Kijken

Wat is het eerste wat u te binnenschiet als u de onderstaande foto ziet?

ruud gullit

Foto:  329 × 562 – it.wikipedia.org 

“Weer ging het niet over wat ze kan, maar over haar kleur. Tuurlijk, het is een legitieme vraag, want het is tenslotte nieuwswaarde. Maar het is ook iets geks. Alsof mensen eerst haar kleur zien, en dan pas haar als actrice. Het legt wel feilloos bloot hoe wij kijken. Over colourcasting gesproken.” 

Dit concludeert Jeffrey Spalburg in zijn opiniebijdrage in de Volkskrant naar aanleiding van de Theo d’Ore voor actrice Romana Vrede, of moet ik in dit genderneutrale tijdperk acteur zeggen. Spalburg verbaast zich erover dat het alleen maar over haar kleur gaat en niet over haar acteerprestaties. Ik mag er toch van uitgaan dat de jury juist wel naar de acteerprestaties van Vrede heeft gekeken.

Terug naar de conclusie van Spalburg. Zien mensen werkelijk eerst de kleur van Vrede? Ja, Vrede is de eerste gekleurde actrice die deze prijs wint en dat is nieuwswaardig en daar wordt naar gevraagd. Betekent dat dan ook dat eerst haar ‘ kleur’ wordt gezien? Ja, toen ik naar haar keek, zag ik haar kleur, want ik kende Vrede niet. Niet als actrice en al helemaal niet als persoon. Net zoals ik de meeste winnaars van deze prijs niet ken. Dat ligt vooral aan mij, niet aan Vrede en de eerdere winnaars. Het lijkt mij daarom logisch dat ik haar niet als eerste als actrice zie. Als vervolgens wordt vermeld dat zij actrice is, dan zie ik nog steeds haar kleur, maar denk ik: dan zal ze wel een heel goede actrice zijn anders had ze die prijs niet gewonnen. Daarmee lijkt het dat de casus Ballonnendoorprikker Spalburg gelijk geeft, ik zie immers eerst de kleur van Vrede en zie haar pas als actrice als ik lees dat ze dat is.

Ik heb alleen het gevoel dat Spalburg het anders bedoelt. Ik heb het gevoel dat hij bedoelt dat mensen die weten dat Vrede actrice is, haar nog steeds eerst als gekleurd zien en dan pas als actrice en dat is iets wat ik waag te betwijfelen. Laat ik eens een ander voorbeeld nemen: Ruud Gullit. Wordt Gullit eerst als gekleurd gezien of eerst als voetballer, iets wat hij trouwens als jaren niet meer is? Spalburg zal mij, als hij me tegenkomt, eerst als blanke (of tegenwoordig waarschijnlijk witte) zien en niet als schrijver van stukjes. Zou dat nog steeds zo zijn als hij me kent als stukjesschrijver? Zou het werkelijk zo zijn dat mensen die iemand kennen, eerst de ‘kleur’ zien en dan pas de persoon die zij kennen? Zou het kunnen dat Spalburg, omdat hij is gefocust op kleur, denkt dat dit voor iedereen zo is?

Terug naar de vraag waarmee ik begon, ik ben benieuwd naar jullie antwoord op die vraag.

Selectief winkelen

“Erkennen van het Nederlandse aandeel in slavernij is erkennen dat er in Nederland een systematische ongelijkheid bestaat voor een groep Nederlanders met een cultureel diverse achtergrond.”

Dit schrijft Jörgen Tjon A Fong in de Volkskrant in reactie op een column van Martin Sommer in dezelfde krant. Tjon A Fong vindt dat Sommer het slavernijverleden bagatelliseert en dat hij door: “betwisten van de cijfers de weg naar gelijkheid juist vertroebelt.” 

slavernijFoto: Pixabay

Het gaat mij er niet om wie gelijk heeft en hoe groot of klein het Nederlandse aandeel in de slavernij handel was. Het gaat mij om deze bewering van Tjon A Fong. Hij beweert hier dat er een oorzakelijk verband bestaat tussen de slavenhandel en de huidige ongelijkheid die er bestaat tussen Nederlanders met diverse culturele achtergronden. Tjon A Fong beweert hier dat het laatste is veroorzaakt door het eerste. Of hemzelf aan het woord te laten: “Het gaat erom dat we in de tijd die we de Gouden Eeuw noemen een sociale constructie hebben gebouwd waarin wit als superieur werd gezien en niet wit als minderwaardig.”

Hoe is dan die ‘sociale constructie’ in de Gouden Eeuw ontstaan? De westerse slavenhandelaren zagen immers niet iedere niet blanke als slaaf. Ze handelden er vrolijk op los met niet blanke slavenhandelaren die hun kleurgenoten verhandelden. Als ze pech hadden, werden ze zelf tot slaaf gemaakt door Arabieren en Noord-Afrikanen.

Ik ben benieuwd hoe het verband dat Tjon A Fong schets eruitziet. Dat twee gebeurtenissen na elkaar optreden wil niet zeggen dat er een oorzakelijk verband is tussen die twee. Kan Tjon A Fong of iemand anders mij dit verband uitleggen? Volgens Tjon A Fong gaat het erom de: “bouwstenen van de huidige maatschappij bloot te leggen. En daar vormt de geschiedenis een onuitwisbaar fundament van.” De slavenhandel heeft hierbij tot een ‘constructiefout’ geleid. Winkelt Tjon A Fong zo niet selectief in de geschiedenis?

Als de geschiedenis het fundament van het bouwwerk is, behoort dan de afschaffing van de slavernij niet ook tot die fundamenten? Net als een Grondwet die iedereen gelijk behandelt?

Zou het kunnen dat de oorzaak van de ongelijkheid niet systematisch is, maar een oorzaak in de menselijke natuur heeft? Identificeert een mens zich niet met degenen die op hem lijken. Zou dat niet de oorzaak van de ongelijkheid kunnen zijn?

Solidariteit en identiteit

Econome Heleen Mees houdt, in haar column in de Volkskrant, een warm pleidooi voor diversiteitsbeleid: “Neem bijvoorbeeld het controversiële voorkeursbeleid. Door meer minderheden aan te stellen bij de politie, het openbaar ministerie en de rechterlijke macht, neemt het vertrouwen in de rechtsstaat toe, en zullen de criminaliteit en het gevoel van onveiligheid afnemen.” Hiervan profiteren ook de ‘witte’ Amerikanen. Net zoals zij ook profiteren van laagopgeleide migranten: “Dankzij de goedkope arbeid van migranten gaan Amerikanen ook vaker uit eten dan Europeanen. Daardoor zijn er in de VS ook meer banen in restaurants.” 

solidairFoto: Vimeo

Volgens Mees moet ‘links’ niet terug naar: “de kernbeginselen van solidariteit en gelijke bescherming voor iedereen. … Dat zou immers betekenen dat misstanden als rassen- en seksediscriminatie zouden blijven voortbestaan zij het op een hoger welvaartsniveau. De uitdaging voor de linkse politiek is om een programma te ontwikkelen dat opkomt voor de legitieme belangen van minderheidsgroepen zonder de legitieme grieven van de witte arbeidersklasse uit het oog te verliezen.”  Volgens haar is ‘links’ nu te veel gericht op ‘identiteitspolitiek’ en geeft zo het belangrijke sociaal-economische terrein prijs aan ‘rechts’.

Ik moest het een paar keer lezen. Als de staat iedereen gelijk beschermt en solidariteit als uitgangspunt neemt, dan blijven rassen- en seksediscriminatie bestaan. Wat zegt Mees hier? Hoe kan rassen en seksediscriminatie blijven bestaan als iedereen op eenzelfde bescherming en solidariteit kan rekenen? Is welke vorm van discriminatie niet juist een gevolg van ongelijke bescherming? Van juist niet solidair met elkaar zijn en dus van het maken van onderscheid?

Is het zorgen voor een betere afspiegeling bij bijvoorbeeld de politie niet juist een voorbeeld van solidariteit? Net zoals het ook binnen laten van laagopgeleide migranten? Is de fout die ‘links’ maakt niet juist dat het solidariteit als diversiteit verkoopt? Dat die diversiteit-politiek tot in het extreme doortrekt tot de schadelijke identiteitspolitiek? Zou ‘links’ daarom niet juist voor solidariteit en gelijke bescherming moeten pleiten?

 

Ibrahim in Nederlands gevang

Vandaag is het le Quatorze Juillet, de Franse nationale feestdag. Op deze dag in 1789 bestormde een woedende menigte Parijzenaars de Bastille, de Parijse gevangenis. Die bestorming leidde de Franse revolutie in. De revolutie van liberté, egalité, fraternité of op z’n Nederlands vrijheid, gelijkheid en broederschap. Begrippen die hun vertaling kregen in de universele verklaring van de rechten van de mens en die werden vertaald in de grondwet, ook de Nederlandse.

Bastille

Illustratie: Wikipedia

Aan die grondwet moest ik denken toen ik in de Volkskrant een bericht las over de uitzetting van criminele vreemdelingen. “Criminele vreemdeling wordt maar zelden uitgezet, rechters bemoeilijken intrekken verblijfsstatus,” zo luidt de kop boven het artikel. In deze krant ook het verhaal van de zevenentwintig jarige Ibrahim uit Gouda die na vierentwintig jaar in Nederland te hebben gewoond, wordt uitgezet vanwege een roofoverval en een zware mishandeling. Het is de laatste jaren regeringsbeleid om criminele vreemdelingen sneller uit te zetten. Alleen werkt de rechter, zo valt in het artikel te lezen, niet mee. Het Europese hof heeft in een uitspraak bepaald dat de overheid moet: “motiveren dat een vreemdeling een ‘daadwerkelijk en actueel gevaar’ vormt. Een veroordeling op zich is (…) onvoldoende bewijs.” Menigeen zal nu denken, waar bemoeit die Europese rechter zich mee, uitzetten die criminelen! Advocaten denken daar anders over, die: “ betwijfelen of het zinvol is verblijfsvergunningen in te trekken als vreemdelingen al tientallen jaren in Nederland zijn. In de praktijk verdwijnen zij dan vaak hier in de illegaliteit.”

Ik moest, zoals gezegd, aan de Nederlandse grondwet denken toen ik dit las en dan vooral aan artikel 1“Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.” Wordt de criminele Ibrahim met een Marokkaans paspoort gelijk behandeld met de criminele Henk die dezelfde feiten heeft gepleegd en in het bezit is van een Nederlands paspoort? Henk kan niet het land worden uitgezet, zoals nu wel met Ibrahim dreigt te gebeuren. Moet Ibrahim niet, net als Henk, gewoon het Nederlandse gevang in?

Jammer voor Ibrahim dat hij zich bij het gerecht niet kan beroepen op de grondwet, dat is in Nederland immers onmogelijk. Hij wordt ongelijk behandeld en daarmee gediscrimineerd.

Als je een hamer hebt …

Beste meneer Vanenburg, met veel belangstelling las ik uw artikel bij Joop. Alleen vraag ik, blanke Nederlander, mij af wat u van mij verwacht? Wanneer bent u tevreden? En veel belangrijker, realiseer u zich dat u het grote risico loopt dat op te roepen wat u probeert te bestrijden?

hamer en spijker

foto: Pixabay

Als ik het einde van uw stuk mag geloven, dan bent u tevreden als: “de mentaliteit van de ‘ik ben geen racist, maar-Nederlander’ verandert.” Begrijp ik het goed dat u pas tevreden bent als ik zeg dat ik een racist ben? Want dat is volgens mij het enige dat die ‘mentaliteit’ kan veranderen. Wel beste meneer Vanenburg, dan kunt u lang wachten, dat zal ik nooit zeggen, dan zou ik namelijk iets beweren wat niet klopt. Ik zal u dus blijven teleurstellen en daarom, zo beweert u: kunnen echte veranderingen (niet) in gang gezet worden,”.  Echte veranderingen kunnen volgens u immers pas ingang worden gezet, als ik zou zeggen dat ik een racist ben.

Jammer meneer Vanenburg, want ik denk dat als wij met elkaar in gesprek gaan, zal blijken dat we veel voor elkaar kunnen betekenen. Ook ik zie dat er groepen in de samenleving zijn die het moeilijk hebben. Voor die groepen wil ik mij liefst samen met u, inzetten. U wijt die moeilijkheden aan racisme, ik zie het eerder als gewenning aan elkaar. Het is mensen, van welke kleur, religie of welk ander onderscheid je ook kunt maken, immers eigen om zich eerder verwant te voelen met hen die op hen lijken. Die gewenning kost tijd, veel tijd. Dat gezegd hebbende, wil het niet zeggen dat we dan maar moeten afwachten. verre van dat zelf, je kunt die tijd namelijk verkorten door een handje te helpen. Natuurlijk zullen er ook mensen zijn die echt racistisch zijn, die moeten we samen en met hulp van de rechter, bestrijden. Met eenieder die dit ook wil, werk ik graag samen. Alleen moet mij niet worden gevraagd, zoals u doet, eerst iets te verklaren.

Realiseert u zich dat u het risico loopt juist dat op te roepen wat u bestrijdt? Door uw manier van opereren, en u staat hierin niet alleen zoals ik al aan Anoucha Nzume schreef. Door steeds te blijven roepen dat de ‘witte Nederlander racistisch is en dat er in Nederland een: “racistische beerput is (die) een paar jaar geleden al wijd (is) opengetrokken en die (…) voorlopig ook niet meer dicht (gaat),” loopt u het risico dat u mensen zo van u gaat vervreemden. Dat zij het gedrag dat u aan hen toeschrijft gaan vertonen.

“Als je een hamer hebt, gaat alles op een spijker te lijken.” Beste meneer Vanenburg, kent u dit gezegde. Zou het kunnen dat u een hamer in handen hebt? Misschien is het dan verstandig om die hamer eens neer te leggen. Wellicht bestaat de wereld dan uit meer dan alleen spijkers.

‘Brandweertest’

Jullie hebben het, als volgers van de actualiteit, vast ook wel in de gaten. Wat? Nou dat de ondervertegenwoordiging van vrouwen in de muziekwereld een belangrijk thema is. Muzikanten zijn voor het overgrote deel mannelijk net als discjockeys en ook in de industrie eromheen zijn vrouwen een zeldzaamheid. Radio’s draaien voor het overgrote deel muziek gemaakt door mannen. Dat laatste lijkt mij dan weer een logisch gevolg van het voornamelijk mannelijk zijn van muzikanten. Volgens Rufus Kain van de Correspondent leeft: “Dit thema (…) de laatste tijd zo sterk, dat het lijkt alsof de ongelijke verhoudingen voor het eerst worden opgemerkt.” Leven is één, het veranderen is twee en daarom moet het op de agenda blijven en: “Op de agenda houden’ is meer dan een herhalingsoefening. Het is ook een zoektocht naar nieuwe perspectieven.” 

brandweertestFoto: Pixabay

Dat het thema voor Kain zo ‘sterk leeft’ zou een gevolg kunnen zijn van zijn eigen focus op dat thema. Als Kain zich had gefocust op de ‘scheve’ man-vrouwverhouding bij advocaten of kraanmachinisten, zou dat ‘thema’ dan de laatste tijd niet veel meer lijken te ‘leven’? Immers als je je op iets focust, dan neem je het ook waar. Als je bijvoorbeeld een Citroen Cactus wilt kopen, dan zie je er ineens veel meer over straat rijden. Leeft het thema dan, of leeft het thema dan alleen bij jou?

Nu zijn er veel meer beroepen waar er sprake is van een ‘scheve’ man-vrouwverhouding. Zo zijn verpleegkundigen, jeugdhulpverleners en leerkrachten op het basisonderwijs voor het overgrote deel vrouwelijk. Hoogleraren zijn dan weer voor het grootste deel mannelijk, net als stukadoors, metselaars en bosbouwers. Dus een dergelijke ‘scheefheid’ komt meer voor. Die staat op de agenda en wordt erop gehouden met ‘oude’ en ‘nieuwe’ perspectieven. De meest scheve verhouding betreft trouwens het moederschap en als spiegel daarvan, het vaderschap.

Kain legt de nadruk op een scheve man-vrouwverhouding in beroepen. Hij lijkt te pleiten voor een gelijke verdeling tussen mannen en vrouwen in beroepen. Ik vraag me af of het streven naar een gelijke man-vrouwverhouding wel een doel moet zijn. Zou het doel niet veeleer gelijke kansen voor mannen en vrouwen moeten zijn? Of nog beter, gelijke eisen en behandeling, want zoals Judith Sluiter het in de Volkskrant zegt over een test waaraan brandweermensen moeten voldoen: “Als een collega van 80 kilo boven in een brandend gebouw op de grond ligt en weggedragen moet worden, kun je niet zeggen: het gaat niet, ik roep een ander. Daar is geen tijd voor.” De test behelst het met veertig kilo op de rug honderd traptreden beklimmen.

Beste burgemeester Koelewijn

Ik begrijp uit een artikel in de Volkskrant dat u heel begaan en betrokken bent met het meisje in uw gemeente Kampen, dat meerdere keren bruut is verkracht door een man uit Eritrea. Een man die ten tijde van het misdrijf in het asielzoekerscentrum (AZC) in Dronten verbleef. Die betrokkenheid siert u, er kan niet genoeg aandacht zijn voor slachtoffers van dergelijke vreselijke misdrijven. De dader verdient een zware straf al zal die straf het leed dat het meisje is aangedaan, nooit weg kunnen nemen.

kampenFoto: Kampen Online

Wat ik niet begrijp is uw reactie op hetgeen het meisje zich afvroeg. Ik citeer u: “Het meisje vroeg zich af hoe het toch kan dat mensen die uit oorlogsgebieden komen, en mogelijk oorlogstrauma’s hebben, ’s nachts vrij kunnen rondlopen’,… .Terwijl de situatie ook zo is dat ze dikwijls in de horeca worden geweerd. Dus je nodigt daarmee uit dat die mensen op straat gaan hangen ’s nachts, zonder toezicht. Dat heeft mij aan het denken gezet.” Resultaat van dat denken is een avondklok voor asielzoekers. Die kan volgens u uitkomst bieden omdat de omgeving veiliger wordt, “Maar het is ook een stuk bescherming naar de mensen zelf’.” Met die mensen bedoelt u de bewoners van het AZC.

In het krantenartikel krijgt u, naar mijn mening, terecht veel kritiek, op de vrijheidsberoving die u aan de asielzoekers wilt opleggen. Een vrijheidsberoving van onschuldige mensen omdat iemand uit hun ‘dorp’ een misdrijf heeft gepleegd. Over het straffen van een groep voor een daad van een eenling, wil ik het verder niet meer hebben. Dat wordt in het artikel al genoegd benadrukt en heeft bij diverse media voldoende aandacht gekregen.

Ik wil het met u hebben over over een tussenzin in het citaat hierboven. De zin: “Terwijl de situatie ook zo is dat ze dikwijls in de horeca worden geweerd.” een zin die er zomaar tussendoor glipt. Maar zegt u daar dat u het goed vindt dat de horeca in uw stad een ‘deurenbeleid’ voert dat groepen mensen, in dit geval asielzoekers, weert? Vindt u het werkelijk goed dat horeca-ondernemers in uw stad discrimineren?

Ik hoop toch, al doet de berichtgeving en de manier waarop u deze zin brengt het ergste vrezen, dat u dit niet normaal vindt. Ik hoop dat u eens een goed gesprek met deze ondernemers gaat voeren. Dat u optreedt tegen deze vorm van discriminatie. Mag ik erop rekenen dat u dit gesprek gaat voeren? Dat u deze Kampense horeca-ondernemers stevig gaat toespreken? Mag ik erop rekenen dat u deze horeca-ondernemers eens flink de mantel uitveegt en mocht dat niet voldoende zijn, dat u passende maatregelen neemt tegen de onwilligen?

Met vriendelijke groet,

De Ballonnendoorprikker

Discriminatie bij wet

De Eerste Kamer heeft ingestemd met een wet die het mogelijk maakt om vermeende terroristen het Nederlanderschap te ontnemen. Tenminste, als de persoon naast de Nederlandse, nog een andere nationaliteit heeft. Als de persoon alleen de Nederlandse nationaliteit heeft dan kan de nationaliteit niet worden afgenomen omdat volgens internationale verdragen moet worden voorkomen dat iemand statenloos wordt. Zo willen de ‘instemmers’ met de wet de veiligheid in Nederland vergroten. Wat als het land van de tweede nationaliteit dezelfde maatregel neemt en daarmee iets eerder is dan Nederland?

terrorismeIllustratie: Liberties.EU

Laten we aannemen dat de ‘instemmers’ gelijk hebben en dat het hierdoor werkelijk veiliger wordt in Nederland. Wordt die veiligheid dan niet duur betaald?

Duur betaald omdat het Nederlanderschap kan worden ontnomen door het kabinet op basis van een ambtsbericht van de AIVD. Dus zonder tussenkomst van een rechter op basis van informatie, ambtsberichten die heel lastig tot niet zijn te toetsten, ze zijn immers verkregen door geheime diensten. In onze Nederlandse rechtstaat was het gebruik dat het aan de rechterlijke macht is om iemand te bestraffen. Nu wordt er gestraft zonder tussenkomst van de rechter. Ja, de rechter wordt achteraf gevraagd om zich erover uit te spreken.

Duur betaald omdat de wet onderscheid maakt tussen mensen. Namelijk tussen mensen mét en mensen zonder dubbele nationaliteit. Alleen de eersten kunnen immers worden gestraft met het intrekken van de nationaliteit. Hoe verhoudt zich dit tot het gelijkheidsbeginsel? Discrimineert de wetgever niet op basis van afkomst? De Grondwet stelt in artikel 1 immers: “Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.” ‘De vermeend terrorist bevindt zich niet in Nederland’, zou je kunnen tegenwerpen. De terrorist met de Nederlandse nationaliteit wellicht ook niet en die wordt anders behandeld.

Moet niet juist aan de kracht van de rechtstaat en de erin opgenomen gelijkheid, worden vasthouden? Worden zo, in de strijd tegen ‘terroristen’ niet juist die zaken afgebroken die ons onderscheiden van de ‘terrorist’? Wordt zo niet de belangrijkste verdedigingswal tegen ‘terroristen’ afgebroken?

 

Postadres ‘witte Nederlandse cultuur

Beste meneer Kartosen-Wong, op de site Joop bekritiseert u de criticasters van de documentaire ‘Wit is ook een kleur’ van Sunny Bergman. “De documentaire roept kennelijk al op voorhand zoveel ongemak op bij sommige critici dat zij zich in allerlei bochten wringen om deze te diskwalificeren,” zo schrijft u en daarom begrijpen zij de kern ervan niet. U hoopt toch dat: “witte Nederlanders zich dit realiseren en daardoor openstaan voor de inzichten die de documentaire aandraagt,” omdat die bewustwording uiteindelijk bijdraagt aan het oplossen van het probleem.

racisme

Beste meneer Kartosen-Wong,  wat is het probleem dat moet worden opgelost? Volgens mij komt het erop neer dat iedereen zich moet realiseren dat hij of zij vooroordelen heeft, dat er bij voorkeur wordt gekozen op gelijkenis en niet op verschil. Heel menselijk gedrag, dat onwenselijke gevolgen kan hebben. Net zoals we ons als samenleving moeten realiseren dat we heel voorzichtig moeten zijn met het baseren van beleidskeuzes op statistische gegevens.

Als ik u en de uwen moet geloven ligt het anders, dan is dat ‘ingebouwd racisme’ in de ‘westerse cultuur’ het probleem. “Uiteindelijk wordt ‘witte Nederlandse cultuur’ als voortbrenger van dergelijke vooroordelen aangeklaagd, en niet de individuele witte Nederlander wiens denken en handelen daar onbewust door worden gestuurd, zo schrijft u.

Een cultuur die een gevolg is van een ‘cultureel archief’ van de West-Europese landen: “waarbinnen ze de plicht hadden om zich buiten hun eigen gebied te begeven en andere volkeren aan zich te onderwerpen,” zoals Gloria Wekker bij De Correspondent beweert. Een bijzondere, of eigenlijk dubieuze, theorie omdat ze uitgaat van een vooropgezet plan van ‘witte West-Europeanen’ om de wereld te domineren. Alleen is de ‘plan-kaart’ of, zoals ik eerder schreef, het ‘Risk-opdrachtkaartje‘ nooit gevonden en lijkt het erop dat geschiedenis wordt aangepast aan het door u en de uwen gewenste frame. Bijzonder om nog een tweede reden en dat is dat ontkennen of ter discussie stellen van die theorie geen zin heeft, want dan lijd je aan ‘witte onschuld’ en daarmee toon je het gelijk aan van de theorie.

Als mensen zich niet aangesproken hoeven te voelen, wie dan wel? Waaruit bestaat een cultuur als ze niet uit mensen bestaat? Wie koestert dan dat: “nationale zelfbeeld van een moreel superieure Nederlandse cultuur en samenleving,” zoals u schrijft? Wat is dan het ‘postadres van de witte Nederlandse cultuur?

Zou het kunnen dat u en de uwen zoals Sunny Bergman, Mitchell Esajas, Charlene Hiwat-Kortstam, Gloria Wekker en anderen, eens in de spiegel zouden moeten kijken? Niet letterlijk om de huidskleur te bekijken, maar figuurlijk om uw eigen denken en de theorie die eraan ten grondslag ligt eens kritisch te beschouwen?

Racism or no racism? That’s the question

Ook de opiniesite Joop besteedt aandacht aan het rapport Integratie inzicht? van het Sociaal Cultureel Planbureau. In een artikel met als titel Witten minder bang voor niet-witten, discriminatie neemt toe worden de uitkomsten besproken.  En ik moet zeggen, ik raak ervan in de war. Niet van de uitkomsten van het SCP-rapport, maar van het taalgebruik in het artikel.

Joop gebruikt steevast ‘wit’ waar vroeger over ‘blank’ werd gesproken. Daar zit de verwarring niet. Het wordt verwarrend als de rest op één ‘hoop’ wordt gegooid en die hoop wordt ‘niet-wit’ genoemd.  Die ‘hoop’ omvat onder andere de Surinaamse-Nederlanders en Marokkaanse-Nederlanders. En dan raak ik in de war. Want zijn er niet ook ‘witte’ Surinaamse-Nederlanders? Zijn trouwens alle ‘witte’ Nederlander, of zijn er ook ‘witte’ niet-Nederlanders.

kleurrijk-nederlandFoto: www.arenapoort.nl

Dit wordt cruciaal bij de Marokkaanse-Nederlanders. Het wordt cruciaal omdat het grote probleem juist bij de Marokkaans-Nederlandse jongeren ligt, want die, zo lees ik, “ hebben het meeste last van een gebrek aan acceptatie. Zij lijden het meest onder vooroordelen en kunnen niet rekenen op een positieve dan wel onbevangen houding onder witte Nederlanders.” Hoe ‘niet-wit’ zijn die Marokkaanse-Nederlanders eigenlijk? Als een Marokkaanse-Nederlander ‘niet-wit’ is, hoe ‘wit’ is dan een ‘witte Nederlander’ met zwart haar en een wat donker getinte huid? Hoort een Spaanse-Nederlander bij de ‘witten’ of de ‘niet-witten’?

Loopt Joop zo niet vast met het gebruiken van de termen ‘wit’ en ‘niet-wit’? Als ‘kleur’ het probleem zou zijn, zouden Spaanse- en Italiaanse-Nederlanders dan niet evenveel last moeten hebben van een gebrek aan acceptatie? Laat het voorbeeld van de Marokkaanse-Nederlander niet zien dat de ‘kleur’ niet het probleem is? Zouden er andere oorzaken zijn waardoor Marokkaanse-Nederlanders achtergesteld worden?

Joop concludeert dat de opstellers van het rapport in “de gebruikelijke bedekte termen” schrijven, “waarbij het signaleren van wit racisme angstvallig vermeden wordt.” Zou het kunnen dat de onderzoekers juist wel de nuancering aanbrengen die Joop onder het ‘racisme tapijt’ veegt? Dat een mens iemand die op hem lijkt eerder kiest dan iemand die niet op hem lijkt is menselijk. Dat laten de SCP onderzoekers ook zien, zij constateren (op pagina 16)  immers dat onder andere ook Marokkaanse-Nederlanders zich sterk met de eigen groep identificeren. Dat we ons daarvan bewust moeten zijn en die neiging moeten onderdrukken staat als een paal boven water. Zou het helpen door daar het label discriminatie of zoals Joop doet, racisme op te plakken? Of zouden we dan nog verder van huis raken?