“Poetin is niet onder de indruk van een natuurpark. We zien wat er gebeurt in Oekraïne en we willen dat onze mensen paraat kunnen staan voor uw en mijn veiligheid.” met die woorden verdedigt minister van defensie Yesilgöz de plannen om het leger meer ruimte te geven. Letterlijk meer ruimte maar ook figuurlijk door defensie de vrijheid te geven om regels ruimer te interpreteren of zich er niet aan te houden. Moet er indruk worden gemaakt op Poetin?
Rechtsstaten zijn er grofweg in twee soorten. In de Rule by Law vorm en in de Rule of Law vorm. Wat de beide vormen gemeen hebben is dat de wet centraal staat. Waarin ze verschillen is dat in de Rule of Law rechtsstaat ook de overheid zich aan de wet moet houden en je een overheidsbesluit door de rechter kunt laten toetsen. Een Rule of Law rechtsstaat beschermt de burger tegen de overheid. Een krijgsmacht waarvoor net iets andere regels gelden, waarvoor regels worden verbogen is de nagel aan de doodskist van een rule by law rechtsstaat. Het is een vorm van capituleren. Dit even terzijde. Op naar ‘indruk maken”.
Dat indruk maken wil de minister gaan doen door onder andere een grote kazerne te bouwen in Zeewolde en door straaljagers te laten vliegen vanaf vliegveld Lelystad. Dat maakt indruk of toch niet? Beide locaties liggen in de IJsselmeerpolder een gebied dat enkele meters onder de huidige zeespiegel ligt en laat die spiegel door opwarming van de Aarde nu juist stijgen. De belangrijkste beveiliging van allebei de locaties wordt gevormd door de dijk die de polder omsluit en die vrij makkelijk te saboteren is. Iets wat ook opgaat voor het munitiedepot dat aan de Waddenkust op de grens van Groningen en Friesland moet komen. Met een snelle eerste aanval of via een sabotage actie kan daarmee al een flink deel van de Nederlandse verdedigingscapaciteit worden lamgelegd. Dat maakt indruk.
Yesilgöz:“Wij hebben echt minder regeldruk nodig. Anders blijven we onze mensen naar het buitenland sturen om te oefenen, bijvoorbeeld naar Duitsland, waar ze die ruimte wel hebben.” ‘Naar Duitsland gaan’ om te oefenen of liever nog verder naar het oosten, is dat niet wat er moet gebeuren om indruk te maken op Poetin? Als ‘de Russen’ komen, dan moeten ze, voordat ze in Nederland zijn, eerst door Duitsland en Polen. Ik neem toch aan dat Nederland Polen te hulp schiet als ‘de Russen’ werkelijk besluiten om dat land binnen te vallen. Te hulp schiet door de soldaten vanuit die kazerne in Zeewolde naar Polen te sturen. Als je dan toch moet oefenen met het aanleggen van loopgraven omdat we: “Opeens (…) in Oekraïne (zien) dat het volop wordt gebruikt,” dan lijkt het mij slim om dat daar te ‘oefenen’ waar je ‘de Russen’ wilt stoppen en mij lijkt dat aan de Oostgrens van de Europese Unie.
Nu ik het toch over de Europese Unie heb, als het werkelijk gaat om indruk maken op Poetin, zou het omvormen van de 27 nationale legers van de landen van de EU tot één Europese krijgsmacht niet veel indrukwekkender zijn? Sterker nog, daar zouden ook de Verenigde Staten en China van onder de indruk zijn. Zou minister Yesilgöz daar niet ‘al haar tijd’ aan moeten besteden in plaats van ‘dag en nacht’ bezig te zijn met migratie zoals ze zich deze week in een uitzending van Goedenavond Nederland liet ontvallen.
Een vraag van een heel ander kaliber is: moeten we ‘indruk maken op Poetin’? Met welk doel? Om te voorkomen dat ‘de Russen’ ons land binnenvallen? Daarvoor hoeven we het echt niet te doen. ‘De Russen’ laten nu al vijf jaar zien dat ze niet in staat zijn om ook maar iets klaar te spelen behalve dan het zaaien van dood en verderf via raketten. Hun leger staat al sinds het najaar van 2021 vast op dezelfde plek en heeft steeds meer moeite om de verliezen aan te vullen en dat moet worden opgelost met twintig- tot dertigduizend Noord-Koreaanse soldaten. Dit ondanks het gegeven dat de Russische economie is omgebouwd tot een oorlogseconomie. Moeten we dat vrezen? Moeten we daarvoor de bijl zetten aan een van de wortels van onze democratische rechtsstaat?
Moeten we een land vrezen en zelfs zijn zin geven zoals filosoof Jelle van Baardewijk in een andere aflevering van Goedenavond Nederland adviseerde. Onder het mom van een diplomatieke oplossing en ‘ons verplaatsen in het gevoel van onveiligheid van de Russen’ stelt hij voor om Poetin in alles zijn zin te geven. Nu is inleven in het gevoel van een ander niet verkeerd want dat kan een aanleiding zijn voor een gesprek, voor diplomatie maar dan eentje waarbij je niet met de spreekwoordelijke pootjes in de lucht gaat liggen voordat er een woord is gesproken.
In dat gesprek mag dan van de ander worden gevraagd om zich ook in jouw gevoelens te verplaatsen. Als de ander daartoe bereid is dan kan er naar een oplossing worden gezocht die meer is dan de ‘eenzijdige capitulatie’ die Van Baardewijk voorstelt. Dan kan er worden gesproken over de wereld na de oorlog. Over de relatie tussen Oekraïne en Rusland na de oorlog maar ook over de relatie tussen de Europese Unie en Rusland na de oorlog. En als onze minister van defensie niet ‘dag en nacht’ bezig was met migratie, dan zou ze daar samen met haar collega van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen een visie op kunnen ontwikkelen. Liefst samen met hun Europese collega’s. Een visie waarin niet de belangen van regeringen en bedrijven centraal staat, maar de belangen van mensen. Mensen in Europa én mensen in Rusland. Het wordt hoog tijd dat daar eens over wordt nagedacht. Want wie er ook wint, het winnen van de vrede na het einde van oorlog zal een gigantische opgave zijn. Als je vrede wil moet je je in tegenstelling tot het bekende gezegde1, niet op oorlog voorbereiden maar op vrede. Maar ja, zolang onze minister van Defensie ‘dag en nacht’ bezig is met migratie ontbreekt de tijd om echte problemen op te lossen.
1Si vis pacem parra bellum



