenis. Het ene vloeit rechtstreeks voort uit het andere. Stuyvesant stichtte Nieuw Amsterdam en zette daarmee een reeks van gebeurtenissen in beweging die leidde tot onder andere die beruchte Trail of Tears. Daar was geen ontkomen aan. Een bijzondere redenering met een eraan tegenstrijdig advies om excuses aan te bieden.

Als die Trails of Tears voortvloeit uit de actie van Stuyvesant, dan zou dat betekenen dat je de toekomst kunt voorspellen. Een actie leidt dan immers onoverkomelijk tot een vaststaande reactie. Als je vervolgens de hele reeks van historische acties en reacties bestudeert en analyseert, dan zou je de ontwikkelingsrichting van de geschiedenis kunnen voorspellen en dus de toekomst. Om een voorbeeld te geven, dan zou Ceasar zij eigen dood, en de manier waarop, hebben kunnen voorspellen en had hij niet verbaasd uit hoeven roepen: ‘ook gij Brutus!’ Want zou hij dan lijdzaam afwachten tot ze hem die dolksteken toebrengen?

Deze manier van denken wordt historicisme genoemd. Ik schreef er al vaker over. Deze manier van denken ziet de mens: “als een marionet, als een min of meer onbeduidend instrument in de algemene ontwikkeling van de mensheid. En de werkelijk belangrijke acteurs op het toneel van de geschiedenis zijn voor hem grote naties en hun leiders of eventueel de grote klassen of de grote ideeën.” Historicisten proberen: “de betekenis van het toneelstuk dat op het toneel van de geschiedenis wordt gespeeld, (…) te begrijpen …. Als hij daarin slaagt, zal hij natuurlijk in staat zijn toekomstige ontwikkelingen trachten te voorspellen, en zo zou hij de politiek een solide basis verschaffen en ons praktische adviezen kunnen geven door ons te vertellen welke politieke ondernemingen waarschijnlijk succesvol zullen zijn en welke waarschijnlijk zullen mislukken,[1]Aldus de filosoof Karl Popper.

Alles wat je doet is dan voorgeprogrammeerd. Je hebt geen eigen keuze. Geen vrijheid van denken en handelen. Met een dergelijke manier van denken is het maken van excuses niet nodig. Je kon er immers niets aan doen. Stuyvesant had geen keus wat hij deed, vloeide dan immers ook net zo rechtstreeks voort uit de slag bij Hastings van 1066 alwaar Willem van Normandië de Engelsen versloeg en die weer uit de slag bij Poitiers in 732 waar Karel Martel de Moorse opmars stopte en die weer uit de val van Rome en het instorten van de Midden-Amerikaanse Olmeekse beschaving enzovoorts en zo terug tot aan de eerste mens. Of nee nog verder, de oerknal als alles daarmee begon.


[1] Karl Popper, De open samenleving en haar vijanden, pagina 35

Onvergelijkbaar onvergelijkbaar

In zijn column in de Volkskrant schrijft Ari Elshout over de strijd tussen universalisten en multiculturalisten in Europa. Volgens Elshout vinden universalisten dat rechten, plichten en wetten voor iedereen gelden. De multiculturalisten vinden dat er: “rekening (moet worden) gehouden met andere culturen, ook al accepteren die het gelijkheidsbeginsel voor vrouwen en homo’s niet. Hameren op de universele rechten leidt tot uitsluiting van bevolkingsgroepen met andere waarden, is het argument.” Hij ziet dat vooral ‘links’ het hier lastig mee heeft: “zo streng als links is voor een steenrijk emiraat ver weg, zo voorzichtig opereert het doorgaans in de omgang met minderheden thuis die vanuit hun geloof niet veel anders denken over vrouwen en lhbti-plus dan de Qatarezen.” Een bijzonder betoog.

Bijzonder omdat ‘minderheden thuis’ van een hele andere orde zijn dan ‘de Qatarezen’. De ‘minderheden’ thuis die ‘anders denken’ hebben in Nederland de vrijheid om te mogen denken wat ze willen. Er is geen wet in Nederland die zegt ‘gij moet zus en zo denken over vrouwen of lhbti+’. Gelukkig is die er niet. In Nederland hebben we de vrijheid om ergens anders over te denken dan alle anderen. Het staat al die anderen ook vrij om jouw manier van denken verwerpelijk te vinden. De ‘strengheid’ naar de Qatarezen is gericht tegen de Qatarese overheid en haar wetgeving. Niet tegen wat de inwoners van Qatar vinden. De Qatarese overheid en wetgeving probeert mensen juist wel op te dringen wat ze moeten denken en vinden. De Qatarese wetgeving beperkt de vrijheid van haar inwoners.

Bijna aan het einde van zijn column geeft hij een advies aan links: “Ik zou zeggen: wees consequent, veroordeel achterstelling van bepaalde groepen niet alleen daar maar ook hier. Protesteren tegen de hoofddoekplicht in Iran gaat moeilijk samen met het verdedigen van de hoofddoek hier.” Het probleem in Iran is niet dat vrouwen hoofddoeken dragen. Het probleem is dat de overheid hen dwingt tot iets. De Iraanse overheid decreteert: ‘gij zult een hoofddoek dragen.’ Het probleem met Nederlandse partijen die de hoofddoek willen verbieden, is dat ze willen dat de Nederlandse overheid hetzelfde doet als de Iraanse, namelijk mensen dwingen tot iets: ‘gij zult geen hoofddoek dragen’. Het recht van de Iraanse vrouw om geen hoofddoek te dragen en het recht van de Nederlandse vrouw om er wel een te dragen, baseren zich op dezelfde vrijheid, namelijk de vrijheid van het individu om zonder dwang van wie dan ook en zeker zonder overheidsdwang, te bepalen welke kleren de persoon draagt. Het probleem van ‘links’ is dat het meegaat in een discussie over onvergelijkbare onvergelijkbaarheden. Hameren op universele rechten laat zich prima combineren met andere waarden. Problemen ontstaan pas als ‘waarden’ worden opgedrongen via wettelijke ge- en verboden. Als de vrijheid van het individu wordt aangetast om bepaalde normen op te dringen.

Politiek correcte politieke incorrectheid

“Ook de linkse media weten er niet goed raad mee. Soms druipt de politieke correctheid er vanaf. In een tweekolommetje besteedt De Volkskrant op de binnenpagina aandacht aan de voetbalrellen, terwijl er dagenlang aandacht en verontwaardiging was voor de Sinterklaasrellen in de gemeente Staphorst.” Dit schrijft criminoloog en antropoloog Hans Werdmölder in een artikel op de site Wynia’s Week. Een artikel naar aanleiding van de rellen die uitbraken na de winst op de Belgen van het Marokkaanse voetbalelftal.

Bron: Flickr

Volgens Werdmölder waren die rellen een gevolg van ‘botsende culturen’: “de feminiene Nederlandse c.q. Belgische christelijke cultuur, de macho Riffijns-islamitische cultuur en de hedendaagse straatcultuur.” Dit leidt tot: “onzekerheid, geweld en criminaliteit,” bij de jeugdigen. Of dat zo is, weet ik niet en daar gaat het mij ook niet om. Het gaat mij om de uitspraak waarmee ik deze prikker begon.

De manier waarop media met de voetbal- en sinterklaasrellen omgingen en de ‘politieke correctheid’ die daarvan afdruipt. Dagenlange verontwaardiging over de ene rel, de Sinterklaasrellen, en twee kolommetje op de binnenpagina voor de andere, de voetbalrellen. Een bijzondere vergelijking van twee ongelijke gebeurtenissen. Bij beide gebeurtenissen werd de openbare orde geschonden en speelde de politie een belangrijke rol, dat hebben ze gemeen. Dat is dan ook de enige overeenkomst.

Aan de ene kant, al dan niet door ‘botsende culturen’ en daardoor ‘onzekere jongeren’ veroorzaakt geweld en crimineel gedrag met geen ander doel dan rotzooitrappen. Aan de andere kant intimidatie en geweld om te voorkomen dat een andere groep gebruik kan maken van het democratisch recht om via een demonstratie je mening ergens over te uiten.

Bij beide rellen speelde de politie een belangrijke, zij het niet gelijke rol. Bij de voetbalrellen speelde de politie de rol die we van haar mogen verwachten. De rol van handhaver van de openbare orde. Een handhaver die optreedt als die orde wordt geschonden en dat was het geval toen de blijdschap na de overwinning van het Marokkaanse elftal uitliep op vernielingen en geweld tegen de politie die hiertegen optrad. Bij de Sinterklaasrellen was die rol de rol van ‘toeschouwer aan de zijlijn’. Een toeschouwer die toekeek en niet ingreep bij intimidatie en geweld van de ene groep tegen de andere. Een toeschouwer die haar plicht, het garanderen van het recht om te demonstreren maar vooral het beschermen van burgers tegen intimidatie en geweld door anderen, verzaakte.

Dat verschil in doel tussen de doelloze voetbalrellen en de doelbewuste aantasting van het democratische recht van burgers maakt, de vergelijkbaarheid die Werdmölder suggereert, onhoudbaar. Onhoudbaarheid die nog wordt versterkt door de rol van de politie, handhaver van de openbare orde en veiligheid in het ene geval en plichtsverzaker in het andere. Dit maakt Werdmölders vergelijking een gotspe.

Dit maakt het verschil in media-aandacht niet meer dan terecht en laat zien dat ‘de linkse media’ juist goed raad weten met dergelijke rellen. Dat er niets ‘politiek corrects’ afdruipt van dat verschil in media-aandacht. Sterker nog, de politieke correcte  politieke incorrectheid van Werdmölder door deze twee ongelijke gebeurtenissen gelijk te verklaren, is stuitend.

Bregmans glazen bol

Wat zou het fijn zijn als we nu al wisten dat we in de ogen van onze verre nazaten iets doen wat barbaars of moreel verwerpelijks is. Dan zouden we kunnen ‘handelen met voorkennis’. Op de beurs is dat verboden maar als het gaat om het toekomstig rapportcijfer voor goed gedrag dan zou het heel mooi zijn als we zouden weten wat in de toekomst als goed gedrag wordt gezien. Gelukkig voorziet Rutger Bregman ons van een morele glazen bol in de vorm van, om de titel van zijn artikel bij De Correspondent aan te halen: “Zes tekenen dat je aan de verkeerde kant van de geschiedenis staat.”  

Je hoeft geen specialist te zijn want die zes tekenen zijn voor iedereen die ze wil zien, makkelijk te herkennen. Laten we ze eens na lopen. Als eerste hebben we de signalen dat iets verkeerd is allang gehoord. Bregman: “ Het is niet dat een stelletje activisten aan het einde van de achttiende eeuw ineens, voor het eerst in de geschiedenis, bedacht dat er misschien iets mis kon zijn met de slavernij. Die geluiden klonken al eeuwen, maar waren nooit uitgegroeid tot een beweging.” Als tweede omdat we het: “normaal, natuurlijk en noodzakelijk vinden” Slavernij was er al altijd en: “sommige mensen waren ‘van nature’ slaaf, en als je de slavernij verbood dan zou de economie instorten.” Als derde als: “mensen wegduiken voor onprettige feiten.” Feiten zoals: “Wie een goedkoop T-shirt aanschaft denkt liever niet aan een sweatshop in Bangladesh, en wie naar Ibiza vliegt denkt liever niet aan de stijgende zeespiegel, brandende oerbossen en miljoenen klimaatvluchtelingen.” Een vierde teken zijn: “de boze reacties die morele pioniers oproepen.” Als vijfde als we moeite hebben om het aan onze kinderen uit te leggen. Want kinderen hebben: “Juist omdat ze nog niet ‘volwassen’ zijn (…) een uniek talent om onze hypocrisie bloot te leggen.” Het zesde en laatste teken omdat: “We vermoeden dat toekomstige generaties het barbaars zullen vinden.”

Bregman gebruikt die zes tekenen om aan te tonen dat het eten van vlees moreel verwerpelijk is. Daar gaat het mij nu niet om. Het gaat mij er ook niet om dat Bregman zijn betoog onderbouwt door het ‘morele gezag’ dat hij aan voorouders toekent vanwege hun strijd tegen iets anders, laat afstralen op zijn betoog om geen vlees te eten. Zo aten enkele van zijn helden in de strijd tegen slavernij geen vlees. Als het moreel kompas in het ene geval goed stond, dan zal dat ook wel voor dat andere geval gelden. Maar als moreel goed in het ene ook tot moreel goed in het andere leidt, dan zou dat ook de andere kant op werken. Moreel fout in het ene en dus ook in het andere.  

Het gaat mij om die zes tekenen. Met die tekenen kun je alle kanten op. Je kunt er alles wat we nu doen als barbaars mee betitelen. Je kunt ermee bijvoorbeeld zowel abortus als ook een abortusverbod moreel barbaars noemen. Je kunt ermee verdedigen dat het enige recht van vrouwen het aanrecht is maar ook dat iedereen gelijke rechten heeft. En maakt bij nadere beschouwing het zesde teken de andere vijf niet overbodig? Immers als we nu al ‘vermoeden’ dat onze verre nazaten het barbaars zullen vinden, vinden we dat dan nu niet ook al barbaars? Zouden we er dan nu niet ook meteen iets aan doen? Het voelt immers niet goed om jezelf als barbaar te zien. Barbaren dat zijn altijd anderen. Voor de Grieken was iedere niet Griek een barbaar. De Romeinen zagen het min of meer hetzelfde. Wat uiteindelijk ‘de goede kant van de geschiedenis’ is, hangt daarmee helemaal af van je wereldbeeld.

Ook Bregmans glazen bol biedt geen garantie op een goed rapportcijfer voor ‘goed gedrag’ in de toekomst.

Giroblauw past bij jou

Je moet al een bepaalde leeftijd hebben om ze op televisie te hebben gezien. De ‘Giro blauw past bij jou’ reclamespotjes van de Postgiro met de Britse komiek John Cleese in de hoofdrol. De Postgiro, de opvolger van de in de jaren twintig van de vorige eeuw opgerichte Postcheque- en Girodienst. Die dienst speelde een belangrijke en cruciale rol in het moderniseren van het betalingsverkeer. In 1923 opgezet met als doel om de administratie van girorekeningen te centraliseren en met ponskaarten te mechaniseren. De dienst was bijzonder succesvol en was de eerste volledig geautomatiseerde girodienst ter wereld. Ik moest hieraan denken bij het lezen van een artikel van Yvonne Hofs over de ‘digitale euro’ in de Volkskrant.

Bron: Flickr

“De Europese Centrale Bank (ECB) wil in 2026 een digitale euro in het leven roepen als alternatief voor de chartale euro (bankbiljetten en munten). Europeanen (en later waarschijnlijk ook niet-EU-burgers en -bedrijven) kunnen dan een betaalrekening openen bij de ECB zelf. Nu kan dat alleen bij gewone banken, die betaalrekeningen in girale euro’s aanbieden. Digitale euro’s kunnen concurreren met girale euro’s, omdat ze op dezelfde manier gebruikt worden: voor elektronische betalingen via een app, betaalrekening of betaalpas”  En: “Girale euro’s zijn een vorm van privaat geld, omdat ze door private instellingen (commerciële banken) worden beheerd en uitgegeven. Contant geld is publiek geld, want alleen de ECB (een overheidsinstantie) heeft het recht eurobankbiljetten te drukken. Digitale euro’s zijn ook publiek geld, want de ECB krijgt straks het monopolie op de uitgifte ervan.” Zo lees ik in het artikel. Euro’s die concurreren met de girale euro’s bij gewone banken? Een concurrent van het ‘private girale geld’? Een rekening bij de ECB openen voor digitale euro’s?

Bij dat laatste kan ik me iets voorstellen. Iedereen een betaalrekening bij de ECB of voor Nederlanders bij de De Nederlandsche Bank (DNB), daar kan ik me iets bij voorstellen. Het komt in de basis neer op het creëren van een door de overheid gegarandeerd betalingsverkeer. Nationaliseren van het betalingsverkeer en dat voorkomt dat de overheid, zoals in 2008, banken moet overnemen of overeind houden puur en alleen om te voorkomen dat het betalingsverkeer instort. Dat lijkt me een goed idee. Dit gewoon naast de betaalrekeningen bij private banken. Daarmee zouden we op een moderne manier weer 100 jaar teruggaan in de tijd en een nieuwe Rijkspost- en Girodienst oprichten. Ook de DNB denkt in die richting: “De digitale euro kan ook dienen als back-up betaalsysteem, zodat iedereen kan blijven betalen als andere betaalsystemen tijdelijk niet werken.

Alleen wordt het wazig als die digitale euro erbij komt. Voor welk probleem is die een oplossing? Dat girale geld is nu het probleem, zo lees ik. Want: “Door de digitalisering van de maatschappij gebruiken burgers en bedrijven steeds minder contant geld. Tegelijkertijd groeit het ‘marktaandeel’ van de girale euro’s die commerciële banken onder hun hoede hebben.” De overheid (ECB) verliest de controle op de in omloop zijnde hoeveelheid geld. Bijzonder dat dit nu als een probleem wordt gezien omdat de centrale banken er sinds 2008 alles aan hebben gedaan om die hoeveelheid geld zo groot mogelijk te maken. In plaats van de banken op de blaren van hun slecht gedrag te laten zitten door ze leningen te laten afschrijven, kochten centrale banken massaal waardeloze schuldpapieren en leningen op van die private banken en overheden wat zorgde voor een forse toename van de hoeveelheid geld.

Als die hoeveelheid giraal geld een probleem is, zou een nieuwe digitale munt dat probleem dan oplossen? Als ik die nieuwe digitale euro moet kopen met mijn girale euro’s dan verandert de totale geldvoorraad niet, wel neemt het aandeel girale euro’s af en dus neemt de hoeveelheid euro’s onder overheidscontrole toe. Dus ja, het kan een oplossing zijn, Maar …, is daar een digitale munt voor nodig? Daarvoor even terug naar die moderne versie van de Postcheque- en Girodienst, de privé bankrekening bij de ECB of een andere daarvoor op te richten bank voor het betalingsverkeer. Belangrijke vraag bij zo’n rekening is waarom iemand die rekening zou gebruiken en niet de betaalrekening bij de private bank? Een goede vraag. Als het alleen om betalen gaat, dan voegt zo’n rekening niets toe. Maar wat als de overheid alleen de euro’s op die ‘betaalbank’ garandeert en die op de rekening bij een private bank niet? Dit en een goede rente over het geld op de rekening? Zo zal als vanzelf een flink deel van het geld op die rekening worden gestald. Dan is de digitale euro overbodig.

Op de radio hoorde ik iemand zeggen dat je zo’n digitale euro kan ‘programmeren’. Daarmee kun je dan, zo werd verteld, voorkomen dat je kind er sigaretten of drugs van koopt als jij dat niet wilt. Dat lijkt leuk maar of het effectief is? Dan koop je dat spul toch gewoon van een andere euro, girale, fysieke of niet zo geprogrammeerde digitale euro? En hoe ziet dat er van de ontvangende kant uit? Hoe weet ik als ontvanger van een digitale euro wat voorgaande gebruikers er allemaal aan hebben zitten programmeren? Dan krijg ik als salaris een digitale euro waarmee ik geen sigaretten kan kopen, geen benzine kan tanken, geen boeken van Susan Nijman kan kopen enzovoort. Dergelijk geld lijkt me niet erg functioneel.

Maar, zo lees ik: “vooral Amerikaanse techbedrijven als Facebook hebben bovendien plannen voor eigen digitale munten gelanceerd.” En als die zo’n ding invoeren, moeten we dan niet volgen? De DNB haalt dit ook aan: “En verder vraagt de mondialisering van ons betalingsverkeer om meer zekerheid. We willen in Europa monetair onafhankelijk blijven van het buitenland en grote techbedrijven.” Want stel dat Facebook het betalingsverkeer overneemt? Zoals ik al eerder schreef, heb ik het niet zo op bedrijven en hun eigen munt. De enige reden voor Facebook om een  eigen ‘Libra’ in te voeren, is om jou en mij nog meer euro’s uit de zakken te kloppen en die te verdelen onder de aandeelhouders. Dat is geen goede reden om een digitale euro invoeren. Om dit te voorkomen is geen digitale euro nodig. De boodschap ‘het gebruik van de libra is op eigen risico’ is daarvoor voldoende.

De digitale munt, een oplossing op zoek naar een probleem!

Institutionalized racisme denken

Films bevatten soms prachtige uitspraken. Neem het gesprek tussen de gevangenen in Shawshank redemption als ze te horen krijgen dat de na meer dan vijftig jaar gevangenschap vrijgelaten Brooks zich van het leven heeft benomen. Red, gespeeld door Morgan Freeman spreekt dan de woorden: “He’s just institutionalized. … The man lived here 50 years Heywood, 50 yeard. This is all he knows. In here, he’s an important man, He’s an educated man. Outside he’s nothing. Just a used-up con …” Ook in mindere films zitten soms mooie uitspraken. Aan een ervan moest ik denken bij het lezen van de column van Harriet Duurvoort in De Volkskrant: “assumption is the mother of all fuck ups.”

Brooks verlaat de gevangenis

De uitspraak is afkomstig uit de B-film Under Siege 2: Dark Territory. met actieheld Steven Seagal in de hoofdrol. Het karakter van Seagal lijkt onder de trein te zijn gekomen, maar als er toch nog bad guys dood worden gevonden, vraagt het personage gespeeld door de acteur Al Sapienza of ze het lijk hebben gezien. ‘Ik zag hem vallen en ik zag bloed, dus ik nam aan dat ….’ Waarop Sapienza’s personage de volgende legendarische uitspraak doet: “Assumption is the mother of all fuck ups!” 

Waarom moest ik hieraan denken? Recentelijk verscheen het statistisch onderzoek van het CBS naar de vraag of door de toeslagenaffaire gedupeerde ouders door die affaire ook hun kinderen kwijt raakten door uithuisplaatsing. Conclusie van dat onderzoek was dat toeslagenouders een bovengemiddelde kans hadden om met jeugdbescherming in aanraking te komen. “ Van alle niet-gedupeerde ouders krijgt ongeveer 1,07 procent over een periode van drie jaar te maken met een kinderbeschermingsmaatregel. Bij gedupeerden van de toeslagenaffaire was dat maar liefst 3,98 procent.” Zo is te lezen in een artikel van Jesse Frederik bij De Correspondent. Maar die affaire was hiervan niet de oorzaak. Uit de statistische analyse bleek namelijk dat de groep toeslagenouders in veel grotere mate dan de gemiddelde ouder in andere risicogroepen viel. “Zo stond maar liefst 24 procent van de gedupeerde ouders in het jaar vóór de terugvordering van kinderopvangtoeslag geregistreerd als wanbetaler in de zorgverzekeringswet (tegen 2 procent bij niet-gedupeerde ouders); 52,9 procent van de gedupeerde ouders was jonger dan 25 toen ze hun eerste kind kregen (11,9 procent bij niet-gedupeerde ouders); 48 procent was alleenstaand ouder (14 procent bij niet-gedupeerde ouders); 18,4 procent had een verdachte van een misdrijf in huis (4,6 procent bij niet-gedupeerde ouders), en 43,9 procent zat in de laagste 20 procent van de inkomensverdeling (11 procent bij niet-gedupeerde ouders).”

Volgens Duurvoort is er: “geen reden om de vlag uit te hangen.” Want er is een ander probleem: “Casper Albers, die als hoogleraar toegepaste statistiek aan de RUG in de begeleidingscommissie zat van het CBS-onderzoek, suggereert dat er bij uithuisplaatsingen ‘structureel en massaal gediscrimineerd’ wordt. Hij twitterde tamelijk emotioneel om de bevindingen van de begeleidingscommissie in een andere context te plaatsen dan ‘toeslagenslachtoffers zijn niet vaker slachtoffer van uithuisplaatsingen’. Uit Albers’ tweet: ‘Of je nu toeslagenaffaireouder bent of om een andere reden in de problemen zit; Turken worden 9x(!) zo vaak gepakt als Nederlanders. Surinamers 7,5x. Marokkanen, Antillianen, enz: 6 keer.’” Volgens Duurvoort aanleiding om: “na te gaan of (on)bewuste vooroordelen en culturele waardeoordelen een rol spelen in de jeugdbescherming,” want een: “racistisch vooroordeel is niet iets waar men zich überhaupt van bewust,” hoeft te zijn: “Maar daarom moet het wel bespreekbaar zijn.” Want: “institutioneel racisme is ontwrichtend voor het functioneren van de rechtsstaat.” Dat mensen vooroordelen kunnen hebben is een feit, dat dit bespreekbaar moet zijn en dat institutioneel racisme ontwrichtend is zijn ook feiten. Dat maakt echter nog niet dat als mensen met een niet-westerse achtergrond vaker ‘gepakt’ worden dat er dan sprake is van discriminatie.

Duurvoort redeneert van het CBS onderzoek naar ‘institutioneel racisme. Voor een mogelijke verklaring, gaat ze ‘buurten’ bij Black Lives Matter in het algemeen en ‘de prominentste pleitbezorger van deze beweging’, zoals Duurvoort Dorothy Roberts noemt, in het bijzonder. “Gezinnen uit gemarginaliseerde gemeenschappen, zoals inheemse Amerikanen en arme Afro-Amerikanen, worden met diepgewortelde racistische vooroordelen bejegend en hun kinderen worden met ‘astronomische aantallen’ uit huis geplaatst. … Het systeem is in haar ogen niet bedoeld als kinderbescherming, maar als ‘family policing’: controlerend en straffend ingrijpen in kwetsbare gezinnen.”  ‘Omdat het systeem in de Verenigde Staten zo werkt, zal het in Nederland ook wel zo werken,’ lijkt Duurvoort te concluderen. Nu is Duurvoort niet de enige die zich hieraan schuldig maakt. Ook Ruben Mersch maakte recentelijk zich hieraan schuldig in een artikel over pijn. Mersch: “Pijn lijden is vervelend, maar als je vrouw bent, zwart, of een pijnpatiënt waarbij ze geen duidelijke biomedische oorzaak vinden, dan heb je dubbele pech. Dan heb je niet alleen pijn, je wordt ook nog eens niet geloofd.” Voor wat dat ‘zwart’ zijn betreft, baseerde hij zich op onderzoeken op enkele Amerikaanse eerstehulpafdelingen. Conclusies trekken op bevindingen uit de Amerikaans context voor de Nederlandse situatie is niet verantwoord. Dat de context en de geschiedenis in de Verenigde Staten een heel andere is dan de Nederlandse, wordt daarmee voor het gemak even terzijde geschoven. Voor de geïnteresseerden in die andere context, lees het boek Wat we van de Duitsers kunnen leren van de Susan Neiman. Ik schreef er al eerder over.

Net zoals het CBS bij haar onderzoek aangeeft niet uit te kunnen sluiten dat in individuele gevallen het slachtofferschap van de toeslagenaffaire de oorzaak kan zijn voor een uithuisplaatsing, is niet uit te sluiten dat vooroordelen van een jeugdbeschermer in individuele gevallen een rol kan spelen. Van die eventuele individuele vooroordelen naar ‘massaal gediscrimineerd’ worden of institutioneel racisme is flink wat stappen verder. De oorzaak van dat vaker ‘gepakt’ worden zou wel eens met voor een deel dezelfde risicogroepen te maken kunnen hebben, dan bij uithuisplaatsing maar vooral met inkomen. Van de mensen met een migratieachtergrond heeft meer dan 51% een inkomen tot € 20.000. Van de mensen met een Nederlandse achtergrond nog geen 35%. Daar zou wel eens de belangrijkste oorzaak kunnen liggen van dat ‘vaker gepakt’ worden om de woorden van Albers te gebruiken. Helaas blijft dat buiten beeld in onderzoeken naar ‘institutioneel racisme’. Na enkele jaren zal vervolgens blijken dat de ingezette maatregelen, de eventuele ‘diversiteitscursus’, de aan te stellen ‘chief diversity officer’, de diversiteitsquota enzovoorts, niets hebben veranderd omdat mensen met een niet-westerse achtergrond nog steeds veel vaker ‘gepakt worden’. De ‘assumption’ dat er sprake is van racisme en discriminatie, leidt tot de ‘fuck up’ van maatregelen die het probleem niet aanpakken. Wellicht is Duurvoort ‘institutionalized’ in het (institutioneel) racisme denken en kan ze de een wereld zonder dit denken niet meer aan, net als Brooks in Shawshank Redemption een wereld zonder gevangenismuren niet meer aankon?

‘K.. op Dirk’

“Nu kan het zijn dat jij een van de mensen bent die geloven dat het breken van de wet altijd fout is. Bedenk dan óók: de democratie kan het zodanig bij het verkeerde eind hebben dat geweldloos verzet niet alleen geoorloofd, maar zelfs onmisbaar wordt.” Dit schrijft Simon van Teutem in een artikel bij De Correspondent. In dat artikel bespreekt hij het recente fenomeen van zich aan schilderijen vastlijmende en met soep of puree bekogelende activisten die aandacht vragen voor de ernstige toestand waarin het klimaat zich bevindt en de rol die de mens hierin speelt. In zijn betoog vergelijkt Van Teutem deze acties met historische voorbeelden van geweldloos verzet en dat leidt tot een bijzondere vergelijking. Even voorop stellen. Wat ik hier schrijf en dat ik het schrijf wil niet zeggen dat ik de urgentie die de ‘plaktivisten’ drijft niet begrijp.

Bron: wikipedia

Terug naar Van Teutem. “De Amerikaanse essayist Henry David Thoreau, uitvinder van het begrip ‘burgerlijke ongehoorzaamheid’, vertikte het om bij te dragen aan slavernij en weigerde daarom vanaf 1840 nog belasting te betalen. Zes jaar later sloeg de lokale sheriff hem in de boeien. Dat incident schrok hem niet af, maar zette hem aan tot het schrijven van zijn befaamde essay ‘On the Duty of Civil Disobedience’.” Hij vervolgt met: “68 jaar later werd precies die tekst gelezen in de gevangenis, door de Indiase vrijheidsstrijder Mahatma Gandhi. De burgerlijke ongehoorzaamheid van Gandhi – die mensen opriep te staken en mee te doen aan geweldloze marsen – bezielde weer een jonge Amerikaanse dominee. ‘We who engage in nonviolent direct action are not the creators of tension’, schreef Dr. Martin Luther King in zijn Letter from a Birmingham Jail. ‘We merely bring to the surface the hidden tension that is already alive.’” Daarmee plaatst hij de ‘plaktivisten’ in een rijtje met groten.

Gaat die vergelijking van de ‘plaktivisten’ met Thoreau, Gandhi en King niet heel erg ver en betreft het appels met peren vergelijken of het verkopen van knollen voor citroenen? Thoreau, Gandhi en King kwamen op voor mensen die werden onderdrukt en geen burgerlijke of politieke rechten hadden of waarvan die rechten flink werden beperkt. Die hun stem in de figuurlijke zin niet konden laten horen en waarvan de letterlijke stem vaak het zwijgen werd opgelegd. Die als ze toch hun stem lieten horen of zich verzetten in het gevang belandden of erger.

‘Maar deze activisten komen op voor toekomstige generaties die nog geen stem hebben’, kun je dan tegenwerpen. Maar werp ik dan tegen: ‘Iemand die het anders ziet kan met evenveel recht en rede beweren op te komen voor toekomstige generaties die hun stem nog niet kunnen laten horen. Daar hebben deze actievoerders niet het alleenrecht op.’

‘Maar ze doen het voor nobel doel en voor ons allemaal’, kun je dan weer tegenwerpen. Waarop ik weer tegenwerp: ‘De nobelheid van een doel is arbitrair. Het ene (schilderij plakken voor een beter milieu) en het andere (blokkeren van wegen, gier op straat laten lopen) zijn acties die je alleen maar ‘nobel’ vindt als het doel je nader aan het hart gaat. Acties voor een doel waar je sympathie voor hebt kunnen op meer sympathie rekenen dan soortgelijke acties voor een doel waar je geen sympathie voor hebt.’

Maar belangrijker. Thoreau, Gandhi en King verzetten zich tegen onrechtvaardige wetten. Rosa Parks ging in de bus op een plek zitten waar ze met haar huidskleur niet mocht zitten om zich tegen de regelgeving die dit onderscheid legitimeerde te verzetten. Gandhi spinde het garen voor zijn eigen kleren en riep iedereen op dit te doen om de Britse import van textiel en zo dus de beurs van de Britten te raken. Hij liep in 24 dagen vierhonderd kilometer om zout uit zee te winnen om het Britse zoutmonopolie aan de kaak te stellen. Thoreau betaalde geen belasting omdat een overheid die een deel van haar burgers rechteloos laat, geen overheid is. Nu was voor Thoreau, zoals voor bijna iedere Amerikaan: “That government is best which governs least;” and I should like to see it acted up to more rapidly and systematically. Carried out, it finally amounts to this, which also I believe—“That government is best which governs not at all,” zoals hij het in zijn On the Duty of Civil Disobedience verwoordde. En dat is precies wat overheden bij het bestrijden van de klimaatcrisis doen.

“I submit that an individual who breaks a law that conscience tells him is unjust, and who willingly accepts the penalty of imprisonment in order to arouse the conscience of the community over its injustice, is in reality expressing the highest respect for law.” Aldus Martin Luther King in zijn Letter from a Birmingham jail. Gandhi, King en Thoreau voerden actie om onrechtvaardige wetten en onrechtvaardig beleid aan de kaak te stellen en richtten hun acties op die wet of dat beleid. Welke onrechtvaardige wet of beleid, om King aan te halen, stel je aan de kaak door je aan een schilderij te plakken en/of er soep over te gooien? De enige wet die je overtreedt is de wet die het vernielen of beschadigen van eigendom van anderen verbiedt. Het lijkt mij niet dat de activisten de wet die het vernielen of beschadigen van andermans eigendom verbiedt, onrechtvaardig vinden. De ‘plaktivisten’ op deze manier naast Thoreau, Gandhi en King plaatsen slaat, om het cru uit te drukken, als ‘k.. op Dirk’.

Kapot nivelleren

In het Financieel Dagblad, houdt econoom Mathijs Bouman een pleidooi voor een voltijdsbonus. Eigenlijk wil hij liever een complete hervorming van het belastingstelsel maar dat zit er voorlopig niet in en dan is een voltijdsbonus nog niet zo slecht, aldus Bouman: “Juist in de huidige situatie wordt de deeltijder voorgetrokken, en niet zo’n beetje ook. Een voltijdsbonus zal dat een enigszins kunnen rechttrekken. Rijke voltijders betalen dan nog steeds veel meer belasting dan arme voltijders, maar de deeltijdsubsidie wordt minder.” Dat klinkt sympathiek. Maar even naar zijn analyse.

Heel in het kort is die verwoord in het tweede deel van de titel van het artikel: “Voer de voltijdsbonus in, want onze arbeidsmarkt is kapot genivelleerd.” Dat onderbouwt Bouman met een rekenvoorbeeld van een vol- en een deeltijder in voor de rest precies dezelfde situatie. Dan blijkt dat de deeltijder door allerlei toeslagen per gewerkt uur netto veel meer verdiend dan de voltijder, € 28,30 tegenover € 17,00. En als de deeltijder besluit om voltijds te gaan werken dan levert dat per gewerkt uur maar € 6,00 op aan extra koopkracht. Door het invoeren van een bonus bij voltijdswerken zou dat veel meer worden en zou voltijds gaan werken extra lonen en dus aantrekkelijker worden. Aangezien er een tekort is aan arbeidskrachten zouden die extra gewerkte uren zeer welkom zijn. Dus doen! Nou, niet zo snel.

Niet zo snel want wellicht zijn er meer manieren om hier iets aan te doen. Meer manieren waarbij het niet de belastingbetaler is die hiervoor opdraait want dat is de persoon die deze voltijdsbonus moet gaan betalen. Die bonus kan worden betaald door minder te nivelleren, dan betalen dus de armeren de rekening voor de rijken het kan ook door het benodigde extra geld bij hogere inkomens te halen en dan …. Is er sprake van nivellering. Nivelleren om ‘kapot nivellering’ te bestrijden? Een derde optie is om de belasting op winsten van bedrijven te verhogen. Daar is wat voor te zeggen omdat zij kunnen profiteren van die meerdere uren die er dan gewerkt worden. Dat betekent meer omzet en meer winst. Nou iets minder meer dan omdat ze die voltijdsbonus moeten betalen.

Maar wacht eens? Als het de bedrijven zijn die ervan profiteren, waarom dan een voltijdsbonus via de belastingen? Waarom de kosten niet direct bij de bedrijven leggen? Als bedrijven moeite hebben om aan personeel te komen is loonsverhoging dan niet dé manier om deeltijders te verleiden om meer te werken? Ja, dan zullen ook die voltijders meer loon vragen want gelijk werk moet gelijk worden beloond. Laat ik net als Bouman ook eens met wat cijfers rekenen. Als we kijken naar modaal inkomen dan was dat in 1995 € 22.235 en in 2021 € 37.000, een stijging van ruim 66%. Kijken we naar de ontwikkeling van de economie als geheel (het bbp) dan groeide dat in dezelfde periode met net geen 105%, van € 655,5 miljard naar € 1.341,2 miljard. Dat betekent dat de werkenden een steeds kleiner deel van de totale koek kregen en bedrijven een steeds groter deel. Als je je daarbij bedenkt dat de prijzen in dezelfde periode met 70% zijn gestegen dan is de gemiddelde loontrekker er in die periode op achteruit gegaan en viel alle groei aan de factor kapitaal. Als je het van die kant bekijkt, dan kun je concluderen dat het ‘kapot nivelleren’ nodig was om te voorkomen dat mensen met lagere inkomens zouden verhongeren. Lijkt het er zo niet op dat er is genivelleerd om de bedrijven winstgevender te maken?

Als dat zo is, is dan loonsverhoging en optrekking van het minimumloon niet ineens ook een mogelijke optie? Want wordt ‘nivelleren’ hierdoor niet minder noodzakelijk omdat er voldoende inkomen is om van te leven? Naast de verminderde noodzaak tot nivelleren kent deze optie nog meer voordelen. Zo wordt arbeid duurder en dat maakt het aantrekkelijker om werk te automatiseren. Dat komt de arbeidsproductiviteit weer ten  goede. Ook zal bepaald soort werk verdwijnen omdat de producten of diensten die ermee worden geleverd te duur worden en niemand er meer voor wil betalen. Het eerste wat mij daar te binnenschiet zijn de vele maaltijdbezorgers. Daar zullen er veel van verdwijnen behalve als de gebruikers ervan bereid zijn om de hogere lonen te betalen.