Het ego van Henk Krol

De Volkskrant houdt een interview-estafette met de lijsttrekkers van de politieke partijen. Op zaterdag 11 februari 2017 was het de beurt aan Henk Krol, de lijsttrekker van 50Plus. Krol geeft hoog op over zijn kwaliteiten als taboe-doorbreker. Krol: “Je hebt toch ook wel gezien dat alle onderwerpen waar ik vier jaar geleden over sprak toen nog taboe waren? Er mocht niet gesproken worden over de AOW-leeftijd, over het indexeren van pensioenen, over werkloosheid onder ouderen. Allemaal taboe. En nu. Ik lach me dood. De ene na de andere partij neemt onze onderwerpen over, al zijn ze vaak ook verantwoordelijk voor de huidige situatie.”

egoisme

Illustratie: InSites Consulting

Wacht eens even, mocht er vier jaar geleden niet over de AOW-leeftijd worden gesproken? Wordt er niet al jaren over het al dan niet houdbaar zijn van het pensioenstelsel gesproken. Kreeg bijvoorbeeld een jaar of zes geleden Wilders al niet het terechte verwijt dat hij een verkiezingsbelofte brak. De belofte dat vijfenzestig, vijfenzestig zou blijven.

Werkloosheid onder ouderen?  Ja, dat is echt pas iets van de laatste vier jaar, met dank aan de heer Krol. “In 2007 waren 50 duizend ouderen in de leeftijd van 55 tot 65 jaar werkloos. Van hen waren er 39 duizend (78 procent) een jaar of langer werkloos. Het merendeel daarvan, 25 duizend, is twee jaar of langer werkloos. Ter vergelijking: 80 duizend jongeren (15 tot 25 jaar) waren werkloos, van wie 69 duizend kortdurig. Er zijn dus meer jongeren werkloos, maar anders dan bij ouderen is deze werkloosheid van korte duur.” Aldus een bericht van het CBS uit 2008. En als we verder teruggaan, dan wordt er ook al over werkloosheid onder ouderen gesproken.

Beste meneer Krol, er is niets mis met trots zijn op uw prestaties, maar dan moeten het wel uw prestaties zijn, want is het anders niet ego-opblazerij om ‘je dood om te lachen’? Is het hele interview trouwens niet om je dood te lachen? Want staat het naast het opblazen van uw ego, niet vol met ‘alternatieve feiten’, creatief ‘boekhouden’ met oorzaak en gevolg en gedraai met verantwoordelijkheden?

Klijnsma’s pensioenprobleem

Pensioenen, ze houden de gemoederen flink bezig en met de verkiezingen van volgend jaar in aantocht zal er alleen maar meer aandacht voor komen. In de Volkskrant valt te lezen dat staatssecretaris Klijnsma twee problemen ziet in het huidige stelsel: Eén: jongeren subsidiëren in feite de pensioenopbouw van ouderen. Zij krijgen te weinig pensioen toegekend voor hun premie, ouderen teveel. … .Twee: Laagopgeleiden subsidiëren door hun lagere levensverwachting hoger opgeleiden die een langere levensverwachting hebben en daardoor langer pensioen krijgen.” Het eerste lijkt op het eerste gehoor logisch. Is het echter wel zo logisch?

PensioenIllustratie: beleggenopdegolven.blogspot.com

Krijgen jeugdigen te weinig pensioen toegekend voor hun premie en ouderen teveel? De basis van het pensioen is dat je spaart voor je oude dag. Je betaalt een premie, die wordt belegd en van de inleg en het resultaat krijg je na je pensionering in delen uitbetaald. Hierbij wordt gerekend met gemiddelden voor bijvoorbeeld de levensverwachting en rendementen op beleggingen. Die gemiddelden worden geregeld bijgesteld op basis van de laatste ervaringen. Je spaart voor jezelf. Als je vroeg sterft heb je pech, je hebt veel betaald en weinig ‘genoten’. Word je oud, heb je geluk. Bij de AOW is dit anders, daar betaal je premie waarmee de huidige AOW-ers worden betaald.

Hoe kan een jongere dan voor de oudere betalen? Klijnsma: “De honderd euro die een 20-jarige aan pensioenpremie betaalt, kan nog bijna 50 jaar belegd worden voordat het als pensioen wordt uitbetaald. In de praktijk krijgt de 20-jarige uiteindelijk te weinig pensioen toegekend voor zijn inleg. De 100 euro van een 60-jarige werknemer kan nog maar 7 jaar belegd worden, maar toch krijgt deze werknemer onevenredig veel pensioen toegekend voor dit bedrag.” Dat klopt, op ieder moment, maar toch klopt het ook niet. Die twintigjarige blijft geen twintig. Subsidieert hij als eenentwintigjarige dan niet ook al een nieuwe twintigjarige? Als hij niet sterft wordt hij uiteindelijk ook zestig.

De premie die een twintigjarige betaalt en die bijna vijftig jaar kan worden belegd, compenseert de premie die hij als vierenzestigjarige betaalt en die maar een paar jaar kan worden belegd. Subsidieert de nu twintigjarige niet zichzelf als zestigjarige en niet een huidige zestigjarige? Krijgt iedereen zo over zijn hele leven gezien niet zijn gelijke deel?

Ziet Klijnsma problemen waar er geen zijn of moet dit zogenaamde probleem een ander probleem verdoezelen?